Full Text / Transcription of https://coleccion.aw/show/?NL-HaNA_2.10.01_3620


Gouvernements Journaal Curacao
4e Kwartaal 1818
1818
October
Journaal, gehouden bij
den Gouverneur Generaal van
Curacao en onderhoorige Eilan=
den.
De persoon van Johannes Craneveldt maak,
benoemd tot klerk bij de Commissie, belast
met de directie over het fonds tot vernietiging
der bewijzen van afgekeurde Johannissen, heeft
in die kwaliteit, den gewonen Eed afgelegd
De bij die commissie benoemde ontvanger,
Secretaris en Boekhouder, de Heer J. Ferguson,
heeft, wegens indispositie, niet kunnen Compa„
„reren om den Eed af te leggen.
Niets bijzonders voorgevallen.
Is van Amsterdam gearriveerd het schip de
vrouw Trijntje, gevoerd door Schipper E D
Dekker, met hetwelk ontvangen zijn de volgende
missiven van het Ministerie voor het Pu„
„blieke onderwijs, de Nationale Nyverheid en
de Kolonien. als:
Originelen
N„o 325 dato 9 Junij 1818.
3226 „ 9: d„o d„o
3/27 „ 9 d„o d„o
128 „ 9 d„o d„o
October 3.
October 4
N„o 29 dato 12 Juny 1818
3/30 „ 16 d„o d„o
16 d„o 731. „
1/32 „ 19 d„o
33 „ 19 d„o
34 „ 19 d„o d„o
35 „ 26. d„o d„o
36 „ 30 d„o
/37 „ 1 Julij
38 „ 1 d„o
39 „ 6. d„o
d„o 6/40 „ 7
d„o 5 „ 7
143 „ 8 d„o
/44„ 10 d„o
1045 „ 10 d„o d„o
Duplicaten
N„o 119 dato 29 Mei 1818
1020 „ 29 d„o d„o
121. „ 29 d„o d„o
1322 „ 29. d„o d„o
„ 23 „ 29 d„o d„o
24 „ 29 d„o d„o
Is overleden de Luitenant ter zee van de
tweede Classe E: Asmus, gediend hebbende
aanboord van zijner Majesteits Fregat Eurdie
October 5 uit krachte der resolutie van zijne Excellentie
den Minister voor het publieke onderwijs,
de Nationale Nyverheid en de Kolonien, dato
7 den Julij 1818 n„o 1741, ontvangen den 3:e dezer
met de missive van denzelfden datum en
hetzelfde nummer, is aan den gesuspendeerden
's Lands Schoolmeester G:G: van Padden „burgh bekend gemaakt, dat bij zijner Majes„
„teits besluit van den 28 Junij 1818 n„o 109, op
zijn Rekwest bepaald is, hem als ’s lands
Schoolmeester op dit Eiland te demitteren, en
het aan hem toegelegde tractement van
ƒ 2000. in het Jaar en verder aan dien post
geaccrocheerde voordeelen te doen cesseren met
den dag op welken deze demissie aan hem
zal worden kenbaar gemaakt, en voorts
aangeschreven dat hij zich moet houden als
gedemitteerd van deszelfs post als ’s lands
Schoolmeester, terwijl voor deszelfs te goed
hebbend tractement, sedert den 14:e Februarij
dezes Jaars tot heden, de noodige ordonnan
„tie aan hem zal worden afgegeven ten
kantore van den Heer Raad Contrerolleur
Generaal der Financien, die mede hiervan
de noodige kennis bekomen heeft.
Is aan den Kapitein ter zee IM Polders
Komm
October 5
October 6.
kommanderende zijner Majesteits Fregat hure
„dice, en aan den Kapitein Luitenant J: H:
Bolken, kommanderende zyner Majesteits
brik de Zwaluw, respectivelijk, toegezonden
kopijen der Cognossementen en van de lijst
der victualie, door het Ministerie voor de
Marine, ten behoeve der kuipagien van de
voormelde Schepen, met het schip de vrouw
Trijntje, Schipper E: D: Dekker, uitgezonden.
Ontvangen eene missive van den Majoor
der Artillerie W: Schmidt, Commandant
ad interim der Troepen, waarin hij te kennen
geeft dat het hem, wegens indispositie, on„
„mogelyk is het Commando over de Troepen
overtenemen, zie dezelve onder N:o 1.
uit dien hoofde zal de kapitein van het
11:e Bataillon Jagers B: Krapt, als de oudste
in rang volgende officier, het Commando
over de Troepen, provisioneel blijven waarnemen
Ter kennis gebragt van den Commandeur des
Eilands Bonaire, dat het zijner Majesteit
behaagd heeft, zijne provisionele aanstelling
tot Commandeur van dat Eiland, bij besluit
van den 11 Junij 1818, goed te keuren, met
toekenning van het tractement en de toelaag
welke uitgedrukt staan in het voorn:
besluit
October 6. besluit, hetwelk bij de resolutie van zijne
Excellentie den Minuter voor het Publieke
onderwijs, de Nationale Nyverheid en de
Kolonien, van dato 16 Junij 1818 no. 330, met
de missive van dien datum en van hetzelfde
nummer ontvangen, s kenbaar gemaakt.
zijnde eene kopij van dat besluit aan den
genoemden Commandeur, als mede aan
den Heer Raad Contrarolleur Generaal der
Financiën toegezonden, om aan dezelven
respectivelijk te strekken tot informatie
en narigt, met verdere aanschrijving dat
vermits de genoemde Commandeur tegens„ 720
in ’t Jaar is betaald geworden, aan hem dus
zal worden afgegeven eene ordonnantie voor
zoo veel als hij, volgens zijner Majesteits
bepaling, tot de laatste uitbetaling, te
min ontvangen heeft.
voorts is den Heer Raad Contrarolleur
Generaal der Financiën toegezonden eene
kopij der resolutie van zijne Excellentie den
Minister voornoemd, van dato 7:' Julij 1818
No 40, met de missive van dien datum
en van hetzelfde nummer ontvangen,
houdende de voormelde resolutie kennis
„geving van de door zijne Majesteit, bij
besluit
October 6 Publieke onderwijs, de Nationale Nyverheid
en de Kolonien, van dato 8 Juli 1818 no. 43
met de missive van dien datum en van
hetzelfde nummer ontvangen, nopens de
uitbetaling der gratificatien toekomende aan
Militairen die, sedert den veldtogt van
1815, naar de oost en west Indische kolo„
„nen vertrokken en genoemd zijn op de toege„
„zondene staten, een van welke, zijnde die
van het 71 Bataillon Jagers, aan de gen
Administrateurs toegezonden werd, met
invitatie om de noodige specifieke advies
Lijsten op te maken.
Voorts nog zijn de gedagte Administrateurs
bekend gemaakt met de resolutie van
zijne Excellentie den Minister voornoemd
van dato 1:e Julij 1818 n„o 138, dewelke
ontvangen is met de missive van dien
datum en van hetzelfde nummer, houden
de bepaling van den kleedings termijn,
mitsgaders kennis geving omtrent de uitzen,
ding der kleeding stukken, en dat de
voordragt tot het daarstellen eener veran„
„dering in de kleeding stukken en nadere
overweging zal genomen worden.
Bij eene resolutie van zijne Excellentie den
Minister
October 7 Minister voor het Publieke onderwijs, de Natio
„nale Nyverheid en de Kolonien, van dato 6:
Julij 1818 No. 139, met de missive van dien
datum en van hetzelfde nummer ontvangen
nader aangeschreven zynde nopens de waar„
„de van de Golt N: S: dela Candelaria
en derzelver lading, door zijner Majesteits
Brik Daphie te Aruba hernomen, en wel
omtrent de wijze hoedanig met dezelve vol„
„gens zijner Majesteits bedoeling, moet gehan„
„deld worden.
Is daarop aan den Heer Gouverneur van
Caracas en aan George Curiel, als gemagtig„
de van Juan Andres Salazar, Eigenaar
van de voormelde Goet N: S: de la landela,
ria van die aanschryving kennis gegeven om
de belanghebbenden daarmede bekend te ma„
„ken, ten einde over het 3 der waarde van die
Goet en lading te kunnen disponeren.
op verzoek van de Administrateurs dezes Ger
„nizoens om te mogen geinformeerd worden
van welken datum het tractement, rantsoen
„geld en verdere voordeelen, verknocht aan den
rang van Kapitein Adjudant, moeten toegekend
en berekend worden aan en voor den kapitein
Adjudant Bauer, zie de missive no 2.
Is goedgevonden en verstaan dat het
tractement
October 7 tractement etc: van den voornoemden Kapitein
Adjudant Baver ingegaan zyn met den
dag dat zijne bevordering den Commandant
der Troepen en aan hem is bekend gemaakt,
zijnde gisteren den 6:en dezer.
Ingevolge de resolutie van zijne Excellentie
den Minister voor het Publieke onderwijs,
de Nationale Nijverheid en de Kolonien, van
den 7 Julij 1818 no. 42, met de missive van
dien datum en van hetzelfde nimmer ont
vangen, is ter kennis gebragt van GM
Haan, als het resultaat zijner in 187 aan
den koning ingezonden Rekwest, dat dit
Gouvernement aangeschreven is om hem bij
gelegenheid, overeenkomstig zijne bekwaam
„heden en geschiktheid, te plaatsen.
In overweging genomen zijnde
Dat bij de resolutie van zijne Excellentie
den Minister voor het Publieke onderwijs,
de Nationale Nijverheid en de Kolonien,
van dato 19 Junij 1818 n„o 1730 ontvangen
met de missive van dien datum en van
hetzelfde nummer, onder anderen geaccor=
„deerd wordt het verzoek, bij dit Gouverne„
„ment, in de missive van den 19:e Julij
1817 n„o 92, gedaan, ter verhooging destractements van den
opzigter
October 8 opzigter over de ’s Lands slaven te Bonaire
J:C: F: Weijgel tot P„ 240. in het Jaar
niettegenstaande, bij eene nadere missive
in dato 22:e November 1817. N:o 125, aan het
Departement van Koophandel en Kolonien
is kennis gegeven van de schikkingen die
gemaakt zijn bij en ten gevolge van de
aanstelling van den Directeur J. Debrot
tot Commandeur ad interim van het Eiland
Bonaire, en dat uit dien hoofde de voor„
„melde Factoor Weijgel tot 2:e opzigten,
op een tractement van p:s 250, was aangesteld.
Dat die schikkingen gedeeltelijk zyn goed„
gekeurd, en betreffende de aanstelling van
den voornoemden weijgel tot 2:e Opzigter
op een Jaarlijksch tractement van P„ 250„
geene aanschrijving bij dit Gouvernement
is ontvangen.
Is daarop goedgevonden: dat onverminderd
de aanstelling van den genoemden Weijgel
tot tweede opzigter, in welke Kwaliteit hij
zal blijven fungeren tot dat zijner Majes„
„teits welmeenen daaromtrent zal zijn bekend
gemaakt, het tractement van denzelven
sedert den eersten dezer maand October niet
meer zal zijn dan „ 240 in het Jaar, zoo
October 11
12
of de Majoor der Artillerie en Commandant
der Troepen ad interim W: Schmidt pensioen
gevraagd had, waarop aan dezelven te kennen
gegeven werd dat de Gouverneur Generaal
niet gehouden is opening van zaken aan
iemand te geven.
Op het Ministerie voor het Publieke onderwijs
de Nationale Nyverheid, en de Kolonien, ge„
„trokken acht wissels van N„o 62 tot 69, bedra„
„gende te zamen ƒ 7308„ 85 of p„s 4415„6„3
voor Militaire Tractementen en Soldijen over
de gepasseerde maand September.
van den Magazijn Meester van alle Maga
zijnen gerekwireerd, eene specificke lijst van
de afgekeurde en bij publieke opveiling ver„
„kochte vivres uit ’s lands Magazijnen in
de maand Maart dezes Jaars, als mede
eene specifieke afzonderlijke lijst van de
en verkochte vivres met het Brik schip de drie afgekeurde Gebroeders aangebragt, met naam
„keurige opgaaf der Soorten, merken en
nummers, en vermelding, in de eerstgemelde
lijst van het schip waarmede die vivres
aangebragt zijn.
Aan de Predikanten en kerken Raden
van de onderscheidene gemeenten provisioneele
kennis gegeven, dat bij den Raad van Policie
besloten
October 12
13, 14815.
besloten is, dat de gewone jaarlyksche
dank vast en betdag, voortaan, niet meer
op den 17:e October zal gehouden worden,
maar wel op den eersten woensdag der
maand November van elk jaar
Niets bijzonders voorgevallen.
Gezien hebbende de door de Administrateur
dezes Garnizoens ingezondene nominative
Staten, zoo wel van de officieren en man=
„schappen van het Bataillon Jagers n.o 11
die bij hetzelve present zijn, als van de
zoodanigen, dewelken bij dat Bataillon
behoord hebben en sedert hunne komst
alhier van hetzelve zijn afgegaan, doch
zich in de Kolonien bevindende, en allen
op den partielen staat N„o 11 Lap, welke
van Zijne Excellentie den Minister voor het
Publicke Onderwijs, de Nationale Nyverheid
en de Koloniën ontvangen is, genoemd zijn
als regthebbende op de gratificatien wegens
den veldtogt van het Jaar 1815, bedragende
de aandeelen welke, volgens die nominatie
Staten, moeten worden uitbetaald aan de
militairen die op de voorzeide gratifica „tien regt hebben. ƒ 15103„26„
Mitsgaders nog gezien hebbende ve
ƒ 15103 „ 26.
October 19. is; onbeperkt is toegestaan, zich mede over
dezelve beklagen, niettegenstaande de voordeele
die zij uit die vrije teelt genieten, waarvan
zij anders ontstoken zouden zijn indien
het Gouvernement die vergunning van
bepalingen onderworpen had
3 Dat de genen die meer dan vijf en
twintig stuks vee bezitten, niet zoo onver„
„mogend zijn dat zij de daarop gestelde
belasting niet kunnen betalen
„ Dat het zyner Majesteits uitdrukkelijke
wel is dat de uitgaven dezer colonien, uit
de inkomsten derzelven moeten gevonden
worden, gelijk zulks nog nader te kennen
gegeven is op een gelijksoortig Rekwest van
de Ingezetenen dezes Eilands, hetwelk aan
het Ministerie voor het Publieke onderwijs,
de Nationale Nyverheid en de Koloniën is
overgezonden geworden.
5„ Dat de lasten der Ingezetenen gedeeltelijk
zullen verminderen door de afschaffing van
het patent regt, welke, op zijner Majesteits
bevel, met het einde dezes Jaars geschieden
zal.
Is goedgevonden en verstaan.
Dat het verzoek door diverse Ingezetenen
van
October 49. van Aruba gedaan, strekkende tot de af=
schaffing der belasting op de veeteelt, niet
kan toegestaan worden.
Zullende een afschrift dezer dispositie aan
den vice Commandeur van Aruba worden
toegezonden, om dezelve ter kennis der
rekwestranten en andere Ingezetenen te
brengen. Zie het Rekwest N„o 42 en de lijsten
ouders N 34
Is gelezen het op heden ingekomen Rekwest
van Gerrit Gysbert van Paddenburgh,
gewezen 's Lands schoolmeester op dit ri=
„land, verzoekende dat aan hem toegelegd
worde; „ 137„ 4. het bedrag van negen
maanden en vijf dagen huishuur, sedert
den 1e Januarij tot 5:e October dezes Jaars
welke hij sustineert aan hem, volgens de
intentie van zyne Majesteit, te Competeren
Zie het Rekwest N„o 43.
Daarop in aanmerking genomen zijnde
dat hoewel de huur van het huis,
waarin de Rekwestrant school gehouden
heeft, tot ultimo December 1817 uit de
Koloniale kas is betaald geworden, de
uitbetaling van die huishuur nogtans
niet geschied is als een voordeel dat hy
voortduring
October 19. voortduring, aan den post van ’s Lands
Schoolmeester op dit Eiland zoude geaccro„
cheerd zijn, maar wel provisioneel, daar
zulks met ultimo December 1817 opgehou=
„den is uit hoofde dat hij Rekwestrant,
behalve zijn tractement, extra inkomsten
had, door het onderwijzen van Kinderen
wier ouders instaat waren daarvoor te
betalen, en de Schoolhuur door hem uit
die extra inkomsten konde betaald worden
zoo dat de Rekwestrant geen regt heeft
op het genot van huishuur tot den 5=e
dezer maand October, als een onafscheide
„lyk voordeel van den post van ’s Lands
schoolmeester, welke huur nimmer bij
hem rekwestrant genoten is, maar wel„
onmiddelijk, aan de Eigenaresse van het
huis, waarin hij school gehouden heeft,
altijd is uitbetaald geworden
Is dus goedgevonden en verstaan.
Dat het verzoek van den Rekwestrant
niet kan geaccordeerd worden
Raad gehouden zie de Notulen van heden
zijn geopend de ter Gouvernements secre„
„tarij ingeleverde biljetten van inschryving
voor de wissels, dewelken, volgens adver„
„tentie van den 16„e dezer, zullen getrokken
worden
October 20: worden op het Ministerie voor het Publieke
onderwijs, de Nationale Nyverheid en de
Kolonien, ter uitbetaling der aan de zich
in deeze kolonie bevindende Militairen
die regt hebben op de gratificatien wegens
den veldtogt van het Jaar 1815, en
bevonden dat de wissels voor de benoodig=
„ de som tegen den koers van 32½ stv
Holl: Courant per pero, door de inschrij=
vers zullen worden aangenomen.
Uit kragte der autorisatie van zijne
Excellentie den Minister voor het Publieke
onderwijs, de Nationale Nyverheid en de
Kolonien, zijn heden de volgende wissels,
bedragende te zamen ƒ 15, 497„21„ uitma
„kende, tegen den koers van 32½ stv
Holl: Courant per Jezo, eene Somma van
„ 9536„ 6„ — op het voormelde Ministerie
aan de order van de na te noemene per
sonen, getrokken. als:
N„o 1 aan Abraham van Jacob Jesurum ƒ 1003„ 65.
2 aan Beuter en Th: Putting „ 1828„10
1046„50 3 aan Idem
1190„ 1 aan J.H: Intermeester
600„ 5 aan Idem.
„ 7675„ 6 aan Pieter Jacob Muller
Transporte ƒ 13253„ 23
ƒ 14827„13
October 23. van den gewezenen Fourier
bij het gemelde 11:e bataillon
217„ 92 F. Wolff, thans Hospitaal Meester„
Van de manschappen die
behoord hebben bij het opge=
„melde Bataillon, doch van
hetzelve zijn afgegaan en zich
in de Kolonien bevinden, door
den Auditeur Militair, ter
uitbetaling aan dezelven, ont„
58„ 21 „vangen.
van den 1:en Luitenant Isaac
Kikkert gediend hebbende bij
het 1:e Bataillon Artillerie
Trein, thans dienende als
Adjudant van den Gouverneur
393„95 Generaal op dit Eiland „
ƒ 15497„21.
zijnde daarbenevens van de Administra„
„teurs dezes Garnizoens, ter inzending aan
het voormelde Ministerie, ontvangen, een
nominative Staat van zoodanige Officier
„ren en manschappen die aanspraak
maken op het genot der voormelde grati„
„ficatien als den veldtogt van 1815 bijgewoond
hebbende, doch niet genoemd zijnde op den
partielen
October 24
partielen staat n:o 11 La D.
Op voordragt van den Adjunct fiscaal,
vervat in de op heden van hem ontvangen
missive, is dezelve geautoriseerd geworden
om bij publicatie, eene belooning van
vijf honderd peros van achten, betaalbaar
uit de Koloniale Kas, te beloven aan den
genen die met gefundeerde bewijzen,
aanbrengen zal den schuldigen aan den
moord, gepleegd aan den persoon van Jo hannes Sibon, Marinier op zijner Ma
jesteits Brik de Zwaluw, onder verdere
belofte dat des aanbrengers naam ge„
hem zal gehouden worden zie des
Adjunct fiscaals missive onder N„o 5.
Noodig geoordeeld zijnde om zyner Majes
teits Brik de Zwaluw op den 2:e der aan
„staande maand November zee te doen
kiezen ter geleide van zoodanige Neder„
„landsche en Spaansche vaartuigen die
gereed mogten zijn naar de Havens van
Porto Cavello en Lalaira te vertrekken
en vermits de kuipage van de gemelde
Brik, door de sterfte, welke onder dezelve
plaats had, merkelijk is verminderd gewor
„den, zoodanig, dat dezelve zonder versterking
van
October 24.
25
van derzelver kuipage, niet in dienst
kan worden gesteld, is daarop aan den
kapitein ter zee I: M: Polders, Commandeerende
zijner Majesteits Fregat Euridice, order gege„
„ven om zoo veele manschappen van het
gemelde Fregat aan boord van de Brik
de Zwaluw voormeld te detacheren, als
noodig zal zyn ter Completering der
kwipagie van dezelve, tot het doen der
voormelde reis, zullende hij kapitein ter
zee, de noodige orders deswegens aan den
Kapitein Luitenant Bolken doen toekomen
Niets bijzonders voorgevallen.
Het Brikschip de Eendragt, gevoerd door
Schipper Job Tjeerds visser, is heden naar
Amsterdam gezeild, aanboord hebbende
de lading die op het hierbij gevoegde Ma„
„nifest vermeld staat.
In ontvangen een rapport van den kapi„
„tein ter zee IMPolders, Commanderende
zijner Majesteits Fregat Euridice, geleidende
kopij eener door hem gegevene order aan den
Kapitein Luit: Bolken, Commanderende
zijner Majesteits brik de Zwaluw, ter vol„
„doening, zoo als hij meende, aan de intentie
der by hem ontvangene order van den 24e
dezer
October 27 dezer zie het rapport ende bylage onder
No 6 & 7
Gelet hebbende dat kapitein Polders, in het
detacheren van eenige manschappen op zijne
Majesteits Brik de Zwaluw, zich tot rigtsnoer
gemaakt heeft de bemanning van de
Ajax, toen hij daarmede naar de oost
Indie gedestineerd was; doch waaromtrent
in de order van den 24: dezer, geene mel„
„ding gemaakt, maar uitdrukkelijk bepaald
is dat de kuipagie van de Zwaluw uit
die van de Euridice zoude gecompleteerd
worden, tot het doen eener reis naar de
Havens van Porto Cavello en Laguaira
voorts nog dat de Luitenants der 2:
Classe Moll en Bijl de vroe, ingevolge
de voormelde order van den genoemden
Kapitein Polders aan den Kapitein Luite„
„nant wolken, door hem Kapitein Solders
als gedetacheerd op de Zwaluw worden
beschouwd, terwijl de genoemde Luitenants
volgens de order van den 29 September lb
op dien bodem moesten geplaatst worden
Is de meergenoemde kapitein Polders
aangeschreven dat de beide voormelde orders
van den 29 September lb en van den 24.
dezer
dezer, stiptelijk moeten nagekomen en opge
volgd worden.
Niet byzondert voorgevallen.
Ontvangen zijnde eene missive van den Ka„
pitein ter zee I: M: Polders, Commande„
„rende zijner Majesteits Fregat Euridice,
handelende over de bij hem ontvangene
aanschrijving in dato 28=e dezer, en over
dat, in de order wegens het verleenen
van Convooi, geene mentie gemaakt is
van gewapende spaansche vaartuigen.
Zie de missive onder no. 8.
Is de genoemde kapitein ter zee Polders
daarop aangeschreven, dat de Ekwijage
van zijner Majesteits Brik de Zwaluw
in getal en niet in kwaliteiten moet
gecompleteerd worden; dat de order door
zijn welEd Gestr: aan den kapitein Luite„
„nant Bolken toegezonden, opzigtelijk
het verleenen van Convooi, aan de inten=
„tie voldoet; en dat, indien eenig gewapend
vaartuig van de Spaansche Natie zich
aanmeldt om onder Convooi te zeilen, zulks
zal worden toegestaan; mits hetzelve ei„
„gendommen aanboord hebbende die toebe
„toorende zijn aan Nederlandsche onderdanen
October 30 en niet ten oorlog of ter kaapvaart uitge„
rust zijnde
In overweging nemende; dat de Comman„
deur des Eilands Aruba, zich thans onder
arrest op dit Eiland bevindende, zekere
sommen aan de armen en Contributie kas
„sen op het voormelde Eiland Aruba ver„
„schuldigd is, en dat het niet raadzaam
is geoordeeld geworden die sommen, geduren
„de het plaats gehad hebbende onderzoek
in het gedrag en de directie des voornoem den Commandeurs, van denzelven te ontvan „gen, mitsgaders nog dat het voormelde
onderzoek afgeloopen zijnde, de beslissing
der zaak betreffende den voornoemden Com„
„mandeur Boije, aan zijne Majesteit is
overgelaten.
Is daarop goedgevonden en verstaan; dat
de Administrateurs van de Armen Kas
en de Kapitein der Indianen, die met
de administratie van de Contributie kas
belast is, van den Commandeur L: Boije
onverminderd, deszelfs verantwoordelijkheid
deswegens, respectivelijk zullen mogen ont„
„vangen de door den voornoemden Com„
„mandeur Boije aan de voormelde kassen
verschuldig
October 28
October 30 verschuldigde sommen.
Zullende een afschrift dezer dispositie,
aan den vice Commandeur des Eilands
Aruba worden toegezonden, ten einde den
inhoud daarvan ter kennis van de hiervo=
„rengemelde Administrateurs en den
Kapitein der Indianen te brengen; als
mede aan den Commandeur Boije worden
ter hand gesteld, om te strekken tot des
zelfs informatie en narigt.
Niets bijzonders voorgevallen
November 182. Niets bijzonders voorgevallen
Is ontvangen eene petitie van den Ad=
junct fiscaal, Solliciterende, dat aan
hem worde toegestaan zoodanige somma,
als naar billijkheid, mogte vermeend worden
hem te Competeren, tot goedmaking der
door hem gemaakte kosten op zijne
reis naar Aruba en verdiende vacatien
naar evenredigheid der gehoudene werk
„zaamheden in het plaats gehad hebbende
onderzoek omtrent het gedrag en de direc„
„tie van den Commandeur des Eilands
Aruba L: Boije; welke petitie gehouden
is in advies
Rapport ontvangen van den vice
Commandeur
Commandeur des Eilands Aruba, dat een November
Insurgenten kaper aan de Sandpunt
des voormelden Eilands ten anker geweest
is; zijnde aldaar den 22:e October lb:
aangekomen en den 23:e der gemelde maand
vertrokken.
4 zijner Majesteits Brik de Zwaluw is
heden, met zeven vaartuigen onder des„
„zelfs Convooi, naar de Havens van
Porto Cavello en laquaira gezeild
Is door D:s Bing ingeleverd een Rekwes
houdende verzoek om het lijk van
zijnen Broeder Hendrik Bing, buiten
eenige praejuditie voor hem te mogen
begraven, hetwelk is geaccordeerd geworden.
Zie het Rekwest N„o 45.
Heden morgen is in deze Haven binnen
gevallen, de Nederlandsche Golet Juliana,
gevoerd door Schipper Willem Gravel, de
welke, op den 4:e dezer, onder Convoor van
M: Brik de Zwaluw gezeild was, berigtende
de genoemde Schipper dat het Convooi twee
Insurgenten kapers, voerende de vlag van
Buenos Aijres, gisteren ontmoet had; dat
deze kapers, de eene een Brik en de
andere een Golet, na dat een officier
van
November 6. van zijner Majesteits Brik de Zwaluw
aan boord van den eerstgemelden kaper
gezonden en aanboord van de Zwaluw
terug gekeerd was, de voormelde Golet Juliana
voorbij zulden, dezelve praaijende waarna
toe derzelver distinatie was, en vernomen
hebbende naar Lagara, riep de Kapitein
van de Brik hem Schipper Graval in het
Engelsch toe, gij zult naar Laquaira met
gaan; dat de kapers hunnen koers stelden
naar drie andere vaartuigen van het Con„
„voor die beneden s winds waren, en twee
derzelven, zynde de Nederlandsche Golet
de Harmonie en eene Spaansche Golet
hebben doen strijken.
Daarop is de kapitein ter zee I: M:
Polders, kommanderende zijner Majesteits
Fregat huridice, gelast geworden om het
gemelde Fregat gereed te houden, ten einde
op de eerste order, terstond zee te kiezen,
om wanneer zulks noodig mogte zijn,
zijner Majesteits Brik de Zwaluw en
de Schepen onder derzelver Convoor bijstand
te bieden.
vervolgens is geresolveerd om de kwipa„
„ge van zijner Majesteits voormelde Fregat
Euridice
November 6 Euridice te versterken met een detache=
„ment uit het Garnizoen en met eenige
matrosen der in de Haven liggende
koopvaardij schepen en andere vrywilligen,
dewelken zullen uitgenoodigd worden om
zich te embarkeren aanboord van het voor„
„melde Fregat, hetwelk als dan, zie zal
kiezen om zijner Majesteits Brik de zwa„
„luw op te zoeken.
De noodige bevelen gegeven zijnde tot
de uitnoodiging der matrosen van de
koopvaardij schepen en andere vrywilligers
om zich te embarkeren aanboord van zijner
Majesteits Fregat, Euridice op den voorgeno„
men togt, en gerapporteerd zijnde dat
omtrent acht en twintig koopvaardij matra
„sen en tien andere vrijwilligers daartoe
gereed zouden zijn, werd onder gegeven
dat een detachement van negen en dertig
manschappen en een officier uit dit Garna
„zoen, benevens de hiervorengenoemde matrosen
en andere vrijwilligers, zich den volgenden
dag den 7:e deezer ten zes uren ’s morgens
aanboord van zijner Majesteits Fregat
Euridice zoude inschepen; terwijl hiervan
kennis gegeven werd aan den kapitein ter
zee
November 6 zee J: M: Polders, met last om na dat
deze manschappen zich aanboord van
het voormelde Fregat zullen bevinden,
indien mogelijk, terstond uit te zeilen, ten
einde zijner Majesteits Brik de Zwaluw
op te zoeken, en aan dezelve, benevens de
vaartuigen onder derzelver geleide, bijstand
te bieden tegen alle schepen en vaartuigen
die zich verstouten of ondernemen mogten
dezelven molest aan te doen, bij ontmoe„
„ting van Z. M. voormelde Brik de Zwaluw,
met de vaartuigen onder derzelver Convooi
dezelven te vergezellen tot de plaatzen
van derzelver bestemming en vervolgens
met de Zwalue naar deze Haven terug
te keeren, met zoodanige Nederlandsche
en Spaansche schepen en vaartuigen
die naar dit Eiland gedestineerd zijn en
zich onder Convooi van zijner Majesteits
voormelde Schepen zullen begeven daarvan
uitgezonderd, gearmeerde Spaansche vaartuij
en zij dat er zal zijn bewezen dat Neder
„landsche onderdanen eigendommen in
dezelven hebben, terwijl de genoemde kapi„
„tein ter zee nog gelast werd, om, ofschoon
hij de Zwaluw niet mogte ontmoeten,
maar
November 6. maar wel een of meer vaartuigen die onder
Convoor van dezelve uit deeze haven gezeild
zijn, die vaartuigen naar derzelver be„
stemming te geleiden edoch noch de
Zwalue of eenige der voormelde vaartuigen
ontmoetende, als dan voor twee a drie dagen
post te vatten tusschen Curacao en Bonaire
en vervolgens naar Porto Cavello en
La Guaira te verzeilen, ten einde aan
Nederlandsche onderdanen en eigendom
„men protectie te verleenen; zullende hij
kapitein ter zie, ingevolge de Instructie
door hem van zijne Excellentie den Minister
voor de Marine ontvangen, het grond gebied
dezer Kolonie doen respecteren en veilig houden
en in deze haven opbrengen alle Schepen
en vaartuigen die het voorzeide grondgebied
mogten geschouden hebben, of daartoe ver„
„maand zijnde, hetzelve niet willen verlaten
zijnde voorts bepaald dat de militairen en
andere hiervorengemelde manschappen, die
zich aanboord van het gemelde Fregat zullen
embarkeren, rations zullen genieten, zoo als
bij de aanwezig zijnde Reglementen voorge„
„schreven is
In den avond is in deze haven binnen
gezeild de Spaansche Golet La santisima
Trinidag
November 6. Trinidad, gevoerd door Schipper Pedro
Cristina, en met dezelve de kuipagie van
de Nederlandsche Golet genaamd de Harmonie
gevoerd door Schipper Matthias Starcken„
„borgh, welke beide vaartuigen, onder Convoor„
van zijner Majesteits Brik de Zwaluw zeilende,
door de twee Insurgenten kapers, die bij het
Convoor geweest zijn, den 5:en dezer geno„
men zijn geworden, doch welke hiervoren„
„gemelde Golt La Santisima Trinidad
wederom vrijgegeven werd om in deze
Haven te brengen de kuipagie van de
Nederlandsche Gotet de Harmonie, dewel„
„ke als prijs gehouden is; berigtende het
Scheepsvolk van de Harmonie wijders,
dat dit voorgevallen is op het grond gebied
dezer Koloniën, dat de kaper brik veer„
„tien stukken en de goet tien stukken
voert, dat de lading van de Spaansche
Goet aanboord van de Harmonie getrans„
„porteerd is, en dat de Harmonie naar
het Eiland Margarita als prijs zoude
opgezonden worden, aangezien de Spaan,
„sche kust geblokkeerd is, en zij, de voor„
„melde kapers, gekomen zijn om den
Admiraal Brion te adsisteren, dat de
Spaansche
November 6 Spaansche Brik Perignon die ook onder
Convoor zeilde door deze Insurgente kapers
gezaagd is geworden en dan de Spaansche
kust op strand geloopen zijnde, in de lucht
gesprongen is; en dat de kapers koers naar
de Spaansche kust, benedens swinds, gesteld
hebben.
Een kapitein ter zee IM solders, van
het nemen dezer vaartuigen door de
voornoemde Insurgenten kapers, mitsgaders
van de sterkte en den koers derzelven,
kennis gegeven hebbende, werd hij voorts
nog gelast om morgen ten zes uren
precies te zeilen, en in het opwerken om
zijner Majesteits Brik op te zoeken, te
trachten de hiervorengemelde kapers te
nemen, ofschoon dezelven op het grondgebied
dezer Koloniën niet ontmoet worden; als
mede alle andere vaartuigen die tot geene
bekende mogenheid behooren, en zich op het
grondgebied dezer Kolonien bevinden, aan„
„houden en in deze Haven opzenden, of
wel met zich in eene andere Haeren opbrengen
indien ’t niet mogelijk mogte zijn deze
haven te bereiken.
Is ontvangen eene Petitie van den
Raad
November 6 Raad Contrarolleur Generaal der Financien
den Heer H.J. Nuboer, ter bekoming van verlof,
om tot herstel van zijne gezondheid, na primo
April van het aanstaande Jaar, voor den
tijd van een a twee Jaaren, naar Europa te
vertrekken met behoud van de helft van
zijn tractement, en dat iemand moge benoemd
worden om zijnen post, tot zijne terugkome
waar te nemen, onder het genot van de an„
dere helft. Zie de Petitie onder N:o 9.
Daarop in overweging genomen zijnde, dat
daar de voornoemde Heer Raad Contrarol
„leur Generaal niet voornemens is naar
Europa te vertrekken dan tot na primo
April van het aanstaande Jaar 1819, het
voormelde verzoek om verlof met de
daarbij gestipuleerde voorwaarde in dien
tusschen tijd, door hem Raad Contrarolleur
aan zijne Excellentie den Minister voor het
Publieke onderwijs, de Nationale Nyverheid
en de Kolonien kan worden gedaan, en dat
het wel mogelijk is voor den eersten der
hiervorengemelde maand April daarop
antwoord te bekomen.
Is dus goedgevonden en verstaan den
voornoemden Heer Raad Contrerolleur
Generaal
November 6 Generaal der Financien aan te schrijven
om zich, ter bekoming van verlof, ten
einde, na primo April 1819, naar Europa
te vertrekken, met behoud van de helft
van zijn tractement, aan zijne Excellentie
den Minister voor het Publieke onderwijs
de Nationale Nijverheid en de Kolonien
te adresseren, onverminderd de nadere dis=
„positie bij dit Gouvernement hierin te
nemen, ingeval er geen antwoord op zijn
verzoek vroegtijdig genoeg mogte aangeko
men zijn; en tot verkrijging van welke
nadere dispositie het aan hem Raad Contra
rolleur Generaal zal vrijstaan zich weder„
om aan dit Gouvernement te adresseren.
Op het Ministerie voor het Publieke onder
wijs, de Nationale Nijverheid en de Kolonien
getrokken acht wissels, van n:o 70 tot no 77
ten bedrage van ƒ 746 77 op G:
454„7„ 5. voor Militaire Tractementen en
soldijen over de gepasseerde maand october
zijner Majesteits Fregat huridice is heden
morgen uitgezeild
Rapport ontvangen van den Commandeur
de Eilands Bonaire dat een Insurgenten
kaper den 5:en dezer, voor de Reede van dat
Eiland
December 12. van den Heer Raad Contrarolleur Generaal
nader gelezen, en voorts in overweging ne„
mende
1„o De in des Heer Raad Contrarolleurs twee„
de Petitie van dato 10:en dezer aangehaalde
redenen tot herhaling van zyn Ed: verzoek,
om, zonder uitstel, eene favorable dispotitie
daarop te bekomen.
2„o Dat ingevolge de voormelde declaratoi„
„ren, eene verandering van climaat altijd
noodzakelijk zoude zijn tot de volkomene
tierstelling van den voornoemden Heer
Nuboer
3„ Dat bij het 11:e Artikel van het Regle„
„ment op het beleid der Regering alhier,
aan den Gouverneur Generaal de magt
is gegeven tot het verleenen van verlof
aan Ambtenaren, en om de noodige
schikkingen te maken tot de waarne
„ming van derzelver bedieningen gedu„
„rende hunne afwezigheid, onder de daar
„ bij vermelde bepalingen.
4„ Dat er gegronde redenen bestaan om
aan den Heer Raad Generaal verlof te
verleenen; voor eenen bepaalden tijd, om
zich naar Europa te begeven.
5„
November 12. 5. Dat, dienvolgens, niet zoude gediffe
„culteerd worden het verzochte verlof aan
den Heer Nuboer, zonder voorwaarde, te
accorderen, indien er geene zwarigheid
bestond nopens de waarneming van
zyn Ed:s post door een des kundig bekwaam
en geschikt persoon, welke vereischten ont„
„genzeggelijk gevonden worden in den Per„
soon van den Heer I: Plats, Kapitein kwar„
„tier Meester bij het Bataillon Jagers
No 11 op dit Eiland, op wien de keuze
in deze zekerlijk vallen zoude, ingeval
de Militaire post, welke zynd bekleedt
als geen obstatel daartegen beschouwd
wierd, en er uit dien hoofde, geene
gewigtige bedenkingen tegen die keuze
opgekomen waren.
Is daarop goedgevonden: aan den Heer
H:J: Nuboer, Raad Contrarolleur Gene„
„raal der Financiën dezes en der onder„
„hoorige Eilanden, voor den tijd van een
Jaar, verlof te verleenen zoo als aan
denzelven verleend wordt bij deze, om
zich naar het Moederland, tot herstel
van zijne gezondheid, te begeven, indien
er een ander des kundig, bekwaam en
geschikt
November 12. geschikt persoon gevonden wordt om zijn het
post, gedurende zijne afwezigheid, waarte „nemen, zonder eenig bezwaar voor de
Koloniale Kas, woordende, dierhalve, de
genoemde Heer Naber hierbij geinsi „teerd om een zoodanig persoon voor te
dragen, die zyn Ed:s post, voor de helft
van het daaraan verbonden tractement,
zoude willen waarnemen, ten einde goed„
gekeurd en daartoe benoemd te worden,
in welk geval aan zynd het behoud
der andere helft van zijn tractement
geaccordeerd wordt, gedurende het aan„
hem geaccordeerde verlof, hetwelk zal
ingaan met den dag van zijn vertrek
van dit Eiland, alles nogtans onder
zijner Majesteits nadere approbatie.
En ten opzigte van des Heer Raad
Contrarolleurs verder verzoek, bij zijne
eerste Petitie gedaan om een voorschot
van twee maanden half tractement, bij
zijn vertrek te mogen hebben, en om
gedurende zijn verblijf in het Moederland
op den ontvanger Generaal te mogen
trekken, dat daarin niet kan getreden
worden; zullende zijn half tractement
aan
November 12 aan zyne gemagtigde alhier te lande
worden uitbetaald.
Een afschrift hiervan zal aan den Heer
Raad Contrarolleur Generaal der Financien
worden toegezonden, tot deszelfs informatie
en narigt.
13. Is ontvangen een Rekwest van Samuel
da Costa Gomer, verzoekende uitstel van zes
maanden ter verkrijging der benoodigde
penningen tot betaling van de belasting
„gen op de door hem zoo verkochte als
gekochte effecten, hetwelk niet is geac„
cordeerd zie het Rekwest N„o 46.
Niets bijzonders voorgevallen 14 & 15
De Eerste Luitenant der Artillerie W
Blanken is heden, in den avond van Sr
Martin over St. Eustatius en S:t Thomas
gearriveerd.
17. Raad gehouden. Zie de Notulen van heden.
De Geboorte dag van Haare Majesteit
zijnde, is het Garnizoen onder de wapenen
gekomen en op den middag is het gewone
salut van drie en dertig schoten gedaan
Is door den Adjunct fiscaal, ingezonden
eene lijst van vreemdelingen, die, ingevolge
zijne oproeping, zich ter Fiscalaat hebben
aangemeld
November 18. aangemeld; met eenen Brief ter geleide
derzelve, waarin hij aanmerkt dat het
hem voorkomt, dat er andere vreemdeling
„gen alhier te Lande zijn, die aan de
oproeping niet hebben gehoorzaamd, zie den
Brief onder n.o 13.
Ten gevolge der aanmerking van den Ad„
junct fiscaal in zijnen brief van gisteren
is dezelve aangeschreven geworden om alle
Ingezetenen, die vreemdelingen bij zich
woonachtig hebben, op te roepen om die
vreemdelingen te komen opgeven, en
voorts van de wijkmeesters aftevragen
de Registers des bewoners van de huizen
in de respective wijken, dewelken bij hem
volgens Art: 13 hunner Instructie, gehouden
worden, ten einde aldus bekend te worden
met de zoodanigen die in gebreken zijn
gebleven zich aan te dienen, en daarna
zoo wel ten hunnen opzigte als van
sommigen die op de ingezondene list genoemd
zijn maatregelen te nemen.
20. In overweging nemende.
Dat eene gestadige verandering van het
Tarief der inkomende en uitgaande regten
eerder nadeel aan den handel veroorzaakt,
dan
November 20 dan eenig wezenlijk voordeel aan de Koli
„niale kas toe te brengen, aangezien de
handelaars, bijzonder de genen die van
afgelegene plaatsen met dit Eiland handel
drijven, steeds onzeker zijnde omtrent de
valuatie der goederen en koopmanschappen,
geene vaste berekening opzigtelijk de inkomen
„de en uitgaande regten kunnen maken,
en uit dien hoofde terug gehouden worden
iets van belang te ondernemen.
Dat het des niettegenstaande, echter noo
„dig is het voormelde Tarief op zekere
tijden na te zien en daarin de vereischte
veranderingen te maken.
Is goedgevonden en besloten.
om eene Commissie te benoemen, welke
zal bestaan uit den WelEdelen Heer
A: A: Bentier Lid van den Raad van
Policie, den ontvanger Generaal, en de
Heeren J: H: Schieling, H. A. de Lima
& A: D: Delvalle, kooplieden, die hierby
daarin benoemd worden, ten einde het
bestaande Tarief van in en uitgaande
regten over te zien, en daarin zoodanige
veranderingen te maken, als overeenkom
„stig de marktprijzen der producten
goederen
November 20 goederen, waren en koopmanschappen
zal bevonden en geoordeeld worden te
behooren, daarbij in acht nemende dat
alle Artikelen een vierde minder dan
de marktprijzen op het tarief moeten
gesteld worden, en dat er onderscheid
moet worden gemaakt tusschen den in=
en uitvoer; wordende de gemelde Commis„
sie bij deze geinviteerd om het aldus
verbeterde Tariefs, voor den vijftienden der
aanstaande maand December inteleveren
om hetzelve te examineren, en goedgekeurd
wordende, met primo Januarij 1819 in
werking te brengen.
Zullende een afschrift dezes besluit
aan de benoemde Commissie, ten fine van
informatie en kwalificatie, worden
toegezonden.
Is ingeleverd een Rekwest van A: Ellis
weduwe A:H: de Rochemondt en van
J: Lesire de Rochemondt, verzoekende
eenige hunner daarin genoemde slaven
van het Eiland te mogen verzenden,
en geleidende twee declaratoiren van
den Adjunct fiscaal opzigtelijk die
slaven; welk rekwest geaccordeerd is
geworden
November 21 geworden. Zie hetzelve onder N„o 47.
Is door R: van Eekhout, Eerste klerk
ter Gouvernements Secretarij, ingeleverd
een rekwest, houdende verzoek om uit
zijn voormelden post ontslagen te worden
om redenen door hem daarbij aange„
„voerd
De voormelde motiven in overweging
genomen zijnde, is goedgevonden en beslo „ten des Rekwestrants verzoek te accor„
„deren, en denzelven dienvolgens te ver„
leenen, zoo als verleend wordt bij deze
ontslag als Eerste klerk ter gouvernements
Secretarij, in welken post hij zich steed
onbesproken gedragen heeft zie het Re„
„kwest N„o 48
Zullende hiervan kennis gegeven worden
aan den Raad Contrarolleur Generaal der
Financien, tot deszelfs informatie, voor
zoo verre zulks hem aangaat
zijner Majesteits fregat huridice en Brik
de Zwaluw zijn heden avond gearriveerd,
met twee vaartuigen onder derzelven Con„
voor, zijnde een derzelven; ingevolge voor„
„loopig mondeling rapport van den Kapitein
ter Zee J: M: Polders, de Nederlandsche
Golet
November 22: Golet de Harmonie, die op den 4„e dezer November 23. 15. 16, 17, 18, 19, 20, 21, 22, 23, 248 25
Mitsgaders nog ontvangen zijnde, de vol„ onder Convooi van zijner Majesteits Brek
„gende petitien, als de eene van de Heeren de Zwaluw uit deeze Haven gezeild zijnde
Beuter en Th: Jutting, kooplieden alhier den volgenden dag door twee Insurgenten
houdende verzoek van teruggave der door kapers genomen en den 12:e dezer door
zijner Majesteits Fregat Euridice hernomen zijner Majesteits Fregat huridice is
Nederlandsche Golet de Harmonie, aan hem hernomen geworden op derzelver reis=
toebehoorende, benevens van hunne eigendom naar het Eiland Margaretha, hetwelk
„men die zich aan boord van dezelve bevin= in possessie is van het Insurgenten
„den; en de andere van den Heer George Gouvernement der zoogenaamde Republie„
Curiel, mede koopman alhier; waarin hy van Venezuela, en werwaarts dezelve door
verzoekt, dat de goederen op de ingezondene de Insurgenten kapers opgezonden werd,
Facturen vermeld, door hem aanboord van met een prijsmeester en vier matrosen,
de Spaansche Golet Trinidad, Schipper dewelken aanboord van het gemelde Fregat,
Pedro vristina afgeladen, doch door de zijn getransporteerd, en, gelijk gelast is,
Insurgenten, bij het nemen van dat vaar„ terstond aan het officie Fiscaal zullen
„ting aanboord van de hiervorengemelde worden overgeleverd
23 ontvangen zijnde van den Kapitein ter Golet de Harmonie overgescheept, aan
Zee J: M: Solders, kommanderende zijner hem moge worden afgeleverd, zie no
26„ 27„ 28 29. Majesteits Fregat Euridice, als mede van
Is daarop goedgevonden en besloten den Kapitein Luitenant ter zee I:H:
1„o Dat de voormelde Golet de Harmonie, Bolken, kommanderende zijner Majesteits
toebehoorende aan de voornoemde Heeren Brik de Zwaluw, afzonderlijke rapporten
van het voorgevallene op derzelver laatsten Bentver en Theodorus Iutting, benevens
kennis togt, benevens de in dezelven reste de door dezelven daarin geladene
goederen, aan hen zullen worden overge„ „tivelijk vermelde documenten zie N„o
„leverd
November 23 „leverd.
2„o De goederen door den Heer George Curiel
in de Spaansche Golet Trinidad, schipper,
Pedro Cristina, afgeladen, en bij het
nemen derzelve, door de Insurgenten, in
de voormelde Golet de Harmonie over=
„gescheept, aan denzelven te doen afge„
ven.
3„o Den Kapitein ter Zee J.M. Polders,
kommanderende zijner Majesteits Fregat
huridice, te autoriseren, gelyk geschiedt
bij deze, om de bij de eerste en tweede
afdeeling dezer voormelde overlevering
en afgifte te effectueren, edoch ten
opzigte der ingeladene goederen, volgens
de Cognossementen derzelven, die de
reclamanten zullen hebben te produceren
„ Dat deze overlevering en afgifte onder
behoorlijke reeven zullen moeten geschieden
dewelken aan den Gouverneur Generaal
zullen worden ingezonden, met het deswe„
„gens te doene rapport
5„ Dat, ingeval er meer andere goederen
die aan de reclamanten niet toebehoo„
„ren, aanboord van de voormelde Golet
de Harmonie mogten bevonden worden
daarvan
November 23. daarvan, door hem Kapitein ter zee ter
„stond rapport aan den Gouverneur Gene„
zal worden gedaan, om omtrent dezelven
de noodige maatregelen te nemen.
Zullende een afschrift dezer dispositie
aan den Kapitein ter Zee J: M: Polders
worden afgegeven, ten fine van executie, als
mede extracten derzelve aan de respective
reclamanten, ten fine van informatie en
narigt.
24. Nader gelezen de volgende bij het rapport
van den Kapitein ter Zee J: M: Polders
ontvangene stukken, zijnde de Commissie
van Juan Deiten, kommanderende de
Golt Buenos Aijres, van wege den
opper Directeur der vereenigde Provin„
„tien van Zuid America, gedateerd Bre=
„nos Aijros 20 Februarij 1818, de order
van den voornoemden Juan Deiter aan
Richard Riccard, om de Golet Harmonie
te Jan Grigo, Eiland Margaretha, op
te brengen, den brief van denzelven aan
F: van wick te Margarita en den brief
van Danel aan L: Brion, Kommandant
in Chef van de Land en zeemagt van
verezielte
Is
November 24 Is goedgevonden en besloten.
„ Den Adjunct fiscaal aan te schry „ven, zoo als geschiedt bij deze om de ter
Fiscalaat gevangen zynde personen, die
aan boord van de hernomen Nederland„
„sche Golet de Harmonie gevonden zijn
te interrogeren aangaande de intrusting
der Insurgenten Kapers de Brik Kresi„
hebbe en de Golt Buenos Aijros, derselve
Eigenaars en bestemming, mitsgaders
opzigtelijk het nemen en opzenden van
de Golet de Harmonie, gelijk ook het
nemen en vervolgen van andere vaartuigen
tot het Convoor van zijner Majesteits
Brik de Zwaluw behoord hebbende, en
voorts omtrent al het gene daarmede
in verband staat en betrekking heeft
waarvan hij Adjunct fiscaal rapport
zal hebben in te zenden.
2„e De Hiervoren vermelde documenten te
stellen in handen van den Adjunct
Fiscaal ten einde bij de interrogatie der
opgenoemde personen het noodig gebruik
te maken en dezelven daarna te rug
te zenden.
Zullende Extract hiervan aan den
Adjunct
November 24. Adjunct fiscaal worden toegezonden, ten
einde aan hetzelve te gedragen.
23. Ingekomen zijnde een Rekwest van
Catharina Christoffel, weduwe van
Johannes Baptist, verzoekende het
lijk van haren voornoemden man te
mogen aanvaarden en ter aarde doen
bestellen, is zulks geaccordeerd in voege
als op het gemelde rekwest uitgedrukt
staat zie hetzelve onder N„o 49.
Ontvangen zijnde eene petitie van David
Maduro, wonende alhier, verzoekende
in het bezit gesteld te worden van eenige
goederen door hem geladen in de Spaan
„sche Golt Trinise, Schipper Pedro
Cristina, en door de Insurgenten, die
dat vaartuig genomen hebben, aanboord
van de Nederlandsche Golet de Harmonie
getransporteerd. Zie No 30.
Is goedgevonden en verstaan dat de door
den reclamant in de Spaansche Golet
Trinidad geladene goederen, en welke bij
het nemen van dezelve door de Insurgenten
in de Nederlandsche Golet de Harmonie,
zijn overgescheept, aan den reclamant,
onder behoorlijk reene, zullen worden
afgeleverd
November 25 afgeleeverd, ingevolge de Cognossementen
daarvan, welke hij zal hebben te vertoonen
Zullende een afschrift hiervan aan den
Kapitein ter Zee, J. M. Polders, komman„
„derende zijner Majesteits Fregat Euridice
ten fine van executie, als mede aan den
reclamant tot deszelfs informatie en
narigt worden afgegeven.
26. Op een Rekwest van C.W. Jutting
„ en Josua de sola & Zoon, Kooplie
„den alhier, gedateerd 24 dezer maand
November, om Jacob Dammers, zich te
Bonaire bevindende, op interrogatorien
te mogen hooren, en dat de Commandeur
van Bonaire moge geautoriseerd worden
den Eed van hem Dammers, zoo op de
geannexeerde als op vorige reeds beantwoor de interrogatorien af te nemen, is het
volgende marginaal appointement ver„
„leend en het Rekwest, als naar gewoonte,
in originali afgegeven, te weten Naing
„nomen te hebben het advies van den
President van den Raad van Civile en
Criminele Justitie, wordt der Rekwes„
„tranten verzoek geaccordeerd, en de
verzochte autorisatie op den Commande
des
November 26. des Eilands Bonaire verleend
En op een onder Rekwest van de voornoemde
kooplieden C.W. Jutting & C:o en Josua
de sola en zoon, gedateerd 25 dezer
maand November, om Samuel Hoheb
Junior; wonende alhier, op Interroga „torien te mogen hooren, is het volgende
marginaal appointement verleend, en
het Rekwest, als naar gewoonte, in
originali afgegeven, te weten Na inge„
„nomen te hebben het advies van den
President van den Raad van Civile en Crimi
„nele Justitie, wordt der Rekwestranten
verzoek geaccordeerd
Is met het Fregat Schip de Sara
Maria, Schipper B: de Ronde van
Amsterdam aangekomen de Luitenant
Kolonel bij het Battaillon Jagers n.o 11.
Dignus Jacobus van de Linde
Is ontvangen een adres van den Eersten
Luitenant der Artillerie W: Blanken,
waarin hij verzoekt, om aangehaalde
redenen, Schadeloos gesteld te worden wegens
de somma welke hij verpligt geweest is
voor verblijf kosten te besteden, sedert zijn
vertrek van S:t Martin tot deszelfs
arrivement
November 26 Arrivement op dit Eiland zie het adres
onder n.o 31 hetwelk in advies gehouden is.
ontvangen zijnde eene missive van den Heer
H.J. Nuboer, Raad Contrarolleur Generaal
der Financien, gedateerd den 24 dezer maand
waarin hij drie personen voorsteld, ten
ende een derzelve mogen uitgekozen worden
tot de waarneming van zynen post, inge„
„volge dispositie van den 12:e dezer, bij
dewelke aan hem verlof is verleend gewor=
„den om naar het Moederland te vertrek
„ken, met invitatie om iemand voor te
stellen die zynen post op de door hem
voorgestelde Conditie zoude willen waar„
„nemen, zie de missive N„o 32
Is goedgevonden en verstaan; dat de
tweede genoemde der door den Heer Raad
Contrarolleur voorgestelde personen, name
„lijk de Heer C: L: van Uytrecht tot de
waarneming van des Raad Contrerolleurs
post, gedurende de afwezigheid van den
Heer Nuboer, zal worden benoemd en
aangesteld, indien de genoemde Heer van
uijtrecht genegen mogte zijn dien post
te aanvaarden en met den Heer Nabaer,
aangaande de verdeeling van het daarop
staande
November 26. staande Tractement, zal kunnen overeen„
komen.
Zullende een afschrift hiervan aan den
Heer Raad Contrarolleur Generaal der
Financiën, als mede aan den Heer C.L.
van Uytrecht worden toegezonden ten einde
hunEd.s met den inhoud daarvan mogen
bekend worden en daarop ten spoedigste
te rescriberen.
Is ontvangen eene missive van de Admi= 27
„nistrateurs van het Garnizoen alhier, geda „teerd 25 dezer N„o 373 te kennen gevende
dat de 1e Luitenant der Artillerie W
Blanken zich aan hen heeft geadresseerd,
met verzoek om schadeloos gesteld te worden
wegens de kosten aan hem veroorzaakt
door de vertraging zijner reis van S:t
Martin naar dit Eiland, en houdende dat
de genoemde Luitenant Blanken aan den
Gouverneur Generaal is gerenvoijeerd geworde,
in het vertrouwen dat aan hem, in dit
buiten gewoon geval, indien mogelijk, die
hulp en bijstand zal verleend worden, welke
de wetten en voorschriften toelaten. Zie de
missive onder no. 33.
Daarop nader gelezen zijnde het op gisteren
ingekomen
November 27. ingekomen adres van den voornoemden te
Luitenant W: Blanken, waarin hij ver=
„zoekt schadelaas gesteld te worden wegens
de somma door hem voor verblijf kosten
besteed
En in overweging nemende
Dat de vertraging der reis van den genoem
den eersten Luitenant W. Blanken naar
dit Eiland aan hem niet is toe teschrijven,
blijkens het des aangaande van den Heer
Gouverneur van S:r Eustatius ontvangene
berigt, hetwelke te vinden is onder N„o 34
Mitsgaders nog overwegende dat de Som
van tachtig pattinjes of Een honderd en
twintig peros van achten, S:t Martius Cou„
„rant, door den Heer Kommandeur van P
Martin aan hem Luitenant Blanken
tot defroijement van reis kosten uitgereikt,
uit hoofde der onvermijdelijke vertraging
zijner reis, niet toereikend konde geweest
zijn.
Is dienvolgens goedgevonden en verstaan=
om aan den voornoemden Eersten Linte„
„nant W: Blanken te accorderen de
som van een honderd en vijftig peros
van achten, tot dedomagement van die
kosten welke zijn langdurig verblijf op
November 27. t rustatius, en zijn togt over S:t Thomas
hem veroorzaakt hebben.
Zullende hiervan de noodige aanschrij„
„ving aan de Administrateurs van het
Garnizoen tot de uitreiking der voormelde
som aan den Luitenant Blanken worden
gedaan; als mede aan den genoemden
Luitenant Blanken in rescriptie op zyn
ingeleverd adres.
Ontvangen zijnde eene missive van de
Administrateurs van het garnizoen, geda„
„teerd 25 deezer, N„o 372, opzigtelijk de
vivres en soldij van den officier en de
manschappen die geembarkeerd geweest
zijn aanboord van zijner Majesteits Fre=
„gat huridice, en houdende verzoek dat
eene dedomagement moge worden vast„
„gesteld, tot voorkoming van alle reclamen
of excusen wegens bederf of meerdere sly
tagie van Kleeding stukken zie de mis„
„sive onder N„o 35.
Is goedgevonden en verstaan daarop te
rescriberen, dat, vermits de officier die
het detachement Jagers en Artilleristen aan
boord van zijner Majesteits Fregat huridice
gecommandeerd heeft, op deszelfs eigen
verzoek
November 27. verzoek daartoe is gecommandeerd geworden November 27
en gedurende deszelfs verblijf op dien bo„
dem, de gewone scheepsvoeding zal genoten
hebben, hij dus geene aanspraak maken
kan op rations, bij den dienst te Lande,
aan zijn rang verknocht, zijnde, en ten
opzigte der Soldij van de onder officier
„ren en manschappen dat daarin geene
verandering kan plaats hebben; terwijl
nog gedifficulteerd wordt in het verzoek
aangaande het bepalen van eene dedoma,
„gement voor bederf of meerdere slijtagie
van Kleeding stukken, als daarin niet
kunnende getreden worden.
Is ontvangen eene missive van de Admi„
„nistrateurs dezes Garnizoens, gedateerd 25
dezer, N„o 370, verzoekende, ter voldoening
aan het 163 Art: van het Reglement
van Administratie, geautoriseerd te worden
tot den verkoop der nalatenschap van den
overledenen onder Adjudant Meerbott,
welk verzoek is geaccordeerd geworden zie
de missive onder no. 36
De volgende missiven van zijne Excel
„lentie den Minister voor het Publieke
onderwijs, de Nationale Nijverheid en de
Koloniën
Kolonien, aan den Gouverneur Generaal
van Curacao en onderhoorige Eilanden
geadresseerd, zijn heden van Schipper B: de
Ronde, voerende het schip de Sara Maria
hetwelk gisteren van Amsterdam gearriveerd
is ontvangen, als:
Origineelen
N„o 46 dato 28 Julij 1818
47 „ 31 d„o d„o
48 „ 14 Augustus do
149 „ 4 d„o d„o
1050 „ 4 d„o d„o
51 „ 7 do do
do do „ 3/32. „ 14
19 d„o d„o 653
54 19 d„o d„o
355 2 September ao
156 „ 3 d„o d„o
15/57 „ 5 d„o d„o
258 „ 12 d„o d„o
Duplicaten
No 325 dato 9 Junij 1818
9 d„o d„o
„ 9 d„o d„o 33/27
12 d„o d„o 9/29
30 „ 16 d„o d„o
No 731
November 27. N:o 1731 dato 16 Junij 1818
1/32 „ 19: d„o d„o
1733 „ 19 d„o d„o
do „ 34 „ 19 d„o
d„o 135 „ 26 d„o
5/36 „ 30. d„o d„o
„ 37 „ 1 Julij A„o
138„ 1 d„o d„o
„ 39 „ 6 d„o d„o
„ 140 „ 7 d„o d„o
„ 341 „ 7 d„o d„o
42 „ 7 d„o d„o
„ 243 „ 8. d„o d„o
„ 14 „ 10 d„o d„o
„ 1/15 „ 10. d„o d„o
Ontvangen zijnde eene Petitie van George
Curie en David Madure, te kennen gevende
dat zij, om redenen daarbij vermeld, geen
Cognossement van diverse goederen, die
geladen zyn geweest aan boord van de
Goet Trinidad; en aanboord van de Golet
de Harmonie overgescheept, kunnen roden
„ceren; geleidende voorts de permitten door
den ontvanger Generaal verleend ter insche„
„ping van de goederen in kwestie aan
boord van de Trinidad, met verzoek
dat
November 27. dat de uitlevering der gereclameerde
goederen; ingevolge die permitten en de
originele facturen, die zich, gelijk zij gein „formeerd zijn, in handen van den Kapitein
ter zee I: Polders, bevinden, moge ge„
„schieden, Zie de Petitie onder N„o 37.
Is goedgevonden en verstaan met toe„
zending der hiervoren vermelde permitten
aan den voornoemden Kapitein ter Zee
J.M Solders, denzelven aan te schryven,
gelijk geschiedt bij deze om de aflevering
der aan de reclamanten toebehoorende
goederen uit de Nederlandsche Golet de
Harmonie, op de bovengemelde permitten
en de origineele Facturen daarvan, welke
hij kapitein ter zee in handen mogte
hebben, te effectueren.
Zullende een afschrift hiervan aan den
genoemden Kapitein ter zee I: M: Polders
en aan de reclamanten, respectivelijk worden
afgegeven ter informatie en narigt.
Gezien zijnde de resolutie van Zyne Excel
„lentie den Minister voor het Publieke onder
„wijs de Nationale Nyverheid en de Kolo„
„nen, van dato 4 Augustus 1818 no
10/50, met de missive van dien dag en van
hetzelfde
November 28. hetzelfde nummer ontvangen, houdende
dat het daarbij gevoegde Koninglijk
besluit van den 24 Julij deszelven Jaars
N„o 88, waarbij de Luitenant Kolonel
F: Knotzer, van het Bataillon Jagers
N„o 11, Garnizoen houdende op dit Eiland,
op tractement van non actiteit gesteld
en in deszelfs plaats benoemd is geworden
tot Luitenant Kolonel van het voormelde
11:e Bataillon Jagers, de Luitenant Kolonel
Dignus Jacobus van de Linde, ter ken=
„nis van den Kommanderende officier
des gemelden Bataillons alhier, zal ge„
bragt worden.
Is daarop eene kopij van het hiervoren„
„gemelde Koninglijk besluit aan den Kapitein
B: Krapt, Kommanderende dat gedeelte
van het Bataillon Jagers N„o 11, hetwelk
alhier garnizoen houdt, toegezonden om
te strekken tot deszelfs informatie, en
denzelven, als het Commando voerende
over de Troepen, voorts bekend gemaakt
dat de Luitenant Kolonel vande Linde
het Commando over het voormelde Ba„
„taillon en over de Troepen alhier, op
morgen den 29e dezer zal aanvaarden.
voorts
November 28. voorts nog gezien zijnde twee resolutien
van zijne Excellentie den Minister, voor
het Publieke onderwijs, de Nationale Ny„
verheid en de Kolonien, de eene van dato
28 Julij 1818 n„o 1746, met de missive van
dien datum en hetzelfde nummer ont„
„vangen, geleidende eene significatie van
A Cappadose en Josua Senator qq aan
A: S: S: Delvalle, en de andere van
dato 4 Augustus deszelven Jaars na
749, met de missive van dien datum en
hetzelfde nummer ontvangen, ter geleide
eener acte van Citatie aan den Procureur
Generaal bij het Hoog Geregtshof geen
„ploiteerd van wege John Hero van der
Meulen qq op en tegen Here Herman
Ellis qq, ten einde aan dezelven op
de gewone wijze en behoorlijk expeditie
te doen geven.
zijn de voormelde significatie en
de acte van Citatie, daarop aan den
Deurwaarder en Geregtsbode van den
Raad van Civile en Criminele Justitie
toegezonden, ten fine van exploit
op den Rekwest van E. W. Jutting
„ en Josiah desola en Zoon, Kooplieden
alhier
November 28 alhier, gedateerd 27:e dezer, om George H.
de Leon, wonende alhier, op interrogatorien
te mogen hooren, is het volgende appoin „tement in margine verleend, en het Re„
kwest, in originali afgegeven; te weten:
Na ingenomen te hebben het advies van
den President van den Raad van Civile
en Criminele Justitie, wordt, der Rekwes„
„tranten verzoek geaccordeerd 0
Ter eere van den geboorte dag van H.H.H.
de Princes Douariere van Brunswijk, zyn
er op den middag salut schoten gedaan
De Luitenant Kolonel van het Batail
„lon Jagers N=o 11 D:J: vandelende is
heden aan het Garnizoen voorgesteld, en
heeft het Commando over het voormeld
Bataillon en over de troepen alhier aan„
„vaard
Gezien zijnde de navolgende resolutien
van Zijne Excellentie den Minister voor
het Publieke onderwijs, de Nationale
Nijverheid en de Kolonien, te weten:
1„o Eene resolutie van den 31:e Julij 1818
No 47, met de missive van dien datum
en hetzelfde nummer ontvangen, strekken
„de ter geleide van drie exemplaren der
Circulaire
November 30 Circulaire orders van den Heer Adjudant
Generaal, N„o 1. in dato 21 Mei en 19
Junij lb, ten einde dezelven aan de kom=
„manderende Officieren der Corpsen tot
derzelver informatie en narigt te doen
ter hand stellen
Is daarop een exemplaar van ieder
der voormelde orders aan den Luitenant
Kolonel van het Bataillon Jagers N.o 11
en den Majoor der Artillerie toegezonden
2:e eene resolutie van den 14„e Augustus
1818 No. 52, met de missive van dien
datum en hetzelfde nummer ontvangen
waarin het getal en de soorten van
kleeding stukken voor de Troepen in deze
Kolonie uitgedrukt staan, met in forma
„tie dat de uitzending daarvan zoo
spoedig mogelijk geschieden zal, waardoor
voldaan zal zijn aan den Jaarlijkschen en
twee Jaarlijkschen kleeding termijn de
troepen, sedert 1 April lb te goede.
Is. van deeze resolutie kennis gegeven
aan de Administrateurs van het Garm
„zoen en een kopij derzelve aan hen
toegezonden.
3„o Een resolutie van den 19e Augustus
1818
November 30. 1818. n„o 33, met de missive van dien
datum en hetzelfde nummer ontvangen,
houdende, onder anderen, des Ministers ver„
„langen dat de uitbetaling der forrage
gilden, op ontvangst dezer resolutie niet
allen dadelijk ophoude, maar ook dat
de gelden welke deswege zijn genoten, sedert
den tijd dat de aanschrijving van het
Departement van Koophandel en Kolonien
tot 18 Julij 1817 n„o 11 ter kennis van den
Gouverneur Generaal dezer Kolonien geko„
men is, wederom in 's Rijks kas, worden
te rug gebragt.
Is daarop van dit verlangen kennis gege„
„ven aan den Raad Contrarolleur Generaal
der Financiën, de Administrateurs van
het Garnizoen, den Luitenant Kolonel van
het Bataillon Jagers N„o 11, den Majoor
der Artillerie, den Kapitein Ingenieur en
den 1:e Luitenant Adjudant van den
Gouverneur Generaal, en zijn voorts de
noodige bevelen gegeven dat de genotene
forrage gelden sedert den 10 November
1817, den dag op welken de hiervorengemelde
aanschrijving van den 18 Julij 1817 n=o 11.
ter mijner kennis gekomen is, zullen
worden
November 30. worden terug gebragt in die kassen waar„
uit de betaling geschied is, waardoor
voldaan wordt aan der Ministers verlan=
„gen, uitgezonderd ten aanzien van den
3
Luitenant Kolonel S: notzer, gewezen
Kommandant der Troepen alhier, uit
hoofde dat hij zich in het Moederland is
bevindende.
Reserverende aan mij om zijne Excellentie
den Minister hiervorengenoemd over de ver„
strekking van forrage en dit rembourse „ment te onderhouden.
4:e eene resolutie van den 2:en September
1818 n„o 55, waarbij de Gouverneur Gene„
„raal dezer Koloniën geautoriseerd wordt
om aan den 2:en Luitenant van Es, van
het Bataillon Jagers n.o 11, voor de admi„
„nistratie over de kleeding en wapening
van het Garnizoen dezes Eilands bij voort„
during te doen uitbetalen eene toelage gere„
„kend à P„s 150 's Jaars, echter onder bepa„
„ling dat deze toelage zal worden ver„
„strekt uit de koloniale Kas, en nimmer
worden gecomprehendeerd in het bedrag
der wissels, welke voor Militaire Tractementen
en Soldijen worden afgegeven.
November 30: Is zulks ter kennis gebragt van de Admi„ November 30.
„nistrateurs van het Garnizoen en den
voornoemden 2e Luitenant van Ens, en de„
„zelven aangeschreven dat de voormelde
toelaag, bij voortduring, uit de administra„
„trie kas van het garnizoen zal worden
betaald.
5„o Eene resolutie van den 5 September
1818 n„o 1757, houdende autorisatie aan den
Gouverneur Generaal dezer Kolonien, om
aan den Kapitein R: F: van Raders, van
het Bataillon Jagers N„o 11, in Garnizoen
alhier, verlof te verleenen, ten einde zich
voor den tijd van een Jaar, ter verrigting
van particuliere belangen, naar Europa te
mogen begeven, onder de daarbij vermelde
bepalingen.
Is daarop aan den voornoemden Kapitein
R: F: van Raders verlof verleend om zich
voor den tijd van een Jaar, ter verrigting
van particuliere belangen, naar Europa
te begeven, onders de bij voormelde resolutie
uitgedrukte bepalingen die ter zijner kennis
gebragt zijn.
zijnde aan den Luitenant Kolonel van
het Bataillon Jagers N„o 11, kommandant
der
der Troepen alhier, kennis gegeven van het
verleende verlof aan den voornoemden Ka„
pitein van Raders
Ontvangen zijnde een rapport van den
Kapitein ter zee IM Polders, kommande„
„rende zijner Majesteits Fregat Euridice
daarbij inzendende een bij hem ontvangen
Rapport van den Luitenant ter zee van
de 1: Klasse Zwaanshals, betrekkelijk
de aflevering der goederen aan boord van
de Nederlandsche Golet de Harmonie
bevonden, met verzoek om orders aangaan=
„de de overgeblevene artikels te mogen
ontvangen. Zie de beide rapporten onder
No 38 & 39
Is daarop goedgevonden en verstaan.
dat de Koffij aan den Schipper van de
Golet de Harmonie zal worden afgegeven
en de weinige andere overgeblevene goederen
onder de zoodanigen der manschappen
van de Euridice, die het meest benoodigd
zijn, zullen worden verdeeld; en ten opzigte
van de Golt de Harmonie dat dezelve
ingevolge dispositie van den 23„e dezer
in het bezit van derzelver Eigenaars
zal worden gesteld
Zullende
November 30. Zullende een afschrift hiervan aan den
Kapitein ter Zee, J:M: Polders hiervoren ge„
„noemd worden toegezonden, om zich naar
hetzelve te gedragen.
Aan den Kapitein ter zee IM solders, December
Kommanderende zijner Majesteits Fregat
Euridice, is de volgende order toegezonden
zijner Majesteits Fregat Euridice en Brik
de Zwaluw zullen, den 9e dezer maand, zee
kiezen om convooi te verleenen aan alle
Nederlandsche en Spaansche vaartuigen
die naar de Havens van Suerto Cavello
en Laguaira gedestineerd zijn, en zich tot
dien einde bij uwelEd Gestr: zullen aan„
„melden, hiervan uitgezonderd vaartuigen
van de Spaansche Natie die ten oorlog
en ter Kaapvaart uitgerust zijn
Te Laquaira arriverende zal uwel
Gestr: met zijner Majesteits voormelde
Schepen niet meer dan vijf dagen aldaar
vertoeven, en vervolgens, met de schepen
die zich onder derzelver Convooi zullen
begeven, naar Pierto Cavello verzeilen
ten einde de zich aldaar bevindende vaar„
„tuigen, die mede naar dit Eiland gedesti=
„neerd zijn, zich bij het Convooi mogen
vervoegen
December 1. vervoegen, waarna zyner Majesteits voor„
„melde Schepen met de vaartuigen onder
derzelver convooi, in deze Haven zullen
retourneren.
Geene andere Schepen of vaartuigen
dan de zoodanigen die naar dit Eiland
bestemd zijn; mogen onder het Convooi
herwaarts toegelaten worden, terwijl nog
geene oorlogs of ter Kaapvaart uitgerust
zijnde vaartuigen zich bij het Convoor zullen
mogen voegen.
Indien er te Lalaira geene vaartuigen
zijn die convoor verlangen, zal uwelEd
Gestr: die Haven terstond verlaten en post
vatten tusschen Bonaire en de Spaansche
kust gedurende vijf dagen, en na dien
tijd, ten einde als hiervoren uitgedrukt
Staat, naar Porto Cavello Stevenen.
Bij ontmoeting van de Insurgenten
Kopers, de Brik Presistile en de Golet
Buenos Aijros, dewelken de Nederlandsche
Golet de Harmonie en andere vaartuigen
behoord hebbende tot het Convooi van
zijner Majesteits Brik de Zwaluw, geno„
„men en vervolgd hebben, zal uwelEd Gestr
met de schepen onder uw bevel. dezelven
trachten
December trachten te nemen en in deeze haven opbren December 1
„gen, terwijl uwelEd: Gestr: niet zal toelaten
dat Insurgenten Kapers zich op het grond
gebied dezer Kolonien ophouden.
Daar bij Art: 5 van uwelEd Gestr: Jn„
„structie, gelast wordt, dat, wanneer
Insurgenten Kapers geene vijandelijkheden
plegen, dezelven vrij en ongestoord, zullen
gelaten worden, zoo zal uwelEd Gestr: in
de naauwkeurige opvolging van die
order, nogtans behooren onderscheid te
maken tusschen Insurgenten Kapers van
de Spaansche West-Indie, en roovers,
welke laatstgemelde uwelEd Gestr: zal trachten
te veroveren en opbrengen.
uwelEd Gestr: zal de noodige orders
hieromtrent aan den kapitein Luitenant
ter zee I: H: Bolken, kommanderende
J. M: Brik de Zwaluw, doen toekomen
Nader gelezen zijnde de resolutie van
zijne Excellentie den Minister voor het
Publieke onderwijs, de Nationale Nyver„
„heid en de Kolonien tot 19:n Augustus
1818 no 53 en gelet op de volgende afdee„
„lingen derzelve, als
6. Opzigtelijk het niet inhouden van de
door
door de daarbij genoemde officieren bij
procuratie gedelegeerde gelden, dat de
intrekking van deze procuratien bij legale
acte van revocatie geschiede, en dat de„
„zelve ter kennis van den Heer Minister
worde gebragt.
E: Aangaande de uitbetaling aan den
Hospitaal Meester Wolff van Soldij als
fourier bij de 1e Compagnie Jagers sedert
den 1e Junij tot den 19 September 1817, ter„
„wijl hij over dat tijdvak tractement als
Hospitaal Meester genoten heeft, hetwelk
strijdig zijnde met de bestaande wetten,
dadelijk zal moeten worden geredresseerd.
d. Dat voor de negen en dertig dagen
soldij, welke de 40 manschappen met
het schip de vriendschap gearriveerd, bij
hunne aankomst te goed hadden, de gewone
soldij in Europ. had behooren uitbetaald
te worden, en geenzins, zoo als geschied is,
de Koloniale soldij volgens het Tarief
waardoor aan deze manschappen ƒ 160„ 8½
te veel is uitbetaald, hetwelk bij elke vol„
„gende gelegenheid van gelyken aard zal
behooren te worden vermijd, uit hoofde
dat bij zijner Majesteits besluit van den
December 2 April 1816 n„o 1 bepaald is; dat de
Koloniale soldij voor de Troepen eerst
met den dag van derzelver arrivement
in de Kolonien zal ingaan.
Ten aanzien van het tractement van
den Luitenant Kolonel Knotzer over
December 1817 Januarij en Februarij 1818
hetwelk op verzoek van den Kapitein
Kwartier Meester Plaats is gearresteerd etc.
zijn daarop de volgende aanschrijvingen
gedaan:
„ Aan den 1„e Luitenant Adjudant I
Kikkert om de acte van revocatie der door
hem verleende procuratie tot het ontvangen
van een gedeelte van zijn tractement in
het Moederland, in te zenden; zijnde die
der andere genoemde officieren reeds aan
het Ministerie overgezonden.
2„ Aan den Hospitaal Meester F: Wolff,
om de bij hem genotene soldij, als foerier
bij de 1e Compagnie van het 11 Bataillon
Jagers, sedert den 1 Junij tot en met
den 19 September 1817, in de administra
„tie kas van het Garnizoen alhier te resti„
„tueren, gelijk ook om restitutie te doen
het zij in natura in ’s Lands Magazijnen
December 1 of de waarde in de Koloniale Kas van
de vivres aan hem als fourier verstrekt over
den tyd dat hij de gewone voeding als
Hospitaal, Meester genoten heeft.
3 Aan de Administrateurs van het Gar=
„nizoen om eene staat en berekening
van de door den voornoemden F Wolff
over het voormelde tijdvak, genotene
soldij, als fourier, in te zenden, en bij de
door hem te doene restitutie daarvan,
in de administratie was van het Garni„
zoen, die gelden te doen strekken in
mindering van het benoodigde fonds voor
militaire tractementen en Soldijen over de
maand in welke de restitutie zal zijn ge„
daan.
„ Aan den Raad Contrarolleur Generaal
der Financien om te zorgen dat restitutie
worde gedaan van de vivres die de
voornoemde F: Wolff, als hiervoren is ge„
„meld, genoten heeft, en dat het be„
„drag der Soldij door hem F Wolff
mede te restitueren, in mindering zal
strekken van het beloop van militaire
tractementen en Soldijen.
5„ Aan de Administrateurs van het Garnizen
om
December 2. vereeniging van de protestantsche gemeenten December 3
ter kennis gebragt van den kerken Raad
der Hervormde gemeente; met invitatie
om mij met hunne meening des aangaan de te informeren.
Is ontvangen een Rekwest van Wil„
„lem Binent, in dato 2 December 1818
houdende verzoek om het lijk van
Johanne Lazarum, te mogen aanvaarden
en buiten præjuditie ter aarde te doen
bestellen, hetwelk is geaccordeerd geworden
Zie het Rekwest N„o 59.
In overweging genomen zijnde dat
de werkzaamheden ter Gouvernements
Secretarie, de provisionele benoeming
van een klerk op dezelve vorderen, uit
hoofde dat de post van eerste klerk
vacant is, en bij gemis van eenen daartoe
geschikt persoon, als nog niet kan ver„
„veld worden.
Is dienvolgens goedgevonden om tot
dat de post van eerste klerk op de
Gouvernements Secretarie, met een daartoe
geschikt persoon zal kunnen vervuld
worden, den persoon van Johannes George
wijs provisioneel te benoemen en aan
te stellen, gelyk geschiedt bij deze tot klerk
ter Secretarie voormeld op een tractement
van vijf en twintig pesos van achten in
de maand; hebbende de genoemde J:G:
wijs den gewonen Eed als zoodanig afge=
legd.
Zullende hiervan kennis worden gegeven
aan den Raad Contrarolleur Generaal der
Financien
Geen Duplicaat van den Staat van den
aard en de werkzaamheden van de bestaan
„de posten, en van den aard en het bedrag
der Emolumenten aan iederen post verbon=
„den, gelijk ook geen duplicaat der maan„
„delijksche rekeningen van den ontvanger
Generaal, over Julij Augustus en Septem„
„ber, noch de rekening in duplo van
denzelven ontvanger over de maand October
lb ontvangen hebbende, is aan den Raad
Contrarolleur aanschrijving gedaan tot de
inzending der voormelde stukken.
4: in overweging genomen zijnde, de groo„
te incompletie der kuipagien van zijner
Majesteits Fregat huridice en brik de
Zwaluw
Is daarop goedgevonden en verstaan.
December 1:o Dat acht matrozen uit de kuipagie
van het Fregat huridice zullen gedetacheerd
worden aanboord van de Brik de Zwaluw
2„ Dat veertig manschappen van dit garni
„zoen als twaalf Jagers en acht en twin„
„tig kanonniers, onder officieren daaron=
der begrepen, op den 8„e dezer zullen
gedetacheerd worden op zijner Majesteits
voormelde Schepen Euridice en de Zwaluw
in maniere als volgt, te weten twaalf
Jagers en tien kanonniers op de Euridice
en achtien kanonniers op de Zwaluw
daaronder begrepen de noodige onder offi„
„cieren.
3„o Dat de Schippers van de vijf koopvaar
„dij schepen die in de Nederlanden thuis
behooren en in deze haven liggen, zullen
worden uitgenoodigd en des noods gelast
om, ieder, twee matrosen van hunne res„
„pective onderhebbende schepen, voorzien
van kooijen en kleeding op den 7=e dezer,
onder de orders en ter dispositie te stellen
van den Kapitein Luitenant ter zee. H.
Bolken, kommanderende zijner Majesteits
Brik de Zwaluw, ten einde de kuipagie
van de voormelde Brik te versterken op
derzelver
December A: derzelver togt naar de Spaansche kust,
zullende aan deze matrosen niet minder
vivres mogen worden uitgedeeld aan de
„zelven gewoon zijn op hunne respective
schepen te genieten, en bij hunne terug
„komst zullen zij, naar verdiensten, eene
gratificatie ontvangen.
4 Dat de gedetacheerde militaire man„
„schappen de gewone scheepsvoeding
zullen genieten; met uitzondering van
hardbrood, hetwelk uit ’s lands maga=
zynen, ten behoeve der voormelde man=
„schappen zal worden verstrekt en waar„
van aan ieder man vijf ponden in
de week zal worden uitgedeeld.
Zullende een afschrift dezer dispositie
aan den Kapitein ter Zee J.M. Polders
Kommanderende zijner Majesteits Fregat
Euridice, worden toegezonden om te strek„
„ken tot deszelfs informatie en narigt,
en om daarvan aan den Kapitein Luite
„nant ter Zee Boeken, zoo verre het hem
aangaat te doen kennis dragen; terwijl
nog aan den Luitenant Kolonel Kom„
„mandant der Troepen de noodige order
zal worden afgevaardigd om het hiervoren,
gemelde
December 4 gemelde getal manschappen van dit Garn: December 4: gegeven worden aan den vice Commandeur
zoen onder de orders en ter dispositie van voornoemd, en intusschen tot geene gestren den voornoemden Kapitein ter zee te stellen „ge maatregelen van regtsdwang worde
gedurende den aanstaanden kruistogt van overgegaan.
zijner Majesteits hiervoren gemelde Schepen zijnde hiervan kennis gegeven aan den
Naar aanleiding der vierde afdeeling Raad Contrarolleur Generaal der Financien
van de voorgaande dispositie, is de Maga„ met toezending van eene kopij der voormel„
zijn Meester van alle Magazijnen gelast de lijst
geworden, met kennis geving hiervan aan Is ontvangen eene memorie van den Hoos
den Raad Contrarolleur Generaal der financien „pitaal Meester F. Wolff, houdende aanmer„
dat zes honderd ponden hard brood, uit „kingen, welke hij vermeent te kunnen
hollandsch meel zal worden verbakt en aangeven, om hem te ontslaan van het
aan den kapitein ter zee I. M. Polders afge„ doen der restitutie van genotene soldij en
leverd ten behoeve van de militairen die vivres als fourier bij de 1e Compagnie Jagen
aan boord van zijner Majesteits Schepen over zeker tijdvak, gedurende welk hij
Euridice en de Zwaluw zullen gedetacheerd tractement als hospitaal Meester genoten
worden. heeft. Zie de memorie onder N„o 40
Is ter voldoening van dezerzijdsche aan En daarop goedgevonden en verstaan dat
„schrijving, van den 28 September dezes vermits bij de aanschryving van zijne
Jaars, ontvangen van den Vice Commandeur Excellentie den Minister voor het Publieke
des Eilands Aruba eene naamlijst van onderwijs, de Nationale Nyverheid en de
belasting schuldigen aan het Hoofdgeld en Kolonien, stellig gelast wordt om omtrent
de veeteelt, door den ontvanger aldaar die dubbelde uitbetaling, redres te maken
opgemaakt, met vermelding dat dezelven geene afwijking daarvan kan plaats heb=
uitstel verzoeken, dan, daar geen uitstel „ben, en dat dienvolgens aan de door
kan geaccordeerd worden, zal hiervan kennis hem te dien opzigte ontvangene order, in
gegeven. dato
December 3 dato 1=e dezer, moet worden voldaan;
terwijl zijne aanmerkingen en bezwaren.
daartegen ter kennis van den Heer Minis„
ter voornoemd zullen worden gebragt
In overweging nemende, dat, alle aan„
„gewende pogingen om, op de gewone wijze
van recrutering, de kuipagien van zijner
Majesteits Schepen op dit station te compli=
„teren, tot heden vruchteloos geweest zijn, en
dat, niettegenstaande de uitnoodigingen
van wege het Gouvernement aan de Zeelie„
„den in deze kolonie gedaan om zich
voor niet langer dan eenen Kruistogt te
engageren, geen een onder hen zich daartoe
genegen betoond heeft.
Mitsgaders nog overwegende dat het belang
en het welzijn dezer Kolonien het dringend
vorderen dat de kuipagien van zijner
Majesteits Schepen, die in dit gewest, uit
„gezonden zijn, ter bescherming van den
handel en de Scheepvaart op dezelven,
gecompleteerd worden, ten einde van die
schepen, dewelken zoo dikwijls moeten zee
kiezen tot het verlenen van Convoijen en
om het grondgebied dezer Kolonien veilig
te houden, het noodig gebruik te kunnen
maken
December 5 maken.
Als mede ook overwegende dat de han„
„deldrijvende Ingezetenen en Eigenaars van
schepen en vaartuigen bijzonder belang
hebben dat zijner Majesteits Schepen op
dit statien zich steeds in dien staat bevin
„den dat dezelven op de eerste order, deze
haven kunnen verlaten.
En vermits wij ons, uit hoofde der on„
willigheid van de Ingezetenen dezes Ei=
„lands om zich in zijner Majesteits dienst
te engageren, in de noodzakelijkheid bevin
„den van dat middel te adopteren, het„
welk voormaals, in gevallen van dierge„
„lijken aard, werkstellig gemaakt werd
Zoo is het noodig geoordeeld te gelasten.
gelijk hierbij gelast wordt.
Dat alle Eigenaars van Schepen en vaar„
„tuigen die in deze Kolonien thuis behooren
gehouden en verpligt zullen zijn voor
elk drietal matrosen dat zij in hunnen
dienst engageren en dat bij iedere te doene
reis, ter fiscalaat gemonsterd wordt, een
man ter dispositie van het Gouvernement
te stellen, om in zijner Majesteits dienst
op een der oorlog schepen, in deze haven,
ingeschreven
December 5. ingeschreven en geplaatst te worden, gedu„
„rende den tijd dat die schepen in de
Koloniën zullen verblijven.
D„o Dat alle schippers van vreemde vaartui=
„gen mede zullen gehouden en verpligt
zijn voor elk tweetal matrozen, zijnde
onderdanen van zijne Majesteit den konin„
der Nederlanden, dat zij engageren en dat
bij iedere te doene reis, ter fiscalaat gemon„
sterd wordt, een man ter dispositie van
het Gouvernement te stellen, ten einde, zoo
als hiervoren in de eerste afdeeling ver„
„meld staat.
Zullende deze bepalingen geobserveerd,
worden, zoo ter Completering der kuipagien
van zijner Majesteits Schepen die zich nu
in deze Haven bevinden, als van die der
andere Schepen welke in het vervolg,
alhier zullen gestationeerd worden, ende
zulks zoo dikwijls als op de gewone wijze
van aan werving het ontbrekende getal man„
„schappen niet zal kunnen aangevuld
wordt.
wordende voorts nog gelast, dat die
manschappen die ten gevolge der voorgaande
bepalingen ter dispositie van het Gouvernement
gesteld
December 5 gesteld worden, zullen moeten gebragt wor„
„den ter Fiscalaat, om van daar aan boord
van een van zijner Majesteits Schepen te
worden geplaatst en dat geene monster„
rollen bij het officie Fiscaal zullen worden
verleend, zoo lang de Eigenaars en schip
„pers van vaartuigen, aan de hun hierby
opgelegde verpligting niet zullen voldaan
hebben. En zal hiervan publicatie worden
gedaan.
Heden de geboorte dag zijnde van
H. den Prins van Orange, is het LK
Garnizoen onder wapenen gekomen, en de
middags zijn er salut schoten gedaan
Aanschrijving gedaan aan den Adjunct
Fiscaal om rapport in te zenden aangaan
„de de vreemdelingen die ten gevolge mijner
dispositie van den 19=en November lb ter
Fiscalaat aangemeld of uit de Registers
van de wykmeesters ontdekt zijn geworden
als mede nog om, ingevolge dispositie van
dato 24 November lb rapport in te zenden
aangaande de interrogatie van de man„
„schappen die aan boord van de hernomen
Nederlandsche Golt de Harmonie gevon=
„den en aan het officie Fiscaal overgeleverd
zijn
December zijn geworden.
Op het Ministerie voor het Publieke
onderwijs, de Nationale Nyverheid en de
Kolonien getrokken vijf wissels van no 75
tot N„o 82, bedragende te zamen ƒ7908„ 29„
of p„s 1788 „ 1„— voor Militaire tractementen
en Soldijen over de gepasseerde maand
November
Berigt zijnde dat zich op de Reede van
Lalaira is bevindende eene Brik dewelke
op het Eiland St. Eustatius thuis behoorten
onder de Nederlandsche vlag, door eenen
Insurgenten Kaper van den zich noemenden
Admiraal Brion is genomen geweest,
doch door een van ZO: Majesteits Schepen
hernomen en ter gemelde Reede opgebragt,
is dezelve Brik, benevens derzelver lading
en toebehooren bij het Gouvernement van
Cargas gereclameerd geworden.
Ontvangen zynde eene sollicitatie van den
Hospitaal Meester, dat de restitutie van de
door hem genotene soldij als fourier bij de
1: Compagnie Jagers zoodanig worde be„
„paald als in vergelijking van zijn tracte„
„ment gevoeglijk plaats kan hebben, is
daarop goedgevonden en verstaan dat hij
maandelijks
December 8 maandelijks de som van tien gulden zal
hebben uit te keeren tot dat de door hem
te doene restitutie zal zyn geeffectueerd. Zie
't document N„o 41.
zijnde hiervan aanschryving gedaan aan
den gezegden Hospitaal Meester, benevens
den Raad Contrarolleur Generaal der Fi=
„nancien, en aan de Administrateurs van
het Garnizoen ten fine van informatie
en narigt.
zijner Majesteits Fregat Euridice en Brik
de Zwaluw zijn heden morgen uitgezeild
om convooi te verleenen aan de vaartuigen
die naar de Havens van Porto Cavells
en Lalaira gedestineerd zijn
Daarna heeft de Adjunct fiscaal ge„
rapporteert dat hij vernomen heeft
dat niettegenstaande de kooplieden die
Eigenaars zijn van de Nederlandsche
vaartuigen welke aangemeld zijn om
onder Convooi van zijner Majesteits voor„
„noemde schepen te zeilen, alle mogelijke
pogingen aangewend hebben om voor elk
drietal matroozen dat zij zouden engageren
een man ter dispositie van het Gouverne„
„ment te stellen; ingevolge publicatie
van
December G. van den 5„e dezer, alle zeelieden echter
hardnekkig blijven weigeren zich in
zyner Majesteits zeedienst te engageren
en dat uit dien hoofde hunne vaartui=
gen niet kunnen bemand worden om
zee te kiezen.
Daarop in overweging nemende dat
de onwilligheid van de Zeelieden de oor„
„zaak is dat de Eigenaars van vaartui=
„gen aan de hun opgelegde verpligting
niet kunnen voldoen; dat uit dien hoofde,
zonder echter aan de hardnekkige onwil=
„ligheid van de Zeelieden toe te geven,
maar integendeel dezelven te doen ge„
waar worden dat het Gouvernement
tot andere kragtdadiger middel toevlucht
zal nemen, aan de Eigenaars van die
vaartuigen, welke gereed liggen om onder
Convooi van zijner Majesteits voormelde
Schepen te zeilen, behoorde gepermitteerd
te worden hunne vaartuigen te beman„
„nen en zoo veel over Complete manscha
„pen te engageren als zij gehouden zou„
„den zijn ter dispositie van het Gouverne„
„ment te stellen, ten einde die overrom=
„plete manschappen, als de vaartuigen
reedt
December 9. reeds zullen uitgezeild zijn, kunnen opgeligt
en gebragt worden aanboord van zijner
Majesteits Schepen
Is de Adjunct fiscaal aangezegd gewor„
„den de intentie van het Gouvernement
aan de belanghebbende kooplieden bekend
te maken.
Kort daarna retourneerde de Adjunct
Fiscaal, berigtende dat de belanghebbende
kooplieden zeer te vrede waren met de
faciliteit welke het Gouvernement hun
aanbiedt, en dienvolgens aangenomen
hebben conform de intentie van het Gou„
„vernement te handelen
Dien ten gevolge is de kapitein ter zee
J:M: Polders, kommanderende zijner
Majesteits Fregat Euridice, aangeschreven
om zoodra alle de schepen en vaartuigen
die tot het Convooi van zijner Majesteits
schepen, onder deszelfs order, behooren, zich
bij dezelven zullen vervoegd hebben, ter„
„stond, uit de kuipagien van de Neder„
„landsche vaartuigen de vierde man te
schepen
ligten en op zijner Majesteits te verdeelen
om, gedurende dezen togt, op dezelven te
dienen; en dat hij kapitein ter zee aan
de
December 9 de manschappen zoude vrijlaten om zich
vrywillig op zijner Majesteits Schepen
te begeven, doch anderzins de ligting bij
loting te doen, of wel met dwang, indien
zulks op geene andere wijze doenlijk zal
zijn, daarbij ter kennis van denzelven kapi„
„tein ter zee brengende dat aanboord van
elk vaartuig zoo veel manschappen over„
compleet geëngageerd zijn, als tot de uit„
„voering dezer order vereischt worden.
Inde loop van den dag, zijn de Neder
„landsche vaartuigen, die tot het Convoor
van zijner Majesteits Schepen behooren
uitgezeild.
Ontvangen zijnde een vertoog van de Admi=
„nistrateurs dezes Garnizoens, houdende beden=
„kingen die zij gemeend hebben te moeten
voordragen ten gevolge der aanschryvingen
in dato 1 en 8 „ dezer, opzigtelijk de
te doene restitutie bij den Hospitaal Meester
van de door hem genotene soldij als fourier
bij de 1e Compagnie Jagers die het vertra„
onder N„o 42.
En in aanmerking nemende de daarin
voorkomende bezwaren, is goedgevonden
en verstaan, bij alteratie van de dispositie
December 9 in dato 1 dezer te gelasten: dat de
restitutie van de door den Hospitaal Mees„
ter genotene soldij als fourier bij de te
Compagnie Jagers, in de Koloniale Kas
zal geschieden, ten einde en op zoodanige
wijze als bij de voormelde dispositie in
dato 1=e dezer, en bij die van den 8:en dezen
vermeld staat.
Zullende deze dispositie ter kennis ge„
bragt worden van den Raad Contrarol,
„leur Generaal der Financien van de
Administrateurs dezes Garnizoens en van
den Hospitaal Meester, ten fine van infor„
matie en narigt; terwijl nog aan den
Raad Contrarolleur Generaal hierbij zal
worden toegezonden den aan ons ingezon„
„denen staat van Soldij door den Hospi=
„taal Meester als fourier genoten en welke
door hem moet gerestitueerd worden, met
verdere aanschrijving bij deze dat de ter
restituerene gelden niet eerder in minde=
„ring van militaire tractementen en sol„
dijen zullen komen, dan bij de voldoe„
„ning van den laatsten termijn
Ontvangen zijnde eene missive van den
Heer Raad Contrarolleur Generaal der
Financie
December 10. Financien Nuboer en den Heer C: L: van
uijtrecht, houdende dat zij met elkander
overeengekomen zijn dat de tweede genoem„
„de den post van Raad Contrarolleur
Generaal der Financien, gedurende de
afwezigheid van den eerstgenoemden, zal
blijven waarnemen voor de helft van het
Salaris aan gemelden post verbonden.
Zie de missive onder N„o 43.
Is dien ten gevolge goedgevonden en
verstaan:
1„o Den genoemden Heer CL Van Uytrecht
bij deze te benoemen en aantestellen om
den post van Raad Contrarolleur Generaal
der Financien te vervullen, tegen dat de„
„zelve post aan hem Heer van uijtrecht
zal worden opgedragen, bij het vertrek
van den Heer Huboer, die op deszelfs ver=
„zoek in dato 12=en November dezes Jaars
voor den tijd van een Jaar, verlof bekomen
heeft om zich naar het Moederland te
mogen begeven, en voorts dien post geduren=
„de de afwezigheid van den genoemden
Heer Huber ad interim waar te nemen.
2„o Dat de voornoemde Heer van Uijtrecht
ingevolge overeenkomst tusschen hem en
den
December 10 den Heer Raad Contrarolleur Generaal der
Financiën, voor de waarneming van dien
post, de helft van het daaraan verbonden
tractement genieten zal, alles nogtans onder
zijner Majesteits nadere approbatie
Zullende een afschrift hiervan aan den
Heer Raad Contrarolleur Generaal Nuboer
en aan den Heer E L van Uijtrecht worden
toegezonden, ten fine van informatie
Op eene aanschrijving van den vice
Commandeur des Eilands Aruba, waarby
hij te kennen geeft niet te weten hoe
te handelen wanneer Ingezetenen van
dat Eiland zich bij hem vervoegen om
vreemdelingen, die aan hen verschuldigd
zijn te arresteren, aangezien het gebruiken
„lijk is dat arresten en sommatien, door
den daartoe bevoegden persoon alhier te
Lande, derwaarts worden overgezonden,
hetwelk de oorzaak kan zijn dat de
Ingezetenen van hunne pretentien ontsto „ken blijven, als de personen die gearres„
„teerd worden, intusschen het eiland verla=
„ten.
Is daarop het advies van den President
van den Raad van Civile en Criminele
Justitie
December 11. waren ingevorderd, de uitgegevene ordon„
„nantien voor tractementen en benoodigde
„heden, op zeer weinig na zouden hebben
kunnen afbetaald worden, en dat niette=
genstaande de in te vordere penningen
niet zouden toereikend zijn de pretentien
ten laste het Gouvernement te vereffenen,
alzoo eene som van P„o 4249„ 1„— daartoe
te kort komt, de schuld echter niet zoo
groot zoude zyn als het thans is, name
„lijk „ 28703 „ „
2„ Dat de ontvanger Generaal zeer nala„
„tig geweest is in de vordering der uit„
„staande belastingen en rigten, aangezien
er alle regten en belastingen over het Jaars
1817 als nog niet ingevorderd zijn en die
over dit Jaar, welke ook reeds hadden
moeten betaald zijn, mede niet ten volle
zijn ontvangen.
3„ Dat het niet behoorlijk bij houden van
een kasboek door den ontvanger Generaal,
gelijk hem Art 8 zijner Instructie aanbe„
volen is, als een pligtverzuim in hem
moet beschouwd worden.
„ Dat het trekken van assignatien op
den ontvanger Generaal, wegens voorschotten
tegen
December 11 tegen het 7e artikel van deszelfs Instructie
aanloopt
Is goedgevonden en verstaan.
1„o Den ontvanger Generaal des Gouverneur
Generaals ongenoegen te kennen te geven,
in het niet behoorlijk invorderen van ver„
„schuldigde regten en belastingen en denzelven
bij deze serieuslijk aanteschrijven om te
zorgen dat die regten en belastingen,
ingevolge zijne Instructie, met ultimo
dezer ingevorderd worden, als zullende
na dien tijd op zijne rekening gesteld worden
alle uitstaande penningen die door des
„zelfs verzuim en nalatigheid met zijn
ingevorderd, terwijl geene andere bewijzen
daartegen zullen geadmitteerd worden
dan de zoodanigen die aantoonen dat
alle mogelijke regtsmiddelen door hem
gebezigd zijn.
2„o Denzelven nog te doen kennis dragen
dat een verzuim van dien aard als het
niet behoorlyk bijhouden van een kas
Boek is, in het toekomende als een groot
pligt verzuim zal aangemerkt worden.
3„o Denzelven nog, benevens den Raad
Contrarolleur Generaal, onder het oog„
December 11 te brengen, dat het geven van assigna tien wegens voorschotten op den ontvangen
Generaal, strijdig is met Art: 7 van des
ontvanger Generaals Jnstructie, en dat
dus geene assignatien zullen mogen worden
afgegeven en in verantwoording geleden
worden.
Zullende een afschrift dezer dispositie
aan den Raad Contrarolleur Generaal
en aan den ontvanger Generaal worden toegezonden ten fine van infor„
matie en narigt.
Ontvangen zijnde het advies van den
President van den Raad van Civile en
Criminele Justitie, in dato 10 dezer
van hem afgevraagd opzigtelijk het
arresteren van vreemdelingen op het
Eiland Aruba dewelken aan Ingezetenen
aldaar verschuldigd zijn zie hetzelve
onder N„o 46.
Is, Conform dat advies, goedgevonden
en verstaan:
1„o Dat op het Eiland Aruba, alle vreem„
„delingen die aan Ingezetenen van dat
Eiland verschuldigd zijn, aldaar zelf zullen
mogen gearresteerd worden om van het
Eiland niet te vertrekken.
24
December 12 2„o Dat diergelijke arresten zullen moeten
opgemaakt en geexploiteerd worden door
een persoon welke daartoe, onder de bena„
„ming van Geregtsbode op het Eiland
Aruba, door ons zal worden benoemd en
aangesteld.
„ Dat de acte van het arrest, met het
relaas van hetzelve, door dien gekwalificeer=
„den persoon aan den arrestant zal worden
ter hand gesteld om herwaarts, met de
eerste gelegenheid, aan zijnen gemagtigde
te worden overgezonden, ten einde de
noodige acte van Citatie, met beteekening
van den regtdag, volgens usantie, door den
Bode van het Hof van Justitie of van
het Collegie van Commercie en Zeezaken
daar de Cognitie van de zaak behoort,
te doen expedieren, om aan den gearres„
„teerde te worden geexploicteerd.
4 Dat de Commandeur van het Eiland
Aruba zal bevoegd zijn om op schriftelijk
verzoek van eenig Ingezeten, die eene vorde„
„ring heeft tegen eenen vreemdeling, denzel„
„ven, wanneer hij niet gegoed mogte zijn
en, met redenen, Suspect van stille vlugt
gehouden wordt, in verzekerde bewaring te
doen
December 12. doen stellen, mits dat de arrestant zorge December 14. de voormelde lijst genoemde personen ten
getalle van negen en twintig, uit hoofde dat het arrest en de citatie op en aan
dat de meesten derzelven geen middel van denzelven, zoo spoedig mogelijk van
bestaan hebben geen met of voordeel aan hier geregtelijk geexpedieerd, en aan den
de Kolonie toebrengen en zelfs voor de gearresteerde beteekend worde.
belangen der Kolonie nadeelig zijn, wegens 5„o Tot geregtsbode op het Eiland Aruba te
de verstandhouding welke gesuspecteerd. benoemen en aan te stellen den persoon
wordt dat dezelven, zijnde allen, met van Pieter Hansz de Meij, zonder tracte
uitzondering van een emigranten van „ment van 's Lands wege, dewelke den
van den vice Commandeur
de gerevolteerde Spaansche bezittingen, gewonen Eed als zoodanig in handen,
met de Insuigenten houden zal hebben af te leggen.
Is dienvolgens goedgevonden en verstaan Zullende afschriften hiervan worden toe„
om eene naamlijst van die negen en twin„ „gezonden daar het behoort, om te strekken
„tig personen aan den Adjunct fiscaal tot informatie en narigt van de belang„
te doen toekomen, en denzelven dan te „hebbenden.
schrijven, zoo als geschiedt bij deze om Niets bijzonders voorgevallen
dezelven te doen aanzeggen deze kolonie Nader gezien zijnde de lijst van vreemde 14.
binnen den tijd van veertien dagen te „lingen die zich op dit Eiland bevinden,
verlaten, en dat, wanneer zij daaraan dewelke door den Adjunct fiscaal op den
in gebleken blijven, als dan daartoe 18=en November lb is ingezonden geworden,
zullen worden geconstringeerd; zullende de mitsgaders het in dato 10:en dezer ontvang
Adjunct fiscaal hebben te zorgen dat „ne rapport van denzelven, aangaande de
hiervan worde voldaan, terwijl hij hierbij vreemdelingen die, ten gevolge eener tweede
geautoriseerd wordt om zoodanige maatre„ oproeping, zich ter Fiscalaat hebben aan
„gelen, ten opzigte der onwilligen, te nemen, „gemeld.
als noodig zullen zijn tot de uitvoering En overwegende dat sommige der op
de dezer
December 14 dezer order.
Zullende afschrift hiervan aan den Ad„
junct fiscaal, ten fine van informatie en
executie worden toegezonden.
voorts nog aangemerkt hebbende de
observatie van den Adjunct fiscaal,
vervat in zijn voorn: rapport van den
tienden dezer, dat de lijsten der huizen
en van de bewoners der wijken zeer onre„
„gelinatig gehouden worden, en hij weinig
of geen net daarvan getrokken heeft
tot het opspooren der vreemdelingen welke
zich, ingevolge oproeping, niet gemeld
hebben.
Is ook goedgevonden en verstaan.
om de wijkmeesters aan te schrijven dat
zij in het vervolg de Registers van huizen
in der bewoners van hunne respective wij=
„ken beter zullen hebben te houden, zooda
„nig dat alle mogelyke informatien
dien aangaande daaruit zouden kunnen
verkregen worden.
Eindelijk nog overwegende dat het van
het grootste belang is, dat ten allen
tijde ter Fiscalaat zelf bekend zij welke
vreemdelingen zich op dit Eiland bevinden
hetwelk
December 14. hetwelk geschieden kan door het houden
van een bijzonder Register van alle aan„
„komende en vertrekkende vreemdelingen
die allen ter Fiscalaat worden aangemeld
Is mede goedgevonden en verstaan dat
met den 1=en Januarij 1819 een afzonder
„lijk Register van alle aankomende en
vertrekkende passagiers ter Fiscalaat zal
worden aangelegd en gehouden, hetwelk
zoodanig zal moeten ingerigt zijn, dat
daarin ten allen tijde kan gezien worden
het getal en de namen der vreemdelingen
die zich op dit Eiland bevinden, zonder
dat daartoe eenige oproeping zal noodig
zijn.
Zullende een afschrift hiervan aan den
Raad Fiscaal worden toegezonden, met
invitatie om de noodige bevelen ter Fisca=
„laat te geven tot de nakoming van
het geresolveerde in deze
Nader gezien zijnde de Petitie van den
Adjunct fiscaal op den 3:en November
ontvangen; waarin hij solliciteert eene
toelaag voor reis kosten naar Aruba,
en verdiende vacatiën in het plaats
gehad hebbende onderzoek omtrent het
gedrag
December 14 gedrag en de directie van den Commandeur
des eilands Aruba Le Boije.
Is goedgevonden en verstaan,
„ Den Adjunct fiscaal te accorderen,
zoo als geaccordeerd wordt bij deze de
som van zestig peros van achten uit de
Koloniale Kas, tot vergoeding van de kos „ten die hij gehad heeft op zyne hiervoren
„gemelde reis naar het Eiland Aruba in
Commissie van dit Gouvernement.
2„ Te difficulteren in de Adjunct Fiscaal
verzoek omtrent eene toelaag voor verdiend
vacatien.
Zullende afschrift hiervan aan den Ad=
junct fiscaal en den Raad Contrarolleur
Generaal der Financiën, ten fine van infor matie, worden afgegeven.
Ontvangen zijnde eene missive van den
Raad Contrarolleur Generaal der Financien
accuserende de receptie onzer dispositie in
dato 11=e dezer betreffende het niet behoo
„lijk invorderen van belastingen en regten
door den Ontvanger Generaal, en geleidende
Kopij eener missive van hem Raad Contra
rolleur Generaal aan den ontvanger Gene„
„raal; voorts nog houdende bedenkingen
tegen
December 114 tegen de 3e afdeeling onzer gemelde dispo
sitie. Zie des Raad Contrarolleurs missive
en die van hem aan den Ontvanger Gene„
„raal onder N„o 47. en 48.
Is goedgevonden en verstaan den
Raad Contrarolleur Generaal der Financie
te kennen te geven, zoo als geschiedt bij
deze, dat geene afwijking van het gedis„
„poneerde bij de voormelde 3e afdeeling
onzer dispositie van den 11 en dezer kan
plaats hebben en dat geene betaling door
den ontvanger Generaal op eenige andere
wijze vermag te geschieden dan volgens
het de Artikel van deszelfs Instructie.
Zullende een afschrift hiervan aan den
Raad Contrarolleur Generaal der Finan „cien tot deszelfs informatie worden
toegezonden.
Ontvangen zijnde, van de bij dispositie
in dato 20:en November lb, benoemde
Commissie ter overziening en verandering
van het Tarief van inkomende en uitgaan
„de regten, eene opgaaf van de artikelen
die, naar derzelver oordeel, zoodanig zoude
kunnen gevalueerd worden als bij de
voormelde opgaaf uitgedrukt staat
December 14. Is goedgevonden die opgaaf in den
Raad van Policie over te leggen
Ten gevolge van het door den Majoor 15
der gewapende Burgermacht aan ons
gedaan rapport, dat sommige Contri„
„branten tot instandhouding der geze
de Burgermagt, niettegenstaande de„
„zelven dikwijls daartoe zijn aangemaand
nogtans in gebreken zijn gebleven hunne
achterstallige Contributie te voldoen; is
goedgevonden en verstaan alle de genen
die Contributie ten voormelde einde ver=
„schuldigd zijn, voor de laatste maal
serieuselijk aan te manen om dezelve
uiterlijk voor of op den 30:e dezer, te
voldoen, met waarschouwing dat, na
verloop van dien tijd, de strengste maar
regelen zullen genomen worden tot de
invordering daarvan
zijnde hiervan Publicatie gedaan
Raad gehouden. Zie notulen van heden
16. Is benoemd een Krijgsraad over den
korporaal Philip Francois Deelen en de
Jagers Charles, Joseph Nouvel en Charle
Colard, van het Bat: Jagers N=o 11, dewel
„ken aangeklaagd zijn als zich aan
desertie
December 18
17
desertie te hebben schuldig gemaakt.
Ingekomen zijnde Rekwest van Nicolaas
Evertsz Junior, verzoekende dat de Secre=
taris worde aangezegd om de door hem
ter Secretaris verschuldigde belastingen
te ontvangen, en dat, betreffende de pa„
„naliteit, waarin hij vervallen is, de zaak
Composibel met den Fiscaal verklaard
worde, is hetzelve Rekwest gesteld in han„
„den van den Adjunct fiscaal om daarop
te dienen van Consideratien en advies
Is ontvangen eene Petitie van den
Magazijn Meester van alle Magazijnen
houdende verzoek, om redenen daarbij
vermeld, dat nog een klerk bij hem moge
worden aangesteld, welk verzoek is
gehouden in advies
Ontvangen zijnde de Consideratien en
het advies van den Adjunct fiscaal,
op het gisteren ingekomen en in deszelfs
handen gestelde Rekwest van Nicolaas
Evertsz Junior Zie het advies onder
No. 49.
En nader gezien het evengemelde
Rekwest, te vinden onder N„o 51.
Is Conform des Adjunct Fiscaals
advies
December 17 advies, goedgevonden en verstaan de bij
het opgemelde Rekwest vermelde zaak
in kwestie, bij deze Composibel met den
Adjunct fiscaal te verklaren, op dien
voet zoo als bij den Adjunct fiscaal
is voorgesteld, welke is voor een derde
der vastgestelde penaliteit; wanneer
dan de door den Rekwestrant verschul digde belasting ter Secretarij van den
Raad van Policie zal mogen betaald
worden, op de Kennisgeving van de afin
„king der zaak door den Adjunct Fiscaal
aan den Secretaris te doen.
Zullende een afschrift dezer disposi„
„tie aan den Adjunct fiscaal, als mede
aan den rekwestrant, ten fine van infor„
matie en autorisatie, spectivelijk, worden
afgegeven.
Niets bijzonders voorgevallen
Ingekomen zijnde Rekwest van Fredrik
Luckert, verzoekende het Lijk van zijnen
vader Johannes Luckert, buiten zijne
praejuditie te mogen aanvaarden en ter
aarde doen bestellen, is dat verzoek
geaccordeerd geworden. Zie het Rekwest
No 52.
Niets
December 20. Niets bijzonders voorgevallen.
21. Op een Rekwest van C.W. Jutting &
en Testat desola en Zoon, Kooplieden
alhier, gedateerd den 21=e dezer, om Martin
de Pool, wonende alhier op interrogatorien
te mogen hooren, is het volgende appoin „tement in margine verleend en het Re„
kwest in originali afgegeven, te weten:
Na ingenomen te hebben het advies van
den President van den Raad van Civile
en Criminele Justitie, wordt der Rekwes„
tranten verzoek geaccordeerd
22 De Raad, Contrarolleur Generaal der Finan „cien niet ingezonden hebbende geen der
van hem in dato 3„e dezer afgevraagde
documenten, namelijk duplicaten van
den Staat van den aard en de werkzaam
„heden der bestaande posten en van den
aard en het bedrag der emolumenten aan
iederen post verknocht, als mede van de
maandelijksche rekeningen van den
ontvanger Generaal over Julij Augustus
en September, en des ontvangers maande
„lijksche rekening in duplo over de maand
October lb, is hij Raad Contrarolleur
Generaal der Financien nogmaals
aangeschreven
December 22: aangeschreven geworden om die stukken,
mitsgaders nog de maandelijksche rekening
van den ontvanger Generaal over de gepas
„seerde maand November in te zenden
23 van den Raad Contrarolleur Generaal der
Financien ontvangen het duplicaat van den
Staat van den aard en de werkzaamhe
den der bestaande posten en van den aard
en het bedrag der Emolumenten aan iedere
post verknocht, benevens een gedeelte der
bijlagen van denzelven
Fiat Executie verleend op de sententie door
den daartoe benoemden Krijgsraad uitgespr
„ken tegen Philip Francois Deelen korporaa
bij de 1e Kompagnie, Charlet Joseph Nouve
soldaat in Charles Colard Halvemaan
blazen bij de 2e Kompagnie, allen van
het Vatt: Jagers n.o 11: dewelken zich aan
de misdaad van desertie hebben schuldig
gemaakt en dienvolgens de eerstgenoemd
de met de graatie en allen met het
afnemen der kokerde, met uitslagen en
ditentie zullen worden gestraft.
25„ 26 Niets bijzonders voorgevallen.
27. zijner Majesteits Fregat Euridice en brik de
Zwaluw zyn heden, met twee vaartuigen
onder
December 27. onder derzelver Convoor, binnen deeze haven
gearriveerd.
28 Is ontvangen een Rapport van den Kapitein
ter zee IM solders, kommanderende zijner
Majesteits Fregat Euridice, houdende het
voorgevallene op deszelfs laatste reis naar
de Spaansche Kust zie hetzelve met de
daarbij vermelde bijlagen onder N„o 50, 51
52, 53, 54, 55856
Gelet zijnde op de Consideratien en gevoelen
der Leden van den Raad van Policie, in
dato 15:en dezer in den Raad overgelegd
aangaande des vermindering der Jaarlijk„
„sche Contributie tot instandhouding der
gewapende Burgermagt mitsgaders ten
opzigte der vrijstelling van weduwen
en van bejaarde vrijsters, voorts nog omtrent
de inschrijving tot den personelen dienst
en de genen welke daarvan zullen be=
vrijd blijven en Contributien zullen moeten
betalen.
gelijk ook gelet zijnde op de eerste, tweede
derde en vierde aanmerking van den
Heer Staats-Raad, Directeur Generaal
van het Departement van koophandel
en Koloniën op het Reglement van
administratie
December 28 administratie en bestuur voor de gewapend December 28 Burgermagt alhier of door den Raad
„ niet Burgerwagt alhier, bij aanschryving van van Policie vrygesteld is.
4„ Alle ambtenaren die ingevolge de 3 den 7:' Januarij 1818 aan ons bekend gemaakt
afdeeling van het evengemelde „ artikel, Is goedgevonden en verstaan, naar aan
van personeelen dienst bevrijd zijn, zullen leiding en Conform de hiervorengemelde
Consideratien en gevoelen van de Leden van Contributie moeten betalen.
den Raad van Policie, en onverminderd onze 5„ Alle de genen die, uit krachte van Art
Consideratien aan het Ministerie voor het 8 des voormelden Reglements door ons van
Publieke onderwijs, de Nationale Nijverheid den personelen dienst vrygesteld zijn, zullen
en de Koloniën mede te deelen, het volgende de wapenen moeten voeren, ten zij dezelven
provisioneel vast te stellen, tot dat, ten door den Raad van Policie worden vrijge=
opzigte van de administratie en het steld, aan welken Raad zij zich dus,
des verkiezende, binnen den tijd van twee bestuur der gewapende Burgermagt, een
maanden zullen moeten adresseren, nieuw reglement zal zijn ontworpen.
terwijl zij intusschen, en tot dat de Raad „ Alle weduwen en vrijsters of bejaarde
dochters worden van de Contributie tot op hunne verzoeken zal hebben gedispo instandhouding der gewapende Burger neerd, niet zullen verpligt worden de wa„
„penen te voeren. magt, vrijgesteld.
Zullende deze dispositie met het begin „ Alle manspersonen onder 18 en boven
van het Jaar 1819 in werking gesteld worden 40 Jaren worden van den personelen Schul
24. Een kapitein ter Zee J: M: Polders, Com„ terlijken dienst vrijgesteld.
„manderende zijner Majesteits Fregat „ Niemand van 18 tot 10 Jaren zal van
huridice, aangeschreven dat zijner Majes den personelen dienst verschoond worden,
teits Brik de Zwaluw en gereedheid zal die niet valt in de termen van het E:
gesteld worden om op den 4 Januarij 1811 artikel van het Reglement van Admi=
zee te kiezen, ten einde Convooi te verleenen „nistratie en bestuur voor de gewapende
aan
vergering
December 29 aan de vaartuigen die naar de Havens
van Porto Cavello en La Guaira gedestineerd
zijn en zullen aangemeld worden; zullende
op den 3:e der gemelde maand rapport
gedaan worden van de aangemeld zijnde
vaartuigen, wanneer dan nadere orders
voor den Commanderenden Officier van
de zaluw zal gegeven worden, terwijl de
genoemde kapitein ter zee verder nog gelat
wordt om uit de kwipage van de Euridie
zoo vele manschappen aan boord van de
Zwaluw te detacheren als noodig zal zyn
om de kuipagie van dien Bodem te
Completeren op den te doenen togt
30. Ontvangen zijnde eene missive van den
Adjunct fiscaal, verzoekende geelucideerd
te mogen worden of de publicatie van den
31 Maart 1808, dewelke in verband gestaan
heeft met het Reglement op de heffing
van den Zegel impost op dit Eiland voor
de invoering van het Patendregt, niet
de novo moet worden geobserveerd, uit
hoofde dat de 6 & 7 paragraap van de
1e afdeeling des gemelden Reglements,
bij de afschaffing van het Patentregt,
volgens publicatie van Gouverneur en
Raden
December 30 Raden, dato 15:e dezer met het begin
van het Jaar 1819 wederom in werking
zullen gebragt worden zie de missive onder
N„o 57.
En daarop gezien zijnde de Publicatie
van den voormaligen Luitenant Gouver=
„neur en Commandant en Chef dezer
Eilanden, in dato 31 Maart 1808
houdende; dat alle houders van Billards
en Jandhuizen en drank verkoopers in
het klein, zich ter Fiscalaat moe en adres
„seren, om aldaar aangeteekend te worden
in de noodige permitten te bekomen; mits=
„gaders dat dezelven gehouden zijn, ieder
een bord uit te hangen waarop de naam
en de nering van den persoon moet vermeld
staan
En aangezien de gemelde publicatie
in verband staat met de 6 en 7 para„
„graap van de eerste afdeeling des Regle„
„ments op de heffing van den Zegel impost
alhier welke paragraphen, bij de afschaf„
fing van het Patent regt, ingevolge publi=
„catie van Gouverneur en Raden, in dato
15 dezer, met het begin van het Jaar
1819 wederom in werking zullen komen.
Is
December 30
31.
Is goedgevonden en verstaan de gemelde
Publicatie van den 31 Maart 1808, met
ten
den 1 „ Januarij 1819 wederom in werking
te stellen en by deze te gelasten dat dezel de novo moet geobserveerd worden.
Zullende hiervan publicatie worden ge„
„daan en dezelve ter kennis van den Ad„
junct fiscaal gebragt worden
zijn Ontvangen van den Heer Raad
Contrarolleur Generaal der Financien het
duplicaat der maandelijksche rekening
van den Ontvanger Generaal over Julij,
Augustus en September dezes Jaars, als
mede de maandelijksche rekeningen in den
van denzelven over October en November lb:
Is heden afgekondigd onze dispositie
van gisteren; door welke de daarbij ver„
„melde Publicatie van den 31:e Maart
1808 met den 1e Januarij 1819, de novo in
werking gesteld wordt.
inkert
adde
Duplicaat
No 42.
Van Zijne Excellentie den
vice Admiraal A Kikkers
Gouverneur Generaal van
Curacao & onderhoorige Ei=
„landen, Bonaire & Aruba
H: V: H
Met de allerdiepste eerbied, en verschil
„dige gehoorsaamheid, is ’t, dat ondergetekenden
Inwoonderen van ’t Eiland, Aruba, ter voe„
„ten van zijne Excellentie hen stellen; aange„
„moedigt door sulke ingeven die de harten
van getrouwe onderdaanen volkomen verwag„
„ting en vertrouwen voor stellen, dat Z: E: het
verhaal van Noodlijdende Goedertierend en
Meedelident zult toeluijsteren.
Gelieve te weeten Excellentie, dat de ondraag=
„lijke Armoed en bittere droogten, die in deze
Eiland is Heerschende, sulks och laeij
niet genoegzaam duijdelijk kan worden beschre„
ven.
De onvermijdelijke Noodlot van Een Jonk
„man genaamt Jan Hend:k Kroesse natie
van deeze Eiland, oud omtrend 28 jaaren die
na Menschelijke swakheijd aan de overhand
van Armoed werd toegeschreeven; gemerk,
hij op den 7 dezes van zijne wagt doende
pligten getrokken hebbende, uijt vissen was
gegaan om zijne ouders en huijsgezinnen
bij goede vangst op dien dag te kunnen
spijzigen; ende voor hem zelfs voorraad
verzorgen om des anderen dag aan de
werkzaamhedens van den Lande (als thans
kalkbranden in ’t werk is gesteld te verschijnen,
heeft het ongeluk gehad, van hen Heer Hooge
klip aan de oever van de zee, omtrent de
Fontijn geleegen in zee te vallen en te verdrinken
Daar wij in deze jeegenswoordige bekla genswaardige toestand van Armoede, rekening
over belasting van Hoofdgeld Patent regt en
veeteelt, over ’t geheele beloop ontfangen hebbende
daar ten tyde den welEd: Gestr: Heere Raad Con„
„trarolleur Generaal der Finantien, alhier was
en ’t Polleeren hadde ingerigt; waartoe tot
Commissarissen zyn benoemt geworden, den
ontfanger De Heer Simon Prince & De Heeren
Jan Hendk Godf: Eman & Pieter quant
van welkers inrigting den Inwoonderen bij
Trommel en placaat zyn aangekondigt
geweest
geweest.
De Heeren Commissarissen dan gezeten hebben
„de ende de Poliantie van Elk inwoonder
ingewilligt, hebben zij kunnen belang gealigeerd,
beduijdende de neeringloose tijd, die niet
alleen den Landliedens ten agterstelle, maar
zelfs, de Commercieerende Perzoonen met
vaartuijgen buijten staat stellen Expeditien
te doen, als daar toe geen uijtzigt is hebbende
gemelde Heeren Commissarissen dan ingevolge
ijders beroep neering, gedelibreerd hebbende
heeft aan yder de Afslag ofte kortinge nage„
„ moederen toegezegt, dog bij aankomen van
Een Brief door zijne Excellentie aan den Com„
„mandeur dat ijder inwoonderen die niet
meer dan 25 vee bijzetten vrij van belastinge
zullen zijn; Hebben de ouders (waarvan ver=
„scheijde meede onderteekenaars zyn de Gemelde
Heeren Commissarissen Eene voordracht gedaan
te kennen geevende dat zij zoonen hebben
berijkende 16 Jaaren en aan den Landen zijn
dienst doenende; verzoekende dat zodanige
Ionk gezellen, de gemelde Previlegie mogen
genieten ofschoon de gezegde Previlegie der
kinderen de quantitijd der Gantsche Coraal
van
van de ouders uijtmaaken; dewelke in stato
zijn gebleeven
waare het mooglijk dat zijne Excellentie
van de armoedige en desolate staat der meest
gedeelte Inwoonderen, dezes Eiland oog getuijgen
konde zijn; zijn wij in gemoederen verseekerd
dat zo E: dezelve betreuren zoude; de agterstal
„ligheid en onvermoogendheid aan gereede Gelden,
om aan Leevens behoeften te koomen is bescheije,
„lijk
En zijn in gevaar van de weijnige vee
hen overgebleeven gantschelijk te ontdoen, om
mais en de noodige levens behoeftens te
verzorgen.
zo is ’t om welkers reeden, keere den onder„
„getekendens tot zijne Excellentie, ootmoedig
suppliceerende het E: gelieve moogen,
hen meedelijdend oog op de Inwoonderen
van hen Eijland zonder, uijtzigt van Handel
of handteering te slaan, ende hen uijtzigt
van Handel of handteering te slaan; ende
hen uijt meededogende Hart de Belastinge
op de veeteelt die met een Jaar droogte
de Gantsche coraal vernietigd word voor
althoos
altoos uijt hen vaderlijke Hart quijt te
schelden
twelk doende &c:
Aruba den 16 September
(was getekend/
/was getekend 1818
Dit is de Get woonlikke
Dit is de gewoonlikke merk
merk Teekeningen van Fransisco
teekening van Helena Tromp
Tot Tromp Dit is de Gewoonlikke merk
Dit is de Gewoonlikke merk
teekening van Anthonij Tromp
tekening van Pedro silvester
Gillis Poppe Werleman
dit is de R gewoonlikke Dem: Jan Odieber
Jochem Paesch merk Tekening van Frans ratijn
Jan gerotius Lampe dit is de Get woonlikke merk
Dit is de Gewoonlikke merk tekening van Joh:s Boekhoud
Teekening van Jurriaan Geerman dit is de Gewoonlikke merk
Dit is de gewoonlikke merk tekening van Francisco G. Ridderstap
teekening van Joh:s geerman
dit is de Gewoonlikke merk
Dit is de Gewoonlikke merkte
teekening van Manuel wolf kening van Cornelis Kroesje
Dit is A de Gewoonlikke dit is de gewoonlikke merk
merkteeken van And:s Swijnsberg tekening van Frans Kroesje
Dit is de Gewoonlikke merk dit is de gewoonlikke
tekening van Thomas Kroese
merkteekening van Pieter Kroesse
Dit is de gewoonlikke merk
dit is de Gewoonlikke ver„ teeken van Andries Josef Tromp
Dit is de gewoonlikke merk teekening van Mingeel Tromp
teeken van Pieter Jansz Boom Pieter Lampe Junior
Jochemus W. Arendsz Pieter Lampe
Cochica Catharina Arend
dit is de Gewoonlikke merk Dit is de gewoonlikke
merk teeken van Thomas quant teekening van Domingo A. Rasmijn
Dit is de gewoonlikke Lourens Eduber
merkteeken van Jan Kock
dit is de gewoonlikke merk is is de Gewoonlikke merk
teeken van klara alsoude teekening van Jode sentjage Thiel
Dirk Paesch
Joh:s E: Paesch Lourens Franken
Jan Carel Franken
was getekend
dit is de Gewoonlikke
merk teeken van DWD. C. Rega
Deweduwe
H: G: Quant
dit is de Gewoonlikke
merk teeken van Pieter Swensberg
dit is de gewoonlikke
merk teeken van sels Dircksz
dit is de gewoonlikke
merk teeken van Jan Dircksz
dit is de gewoenlikke
merk teeke van Casper Direkt
dit is de gewoonlikke
merk teek van Cornelis Dircks
Sebaija Castro
Jean Castro
Dit is de gewoonlijkke
merk teeken van Juan Canon
Dit is de gewoonlikke
merk teeken van Jean W Felippe
Dit is de gewoonlikke
merk teken van Jacobus Thiel
Dit is de gewoonlikke
merk teeken van Casper vrolick
Dit is de gewoonlikke
merk teeken van Pedro Jonas
Dit is de gewoonlikke
merk teeken van mates.
De vice Admiraal, Gouverneur Generaal,
nader gelezen hebbende het Rekwest van diverse
Ingezetenen des Eilands Aruba, hetwelk op
den
den 24:e September lb is ingeleverd geworden
Mitsgaders gezien de door den vice Comman„
deur des Eilands Aruba ingezondene afzonder„
„lijke naamlijsten zoo wel der zoodanigen van
de onderteekenaars van het gemelde Rekwest
die belastingen betalen, als der genen die
daarin niet begrepen zijn.
En in overweging nemende.
1„o Dat van de twee en vijftig Ingezetenen
van Aruba die het Rekwest onderteekend hebben
niet meer dan achtien de belasting op de
veeteelt betalen, terwijl vier en dertig in die
belasting niet begrepen zijn en van dat getal
negen en twintig van alle belastingen vrij zijn
2„o Dat, terwijl de meesten der onderteekenaars
zich beklagen over eene belasting welke zij
niet moeten opbrengen de anderen, zonder
in acht te nemen dat de teelt van die
soorten van vee waarop de heffing geschied
is, onbeperkt is toegestaan, zich mede over
dezelve beklagen, niettegenstaande de voordeelen
die zij uit die vrye teelt genieten, waarvan
zij anders ontstoken zouden zijn, indien het
Gouvernement die vergunning aan bepalingen
onderworpen had.
3 dat de genen die meer dan vijf en twintig
stuks vee bezitten, niet zoo onvermogend zijn
dat zij de daarop gestelde belasting niet
kunnen betalen.
4„ Dat het zijner Majesteits uitdrukkelijke
wil is, dat de uitgaven dezer Kolonien uit
de inkomsten derzelven moeten gevonden worden
gelijk zulks nog nader te kennen gegeven is
op een gelijksoortig Rekwest van de Ingeze=
„tenen dezes Eiland, hetwelk aan het Minis„
„terie voor het Publieke onderwijs, de Nat
„nale Nijverheid en de Kolonien is overge„
„zonden geworden.
5„o Dat de lasten der Ingezetenen, gedeelte„
„lyk zullen verminderen, door de afschaffing
van het Patent regt, welke met het einde
dezes Jaars geschieden zal.
Is goedgevonden en verstaan
dat het verzoek door diverse Ingezetenen
van Aruba gedaan, strekkende tot de af„
„schaffing der belasting op de veeteelt, niet
kan toegestaan worden.
Zullende een afschrift dezer dispositie
aan den vice Commandeur van Aruba worden
toegezonden, om dezelve ter kennis der Rekwes„
tranten
„tranten en andere Ingezetenen te brengen
Curacao den 19:e October 1818
W.G.A. Kikkert
Aan Zyne Excellentie den No 43.
Gouverneur Generaal van Cura
do en onderhorige Eilanden,
Generaal en Admiraal over
’s Lands zeemagt aldaar &:a &
Geve met verschuldigden eerbied te kennen
Gerrit Gijsbert van Paddenburgh
Dat hij na de significatie van deszelfs
demissie als ’s lands schoolmeester alhier
volgens besluit van zijne Majesteit den
Koning der Nederlanden, door uwe Excel
„lentie gezonden den 5en October 1818, alleen
„lijk heeft ontvangen, de ordonnantie voor
deszelfs tractement van 14 Februarij tot
5 October dezes Jaars
Dat echter in de bijgevoegde Copie missive
van zijne Excellentie den minister van onder„
wijs, nationale nijverheid en Kolonien in dato
7 Julij 1818 N„o 41 zoo wel als in het Copie
besluit van zijne Majesteit in dato 28 Junij
1818
1818 N„o 109, den requestrant geworden, duidelijk
staat van aan den post geaccrocheerde voordeelen
welke zullen Cesseeren, met den dag op welke
hem de demissie zal worden kenbaar gemaakt
Dat daar de Suppliant, als het eenige
aan zynen post geaccrocheerde voordeel of
Emolument steeds heeft genoten vrije huis
huur en wel van vijftien Pesos 's maands
(doch zins 1 Jan. 1818 ingehouden) hij zich
wend tot uwe Excellentie met de eerbiedige
bede, dat het uwe Excellentie moge behagen
volgens de Intentie van zijner Majesteits
besluit, hem suppliant toe te leggen eene som„
„ma van Een Honderd zeven en dertig Pesos
en vier realen, zijnde het bedrag van negen
maand vijf dagen Huishuur, gereekend van
1 Januarij tot 5 october dezes jaars 1800
achtien.
Twelk doende &:a &:a
G:G:G: van Paddenburgh
De vice Admiraal, Gouverneur Generaal,
gelezen hebbende het vorenstaande Rekwest
van G:G: van Paddenburgh
Daarop in aanmerking genomen dat
hoewel
hoewel de huur van het huis, waarin de
Rekwestrant school gehouden heeft tot ultimo
December 1817 uit de Koloniale kas is betaald
geworden, de uitbetaling van die huur nog
tans niet geschied is als een voordeel dat by
voortduring, aan den Post van ’s lands school
„meester op dit Eiland zoude geaccrocheerd
zijn, maar wel provisioneel, daar zulks
met ultimo December 1817 opgehouden is
uit hoofde dat hij Rekwestrant behalve
zijn Tractement, extra inkomsten had, door het
onderwijzen van kinderen wier ouders instaat
waren daarvoor te betalen, en de schoolhuur
door hem uit die extra inkomsten konde
betaald worden, zoo dat de Rekwestrant geen
regt heeft op het genot van huishuur tot
den 5:e dezer maand october, als een onafschei
„delijk voordeel van den Post van slands
schoolmeester; welke huur nimmer bij hem
Rekwestrant genoten is, maar wel, onmidde
lijk, aan de Eigenaresse van het huis, waarin
hij school gehouden heeft, altijd is uitbetaal
geworden.
Heeft dus goedgevonden en verstaan dat
het verzoek van den Rekwestrant niet kan
geaccordeerd
geaccordeerd worden.
Curacao den 19:e October 1818.
W: G: Kikkert.
van zijne Excellentie, den No 44.
vice Admiraal Albert Kikker,
Commandeur der Militaire
Willems orde, in dienst van
zyne Majesteit den Koning der
Nederlanden, Gouverneur Gene„
„raal van Curacao en onderhoo„
„rige Eilanden Bonaire en
Aruba, Generaal en Admiraal
en Chef overs de Land en Zee„
magt aldaar &:a &:a &
Geeft met alle Eerbied te kennen, de onder
„getekende, Jannetje Baarne, huisvrouwe
van Beert wassenaar, wonende alhier.
Dat des Suppliantes man, in den Jare
1790, uit het Moederland alhier is gearriveerd
in dienst als adjunct Adsistend, en naar gaan
door het Gouvernement ter dier tijd is aan
„gesteld als klerk bij de waagmeester, en dat
des Suppliantes man daarinne heeft blijven
continueren
kontinueren, tot den dag van het overlijden
van den waag Meester; dat hierop de sup„
„pliantes man den post als waag Meester
heeft waargenomen tot den Jare 1801.
Dat de Suppliantes man het ongeluk
gehad heeft, om in den Jare 1804 uit zijner
zo bekende ziekelijke lichaams gesteldheid, is
ontslagen geworden van deeze post, en zints
dien tijd buiten eenige de minste betrekking
is gebleven, tot op dese dag, zonder instaat
te zijn voor het geringste tot onderhoud van
zijn persoon als voor zijn huisgezin te kunnen
zorgen, en in aldien tijd heeft de Suppliantes
man doorgebragt in de grootste elende, en
dat zomwijlen, ja zelfs dagelijksch de
supplante en hare ongelukkige Echtgenoot
de zon zien opkomen en weder zien neder
dalen, zonder eene beste droogbrood te ge„
nieten, en dat voor de Suppliantes man
geen andere weg open is, dan tot uwe Excel„
„lentie te keren, eerbiedig versoekende dat
uwe Excellentie goedgunstelijk behagen mogen
de Suppliantes man een Jaarlijksch pen„
„sioen toeteleggen zo als uw Excellentie
zoude bevinde te behoren, of door uwe
Excellenties
Excellentie gunstig voorspraak hetzelve te doen
verwerven.
Het welk doende &c:
Curacao den 29 Sept.r 1818
Jannetie Wassenaar
De Vice Admiraal, Gouverneur Generaal,
gelezen hebbende het vorenstaande Rekwest van
Jannetje Bazarne, huisvrouwe van Beert
wassenaar, heeft goedgevonden en verstaan
in het verzoek der Rekwestrante te difficil
„teren, en aan dezelve te kennen te geven,
zoo als geschiedt bij deze, dat het aan
haar vrijstaat om ter bekoming van
Pensioen voor haar voornoemden man
zich aan het Gouvernement in het Moeder,
„land te adresseren.
Curacao den 22:e October 1818.
W: G: A: Kikkert.
Aan zijn Excellentie den No 45.
vice Admiraal, Commandeur
der militaire Willems orde
Gouverneur Generaal over
Curacao & onderhoorige
Eilanden &:a &:a &
Geeft
Geeft met verschuldigde Eerbied te kennen
Daniel Bing alhier woonagtig, hoe deszelfs
Broeder Hendrik Bing op gisteren aan de
gevolgen eener serieuse koorts is komen te
overlijden.
En dat wel ten Huize van hem Suppli=
„ant, waaruit hij dan ook ter aarde dient
te worden besteld, redenen waarom zich de
suppliant tot uw Excellentie adresseert antho„
„risatie verzoekende gezegd lijk buiten eenige
Prajuditie voor hem suppliant te mogen
begraven.
Curacao den 5:e November t welk doende H: M:
G: Van Bing 1818
De Vice Admiraal, Gouverneur Generaal
gezien hebbende het vorenstaande Rekwest
van Daniel Bing, accordeert het daarbij
gedaan verzoek, mits niemand zich daartegen
stelle en de Rekwestrant voor de begravenis
van het lijk hiervan kennis geve, aan de
wees onbeheerde en desolate Boedel kamer
dezes Eilands
Curacao den 5:' Nov: 1818.
wrikkert
No 46. Aan Zijn Excellentie Albert
Kikkert, Commandeur van de
Militaire Willems orde, en van
’t Legioen van Eer van zijne
Aller Christelyke Majesteit,
vice Admiraal in dienst van
zijne Majesteit de Koning
der Nederlanden, Gouverneur
Generaal van Curacao en onder„
„horige Eilanden Bonaire en
Aruba, Admiraal en Generaal
in Chef van ’t land en zee
macht aldaar H & N.
Geeft met alle verschuldigde Eerbied te kennen
de ondergeteekende Samuel Da Costa Gomen
Burger en Inwooner alhier
Dat de Suppliant op den tiende deezer
aanschrijvens ontvangen heeft door den Edele
Heer Secretaris Willem Prince, om de koop
brieven van alle de effecten door hem aan
Den Heer Josuan Desola, verkogt, ter Secre=
„tarij van den achtbaaren Raad van Politie
te bezorgen, ten einde dezelven in gereedheid
te kunnen brengen om op den 27 deezer
loopende
loopende maand maand november te worden
gepasseert; aangezien de termyn binnen welke
deze koopbrieven moeten gepasseerd de 50
penningen moeten betaald worden op dien
dag expireert,
Dat de Suppliant hoe gaarn hij ook aan
deeze, zo wel als aan alle andere bevelens,
van ’t Gouvernement, dewelke door hem als
een heiligen wet beschouwt worden wilde
voldoen, zig echter in een situatie op dit
oogenblik bevind, en tot zijne groote mortifi„
„catie en leedwezen is ondervindende, de moreele
onmoogelijkheid om op de bepaalde tijdstip
daar aan te kunnen obedieeren, aangezien in
deeze geldelooze tijden, nietteegenstaande de
uiterste pogingen om geld op de beste verbanden
te verkrijgen) en volstrekt geen middel Eiteert
om voor als nog, genoegzaame penningen te
kunnen erlangen tot het passeeren van de
door de Suppliante verkogte effecten, zo wel
als het gekogte van Groot Piscadera, waarop
hijpotheek subject aan de 40e penning moet
worden gepasseert.
Dat de Suppliant bewust en overtuigd
zijnde van de menschlievende gevoelens die u
Exellentie
Exellentie zo in publieke als in private be„
kenteekenen,
trekkingen en meede verzeekert zijnde dat
n Excellentie als representant onzer geliefde
koning niets zal doen, (wanneer dezelve door
eene geringe toegevendheid kan verhindert
worden, dat tot de ruine eener zijner getrouwe
onderdaanen kan strekken.
zo is het dat de Suppliant zig met alle
reverentie tot u Excellentie is keerende ootmoedig
verzoekende dat tot voorkoming zijner ondergang,
en ten einde genoegzaame tijd te kunnen
hebben tot verkrijging der benodigde penningen
Excellentie hem suppliant gelieve te verleenen,
de Term van zes agter een volgende maanden
van heden te rekenen; stellig, belovende en
verzekerende dat de gerechtigheeden of belas„
„tingen op de door hem verkogte als gekogte
effect of effecten voormeld, na de Expiratie
derzelve prompt en zonder eenig verder ver„
„zoek van uitstel, aan den Lande zal wor„
„den voldaan en betaald.
Het welk doende &:a &:a &:a
Curacao den 12:e November
nog Samuel d:o Gomen 1818
G: M: Ricardo
proc. Beh: Int De
De Vice Admiraal, Gouverneur Generaal
gelezen hebbende het hiervorenstaande Rekwest
van Samuel da Costa Gomer, heeft goedgevonden
en verstaan; dat des Rekwestrants verzoek met
kan geaccordeerd worden.
Curacao den 13„e November 1818.
W.G A Kikkert.
Aan zijne Excellentie, den
No 47.
hooghd: Gestrengen Heer A.
Kikkert, Gouverneur generaal
van Curacao en onderhoorige
Eilanden etc. etc. etc.
Geven eerbiedig te kennen de ondergetee„
„kenden A.E. Ellis, weduwe van wijlen den
welEd Gestr: Heer A: H: de Rochemont als
mede haar zoon Jan Lesire de Rochemont, de
beide eigenaars van de hier volgende slaven,
als die der eerstgenoemde Jman, Rimon en
Martin, en die van den laastgenoemden Hose
Silvester, Guilleris, Johannes en Lambertus
Dat de Requestranten voornoemd de gemelde
slaven reeds lang als slegte, balsturige
diefachtige
diefachtige en voor de Kolonie zeer gevaarlijke
slaven bevonden hebben, en het deshalven voor
raadsaam oordeelen dezelve te verkoopen en
van het Eiland te verzenden, waartoe Re„
„questranten heden eene gunstige gelegenheid
hebben.
Dat echter Requestranten zulks niet vermogen
te doen, ten zij met uitdrukkelijke permissie van
uwe Excellentie.
zoo is het, dat de ondergeteekenden uwe
Excellentie hiermede verzoeken om, ingevolge
bijgaande Certificaten van den Adjunct Fiscaal
dezes Eiland, hunlieden te willen permit ver=
„lenen zich op bovengenoemde wijze van gemelde
Haven te ontdoen en van het Eiland te verzen
„den.
t welk doende etc
(was getekend) Curacao d 21 Nov: 1817.
Math: Elles
wede Rochemont
J: Lesire de Rochemont
De vice Admiraal, Gouverneur Generaal
gezien hebbende het vorenstaande rekwest van
A. E. Ellis wed:e D: Rochemont en J. Levie de
Rochemont, benevens de daarbij overgelegde
declaratoiren
declaratoiren van den Adj:t Fiscaal, accor„
„deert der Rekwestranten verzoek
Curacao den 21:e November
1818
A: Kikkert
De Adjunct fiscaal van Curacao en onder„
„hoorige Eijlanden, Certificeert bij deze, dat de
Neger slaven Juan Rimon & Martien, toe
„behoorende aan Mevrouw Deweduwe de
Rochemont, ingevolge de aanklagten hunner
Meesteresse bij hem bekend staan als slechte
sujetten, wier verblijf in deeze kolonie dan ook
zoo voor de Maatschappij in het algemeen, als
voor hunne meesteresse in het bijzonder, slechte
gevolgen zoude kunnen te weege brengen.
Viskalaat den 21 October 1818
Gaminga
Adj:t Fiscaal
De Adjunct fiskaal van Curacao, en
onderhoorige Eijlanden, Justificeert bij deze
dat de Neger slaven Hose Silvester, Guil=
„liermo, Johannes, & Lambertus, toebehoorende
aan den Heer Jan L: de Rochemont
hem
hem ingevolge de aanklagten hunner meester,
als slechte sujetten bekend staan, en dat
overzulks hun verder verblyf in deeze kolonie
zoo voor de maatschappij in het algemeen
als voor hunnen meester in het bijzonder
slechte gevolgen zoude kunnen te wege
brengen.
Fiscalaat den 21 November
1818
W: G: Maijinga
E: Fiscaal
No 48.
Aan Zijne Excellentie Albert
Kikkert Commandeur van
de Militaire Willems orde
officier van het Legioen
van heer van zijne Aller
Christelijkste Majesteit, vier
Admiraal in dienst van
zijne Majesteit den Koning der
Nederlanden, Gouverneur
Generaal van Curacao en
onderhoorige Eilanden Bonaire
en Aruba & & E &
Geeft met alle verschuldigde herbied te
kennen
kennen k: van Eekhout Eerste klerk ter
Gouvernements Secretarij alhier
Dat de Rekwestrant eene gunstige gele„
„genheid ter verbetering zijner omstandig
„heden en overeenkomstiger met zijne geneig
„heden is voorgekomen; echter in ’s Lands
dienst ter Gouvernements secretarij geem„
„ploijeerd zijnde; daartoe zijn ontslag vooraf
moetende verwerven; zoo is het dat de
Rekwestrant zich tot uw Excellentie is
keerende, eerbiedig verzoekende dat het
uwer Excellentie behagen moge aan den
Rekwestrant honarable ontslag als Eerste
klerk ter Gouvernements secretarij te
verleenen en hem een getuigschrift tegeven
van goed gedrag gedurende de waarneming
van voornoemde Bediening
Curacao den 21:e November Het welk doende N:
1818. G. van Eekhout
De vice Admiraal, Gouverneur Generaal
gezien hebbende het hiervorenstaande Rekwest
van H: van hekhout, Eerste klerk ter Gou„
„vernements secretarij
En de voormelde motiven in overweging
nemende
nemende, heeft goedgevonden en besloten
des Rekwestrants verzoek te accorderen en
denzelven dienvolgens te verleenen, zoo als ver„
„leend wordt bij deze, ontslag als Eerste klerk
ter Gouvernements secretarij, in welken pont
hij zich steeds onbesproken gedragen heeft.
Curacao den 21:e November 1818.
G A Kikkert
Aan zijn Excellentie Albert N„o 49.
Kikkert vice Admiraal in
dienste van zijne Majesteit den
Koning der Nederlanden,
Gouverneur Generaal van Curacao
en onderhorige Eilanden, Bonaire
& Aruba, Generaal en Admi„
„raal en Chef over de Landen
Zee Macht aldaar &: & 2e:
heeft met alle verschuldigden herbied te
kennen, Catharina Christoffel, wonende
alhier; weduwe Johannes Baptista
Dat de Suppliantes gemelden Man gis„
„teren avond alhier is overleden en vermits de
Suppliante den staat des Boedels haren
gemelden
gemelden Man, ignoreerende, deszelfs lijk
gaarne buiten hare prejuditie wilde aanvaa„
„ren, en ter Aarde doen bestellen.
zo is het dat de Suppliante met de
meeste Eerbied zig tot u Excellentie keert,
ootmoediglijk verzoekt, om het Lijk haren
gem:e Echtgenote te mogen aanvaarden en ter
Aarde doen bestellen.
/was getekend)
Curacao den 25 Nov.r 1818
dit is het merk als getuigen
van de Suppliante 2 G: Moise Salzedo
M: H:r Wonberg
De vice Admiraal Gouverneur Generaal
gezien hebbende het vorenstaande rekwest van
de wed: Johannes Baptista, accordeert het
daarbij gedaan verzoek, mits niemand zich
daartegen stelle en te Rekwestrante, voor de
begravenis van het lijk hiervan kennis geve
aan de wees onbeheerde en desolate Boedel
kamer dezes Eilands
Curacao den 25 November 1818.
W: G: Kikkert
Aan Zijn Excellentie Den N„o 50
HoogEdele Gestrenge Heer
Den Heere Albert Kikkert
Commandeur van de Militair
Willem ordre, vice Admiraal
in dienst van zijn Majesteit
den Koning der Nederlanden,
Gouverneur Generaal van
Curacao, en onderhorige
Eilanden, Bonaire & Aruba
Generaal & Admiraal & Chef
over de Land & zeemagt
aldaar H & & Co
Zyn Excellentie
Geeft den ondergeteekende Willem
Bijnens zig thans alhier bevinden met
alle verschuldigde Eerbied zijn Excellentie
te kennen.
Dat de Juffrouw Johanna Lazarom
zeedert Eenige maanden bij den ondergetee„
kend is woonende, en dat gemelde Juffr:
Joh:s Lazarom, zeedert Eenige dagen geleeden
ziek van hen Buijk Diare geworden, en
met dezelve ziekte is blijven laboreeren,
tot
tot heeden morgen omtrent te 3 uuren is
gemelde Juffr. Lazarom bij den ondergetee„
„kende abintesto komen te overlijden, zo is
’t dat den ondergeekend met alle Eerbied
zyn Excellentie verzoekende om den onderge„
„teekende om den ondergeteekende te per„
„mitteeren, de lijk van gemelde Juffr.
Johanna Lazarom te mogen aanvaren
en dezelve buijten alle prenditie ter aarde
te doen bestellen.
Curacao den 2 December t welke doende M:r
1818. J:G: W: Bijnens
De vice Admiraal, Gouverneur
Generaal gezien hebbende het vorenstaande
rekwest van Willem Bijnens, accordeert
het daarbij gedaan verzoek, mits niemand
zich daartegen stelle en de Rekwestrant,
voor de begravenis van het lijk, hiervan
kennis geve, aan de wees onbeheerde en
desolate Boedel kamer dezes Eilands
Curacao den 2:e Dec:r 1818.
G AKikkert.
No 51
Aan Zyn Excellentie Albert
Kikkert Commandeur van
de Militaire Willems orde,
vice Admiraal in dienst van Dit Rekwest wordt gesteld
en handen van den Adjunct zijne Majesteit de Koning
Fiscaal om daarop te dienen
der Nederlanden Gouverneur van Consideratien en advies.
Generaal over Curacao en Curacao den 16 Dec.r 1818.
W.G.A Kikkert onderhoorige Eilanden, Arubas
en Bonaire, Generaal en
Admiraal en Chef over de
land en zeemacht aldaar
H: M: &
Geeft met alle verschuldigde Eerbied te
kennen de ondergeteekende Nicolaas Evertsz
Junior Burger en Inwoner alhier
Dat de Suppliant bekend en vertraag
te zijn geweest, van op op de bepaalde
tijden, de behoorlijken koopbrieven &
ter Secretarie te passeren, waardoor ook
gevolglijk eene gelijke vertraag aan zijn
kant heeft plaats gehad in het betalen
van S Lands gerechtigheden,
Dan de Suppliant kan u Excellentie
op zijn het verzekeren, en voor God ver„
„klaren
„klaren dat het zijn schuld niet is geweest
aangezien hij niets onaangeroerd heeft gela„
„ten tot het bekomen van Contante, en
Jazelfs laastelijk met zeer grote moeite
en zware opoffering in het verkopen van
hen Hypotheek, aan de middelen is gekomen
om te kunnen voldoen;
Dat de Suppliant zig vervolgens
ter Secretarie hebbende begeven tot voldoe„
„ning dier gerechtigheden aldaar ontwaar
is geworden, dat men dezelve niet konde
ontvangen, alzo de zaak reeds in handen
van de Fiscaal gegeven was, tot invordering
van de daar op voor verzuim opgelegde
Poenaliteit;
De Suppliant dierhalve zig in de
uiterste verlegentheid bevindende, en ver
„trouwende op de menschlievendheid van
Excellentie, keert zig zeer Eerbiediglijk
tot u Excellentie, ootmoedig smekende,
tot voorkoming van zijne volkomen onder
„gang den Edele Heer Secretaris gelieve
te doen aanzeggen, van het montant der
gerechtigheden te ontvangen, en betref
„fende de daarop bepaalde. Poenaliteit
de
De Fiscaal of deszelfs Edele Gestrenge
de zaak met zijn Edele Gestrenge Heer
adjunct, Compossibel te willen verklaren;
het welk doende
Curacao den 16:' December &
1818
nog Nicol: Everts
Ontvangen zijnde de Consideratien en het
advies van den Adjunct fiscaal op het ges
„teren ingekomen en in deszelfs handen
gestelde rekwest van Nicolaas Evertsz:
En nader gezien het evengemelde Rekwest
Is Conform des Adjunct fiscaals advies,
goedgevonden en verstaan de bij het opge„
„melde Rekwest vermelde zaak in kwestie
bij deze Composibel met den Adjunct Fis=
caal te verklaren, op dien voet, zoo als bij
den Adjunct Fiscaal is voorgesteld welke
is voor een derde der vastgestelde poena
„liteit, wanneer dan de door den Rekwes„
trant verschuldigde belasting ter secretarij
van den Raad van Policie zal mogen
betaald, worden, op de Kennisgeving van
de afmaking der zaak door den Adjunct
Fiscaal aan den Secretaris te doen
Zullende een afschrift dezer dispositie
aan
aan den Adjunct fiscaal, alsmede aan
den Rekwestrant, ten fine van informatie
en autorisatie respectivelijk, worden afgegeven
W: G: Akkert Curacao den 17e
December 1818.
Aan Zijne Excellentie Albert No 52.
Kikkert Commandeur van de
Militaire Willems orde, officier
van het Legioen van Eer van
zijne Allerchristelijkste Majes„
„teit vice Admiraal in dienst
van zijne Majesteit den Koning
der Nederlanden, Gouverneur
Generaal over Curacao en
onderhoorige Eijlanden, Bonaire
& Aruba, en Generaal en
Admiraal en Chef over
Land & zeemagt aldaar
H: H: V:
Geert met verschuldigt respect te kennen
Fredrik Luckert, wonende alhier.
Dat des Rekwestrants vader Johannes
Luckert, dezer warreld is komen te overlijden
en
en hem Rekwestrant als zijn Executeur Testa
mentair heeft benoemd; dat de Suppliant
egter voor als nog onkundig is van den staat
der Boedel van gemelde zijn vader, en zig
dus genoodzaakt vind te keren tot uwe
Excellentie, met ootmoedig verzoek om
het lijk van gemelde zyn vader Johannes
Luckert zonder prejuditie te mogen aan„
„vaarden en ter Aarde te doen bestellen.
Curacao den 19 xber 1818 ’T welk doende &c=a
P: G: Fredrik Luckert
De Vice Admiraal, Gouverneur Generaal
gezien hebbende het vorenstaande Rekwest
van Frederik Luckert, accordeert het daarbij
gedaan verzoek, mits niemand zich daarte„
„gen stelle.
G A Kikkert Curacao den 19:
December 1818 Voor kopie konform
De Gouvernements secretaris
in
Fort Amsterdam den 3 october 1818. Kop Duplicaat
In antwoord op uw Ex„ missive van den 30=t parato het
be de Eer te reschriberen, dat het mij niet mooglijk
is het Commando over de Troepens overte nemen zijn de het mij zodanig in myn linkerbeen geslagen dat
ik my niet kan kleden en zoo het niet beter wordt
zal ik genoodzaakt zijn uw Excellentie vriendelijk te
moeten verzoeken, voor eenigen tijd naar buiten te me„
gen gaan ten einde te zien of dit eenige beterschap
kan te wege brengen, het welk my door de Roeters is
aangeraden, en daar juist de de drie mester afgelopen
is, zoo zal ik vooraf eerst alles behoorlijk en tot
primo October in order doen brengen
ick Ik blijf uw Excellentie ten hoogste verplicht
voor het verleenen van uw Gellenties Consent,
ten einde een Request te mogen inzenden, om in
het voorjaar naar het moederland te repartieren,
voorzien zoo van mijne staat van Dienst, als van
de nodige testatiën van de Chirurgijn Majoor en
Chirurgijns
Mij in uwExcellenties protectie aanbevelende
hebbe ik dezer met verschuldigte hoogachting te zyn
sijne Excellentie den vice De Majoor der Artillerie
Admiraal Gouverneur Generaal was Get:/ W: Schmidt
van Curacao
No: 6
No. 362
Curacao 7 Octob: 1818.
Copij Duplicaat
i Polliciteeren uwe Excellentie om ons te wit
„len Informeeren van welke datum het Tracte„
„ment, rantsongeld, en verdere voordeelen verknocht,
aan den rang van Kapitein Adjudant moeten toe„
gekend en bereekend worden voor den kapt. Adjud
Bauer
De Administrateurs van het
Garnisoen
het krap
inge Majoor
Plats
voor kopie konform
De Gouv:r Secretaris
in
Aan Zijne Excellentie den
Vice Admiraal Gouv:r Generaal
van Curacao en onder„
horige Eilanden
E: E: E:
No. 5
Copie duplicaat
Onderstaande perzoonen welke
onder de belasting gesteld is en de request 1 getekend hebben. ƒ
Dirk Paesch 14 „ „ „ „ „
434 1324244 DWD:s Simon Paesch
244 324212 de Silvester
Frans Rasmin
Johannis Boekhoud
332 Frans Croesse
364 30 F.G. Ridderstad
452 Emanuel Wolf.
Pieter Croesse 252314„
202 302 Pieter Lampen „
52 Pieter Lampen 25269„
Dom: Anth: Rasmin 536
Santiage Thiel. „ „
Helena Tromp „ 300„ „ 346
Anth Tromp No. 7 112 112
de Jean Omber 39„
Jochum Paesch „ „ „ 104„
62430„ 24 „ „ 6064 Andries Swijnsberg
Andries Tromp 4 „ „ „ „ 41
Pieter Jansen Boom, „ „ 24 „ „ „ 29
Loena Cath: Arends. 2 „ 60„ 5254
Gillis Poppe Werleman 4 „ „ „ „ „ 5„
Joh„s Emanuel Paesch 4
Camerking 9 858293788981825
Dat Andries Swijnsberg aan schipp. belasting van s Jaars
en Contributie van 35: behalven Ed: aangel onderhevig is
Joh„s E. Paesch schipp. belasting van P„o 3.
Voor Copie Conform. De Gouvernement contaris
4
N: 4
Onderstaande Perzoonen niet onder de belasting
staande die het Request getekend hebben
Lourens Franken
Jan Karel Franken
D E: E: Roga
Bruin G: Quant
Pieter Swijnsbergh
Jilles Dirkse
Jean Dirkse
Casper Dirkse
Chabaija bastro Aanmerking
Dat van deeze Perzoonen niet Cor„ Dirkse
meer als G: Quant Contributien Jurjan Castro
Jean Taloen bet: benevens „ Franken, Tho
mes broesse en Jan Kok en Jan Hendk Tiellip
Chabaija bastro onder de schip Jacobus Thiel
Casper Vrolijk pers belasting 3 P:r 's jaars arm
Pedro Journaal geld, onderhevig is
Michiel Tromp
Matthias
Lourens Oduber
Jan Henrisis Lampen
Jurjan Geerman
Johannes Geerman
Cornelis Croesse
Thomas
Thomas Broerse
Fransisco Tromp
Jochemus W:m Arends
Thomas Quant
Jan Kok
Klara alfonso Voor Kopje konform
De Gouv:r Secretaris
in
No. 287
Copij Duplicaat Fiscalaat den 24 October 1818
Ik heb de Eer uw Excellentie te informeeren dat
door mij alle pogingen zyn in het werk gesteld om
te ontdekken wien de moord op zondag nacht lb.
aan den Persoon van Johannes Sibon, Marinier
op Mo: Brik de Zwaluw, begaan heeft. Tot nog
toe is deze ontdekking zoo flaauw, dat men met
gene gefundeerdheid den dader kan kennen
Met overeenstemming met de WelEdele Ge„
strenge Heeren M=r J.J. Elsevier en Mr. Daniel
Serrurier, die als Commissarissen bij de inquisi „toire procedures tot het onderzoek fungeeren, ver„
„zoek ik uw Excellentie, mij dierhalven te
autoriseeren by publicatie eene beloning van
vyf hondert Peros van achtten, te betalen uit
’s Gouvernements finantieele kas, aan den genen
te beloven, die met gefundeerde bewijzen, de aan
dien moord schuldige zal aanbrengen, en dat
de naam des aanbrengers, des begeerende, zal
worden geheim gehouden.
In afwachting van uw Excellenties
gerespecteerde antwoord, heb ik de Eer
met diepe veneratie te zyn
Uwe
No: 3.
Zijne Excellentie den Vice
Admiraal en Gouverneur Gene„
raal van Curacao onderhoo„
rige Eijlanden &a. &a.
U Excellenties onderdanige
Dienaar
De Adjunct fiscaal
G: Hen Hajunga
Adj:t Fiscaal
Voor kopie konform
De Gouvernements secretaris
in
No: 2
an
Zijne Excellentie den Vice Admiraal
Kikkert Gouverneur Generaal &
Hoog Edele Gestrenge Heer
Ingevolge uwer Excellenties consent mij ter verdere
herstelling myner gezondheid, en aanwinst van krag„
ten wat na buiten begevende, na alvorens ingevolge
uw Excellenties onder heden ontvangen, de order als
kopie hierbij gaande, uwe Excellenties intentie ver„
meend hebbende zoo indiervoegen te zyn, aan den Heere
Kapitein L: Bolken voor de te doene Convoor„
reis afgegeven te hebben, zijnde de staat der
bemanning van de Brik de Zwaluw, dat met
dat detachement 94 hoofden sterk, en slegts vijf
minder als de rolle van de Ajax tijdens 1805 en
volgende jaren, wanneer daarmede na oostindien
g gedestineerd wierd was.
De Eer nemende te zyn
Curacao den 26 october 1818 Hoog Edele Gestrenge Heer
Voor kopie konform uwe Excellenties Gehoorzame Dienaar
De Gouv„r secretaris /was Geteekend
I: M: Volders
in
No: 1
kopie apart Den Ondergetekende kapitein ter zee gelast hier
mede, ingevolge de bij hem van zyne Excellentie den
Heere Vice Admiraal Gouverneur Generaal ontvangene
order, den Heere Kap: luit ter zee, Bolken, J:M:
Brik de Zwaluw Commanderende, van zijn onder
Commando hebbende Brik gereed te houden, om op
den tweeden November aanstaande, na Porto Cabelle
en Laquaira te kunnen Convoyeren, alzo daartoe
op den 27 dezer met het pajaaren te beginnen, ende Ne„
derlandsche en spaansche vaartuigen, na die havens
gedestineerd, onder Convoij te nemen, en alzo niet dat
Convoy den 2:e genoemd van hier, na die destinatien te
verzeilen daar zijnde, weder te pasjaren, en die Neder„
„landsche en andere vaartuigen, voor deeze haven ge„
destineerd en bevragt, zich voor Convoy aanmeldende,
daarvoor op te nemen, en weder daar mede na hier
terug te komen zullende aan hem Kapitein D
tot het doen van die reis uit ’t M: Fregat Euridice
als genoegzaam, volgens zijne voorlopige aanvrage, en
als op bygaande staat vermeld, een detachement van 2 lui„
tenants van de 2 klasse, 38 onderofficieren en matrosen,
en dus in ’t geheel zo hoofden afgegeven worden, terwyl al
verder des noods, en zulks verkiezende, uit dat fregat
genoemd, de zieken die hij tydens zyn vertrek verpligt
zal zijn agter te laten, zullen geremplaceert worden
Aanboord D: M: Fregat Euridie
inde St. Anna Baaij te buracao
den 26 october 1818.
W: J: M: Polders
voor kopie konform
De Gouv:r Secretaris
pring
No: 9
Duplicaat Aan
Zyne Excellentie den vice Admi=
raal Kikkert Gouverneur Generaal
van Curacao en onderhorige Eilan=
den
Hoog Edele Gestrenge Heer
Ik heb de Eer uwe Excellentie kennis te geven, dat
ik na ontvangst van die uwer Excellentie van 28 dezer
mijn weder naar hier heb laten brengen, verlangende
om was het mogelijk uwe Excellentie met de vrij„
„dags vergadering in de stad zelfs te kunnen spreeken,
dan dat zoo niet geweest zijnde moet ik zoo vrij zyn uwe
Excellentie te schrijven, het mijn uit die brief schijnende,
dat mijne handelingen in het detacheren van eenige
manschappen op L.M. Brik de Zwaluw, niet na
uwe Excellentie genoegen geweest zyn, en ook als of ik mij
een rescriptie op uwe Excellenties order zoude gepermiteerd
hebben, van zulke rescribtie niet wetende, hebbende ik al„
leen de order voor den Heere Kapitein D:s Bolken ge=
maakt, en die uwe Excellentie, daags voor mijn vertrek
ter mijnen herstel na buiten, met een brief ter geleide,
of die zoo na uwe Excellentie genoegen konde zyn, uwe
Excellentie Juist na buiten vertrokken zijnde, toegezonden
terwyl ik het detachement nade aanvraag en van ge„
daan alleen met verschil van drie matrosen van de 3
Klasse
klasse voor de vier gevraagde Iongens, daar er maar wei=
nige van hebben, en die als zoontjes bij de officieren zyn,
bepaalt hebben, en dus de rolle van de Ajax, niet tot
rigtsnoer hebbe genomen maar bij wijze van aanhaling,
dat vaartuig in die brief alleen hebbe genoemd
Omtrend de twee officieren niet als gedetacheerd, maar
als werkelijk uit onze rolle afteschrijven, moet ik beken
nen zoo niet te hebben begrepen, gemerkt het weinige
getal van Luitenants er als toen bij ons overbleven, en
hoezeer dat in beide rolle veel verandering geeft, heb ik
daar nu volgens uwe Excellentie order, tot het afschrijven
onder gegeven ende completie van de Zwaluw aangaan
de, heb ik van den Heere Kapt D Bolken een nadere
opgaaf gevraagt, die daar op neder komt, dat hij doch dat
in de completie in getal alleen nog een man zouden
mankeren, die bij afhaling zal doen afgeven, en dat dan
zoo uwe Excellenties meening zijnde geregelt is, doch zoo
het in completie in kwaliteiten mogt gemeent zyn,
zal zulks moeijelyker vallen, daar zij op die Brik
kwaliteiten mankeren, die wij zelfs niet hebben
Zullende het mij aangenaam zijn, te mogen weten
of de order voor den Kapt: L: Bolken aan uwe Exal„
lenties intentie voldaan heeft, zijnde inde aanschrij
ving daartoe geen mentie van uitsluiting der gewapen
de Spaansche vaartuigen, zoo als hy vorige gemaakt,
die zelfde Brik die met ons den 14e augustus lb van
Duarto Babelle gekomen is, nu weder Convooij verzoekende
Ik heb de Eer te zijn
Hoog Edele Gestrenge Heer Curacao den 30:e October
Uwe Excellentie gehoorzame Dienaar 1818.
/Get:/ I. M. Polders
Voor kopie konform
De Gouvernements secretaris
ring
No: 8 Copie duplicaat
Onaar na 1818
Excellentie
de staat myner gezondheid zig niet beterende maar
integendeel verergerende; zo als uwe Excellentie ontwaren zal
uit de declaratoire van de Heer Groesbeek Cabrera
welke ik de vryheid gebruiken zal uw Excellentie in
den loop deezer week toetezenden, zo is het ik my gedron
ge gevoele uw Excellentie te solliciteeren om my tot herstel
myner gezondheid een verlof te accordeeren voor de tyd van
Een a Twee Jaaren, in tegaan met eene der van hier te
vertrekken schepen naar Europa na p:r april aanstaande
onder het behoud van de helfte van myn tegenwoordig
Tractement
dat voor de andere helft door uwe Excellentie iemand
moge gedesigneerd worden mynen post waartenemen, tot
myne terugkomst zullende ik de geene wil uw Edele
Gestr: mogt designeeren voor myn vertrek de nodige
lucidatien geeven.
Wilde uw Excellentie zo minsaam zyn my dit verlof
naar het moederland te accordeeren het geen de hooge
noodzakelykheid mij gebied te versoeken aangezien het
reeds voor de 2e maal is, dat ik van den oever des doods
bekoomen ben, egter zwak blyven zo zoude ik uwe Excellen
tie verzoeken my by myn vertrek een voorschot te accor„
„deeren van twee maanden halve soldij en my te per
mitteeren, om voor ’t vervolg geduurende myn zyn
in Holland op den Heer Ontfanger Generaal te mogen
trekken, zo by aldien men op myn te doene representatien
aan het ministerie van Koloniën niet zoude willen
toestemmen myn halve soldig te betaalen â Costy Het zy my
vergunt U Hoog Edele Gestr Eerbiedig ter kennisse te brengen
dat den Kapt:n Kwartierm:r Plats wie een zeer kundig admi=
nistrateur in wel de berigheden aan myne post verknocht
met deligentie zoude kunnen waarnemen, zonder dat daar
door zynen dienst mynens bedunkens zouden kunnen lyden
mag ik aan uw Excellentie versoeken op zyn Ed: persoon requa
te slaan in dien u hoog Edel Gestr: gunstig op myn by
deeze te doene request zulk disponeeren.
Ik heb deere met de meeste hoogachting respect
te zijn Excellentie.
U Excellenties
En Dienaar
Was het boer
raad ontr. Gen of Aan
Zyne Excellentie den
Gouverneur Generaal
A Kikkert
voor kopje Conform Commandeur der Milit. Willems Orde
De Gouvernements secretaris 4
in
No 11 Duplicaat
Curacao den 10:e November 1818 Copie
Excellentie
Twe Excellentie mesieve in dato 6 November
t in antwoord op de mijne van den 4 daartevoren
is mij geworden met leedwezen ontwaare ik uit den
zelve uwe Excellentie myne dringende sollicitatie
bij gemelde mesieve gedaan, voor als nog niet het
geagreerd maar my renvoyeert na zyne Excellen=
te De Minister voor het Publicke onderwijs, Natio„
nale Nyverheid & de Kolonien ter bekoming van
myn verzoek verleenende aan mij tevens permit om
bijaldien mij geen antwoord en tijds gewordt van
het gemelde Ministerie, als dan myne nadere re„
presentatien aan Uwe Excellentie te mogen doen
Onder toezending der Certificaten waarvan
mentie maakte bij myne missive van 4 dezer zij het
mij vergunt uwe Excellentie myn gedaan verzoek te
repeteeren, want moet ik my naar Europa addresseeren
zal ik gewis tegens 1e April geen antwoord hebben, want
nimmer heb ik in minder dan vijf maanden tyding
heen en weder gehad, in die onzekerheid te verkeeren
tot dat tijdstip zoude mij hoogst inlijk na on=
verdraaglijk zyn, want in het ongewisse zijnde
zoude ik geen de minste schikkingen voor myne
reige kunnen maken, het geene ik ten minste
eene paar maanden te voren zo met mijn hu ren als met mijn Huishouding, het geen
dan finaal opbreekt dienen te doen, kwam er
ook eene gelegendheid voor vroeger als 1 April
waarvan ik als iets sterken mogt worden, zouden
willen profiteeren / onder uwer Excellenties appro„
batie zoude ik bij aldien mijn verzoek aan zyne
Excellentie De minder hadden gedaan, ver„
pligt zijn het bepaalde tydstip aftewagten.
welk verzoek tog immer in de handen uwer
Excellentie zoude gesteld worden, als zynde de
Competeerende Autoriteit aan wie het staat
mij ’t verzochte te accordeeren.
Mag ik dus uw Excellentie eerbiedig solli citeeren dezen motiven in overweging te nemen,
en mij eene favorable Dispositie te willen verleenen
op myn gedaan verzoek, want Heeren Doctoren
zeggen mij rondborstig uit dat al mogt ik iets
beter worden het slegts momentaneel zoude we=
zen, dat mijne compleete herstel zich hier in
de gerende luchtstreek niet kan effectuuren, en dat
byaldien ik ten derden malen door eene dergelijke
ziekte aangelast worden zekerlijk zoude moeten suc„
„bombeeren, op dit moment ben ik nog zo zwak
dat ik met moeite van het Eene Bed na het
anderen komen.
Ik hoope op uwe Excellenties toegenegend=
heid daar de welvaart van my en de mijnen
aan de al of niet toestemming, myner volle
citatie waarschijnlijk voor immer zal afhangen
en hebben de Eer met verschuldigde hoog-achting
te zijn
Uwer Excellenties
Onder D. Dienaar
Get:) Nuboer
raad en Conte, gen:t en
voor kopie konform ƒ
De Gouv:r Secretaris
in
No: 10
Translaat
Ik ondergetekend Tractiserende Doctor in de
Geneeskunde, op dit Eiland Curacao „
Certificere, dat den Heer H: J: Nuboer Rid=
der van de koninglijke Willems orde in Minister der Ti=
nantien op dit Eiland onderhorige Districten, in de
maand September, aan een renuwe koorts heeft
gelaboureerd, waardoor zijn Ed:s tot zulk een zwakke
staat vervallen is, dat Hoogst denzelve als nog zyne
kragten niet heeft kunnen herstellen
Dat zyn Ed: thans de Sijmptomas ende ver=
onderde leverziekte heeft, die de oorzaak is geweest,
der Geelzicht waardoor zijn Ed: Jongstleden maand
overvallen wierdt, en de staat van Cateria, die
als nog voortduurt, waardoor zijn Ed: constitutie
zo zeer bedorven is, dat bijaldien zijn Ed: op nieuw
de koorts kreeg hij er ontwijffelbaar, onder zoude
berwijken.
Dat de beste geneesmiddelen vruchteloos zouden
zijn, bij aldien zyn Ed:s geen koelder klimaat kiest,
voornamentlijk, die zijner Geboorteland, welkers lugt„
streek met zijnd constitutie, best overeenkomst en
de enige middel is, om zijn Ed: zenuwgestelde mo dige
en
„dige verkragt bij te zetten, gelijk de ondervinding
in diergelijke gevallen, heeft aangetoond.
Dienvolgens, heb ik zijn Ed:s plicht halve aan
geraden in t aanstaande voorjaar de reis naar
Europa aantenemen, want bijaldien zijn Ed: tusschen
de Tropicos blijft vertoeven, Hoogstdeszelfs hersteltien
bijna geheel onmogelijk zal zijn.
Curacao den 8e November 1818
Sph: L: Parera
Medico
Door Mij
pol Delvalle
Gouvernements Translateur, & Interpert
Voor kopie konform
De Gouv:r ses
Tring
Daar aan den ondergetekende bij onder„
scheidene medicinische Consultatien gebleken is, dat Den
WelEdele gestrenge Heer H.F: Nuboer Raad Contra rolleur Generaal der finantien Ridder der Mili„
taire Willems orde E: H=r gedurende de maanden sep tember 2 October gelaboreerd heeft aan eene Febris
Lenta Nervosa met obstructien in het sijstema der
gal afscheiding / sijstema Portarum, waarvan ondanks
alle aangewende hulpmiddelen eene algemeene verzwak
„king Dibilitas en kwaadsaffigheid, Cachinea met
verschijnselen eenen hardnekkige verstoffing zijn over„
gebleven, alle onvermidelijke gevolgen van het oport
„houd op dit eiland
Zo is het dat den ondergetekende bij dezen
of des lijders aanzoek zig verpligt gevoeld heeft
te Certificeren.
Dat eene verandering van climaat met het
aanstaande voorjaar zijnde den Ed Heer Huboer
zyn gestel nu te zwak om in den winter de reis te
ondernemen tot deszelfs herstel onontbeerlijk is en
het onafgebroken of onthoud op dit Eiland bij de steede
ondanks alle aangewende middelen toenemende
verzwakking voor des bijders leven ongetwijffeld
dringend
Copie Duplicaat
dringend gevaarlijk is.
Curacao den 8 November 1818.
/Get:/ J. Groesbeek
chir Majoor
voor kopie konform
De Gouv„r Secretaris
ing
Copie Duplicaat
Fiscalaat den 18 November 1818.— No. 297
Ik heb de Eer uw Excellentie hierbij te doen ge=
worden kopij van de Lijst der vreemdelingen, wel ke zich ingevolge mijne oproeping van den 9:en dezer
ter Trokalaat hebben vermeldt.
Het koomt mij voor dat er andere vreemde lingen alhier te lande zijn, die niet aan deze
oproeping hebben gehoorzaamd, en zoodanige
nalatigheid niet ongestraft kunnende blijven,
verzoek ik uw Excellentie mij te willen com=
municeeren, hoedanig ik mij jegens de zoodanig
gen te gedragen zal hebben.
Ik heb de eer met diepe veneratie te zijn
uw Excellentie ond:r Dienaar
De Admine Fiscaal
Get:/ H: Haminga
Zyne Excellentie den Vice Ad: Fiscaal
Admiraal, Gouverneur Generaal voor kopie konform
van Curacao en onderhoorige de Gouv„r Secretaris
Eylanden &c
in
Copie Duplicaat opport aan zijne tellentie
den Vice Admiraal Kikkert
Gouverneur Generaal van Curacao
en onderhorige Eilanden van den
ondergetekende kapitein
terse Commanderende Mr Fregt
Ende
Hoog Edele Gestrenge Heer. Hebbe de Eer uw
Excellentie te rapporteren dat in den ochtend van
den 7 dezer ingevolge uwe Excellenties twee orders van
daags te voren, ten einde het convoy van Z. M.
Brik de Zwaluw waar volgens berigten door vree de gewapende vaartuigen, vaartuigen van genomen
Waren, en de Brik de Zwaluw zelf op te gaan zoo„
„ken, en die vaartuigen die hostile daden gepleegt
hebbende waar hun zouden vinden te nemen, en op
te brengen met M. Fregat Euridice, den kapitein
van haders met een detachement van 39 zoo onder
Officieren als gemenen van het garnisoen en van
de Europische Nederlandsche koopvaardijschepe
23 in plaats van 28 hoofden doch geene der tien
Opgegeven vrywilligers aan boord gekregen te hebben
zyn verzelt, dat dien dag twee afkomende schoenen
de eerste een boloniale, en de laatste een koopvaard
vaartuig van Porto Rico komende beide naar
Curacao moetende, hebben opgenomen terwyl no
een vaartuigje van kleine zoort langs de wal
mede daar na toe houdende hebben zien zielen, tegen
den avond een schoenen by de Oostpunt van Curacao
ontdekkende, doch welke door het donker werden
uit zigt geraakte; en dat den 8=e met het aanbreken
van den dag tusschen ons en de Spaansche kust, een
schoenen zagen, daar op aanwenden, en bevonden een
Nederlansch vaartuin de twee zusters Schipper Halle
van Curacao komende en naar Chiribich te moeten
te zyn waar op weder om de oost en Noord wende
zoo dat op den middag klein Curacao N.N.W. 56
mijlen, en met het vallen van den avond de Oostkan
in ’t west op à 1 mil afstand in zegt
hadden van t op niet gezien wordende, werkte na
de Zuidpunt van Bonder gedurende de nacht
op daar den 9:e op den middag op een 3 mijl afstan
in t NNW. en van, by waren, ende voormiddag
met de Marsch een zeil in het zo a zoo gezien
wordende dan snamiddags 3 uur stiltens in valle
de konden het met vallen van den avond niet
dan op circa 3 mijl afstands hy werken, in den
nanacht van den 9 op den 10 een verloop en west
„lyke koelte krygende hulden daar mede om de
Oost, met den dag het vorige zeil, dat nu als een
Schoenen herkende in het 10 à Noto ontdekken
„de daar jagende op aan stuurde doch in de loop
van den dag van den 10:n en slechts circa 14 a 1½
my door het weder afnemen van de wind op
gewonnen hebbende en ’s avonds een stilte
krygende, die genoegsaam tot inde voordemiddag van de
12 buiten eenige variable lugtjes by bleef, en toen
met regen en verloop buijen de wind varierend Oostlijk
krygende gelukte het ons dat vaartuig dat nader
komende, voor de ons ontvreemde Harmonie erken
de op te jagen en er het eiland Koca in het
noord op de aptand van 3 a 4 mijl, ’s namiddag
ten 3 uur weder bezit van te nemen en een prys
„meester en vyf matrosen waarvan er volgens hun
ne opgaaf drie Noord Americanen twee Engelsche
en een zweed waren er aan boordvindende doende
ik vyf man uit onze Equipagie daarop overgaan
Uwe Excellentie de order die dien prysmeester ge„
noemd had, om de Nederlansche schoenen de
Harmonie, die zy den 5:e dezer bij klein huracao
en tot het convoy van Z. M. Brik de Zwaluw
behorende genomen hadden, na Jan reege=
land Margarithe opte brengen, als mede twee
brieven een geadresseert Vercellis Brien
Commandant en het &„a en een van Fredrik
van Wack Egte Jan Greege op Margarite
hier te doen bygaan t van dat overgenomen
volk horende, zy vier tot de Schoenen Buenos Ainos
gezagvoerder Jan Pieter en twee tot een Brik Trooste
„ble gezagvoerder 14 Daniels, de eerste met tien van
nades en honderd man en de Brik met viertien kare
rades en hondert acht a tien man meest Engelschen
en Nood Americanen gewapend, behoord hadden, dat het
vaartuigen van Baltimore waren, die laatst van het Eijland
Sr. Margarithe kwamen, om by de Havana te gaan
Kruisen ende Harmonie benevens wat lading uit de Kleine
Spaansche scheeper smaad naar Buracao terug gezonden
en inde Harmonie overgenomen hun eenigste prijs nog
maar was, den 13 tegen den middag in ’t Z.Z.O. van
op zigt van een ragreel gekregen hebbende de wind
toen van het W. varieerende zynde behielden de boeg
omdezeid, om dat vaartuig dat tegen ons in lag te besnij „den en maakte meerder zeil ten ½ 4 uur het voor een
Brik herkennende die altoos trachte te naderen, en die
daarna een Nederlansche vlag onder een schot heer,
dat beantwoordde, begonnen het voor M: Brik
de Zwaluw te her kennen dat daarna zo ook bevon„
den evenwel door het intusschen weder afnemen varie,
„ren van de wind niet voor ’s avonds ten 129 per
met dat vaartuig vereenigende als toen van den Heere
Capt:n H: Bolken geen formeert wordende dat van het
Spaansche gedeelte van het convoij drie vaartuigen op
hunne destinatie gebragt had, my het praatrapport van
den het Moll den 3 dezer een gewapende vreemde
Brik hebbende wezen opnemen, overgevende, Uwe
Excellentie dat hier doende bygaan en dat nu van
lagara was komende waar bij vertrek geen eenig
Nederlandsch vaartuig en geen Convoij gereed was,
wij die plaatst 10 a 12 mijl als toen van ons
hebbende, kwam het my voor de gelegenheid daartoe
dienende goed zyn, daar of bij te passeren op die ge=
mentioneerde vaartuigen daarop die voorgewende
blocquade post mogelijk konden vinden, daar
my na reegelde, doch in de nabijheid er van komende
ontmoette met het dagen van den 16:e inplaats van hun
daar eeven broote van, een spaansche presie bestaande
uit de borvet la Deconverta en twee minder vaartui=
terwyl verder divers van hagen niet te zien wat
melden inde Coers na porto Cabello, en draaide met
het vallen van den avond by om ’s anderendaags
meerder uitgestrektheid zee te kunnen observeren, en
suite, in den morgen van den 17:e in het weder op
houden weder inplaats van op die voorgenoemde vaar„
„tuigen, andermaal op een spaansche Konine bestaan
de inde borvet la Rynscha, en drie minder vaartuigen
en na weder gepraaijt en verzekert te hebben, hielden na
Porto Cabelle af de te zien of daar zomtijds vaartuige
die houder verlangde gereed mogten wezen, en of en
schikking omtrend de beide ladingen zoo van de Harm
„ne zelfs als van de Spaansche Schoenen Tijdat in
dat eerstgenoemde Vaartuig mede zynde te maken mo„
te zyn, daar tegen den avond zonder verder iets gezoen
te hebben arriveerden, den 15:e overleden dan alzo wat
met deze gezegde ladingen te doen, dan zo veele reclamanten
opkomend en de schipper van de Spaansche heest Fre=
nidat den 11:e van Curacao na hier weder vertrokken, bij
klein beraad een schoenen in ’t regt gekregen hebbende
die hem suspect was voorkomende en die ’s anderen daar
nog door hem gezien wierd, hy nachts daarop in Bra Casbaaij, als stellende nu het een kaper te wezen,
was binnengelopen en niet voor den 14 kanneer hy dat
Vaartuig den 13e met een weste wind om de oost had
zien houden van daar had durven oversteken dat
rapport alzo hebbende hielden gereed om dadelyk onderzeil te
gaan en resolveerde de Harmonie zo hy was mede te nemen
of hem naar Curacao konde krijgen en om wij bij klein
Curacao &„a van hier te gaan hossen; den Commandant
van Porto Cavello Gonzola de Kramende my de passage
naar Curacao voor den Holland, Joaquim de Miranda
kinder van de Koninglyke Malsteure orde van S:r Ferdi
nand schriftlijk verzoekende, vermeende ik dat te
moeten accorderen, dien bollonel alzo embarquerende
delibreerde in afwachting van wind om te zeijlen haare
Mogesteit de koningen ’t verjaardag met vlaggen, en op
den middag 2 M Fregat en Brik een salut van
33 schoten te doen, van de Spaansche katterijen voor haar
Majesteit 13 schoten daarna gedaan werdende, dien dat
de Spaansche Schoenen zo barma tot het convoy van
M Brak de Zwaluw behoord hebbende zich weder
voor Convoij naar Curacao aan meldende, daar ingevolgen
uwelellenties orders in toestemmen, dan geheel stil of zeer
flaauwe contrarie winden met veel diening uit zee hebben
ende, konden niet vertrekken, zo den 19 am dezelfde reden
verpligt waren te blijven leggen, dan den 24 de deining
wat vermindert zijnde gelukte het ons in den nademid dat met werpen en daarna met een N. oostelyk lugtje
de baaij met het vallen van den avond uijt te raken,
nacht op Bonaire aansturende, dan by het dagen
van den 21:en de Zwaluw mijl agter uit en de warme
nie niet te zien zijnde moesten daarna weder tegen wen
den en waren alzo toen den dag verlopen was niet verder
dan op van de oversteek birca 4 à 4 en myl van
Benard den dag van den 22:en toen moetende afwachten
om die hoogtens te kunnen opnemen en met het
dagen weder inde vorige voers houdende waren op den middag
bij Bonaire, wanneer de Zwaluw benoorde ons deed zee
len en alzo in staat waren een 11 à meerder wijlen zee
te overzien, bij klein beraad weder vereenigende, en
na den gantschen dag niet het minste zeil in ’t ligt
gehad te hebben, het gerapporteerde van die schipper
ook reeds negen dagen verlopen zynde, hielden naar
Curacao ap, alwaar ingevolge uwe Excellentie order
met de Zwaluw en konnen even na zons ondergang
binnen kielen ze vry zynde uwe Excellenties orders,
en ook omtrend de zes gevangenen en de hulp deta=
chementen van het garnison en koopvaardijschepen
aan boord hebbende te verzoeken te Excellentie hier
nog een zak zoo het schynt met brieven en papie„
ren en een lit van goederen buiten haar ordinaire
plunjes, dat mogelijk tot de lading van de warme
nie de behoord heeft, by die gevangenen gevenden
hier doende bijgaan de Harmonie onder de orders van
den adelborst van de 1 klasse van bitter zedert de
komst te porte bakelle gesteld hebbende neem ik ook
de vryheid uwe Excellenties orders omtrent dat vaar„
ting en de twee ladingen daaren zynde te verzoeken
hebbende t fregat die slechts benodigd
de zeelen wat te repareren alleen op de reis den Opper
zeilmaker overleden zynde, een geauthentiseerd kopie
van het rapport van den Heere Kapt: L: Bolken
Commanderende M: Brik de Zwal tot aan
de Vereeniging aan my ingegeven, d’ Eer hebbende het zelve
N:o 14
hier alzo mede te doen bygaan.
Aanboord M: Fregat Euridice
in de St Anna ban te Curacao den 22 November
1818
W.G. M. Polders
voor kopje Conform
De Gouvernements secretaris
in
No: 12 Copie Duplicaat.
Rapport van den Kapitein
Boken Commanderende J: M:
Brik van oorlog de Zwaluw om
trend den gedanen kruistogt naar
de Spaansche Kust van Venezee,
la in de maand November 1818.
Daar J: M: Brik op den 2 Novemb ingevolge de
gegevene order gereed was, om convoij naar de Spaan=
sche kust van verezulla te verlenen, wierd egter het
vertrek tot den 4„e uitgesteld, terwijl ingevolge verzoek
van de Commercie alle vaartuigen bestemd naar
meergen: kust op dien dag eerst gereed konden zijn
Ik vertrok dus den 4 ’smorgens uit de Haven van
Curacao, mede nemende zes Schoeners en Eene Brik on„
der Convoij, allen bestemd voor Porte Cabello en La„
quaijra, zijnde twee Hollandsche en vijf Spaansche
vaartuigen.
Daags daarna den 5 Novemb: met den dag hadden
slechts 4 vaartuigen van ’t Convoij bij ons, niettegenstaan„
de wij des nachts zeer weinig zeil hadden gevoerd, zo
dat een der slegtste zeilders de schoenen te calme als
naderhand gebleken verre vooruit van ’t Convoij was en
Den Kollonel en kaptein ter zee Polders te
Commandant der Marine etc.
te Curacao
windwaard terug gevonden is
om 9 uur 's morgens van meergen 5 Novbr ontdekte ik
2 vaartuigen in ’t z van ons, waarop ik dadelijk sagt
maakte, terwyl my dezelve suspect voorkwamen
De spaansche Brik de Perignon die mij wat over
4 uur ’s morgens digt agter om gepasseerd was, en
zeker geen acht op ’t sijn van wenden gedaan, had
geslagen :/: dit moet ik ten minsten veronderstellen:) was
omde zuid blijven leggen, en met den dag een ge„
richt van ons af, werkende met korte slagen en
kracht van zeil onder de zuid en spaansche kust op
inplaats van naar 't Convoij aftekomen.
De 2 vreemde vaartuigen schenen eerst door hun
ne manoeuvres niet gedecideert te zyn om uit de
loef naar ons aftekomen, en heessen de Engelschen
vlag die zy met een schot verzekerden, doch eindelijk
Circa om ½ 1 uur ’s middags hielden dezelve op ’t con=
voi af, heessen beide de witte vlag van de voortop
voorts de Brik /:die de Commandant scheen te zijn:)
en de schoenen ieder een bijzondere vlag met een
winpel daartoe relatief, dezelve met een scherp schip
verzekerende.
Ik liet toen andermaal de Nederlandsche vlag en
wimpel
wimpel hijssen, dezelve met een schot verzekeren en
maakte E.M. Brik tot het gevegt gereed
De 2 vreemde vaartuigen /:zijnde een gewapende
Brik, en een dito zeer grote schoenen :/ onder het bereik
van myn batterij zynde, braste ik tegen en zond den
Luiten Moll naar boord van de Brik om te in„
formeren
Wat schepen het waren
hunlieden Commissie te onderzoeken en
Wat hij kwamen doen hun aftevragen
De Schoenen die ons onderwijl passeerde was met eene
menigte volks geequipeerd, allen dubbeld gewapend, met
geweren, pistolen en sabels, hebbende 10 stukken Cam„
te boord ik praaijde denzelven wat schip het was
en kreeg ten antwoord eerst in ’t spaansch, en daarna
in het Fransch
Een schip van de Zuidelijke Americaansche
provintien van Buenos Aijros
Den Luitenant Moll: kwam eenigen tijd daar=
na terug aanboord van de Brik, alwaar dezelve
zeer heusch onthaald was, en het reeds gegeven rap„
port, aan mij maakte, zijnde aan hem Luitenant
herhaalde keeren door den Commandant gezegd ge„
wonden
„worden, dat zij de neutraliteit zonder en moesten
observeren.
Ik verzamelde daarna het Convoij weder en zette
myn Coers om de N.O. daar nog een schoenen was, die
wy gisten tot het convoij te behoren en vond als toen
de Schoenen de Calme weder wendende daarna
om de zuid om my zoo doenlijk ook met de Perig
non vereenigen
Ondertusschen hielden de gewapende vaartuigen
af, eerst om de N.N.W. en daarna om de west, waar
wij als toen ook nog op een heel verren afstand 2 klei=
ne vaartuigen zagen,
Na ’t vertrek van meergen: gewapende Independente
vaartuigen, wierd ik door een zeker carga van de
Nederlandsche Schoenen de Juliana geinformeerd, een
derzelve bij het passeren van ’t convoij gevraagd of
gepraaid had waar hunne destinatie naar toe was, en
op ’t gegeven antwoord naar Laquaira, is hun door de
Independenten toegeroepen Dat gebeurt niet welk ant woord, bijzonder aan den Carga voorn: zulk een schrik
heeft aangejaagd dat dezelve opzettelijk in de daarop
volgende nacht tegen myne stellige orders aan het
Convooij heeft verlaten, en naar Curacao is geretour„
neerd
neerd, en welke desertie van ’t convoy ik verzoeke, dat
met de gewone boete daartoe staande bestraft worden
op den 7 November voor Porto Cabello zijnde, liet
ik de schoenen tesame van ’t convooij vertrekken
en aldaar binnenlopen, en arriveerde den 5„e met de
Schoeners la nouvelle Rosa en Lakandelaria ter
Rhede La quarra, zonder de minste verdere ontmoe„
ring van eenige schepen of vaartuigen.
Hier ter Rhede te vergeefs 2 dagen lang de convooi
vlag hebbende laten waaijen, heeft zich niemand om
Convooij geadresseerd, waarom ik den 11 Novemb: weder
van daar gezeild ben, ten einde te kruissen en daar„
na Porte babello aan tedoen.
Na omtrend 3 dagen meest al met stiltens onder„
de kust gezukkeld te hebben, ontdekte ik ’s middags
van den 13 November 10 mijlen van Laquaijra afrijn
de Z. M. Fregat Euridice en na de wederzijdsche
kerkenning, stelde ik mij onder UW E: gestr: order
Geduurende deze kruistogt van 19 dagen heeft 2
M. Brik slegts een a twee zieken gehad, en dezelve
waren van geene inportantie, dog heeft men bij ’t
Jagen op schepen en Land, als mede door ’t slepen van
de Schoenen de Harmonie „
Een
Een kluijfhout
Een saaghout en
Een onder lijne spier
Gebroken, die ik solliciteer vernieuwd te mogen
hebben
Aanboord Z. M. Brik van oor=
log de Zwaluw in de S:t Annabaaij
Voor kopie Conform te Curacao den 23 November 1818
Get:/ I: M: Polders De Kapitein Luitenant Comma
derende E.M. Buk de Zwaluw
G.J. J Bolken
voor kopie konform
De Gouvernements secretaris
in
No: 12 kopie Duplicaat
Rapport van den Luitenant der
„ klasse J.W. Moll
Aan
Den WelEdele Gestrenge Heer Kapi„
tein Luitenant Bolken Commande„
rende Z. M. Brik van oorlog de
Swaluw
Gisterenmiddag circa 1 uur begaf ik mij ingevolge
uEd Gestr: orders, met de jol aanboord van eene Brik wel„
ke in gezelschap eener schoenen zeilde, en beide vreemde,
en aan ons onbekende vlaggen voerden, order, hebbende
te vragen wat schepen ’t waren, en wat zij kwam
doen.
Aanboord van gemelde Brik gekomen zijnde be„
vond ik het te zijn een zwaar gewapende Brik,
voerende veertien stukken naar myn gissing Caronades
a 12 lb, en eene menigte matrosen alle zwaar gewapend
en in de grootste order, staande aan de batterij geregeld,
zijnde en alles in gereedheid tot het gevegt
Bij den Kapitein gekomen zijnde, zeide mij wind, inge„
volge myner vraag:) tot de zuidelijke provintien van
America te, behoren, als ook de gemelde schoenen onder
zyne orders staande, en dat zijn Vaartuig de Tristeubles
heette
zijnd
Zijn Ed: vroeg my hier op, waar wij naartoe wilden, en
of die vaartuigen aan ons behoorden, hetwelk ik met
ja beantwoorde, zeggende dat wy naarde kust moes„
ten, waarop zyn Ed: my antwoorde, dat zulks niet
konde dewijl hij Expres van den Heer Brion aldaar
gezonden was, om de gehele kust te blokkeren en
alle vaartuigen, welke in een der spaansche Havens,
wilde naar Margarita optebrengen.
Ik begaff mij hierop met zijn Ed: in de kajuit, alwaar
hij mij op myn verzoek zijne Commissie toonde, zijnde
in het spaansch geschreven, zijnde voor my onleesbaar,
en door den Heer Brion getekend, doch welke volgens zijn
zeggen inhield dat hij Commandant, als mede gemelde
schoenen onder zyne order gesteld, gelast wierd om de
gehele kust van Venequela te blokkeren, en zich hie
ver met beide vaartuigen moest laten in de grond
boven als toetelaten eenige Correspondentie met gemelde
kust, het welk hij ook van voornemens was volgen
zeggen stiptelyk natekomen, zeggende mij er tevens bij
dat zijne Brik gewapend was met 150 koppen, zoo
als ook meergemelde schoenen, zijnde meest American
of Engelschen, en bijvoegende dat er vijf dergelijke van
tuigen in deze wateren kruisten, zyn Ed: het my ook zijn
Commissie als kapitein zien, doch ook inde spaansche
Taal zynde, was dezelve voor my mogelyke onleesbaar
1
mij tevens aanbiedende om mij eene Copie ter hand te
willen stellen, van zijne blokkade Commissie, doch
dewijl ik hiertoe geene orders had, en dezelve ook
inde Spaansche Taal geschreven was, zoo als hier
voren reeds aangemerkt is, heb ik mij weder naar
boord begeven.
Ik moet uEd Gestr: en bijvoegen, dat ik met de
honneurs op de oorlog schepen in gebruik ontvangen ben
en ook van den Kapitein beleefdlijk behandeld.—
Aan boord zo M: Brik van oorlog
Voor kopie Conform de Zwaluw zeilende op de kust van
Get:/ J: M: Polders Venezulla den 6 Novb. 1818.—
G.J.W. Moll.
Voor Copie Conform
G. Bolken.
voor kopie konform
De Gouvernements secretaris
in
Copie Duplicaat
Lyst der manschappen bevonden aan boord van de Neder„
„landsche schoenen de Harmonie, Vier tot de schoenen
Buenos Aijros Jan Pieter, en twee tot de brik Persis „tible John D: Daniels behoord hebbende
Junior liteit aan
boord de schoenen Voor en toenaam onderden Geboorte plaats Aanmerkingen
en brak
36 Jaren Baltimore in America gemeente Richard Piccard
Plymouth in Engeland regt passagier 3212 Matroos George Austrong
Slavick in America geweest te zyn in Timothij Wichham 18 id
Stokholm en tweden 18 id id Lewis Carrit
12 id Baltimore in America James shipper
in John Hemsen 22 id Londonderri in Ingeland
Aan Boord M: Fregat
Euridice, zeilende in de Carabische
Zee, den 12 November 1818.
/:was geteekend:/ P. M. Polders
Heel Voor Copie Conform
De Gouvernements Secretaris
in
No: 16. naer
Duplicaat
Iventaris der Extra goederen, bevonden bij de man=
„schappen, door John Pieter Schipper van de Schoenen
Buenos Aijros, geplaats op de Nederlandsche schoenen
de Harmonie, welke goederen hier aan boord, en on=
der berusting van den ondergetekende zyn, als
3 Complete stukjes rood geruit katoen
1 stukje „ id id inhoudende 13½ el
40 id 1 id id id id
8¾ lb: groff wit linnen
23½ „ Blaauw nanking
10 „ grof smal bondt
2 Nieuwe zwarte ronde hoeden
Aan Boord L: M: Regat
Juridice zeilende in de Carai„
bische Zee den 12:en November 1818.
De Ad: Schrijver
E: Klingenspoor
ƒ
voor kopie konform
De Gouvernements secretaris
in
No. 20
kopie. Translaat
Zyne Excellentie Admiraal Brion
Commandant in Chef van Venerael
Ik het de eer aan UE te informeren, dat ik
op den dag na ik Margarita had verlaten
voor Barcelona kwam, en onder kleine zeilen
langs de kust afrakte, dog onder te niets tot
in de ochtend van den 5en lb, wanneer in ’t
gezigt van Curacao zijnde, zag ik de Neder„
„landsche Oorlogs Brigantijn voerende
Achtien stukken, en drie Golletten onder Hol„
„landsche vlag, naar La Guaira gedestineerd
onder haar konvooij hebbende; Na haar ge„
waarschuurd te hebben, in geen spaansche
slaven binnen te lopen, geven wij jagt op twee
Golleten, die toen in ’t gericht waren, dewelken
wy namen, en bevonden te zyn, de Eene een
hollander, en de andere een Spanjaard behorende
tot het gemeld konvooi
En was toen een Brik in ’t gezigt, die men
ons zeide een Spaansche Oorlogs drik genaamt
Perignon Kapitein Jan Im„ Peres te zyn,
die onlangs te curacao vertimmerd en naar
La Gravia bestemd was toen wy op de Brik
jagt maakte, zeilde zy naar de kust van
Cord Wij geven jagt tot wij op een kanon
schot van haar genaderd waren, wanneer den
viand naar de wal vlugtede Ik ging over=
staag, en bleef af en aanleggen tot in den
ochtend en toen het dag wierd, zag ik haar
op strand leggen ik bemande twee booten
en zoud heen om bezit van haar te nemen,
doch toen zy de booten zagen aankomen, steeken
zy de Brik in brandt riep mijn booten te
nig, en bleef toeleggen, tot zy in de lucht was
gesprongen.
ik begaf mij toen wederom by kapt:n Peiter
die by de prijzen was gebleven, en wy besloten een
derzelven te bemannen en haar op te zenden
vernomen hebbende de Golleten onder konvooi
van de Nederlandsche Brigantyn Spanjaarde
zyn, gaan wij jagt op haar geven, en by aldien
zy dezelven niet oplevert, zullen wy haar ein„
„ken of opbrengen.
lopende dat wij in staat mogen zyn, zo„
danige berigten wegens de vyanden van de
vryheid dezer kust te kunnen geven, die uw
Ex:s goedkeuring, zullen wegdragen.
Ik ben met de hoogste achting en Eerbied
Uw Excellentie zeer ootmoedige
Dienaar
J: W: G: Hamels
ter Ordonnantie van den Commandant
voor lord den 6:' Nov:r 1818: W: G: Samuel Elders
Aan boord van de Brigantyn Sect
van oorlog La Presistelle behorende door mij
tot de Republiek van ’t Oosten.
W: G: Delvalle. Het opschrift lust
Zyne Excellentie Louis Drien
Commandant in Chef van de
ande zeemacht van Venezuela
voor kopie konform
De Gouvernements secretaris.
in
22
B
Translaat
Twee en Zeventig Realen
Eerste zegel voor het zevende & achste Jaar der vrij„
„heid Een Duizend acht Honderd Sestien & Een Duizend
acht Hondert & zeventien
De Hoofd Directeur der Verenigde Provintie
van Zuid America.
Goedgevonden hebbende, aan de Gollet genaamd
Buenos Aires Patent te verlenen, om tegens de spaan,
sche vlag te kaap te varen, en wegens de bekwaamheid in
zee zaken, vroomheid, & andere omstandigheden, van haar
kapt:n en Juan Deeter ten einde dat belangrijk oog„
merk te bereiken, onderrigt zijnde zo heb ik besloten, hem tot
kapers Commandant van gemelde Gollet te benoemen, met
alle de eerbewijzen, wetten & Privilegien, aan die zijner klasse in
de Nationale Armee verleend zo lang hij zich aan boord van
’t vaartuig onder zijn bevel zal bevinden, ofte in de uitvoering
zyne kommissie zal zijn Hem anthoriserende, gelyk ik hem au„
thoriseer bij de deze, om de luitenants & subalternen aan boord
van ’t gemeld vaartuig ten dienste van de zaak dezer Provin„
tie aantestellen.
En aangezien de noodzakelykheid, dat de Trijpen die door ’t ge„
meld vaartuig zullen gemaakt worden, onder de Protectie van dit
Gouvernement door ’t opzenden derzelven bij den gemelde Com„
mandant
„mandant, naar luidt der Provisionele Patenten & Reglementen
der kaapvaart, in een der Havens van den staat mogen
raken zo heb ik hem verder verleend, gelijk hem verleent is
bij deze de nodige authoriteit, om deeze Expiditie, aan zodanig
officier als hij tot opbrengen van gemelde Prijzen, mits zijne
aantekening aan den voet deezes stellende, zal goedvinden te
verkiezen, te mogen overmaken, ten einde dat hij behoorlijk
gekwalificeerd, in vryheid moog varen, de vlag der verligt
Provintien doen Eerbiedigen, en haare vijanden naar goed„
„vinding afbreuk doen, ingevolge de wetten van oorlog, zonder
door de oorlogs of koopvaardij vaartuigen afhanglijk van
dezen staat, verhinderd of opgehouden te worden. En des noods,
de hulp der vriendelyke & Neutraale Mogendheden intero
„pen, Aan dewelken ik verzoek en aanbeveel, hem zonder
de geringste afpersing behulpzaam te zijn, belovende wanneer
t van mij zal gevergd worden, op dezelfde manier te zullen
handelen.
Dienvolgens, gelast is beveel ik aan alle officieren
en Militaire Commandanten van de land t zee macht,
den gemelde kapitein Dr Juan Dector als Comman„
dant ter kaapvaart van gemelde Gollet Buenos Arres met alle de voormelde Authoriteiten te houden, & te erken
„nen, hem de uitgebreidheid der voorrechten welke hem toe„
komen, verlenende & doende verlenen, Tot alle welke einden
heb ik deze doen afgeven, getekend door mijn hand onder het
wapen der verenigde Provintien Contrasigneerd door mijn
Secretaris
P
Secretaris van staat, op het Bureau van oorlog & Marine
Gegeven in ’t Fort van Buenos Aires den 20:e Fe„
bruarij 1818.
we I. M. de Pierre dom P.
Mathias de Wigeren
Ik John Doctor, Commandant van de Kaper
Gollet genaamt Buenos Arpes, zijnde ten volle daartoe
geauthoriseerd tot aanstelling van Den Heer R: Riccard
om het opzicht over de prijgemaakte Gollet de Harmonie
te nemen, en haar naar de Haven van Jan Greegs
op ’t Eiland van Margaretta optebrengen.
W: Juan Dector
Door mij
W: Bevalle
Voor Kopie Conform
De Gouvernements secretaris
Brink
No 19.
Translaat
Den Heer Richt Riccard
Mijn Heer.
Gij zult de Golle Harmonie onder uw opzigt nemen
en met haar naar Jan Greege op ’t Eiland Margarita
stevenen, alwaar gij u onder de orders van Den Heer van
Wich zult begeven.
By zijnde afweezen, zult gij aldaar tot gij hem te zien
krijgt, ofte Instructie van ons ontvangt vertoeven. Dog
onder geen voorwaarde, zult gy noch over ’t vaartuig, noch
over de Lading, zonder Instructies disponeren.
Voor bove den 6=en November Eerbiediglijk de Uwe
1818. — (G: Juan Peiter
Door mij
het opschrift Lud gevalle
Aan Den Heer Richard
Riccard van Oord voor kopie konform
De Gouvernements secretaris
in
Translaat
Den Heer van Wick
Voor bord den 5=en November 1818.
Myn Heer
Op den 5:en dezer namen wij de Spaansche Gollet Laant
Trinidat van Curacao naar Porto Cabelle gedestineerd aan
boord hebbende, 50 vaten Meel en 28 Pakken en kassen droge
Goederen, dewelken wij ontscheept, en aan boord der Nederlandsche
Gollet Harmonie, mede naar Laquarra gedestineerd, heb„
ben geladen.
Ingesloten zijn de Nummers & Merken der Pakken
kassen uE zal de goedheid hebben te zorgen, dat het vaar
„tuig en lading, ten behoeve van de Brigantijn Presistible
en de Golte Buenos Aires, gecondemneerd werden.
Ik heb de Eer met de hoogste eerbied te zyn
Den Heer van Wick G: Juan Peiter
Het opschrift zuid door mij
Fredrick van Wick schildknaap Delvalle
Jan Greege
Eiland Margarita Voor kopie konform
De Gouvernements secretaris
Tin
Translaat
Zyne Excellentie Admiraal Brion
Commandant in chef van Venezulla
Ik heb de Eer aan uE te informeren, dat ik op den dag
na ik Margarita had verlaten, voor Barcelona kwa„
en onder kleine zeilen langs de kust afrakte, dog ondekte
niets tot in de ochtend van den 5 lb: wanneer in ’t ge„
„rigt van Curacao, zijnde, zag ik de Nederlandsche Oorlogs
Brigantijn voerende achtien stukken en drie
Golleten onder Hollandsche vlag, naar La quara geden
„tineerd onder haar konvooi hebbende; Na haar gewaar„
schuwd te hebben, in geen spaansche haven binnen te
lopen, gaven wij jagt op twee Golleten, die toen in ’t ge„
richt waren, dewelken wij namen, en bevonden te zyn, de
Eene een Hollander, en de andere een spanjaard, behorende
tot het gemeld konvooi
En was toen een Brik in ’t gezigt, die men ons zeide
een spaansche Oorlogs Brik genaamt Perignon Kapitein
Juan mr Peres te zyn, die onlangs te Curacao vertim=
merd en naar La quara bestemd was toen wij op de Brik
jagt maakte, zeilde zij naar de kust van bord wij gaven jagt
tot wij op een kanon schot van haar genaderd waren, wanneer
den vijand naar de wal vlugtede. Ik ging overstaag en bleef
af en aanleggen tot in den ochtend en toen het dag wier
zag ik haar op strand leggen ik bemande twee booten, en
rond hun om bezit van haar te nemen, doch toen zy de
booten zagen aankomen, staken zij de Brik in brandt riep
myn booten te rug, en bleef toeleggen tot zy in de lucht was
gesprongen.
Ik begaf mij toen wederom bij kapt:n Peiter, die by
papen was gebleven, en wij besloten een derzelver te bemannen
en haar op te zenden vernomen hebbende dat de Golleten
onder konvooij van de Nederlandsche Brigantijn spanjaar
den zijn, gaan wij jagt op haar geven, en bijaldien zy dezel ven niet oplevert, zullen wij haar zinken of opbrengen
Hopende dat wij in staat mogen zijn, zodanige bor„
ten wegens de vijanden van de vrijheid dezer haest te kunnen
geven, die uwE:s goedkeuring, zullen wegdragen.
Ik ben met de hoogste achting & Eerbied
Voor Cord den 6:en November 1818. Uw Excellentie zeer Ootmoedige Dienaar
Aan boord van de Brigantijn wy danels
van Oorlog La presistible behorende ter Ordonnantie van den Commander
wy Samuel Elders tot de Republiek van ’t oosten
Dec.r
door mij Het opschrift zuid
Syne Excellentie Lius Brion we Delvan
voor kopie konform Commandant en Chef van de Land
zee macht van Venezuele. De Gouvernements secretaris
Vinck
No: 23
kopie Duplicaat Rapport van den Capitein
Luitenant Bolken, Commandeerende
N Brik van Oorlog de Zwaluw,
omtrend den gedaanen kruistogt naar
de Spaansche kust van Venerael
in de maand November A=o 1816
Daar M: Brik op den 2e November ingevolge de
gegevene onder gereed was, om kanvooij naar de spaansche
kust van Venezia te verleenen wierd egter het vertrek
dat den 2 uitgesteld, terwijl ingevolge verzoek van de
Commertie alle vaartuigen bestemd naar meergem kust,
op dien dag eerst gereet konde zijn.
Ik vertrok dus den 4:n ’S morgens uit de haven van Cure
cas meede neemende zes Schoeper en Eene Brik onder
Convooij allen bestemd voor de bateloo en Lamaire
zijnde Twee Hollandsche en Vyf spaansche vaartuigen
Dat daarna den 5:en November met den dag hadden
slegts 4 vaartuigen van 't bonvoor bij ons, niettegenstad
„de wij des nachts zeer weinig zeil hadden gevoerd, zoo dat
den der sleept zelders de Schoenen te balie als nader
„hand gebleeken verre voornt van ’t convooy was en te
windwaard tenig gevonden is
om in ’smorgens van meergemelde de November om
„dekte ik 2 vaartuigen en O. van ons, waarop ik daaden
Jagt maakte, terwijl my dezelve suspect voor kwamen
De Spaansche Brik de Bergman die my wat over
4 van 's morgens digt achterom gepasseerd was en zeker geen
acht op t sien van wenden gedaan, had geslagen dit moet
ik ten minsten veronderstellen, was om de zuid blyven leggen
en met den dag een gezigt van ons af, werkende met korte
slagen en kracht van zeil, onder de zuyden spaansche kust
op inplaats van naar ’t convooij af te komen.
De 2 vreemde vaartuigen scheenen eerst door hunne
manoeuven niet gedecideerd te zijn om uit de loef naar
ont aftekoomen, en heeren de Engelsche vlag die zy met een
schot verzeekerde dog eindelyk circa ½ 1 uur ’s middags
helden dezelve op ’t convoij of heeren beide de witte vlag
van de voortop, voorts de Brik, die de Commandant
scheen te zyn, in de schoenger der een byzondere vlag, in ge volge de teekening geannexeerd, met een wimpel daartoe
telatie, dezelve met een scherp schot verzeekerende
Ik niet toen andermaal de Nederlandsche vlag en wimpel
hijssen, dezelve met een schat verzeekeren en maakte z
H. Bok tot het gevecht gereed„
De Twee vreemde vaartuigen, zynde een gewapende
Brik en een dito zeer groote Schoenen, onder ’t berich
van myne Batten zijnde braste ik teegen en zond den
Zuster Wolle naar boord van de Brik om te en arm
wat scheepen ’t waren
hun lieden Commissie te onderzoeken en
wat zij kwamen doen hun aftevraagen
De schoeijer die ons onderwijlpasseerde was met
eene menigte volks geequipeerd allen dubbeld gewapend met
Geweesen, Pistolen en sabels, hebbende 10 stukken kanon
te boord, ik praaide denzelve wat schip het was in
kreeg ten antwoord eerst in 't spaansch en daarna in ’t
Fransch
Een schip van de zuydelyke Americaansche
Provintien van Buenos Aijros
Den Luijtenant Holl kwam eenigen tyd daarna te mij
aan boord van de Brik alwaar dezelve zeer heusch onthaald
was, en mij het nevens gaande schriftelyke rapport ick het A deswegens heeft gemaakt, zynde aan hem Luitenant het
haalde keeren door den Commandant gezegd geworden,
dat zy de neutraliteit zouden en moesten observeeren
Ik verzamelde daarna het convoi weder en zette
myn koers om de N.O. daar nog een schoenen was die
wij gisten tot het convoi te behooren en vond alstoen
de schoenen te Carme weeder wendende daarna om
de zuijd, om mij zoo doenlijk ook met de bergen
te vereenigen.
Ondertusschen hielden de gewapende vaartuigen of eerst
Om de N.N.W. en daarna om de West, waar wy als
toen ook nog op een heel verre afstand Twee kleine vaar„
tuigen dagen
so vertrek van meergen gewapende Independant
vaartuigen, wierd ik door een zeker carga van de Ne„
„derlandsche schoeijer de Juliana geinformeerd
een derselven bij ’t passeeren van ’t convooij gevraagd
op gepraaijd had waar hunne destinatie naartoe was
en op ’t gegeven antwoord naar la quaire is hun door de
Indepenten toegeroepen, Dat gebeurd niet, welk antwoord by
zonder aan den Carga voorn zulk een schrik heeft aan
gejaagt dat dezelve opzettelyk in de daarop volgende nacht
teegen myne stellige orden aan het convooij heeft verlaten
en naar Curacao is geretourneerd en welke desertie van
het bonvooij ik verzoeke, dat met de gewone boete daar
toe staande bestraft worde.
Op den 7:en November voor Porto Cabelle zynde liet
ik de Schoenen te palme van het convooy vertrekken en
aldaar binnen lopen, en Arriveerde den 8 met de Schoenen
la Nouvelle Rosa en la handeling ter reede kasijen
zonder de minste verdere ontmoeting van eenige scheepen op
vaarhuren.
hier ter reede te vergeefsch 2 waagen lang de convooij vlag
hebbende laten waaren heeft zich niemand om convoij
geaddresseerd waarom ik den 11:n November weder van
daar gevuld ben, ten einde te kruisen en daarna Porte
Babello aan te doen,
Na omtrend 3 dagen meest al met stiltens onder de kust
gesukkeld te hebben ontdekte ik s' middag van den 10
November 10 mijlen van La quaire afzijnde M. Kreeg
Euridice kolonel Polden by zich hebbende de tot
mijn Convooij behoord hebbende derlandsche schoen
en de Harmonie door de Independenten op den 3
Genomen, zynde van Agter afgereden geworden,
dog eenige dagen daarna op de hoogte van de rokkasil
den wederom door M Fregat Euridice hernomen.
Ik vereenigde my daarop met Fregat voorn: en
stelde my meede onder de order van den kolonel en kapitein
ter Zee Polder
Waar eenige dagen gekruijst en Porte babelle aange„
daan te hebben is M Brik de Zwaluw met
M Fregat Euridice en hernomen Nederlandsche
schoenjer de Harmonie en de te Porte babels weder
onder bond genomen spaansche schoijer le Calme
den 22:n November de Curra gegeven
Geduurende dere kringtogt van 19 daagen heeft M
Brik slegts een a twee zieken gehad en dezelve waren van
geene inportantie; dog heeft men by ’t Iaagen op scheepen
en land, als meede door ’t sleepen van de Schoenen
de Harmonie
Een kluijschout
Een saaghout en
Een onder hy zeels spier
Gebroken, die ik solliciteer vernieuwd te mogen hebben
aan boord M: Brik van oorlog
de waluw inde S:t Anna Baai te
Curacao den 23 November 1818 zyne Excellentie
De kapitein Luitenant Commandeerende De Admiraal Gouvern: Generaal
M Brik de Zwaluw Command:r en Chef der Marine of
J H Bolken Kikkert te
voor kopje Conform Curacao
De Gouvernement secrets
ring
No 25.
Copie Duplicae
Sub het A Rapport van den Luitenant den 2
Klasse J Mols aan
Den WelEdele Gestr Heer Kapt
Luitenant Bolken commandeerende
M. Brik van Oorlog de Zwaluw
gisteren middag circa 1 uur begost ik mij ingevolge uwe
Gestr: orden, met de Tol aan boord van eene Brik welke
in gezelschap eener schoenen wilde en beide vreemde en
aan ons onbekende vlaggen voorde, onder hebbende te
vragen wat schepen ’t waren en wat zy kwamen doen
Aan boord van gemelde Brik gekomen zynde bevond
ik het te zyn een zwaar gewapende Brik voerende veertien
stukken, naar myn gissing barronnader a 12 en eene
menigte matrosen alle zwaar gewapen, en in de groot
onder staande aan de batterij geregeld, zijn ’er alles in
gereedheid tot het gevegt
B, den kapitein gekomen zynde zeide my zijn Ed:
(:ingevolge myner vraag tot de zuydelyke provincien van
Amerika te behooren als ook de gemelde Schoenen onder
zyne orders staande en dat zijn vaartuig de Fritesible
heefte.
zyn Ed vroeg my hier op waar wij naartoe wilden
en of die vaartuigen aan ons behoorden het welk ik
met ja beantwoorde, zeggende dat wy naar de kust moes
ten waarop zijn Ed: my antwoorde dat zulks met
konde dewyl hy Expres van de Heer Brien aldaar
gezonden was om de geheele kust te blokkeeren, en alle
vaartuigen welke in een der Spaansche havens wilde
naar Margarita opte brengen Ik begaf my hierop met
zyn Ed: in de kaper alwaar hy my op myn verzoek zijne
Commissie toonde, zijnde in het spaansch geschreven zijn
de voor my onleesbaar en door de Heer Brien geteeken
doch welke volgens hun Ed zeggen en hield dat hy Comme
„dant als mede gemelde schoenen onder zyne ondergesteld
gelast wierd om de geheele kust van Venernella te blokkeer
en zich liever met beide vaartuigen, moest laten in de
Grond boren als toetelaten eenige borrespondentie met
gemelde kust, het welk hij ook van voornemens was
volgens zeggen stiptelyk na te komen zeggende my en tevens
by, dat zyne Brik gewapend was met 150 koppen zoo als
ook meergemelde Schoenen, zynde meest Amerikan op
Engelschen, en byvoegende dat er van dergelyke vaartuigen
in deeze wateren kruisten, zyn Ed liet my ook zyne bom=
missie als kapitein zien doch ook in de spaansche taal
zijnde, was dezelve voor mij ingelijks onleesbaar mij teven
aan biedende om my eene Copie ter hand te willen stellen
van zyne Blokkade Commissie doch dewyl ik hier
toe geene Orden had en dezelve ook in de spaansche taal
geschreven was zoo als hier vooren reeds aangemerkt heb=
ik mij weder naar boord begeven
Ik moet uEd Gestr en byvoegen dat ik met de honneurs
op de Oorlogschepen in gebank ontfangen ben en ook van den
kapitein ben beleefdelyk behandeld.
Van boord M: Brik van Oorlog
de Zwaluw zeilende op de kust van
Generael den 5 Novemb 1818
W W Holl
voor kopi Conform
Bolken
voor kop konform
De Gouvernements secretaris
in
No. 24
Geannexeerd in ’t rapport van den
kap Luit.t Bolken dato 23 Nov.
1818
West deser
Oost Oefer
Copie Duplicaat
Aan
Zijne Excellentie Albert Kik„
kert Commandeur van de Mi„
litaire Willems orde vice Admi=
raal in dienst van zijne Majes teit den Koning der Nederlanden,
Gouverneur Generaal van Curacao
en onderhorige Eilanden Bonaire
Aruba, Generaal & Admiraal
ƒ
en Chef over de land zeemagt
aldaar &a. &a. &a.
Hoog Welgebooren Heer
vermits onze schoone Harmonie die door een Inde=
pendente kaper onlangs in genomen geworden ge=
lukkig door L.M. Fregat Euridice onder bevel van
Colonel Polders, is hernomen geworden en op gisteren
hier binnen gekomen is, zo nemen wy de vryheid
Uwe Excellentie bij deze te verzoeken, dat uw Excel=
lentie gelieve zodanige orders te geven, op dat wy
wederom in ’t bezit van gemelde schoonen Harmo nie en onze Eigendommen aan boord dezelve mo„
„gen gesteld worden.
Terwijl wij hopen en vertrouwen dat Uwe
Excellentie
Excellentie gene zwarigheid zal maken om aan
dit ons verzoek te voldoen, zo bedienen wij ons te
gelyker tijd van deze gelegenheid om Uwe Excellen
tie onzen oprechten en gevoeligen dank te betui„
gen voor de kragtdadige maatregelen door Uwe
Excellentie in het werk gesteld, om dit voor ons zoo
gelukkig evenement te wege te brengen.
Met de groote Hoogachting hebben wij de=
ons te noemen.
Hoog welgebooren Heer
Curacao 23 Nov. Uwer Excellentie gehoorzaam
1818
Dienaar
Bestier en Th: Putting 1
voor kopie konform
De Gouv„r secretaris
in
Copie Duplicaat
Excellentie
Bij de neevensgaande Twee factuuren
zal uwe bespeuren ’t geen door my geladen is aan
boord de Spaansche Golet Tieniaad Schipper Pedro
Vistina van hier gezeijld onder Convoy van Z. M.
oorlogs drik gedestineerd naar S:t Cabello, zo voor
myne Reekening als voor myne vrinden Ariaan
Martine Kooplieden aldaar.
Gemelde vaartuijg door Een Independenten Ka„
per genomen zijnde t haar lading aan boord de
Hollandsche Golet Harmonie gescheept, welke laatste
vaartuijg gelukkig hernomen is geworden door M: E:
Eurijdice, neeme de vrijheid uw Ed: zulks onder ’t oog
te brengen omme te reclameeren mijn Eigendom en
die van myne vrienden Artinga en Martinen, verzoe„
kende dat volg: zulke schikkingen zal gelieven te nee„
men om my in ’t bezit te stellen van alle de
Koopmanschappen welke door mij afgeladen zijn volgen
blijkt bij de Factuuren
Ik heb deer my te noemen met hoog
achting ƒ
achting
Curacao den 23 Nov.r 1818
Excellentie
UwE DW Dienaar
(was get:t George Curiel
voor kopie konform
De Gouvernements secretaris
in 1
No. 32
kopie Duplicaat.
Translaat
Factuur van de volgende geladen aan boord van
1
de Gollet Fremias Pedro M: Arrestina gedestineerd naar
to Cabello voor rekening & ter Consignatie van den Heer
Jose Ant„ Cucullo te weten
10
8: 128 8 pakken inhoudende 120 p„s katoene Bonten
„ dat 150 „ roode de„
„ 15 a 16 250 gecouleurde Calicos
koffer dozyn Doeken.
Curacao 3. November 1818.
J: W: G: George Curiel
door my
(was geteekend:/ Delvalle
Gouvernements Translateur
als
door kopie konform
De Gouvernement secretaris
ring
No. 31 kopie Duplicaat.
Translaat.
Factuur van diverse geladen aan boord van de Gollet
Trenidad schipper P:r Pedro M: Vriestina gedestineerd
naar P=lo Cabelo voor rekening en risico van de Heeren Artinga
Martine
Teweten
50 vaten meel
Een p:s fijne Batist
2 Damias Rum
6 pakken en 2 kisten drooge goederen
Curacao den 3 November 1818
W. G. George Curiel
door my
/was geteekend blevalle
Gouvernements Translateur
voor kopie konform
De Gouvernements secretaris
in
No. 30 Copie. Duplicaat ƒ
Aan Zyne Excellentie „ hikkert,
Commandeur van de Militaire wil„
lems order, Vice Admiraal, in dienst
van zyne Majesteit de Koning der
Nederlanden, Gouverneur Generaal
van Curacao en onderhorige Eilanden
Bonaire Aruba, Generaal en Ad=
miraal en Chef over de landt
zeemagt aldaar. —
Hoog Welgebooren Heer
Vermits de schoenen Harmonie, die door de Indepen=
dente kaper, onlangs is genomen geworden, gelukkig ƒ
door M. Fregat Euridice onder ’t bevel van
bolonel Polders is hernomen geworden, en op voor „leden zondag hier binnen gekomen is en aan boord
hebbende diverse goederen aan my toebehorende en gedeelte
e
aan mijn Correspondent te Paerto Cavelle, genaamt
Den Juan Francisco Arnola, zijnde goederen door mij
alhier geladen in de spaansche Schoonen genaamt Te=
nidat schipper Pedro Grostiene gedestineerd naar Pier„
to bavelle, en door de Independente Kaper is genomen
geraakt, ter zelver tijd met de sch Harmonie
Dat volgens informatie van gemelde Schipper
van de schoener Trenidad gemelde goederen waren
op last van de Commandant van de Kaper, aan
boord van de Hamonie getransporteerd geworden,
als De Baalen gemerkt N:o 1 a 3.
N„o 1 enhoud 30 p„s katoene plattelen aan mij
70 „ d:o Bonten toebehooren, „ 2
70„ d„o d„o de
En
2 vaten Boter Toebehoorende aan gemelde myn
20 Hammen Correspondent Jean Francisco Ar„
la te Peurt bavello
De neem ik de vrijheid uwe Excellentie bij
deze te verzoeken, dat uwe Excellentie gelieve zodanige
orders te geven, op dat ik wederom in ’t bezit, zo van
myn eige Eigendommen, als van die aan gemelde myn
borrespondent toebehorende als boven, aan boord gemelde
scht Harmonie mooge gesteld worden
Met de grootste Hoogachting noeme mij
Hoog welgebooren Heer
Twe Excellentie gehoorzame
Dienaar Curacao 25 Nov: 1818
was get:/ David Madur
Voor kopie konform
De Gouvernements Secretaris
in
No: 29 Copie Duplicaat Buren den 25 November 1818
Waar ik volgens aenschrijving van den WelEdelegest Heer
Kollonel en Kapitein ter zee P K banker Comandeur
der Eilanden „ Martin en Saba dato den Negentiende
Augustus, my heb begeeven naar het Eiland St. Eusta=
tus, ten einde de reis naar deeze kolonie te kunnen vervor gen; alwaar ik arriveerende op den 21 Augustus zich
geene gelegenheid heeft opgedaan voor den 23 Oct.r) volgen
attestatie van den 1:en Luitenant kommandant den
Troupes aldaar, en overgegeeven aan den Kapitein
kwartiermeester Plaetz, wanneer ik op laastgenoemde
datum van daar naar S:t Thomas vertrokken en den 23
gearriveerd ben andermaal genoodzaek zynde myn ver blyf aldaar te houden tot den zevende November aangezien
zich voor dien tyd geene gelegenheid heeft aangeboden. Alhoewe
het zyn Exellentie den Gouverneur Generaal de veer behaag
heeft, myn ten einde de reis over S:t Thomas naar deze ko„
lonie voort te hunne zetten eene somma toe te staan van
Een honderd en Twintig stukken van Agten S:t Martin
bourant, neem ik echter de vrijheid my by deeze aan Uwer
Exellentie te addresseeren, met kennis geeving, dat ik see„
derd den 21 August tot 22 October ingeslooten, op t Een
status hebbende moeten vertoeven, van den verblijf kosten
nog zelfs eenige vivres gesouisseere heb en dat de kosten welke
Zijn Enkelden vier
Admiraal Gouverneur Gem
van Curacao en onderhoorige
Eilanden in en
ik geduurende dat tyd verloop heb moeten maaken, uit
prive beurs gekomen zyn; terwyl het eveneens met myn
noodzaakelyk verblyf te S:t Thomas geleegen is Een en ander
heeft my zoo als uwer Exellentie ligtelyk zal kunne naar
gaan in de aangenaame verplichting gesteld schulden te
maaken en het is dientengevolgen, dat ik mij nederig aan
uwer Exellentie, ben wendende met ootmoedige sollicitatie,
my in die somme welke ik verplicht geweest ben voor
verblyf, kosten te besteeden zoo veel mogelyk te willen te
gemoet komen.
De Raad van Administratie
waar aan ik mij heden morgen geaddresseerd heb„
en my gerenvoieerd heeft aan Uwer Exellentie zyn de
redenen, waarom ik de vriheid genoomen heb my met
verschuldigde Eerbier naar Uw Exel te keeren, waar mede
ik tevens de Eer het te zyn
Den 1 uit der Stell
W. Blanken
voor kopij Comform
De Gouvernements Secretaris
in
No. 28
Copie Duplicaat Curacao 24 Nov.r 1818
Uwe Excellentie den ontfangst accureerende van hoog„
deszelfs missive dato 12 deezer kan ik niet nalaten Uwe
Excellentie, myne erkentlykheid te betuigen voor het
my toegestaane verlof
zeer moeijelijk ja bijna ondoenlijk is het mij om
iemand tot waarneeming van myne post voor te draa=
„gen dan de WelEdele Gestr Heer S. Slats aan Uw Ex„
cellentie oordeelende zijne bezigheeden en betrekking
„gen als Militair, zulks niet zoude permitteeren, ver„
mag ik hoe gaarne anders ook min voordragt ten
deeze niet herhaalen; maar draage de volge per„
soonen aan uwe Excellentie voor ten einde daar
uit zodaanige keuze te doen, als Uwe Excellentie
meest geschikt zal oordeelen, zijnde de Heeren
H:W: de Quartel
E.L. van Uytrecht
Jonathan Terguson
Waarmeede met de meeste hoogachting de Eere heb
mij te noemen
Uwer Excellenties ond. Dienaar voor kopie konform
De Gouvernements secretaris /geteekend/ Nuboer
Raad & bonte genopen in
No. 27 Copie Duplicaet
No: 373 Curacao den 23„e Novb. 1818.
Wij hebben de Eer ter kennis van uwe Exell: te
brengen dat den onlangs alhier gearriveerde „ der Ar„
tillerie Blanken, zich aan ons geadresseerd heeft te
kennen geevende, dat zijne rijze van S:t Martein na
herwaards, buiten zijne schuld, zoo buitengemeen is ver„
traagd geworden daarbij Attesten en orders overleggende
met verzoek om in dit buitengewoon geval te wer„
den gededommageerd, verder aanvoerende dat hij in sep temb„r lb: reeds met den schipper van een gelett te
„ Custatius passage had besproken doch welk vaar=
„tuig den 23 van die maand bij een storm van de
Rhede is weggedreeven, en nimmer weder terug gekomen
dat hij eindelyk zich naar P„r Thomas heeft moeten
begeeven en aldaar voor 48 ve passage naar herwaards heeft
bekomen, dat hij voor de geheele rijze die bijna 3 maar
den heeft geduurd niet meer dan 76 heeft genoten
en alzoo verplicht is geweest om schulden te Contracteeren
welke hij niet in staat is om te voldoen ten ware het
Gouvernement hem te gemoet komt te
De Billijkheid van zijn verzoek inziende hebben wij
hem naar uwe Excell: gerenvoieerd, vertrouwende dat uw
Excell: indien mogelyk, hem in dit buiten gewoon
geval
geval, zeker die hulp en bijstand zal verleenen, welke de
wellen of voorschriften toelaten
Wij verzoeken uwe Excell: ons niet ten kwade
te duiden dat wy ons Interesseeren voor een officier
wiens probiteit boven alle twijfel verheven is
en om die reden ook volkomen geloof verdiend,
De Administrateurs van het
Garnesoen dezes Eylands &
W: Krap
Aan zijne Excellentie den „ „ Plats
kapt wart Vice Admiraal, Gouv:r Generaal
voor kopie konform van Curacao en onderhorigen
De Gouvernements Secretaris. Eilanden „
in 1
No 39.
St. Eustatius, den 22 September 1818
Kop Duplicaat
Ik heb de eer den ontvangst van uwer Exellenties missive a 20
Juli te recuseren met kennisgeving dat ter voldoening daar
aan de Heer Commandeur van S:t Martin door mij is aan
geschreven de resolutie van zyne Excellentie den Heer Manster
voor het publieke onderwys de Pationale Nyverheid in de
Kolonien dd 5 mei lb N=o 13 by den van komst van den
den Lent van Steener op gezegd Eiland ter verder
vereischt executie te brengen.
De 1 Cent„ 1 Blanken dienten gevolge van
J Marten vertrokken en alhier op den 20=en Augustus
aangekomen zynde heeft en zich tot dus verre geene recht
strecksche scheepsgelegenheid naar de plaats zijner bestem
„ming van gehoden, voornoemde Luitenant heden zelf besloten
en myne toestemming verzogt hebbende om naar
Thomas te vertrekken alwaar men hem doet hopen eene
spoedige gelegenheid tot zyne afreize naar Curacao te
zullen aantreffen niettegenstaande het ongunstige or„
kaans sagen, heb ik vermeend in dit zyn verzoek
niet te moeten difficulteren en gevolglyk begeeft hy zich
hier in de Engelsche Schoonen kachel, Kapitein W.
lordich, en is door den Heer Kommandeur van St
Marten van een defroyement voor reeskosten ter somma
van
Aan zyne Excellentie den Heer
Vice Admiraal J Kikkert
Kommandeur van de Militaire Willems Orde
Gouverneur Generaal van Curacas en onderhorige Eilanden
ƒ
van tagtig patina S:t Martin Courant voorzien
Met de meeste achting neem ik mij
Excellentie
uwer Excellentie
Dienstwilligen en Gehoorzamen Dienaar
De Gouverneur Generaal van St. Eustatius
S:t Martin en Saba
G A De vier
Conform het origineel
De Gouvernement secretaris
in
No. 38
Copie Supicaat.
No. 372.
Curacao den 23:en Novemb: 1818
Bij de terugkomst van het detachement Jagers en
Artilleristen geembarqueerd geweest aan boord Z. M. Fre„
gat Euridice, wierd in om gewoone vergadering ge„
vraagt, hoedanig, de soldij en vivres gedurende het ver„
blijf aan boord moest werden bereekend het reglement
deswegens niet bepalende vinden wy ons verplicht, de In„
tentie van uwe Excell: te moeten afvragen.
Wat de Vivres der onderofficieren en Manschappen
betreft, komt het ons voor dat het geen bedenking
tijd of de voeding ten laste der Marine komt, en
dezelve gedurende hun verblijf aan boord, geen rant
soen, aan wal kunnen genieten doch anders is
het gelegen met den officier die Embarqueerd, der
geniet aldaar slechts één Ration, en aanwal twee
of vier Rations naar zyn rang, bovendien is hij verplicht
zich van het nodige te voorzien en zyn aandeel aan
de tafel, der zee officieren te betalen indien hij geen
gratie verlangt, dat niet te veronderstellen is, en
derhalven is het voor deeze een wezenlijk verlies geembar=
queerd te werden.
aangaande Aan Zyne Excellentie den vice Admiraal,
Gouv:r Generaal van Curacao en onder„
horige Eilanden „ 2:
4
ƒ
aangaande de soldy der onderofficieren en manschap
pen neemen wy de vrijheid aantemerken, dat wanneer
Landtroepen Embarqueeren, dezelve eene verhooging van
soldij genieten, zoo als uwe Excellentie te wel bekend
1, en ons alle reclames of Excusen wegens het bederf
of meerdere slytagie der kleedingstukken voortekomen,
verzoeken wij uwe Excell:t om onze Motiven gegrond
bevindende een dedommagement vast te stellen het
zij by wijze van Gratificatie; verhoging van soldij
op zoodanige andere Manier als uwe Excell en bel„
„lijkheid zal vermeenen te behooren.
De Administrateurs van het ar=
nisoen.
getrap.
„ „ Plats
kapt wart
voor kopie konform
De Gouvernements secretaris
in
No: 37
Copie Duplicaat
Curacao den 25„e Novemb: 1818. N 370
Ter voldoening aan Art: 163: van het Reglement van
Administratie verzoeken wij authorisatie tot den verkoop der
geringe Nalatenschap van den overleedene onder Adjudant
Meerbort
De Monteeringstukken welke niet voldragen wa=
ren en aldus nog als een eigendom van het Ryk voor„
den beschouwd hebben wij in het kleding magazijn opge
„nomen, om dezelve aan den inplaats van den overleedene
benoemde onder adjudant uitterijken en voor dezelve
pas te laten maken ingevolge de bestaande orders.
De Administrateurs van het Gar=
nisoen.
gel: rap.
Aan Zijne Excellentie den
Vice Admiraal Gouverneur „ Plats
Generaal dezes en onderhorige kapt:n Kwart 4
Eilanden & & voor kopie konform
De Gouv„r secretaris 1
in
No. 36
Copie Duplicaat
Aan Zijn Excellentie A. Kikkert
Vice Admiraal Gouverneur Generaal
van dit en onderhorige Eilanden
g. 228.
Excellentie
De ondergeteekende neemen andermaal de vrij=
heid, uw Excellentie mede werking in te roepen weegens
onstaan, zwarigheid in de afleevering der door
uwE: zo goed gunstig opgegeven Lading van de
Gollet Trinidad in de Harmonie overgescheept,
door dien geene Goederen kunnen afgeleeverd worden
zonder dat het Connossement daarvan vertoond
word daar het algemeen gebruijk alhier in den
handel is om zeer zelden Connossement, tussen hier
de sp:s kust te neemen om den sluyk handel
aan den overkant te Paviliteeren, vinden wij ons
in ’t geval van van diverse Goederen geen Conno„
sement te kunnen procuceeren en neemen dier
„halven, ter staving onser gedaane Richame de
vrijheid hier in te sluiten de genoome Permitten
van den ontfanger Generaal, niet twyffende of
uw Ex„ zal gelieven te gelasten, dat aan ons on=
„der onze Reces & verantwoordelijkheid de gere„
clameerde
clameerde goederen, ingevolge de voormelde Termit ten en de origineele Factuuren die, zo als wij gein pormeerd zijn, in handen van den Kolonel Sol„
ders zyn, worden afgeleeverd.
Wij hebben de Eer met de meeste agten
Eerbied te zijn
Excelentie
UE DW Dienaar Curacao den 27 Nov.r 1818.
W: George Curiel
„ David Maduro
voor kopie konform
De Gouvernements Secretaris
in
No. 35 Copie Duplicaat
Aan
Zijne Excellentie den Heere Vice
Admiraal Kikkert Gouverneur Gene„
raal van Curacao en onderhorige
Eilanden
Hoog Edele Gestrenge Heer
Hebbe de Eer uwer Excellentie hierbij te doen bygaan
het rapport van den Luitenant ter zee van de 1 klasse
Zwaanthals, belast met de overgave van de goederen
inde Nederlandsche schoenen de Harmonie, als mede
de daarby zijnde Cognossementen regten en verdere
stukken, welke overgave ingevolge dat rapport op kleinig
„heden na als van een baaltje Koffij aan de bezor„
ging van den schipper behoord hebbende, waar van
alleen geen document te vinden schijnt op vermist
te wezen, en eenige ellen grof stof, bij de gevangene
Extra gevonden, afgelopen zijnde, moet ik zoo vry zyn
uwe Excellentie sonder omtrent die gezegde kleine
articul tot de stof geen reclamanten zich opdoende,
of die maar niet aan de meest van doene onder
ons volk zoude afgeven, en dat weinige koffij aan
den schipper zoude laten de Harmonie aan hare
eigenaren afgeven, en alzo die zaak termineren zou„
den
De 0
de
De Eer hebbende mij te onderschrijven te zyn
Hoog Edele Gestrenge Heer
Aanboord Mr Fregat Uwe Excellentie Gehoorzame die„
Euridice inde „ annabaaij naar
te Curacao den 30 November get: J: M: Solders
1818 door kopie konform
De Gouvernements secretaris en
in
No: 34 Copie Duplicaat
Rapport aan de WelEdele Ge=
strenge Heer J: M: Solders kapi tein ter zee Commanderende L: M:
Fregat Euridice van den onderge„
tekende Luitenant ter zee van de
kl: aan bovengen: boord dienende
WelEdele Gestrenge Heer Ingege volge onder
als bijde Extract aanschrijvingen van den 24„e en 23
dezer, heb ik de Eer uwelgestr: te rapporteeren, dat de
goederen welke zich aanboord van de Nederlandsche
Goelet de Harmonie bevonden, door de belang hebben
den zijn afgehaald geworden, volgens de Cognossementen
welke ik de Eer heb welgestr: hier bij intesluiten, als
mede de recuen waar van de nodige papieren niet
voorhanden waren. De aanboord gehad hebbende
by de gevangene Extra gevondene goederen, zynde.
s Complete stukjes rood gemit katoen
1 stukje idem, inhoudende 45 el
id id id 40 id
8¾ el wit linnen
23 „ Blaauw nanking
10½ „ smal grof bondt
2 Nieuwe zwarte ronde hoeden
Door
Door den Heere E Curiel gereclameert en met de
monsters overeenkomende afgegeven, en dus als nog niet
gereclameert zijnde iedende, als
8¾ lb: wit Linnen.
23 „ Blaauw nanking
10½ „ Smal grof bondt
2 Nieuwe zwarte ronde hoeden en
1 baaltje koffij, bij den schipper gevonden
Waar omtrent uwe gestr: orders verzoekende, hoe daar
mede te handelen; aangenaam zal het mij verder
zijn, ik aan uwe gestr: intentie zal voldaan hebben, en
als nu volges nadere orders afwagtende.
van boord de Nederlandsche Schoenen
de Harmonie te buracao den 30.
Novbr 1818
J: Swaanshals
voor kopie konform
De Gouvernements Secretaris
in
N: 33 Duplicaat
Curacao den 5e December 1818
van U Excellentie eene missive ontvangen hebbende dat deeze
behelsende de restitutie van myn genoten tractement als courier, bene„
„vens der vivres van den 4e Juny tot en met den 19 September
1817 als hebbende geduurende den tyd de functie van Hospitaal
meester waargenomen, zoo is het dat ik by deezen de vrijheid
Gebruike, UE: de bemerkingen te kennen te geven, welke ik
vermeen dat my van deeze restitutie zullen ontslaan.
dat ik de Junctie van Hospitaal meester eerst den 13
Juny 1817 op order van de aanvaard heb 2, dat ik blykens de monsterrolen van de sComp:s van het
Bataillen Jagens na t geene andere binnen by het Corps genoten
heb dan allen tot Ultimo Juny 1817.
Dat het uw E: behaagd heeft den WelEdelgestrenge
Heer Raad Controlleur Generaal te gelasten het tractement van
Hospitaal meester aan my als eene toelage of gratificatie uit
te betalen, en niet aan den zich toen en arrest bevindenden Hos
„pitaalmeester Idem
4 Dat volgens de Reglementen van administratie ten
minsten mijns bedunkent) zulks zeer wel kende geschieden
indien de Post van Hospitaalmeester niet eerden verkant
kwaam voor en alleer de Sententie van den Hospitaalmeester
Iden geexecuteerd van Des zijn de verschillende Posten van
Hospitaal meester en Courier geduurende deeze tijd door twee ve
schillende Persoonen bekleed geweest waarin te volgt, dat en
ook twee verschillende tractementen, het eene uit de kolonia
leen het andere uit de administratie kas van het Corp
moesten betaald worden, welke hierdoor geenzints kwamen te
lyden, dat het tractement, toekomende aan de Persoon van
den op onder van UwExcellentie door my genoten is.
Deeze zyn de redenen welke ik de vryheid nemen uw heel
„tie mede te deelen, hopende dat uw Excellentie daaruit mag
considireeren dat de voordeelen door my op order van UE
genoten, geenzints strijdig zijn met de bestaande wetten
Ik heb de eer met verschuldigde
Eerbied te zyn
de Hospitaal meester
Aan Wolff
voor kopje Conform Zyn Excellentie den
De Gouvernements Secretaris
Vice Admiraal Gouverneur
Generaal van Curacao inzen en
ring ƒ
No 46
Copie Duplicaat
Curacao den 8 December 1818. No. 42
Gewoon te bedeiren, valt het mij niet zwaar
de bevelen van Ul: in dato 5 dezer N„o 132 nate„
komen; nemende alleen de vrijheid uw Excellentie
te solleciteeren, dat het wol moge behagen, de
restitutien welke door mij moeten worden gedaan,
op zodanige wijze te bepaalen, als in vergelijking met
myn tractement gevoeglijk kunnen plaats hebben.
Ik heb de Eer met de meeste hoog,
achting te zijn
De Hospitaalmeester an
volgt: J: Wolff Zijn Excellentie den vice
voor kopie konform Admiraal, Gouverneur,
De Gouvernements secretaris Generaal van
Curacao ze. — . — .
in
1
No 45
Copie Duplicaat
Curacao den 9 December 1818. No. 376
Receptie accuseerende van uwer Excell Missen
van den 1 dezer no 126 en van den 8„e dezer N:o 134 bei
de relatief den geweezene Courier Wolff neemen wy de
vryheid deswegens aan uwe beelt eenige bedenkingen
voortedragen, welke veellicht het Departement van
Colonien met zodanige hebben kunnen werden beschouwd
als by ons by de inzage den voorhanden stukken, dade
„lyk in het oog loopt
den courier Wolff is blykens ingezonden Monsterrollen
op last van uwe Eecell den 20=en Sept.r 1817 gepasporteerd, en
op de Monsterrollen betaald tot en met den 19 Sept.
was wel is waar in het Hospitaal geëmployeerd en
wierd aldaar gevoed doch moest bij het Corps betaald
worden tot dat dezelve wierd afgevoerd, hij konde
niet anders worden beschouwd, als gedetacheerd in
het Hospitaal; en is dus geen Erreur begaan met
den courier te betalen tot den voorn: datum, maar
conform de voorschriften gehandeld.
indien nu aan hem fourier te gelyker tijd hospi„
taal tractement is betaald geworden, is het klaar„
blykelyk dat de restitutie niet kan verhaald worden
Aan Zyne Excellentie den Vice Admiraal
Gouwe Generaal dezes en onderhoorige
1
op de soldy maar wel op het te veel genotene Ha „pitaal tractement zeker is het dat de Monsterrol
len by de Algemeene Rekenkamer niet zoude vali „deere wanneer anders was gehandeld en daar die
Monsterrollen zedert een geruimen tijd verzonden zyn
is het onmogelyk om daar in thans verandering
te maken, het geen ook dadelyk by de Reken kamer zou werden geobserveerd,
Wij Polliciteeren derhalven uwe Excellentie
deze onze Motiven te apprecieeren en zoodanig aan
het Departement van Kolonien te willen voordragen
of te handelen zodanig als uwe Excellentie en
haare wijsheid zal vermeenen te behoren.
de Administrateurs van het Batt
Jager No. 11. &
was het J van de Linde
Dol prese
Plaets
kapt kwart
door kopie Conform
De Gouvernements secretaris
in
No: 44
Copie Duplicaat
Curacao den 10:en Dec: 1818.
Wy nemen de vrijheid in rescriptie op uwe Excellenties
geëerde aanschryving van den 26 Nov„r lb: bij dezen aan uwe
Excellentie kennis te geven, dat wij met elkander zijn over„
eengekomen, dat de Tweede ondergeteekende den post van
Raad Contrerolleur Gen:t de Financiën, gedurende de
afwezigheid van den eersten ondergeteekende zal blijven waar„
nemen voor de helft van het salaris aan gemelden post
verbonden en hebben de eer met achting te zyn
uwe Excellenties Dienstw: Dienaren
Get:s Mulder
„ „. L van Uytrecht Zijne Excellentie den Vice
voor kopie konform Admiraal A. Kikkert
De Gouvernements secretaris Gouverneur Generaal van
Curacao en onderhoorige in
Eilanden No„
No 43.
Copie duplicaat
No. 389
Curacao den 10 December 1818
Hiernevens heb ik de eer aan uwe Excel=
lentie te doen geworden, eene lijst mij door den Heere Ge„
cretaris W: Prince overhandigt van differente perzoonen
dewelke aan hunne Transporten van verkochte Effecten
nog niet voldaan hebben, vermits zulks de Inkomsten der
Lands Cassa vertraagd, verzoeke uwe Excellentie de noodige
orders te willen geeven, ten einde voorn: persoonen tot
betaling hunner achterstallige te dwingen.
Ik heb de Eer met achting te zijn
Uwe Excellenties
onder D Dienaar
/Get:/ Nuboer Aan Zyne Excellentie
raads Contr. Gen ding Den Vice Admiraal
voor kopie konform A. Kikkert
De Gouvernements secretaris Gouverneur Generaal
H M ring
No 42
Copie Duplicaat
No. 307. Tiskalaat den 10 December 1818.—
Ik heb de Eer hiermede ter kennisse van uwe Coreel
lentie te brengen dat ingevolge de tweede oproeping
van vreemdelingen door my gedaan, de volgende Persoonen
zich ter Tichelaat hebben gemeld naamlijk
Pachias Hoffman, geboren te Nieuw Jork ond
37 Jaren, koopman van beroep, kwam drie maanden geleden
van Baltimore met de schoonen Patriot alhier aan,
houdt zich hier op ten einde naar de spaansche
kust, voor Commercieele aangelegenheden te vertrekken
doch wacht tot dat er meer rust in dat land
heerscht, woond op Pieter Maaij
baal laescobse, gebooren te Koningsbergen oud 21 Ja„
ren Eerste Luitenant bij de Artillerie in dienst van
E. M. den Koning van Pruissen, kwam laatst van
Amsterdam met het schip de vrouw Trijntje, houdt
zich alhier op ten einde naar S:t Thomas te vertrek=
ken; woond op scharloo=
I: W: Martschin, gebooren te Breslau en silesien
oud 43 Jaren, kwara laatst van Hamburg als super„
carga van de Deensche Brik Mariana, woond aan
de willemstad ten huise van den Heer van steen„
bergh
van de wijkmeesters heb ik de Lijden der huijsen
hunner
hunner wyken en derzelver bewoners ontvangen; doch
ben ik verpligt uw Excellentie te observeeren dat
dezelve zeer onregelmatig gehouden worden, en ik
daarvan weinig of geen niet getrokken heb tot het
opsporen der vreemdelingen welke zich ingevolge
oproeping, niet gemeld hebben.
Uw Excellenties dispositie omtrent de wyze waar
op men zich van vele dier voor de Colonie na=
„deelige sujetten zoude kunnen ontdoen, afwachtende
heb ik de Eer met diepe veneratie te zyn
Uw Excellentie onderdanige
Dienaar
De Adjunct fiskaal
Zijne Excellentie den vice /get:/ H Hajunga
Ad=t fiscaal Admiraal A. Kikkert
Command„r van de Mili„ voor kopie konform
Willems orde, Officier van De Gouvernements, Secretaris
het Legioen van Eer van
in A: E: Majesteit, Gou=
verneur Generaal van
Curacao en onderhoorige Ei=
„landen e: &a. &a.
No 41. Copie Duplicaat.
buracao d 12 December 1818
In eerbiedig antwoord op uwer Excellenties missieve van de
den 10 dezer en by my op gister ontfangen N 453
is dienende
Dat tot wegneeming van het daarby vermeld en
zeer gegrond bezwaar by den Vice Commandeur
van Struba noopens de arresten op vreemdelingen
geapport over Excellentie een bequaem of geschikt
persoon zouden kunnen qualificeeren, die in voor
komende gevallen de bedoelde arresten zoude
kunnen doen, mits het relaas van dezelve na
herwaard by de eerste gelegenheid overzenden
ten einde de benodigde acte door den Geregts
bode kan worden gecoucheert en vervolgens
ingezonden met betekening van den Rechten
als gebruikelyk deze mesure zal dit voordeel
immers waarschijnelyk aanbrengen dat
zodanig vreemdeling zich zonder een vooraf
berekend op onthoud, gearresteert vindende
meerder haast ter betaling maaken zal om de
verdere onkosten te menageeren terwyl in ee„
de zaak overgezonden word, hij slegts de
meerdere kosten voor het dubbeld exploict te
draagen heeft.
Inmiddels moet ik uw Excellentie in t ge meen observeeren dat het ten allen dagen heeft
vrygestaan eenen vreemdeling of iemand ander
dewelke niet geerst of gegoeder was ter plaatse van
zyn wooning en die suspect van stille vlugt met
redenen voorkwam zelvs met behulp van twee
ingezetenen (indien geen geregtsbode voor handen
waaren te arresteeren, mits het arrest naderhan
in een gerigtelyk wierde geconverteert zulks was
steeds bevorens practicabel op Veluwe en speci=
cael binnen Harderwyck volgens het stadig
2 deel lap 3 artich: 20. ’t welk som, ook op
Aruba van applicatie zoude kunnen zijn
Indien Uwe Excell tot de benoeming van zulk
een perzoon mogte overgaan, solliciteere daar
van te mogen kennis dragen, ten einde van
deze qualificatie van den Raad van Justitie,
kan geblyken.
ik eindige deze met de verzekering myner die
hoogachting
De Praesident van den
zijne Excellentie Raad van beele crimineele
den wee admiraal
Justitie over buracao
Gouverneur Generaal
Was Get: J: Elsevier
over Curacao donderhorige
voor kopie Conform belanden & &
De Gouvernements Secretaris
Curacao
in
No: 40
kopie Duplicaat.
burgen 14 December 1818
No 392
uwer Excellenties messen dato 12 deezen met het
daarby gevoegd Extract uit uwer Excellenties Journaa
van den 11 daartoe vooren by my ontfangen zynde
is deeze in antwoord dat ik geloove nimmer beter
aan uwer Excellentie meening zoude kunnen vol„
doen als blykt uit hier by gevoegd Cope eener reede
door my aan den Heer Ontfanger Generaal onder
dato 10 deezer gezondene missieve waardoor omme„
tend uwer Excellenties meening) aan het 12 point
voldaen is aangaande het 3:e point hieromtrent heb
voortduurend myne orders gegeeven dat ik moet
bekenne te vergeefs met opzigt tot het 4 dit is een
momentoneel klein hulpmiddel het welk zonder
botringen te veroorzaken, moeylyk zal kunnen voor
komen worden nimmer is er ten iemands faveure
meerder afgegeeven dan hy te vorderen had en zo
deeze kleine vryheid word weggenomen zal uwe Excellen
„tie alspoedig het inconvenient daar van ondervinding
alzo de kassa niet immer toelaat de ordonnantien ge„
heel te voldoen en spruitende veel al voort uit kleine
voorschotten welke maandelijk verreekend worden
als de magazijn meester van der Heyden, Hospitaal
de der zal inmiddels aan uwer Excellenties order
voldaan worden dat deeze nader te verreekenen
quittantien door uwe Excellentie by eene gemaakte
verantwoording der bassa van den ontvanger Generaal
als contant geleeden zyn zulks weeten dan nimmer het
voor my eenige post in reekening en verantwoording,
anders dan op ordonnanties in forma doen valideeren.
Ik heb de Eer met achting te zyn
Uwer Excellenties
ondert Dienaar
G Nuboer
raad bont gens de sijn
Aan zyne Excellentie voor kopij bonform
den Vice Admiraal Kikker De Gouvernements secretaris
Gouverneur Generaal van
Curacao & onderhorige in
Eylanden
4
N. 52
Copie
No. 391. Curacao 10 December 1818.—
Daar my uit de laast overgelegde maan=
„delijksche reekening al weder gebleeken is uld zeer ten
agteren blijft met de invordering der onderscheidene be„
„lastingen als het Hoofd en pamillie geld, patente, pon„
te en banos, paarde en Chaise, van welk laaste nog
niets over dit Jaar is verantwoord voorts ’s lands gereg„
tigheden en eindelyk de Intressen aan de voormalige
Een pencent kaapvaarts kassa verschuldigd kort om dat
mijn uiterste leedweezen, niet tegenstaande mijne voort
duurende aanspoorige het invordering ten agtere blijft.
eene zaak zo nadeelig voor de belangers deeze kome
inzonderheid met opzigt tot derzelver schuld eischers
welke bij eene behoorlijke invordering reeds alle konde
voldaan zijn zo vinde mij gedrongen, uld ten serieuse
te inviteeren my op de reekening deezer lopende maand
december alle uitstaande gelden van wat aard ook
den Colonie Competeerende te verantwoorden of wel
zodanige bewijzen te produceren waar uit blijke
uld ingevolge Instructie voldaan hebt aan het
verlange daarbij bepaald de nalatige tot betaaling
te dwingen, ik vertrouwe, dat hieraan zonder eenig
het minste versuim zal voldaan worden daar het
my
mij onaangenaam, zoude weeze uEd: ingevolge mijne
verpligting nader te moeten aanmaanen, en wel ter
dispositie van ’t Gouvernement uld met primo Jans
ary eerst komende te moeten debiteeren voor het
aan de belasting te kort en door uEd niet verantw„
met oprigt tot geene welke verschuldigd zyn, aan in
en uitgaande rechte zullen door uEd geene extra
ordinaire dwang middelen gebruikt worden dan voor
het verschuldigde tot of op ultimo sept„r deezes
Jaars met opzicht tot alle het overige verwagte
als vooren gezegd zonder eenige exceptien, de verant„
„woording op de reekening der maand december deezes Jaars
Ik heb deer te zijn
/get:/ Nuboer
Raade bont Genert dersen
voor kopie konform Den WelEdele Heer
Matth: Schotborgh De Gouvernemente Secretaris
ontvanger Generaal.
in
4
No. 51 Copie
N„o 308. Tiskalaat den 17:' December 1818.
Ik heb de Eer uw Excellentie mits dezen het op gis
teren aan my gezonden request van Nicolaas Evertsz
ten einde daarop te dienen van consideratie en Ad„
vijs, te rug te zenden, en ten einde aan uw Excellen
„ties begeerte te voldoen, moet ik eerstelyk aanmerken,
dat de suppliant buiten hij in de termen der Publ
catie van den 11 December 1811 valt en dus als Poe
naliteit de dubbelde waarde van het door hem on„
der de naam van Geregtigheden en Leger verschuldig„
de bij het Transport zyner vante Eigendommen be talen moet.
Dat echter het Excius door den suppliant opgege„
„ven, waardoor hij aan den inhoud der Publicatie voorz:
niet heeft kunnen voldoen, niet geheel te verwerpen
, aangezien het mij bekend is dat hij werkelijk een
Hijpotheek heeft moeten verkoopen ten einde de no„
dige bontanten tot het voldoen der Geregtigheden,
te kunnen bekomen.
Dat dit Excuus als plausibel door uw Excellentie
aangenomen wordende, ik gene redenen vind, waarom
in des Suppliants verzoek zoude worden gedifficulteerd,
en de zaak composibel wordende verklaard, hij dezel ve met mij, zonder consequentie voor een derde der
Poenaliteit afmaakte, waartoe ik uw Excellenties
goedkeuring zal nodig hebben.
Ik heb de Eer met diepe veneratie te zijn
Uw Excellentie onderd Dienaar
De Adjunct fiskaal
Zyne Excellentie den Heere W: H Hajunga
Adj: Fiscaal Vice Admiraal, Gouver=
voor kopie konform „neur Generaal van Curacao
De Gouvernements Secretaris en onderhoorige Eilanden
G. Ge. &c
ring
Copie Duplicaat Rapport aan zyne Excellentie
den Vice Admiraal Kikkert
Gouverneur Generaal van Curacao in
en onderhorige Eilanden enz. enz
van den ondergetekende kapitein
ter zee kommanderende te M
Fregat Euria
Hoog Edele Gestrenge Heer Hebbe de Eer
uwe allentie te rapporteren wyen M. Brik des
waluw volgens uwe Excellentie, order van den 1„e bevorens
in den morgen van den 9:e daaraan zyn onderzeil
gegaan om het Convoy van vaartuigen na la quara en
Porto bakello gedestineerd te convoyeren, dat wy als
toen weinig stroom, en een vry noordelyke wind hebbende,
val voordeel hadden kunnen doen, dog dat dat Convoy
niet voor teegen den avond geheel uitkwam, en ons alzo
verpligt heeft, het het grootst gedatte van den dag kruissende
in te wagten, bestaande als toen in vier Nederlandsche en
twee spaansche harlings, waarby zich nog een Nederland sche schoenen Intrepide die echter zich geen moeite
tot aanmelding voor Convoy nog binnen zynde
had willen geven, byvoegde, in den nacht van den 12
op den 13 daarde schoenen de Maria Schipper Janse
hedens heur en Meyer waar zich den Heere
Rutgers by aan boord begeven had nog circa
10 mijl van Porto Cabello afzijnde van deserteerde,
my met den dag verwonderende, dat vaartuig niet
dan van Sop en om de zuid gezien wierd deed.
de Zwaluw en op Jagen dog die ter dier tyd
niet veel beter dan de bundice zeilde, had zyn
weder by het honvoy brengen geen goede uitslag de
stroom intusschen tegen volle maan meer en meer
aangenomen zynde waren door het verzuim van
den eersten dag niet voor den 14:e tegen den avond
by Porto Cabello daar de vaartuigen in zekerheid ziende
Gepareerde na alvorens den 12 door de Zwaluw de orde
van uwe Excellentie van op dezer na ons uitzeilen ont „vangen om dat volk van de vaartuigen te ligten, dat
zes man buiten twee van de Intrepide abusively
als niet tot het convoy behorende volgens het
woordelyke der orde gegeven heeft te hebben doen
uitvoeren, wij met een schoenertje na la quaira
opwerkende, daar op den middag van den 17 arri=
veerden, waar my dadelyk omtrend de schoenen Bur„
het vaartuig in den uwer becellenties van 8 dezer en
dat men hier zeide Mari Hun te heeten gevoerd, geweest
door Schipper Wood bedoelt word in formerende de brief aan
uwe
Uwe Excellentie aan den Spaansche generaal en Chef
te Baracas aan den Commandant der Marine afgevende
en ik daags daar aan van zich noemende Consignateurs
van schipper Wood die ik hoorde onder Engelsche vla=
nog niet lang geleden gevaren had, de stukken ont
„vangende als het hierbygaande, doch welks by
de zoo lang gebruikte phrases tog in ’t Generaal, wat
agterhoudens bevattende, zoo men het met de hier ook
B bygaande declaratie de morgen op die dag volgen
Ede, door den Heer Daniel Burnett passagier op de Ma„
van geweest afgegeven, vergelykt, waar uit schil
den schipper Wood uit zich zelven, of wel door het
spaansche Gouvernement te brand daartoe ver=
pligt het militaire Transport hoezeer van maar
30 zieken soldaten te aan boord genomen heeft,
en alzo uit zig zelfs, of door noodzaking een pretext
aan die Dupuis tot het nemen van zyn vaartuig veroor„
„zaakt heeft, en daar ik by ons arrivement de brief van
uwe Excellentie over dat genoemde Vaartuig handelende
aan den kapitein van de Haven voor den Spaansche
Generaal en Chef had afgegeven, dog den 19 toen ik de
verkrijgbare informatien daar omtrend als bygaande
ingewonnen, dog nog niet van het Spaansche Gouvernemen
van
te baracas in antwoord ontvangen had heb ik gemeene
gemerkt de bepaling van tyd door uwe Excellentie my ge„
„maakt het my ook uit die informatien voorkomende, dat
vaartuig Mari hun toch wezentlyk onder Nederland,
sche vlag en papieren genavigueert had daar over den
Commandant der Marine zaken te lequaire de
Nota Loot als kopie hierbygaande te doen geworden,
Waar in van het Transport van die twee officieren
en de dertig zieken soldaten als dus het meest in
Spaansche dienst geweest, meende melding te moeten
maken, mij uit het dralen & voorgekomen zijnde, men
dat vaartuig als een hernome prijs beschouwde, daar
het zonder vlag reeds 50 dagen uit een slingerende
en werkende daar toen ter Rhede lag, welligt hier
in tot basis nemende de spaansche goetet bantalaria
door de Insurgenten te Pariba wel eer opgebragt
en daar door den kapt: 2 boertsen als op Nederlandt
grondgebied gevonden wordende, en van Curacao varen,
de gereclameert is, en dat zoo ik gehoord heb ook
als een hernome pris daarna geconsidereed is gewor„
den dit zoo zynde zouden wy myn denken op de
lading van de spaansche schoenen Sunda in de
Harmonie hernomen hetzelfde recht hebben snaat
uwe
van den 19 op den 20e ik van den genoemde kapitein van
de Haven de briefs Dals kopie hier mede bygaande
dat by of onder de punt van Sacuto 1a 12 mijl beooste
de Rhee drie suspecte vaartuigen ten anker wierden
gezien, en men my verzogt de rhede te willen verdedi„
„gen, in geval, die het plan mogten hebben eenige der
koopvaarders te willen uit myden, ontvangende, het
was toen ik de brief ontvang reeds twee uuren ligte
maan, en stil met veel deining en hoezeer wij niet
op die hoogte konden ontdekken deed ik evenwel
hier op van ons, ende wal vier sloepen waarom
der twee dadelyk wapende, en verder alles gereed houde
en daar het niet dan volvaartuigjes konden zyn, om
onze vaartuigen de Juliane en Mari en de laatste
dog nu als ook tot ons te behoren beschouwende te
verdedigen ze met die vaartuigen seinen bepalende
in cas zulks nodig te doen met het aanbreken van de
dag ook niet op die hoogte gezien wordende het ik
vragen waar die vaartuigen waren, dan ten 3 uuren
nog gene rapporten by het Haven Departement in
komen zynde, wierd ik eerst op den middag van daar
geinformeerd het maar Visschers canos geweest
Waren, den 22 ontving ik van den Heere Capitein
aan
de Fregate Chacon Commandant en Chef van de Spaansche
Zelmacht in Venezia in antwoord op myne sote, de
hier Lar kopie bygaande waaruit uwe Excellentie niet
het Dubinaal der Spaansche Marine reeds mesures
genomen had, om zich omtrend dat meergenoemde vaar„
„tuig te decideren, dien Commandant my daar in verzoe„
kende hetzelve naar Porto Cabello te willen mede nemen
dat geproponeert had, vermenende een Nederlandsch
eigendom en ter bomervering gemerkt de meer dan gewo
„ne sligte rhee te hagara by de lager wal nog
de 200. veel verloren ankers daar men zoo het schynt
geen tyd of anders toe heeft om die daar van te zuiveren
te voegen is, te kunnen doen, en alzo in de voordemiddag
van den 23 de Schipper van de Nederlandsche Schoe neer Juliane my daags te voren hebbende wezen
zeggen hij klaar zoude zyn het sein van onderzeil
gaande doende dag ons anker op en neer hebbende
brak het touw dat een veiling gekregen had, en hoezeer
nu onder zeil waren bleven de twee Vaartuigen die
M Schepen Convoyeren zouden, liggen, de span„
Jaards aanboord de Mari Han nog een zoort
van verschoning, komende maken, dat zy nog te veel
water in hadden, dog het Nederlandsche niet die
uwe
beleeftheid hebbende van reede te geven werkte boven
het verloren anker daar ankerde en aan het Visschen
er van begonnen, dog het kabeltouw dat onder
de hand gereed hadden om de boereep te soulageren
in de boereep zelfs beide zonder dat er nog kragt
aan gedaan was brekende konde daar geen sterkte
genoeg hebbende materialen hadden, daar verder iets
aan doen, in de voormiddag van den volgende
dag weder onderzeil gaande in die twee vaartuigen
nu volgende stuurde naar Porto Cabello daar
den 25 arriveerden in na dat in den morgen van
den 26 zich daar een Nederlandsche Barcq voor
Convoij aan gemeld had van daar weder naar
hier vertrokken waar heden nademiddag zyn
binnen gevallen zonder op deze reis eenige Jagt en dus
ook niet die Baltimoorsche vaartuigen als in
Uwe Excellenties order bedoelt ontmoet te hebben
hebbende Z. M. Fregat Euridice een zwaar an „ker in voor een stop anker een zwaar kabeltouw
van 9 a 10 duim dadelyk benodigd terwyl voor
het voor het Stel vierkante zeilen die door het
zoo veele varen, by de boelijn opwerken so als
versleten te beschouwen zyn het hoog nodig zal
wezen wy het stel in de myne van 28 augustus te
aan
No. 50
aan zyne Excellentie den Minister voor de Marine
en ook het kabeltouw van 7 duim buiten het boven
genoemde verzogt spoedig ontvangen. de opquam
ha van Barbera en Martine te liquania,
van de verkoop der lading van de Mari An
en door wie dezelve gekogt en hunne verdere
verrigtingen omtrend dat vaartuig de hier nog
byvoegende.
Aanboord M Fregat
Curidice in de St. annabaaij
te buracao den 27 december 1818
was het I. M. Polders
voor kopy Conform
De Gouvernements Secretaris
in
N°49
Copie Duplicat.
La S. La Mari Ans, son propriétaire et capitain
Mr Edouard Nord ce batiment fut pris par les
insurgés nommé L'Origue, capt Dupuis
venant chargé de sel, de Cumana pour cet port.
Le Capitain et trois Espagnols appellé du Jose Berre
dedre Fernander Officier du Regiment de
Grenada, et un autre dedro Fernander Pilote
du dit Bâtiment, furent conduit à bord du
Pirate à Marguerite, où ils sont encore la
Mari Ami fut reprise après par l’Escadre
Royale Espagnole et conduit à ce port. Ceux
qui signent consignatures de Mr Nord re clamèrent le bâtiment au gouvernement
Espagnol qui est à voir l’affaire pour donner
la sentence selon la loi
Nous supplions dans le nom de l'humanité
au Commandant de la Frégalle de S. M. le Roi
de Pays-Bas de réclamer ces pauvres mal heureux qui vont crifier sans cette ressource.
La Nation Hollandaise se couvrira de gloire et
d’honneur faisant une chose si juste et par
autre part c’est son dévoir, car nous jurons et
pouvons le justifier que le dit batiment la
Mari n était sous le pavillon Hollandaise et
mais resté en pourvu des papiers de cette nation
main des insiges, et par conséquence tous ceux
qui était à son bord de qu'elque nation que
ce soit doivent jouir de la prerogative de la
réclamation
La Grayra ce 17 Décembre 1810
as geteerend Barbara Martine
No 40
Popie
La B.
Le sousigné Daniel Burnett, marchand
à la Prima.
englais, certifié qu’il s’est trouvé à bord du
bâtiment la Marie Anne Capitaine Nord,
venant de Comana à la Gnagra avec un
chargement de sel et trente soldats Espagnols
malades conduit par un officier, un officier
de la Marine Espagnole et le nommé Joseph
Berre Berlandais tous passagers, lorsque ce
batiment qui avoit deux canons en batterie, deux
dans le cale et cinquante fusils, pourvu de poudre
fut très en vue de la Guayra le de Octobre
de cette année par le Briq Insurgent Lonque,
Capitaine Dupuis, et du qu’il il s'est séparé tous
Orchilla laissant à bord du briq le Capitaine
Nord, les deux officiers Espagnols, et le nommé
Joseph Perre, et un autre nommé Joseph Cardon supposant un Portugais, et restant à bord de la
Marie Anne avec les soldats malades et six hommes
de l'Equipage du briqnsurgent, apprenant alors
que le bâtiment était pris, quoique étant sous pas
villon verlandais appartenant à St Instatis et
munie de papiers de ce gouvernement que le
Capitaine Nord avait pris avec lui vue qu’on
le considerait comme bâtiment transport au
Service Espagnole, que le 27 ou 28 octobre passé
nous fumes repris par une division de la
marine Royale Espagnole, et conduit le 30me
en cette rade, où le Gouvernement Espagnol
a disposé du chargement de sel, et étant reste
à bord de ce batiment jusqu'en ce jour, le
sousigné est prêt à certifier cette déclaration
avec serment
était à bord de régate de S. M. Le Roi
des perlandes, l’Euridice en rade de
La nagra ce 19 décembre 1818
geteecken daniel Burnet
Hebbende den déclarant imprésente
van ons kapiteinte entent
terre van de 1 classe den gepresen,
teerde te met het kussen, op den
Oysel en onse présentie gedaen
getend. S. M. Polders
Kikker
Voor Copie conformé
De Gouvernements secretaris
Coste Brody
N°47
St
le Note donné a Monsieur le
commandant des affaires marité
mes de S. M. Catholique à la
Guayra
Monsieur le Commandant
Si le batiment nommé la Marie Anne à
navigué, sous pavillon et papiers Nerlandais et à
appartenir à St Eustatis comme on dit venant
de Cumana à la Gayra avec un chargement de sel,
ayant à bord comme passagers deux officiers et
trente soldats espagnols malades et deux autres en
dividus, et pris le 8 octobre dernier par un bâte
ment des insurges nommé l'orogue capt du
puis et repris le 27 ou 20. du même mois, par
une division de la marine de M. Catholique,
et conduit déjà le 30m suivant en cette rade,
sachant que la lettre que j'ai eu l'honneur de
remetre le 17 du courant à Monsieur le Capitain
du port, de la part de son Excellence le Gouver
neur Général de Curaçao & à son Excellence le
Général commandant en chef à caracas était
sur ce sujet. J'ai beaucoup à espéré d'avoir bien
tot des informations justes à l'égard du dit bati
ment et chargement si elle est comme je dit de
notre Nation, en ce cas, il me semble que je pour
bien le prendre avec nous pour Porte Cabelle afin
d'y attendre deux ont trois jours après la décision
formelle de votre gouvernement vu que je ne
peu me retenir longtems de Curaçao
Agréer, Monsieur le Commandant les senti
ments de ma haute considération avec leque
J'ai l'honneur d'être
Monsieur le Commandant
Votre très humble serviteur Abord la Frégate de S. M. le
signé. M. Polders Roi de Nederlande en rade de
La Guayra ce 19 Décembre 1818
Voor Kopie Conforme
le S. M. Polders
Voor kopie conform
de Gouvernements secretaris
Jer
Prince
Copie
M. Jollers Commandant de la Le
frégate de S. M. le fais Bas.
Mr L'on nous vient d’aviser du Sept de Staet
dans ce moment, qu’il y a trois batiment
Solle suspect, et come nous savons pas de
force armé au Rade pour défendre le Batime
un cas que les même cherche de couper qu'elqui
je prier le comendant de vouloir bien avoir
la Bonce de défendre la Rade, avec le canot
armé, au cas de qu'elque insulte de part de
l’enemy, et Mr le Gouverneur me charge de
sa part de dire à Mr le Comandant le même
je envoi des ordre au rude, un Batiment
marchant de se tenir surgard, et si vous détache
qu'elque Canot s’il sert apelé par le Batimen
il recondra par le mot punier, Amsterdam
et je a donc avis à tous le Bâtiment.
Je l’honneur Mr de vous rendre une
respet et je suis avec la plus haute considera tion
Votre très humble et très obeisant
Serviteur Mr le Comandant
signé Jean Gavais de la rég. de
S. M. de pais Bas.
voor kostre Conform
mangétation L. F. Kingens pour
Voor Copie Conforme
Ct De Gouvernement Secrétaris
ny
57 Copie
La
Reponce à la Notte de Monsieur
le Commandant de la Frégate
de S. M. le Roi de Nederland.
Monsieur le Commandant
A
Le batiment nommé de Marianne
a été effectivement pris par les insurgés, et
repris par une division de la Marine de S. M.
Le Tribunale de la marine, auquel ap partient cette jugement a dejà pris toutes les
métaires nécessaires pour assurer des circonstan ces qui doivent fixer les décisions, soyer sur
Monsieur le Commandant qu'il aura en
Considération la notte que je viens de recevoir,
et celle de son Excellence le Gouverneur de
Curaçao à son Excellence, le Capitaine Gene ral à caracas lorsqu’elle parviendra jusqu’à
nous.
Le ditte batiment doit se rendre à Porte
Cabelle a cause de son mauvais état, les consi nataires à Mr Word son maître et capitaine
Barbaray Martiner à La Guayra, ont sollicité
cette permition que je le lui ait accordé, si vous
avez la bonté à lui donner convoy jusqu'a ce
port sous le pavillon Espagnol, ce sera un service
je vous rendre à eux et auquel je vous serez
reconnaissant
Je ne puis pas vous fixer le jour de la conclu
sion de cette affaire, mais je vous assure qu'il
n'aura pas aucune retard de notre part.
Agre
Agréez Monsieur le Commandant les sens,
timents de ma haute considération, avec laqu'elle
J'ai l'honneur d'être
Caracas ce 21 décembre 18 Monsieur le Commandant
Votre très humble serviteur
signe core Mrs Chac
Commandant est resté de la
Voor notre Conforme, Marine de S. A.C. en Veneral
feras getre ende volders
id
voor Copie conform
Cultr
de Gouvernements Secretaris
B
17
156
Copie 2
le
Nous les abus signés consignataires.
et représentent de Mr Edouard Wood, Capitain
et proportaire de Brillandais la Mari d'un
qui ont pris par les Insurgés, venant de
Cumana chargé de sel pour ce port; nous
certifions dans toute la forme de la loi, que
ce batiment ayant été repris par l’écadre
Royale Espagnole et conduit ici, le Gouverne,
ment ordonna la vente de la sel au public
et fut acheté par Mr Salarar de ce comerce
et mis le résultat en dépôt dans ses mains,
pendent que la Marine Royale, déterminer
Selon la loi si elle doire mêtre le Brik et le
dépôt de la Cargaison selon nous l’avons re dames comme représentants de Nord dans les
nôtres. Aussi nous certifions que la Martin
se trouve en mauvaise état, faisant d'eau
par toute part, et que nous avons suppliés
au chef de la Marine de permettre que
nous le renvoyons à Port Cabello, où il sera
meillèrement par l'excellence du port, et pour
ce qu’il peut convenir au Mr le Colonel Solders
comandant de la Frégate de St. M. de Pays
Bas L'Euridice, nous donnons la présente
à la Gaye le 18 des de 1828
was geteeckend Barbaraly Martine
or Copie conforme
Le Gouvernements secretaris
rine
No: 293
Copie Duplikan
Viskalaat den 3 November 1818
Het heeft uw Excellentie behaagd my op den 16 April
E: met de Commissie te chargeeren om mij naar het
Eiland Aruba te begeven, en onderzoek te doen omtrent
eenige ongeregeldheden in de Directie van den Com„
mandeur Lodewijk Boije, den 1 Mei daaropvolgen;
de ben ik van daar te ruggekomen, en uw Excellen=
te zal welligt uit de menigte van Documenten,
welke ik medegebragt heb, hebben kunnen ontwaren,
dat mijne occupatien voor den geringen tijd, welke
ik te Aruba doorgebragt heb niet dan zeer menig
„vuldig moesten geweest zijn, het is uw Excellentie
mede bekend dat na mijn te rug komt te burger
myn arbeid in het verder onderzoek dier zaak, niet
gering, genoemd worden.
Op den 16 Junij ha heb ik mij bij vertoog aan den
WelEdelen Achtbaren Raad van Politie geadresseert
ten einde zoodanige beloning te mogen genieten,
als my naar costume en billijkheid toekwam, zoo
tot goedmaking der op de reis noodwendig gemaakte
onkosten, als wel voor gemeriteerde vacatiën, welge„
melden Raad heeft mij bij Resolutie van den
„zelfden dato naar uw Excellentie gerenvoieert, als
zynde de gene die my de Commissie had opgedragen.
Het
No: 55
Het is dus uit dien hoofde dat ik uw Excellentie
in consideratie geef, myne geringe inkomsten als Ad„
junct fiscaal, tevens de onkosten die ik noodwendig
op de reis naar Aruba heb moeten maken, ende
veelvuldige moeite en arbeid welk het onderzoek
omtrent de directie van den Commandeur Boije
mij beide te buracao, en te Aruba heeft ver„
oorzaakt; welk onderzoek uitsluitend de werk„
zaamheden van het officie Fiscaal, als een par„
ticuliere Commissie door uw Excellentie my
opgedragen, moet beschouwd worden; en uw Er„
cellentie solliciteer om aan mij zoodanige Som ma toetestaan, als uw Excellentie naar billijk
heid mogt vermenen, mij tot goedmaking der
op mijne reis naar Aruba. gemaakte onkosten,
en voor verdiende vacatien, naar evenredigheid
der gehoudene werkzaamheden, te Competeeren.
Ik heb de Eer met diepen verbied te zyn
Uw Excellenties onderd. Dienaar
Zyne Excellentie den viie. De Adjunct fiskaal
E: H: R: Hajunga Admiraal Commandeur
Ade Fiscaal van de Militaire Willems
ende Governeur Generaal van voor kopie konform
Curacao en onderhoorige Eijlande Gouv„r secretaris
den 4e. in