Full Text / Transcription of https://coleccion.aw/show/?NL-HaNA_2.10.01_3628


Journaal
van den
Gouverneur
van
Curacao
over het
Vierde Kwartaal
1820
Journaal, gehouden by
den Gouverneur Generaal
adinteuim van Curacao en
onderhoorige eilanden Bonaire
en Aruba.
1820.
October 1. Niets byzonders voorgevallen.
No 487.
2. De persoon van W.C. Hoyer, bij onze disporctie
van den 26:e September lb No 477 tot district
meester van het 1:e district in de oost divisie
benoemd, heeft heden den gewonen eed in die
kwaliteit afgelegd.
No 488.
Gehoord hebbende de redenen door Willem Munnigtz
aangevoerd om verschoond te worden van de aanne
„ming des district meesters port, waartoe hy by
onze disponitie, van den 26=e September lb N=o 477, is
benoemd geworden.
Is goedgevonden en verstaan.
1=o Den voornoemden W. Munnigh van de waarne
ming van den post van Districtmeester van het 1=e
district in de middel divisie te excuseren, zoo als
geschiedt by deze.
2=e Om P. T:s Koeyen te benoemen, zoo als hy hier by
benoemd wordt tot districkmeester van het 1:e dir
„triet in de middel divisie, ten einde in dien post te
treden na dat hy alle reglementen, registers, doen„
menten en papieren daartoe behoorende van den af„
„gaanden districtmeester G.J. Murkus zal hebben
overgenomen en als dan den gewonen eed voor ons
zal hebben afgelegd.
Extracten dezer disponitie zullen aan de daarin
genoemden
October 2 genoemden, in zoo ver dezelve ieder van hen aan
gaat, tot respective informatie, aanstelling en
narigt worden toegezonden
No 489
Het garneroen is heden door ons geinspecteerd
geworden.
Niets byzonders voorgevallen
No 490.
Gelezen zynde eene missive van den kapitein
Quitenant ter Zee H. W. de Quartel, koanmande
rende zyner Majesteits brik de Merkuur, houdende:
1=o Verslag van het voorgevallene op zyne laatste
reis en wel byzonderlyk ten opzigte van de
nederlandsche Golet genaamd Bannette de„
„welke genomen was door eenen Ingurgenten
kaper en te Margarita opgebragt alwaar de„
„zelve Golet vrygelaten is, op de wyze zoo als in
de overgelegde bylaag vermeld staat.
2 voorstel om de gemelde brik eenen kristogt
te laten doen ten einde den rooven die hosti=
„liteiten aan schipper 2. de Hareth gepleegd
heeft, op te spooren. Zie de minie en bylaag
onder No 196 & 197
Is goedgevonden en verstaan: het hiervoren ge„
rapporteerde tot informatie aan te nemen, en het voorzei=
„de voorstel te houden in advier
No 491
Op het Ministerie voor het Publieke onderwis, de
Nationale Nyverheid en de kolonien getrokken
zes wissels van No 71 tot No 76 ten bedrage
van f5506. 94 of Ps 3993.1. 1. voor militaire
tractementen en soldyen over de gepasseerde maand
September
N=o 492
October 5. No 492.
zyn in triplo, ingekomen het extract uit het
dagregister van ontvangsten en uitgaven by de
artillerie magazynen alhier gedurende het 3e kwar„
taal dezes Jaars, en den generalen staat der voornaam=
„ste artillerie behoeften, zich den 1e dezer maand
October, op dit eiland bevindende.
No 493.
De Hospitaalmeester heeft ingezonden de verantwoor„
„ding stukken van den hospitaaldienst zoo wel over
de gepasseerde maand September als over het derde
kwartaal dezes Jaars.
No 494.
Gelezen, zynde eene missive van den kapitein Zui„
„tenant ter Zee H. W. de quartel, kommanderende
zyner Majesteits brik de Merkuur, dd 6:e dezer, houdende
verzoek: dat er aan de heeren van de Etat Major.
van de gemelde brik eene toelaag uit de koloniale
kar, tot eene kleine te gemoetkoming van de meerdere
onkosten die men hier meer verpligt is te maken,
worde geaccordeerd, of wel eene gelyke kwantiteit van
brandhout als aan de officieren van het ganneroen
is toegestaan. Zie de missive onder No 198
En gelet dat de overledene Gouverneur Generaal
de Vice Admiraal A. Kikkert omtrent het verhoo„
„gen van tafel der officieren van zyner Majesteits
schepen op deze statien, en dato 10:e October 1818 een
berigt aan het Ministerie voor het Publieke onder„
„wys, de Nationale Nyverheid en de kolonien heeft
ingezonden, en dat op gezegde berigt geene aanschry„
„ding is ontvangen.
Is goedgevonden en verstaan: het verzoek van
den kapitein Luitenant de quartel te houden in
advies
October 6. advies tot dat de over de onderhavige zaak ver=
wacht wordende aanschryving van het voormelde
Ministerie zal zyn ontvangen, en welke aanschay
„ving met de eerste gelegenheid kan te gemoet gezien
worden.
Een afschrift hiervan, zal aan den kapitein
Luitenant ter zee de quartel, tot informatie,
worden toegezonden.
No 495.
De Chirurgyn Majoor heeft ingezonden de stuk=
ken betrekkelyk tot den geneeskundigen dienst
over het laatst verloopene kwartaal
No 496.
De Ontvanger Generaal adinteum Theodorus Int=
„ting zich by ons vervoegd hebbende, stelde ons eenen
by hem van den Raad Contrarolleur Generaal der
Tinancien adenterm ontvangen brief, dd 6e dezer
No 445, ter hand, met verzoek dat wy hem zouden
vrystellen van de verpligting, door den Raad Contra=
„rolleur hem in dien brief opgelegd, namelyk: van
restitutie te doen van drie honderd negen en negen„
„tig pezoo van achten vyf realen en vyf stuivers het be„
„drag van vyf percent commisie door hem in rekening
gebragt als hem competerende wegens het ontvangen in
de koloniale kas van F=o 7994.3.2, uit handen van
de Comminarinen over den boedel van den gewezenen
Ontvanger Generaal Matthias Schotborgh Gt, ingevolge
zekere resolutie van den Raad van Policie, do 252
September lb, sustinerende, de voornoemde Ontvangen
Generaal tot de berekening van de voormelde Com„
„minie geregtigd te zyn zoo wel uit krachte van
dit: 20 zyner Sustructie, als uit hoofde dat de
interpaetatie van dat artikel by Gouvernements
disporitie
October 7 dispontie dd 2e February dezes Jaars No 82 niet
kan worden verstaan zich tot de onderhavige zaak
uit te strekken. Zie de hiervorengemelde minive onder
No. 199.
De voorzeide minive gelezen als mede gezien de
Instructie voor den Ontvanger Generaal en de hiervoren
aangehaalde Gouvernements disporatie, mitsgaders nog
de missive van den overledenen Heer Gouverneur
Generaal A. Kikkert aan het Departement van Koop
handel en kolomen, dd 30=e January 1818 No 14 en
de daarin aangehaalde documenten op zigtelyk het
berekenen van perceptie geld door den ontvanger
Generaal
Is goedgevonden en verstaan. het advies van den
Raad van Policie hieromtrent in te nemen en in=
tusschen deze zaak onbeslist te laten, en voorts hier
„van, by extract dezes, kennis te geven aan den
Raad Contrarolleur Generaal der Financien adinteum
en den Ontvanger Generaal aditeum, tot derzelven
narigt.
Neets byzonders voorgevallen.
N 497.
De persoon van P. F: koegers, by onze dispontie
van den 2=e dezer No 488, tot district meester van
het 1:e distriet in de middel divisie benoemd, heeft
heden den gewonen eed in die kwaliteit afgelegd.
No 498.
Gehoord hebbende het mondeling verzoek van den
Lands bakker Johannes Kraanwinkel, dat er eene
gunstige dispontie zoude genomen worden op zyn
in dato 8e December 1819 aan den nu wylen Heer
Gouverneur Genevaal A. kekkert, ter bekoming van
verhooging van tractement ingeleverd rekwest, het„
welk
October 9. welk dienzelfden dag onder N:o 694 in advier
is gehouden.
En op het voorzeide rekwert disponerende, is
goedgevonden en verstaan: den rekwestrant ver=
„hooging van tractement toe te staan en zyn Jaar
„lyksch tractement aldus, onder zyner Majesteels
nadere approbatie, by deze te stellen op drie hon=
„derd en tien peror van achten, sidert den 1e dezer
maand October.
Afschaaften hiervan, zullen aan den rekwestrant
en den Raad Contrarolleur Generaal der Financien
adenterim, tot respective informatie en narigt, worden
toegezonden.
No 499.
Gelezen zynde eene misive van den kapitein
Luitenant ter Zee H. W. de Guartel, kommande—
„rende zyner Majesteits brik de Merkuur, dd 9=e
dezer, strekkende ter accuratie en beantwoording
onzer dispontie van den 6e desen No 494 genomen
op eene ten dien dage ontvangene misive van
den voornoemden kapitein Quitenant wegens toe=
laag aan de Etat Major van de voorzeide buk uit
de koloniale kas of wel van brandhout. Zie de eerst=
gemelde missive onder n:o 200.
Is goedgevonden en verstaan: den voornoemden
kapitein Luitenant de quartel, de volgende rescriptie
te doen toekomen.
den inhoude UEl missive van heden is van dien
aart, dat ik meen dezelve, tot weering van misver
„stand te moeten beandwoorden
de voordragt door W7G by minive van den 6e deur
gedaan, is my by onderzoek gebleeken dat op een
erronieuse grondstag steunt, namelyk, de toelage
October uit de Convoy gelden: zulks is by zyne Excellentie
de Vice admiraal Gouverneur Generaal Zikkert,
geimprobeert geworden, maar daarentegen een
voordragt geschied om dezelve te vinden uit de in=
„terenen der 1 pC kaapvaartkas, heerop komt waar=
schijnelyk rescriptie by eerst scheeproccarie en deze
wilde ik afwagten:
myn oogmerk is dier niet om UEG met deze pe„
titie aan het ministerie te renvogeeren dezelve is
bereids sinds lange aldaar een point van delibe„
ratie, wanneer alzo de gemelde voordragt niet
word gegouteert, of met stilzwyge beandwoord, zal
de huishoudelyke manier van schikking in deze„
waarvan UEG Laarte deel des briefs melding maakt,
eerst een pant van deliberatie kunne opleveren
en alsdan blyken of ik, Urg gemeld verzoek om
brandhout voor de officieren, als niet billyk hebbe ver„
ondersteld. en
Eindelyk moet ik Url observeeren dat volgens ko„
„ninglyk besluit, het brandhout, aan de officieren der
Landmagt, word uitgedeelt, en hetzelve door hun
midsdien, niet uit byzonder guist word genooten.
No 500.
Gehoord hebbende het mondeling verzoek van vrou
we Maria Catharina van Groot Davelaar weduwe
van wylen den Heer Mr P. B. van Stavekenborgh, in
leven Raad-Fircaal alhier en laatstelyk het Gouver„
„nement dezes eilands adeterem waargenomen hebbende
behelzende dat verzoek dat wy haar, uit hoofde van
haren toestand, een pennisen uit de koloniale kas
zouden accorderen ende zulks tot dat het zyner Ma„
„jesteit zal hebben behaagd op haar aan Hoogstdezelve
door ons intermediair gepresenteerd rekwert, ter bekoming
October 10 van pennoen, te disponeren.
En, in aanmerking nemende: dat de voor noem
„de Weduwe van Starckenborgh zich waarlyk, in
eenen zoodanigen staat bevindt dat zy, zonder on=
„derstand van Gouvernements wege, geen toereikend
middel van bestaan kan hebben, en aangezien wy
volkomen vertrouwen stellen op eene voor de voor„
noemde weduwe gunstige dispontie van zyne
Majesteit.
Is goedgevonden en verstaan. aan de voornemnde
vrouwe Maria Catharina van Groot Davelaar we„
duwe van wylen den Heer Mr P.s B. van Starcken
„borgh, in leven Raad-Fiscaal alhier en laatstelyk
het Gourvernement dezes eilands adeteum waarge=
„nomen hebbende, provisioneel en tot dat zyne Ma„
„jesteit de koning op haar hiervoren bedoeld rekwerk
zal hebben gedisponeerd, onder Hoogstdeszelfs nadere
approbatie te accorderen, zoo als aan haar geaccor=
„deerd wordt by deze een maandelyksch pennoen van
vyftig peros van achten uit de koloniale kas, gere„
„kend sedert den 1=e dezer maand; onder verpligting
nogtans van het genotene te zullen restitueren in
dien het den koning, onverhoopt, niet mogt beha=
„gen deze onze dispontie goed te keuren.
Zullende Extracten dezer disponctie, aan de gepen„
sioneerde weduwe van Starckenborgh en aan den
Staad Contrarolleur Generaal der Financien adenterimn„
tot informatie en narigt, worden toegezonden
No 501.
Gezien zynde eenen door de administrateurs van
het garmroen alhier op rekwintie ingezondenen no=
menativen staat der onder Officieren en manschap=
„pen dezes garniroens, ten getalle van een honderd twee
October 10. en negentig, welker tyd van dienst in deze en vol=
„gende maanden van dit Jaar expireert.
En, by ontstentenis, zoo wel van bepaalde orders
omtrent het verleenen van ontslag aan de voormel=
„de onder officieren en manschappen, als van aan„
„schryving omtrent de wyze waarop dezelve zullen
worden geremplaceerd, gehoord hebbende het advies
van den Majoor Pitulair der artillerie D.W. Duer„
steler als kommandant der Troepen.
Is, conform het advies van den voornoemden Ma„
joor, dezelve door ons geautoriseerd geworden, ten
eende de kommandanten der kompagnien aan te
zeggen, om hunne respective onder officieren en
manschappen, welker tyd van dienst in dit Jaar
expireert af te vragen of dezelve genegen zyn zich,
onder genot van het gewone handgeld, te reenga„
geren en aan hem kommandant der Troepen rap„
=port te doen van het getal, zoo wel der genen die
wederom dienst willen nemen als van de zoodanigen
die hun paspoort begeeren, ten einde de eerstgemelden,
ingevolge artikel 97 van het provisioneel Regle„
„ment van administratie voor de troepen dienstdoende
in de West. Indische kolonien te reengageren; en
voorts, ingeval het getal der dienstnemenden niet
zoo groot mogt zyn om, gevoegd by de zoodanigen,
dewelke langer diensttyd hebben, by provine eene
toereikende bezetting op dit eiland te behouden,
als dan orders te stellen dat het verleenen van
parpoorten aan de. hier voren bedoelde een honderd
twee en negentig onder officieren en manschappen,
zer maanden langer worde uitgesteld, zoo wel, hoofd=
zakelyk, om dit eiland van de noodige bezetting
niet te ontbloten, als wegens de onmogelykheid om aan
October 16: de afgedankten transport naar het moederlands
te bezorgen, en voorts om intusschen zyner Majes„
„teits meening over dit belangryk onderwerp af„
te wachten.
No 502
Gelezen zynde eene misie van den Raad van
Civile en Cuminele Justitie do G=e dezer, accure
rende, de receptie onzer aanschryving van den 25e
September lb / zie het verhandelde onder N 475/
en verzoekende te worden gesuippediteerd met een
exemplaar van de Grondwet voor het koningryk der
Nederlanden, als ook van het staatsblad. Zie de
missive onder N=o 201.
En gelet dat er van de bedoelde Grondwet en het
staatsblad, en wel van elk, niet meer, dan een ex=
„emplaar voorhanden is.
Is goedgevonden en verstaan: aan de voormelden
Raads verzoek te voldoen door toezending aan den
zelven, by extract dezes, van het voorhanden zynde
exemplaar der heervorengemelde Grondwet en van
de Staatsbladen, die vermeld zyn op de hierby ge„
„voegde lyst door den Gouvernements Secretaris on
„derteekend; met invitatie echter, om na lectuur
daarvan te hebben genomen, dezelve aan ons terug
te zenden.
Niets byzonders voorgevallen.
N 503.
De Raad Contrarolleur Generaal der Financien
adenterim heeft heten morgen ingezonden.
Den staat der Financien op den 1e dezer maand
tot onze informatie, als mede de volgende stukken
ter verzending naar het moederland.
namelyk.
De
October 12. De maandelyksche rekening van het ontvanger Ge
neraals kantoor over September lb, in duplo
Den staat van Ontvangst en uitgaaf over het derde
kwartaal dezes Jaars, in tiplo
Den Calculativen staat van ontvangst en Uitgaaf
over dit loopend vierde kwartaal, mede in triplo
De staten in duplo van het ingehoudene een vier=
„de gedeelte der tractementen van den Secaetaris van
den Raad van Policie W Prince en van den Ha„
„venmeester W.A. van Spengler, beide over het
derde kwartaal dezes Jaars.
No 504.
Dewyl eenige ambtenaren niettegenstaande de
daaromtrent, zoo wel by hunne Instrictien als
by Gouvernements orders, gemaakte bepalingen,
in gebreken zyn gebleven de van hen benoodigde
stukken binnen den behoorlyken tyd aan ons te
doen toekomen.
Is goedgevonden en verstaan: de zoodanigen
die verzuimd hebben aan hunne verpligting te
voldoen, by deze ermstiglyk aan te zeggen om
de ontbrekende stukken uiterlyk op den 13=e
dezer, voor het sluiten der burcaur, ter Gouver„
„nements secretary te bezorgen en daarby te
vens de redenen van hun verzuim schaiftelyk
op te geven, terwyl hierby nog wordt aangezegd
daar het behoort, dat wy eene naaukeurige na„
koming der hier voren bedoelde bepalingen vorderen,
in het vertrouwen dat wy in het vervolg niet
meer zullen behoeven one ontevredenheid over
pligtverzuim te kennen te geven.
Afschriften hiervan, zullen aan alle Civile en
militaire
militaire ambtenaren dewelke tot de inzending
van stukken gehouden zyn, worden toegezonden.
No 505.
zy ons niet ontvangen zynde den staat van
het sonds tot vernietiging der bewyzen van afge=
keurde Johannissen, dewelke ingevolge besluit van
den Raad van Policie do 28:e December 1819 alle
zes maanden moet worden ingezonden.
Is daarom aanschryving gedaan aan de Commis=
„saninen over het voormelde Tonds tot vernietiging
der bewyzen van afgekeurde Johannissen, om de
„zelve te inviteren tot het geven der noodige be
„velen aan den boekhouder, ten einde den voor=
„melden staat, in triplo, uiterlyk op den 14:e dezr„
voor het sluiten van het kantoor, ter Gouverne„
„ments secretary te bezorgen; en voorts binnen
acht dagen na verloop van elken termyn, de
inzending van dusdanigen staat te doen plaats
hebben.
No 506.
Gelezen zynde een rekwest van Angelica Peltier
laatst weduwe van Pieter Clarenberg, geleidende
het daarby gevoegde declaratoir en houdende ver=
„zoek ter bekoming van brieven van voorschry=
„ving aan den President van de Republiek van
Hayti, ten einde de rekwestrante toe te laten hare
reelames op de nalatenschap van haren vader Vierre
Paltier te doen gelden door middel van haren ge„
magtigde, zonder dat zy rekwestrante gehouden
zal zyn in persoon te ondergaan of uit te voeren
de formaliteiten die in de gezegde Republiek ten
aanzien van vreemdelingen dewelke aldaar reclamen
hebben te doen, gebruikelyk zyn. Zie het rekwert
onder
October 12. onder No 62, luidende aldus.
F: P.
Is goedgevonden en verstaan: aan de rekwer=
„trante de verzochte brieven van voorschriving
aan den President van de Republiek van Hagti
te accorderen en de voormelde brieven; in forma,
benevens het overgelegde declaaatoir aan haar, met
extract dezes, te doen ter hand komen.
No 507.
Gelezen zynde eene minive van den Raad Con„
„tracolleur Generaal der Pinancien adenteum, dd
12=e dezer No 449, geleidende de hierin onder N. 503
aangeteekende stukken, en handelende over ach„
terstallige hoofd en famillie gelden zoo wel die
waaromtrent hy den Ontvanger Generaal tot de
invordering heeft aangespoord, als welke door David
Gaerste verschuldigd is, voorts over uitstaande zegel
„gelden onder de ambtenaren, mitsgaders over de in„
zending der van zyn burean nog benoodigde stuk=
„ken en eindelyk over de nalatigheid van den ma„
„gazynmeester wegens de inzending van maandstaten,
met verdere te kennen geving van niet te twy„
„selen of wy hem in zyne betrekking, als waarne„
mende het ambt van Raad Contrarolleur Generaal
der Financien, met het Gouvernements gezag zul=
„len onderstennen. Zie de missive en bylaag onder
No 202 & 203.
Is goedgevonden en verstaan.
1:o Den Ontvanger Generaal aditerem by extract
dezes aan te zeggen om zich stiptelyk te houden
aan het 5e artikel zyner Instructie.
2 Dat wy onze meening over de vordering van den
procureur David Gaerste ten laste der kolonie, by
dispositie
October 12
October 12. dispontie op een door denzelven heden ingeleverd
rekwest, zullen bekend maken.
3 Dat de Raad Contrarolleer Generaal der Pinan„
„cien adenterim de genen die voor zegels, welke zy ter
nadere verantwoording hebben genomen, verschuldigd
zyn, zal hebben aan te schryven, om binnen eenen
te bepalenen tyd van acht dagen de zegels welke
zy voor primo July lb hebben genomen, met den
ontvanger van dat middel te veriekenen door het
betalen van het bedrag by hen Ontvangen en het
opgeven dier bedragen welke behooren te worden
afgeschreven.
4: Den Raad Contrarolleur Generaal der Financien adin
teum, ten aanzien van de 6:t en 7:e afdeeling zyner voor=
„melde minwe, te verwijzen naar ouze dispontie van
heden onder N:o 504, welke voor het ontvangen der
gezegde minwe genomen was.
Een afschrift hiervan, zal aan den Raad Contra=
=volleur Generaal der Financien adenterem, tot in
formatie, worden toegezonden.
No 508.
Gelezen zynde een rekwert van David Gaerste„
houdende verzoek om betaling te mogen hebben van
het saldo der door hem geexhibeerde rekening zynde,
36, wegens paoces korten in het prosecuteren
van eenige belastingschuldigen. Zie het rekwert
onder No 63, hetwelk aldus nog luidt
JF: J.
En om de noodige informatie hier omtrent hebbende
doen geven.
Is goedgevonden en verstaan: dat aan den re„
„kwestrant uit de koloniale kas zal worden, betaald
de som van zes en dertig peros van achten, hem
als
October 12. als gewezene procureeer van den Ontvanger Gen„
raal per saldo toekomende, wegens het prorecu„
„teren in regten van eenige belastingschuldigen;
waarom dan de bedoelde rekening van den rekwer„
„trant hierby aan den Raad Contrarolleur Gene
„raal der Financien adenterim wordt toegezonden
met aanzegging om te zorgen dat de door den
rekwestrant verschuldigde hoofd en famillie gel„
den als mede zegel= gelden, by die gelegenheid
worden verrekend en betaald.
Afschriften hier van, zullen aan den rekwestrant
en aan den Raad Contrarolleur Generaal der Pe=
„nancien adenterim, tot informatie en narigt,
worden afgegeven.
No 509.
Gelezen zynde eene missive van den Raad Contra=
volleur Generaal der Financien adeteaem dd 13:e dezer
N=o 451, handelende over de inzending van de ten
zijnen kantore opgemaakt wordende stukken, voor
den 15:e der maand, met verzoek om eene vaste bepa=
ling daaromtrent te hebben. Zie de missive onder
No 204
Is goedgevonden en verstaan: den Raad Contra„
„rolleur Generaal der Financien adenterin, by ex=
„tract dezes te kennen te geven, dat de eerste aan„
zegging by onze dispontie van den 12=e dezer N:. 504
gedaan, niet bedoelt de stukken die volgens oude
gewoonte of bepaling tot den 15:e der maand mogen
worden ingezonden; edoch dat wy niet te min
by deze nog bepalen dat alle maandelyksche
of drie maandelyksche staten, lysten of documen=
„ten, dewelke van zyn kantoor worden ingezonden,
uiterlyk op den 15=e der maand ter Gouvernements
Secretarag
October 13. Secretary moeten worden bezorgd.
No 510
Is gelezen eene misnie van den Maganynmees=
ter van alle magarynen dd 13:e dezer N:o 73, ge=
„leidende pweenen verbaal, in tuplo, aangaande de
inspectie van de bouwmaterialen aangebragt met
de schepen Hennietta Wilhelmina & de Eendragt,
en houdende de redenen waarom die proceneu ver=
„baal niet eerder zyn ingezonden Zie de misie
onder No 205
No 511.
Gelezen zynde een rekwert van Francisco Do„
minges, houdende verzoek om onder den gewonen
eed van getrouwheid aan zyne Majesteit den koning
als burger en inwoner alhier te worden geconsenteerd
en zulks met genot van de voorregten derzelve. Zie
het rekwest onder No 64 hetwelk aldaes nog luidt:
JP: I:
En gelet op het daar onderstaande declaratoir.
Is goedgevonden en verstaan: der rekwestrants ver„
zoek te accorderen, mits vooraf betalende de daarop
staande belasting ten behoeve van het Ponds tot ver„
nietiging der bewyzen van afgekeurde Johannissen.
Een afscharft hiervan, zal aan den rekwestrant,
tot informatie, worden afgegeven.
No 512.
De persoon van Francisco Dominges, by onze
dispontie van dezen datum N=o 511 toegelaten zynde
om zich op dit eiland neder te zetten, heeft heden
den gewonen eed van getrouwheid aan zyne Majesteit
den Koning afgelegd
No 513.
Gelezen zijnde eene missive van den Majoor Titulair
October 14.
16.
der Artillerie D. W. Aursteler, kommandant der
troepen alhier geleidende twee nominative byten
van de onder officieren en manschappen van het
Bataillon Jagers No 28 en het Bataillon Artillerie
van linie N:o 6, welker tyd van dienst in dit Jaar
expiceert en dewelke genegen zijn zich te laten
reengageren. Zie de minive onder N:o 200.
Is goedgevonden en verstaan: hierover met den
voornoemden Officier te aboucheren en denzelven
te inviteren, gelyk geschied is, om zich, den 16e dezer
des morgens te negen ure, tot dien eende by ous
te vervoegen.
Niets byzonders voorgevallen.
N=o 514.
Met den Majoor titulair der Artillerie D. W.
Dursteler, kommandant der Troepen geabsucheerd
over het verleenen van paspoorten aan de onder
officieren en manschappen dezes garnerdens wier
tyd van dienst in dit Jaar expireert, als mede
Omtrent het reengageren der zoodanigen dewelke,
ingevolge de door dien officier in dato 14=e dezer
ingezondene nominative lysten / Zie N. 313 / daar„
toe genegen zyn en zoo wel Jagers als artilleristen
een getal van niet meer dan zeven en dertig onder
Officieren en manschappen uit maken, mitsgaders
ook over de maatregelen die er in de zaak nog
zullen behooren te worden genomen.
Na rypelyk aller in overweging te hebben geno„
men is, met overleg van den hiervorengenoemden
officier goedgevonden en verstaan:
Dat de hiervoren bedoelde zeven en dertig onder
officieren en manschappen en alle anderen, dewelke
genegen zijn langer te blijven dienen, zullen worden
gereengageerd.
October 16 gereëngageerd voor den tyd van vier achter eenvolgen
de Jaren, tegen genot van het by artikel 97 van
het provisioneel- reglement van administratie voor de
troepen dienstdoende in de west- Indische kolonien,
bepaalde hand-geld van een ducaat voor elk dienst.
Jaar.
Dat by provisie wordt afgezien van het by Con„
„serentie in dato 10e dezer/ Zie N:o 501 /raadzaam
geoordeelde, namelyk: van het verleenen van paspoor
„ten aan de uitgediende onderofficieren en manschappen
zes maanden langer uit te stellen, en den Majoor
voornoemd te autoriseren om by eene garnisoens order
bekend te maken dat de genen wier tyd van den„
expireert, naar gelang van scheepsgelegenheden, uit
deze kolonie naar het moederland zullen worden
overgezonden, edoch dat zy intusschen zullen moe
„ten dienen; terwyl de genen die zich voor eenen
korteren tyd dan vier Jaren willen laten reengageren
zulks zullen mogen doen, met vryheid om, des ver=
kiezende, van korps te veranderen, door welke bepa„
=ling het oogmerk van een toereikend garniwen te
hsuden, even goed, als door een dwangmiddel of onder„
zal kunnen bereikt worden, aangezien er toch bin
„nen zes maanden geene genoegzame scheepsgelegen:
„heden zullen zyn om al. de gepasporteerden naar het
moederland te verzenden, behalve dat het Gouver=
„nement daardoor deszelfs bereidwilligheid betoont om
ook aan het aangegane engagement te voldoen en
intusschen aanschryving hier omtrent kan worden
te gemoet gezien, ten eende om dien over een komstig
hierin nader te voorzien
5: Dat aan die manschappen welker tyd van dienst
expiceert, en welke op dit eiland zullen willen
woonachtig
October 16. woonachtig blyven daartoe verlof zal worden verleend
mits aantoonende een middel van bestaan te hebben
of eenig ambacht te willen intoefenen
4:e Dat, wegens den slechten toestand der koloniale
kar en de onmogelykheid om de som benoodigd
voor handgeld der aan te nemene militaire man„
schappen, op eenige andere wyze dan door het ge„
ven van wissels op het Gouvernement in het
moederland te venden; en ofschoon er ook een ver„
bod tegen het trekken voor iets anders dan voor
militaire tractementen en soldyen aanwezig is,
nogtans in dit byzonder daingend geval, waaromtrent
in het moederland geene tydige voorziening is gemaakt
op het Ministerie voor het Publieke Onderwys, de
Nationale Nyverheid en de kolonien, by provisie,
zal worden getrokken voor de somm van een duisend
guldens, ten einde zoo wel aan de onder officieren
en manschappen die reedt genegen zyn zich te laten
reengageren als anderen die als nog daartoe mog„
„ten melineren, terstond by het reengagement hun
handgeld te kunnen toetellen; wordende de Raad
Contrarolleur Generaal der Financien adenteriin dien
volgens hierby geantoriseerd om het trekken van
wissels tot een duizend guldens M:t wegens mili=
taire uitgaven, tegen den 23e te annonceren,
en by ontvangst dier som in de kolomale kas,
dezelve terstond aan den Raad van administratie
van het garmroen alhier, ten gebruike als hier„
voren is vermeld te doen uitbetalen
En zullen extaacten hiervan, in zoo ver zulks
ieder aangaat, aan den Raad Contrarolleur Gene„
„raal der Financien admterim en den Raad van
administratie van het garneroen alhier, ten fene
van
October 16. van informatie en narigt, respectivelyk, worden
toegezonden.
No 515.
Gelezen zynde eenen door den Raad Contrarol
„leur Generaal der Tinancien adenterem aan ons over
„handigden brief door den tweeden klerk ten zynen
kantore Anthony Beaijon aan hem geschreven„
waarin dezelve om aangehaalde redenen verzocht
de kwaliteit van Eerste klerk en vermeerdering van
tractement te mogen verkrygen. Zie den brief„
onder No. 207
En gehoord de consideratien van den Raad Con=
tracolleur Generaal der Financien adenterim, der=
welke het verzoek van den voornoemden 2e klerk
A. Beaujon ten aanzien van het tractement ten
sterkste appuieert, latende het andere gedeelte van
zyn verzoek voor als nog onaangeroerd
Is goedgevonden en verstaan; het Jaarlyksch
tractement van den voornoemden 2e klerk An„
„thony Beanjon te verhoogen met een honderd gul„
„dem of zestig peros van achten en hetzelve al=
dus te stellen op acht honderd guldens of vier
honderd en tachtig peros van achten in het Jaar,
aanvang nemende den 1:e den aanstaande maand
November, edoch in het andere verzoek wegens
de kwaliteit van eerste klerk, kan niet getreden
worden.
zullende extracten dezer dispontie aan den Raad
Contracolleur Generaal der Financien adenterem
en den voornoemden tweedem klenk A. Beanjon,
tot respective informatie en narigt, worden toege„
zonden.
No 516.
In
October 16. In eene buiten gewone vergadering van den Raad
van Policie heden gehouden, gehoord zynde het
advies van de Leden over het al of niet Competeren
van perceptie geld aan den Ontvanger Generaal
adinterim alhier, wegens de by hem uit handen
van de commissarinen over den boedel van den
gewezenen Ontvanger Generaal Matthias Schot
borgh Gz in de koloniale kas ontvangene som
van P 7994. 3. 2. zie des Raads Notisten van
heden, waaraan wy ons refereren.
En voorts disponerende over de onderhavige zaak,
welke by onze disporitie van den 6e dezer No 496
onbeslijt gelaten is, tot dat wy des Raads advies
zouden hebben ingenomen.
Is goedgevonden en verstaan: dat de ontvanger
Generaal adinterem. gehouden zal zyn, de by hem op
de hiervorengemelde som berekende vyf percent com=
missie ten bedrage van P: 399.5.5 in de kolo=
„male kas te restitueren, met reservatie aan denzelven
van zyne comminie op de interenen welke by de
koloniale kas van die som geuoten is; edoch dien
onverminderd aan den voormelden Ontvanger Gene„
„raal aditerim by wyze van gratificatie te accorde„
„ren eene som van twee honderd pezoo van achten,
ende zulks vor de meerdere werkzaamheden aan
hem in dit buitengewone geval veroorzaakt, onder
verpligting nogtans van de voorzeide gratificatie we=
„derom in de kolbniale kas te brengen indien dezelve
onverhoopt, in het moederland niet op zyne rekening
mogt worden geleden.
Afschriften hiervan zullen aan den Raad Contrarolleur
Generaal der Financien adeterein en den ontvanger
Generaal adenterim, tot respective informatie en
narigt,
October 16. narigt, worden toegezonden
No 517.
De Raad Contrarolleur Generaal der Tenancien
adenteriin heeft heden de volgende stukken inge=
zouden. namelyk.
zyn Journaal over het derde kwartaal dezes Jaars
De maand- staten van 's Lands magarynen over
July, Augustus en September lb
Den drie maandelykschen magarynstaat tot ulti=
„mo der gepasseerde maand September
Niets byzonders voorgevallen.
No 518.
Is gelezen eene minive van de administrateurs
van het garneroen alhier, dd 18=e dezer 2 d No 114„
handelende over den koers tegen welken het hand=
geld aan de te re-engageren onder officieren en man„
schappen behoort te worden uitbetaald. Zie de missue
onder N:. 20ver dewelke in advies wordt gehouden.
No 319.
De persoon van. J. P. Lereur, by onze dispontie,
van den 28=e September lb W: 481 benoemd tot Des:
trict Meester van het derde district in de west- Di„
„visie in stede van J. J. Gaatman, heeft heden den
gewonen eed in die kwaliteit afgelegd.
No 520.
De Majoor Pitulair der Artillerie en Kommandant
der Proepen D. W. Dursteler, heeft aan ons ingele„
„verd eene kopy der garneroeus order, door hem, ten
gevolge onzer autorspitie van den 16:e deser hierin
onder No 514, heden uitgegeven. Zie de gemelde
order onder N=o 209 dewelke wordt goed gekeurd en
voor informatie aangenomen.
No 521
October 19. No 521.
Het Nederlandsche koopvaardy brikschip de Een„
dragt gevoerd door Schipper 70b Pjeerds Vinser, in
dese Hlaven afgeladen ingevolge het hier by gevoegde
manisest onder La 7b is heden naar Amsterdam
gezeild.
N 522.
De Chirurgyn der 3e Clane bij het bataillon
Jagers No 28, C. G.J. Brinck, dewelke by onze
dispontie van den 22e Augustus lb No 430, verlog
voor den tyd van een Jaar bekomen heeft, is heden
met het brikschip de Eendragt, schipper J. P. Viser
naar Amsterdam, vertrokken.
No 523.
Een der op den 18e dezer by ons ontvangen zynde
generale staten van gedane kortingen en uitgaven
by den Raad van administratie van het garni=
zoen alhier is heden aan den Raad Contrarolleur
Generaal der Financien adenteuin toegezonden.
No 524.
In eene Conferentie heden gehouden met den Raad
Contracolleur Generaal der Financien adenteuim en
met den Commandeur der eilands Bonaire, dewelke
zich alhier met verlof bevandt.
Is, met overleg van de voornoemde Ambtenaren,
goedgevonden en verstaan.
Dat er, tot behoud van de Exelsteelt, geene Ezels
meer vóor de maand January des Jaars 1822 van
het eiland Bonaire zullen worden verkocht, aan
=gezien men thans by elk verkoop van ezels, in
de verpligting is van erellennen tot het Completeren
van het benoodigde getal af te leveren, hetwelk
tot merkelyke nadeel van de teelt is strekkende.
2
October 20. 2o Dat er, ten minste, nog vyf honderd Jonge gei=
„len uit de revenue van de veeteelt, zullen wor„
„den aangekocht ten eende het getal kabrieten op
het voormelde eiland Bonaire te vergrooten en
aldus de teelt daarvan te bevorderen en vermeerde„
ren; zullende de voormelde aankoop door den
voornoemden Commandeur ook mogen geschieden.
3 Dat er een getal van vyftig geiten met de benoo„
„digde bokken op klein- Bonaire zal worden gebragt,
om aldaar in het wild voort te teelen, hetwelk zou„
„der eenige de minste moeite en zorg zal kunnen
plaats hebben.
44:eo Dat de slaven die tot het werk op het eiland
Bonaire, namelyk in het borch tot den landbouw
of aan de zoutpannen ongeschikt zijn, naar dit
eiland, zullen worden afgezonden, ten eende alhier
alwaar zulks met voordeel geschieden kan, aan P Lands
werk te worden geemployjeerd.
zullende afschriften hiervan aan den Raad Contra
rolleur Generaal der Tinancien, adenteuim en den Com=
=mandeur van het eiland Bonaire worden torgezonden,
ten einde, een ieder in zoo ver het hem aangaat, voor
de nakoming hiervan te zorgen.
No 525.
Gezien dat 'er vier manschappen zyn meer tyd
van dienst op den 27=e dezer expireert, en dewelke
zich niet hebben aangemeld om te worden gereën„
gageerd.
Is goedgevonden en verstaan: dezelve met het
brerschip genaamd Hennetta, Wilhelmina, hetwelk
den 28=e dezer naar het moederland zal vertrekken,
te verzenden ingeval dezelve zich als nog niet wil=
len laten reengageren of niet vallen in de termen
van
October 20 van het 1:e lid der garneroeus order van gisterend
om alhier woonachtig te blyvent; wordende de
kommandant der troepen aan welken een af„
schrift dezer dispontie zal worden toegezonden, by
deze geinviteerd om het vorenstaande ter kennis der
bedoelde manschappen te brengen en ons ten spoe
„digsten met hun nader voornemen bekend te maken
No 526.
In nadere overweging genomen zynde den ikhoud
der minwe van de administrateur der garneroens
alhier, dd 18=e dezer 2 d W=o 114 op dien dag ontvan
„gen en alhier onder No 518 in advies gehouden, han
„delende dezelve: over den koevs tegen welken het handgeld
aan de te reengageren onder officieren en manschappen
behoort te worden uitbetaald.
Is goedgevonden en verstaan: dat het bedoelde
handgeld de ducaat tegen vyf Nederlandsche guldens
gerekend, in eens, volgens den wiselkoers zal worden
uitbetaald
Een afschrift hiervan, zal aan de voormelde admi„
„nistrateurs, tot informatie en narigt, worden toegezonden
No. 527.
Iuspectie gehouden van de Comptabiliteit van het
garnroen alhier en dezelve afgeteekend; zullende het
geringe saldo van ƒ 112„ 92 cto hetwelk den 18e decer
in handen van den kwartiermeester was, te gelyk
met het voorschot, over dit loopend kwartaal, met
het begin van het aanstaande Jaar worden verant
„woord en dus niet in de koloniale kas worden gestort.
No 528.
Gelet zynde dat het laatste Tarief van in - en uit=
=gaande regten alhier, op den 15e December 1818 is
gearresteerd en sedert dien tyd geene revine heeft
ondergaan
October 20. ondergaan, hetwelk nogtans van tyd tot tyd raadzaam
moet zyn.
Is dienvolgens goedgevonden en verstaan: dat
het voormelde tarief zal worden nagezien in naar
bevinding over eenkomstig den tegenwoordigen markt
prys der koopwaren worden veranderd door eene
Commine, zamengesteld uit den Raad Contrarolleur
Generaal der Financien adenterem, den Ontvanger Ge„
„neraal adenterim, benevens de kooplieden D. Bing
en J. N.C. sutting, dewelke hierby worden benoemd,
met magt om in het gezegde tarief zoodanige ver„
„anderingen te maken als noodig zullen zyn, of het
het inleveren van het ontwerp, hetwelk wy zoo spoe„
dig als zulks mogelyk zal zyn, te gemoet zien, zoo
„danig voorstel deswegens te doen als hun Ed: noodig
zullen oordeelen.
Afschriften hiervan, zullen aan de voornoemde Hee=
ren, tot informatie en autorisatie, worden toegezonden
No 529.
Gelezen zynde eene missive van den Raad Con„
tracolleur Generaal der Financien adeterum dd
20=e dezer N=o 457, houdende, hoofdzakelyk, dat hy
onder onze nadere goedkenring, den Ontvanger Gene„
„raal adenterim gelast heeft het twee derde gedeelte
van den koopschat van het bedoelde huis, aan 6.O.
Freund behoorende en aan de Een percent kaapvoart
kas verhypothekeerd, op hypotheek te laten en inge
„val de kooper meerder verband, ten genoege van
het Gouvernement kan geven, als dan het geheele be„
drag der koopschats, mits niet meer bedragende dan
het hypotheek groot is, tegen zes ten honderd in het
Jaar, te laten; met verzoek om onze goedkeening daar„
op te mogen ontvangen. Zee de missive onder N:o 218.
J
October 20. Is goedgevonden en verstaan: in de verrigting
van den Raad Contrarolleur Generaal der Finoncien
adenterim, ten deze, te berusten, en daarop onze
volkomene goedkeuring te verleenen.
Een afschrift hiervan, zal aan den Raad Contra=
rolleur Generaal der Tinancien adenterem, tot in„
„formatie en narigt, worden toegezonden.
No 530.
Gelezen zynde een rekwert van H: Kikkert.
2e klerk ter Gouvernements Secretary, houdende
verzoek om met den post van eersten klerk al=
daar, en het tractement daaraan verknocht, te
worden begunstigd. Zie het rekwert onder no 65.
hetwelk aldus nog luidt.
/S: I.
En gelet dat de voormelde port van 1eo klerk
ter Gouvernements Secretary thans kan worden
vervuld.
Is goed gevonden en verstaan
1=o Den voornoemden 2:e klerk H:s Vikkert hier„
=„by te benoemen tot 1e klerk ter Gouvernements
Secretari onder het genot van het daaraan
verbonden Jaarlyksch tractement van f 975„-„—
2e Dat J. A. P:s Hellmundt 2e klerk, M. B. Schot
„borgh 3e klerk, H Schotborgh Gt 4e klerk
en Cornelis Gorsira 5e klerk ter Gouvernements
Secretari zal zyn.
3:e Dat de 3:e klerk Martinus B. Schotborgh zal
genieten het Jaarlyksch tractement van f 875 het
welk aan zijnen post is verknocht, en dat Corne
lis Gorsira het tractement van 5e klerk zynde
ƒ700 in het Jaar genieten zal.
Dat de voorzeide tractementen zullen ingaan, met
. Brimo
October 21. pramo der aanstaande maand November.
zullende een afschrift dezer dispontie aan den
Raad Contrarolleur Generaal der Financien adinte=
umn, en extracten daarvan in zoo ver een ieder aan=
gaat, aan de hieringenoemde klerken ter Gou„
„vernements Secrelary, tot respective informatie
narigt en acte van aanstelling worden afgegeven.
No 531.
Heden is door ous inspectie gehouden op zyner
Majesteits brik Merkuur, gecommandeerd door den
kapitein Luitenant ter Zee H. W. de Guastel.
No. 532.
Het Nederlandsche brikschip genaamd Almelo
gevoerd door schipper Reyer Smit, is heden van
Amsterdam aangekomen; met welk schip ontvan=
„gen zyn het duplicaat van de aan ons reeds ter
hand gekomen zynde aanschryving de 19e Juny
1820 No 721, benevens de originelen van de vol„
„gende missiven als 1 van den 20e Juny 1820 N.
422 en zes van den 21e dierzelfde maand N„s
123, 1/24, /25, 726, 4/27 en 4/28 allen van het Ministerie
voor het Publieke Onderwis, de Nationale Nyverheid
en de Koloniën.
No 533.
Nader gelezen zynde eene aanschryving van
zyne Excellentie den Minister voor het Publieke
Ouderwys, de Nationale Nyverheid en de kolonien,
dd 21=e Juny 1820 No 14/28, tot antwoord op eene
ninwe van den Overledenen Gouverneur Generaal
adinterim in dato 26=e February deszelven Jaars
W. 20, dienende om het Gouvernement alhier, by
ampliatie op des Ministers dispontie, ob 18e Augustus
1819. no 2/57, tweede afdeeling Dr O, te autoriseren
October 23 om, conform het gedane verzoek, den magarine
meester toe te laten het geledene verlies op het
vleesch en spek gespecificeerd op de overgezondene
lyst, zoo mede de verliezen door hem sidert dien
tijd op die artikelen geleden, op zyne boeken af te
schrijven; met verdere informatie dat de Minister
berust in de door den overledenen Gouverneur Ge
„neraal adenterim by zyne bovengemelde missive
voorgestelde voorzieningen, ten einde verdere be„
zwaren van den magazynmeester dien aangaande,
ten eenemale voor te komen.
En gezien de evengemelde by des overledenen Gou=
verneur Generaals adenterem missive, van den
26e February 1820 No 20, voorgestelde voorzieningen
Is goedgevonden en verstaan.
1=o Des Heer Ministers voorschreven antwoord ter ken„
nis van den Raad Contrarolleur Generaal der Fi=
„naneren adenterein en den Magarynmeester van
alle magazynen te brengen, ten eende, dien Conform
al het door hem magarynmeester op het vleesch in
spek geledene verlies, in zoo ver zulks redt be=
„wezen is en nog zal bewezen worden geheel en
al op deszelfs boeken worde afgeschreven, zoo als
daartoe autorisatie verleend wordt by deze
L=o Dat by toevoer van spik, vleesch en meel, deze ar„
„tikelen volgens het Tactuurs of anders bepaalde ge=
„voigt, bij den magazynmeester in ontvang zullen wor„
den genomen; edoch by de uitdeeling van het vleesch
en spek en telkens dat er meel wordt uitgeleverd,
zullen de vaten in de tegenwoordigheid van een
der waagklerken worden uit- en toegewogen, wanneer
derzelver kruistouwen in de zegels daar aan onbescha=
„digd zyn en waarop de waag- klerk zal gehouden
zyn
October 23. zyn te letten; zullende de waag- klerk van iedere
uitweging aanteekening houdens en daarvan eene
geteekende kopy aan den magarynmeester ter hand
stellen, ten eende denzelven te strekken tot be=
„wys van het geledene verlies, hetwelk na het ver„
bruiken van eene geheele verzending, op deszelfs
boeken zal worden afgeschreven.
Dat, voortaan, by ontvangst van weel, hetzelve
aan den magarynmeester niet zal worden toegewo=
„gen, aangezien zulks en alle andere dergelyke maat„
regelen welke voormaals noodig mogten geweest.
zyn, door de vorenstaande bepalingen noodeloos
geworden en van zelven vervallen zyn.
Afschriften hiervan, zullen aan den Raad Con.
tracolleur Generaal der Financien aditerim en den
Magarynmeester van alle magarinen, zoo mede
extract aan den waagmeester in zoo ver het hem
aangaat, tot respective informatie, autorisatie en
narigk, worden toegezonden.
No 534.
Nader gelezen zynde eene aanschryving van
zyne Exceltentie den Minister voor het Publieke on=
„derwys, de Nationale Nyvenheid en de kolomen,
dd 21:e Juny 1820 n. 125, tot antwoord op eene
minive van den overledenen Gouverneur Gene„
raal adenteuim van den 26=e February deszelven
Jaars No 21, waarby te kennen gegeven is, dat
de vracht der goederen door het voormelde Ministerie
naar dit eiland verzonden wordende, hooger ge=
=steld wordt dan die van partikulieren.
En herlezen de by de voorzeide ministeriele aan„
schayving kopijelyk toegezondene missive van de
Cargadooss Hoyman en Schuurman te Am=
Sterdam
October 23. sterdam.
Is goedgevonden en verstaan: een afschrift
der gemelde misive van de Cargadoors Hoy„
man & Schuurman, by extract dezes, aan den
Raad Contrarolleur Generaal der Financien
adenterim te doen hoekomen, ten eende zyne be„
denkengen daarop aan om te suppediteren.
No 535.
Nader gelezen zynde eene resolutie van zyne
Excellentie den Minister voor het Publieke onder
wys, de Nationale Nyverheid en de kolonien, dt
21:e Juny 1820 No 9/27, met de missive van
dien datum en van hetzelfde nummer ont=
vangen, strekkende, tot antwoord op de missive
van den overledenen Gouwenneur Generaal adin=
terim lb 25 Maart deszelven Jaars, ten geleide
van een rekwert van Dorothea Marguart, wedu=
„we van Abraham Alexander Wys, aan zyne Ma=
„„jesteit, met verzoek hetzelve aan Hoogstdenzelven
voor te leggen en het verzoek der rekwestrante,
zynde eene ongelukkige weduwe, te apprueren
Is goedgevonden en verstaan: aan de voor
noemde Weduwe A. H. Wys, by extract deus, be„
„kend te maken; dat de Heer Minister voor meld
aan oms heeft te kennen gegeven dat er geene
termen zyn gevonden om het onderhavig rekwert
aan zijne Majesteit te appuieren, vermits der
supplianter man vrywillig uit 's Lands dienst
is gegaan en in denzelven niet is overleden.
No. 536.
Gelezen zynde eene miswe van de administra
tuur dezes garnioeus, dd 23e dezer 2 d No 115,
opzigtelijk de vergoeding voor overgedragene kleeding
Stukken
October 23
24
stukken, welke behoort te worden gedaan
aan de onder officieren en manschappen wel=
ker tyd van dienst zal expireren Zie de mis=
sive Onder N=o 211.
Is goedgevonden en verstaan: te berusten in
het gevoelen van de voormelde administrateurs
en dezelve dienvolgens te autoriseren om de be„
„doelde vergoeding aan de gepasporteerd wordende
Onder officieren en manschappen zoo als in dergelyke
gevallen gebruikelyk is, te doen.
Een afschrift hiervan, zal aan de gemelde ad=
ministrateurs, tot informatie en autorisatie, wor„
den toegezonden.
No. 534.
Vermits er met de laatste scheepsgelegenheid
uit het moederland, geen berigt by ons ontvan=
gen is betreffende het al of niet terug heeren
van den Heer H. S. Nuboer in zyne kwaliteit
als Raad Contracolleur Generaal der Financien.
En ofschoon wij de minive van den Raad Con=
taarolleur Generaal der Financien adeterim, ot
11=e September lb N:o 408, waarin hy aanspraak
maakt op het volle genat van des Raad Contrarol=
leir tractement fb:, by dispontie van dien datum
N:o 454 in advies hebben gehouden, ten eende as
in die dispontie is ten neder gesteld.
Is nogtans, alvorens op de voorzeide misswe
van den Raad Contrarolleur adenterem defini=
„tief te disponeren, aanschryving gedaan aan de
Heeren Claas Schotborgh en S. Plats in kwaliteit
als gemagtigden van den Heer Raad Contrarolleur
H. J. Nuboer, ten eende geinformeerd te worden
of by hen eenig berigt: ontvangen is van den ge=
noemden
October 24. noemden Heer Nuboer, wegens deszelfs al of niet
terugkeeren naar dit eiland in deszelfs voormil=
de kwaliteit
No 538.
De volgende wissels zyn, ten gevolge van
de 4:e afdeeling omzer dispontie van den 16:e desr
N:o 514, heden op het Ministerie voor het Publieke
Onderwys, de Nationale Niverheid en de Kolo=
nien aan de order van den Ontvanger Generael
alhier, getrokken, om te strekken tot het betalen
van handgeld aan de onder Officieren en manschap„
pen dezes garniroens die wederom in dienst zub
len worden aangenomen, na dat hunne dienst
tyd zal zyn geexpireerd.
te weten:
N:o 1 van ƒ 300, a 25½ s N. C. per pero, N 2 van
ƒ 350 en N.o 3 mede van f 350, beide a 27 s
N.C. per pero, zamen bedragende ƒ 1000 of Ps
744.7. 2
No 539.
Twee originele minuen van zijne Excellentie
den Minister voor het Publicke onderwys, de
Natienale Nyverheid en de Kolonien beide van
dato 30:e Augustus dezes Jaars N=o 1/50 en No 125
door zyner Majesteits Consul Generaal te Londen
aan ons toegezonden, zyn heden by ons over het
eiland S:t Thomas ontvangen.
No 540.
Nader gelezen zynde de minier van zyne
Excellentie den Minister voor het Publieke onder
win, de Nationale Nyverheid en de kolonien, Ed
30=e Augustus 1820 Wo 1/50, hoofdzakelyk behelzende
dat zijne Majesteit by B van het besluit, dd 25=e
.Jun
October 25. Juny der gemelden Jaars 1820 heeft goedgevon
„den en verstaan: het garnroen van Curacas
te verminderen tot op eene Compagnie Jagers en
eene Compagnie artilleristen; voorts nog autori
satie op den Gouverneur dezes eilands om de
manschappen wier tyd van dienst in den loop
van dit Jaar om is, en welke niet verlangen
weder dienst te nemen of, zulks zelve verlangen
de echter door den Gouverneur niet zullen
aangenomen zyn, met de eerste bekwame scheep„
„gelegenheid, naar Nederland te doen terug heeren,
om, by hunne aankomst, aldaar, dadelyk naar
het koloniaal Depot te Harderwyk te worden
gederigeerd, en aldus hun ontslag te bekomen; met
verdere kennis geving dat, alhoewel de definitive
reorganisatie en bepaalde sterkte der Compagnie
Jagen en Compagnie artillerie, nog niet door
zyne Majesteit is gearresteerd, de Minister
vermeent te mogen vooronderstellen, dat dezelve
zullen bestaan uit omstrecks 120 man Jagers
en 80 artilleristen
Hierop gehoord, de consideratien van den kom„
„mandant der swepen alhier, aan wren de
inhoud van de vorengemelde minwe gecom=
municeerd werd.
Is goedgevonden en verstaan
Het vorenstaande aan denzelven komman=
„dant der Troepen by deze nogmaals mede te
deelen ten einde hetzelve, zoo ook het volgende
in zoo ver het noodig zal zijn, aan het garni=
„zoe bekend te maken.
Den kommandant der Troepen by deze te
autoriseren om eene Compagnie Jagens van 120
man
October 23 man te organiseren en de Compagnie artillerie
op 80 man te bringen, en daarvan aan ous rap:
port te doen.
3:e Om, by alteratie van onze dispontie van dens
16:e dezer N. 514 te gelasten.
A: dat de eerste afdeeling der garniroeus order
van den 19:e dezer zal worden ingetrokken
en dat alle onder Officieren en manschappens
die by de expiratie van hunnen dienst tyd
niet worden gereengageerd, naar Nederland
zullen moeten terug keeren.
6. dat er geene paspoorten aan de terugkeerende
Onder officieren en manschappen alhier te
„lande zullen worden afgegeven, weshalve de
2e Afdeeling der voorzeide garniroens order
in zoo ver zulks aangaat, hierby wordt ge=
attereerd.
6. dat er geene re-engagement voor minder
dan vier Jaren zal mogen plaats hebben,
waardoor de 3:e afdeeling der bovengemelde
order als mede vervalt.
Dat vier van de onder Officieren en manschap
=pen, wier diensttyd in deze maand expireert, en
dewelke zich niet wederom hebben gereëngageerd
met het op deszelfs vertrek staande brikschip Hen„
raetta g Wilhelmina Schipper P.J. Kerkhoven, naar
het moederland zullen moeten terug keeren; zul„
„lende dus eene naamlyst van de vier terug kee„
„rende militairen aan ons ten spoedigste worden
toegezonden.
Om, by intrekking van onze dispostie van
den 23:e dezer N.o 536 genomen op eene minwe
van de administrateurs dezes garneroens, opzigte„
lyk
October 25. lyk de vergoeding voor overgedragene kleeding,
stukken aan de onder officieren en manschappen
welker tyd van dienst zal expireren, te bepalen:
dat er geene dergelyke vergoeding alhier te lande
zal geschieden, maar dat op de borken der terug
„keerende Onder officieren en manschappen zal
worden aangeteekend het gene een ieder deswegens
te goed heeft.
zullende afschriften hiervan aan den Komman=
dant der Troepen en aan de Administrateurs van
het garniroen alhier, om te strekken tot respec„
tive informatie en narigt, worden toegezonden.
No 541.
Gelezen zynde een rekwest van Jonph Rar„
tique, Supercarga van de Schoener Aurora
thans liggende in deze Haven, verzoekende met
zoodanige acte of document door of van ons
zen wege voorzien te worden als strekken mo„
„ge om het gene in het rekwest is aangehaald
te comsteren, byzonderlyk met de verandering
van Schipper van het voormelde vaartuig alhier
te lande: Zie het rekwert onder N:o 65, het
welk aldus nog luidt.
JF: J.
Is goedgevonden en verstaan: aan den
door den rekwestrant benoemden Schipper Tho„
mas Henriquez een pas te verleenen om de
hiervorengezegde schoener Aurora, op derzelven
aanstaande zees naar S:t Custatius te mogen
voeren.
Een afschrift hiervan, zal aan den rekwes=
trant, tot informatie, worden afgegeven.
No 542.
Gelezen
October. 26. Geleren zynde een rekwest van T: Nyning
Chuuurgyn der 2e klane by het bataillon Jagers
No 28 in garniroen alhier, ingezonden door den
Chirurgyn Majoor met eene geleidende miszive
lb 26=e dezer, en houdende verzoek dat het ous om
aangehaalde redenen behagen moge hem verloff
te verleenen om voor een Jaar naar het moeder„
land te repatriëren, met behoud van het trac„
„tement aan zynen rang verknocht. Zie het re„
kwest onder No 6/ hetwelk aldus nog luidt
/F: I./ en voorts de missive onder N.o 212.
Is goedgevonden en verstaan: aan den re„
kwestrant te verleenen verlof voor den tyd van
een Jaar om wegens zynen ziekelyken toestand
naar het moederland te vertrekken, met behoud
van de helft van het tractement hetwelk hy
aldaar zoude genieten, ende zulks van den
dag zyner inscheping
Een afschrift dezer dispontie, zal aan den re„
kwestrant tot informatie worden afgegeven, en
zal hiervan aan den kommandant der Troepen
worden kennis gegeven.
No 543.
Gelezen zijnde eene missive van de Heeren
Schottorgh & Plats, dd 26e dezer, als gemagtigden
van den Heer H. J. Nuboer Raad Contrarolleur
Generaal der Tinancien alhier, strekkende dezelve
minwe tot antwoord op onze aanschryving van
den 24e dezer /zie het verhandelde onder No 537/
om geinformeerd te worden of by hen eenig be„
„rigt ontvangen is van den genoemden Heer Nuboer„
wegens deszelfs al of niet terugkeeren naar dit
eiland in dezzelfs voormelde kwaliteit. Zie de
missive
October 26. missive onder No 215.
En daarop definitif disponerende op de mis=
=sive van den Raad Contrarolleur Generaal
der Tinancien adinterim, dd 11e September lb
Wo 408, waarby hy aanspraak maakt op het
volle genot van des Raad Contracolleurs tractenet
Hb:s Zie het verhandelde op dien datuem onder
No 454.
Is goedgevonden en verstaan: eene kopy des
hiervorengemelde briefs van de gemagtigden
van den Heer Nuboer, by extract dezes, aan den
Raad Contrarolleur Generaal der Financien ad=
„interem, tot informatie, te doen toekomen, en
denzelven hierby nog te inviteren om, immers
tot het arrivement van den aanstaanden Gouver„
„neur, dewelke dagelyks wordt te gemoet gezien,
zyne functien te willen continueeen; blyvende
echter aan hem onverlet om, by arrivement
van den voornoemden Heer H. J. Nuboer, zoo
veel noodig als dienstig omtrent den meerderen
tyd van dienst als by overeenkomst bepaald was,
met den genoemden Heer Nuboer in Convinabele
schikkingen te treden.
No 544
Aangezien met het laatst gearriveerd schip
uit het moederland, geene dispontie omtrent de
tafelgelden der alhier gestationeerde officieren van
de Zeemagt is aangekomen.
Is, bij nadere disporitie op eene deswegens ontvan
„gene minie van den kapitein Quitenant ten
Zee H.W de quartel, kommanderende zyner
Majesteits brik de Merkuur, dd 6:e dezer maand
Odoter / Zie het verhandelde op dien datum onder
No 494
October 26. No 494/ goedgevonden en verstaan: provisioneel
en zonder Consequentie voor andere bodems, aan de
officieren van de voormelde brik Merkuur, in
voege als aan de Officieren van de landmagt
en de ambtenaren is geaccordeerd, ieder een vadem
brandhout, aanvang nemende primo der aanstaan„
„de maand November, toe te staan; wordende de
Kapitein Zuilenant de quartel geinviteerd om de
lyst der officieren, aan welke conform deze disporctie
brandhout is competerende aan ons te zenden, ten
einde naar dezelve de distributie te kunnen requeren
Afschriften hiervan, zullen aan den Kapitein
Quitenant ter Zee H W. de quartel en den Raad
Contrarolleur Generaal der Financien adenterim,
tot respective informatie en narigt, worden toege„
„zonden.
Niets byzonder voorgevallen.
No 545.
Gelezen zijnde eene missive van den kapitein
Quitenant ter Zee H.W. de Guartel, komman
„derende zyner Majesteits brik de Merkuur, tot
antwoord op onze dispontie van den 26=e dezer N.o
144, daarby aan ons toezendende eene naam
„lyst van de officieren en Adelborsten aan welke
brandhout Competeert. Zie de missive met de
daaronder gestelde lyst onder N=o 214.
's goedgevonden en verstaan: den Raad Con=
trarolleur Generaal der Financien adeteum, by
extract dezes op te geven de namen der officieren
en adelborsten van de voormelde brik de Mers=
huur, aan welke ingevolge onze dispontie van
den 26e dezer No 544, brandhout zal worden
verstrekt, ten einde de noodige order daar het
behoort
October 28. behoort af te geven.
namelyk
Den Kapitein Luitenant H. W: de Guartel
De Luitenant der 1e Clanse L. Kikkert
2=e do J.M. Pum.
2e d:o J. van Cats de Rraet
1e Schryver E. Voogd
„ Adelborst der 1e do A. C van Speyck, H
J. Galup en P. A
Palma ieder 12 vaden
2e do F. F. Touinaent
een /2 vadem.
1e Chiruergyn H. Schouten
En zal een afschrift dezer dispontie aan
den. Kapitein Zuitenant de quartel tot infor
„matie worden toegezonden.
No 546.
Den Kapitein Luitenant H.W. de quartel, kom
„manderende zyner Majesteits brik de Merhuur, is
heden eene order toegezonden behelzende: dat hy, na
Convooi naar Puerto Cavello en Saluaria te heb„
ben verleend, naar het eiland Bongire zal hebben
te stevenen, ten ende, wind en weder zulks gedogende,
by en omtrent dat eiland te kruisen, om het brik„
schip Maria Jacoba gevoerd door schipper J:J. Bart,
waarmede de Heer Gouverneur dezer eilanden R
R. Cantzlaar, verwacht wordt af te wachten, en aan
zyn HoogEd Gestr: aan te bieden van zyner Majesteils
buk de Merkuur gebruik te maken om in deze Haven
binnen te zeilen.
Niets byzonder voorgevallen
N. 547
„De
October 30. De volgende order is heden aan den kommen=
dant van Zyner Majesteits brik de Merkuur en
den Commandant der Troepen alhier, respectivelyk
toegezonden.. te weten:
zo dra het sein N: 30 op het Fort Nanan gehee„
„schen word en midsdien volgens onze bepaling dies=
wegens gemaakt het Brikschip, t welk den be„
„noemden Gouverneur aan boord heeft, dit Eiland
nadert, voor onderstelt zynde dat aan onze order
van d. 28=e October No 61. /zie het verhandelde onder
No 546/ den Capt 2: de quartel ter hand gestelt,
geen gevolg heeft kunnen gegeeven worden, of wel
wanneer S Konings Brik de Mercuur, van des=
„zelfs kruistogt terug keerende, het bepaald sein
doet van den Gouverneur voornoemt aan boord te
hebben zal onze Adjudant; by nadering van t vaartuig
zich met de Lootsbood aan boord begeeven en aldaar
hoogst gemelde benoemde Heer Gouverneur Commi„
nicieren dat zich eene Commisie bereidvaardig houd,
om Z.H. E.G by arrivement, namens oms aftehalen,
en op het Geuvermements huis, tot heden by ons ge„
occupeert te brengen
Dadelyk zal order gestelt worden op het uitkomen
der wagt by gemeld arrivement in de Haven en het
slaan van Twee Roffels by het in & voorby zeilen,
en voords zal, indien de voorz. oorlogsbrik den Gou„
„verneur overbrengt door dezelve by deszelfs aftied van
boord een salut geschieden van Dertien schooten be=
andwoord door het waterfort met een gelyk getal schoo„
„ten terwyl ingeval het arrivement met de koop=
mans Brik geschied, dit salut door het waterfort
word gegeeven, als de gemelde Gouverneur aan
wal stapt.
October 36 De vlag van t fort Nanan, als mede de
Groote vlag van t fort Amsterdam zullen worden
geheeschen.
De honneurs aan den rang van schout by Nagt
geaccrocheerd zullen by de op & aftreede van t
Gouvernementshuis gegeeven worde
No 548.
Zyner Majesteit brik de Merhuur is heden uit=
gezeild om de naar de Havens van Puerto Cavells
en Saljuaira bestemde vaartuigen, derwaarts te ge„
leiden en vervolgens ter voldoening aan onze order
vermeld in het verhandelde op den 28=e dezer No 546.
No 549.
En eene gecombeneerde vergadering van den Raad
van Policie en van Civile en Crminele Justitie
heden gehouden, is aan de Leden mede gedeeld de
aanschryving van zyne Excellentie den Minister
voor het Publieke Onderwys, de Nationale Nyver
„heid en de kolonien, dd 30:e Augustus 1820 No 12,
houdende kennisgeving wegens de benoeming van
den Heer P. R. Cantrlaar tot Gouverneur van dit
eiland Curacao en onderhoorige eilanden, waar„
„na eene Comminie uit de beide Collegien zijn be„
noemd geworden om Hoogstdenzelven, die, volgens
berigt, spoedig verwacht wordt, by deszelfs ontsche
„ping af te halen en op het Gouvernements huis te
geleeden: Zie de Notulen dezer vergadering onder
No 215
Na het scheiden dezer gecombineerde vergaderen„
werd er by den Raad van Policie eenige voorhanden
zynde zaken afgedaan: Zie de Notulen van deze
vergadering.
No 550.
Gelezen
October 31.
November
Gelezen zynde eene missive van Hendrik
Schotborgh st ontvanger van het middel op het
klein - zegel, in die kwaliteit aangesteld tot be„
„taalmeester by het penrioen Tonds ten behoeve der
beambten in deze kolonien, verzoekende dezelve,
om, uit hoofde der aangehaalde redenen, van zijne
laatstgemelde kwaliteit als betaalmeester ontslagen
te worden. Zie de missive onder N=o 216.
Is goedgevonden en verstaan.
het verzoek van den voornoemden Hendrik Schot„
borgh st te accorderen en denzelven voor behoudens
zyne verantwoordelykheid by deze ontslag te verlee=
nen als betaalmeester by het Ponds ten behoeve der
boambten in dezes kolonien.
2=e Den Ontvanger Generaal in der tyd, hierby te be„
noemen tot betaalmeester by het sonds ten behoeve
der beambten op dit en de onderhoorige eilanden
zullende een afschrift dezer dispontie aan den
Raad van administratie van het voormelde Ponds,
en extracten daarvan aan den afgaanden en benoemden
betaalmeester, tot respective informatie worden
toegezonden.
Niets bijzonders voorgevallen.
No 551.
Het Nederlandsche koopvaardy schip genaamd
Henrietta Wilhelmina gevoerd door Schipper P=a
J. Kerkhoven in deze haven afgeladen met de goe
„deren die op het hierby gevoegde manifest onder 2=
I vermeld staan, is heden naar Amsterdam ver„
„trokken; en zyn met hetzelve schip terug gekeerd
vier manschappen dezes garneroeus weer tyd van
dienst geexpireerd was.
No. 552
Geleren
November 2. Gelezen zynde eene minwe van den Raad
Contrarolleur Generaal der Financien adinteum
dd 2:e dezer No 467, houdende verslag van de
plaats gehad hebbende inspectie der magarynen
en dat, behalve eenige daarin vermelde te kort
komende artikelen, waarvan een buiten schuld,
van den magarynmeester is, doch de anderen door
hem moeten worden goedgemaakt, alles accoord is be„
vonden Zie de minwe Onder N 217
Is gudgevonden en verstaan: in des Raad Con„
„traaolleur Generaals adenteum verrigtene ten dese
te berusten en denzelven, by extract dezes daar van
kennis te geven.
N=o 553.
Gelezen zynde eene minie van den Raad
Contrarolleur Generaal der Financien adinteum
dd 2=e dezer N=o 468, houdende verslag nopens ee
nige onbruikbare artikelen in 'slands magary„
„nen, als vleesch, spek, meel, vlaggen doeke en
hangmatten, met verzoek geautoriseerd te worden
om dezelve in de minie opgenoemde artikelen,
zoo mede al de onnoodig voorhanden zynde ledige
varten en Jenever-kelders by publieke opveeling te
laten verkoopen. Zie de minie, onder N:o 218.
Is goedgevonden en verstaan: de door den
Raad Contrarolleur Generaal der Financien ad
=interim in zyne voormelde missive verzochte
autorisatie te verleenen, zoo als geschiedt by deze
en denzelven hierby nog te magtigen om de be„
„doelde hangmatten mede te doen verkoopen.
Een afschrift hiervan, zal aan den Raad Con„
traaolleur Generaal der Financien adinterein, tot
informatie en narigt, worden toegezonden
N. 554.
November 3. No 554.
Gelezen zynde het, met eene geleidende mis=
sive van deur datum No 470, door den Raad
Contrarolleur Generaal der Financien adenterim in
gezondene rapport van het verrigtene op en ten
behoeve van het onderhoorige eiland Bonaire in
nakoming van de Gouvernements disponitie
van den 6:e January 1820 No 21. zier het gemelde
rapport onder N=o 219.
Is goedgevonden en verstaan: hetzelve te houden
voor informatie
No: 555
Op het Ministerie voor het Publicke Onder
„wyn, de Nationale Nyverheid en de Kolonien ge
„trokken Elf. wissels van No 47 tot N.
87, ten bedrage van ƒ 5414„82 op P=s
4054„ —„ 3 voor militaire tractementen en
soldijen over de gepasseerde maand October
No. 556.
Gelezen zynde een rekwert en bylaag van Gia„
„como Bonfiglio, tenderende om vyf oxhoofden
rum en de droge goederen alhier in de naar de
Spaansche kust gedestineerd geweest zynde schoenen
Attractive aangebragt, uit hoofde der aangehaalde
redenen, in een ander vaartuig naar elders, vry
van belastingen te mogen doen vervoeren. Zie
het rekwest onder n=o 68, hetwelk aldus nog
luidt. /S: S:
Is goedgevonden en verstaan: den rekwestrant
te permitteren om de hiervoren bedoelde rum en
droge goederen in eenig vaartuig, mits binnen
dertig dagen, van heden af te rekenen, te vervoe=
„ren werwaarts hy zulks mogt verkeezen, zonder
binnen
November 3. binnen dien tyd aan in - of uitgaande regten
of accijusen onderhevig te zyn.
Afschriften hiervan, zullen aan den rekwer
trant, tot informatie, en aan den Raad Contrarol
leur Generaal der Pinancien adeterem, om
derwegens de noodige orders te stellen daar het
behoort worden afgegeven.
Niets byzondert voorgevallen.
No 557.
Gelezen zynde een rekwest van Moses Cohen
Henriquez, houdende verzoek dat zyn rekwestrants
tweede en derde huwelyks gebod op aanstaande
zondag den 12:e dezer in eeni moge worden afgekom
digd. zie het rekwest onder N:o 69; hetwelk aldus
nog luidt. F S.
Is goedgevonden en verstaan: des rekwestrants
verzoek te accorderen en mitsdien te permitteren
dat zyn rekwestrants huwelyk met Deborah van
Abraham van Jacob Jemrien worde gesolemuiseerd
na de afkondiging van de nog ontbrekende huwe„
lyks geboden, en wel beiden op zondag den 12:e dezer
in eens.
Een afschrift hiervan, zal aan den rekwistrant
worden afgegeven om aan denzelven tot informa„
tie, en verder daar het behoort, tot autorisatie te
strekken.
No 558.
Ingevolge advres der Leden van den Raad van
Policie, in des raads vergadering van den 31:e Octo=
ber lb uitgebragt, betrekkelyk het vinden der
noodige som van ƒ 8124.75 om de vracht=
„gelden van de in het brikschip Henrietta Wilhel„
Mina
Hovember mina, Schipper P.J. Kerkhoven voor het Gouverne„
„ment aangebragte goederen, aan den Heer Theodorus
sutting afte betalen, is heden in de tegenwoordigheid
van den Raad Contrarolleur Generaal der Sinanden
adeterein, eene Conferentie gehouden met eenige der
op om verzoek daartoe op het Gouvernements
huis verschenen zynde kooplieden en andere In=
„gezetenen, aan dewelke het verhandelde in den
Raad van Policie te dezen aanzien werd gecommu=
„niceerd, met verzoek dat hun Ed:s de voorzeide som
aan de koloniale kas, zouden voorschieten.
Waarop de volgende Heeren hebben aangenomen
elk de som welke achter ieders naam zal wor„
„den uitgedrukt aan de koloniale kas, by wyze
van leen, voor te schieten.
namelyk
P 500. Theodorus sutting
200.— J. N. C. Putting
„ 300. M. Penso..
„ 200. — Bing en Jutting
„ 450.J.C. Meyer
„ 200.— H. A. De Luna.
450. A. de Meza.
500. G. Curiel
100: Jacob van Jeomah Naar.
„ 250. M. Cardoze.
F: 3150. te zamen.
Na dat wy onzen dank aan de voornoemde
Heeren voor hunne betoonde welwillendheid
hadden betuigd, verwyderden zy zich
En is daarop door ons goedgevonden en verstaan:
den Raad Contrarolleur Generaal der Pinancien
adinteren
November. adenterim te autoriseren om de noodige orders
te stellen tot de invordering der voor zeide som
„me by den Ontvanger Generaal adenteum, en
daarna Ordonnancien, betaalbaar op vertooning
op de koloniale kas ter afgifte aan de hiervo„
„rengenoemde Heeren, ieder voor zoo veel als
door hem wordt voorgeschoten; te vervaardigen
en wel eene of meerdere ordonnancien voor elk
bedrag, zoo als zal worden begeerd, edoch niet
onder de som van vyftig peror van achten.
zullende een afschrift hiervan, aan den
Raad Contrarolleur Generaal der Financien ad=
interin, tot deszelfs navigt; worden toegezonden
No 559.
zyn ontvangen de stukken van den horpitaal
„dienst over de gepasseerde maand October
No 560.
Gelezen zynde eene misive van Constan„
„tinus Schotborgh geweest zynde Ontvanger Ge„
„neraal adenteum, handelende over P=s 54 door
hem voor proces kosten aan den procuaceer
Gaerste voorgeschoten, met verzoek om restitutie
daarvan uit de koloniale kan te mogen hebben
zie de missive onder N=o 220.
Is goedgevonden en verstaan: de voormelde
minwe, in oviginali, by extract dezes te stellen
in handen van den Raad Contrarolleur Genevaal
der Financien adeiterem om, met terugzending der
zelve, daarop te berigten.
No 561.
Gelezen zynde een aan ons ter hand gesteld
extract uit de Notulen van den Raad van Civile en
Cuminele Justitie alhier, dd 2=e dezer, tot antwoord
Strekkende
November 8 strekkende op een aan denzelven toegezonden
extract van ons Journaal in dato 25:e September
lb N=o 475, waarby des raads consideratien op
twee in dat extract Journaal vervat zijnde punten
omtrent den inhoud van Art: 179 van de grondwet
voor het koningryk der Nederlanden, is gevraagd
geworden. Zie der raads extract notulen onder
No. 221
Is goedgevonden en verstaan: hetzelve te houden
voor informatie.
No. 562
De Heer David Haim Dovale, dewelke verzocht
was te adsisteren in de op gisteren gehoudene con„
ferentie ten fine als in het verhandelde onder
N=o 558 staat uitgedrukt, doch uit hoofde van
indisporitie niet- had kunnen verschynen, ons hebbende
doen weten dat hy bezeid is de som van drie honderd
en vyftig pezoo van achten aan de koloniale kas
ten bedoelden eende, voorteschieten
Is goedgevonden en verstaan: den Raad Contraroe
leur Generaal der Financien adenterim, van het
vorenstaande, by extract dezes te doen kennis dra„
gen, om te dien opzigte ook, conform onze dispo„
sitie van den 7=e deser W=o 558 te handelen.
No. 593
Door den Lands Factoor H. van der Heyden
en den Lands Makelaar I. H. Salas aan ons ter
hand gesteld zijnde eene acte van taxatie over
den neger genaamd Heintje, slaaf van J. G. G.
searbow, welke negen door hen, ter voldoening
aan het besluit van den Raad van Policie, dd
31=e October lb, genomen op een rekwert van den
voornoemden J.G:G. Scarbow, voor de som van
November G een honderd peroo van achten is gewaardeerd
geworden.
En vermits by den gemelden Raad by meer
derheid besloten is dat de voornoemde J.G. G.
Scarbom by taxatie uit de koloniale kas zal
worden schadeloos gesteld wegens het verlies van
zynen genoemden slaaf, dewelke by een regterlyk
vonnes onder anderen tot dwvangarbeid is gecondem
„neerd geworden.
Is, onverminderd het gene wy voornamens zyn
hieromtrent aan den voormelden Raad te
kennen te geven, goedgevonden en verstaan
de voormelde acte van taxatie, by extract deze
aan den Raad Contrarolleur Generaal der finan
„cren adeterim te doen toekomen, ten einde de
voormelde schadeloorstelling te doen plaats
hebben, en om tevens te zorgen dat de Justitie
kosten uit de vorengemelde som worden afge„
trokken, waartoe de fungerende Raad-Fiscaal,
dewelke hierby tot dien eende geinviteerd wordt,
hem Raad Contrarolleur Generaal door toezending
eener opgaaf denegens, zal instaat stellen. —
zullende dus een afschrift hiervan aan den fun
=gerenden Raad Fiscaal worden ter hand gesteld.
No 564.
De kooplieden I.C. Meyer, A. De veer gr, G.
Cuniel, I. N. C. Jutting, H. Leyer, J.G. F: Ziegler
J. Pntermeister, 5. Zyen en J.o W.G. Putting, zich
by ons vervoegd hebbende, gaven te kennen dat
de bestaande bepaling ten aanzien van vreemde„
„lingen voorgeschreven, wegens het omroepen voor
hun vertrek uit deze kolonie, nadeeligen invloed
heeft op den handel met de spanjaarden, dewelke
November G uit hoofde van hen landsgebruik, tegen dezen
maatregil zyn ingenomen, weshalve de genoemde
kooplieden verzochten dat deze mesuree moge
worden opgeheven en gebragt op den ouden en
vorigen voet; waarna zy zich verwijderden.
En gelet hebbende dat de bepalingen ten aan
„zien van vertrekkende pansagien, door Gouver„
neur Generaal en Raden van Policie, in dato
18:e Mei, zyn vastgesteld en niet door den Gou„
verneur Gineraal alleen.
Is de Gouvernements Secretaris daarop aange=
zegd om den eerstgenoemden der voornoemde Koop=
lieden, tot informatie van allen te kennen te
geven dat, vermits de hiervorenbedoelde bepa=
„lingen niet door den Gouverneur Generaal alleen
maar gezamenlyk met de Raden van Policie zyn
gedecreteerd, wy dus, buiten den gezegden Raad,
geene verandering daarin, kunnen maken, maar
dat het hun Ed:s vrystaat hunne bezwaren des=
„wegens op de gebruikelyke wyze aan dien Raad
voor te dragen
No 565
Is op de deswegens door den Kommandant
der Troepen ingezondene stukken, een Vrygrraad
benoemd over den Jager Jacob Cornelis Staveken
„burg dewelke zich, voor de derde maal, aan de
misdaad van dezertie heeft schuldig gemaakt.
No 566.
Gelezen zijnde eene misive van Claas Schot
„borgh van dezen datum, waarin hij aan ons
voor het Gouvernement te koop aanbiedt zijne
huizen, staande en gelegen achter het hoofd
Cot Amsterdam voor de som van P: 1725, zynde
November 11 de helft van den koopschat derzelve, daar by no„
voorstellende de wyze waarop de voldoening der
voorzeide sam zal kunnen geschieden. Zie de
missiie onder W.o 2
Daarop gehoord zynde den Raad Contrarolleur
Generaal der Financien adenterim, en gezien de
in de hiervorengemelde misive bedoelde taxatie
van den eersten kapitein Ingemeer H. J. Abbring„
waaromtrent de Raad Contrarolleur Generaal eene
voordragt aan ons zoude hebben gedaan, indien de
voornoemde Heer Schotborgh in den gewaardeerden
koopschat had genoegen genomen: Zie dezelve
taratie onder N=o 223, waarvan kopy zal wor=
„den gehouden en het origineel aan den Raad
Contrarolleur terug gegeven.
En met overleg van den Raad Contracolleur Ge„
„neraal der Financien adenteum, in overweging
nemende.
Dat de waarde der bedoelde huizen door den
voornoemden Kapitein Ingeneur op P. 900
gesteld is zonder dat de regenbak, dewelke ze„
„kerlyk als een belangryk gedeelte des ge„
„bouws moet worden aangemerkt, daarby schipt
in aanmerking te zyn gekomen, aangezien
de overige gedeelten daarvan naaukeunig
worden beschreven, zoo dat ofschoon de ge„
„stelde waarde van hetzelve door die van de
regenbak verhoogd wordt, het verlies aan den
kant dei verkoopers nogtans niet onaan merkelyk
Dat de redenen in de voormelde minwe ge„
opperd. niet ongegrond zyn.
Dat het steeds raadzaam voor het Gouverne„
ment
November 18 ment is om zich in het bezit te stellen van
al de gebouwen achter het hoofd fort Amster=
„dam aan partikulieren toebehoorende, en
dun van de hiervorengemelde huizen ook, die
de eenigste zyn welke als nog aan een par=
„tikulier zijn toebehoorende, te meer daar het
verkrygen van den eigendom daarvan op
eene aller Convenabelste wyze geschieden
kan, zonder dat er eenig geld uit de koloni„
ale kas behoeft te worden betaald.
Is goedgevonden en verstaan: den Raad
Contrarolleur Generaal der Financien adenterim
by deze te autoriseren om de door den voornoemden
Heer Claas Schotborgh te koop aangebodene huis
„zen in ouzen naam voor rekening en ten behoeve
van het Gouvernement dezes eilands, zoo mogelyk,
voor minder dan de geeischte som van Po 1725, te
koopen, edoch daarin niet kunnende slagen, als dan
voor dezelfde som van Ps 1725 aan te koopen en
vervolgens het noodige daaromtrent te verrigten; mits„
die som, na aftrek van de drie honderd peror van
achten welke de genoemde Heer Schotboryh aan de
koloniale kas verschuldigd is, te betalen met zout
tegen twaalf realen het vat alhier geleverd in tegen
negen realen het vat, wanneer het op Bongere wordt
ontvangen. Een afschrift hiervan zal aan den Raad Contv: Gen. der
finanein adet tot informatie, en autorisatie, worden toegezonden
No 567.
De maandelyksche rekening van het Ontvanger
Generaals kantoor over October lb, is door den Raad
Contrarolleur Generaal der Financien adenterem, in
duplo, ingezonden.
No 568.
Gelezen zijnde eene minive- van den Raad Con„
tracolleur
November 11 tracolleur Generaal der Financien adinterem dd 11e November 14
dezer N=o 477, houdende berigt op de missive van
Constantinus Schotborgh, wegens zekere sam door hem
aan den procureur Gaerste voor proces kosten voor
geschoten, en welke by onze dispontie van den 7=e
dezer N. 560 tot dien eende was toegezonden. Zie
der Raad Contracolleurs voorzeide missive onder N.
224
En in aanmerking nemende dat de koloniale
kas de gevorderde som van P:s 54 in de minive
van den voornoemden Constantinus Schotborgh ver
„meld. werkelyk schuldig is en dezelve moet betalen,
echter niet aan den voornoemden Constantinus Schot„
borgh, maar wel aan den procureur Gaerste die
niet te min gehouden is het gene hem door Con=
Stantinus Schottorgh uit deszelfs prive beeers is
voorgeschoten als eene parvate schuld te voldoen
Is goedgevonden en verstaan: dat de som van
vier en vyftig paroi van achten aan den procureur
D. Gaerste, ingevolge ingeleverde rekening, als nog
toekomende wegens kosten van gevoerde pwocedu„
res tegen gebrekige belasting schuldigen uit de koloni„
ale kar zal worden betaald, en dat daarvan zal
worden afgetrokken de som van zeventien peros
van achten en twee realen welke hij als nog aan
torwijl
den Lande verschuldigd is het overschietende by
de te doene likwidatie door den meergenoemden
Constantinus Schotborgh kan worden ontvan„
„gen, en waaromtrent de Raad Contrarolleer
Genevaal de noodige voorzorge zal kunnen
gebruiken, gelyk hy daartoe geinviteerd wordt
by deze
Zullende een afschrift hiervan aan denzel„
ven
ven Raad Contrarolleur Generaal der Finanien
adenterim worden toegezonden om aan hem te strek
„ken tot informatie en om aan de belanghebbenden
hiervan de vereischte informatie te geven.
No 569.
Geleren zijnde eene missive van den Raad
Contrarolleur Generaal der Fenancien adenterim
dd 11=e dezer N:o 483, tot antwoord op onze dispontie
van heden N=o 566, betreffende het aankoopen der
achter het hoofd- fort Amsterdam staande huizen
van den Heer Claas Schotborgh, ten behoeve van
het Gouvernement. Zie dezelve missive onder N:o 22
Is goedgevonden en verstaan: den aankoop
der bedoelde huizen voor rekening en ten behoe„
ve van het Gouvernement. dezes eilands, voor de
som van een duizend zeven honderd vyf en
twintig peroi van achten, als geschied zijnde ten
gevolge van onze voormelde dispontie van heden
Wo 566 te approberen, gelyk zulks geschiedt
by deze
Een afschrift hiervan, zal aan den Raad Con„
„trarolleur Generaal der Finaneien adenterim, tot
informatie worden toegezonden.
No. 570.
Gelezen zijnde eene minue van den frngerenden
Raad- Fercaal, dd 11=e dezer No 156, en de daarby
ingezondene documenten, zynde eene verklaring
en klagte van Willem Gomer Tesselaar en een
rapport van den Stads Chirurgyn, beide betrek
„kelijk tot de mishandelingen door den eerstgenoem=
de van de kust wachters van Cumareo op de
Spaansche kuist onder gaan. Zie dezelve onder W
226 & 227
November 11. Is goedgevenden en verstaan: de voormelde
stukken by provisie te houden voor informatie
No. 571
Heden voor den middag, is den Hooghd Gestr: Heer
P. R. Cantzlaax, Ridder der orde van den Neder
„landschen Leeuw, door zyne Majesteit den Koning
tot Gouverneur over dit eiland Cueracao en onder„
„hoorige eilanden benoemd in het brikschip Maria en
Jacoba, gevoerd door schipper J. J. Bart, van Am=
sterdam aangekomen.
De Commissie, benoemd in de gecombeneerde
vergadering der Raden van Policie en Justitie,
gehouden op den 31:e October lb zich begeven
hebbende aan boord van het voormelde brikschip
om den Gouverneur voornoemd met deszelfs
aankomst in deze kolonie te complimenteren
en naar het Gouvernements huis te geleiden, vol=
bragt deze missie en by de ontscheping van den
genoemden Heer Gouverneur, werd zyn Hoog Ed Gestr:
gesalueerd met dertien schoten van de veldbattery
voor het hoofdfort Amsterdam.
No. 572
Op verzoek van den Heer Gouverneur P. Ro
Cantzlaar ons begeven hebbende op de Gouverne„
ments buiten plaats alwaar zyn HoogEd: Gestr: gelo=
„geerd is, werd er besoigne gehouden over het aan„
vaarden van het Gouvernement dezer eilanden by
zyn HoogEd: Gestr: en aangezien de tegenwoordige ad„
ministratie op eenen geregelden voet zoude afloopen
indien dezelve op den 15=e dezer gesloten en het Gou„
=vernement op den 16e dezer overgenomen wierd, zoo werd
dan overeengekomen dat het aldus zoude plaats hebben
en wy belasten oms met het stellen der noodige orders
tot
November 12 tot dien einde
Vervolgens stelde de voornoemde Heer Gouverneur out
ter hand de volgende aan den Gouverneur Gene
raal adenterim geadrenseerde aanschryving van het
Ministerie voor het Publieke Onderwys, de Nationale
Hyverheid en de kolonien, namelyk: No 123, /24,
125, 126, 827 228, allen dd 21=e Juny 1820, no. 12
van den 30 Augustus deszelven jaars, mitsgaders
nog eene aanschryving van hetzelve Menisterie, do 22
September lb No 1, en dito van de Hoofd Adminis
tratie van het Pennisen Tinds ten behoeve der Amb„
tenaren in de West Indische kolonien, dd 7 Augustus
lb W.o 7 aan den Raad van Administratie voor het
Pennisen Pouds alhier geadresseerd.
No 563.
Zyner Majisteits brik de Merkuur is heden van
eene Convoor- ris binnen deze Haven terug gekeerd
No 574.
De Raad, Contrarolleur Generaal der Financien ad„
interim is door ons aangezegd geworden om de Ci=
vile administratie dezer kolonie met den 15=e dezer
te sluiten en eenen staat der Financien, vergezeld
van alle andere benoodigde staten aan ons ter hand
te stellen; terwijl er ook de noodige orders werden
gesteld op het inzenden van eenen artillerie staat„
om alle dezelve aan den Heer Gouverneur P. R
Cantalaar te overhandigen.
No: 585.
Gelezen zynde eene minwe van den Raad Con„
harolleur Generaal der Financien adenteum Ed
13:e dezer No 485, benevens de daarby toegezndene
Comideratien, ter voldoening aan onze disponitie van
den 23e October lb N=o 485, genomen ten gevolge van
eene Ministeriele aanschryving, dd 21e Juny dezes
Jaars N=o 825 tot antwoord op dezere zijdsche minwe
van den 26=e February deszelven Jaars No 21, waar
by is te kennen gegeven: dat de vracht der
Gouvernements goederen uit het moederland naar
dit eiland verzonden hooger gesteld was dan die
J van
November van partikulieren. Zie de voormelde missive en
connideratien onder N 223 „ 2.29
Is goedgevonden en verstaan: de bedoelde conn
deratien te houden voor notificatie om daarvan het
noodige gebruik te makene.
No. 576.
Gelezen zynde een rekaert van Pieter Hausz de
Mey, geregtsbode op het eiland Aruba, houdende ver„
zoek dat hem de bevoogdheid worde toegekend
om, met uitsluiting van alle anderen. en zonder ee=
nigen anderen titel dan die van geregtsbode, voort„
aan de acten en documenten, welke voor den
Commandeur zullen moeten worden gepasseerd,
te mogen redigeren en deze privilegie door een
bepaald tarief der leger worde gestaafd en beschered.
Zie het rekwert onder N:o 78, hetwelk aldus nog
luidt JF:d
Is goedgevonden en verstaan: hetzelve rekwert
te houden in advier
No. 877.
De volgende orders zyn heden afgevaardigd.
1. Dat de Raad van Policie en dien van Civele en
Criminele Justitie op morgen den 16e dezer des
morgens 14 voor 10 ure in de raad-kamer op het Gou„
vernements huis zullen vergaderen om den Heer
Schoutbynacht P. R. Cantzlaar, Gouverneur deier
Eilanden te installeren.
Dat de schuttery en het garmroen op dien dag on„
der de wapenen zullen komen en des morgens te
tien ure binnen het fort Amsterdam marcheren
3 Lavér terstond na de iistallatie van den Gouverear
een salut van dertien schoten by de artillerie zal
worden gedaan
Dat een detachement, gecommandeerd door een kapi=
tein, den Gouvernur en de gecombineerde Raden
van Policie en Justitie zal voorafgaans en zich pos=
teren voor het Fircalaat alwaar de voorsielling
zal worden herhaald, na dat zulks van de puye der
Gouvernements huis zal zyn gescheed.
No. 578
November 15. No. 578
Des avonds by ons informatie ontvangen zyn.
de dat de kapitein Duitenant de quartel het
salut aan wylen den Vice Admiraal Kikkert Gou=
verneur Generaal dezes eilands voormaals toegekend,
voornemens is te geven aan den Schoutbynacht
Gouverneur Cantrlaar
Is goedgevonden te bepalen: dat by de in=
„stellatie van gemelden Gouverneur, zoo uit het
hoofd- fortres, als het panseren der wachten en in
„spectie der troepen, dezelfde eerbewyzingen zullen
worden gedaan als tot hiertoe voor den Gouverneur
Generaal en denzelven adenterim gevolgd zijnde,
geschied is, zoo in het slaan van den marsch als
salueren.
En is hiervan aan den Kommandant der
troepen aanschrijving gedaan.
No. 579
Heden ten bepaalden ure van 14 voor 10 in den
morgen, vergaderden de RRaden van Policie en
van Civile en Criminele Justitie. - Wy maakten
aan dezelve de reden der convocatie bekend, na
melyk om dezelve van de aankomst van den Heer
Gouverneur den Schoutbynacht P.o B. Cantrlaar
en het aanvaarden van het Gouvernement deser
eilanden door zyn HoogEd Gestr: kennis te geven.
Te tien uie verscheen de voornoemde Heer
Gouverneur Cantelaar op het Gouvernements
huis en werd door eene Commissie uit de gecom=
„bineerde, vergadering afgehaald en in de raad
^geleid,
„kamer alwaar wy het preesidie aan zyn Hooghde
Gestr: enauimden en aldus aan denzelven het
Gouvernement, hetwelk wy tot dues ver adeterei
hebben
November 16. hebben waargenomen, afgestaan en overgegeven.
Daarna werd de voornoemde Schoutbynacht
P. R. Cantzlaar als Gouverneur dezer eilanden
van de perye des Gouvernements huis binnen
het fort Amsterdam en ter Piscalaat in de
Willemstad met de gewone plegtigheid gepro„
clameerd en zyn HoogEd: Gestr: benevens de
Raden van Policie en Justitie keerden in de
raad- zaal terug, alwaar wy den eed in onze
kwaliteit als Raad- Fiscaal in handen van den
Gouverneur hebben afgelegd en in dezelve in
functie zijn getreden. Zie voorts de Notulen
dezer gecombineerde vergadering onder N=o 230.
waaraan wy ous refereren.
I:J. Elsenen
Inleiding voor het Journaal
Op den 5e January dezes Jaars 1820.- tijdens ik
mij nog te s Martin bevond in kwaliteit als
kommandant over dat Eiland en het Eiland
saba, werd mij door zijn Excellentie den Heere
A De Veer als Gouverneur van St Custatiens en
Onderhoorige eilanden, die zich tot dat eende naar
S:t Martin had begeven, ter hand gesteld eene de=
piche van zyne Excellentie den Minis ter voor
het Publieke Onderwys, de Nationale Nyverheid
en de kolonien, de 23=e October 1819 N=o 9/11 - inhou„
dende dat ik met voorkennis van zyne Majesteit
gemagtigd en aangeschreven wierd tot het doen
van eene keer naar Nederland, met verdere aan
schryving dat ik, zoo dra de heer Gouverneur De
Vier de nodige schikkingen zoude hebben ge=
maakt omtrent de waarneming adinterim van
het bestuur op S:t Martin, my het zy regtstreeks„
het zij met de Paketboot over Engeland naar Ne=
derland zoude begeven, en na behoudene aankomst
by zyn Excellentie den Minister voormeld zoude
vervoegen, daarbij werd nog bepaald, dat de korten
dier reize mij van s' Rijks wege zouden worden
vergoed en gedurende myne afwezigheid het genot
van myn haktement zoude doorlopen. al dade
lyk den volgende dag tusschen gezegde Heer Gouver neur en mij de nodige schikkingen gemaakt zynde
omtrent de waarneming ad in t=m van het bestuur
op St Martin, is dientengevolgen het bestuur ad
interim van opgenoemde kolonien op den 5e February
van dit jaar overgegaan in handen van den heere
D.J. van Romondt Piskaal aldaar
Het
Het toenmaals plaats hebbende ongunstig weder
was oorzaak dat ik tot aan den 8:e heb moeten ver„
toeven alvorens my naar het eiland St Thomas te
kunnen begeven, alwaar ik inmiddels myne pansagie
had doen engageeren aan boord eener Zweedsche Brik
genaamd de Twee gebroeders en gevoerd by ka„
pitein Simonnon - den 9e aldaar aangekomen
zynde, en gebruik gemaakt hebbende van het
vrendelyk aanbod van den toenmaligen kom
mandant ad int=m aldaar den Heer von scholten,
welke my met een salut en verdere Militaire
honnein aan mynen rang toekomende had doen
recipieeren, heb ik met myne by hebbende samillie
myn intrek ten zynen of Gouvernements huize
genomen gehad tot aan den dag van myn ver
„trek van dat eiland, hetwelk op den 13e heeft
plaats gehad, wanneer ik by het van land gaan
wederom met een salut van Dertien schoten
ben begroet geworden.
Den 12=e April was de gelukkige dag waarop
wy na eene reis van Circa twee maanden, ge=
duaende welke wy veel slegt weer en stormen
hadden ondervonden, in een slegt bezeild vaar
„tung en niet genoegzaam van de benodigde zei
len voorzien, die nog bovendien grotendeels in eene
genoegzaam onbrikbare staat. wooren, in het
vaderland mogten aankomen en aan den Helder
voet aan Land zetten. - en zyn wy nog in den
avond van dienzelven dag in Amsterdam aange„
komen, van waar ik my daags daaraan en dien
den 13=e naar s' Gravenhage het begeven, niet oog
merk om naar luid dier hiervorengemelde aan
schryving my by zyn Exeell den Heere Minister
te vervoegen, waarin ik te leer wierd gesteld
door deszelfs afweszigheid, als zynde reds eenige
tijd geleden naar Weenen vertrokken, werwaards
dezelve met eene zending van wege zyne Ma
jesteit was belast geworden, waarom ik zyne
Excellentie by minie van myne behouden aan„
komst in Nederland heb kennis gegeven. - v„
venwel verlangende dat zyne Majisteit: kennis
zoude dragen van mijne aankomst in het va„
derland en tevens om in de gelegenheid gesteld
te wezen myne opwachting te mogen maken
bij hoogst deszelfs perzoon, heb ik my den vol=
gende dag daarover in geschrifte geadreveerd
aan zijne Exeellentie den Opper kamerheer
van zyne Majesteit waarop rexcriptie het beho„
men dat zyne Majesteit my op den volgenden
donderdag / den 20:e April/ zoude ontvangen.—
dan op daartoe bekomen invitatie genoot ik
de Eer den 18 bevorens aan Zyner Majesteits
tafel ter middagmaal toegelaten te wezen,
waardoor ik in de gelegentheid gesteld werd aan
zyne Majesteit den Koning, aan Haae Majesteet
de koningen en aan zyne koninglyke Hoogheid
Frais Frederik der Nederlanden my te paesen
teeren; over het minsaame aecueil van alle welke
hoge vorstelyke personen ik alle reden had my
gelukkig te achten. My vervalgens op den
20=e ter andientie by zyne Majesteit vervoegd
hebbende behaagde het hoogst denzelven my alleen
lyk in zoo verre wegens het oogmerk van myn
opontbod naar Nederland inteligten, dat ik de be„
tuiging ontving van hoogstdeszelfs te vredenheid
over myn gehouden gedrag te St Martin en dat ik
waarschynlyk
waarschynlyk over myne volgende bestemming
zoude te vreden wezen, dog dat de beslining daar„
van moest uitgesteld worden tot aan de terug
komst van zyne Excell:r den minister voor het
Publiek onderwys, de nationale nyverheid en
de kolonien, en welken afzijn, myn verblyf in 't
vaderland nog eenige tyd zoude verlengen.- nog
dienzelve dag werd ik ter audientie toegelaten by
zyne koninglijke Hoogheid Prens Frederik der
Nederlanden en den 22 daaraanvolgende by zyne
koninglyke Hoogheid den Frens van Oranje.
Onmiddels zijn op verzoek van den Heer De Meen
nick komminaris by het ministerie, by welken
Heer ik mij bij afwezigheid der Ministers had„
dervoegd door my gesteld en aan het Ministere
ingediend geworden twee Memorien, als een
wegens de bezuiniging die in de administratie
der kolonie S:t Martin zoude kunnen worden
daargesteld gedat.1 17 April 1820.— & eene we
gens de wyze van schadeloorstelling aan de Inge
zetenen der kolonie st Martin ten gevolge der
orkaan tusschen den 21 222 Sept:.r 1899 aldaar
gewoed hebbende gedat:o 18 April 1820.— waarna
ik de rendentie heb verlaken om my met myne
partikulieie zaken en belangens bezig te houden. —
Den 6 Junij. zyne Excellentie na deszelfs zending
in s' Gravenhage terug gekomen zynde, begaf ik
my den 5 daaraanvolgende derwaards en had de
Eer den 10 op eene partikuliere audientie ten
huize der Ministen te worden ontvangen, waar
ook ik de voldoening genoot de betuiging van te„
vredenheid over myn gedrag en handelingen in het
aan my toevertrouwd geweest bestuur over de kolomi„
S Martin te ontvangen, met de voor nu vleien
de verzekering dat ik door zyne Excellentie aan
zyne Majesteit tot het Gouvernement van Cura„
cao, hetwelk door het Overlyden van zyne Geel„
lentie den Vice Admiraal Kikkert, was openge„
vallen, al dadelyk zoude worden voorgedragens.—
zoo als het dan ook zyne Majesteit goedgun
„stiglyk heeft behaagd my by hoogst deszelfs
besluit van 25e Juny 1820 & Wo 69 kondrabel
te ontslaan als kommandeur der Eilanden
S: Martin en Saba & aantestellen tot Gouver
neur van het eiland Curacao en onderhoorige
eilanden Bonaire en Aruba en tevens by be„
sluit van 2e July 1820 No 20, my kennelyk ge„
worden by aanschryving van zyne Eeellentie
den Minister voor de Marine, oot 5=e July
deszelven Jaars N=o 20, mij toetestaan den rang
van Schout by Hacht:
Daarna my op onderscheidene tyden naar
s' Gravenhage begeven ten einde met zyne Ex
Eellentie den Minister te aboucheren, zoo wegens
de belangens van het eiland Curacao als we=
gens de middelen ter bespoediging van mijn ver„
trek naar de plaats myner bestemming, omtrent
welk laatste point bepaald zynde dat ik de over„
togt naar Curacao zoude doen in het Bukschip
de Maria & Jacoba gevoert by kapitein I:J: Bart
zyn dienaargaande door my de nodige schik
kingen gemaakt en overeenkomsten getroffen
met de Rheeders van dat vaartuig de Heeren Buis„
de Bordes d fordan- waarna ik my naar het
zoo, alwaar zyne Majesteit den Koning zich toen
„maals bevond heb begeven en bi gelegenheideenen
putlieke
publieke audientie op den 28 Augustus verleend,
zyne Majesteit myne dank heb mogens betuigen
voor Hoogst deszelfs genomen gunstige dispontien
te mywaards en na het middagmaal by hetwelk
ik de Eer had andermaal genodigd te wezen van
Hoogstdenzelven, Haac Majesteit de Koningin en
zijne koninglyke Hoogheid Prens Frederik der
Nederlanden afscheid te nemen, na Hoogstdeszelfs
laatste bevelen te hebben gevraagd.
Hyders informatie bekomen hebbende dat het
Barkschip Maaia & Jacoba tegen het laatst der
maand September of het begin van October
in gereedheid zoude zynt zee te kiezen, het ik
op den 19:e September voor de laatste maal
my vervoegd by zyne Excellentie den Minister
ten eende myne verschuldigde plichtsplegingen
afteleggen en deszelfs nadere instructien te ont„
„vangen, vooral ook betrekkelyk den nog door my
afte leggen Eed als Gouverneur van Curacao en
Onderhoorige eilanden, waaromtrend door zyne
Majesteit werd bepaald dat die door my schriftelijk
zoude worden ingeleverd, zoo als dan ook daarna
en wel op den 22 is voldaan en by minwve van
dezelve dagteekening aan zyne Excellentie den
Minister is ingezonden geworden.
Eindelyk mij berigt zynde dat meergemelde Buk:
„schip van voor de stad Amsterdam naar de
Rheede van Texel was onder zeil gegaan, het ik
my op den 2=e October met mijne Echtgenoote en
Domestieken van eerstgemelde plaats naar de Helder
begeven en zyn wij, na dat op den 4:e de Brik
aldaar ter rheede was aangekomen, den 5:e daaraan
volgende geëmbarkeerd en op den middag van dien
dag met een gunstige wind naar zee gezeild.—
Geene merkwaardigheden hebben onze overlogt vergueld,
voort durende gunstige winden voerden ons geluk„
kig en voorspoedig naar de plaats onzer bestemming
alwaar wij den 12=e November door Gods goedheed
behouden aangekomen en aan land gestapt zyn.
Ik heb hier alleen nog bijtevoegen dat gedu„
rende myn verblyf in ’t vaderland aan my zyn
toegekomen de navolgende ministeneele depechen
op de daar by gevoegde tyden:
Op den 13e July 1820- no 3/29 van den 6e July 1820
12 Aug 123 „ 21 Juny „
2/28
2/30 en 7 Juli
27/31 „
30/34.
3/354
336 „
35/37
„ 3/8„
33/19 3
39/40 „
342„
54/43 „
Op den 12e Aug:s 1820- No 445 van den 11e July 1820.
21e Juli
1 Augs
16:e Sept:r 30
9: Septr
15 Sept.r
20e Sept.r
24 23: „
4:e October
2e Oct:r „
En zoo mede ter bevordering der prompte Expe=
ditie daarvan Twee paketten depeches.- Een
geadreneerd aan den Heere Gouverneur van S
Curtatius & een aan den Heer Kommandeur ad
interim van S Martin
1620
November 12.
Journaal, gehouden by den
Gouverneur van Curacao en
Onderhoorige eilanden Bondire
en Aruba, sedert zyne aankomst
op het eiland Curacao in den
morgen van den 12e November
1820.
Moorens aanvang te maken met het aantee
kenen van het voorgevallene en verhandelde van
en sedert onze aankomst te Curacao, refereren
wi our aan het verbaal door ous sedert den 5e
January 1820 tot het voormelde tydilip toe ge=
houden, welk verbaal tot inleiding dezes Cournaals
zal strekken en een deel deszelven uitmaken
No 580.
Het brikschip Maria en Jacoba, gevoerd door
Schipper J.J. Bart, waarmede wy op den 5e October
laatsleden van de Rhede van Texel vertrokken.
waren met bestemming naar dis eiland Curacao,
heden voor den middag de Havin van dat eiland
op eenen geringen afstand genaderd zynde, bespeur den wy eene bort naar om toeroeijende en bij aan„
nadering derzelve ontdekten wi dezelve de loods
boot te zyn; waarin zich bevond de Gouvernements
Adjudant de 1:e Luitenant Isaac Zikkest, dewel=
ke zich op het voormelde brikschip begaf en ons
namens. den Gouverneur Generaal adenterem Mr
Isaac Johannes Elievier Complimenteerde, om levens
te kennene gevende dat de Gouvernements buiten
plaats ter onzer disponitie was om, der verkiezende,
intrek aldaar te nemen tot dat de voornoemde
Gouverneur Generaal adinterim het Gouvernements
huis binnen het Fort Amsterdam zal hebben ontruimd„
Nogember 12 en voorts berigtende dat er een Commissie uit
de Raden van Policie en van Civile en Cumi
nele Jurtitie benoemd was om ons, na het binnen
zeilen der slaven, te komen complimenteren en
naar het Gouvernements huis te geleidene. - de
Gouvernements Adjudant kikkert daarna van boord
gaande is dezelve door my belast gewordene om den
Heer Gouverneur Generaal adenterm te verzoeken
den kapitein van Raders te designeren tot de waar„
neming des posts van ouzen adjudant, inmiddels het
Gouvernement door ous nog niet zal zijn overgenomen
Intusschen zailde het voormelde bukschip de S
Anna Saven van het gemelde eiland Curacao binnen
en de hiervoren bedoelde Commissie zieh by ons begeven
hebbende, gaf ous te kermen dat het derzelve, door
den Gouverneur Genevaal adenterem en Raden van
Pobice, mitsgaders nog den Raad van Civile en Cur
„minele jurtitie was opgedragen om om met onze
behouden aankomst in deze kolonie geluk te wenschen
en om naar het Gouvernements huis te vergezellen.
Na wederzydiche pligtpleging, vernamen wy dat
de voormelde Commissie was zamengesteld uit den
fungerende Raad- Fiscaal M:r D. Seiruver en het
lid van den Raad van Policie C. A. Baron de Laney
met en benevens den secretaris van dien Raad W.
Prince, als mede de Leden van den Raad van
Civile en Cuminele Justitie Mr W. W. Duyckinck
waarnemende het pranidie in denzelven en W. A
van Spengler, benevens den Secretaris ad interen van
denzelven Raad Jacob Phielen.
Na een kort vertoef, begaven wy om naar den
wal, vergezeld van de hierbovengenoemde Heeren, en
by onze ontscheping werd en een salut uit het ge„
Schut.
November 12. schut van het Hoofd=Fort Amsterdam gedaan,
de wacht aan den opgang van het gouvernements
huis uitgerukt zynde, bewees om by het voorby
gaan derzelve de honneurs aan ouren hang
toekomende; in op het Gouvernements huis ge„
komen zynde, werden wy door den Heer Gouver
neur Generaal adenterem Mr I. J. Elseveer ge
recrpieerd, en na de gewone wederzydiche plegt
plegingen, traden wy al dadelijk met denzelven
Gouverneur Generaal adenterim in Conferentie
wegens het overnemen en aanvaarden van het
Gouvernement door ons, hetwelk bepaald werd
op donderdag den 16=e dezer loopende maand te
zullen geschieden om reden dat de boeken, reke
ningen en alle daartoe betrekking hebbende zaken
der administratie op en met de helft der maand
geregelder zouden kunnen worden afgesloten
Na dat deze conferentie was afgeloopen noodigde
de Heer Elrevier ous om het middagmaal bij zynEd
op het Gouvernements huis te blyven houden; wel ke vriendelyke uitnoodiging door om werd aangeno men; en na den maaltyd begaven wij ous der a
vonds naar de Gouvernements buitenplaats die
tot onzen intrek was in gereedheid gebragt; occe
perende de Heer Gouverneur Generaal adinterien het
Gouvernements huis, hetwelk eenige zeer noodwen
dige reparatien, waartoe reeds order zoude zyn
gegeven, dient te ondergaan, alvoren het tot een
geschikt verblyf voor den Gouverneur zal kunnen
strekken.
No. 581.
En eene op heden, wegens het aanvaarden van
het Gouvernement, met den Gouverneur Generaal
adinteren
adenterim gehoudene beroigne, zin wy nader niet
elkander over eengekomen dat de genoemde Gou=
verneur Generaal adenterim. het Gouvernement.
van dit en de onderhoorige eilanden op den
16=e dezer zoude overgeven en wel zulks om
dat de administratie geregelder met de helft
der maand zoude kunnen afloopen; hebbende
de gemelde Geuverneur Generaal adenteum zich be
=last met het stellen der noodige orders op het in ge„
reedheid brengen van al het gene, wat daarmede
in. verband staat.
Vervolgins stelden wij den genoemden Gouvermeur
Generaal adenterin ter hand de volgende aan hem
geadrisseerde aanschryvingen van het Ministere voor
het Publieke Ouderwys, de Nationale Nyverheid
en de kolomen, namelyk: N=o 123, 2/24, 125, 7/26,
9/27 en 1728, allen do 21=e Juny 1820 en N=o 12 van
den 30:e Augustus deszelven Jaars, mitsgaders nog
eene aanschrijving van hetzelve Ministerie, dd 22:e
September lb N:o 4 en van de Hoofd Aministratie van
het Pennisen Ponds ten behoeve der Ambtenaren in de
Wert Indische kolonien, ot 7=e Augustus lb Wo 7 aan
den Raad van administratie voor het Pensioen sonds
alhier geadieneerd.
Niets bijzonders voorgevallen.
No 582
Heden te tien ure in den morgen, begaven wijf
ons op het Gouvernements huis, binnen het Port
Amsterdam en na alvorens in de Raadkamer
te zyn gekomen en aldaar het Gouvernement te
hebben aanvaard, es door ons en den Heer Elsevier ge=
teekend geworden Twveer verbaal in quadmiplo, wegen
November 16 de overgave en overname dezer kolonien, waarby
aan ous zyn toegekomen de staten enz: by ge=
zegd proces verbaal aangehaald, en hoofd zakelyk
betrekking hebbende tot de administratie, het Ti„
nancie, het defensie wezen enz: — Vervolgens door
den wy door eene Commissie uit de gecombineerde
Raden van Policie en Civele en Cuinenele Jus
titie afgehaald en in de Raad kamer geleed, al„
waar wy het prenidie van den Heer Geeverneur
Generaal adeteaim Mr I.J. Elrevier overnamen,
en aldus het Gouvernement dezer Eilanden hebben
overgenomen en aanvaard; hebbende wy in eene
aanspraak aan de vergadering gedaan dezelve met
de benoeming der volgende ambtenaren, dewelke
zich tegenwoordig als zeden der vergadering bevon=
den, en aldis aan hen ook met hunne benoeming
bekend gemaakt, namelyk
Mr Isaac Johannes Eliwier tot Raad- Fiscaal.
Mr Daniel Serruner tot Prendent van den Raad
van Civile en Cuminele Justitie.
M=r Herman Rudolph Hayanga, tot Secretaris
van den Raad van Civile en Cuminele
Justitie.
Mr Willem Webb Duyckinck tot Gouvernements
Secretaris, en
Casper Lodewyk van Uytrecht tot Hoofd Ontvanger.
Zie deswegens de Notulen der voorzeide gecombi=
neerde vergadering onder No 230.
Daarna werden wys als Gouverneur dezer eilanden
van de puye des Gouvernements huis en vervolgens
ter Piscalaat in de Willemstad, met de gewone
„plegtigheid, geproclareerd: en keerden in de Raad
zaal terug, alwaar de voornoemde ambtenaren den
gewonen
November 13
November 16. gewonen eed in onze handen hebben afgelegd
Vervolgens zyn by om ter andientie toegelaten:
De Raad van Policie
De Raad van Justitie.
Het Colligie van Commercie en Zee- zaken.
Het Collegie der Weer onbeheerde in desola
te boedel- kamer.
De Officieren der Schuttery
De Zee Officieren
De Officieren van het Garniroen
De Luthersche kerkeraad.
De Joodiche kerkenaad.
De Hoofd ambtenaren:
De Geemployeerden by ’t Gouvernement.
De Particuliere personen welke aan om hun
Compliment hebben willen maken
No 583.
Nadergelezen zijnde de aanschryving van zyne
Excellentie den Menister voor het Publieke Onderwyn
de Nationale Nyverheid en de Kolonien, dt 6:e July
1820 N=o /29, met de geleidende ninwe van dien
datum en van het zelfde nummer aan ous ter
hand gekomen, by welke aanschryving ter onzen
kennis gebragt is het koninglyk besluit van den
25=e Juny 1820. N:o 69; houdende hoofd zakelyk
ouze aanstelling tot Gouverneur van het eiland
Curacao en onderhoorige eilanden, de vermindering
van het garnroen dezer eilanden en dat het
daarby vermelde plan van beruiniging in de
administratie tot voorschrift en biddraad der han
delingen van den Gouverneur dezer eilanden word
gesteld; benevens nog de aanstelling van eenige daar
in genoemde ambtenaren en vernietiging van eenig
daarin
November 16 daar in vermelde posten.
En gelet op het voorzeide koninglyk besluit en
het daarby gevoegde plair van bereiniging, van
welk eerst gemelde het 5:e, 6:e en q:e antikel moet
aanvangen effect te sorteren met den dag op
welken het Gouvernement door ons zoude wor=
den aanvaard.
Is goedgevonden en verstaan:
1=o By publikatie ter kennis der Ingezetenen van
dit en de Onderhoorige eilanden te brengen: dat
zyne Majisteit de Koning, by besluit van den
25=e Junij 1820 n=o 59, om tot Gouverneur van
Curacao en onderhoorige eilanden Bonane en
Aruba heeft aangesteld en dat wij het Gouverne
ment der gemelde eilanden heden hebben over genemen en aanvaard.
5=o Mide by publikatie bekend te maken de be
noeming der volgende ambtenaren.
van Mr Isaac Johannes Clrevier, tot Raad
Fiscaal.
Mr Daniel Serrurier, tot Presideyt van
den Raad van Civile en Criminele
Justitie
M:r Herman Rudolph Hayunga, tot Secretaris
van den Raad van Civile en
Carminele Justitie
Mr Willem Webb Duyckinck tot Gourvernee
ments Secaetaris, en
Casper Lodewyk van Uytrecht tot Hoofd
Ontvanger
5. Aan de volgende Amblenaren, by extract dezes,
te doen kennis dragen, het gene ten gevolge van
het plan van brzuiniging ten aanzien van hae
temen ten
November 16: tementen en emolementen omtrens een ieder
moet worden in acht genomen, om aan elk
te strekken tot iiforinatie en narigt
Ten Raad- Fiscaal dat zyne Jaarlykich tran
lement gesteld is op ƒ 4060, behalve het genot
van emolumenten aan zynen port verknocht
Den President van den Raad van Civile en Cri
minele Justitie dat zyn tractement thans ƒ 5000
in het Jaar, is.
Den Raad Contrarolleur dat hy voortaan zal
genieten een Jaarlyksch tractement van ƒ 5000
En ten aanzien der klerken ten zynen kantore
zullen de volgende bepalingen ten aanzien van
hunne Jaarlyksche tactementen stand gripen:
namelyk.
Aan den Boekhouder en eerste Commies ƒ 2200
en aan twee klerken gezamenlijk f 1100, dees ieder
ƒ550, wordende dus voor afgedankt gehouden de
Commier en de Jongste klerk die hier bi honorabel
worden ontslagen, behoudent derzelver verantesoorde
„lykheid.
Den Secretaris van den Raad van Policie en van
het Collegie van Commercie en Zee- zaken: dat hy
eeniglyk zal genieten de einolumenten van zynen
port, mets het tractement van den klerk van den
Raad van Policie ad ƒ 700 en van den klerk van
het Collegie van Commercie en Zee zaken ad f350
voor zyne rekening nemende en aan den Gouverne„
ments secretaris Jaarlyks uitkeerende ƒ 1000.
Den Geuvernements Seccetaris dat hy eeniglyk
zal genieten de emolumenten aan zynen post ver=
„knocht, mets dat hy betale de vyf klerken ten
Gouvernements Secretari, welker tractementen be
dragen
November 16. dragens ƒ 4125; terwyl hij uit de emndlamenten
van de Secretarig van den Raad van Policie en
van het Collegie van Commercie en zee zaken
Jaarlyks zal genieten de som van ƒ 1000, door
den secretaris van dien Raad aan hem uit te
heeren.
Den Secretaris van den Raad van Civile in
Criminele Justitie: dat hij zal behouden het te
„genwoordig tractement van ƒ 2500 en het genot
der enwlumenten aan zynen post geaccrocheerd,
mets ten zijnen laste nemende het tractement
van zijnen klerk ter somme van f 700 in het
Jaar
Den Hoofd- Ontvanger: dat de 5 pb: perceptie
geld wordt gereduiceerd op 3 pCt en hy in het ge=
not gesteld wordt van t pC:t van de geldens door ans
dezen geincaneerd en by hem gestort wordende
als mede van 1 plt van wisels op het moederland
getrokken mitsgaders nog der emolumenten; zullende
echter de boekhouder en klerk ten zynen kantore
door hem moeten worden gezalarieerd.
Den Ontvanger van den import op het middel
van het klein zegel, Accyus en Roeimeester, ont=
vanger der slaven en Placaat gelden en Commies
der Alanifesten: dat zijne tractement als Accyus
Meester wordt gehouden voor vervallen en het trac„
tement van zynen klerk als ontvanger van den
opgemelden import door hem moet worden betaald.
Den waag- en Rooimeester: zoo voor zich zelven
al, tot informatie van de drie oudste /in dienst,
Waagklerken: dat de tractementen aan dezelve wor=
den gehouden voor vervallen en dat dezelve ee
niglyk zullen behouden het genot der emolamenten
ende
November 16. ende zulks op deze wijze, namelyk: dat van
de gezamenlike emolumenten van den waag=
en rooimeester en der waagklerken, /8 door den
eerstgenoemden en 7/8 door de laatstgemelden ge=
zamenlyk in gelyke deelen zullen genoten wor„
den; zullende de Jongste Waagklerk zich dus
beschoenven als van zynen port hondvabel ont=
slagen, behouden deszelfs verantwoordelykheid
Den opper visitateur, zoo voor zich zelven als
voor de drie oudste /in dienst /. onder visitateurs
dat dezelver tractementen vervallen en by hen
niets anders dan emolumenten zullen worden
genoten, wordende derhalve de Jongste onder viri
tateur van zynen port houorabel ontslagen, be„
houdens deszelfs verantwoordelykheid.
Den Gouvernements Trauslateur: dat zyn
tractement vervalt, echter zal hy tetkens voor
zynen dienst worden beloond overeenkomstig hek
reeds gemaakte of nog te makene taaief
4: Aan de volgende amblenaren kennis te geven
dat hunne posten geaboleerd en zy dus uit de
„zelve, respectivelyk, honwrabel ontzlagen zyn, be„
„houdens derzelver verantwoordelykheid, namelyk:
Den Commissaris der bestelling: echter zal hij pro„
visioneel in functie blyven tot dat de Raad van
Policie nadere schikkingen, omtrent het afhalen
van goederen van boord der schepen, zal hebben be„
raamd.
Den Gouvernements Enayeur
De hier vorenstaande bepalingen zullen heden
terstond in werking geaaken en de respective
benoemde ambtenaren in Junctie tieden, terwyl
alle afgeschafte tractementen op hoedanige wijze
ook
November 1. ook tot den 15:e wordende afbetaald van heden
af ophouden en alle tractementen die verande
ringen hetben ondergaan of niet zoo mede de
perceptie van emolumenten, het zi ten volle
of gedeeltelyke belooningen der ambten, heden
aanvang nemen.
6:e Den tegenwoordigen Ontvanger Generaal adinte
uiw honorabel uit zynen port te ontslaan, be=
houdens deszelfs verantwoordelykheid
Den tegenwoordigen Secretaris adenterin van
den Raad van Civile en Crimrnele Justitie, ho„
norabel ontslag uit zynen port te verleenen,
behoudens deszelfs verantwoordelykheid.
Den Raad Contrarolleur van het voorgaande te
doen kennis dragen en denzelven hierby bekend
te maken.
dat het Jaarlyksch. tractement van den Gou„
verneeer door zyne Majesteit gesteld is op
ƒ8000, zonder genot van emolumenten, als
zullende die welke door den Gouverneur Ge„
nevaal genoten wierden van de Comminien
of acten van aanstelling der ambtenaren, nu
moeten komen ten faveure van de kolomale
kas.
dat het tractement van den Gouverneur is
ingegaan den 1e July lb en dat dezelve hetzelve
over de maanden July en Augusties, in het
moederland ontvangen heeft.
dat de posten van gegradereerde leden in den
Raad van Cwile en Criminele Justitie zyn
geaboleerd.
Een afschrift hiervan, zal aan den Raad Contra
rilleur der Financien, tot deszelfs navigt, worden
toegevonden
November 15 boegezonden.
Ten aanzien van de verpligting der hoofdamb:
tenaren by het 3e punt van zyner Majesteits hier
vorengemelde besluit opgelegd zoo wel omtrent het
in dienst houden der hen onderhoorige ambtenaren
als anderzens:
En wegens het afschaffen der verstrekking van
schryfbehoeften aan eenige ambtinaren in het t
plan van beriiniging genoemd:
zullen de noodige orders en voorzieniigen worden
gesteld zoodra wy ous zullen kunnen onledig kon
den met de respective burcant, zoo wel op zigtelyk
de geemployeerdens aldaar, als het reviseren der
bepaling aangaande schrijfbehoeften welke aan ieder
derzelve, gelyk wij geinformeerd zyn kwartaals wyze
en wel met het begin van het kwartaal worden
uitgereikt.
No 584.
Overwegende dat ofschoon de Heer C. D. van Uy„
trecht, dewelke thans het ambt van Raad Contra
rolleur der Financien adinterim waarneemt, tot
Hoofd- Ontvanger benoemd en in dat ambt ge=
steld in het echter voor den geregelden loop der
administratie raadzaam is, dat dezelve het ambt van
Raad Contrarolleur tot de terug komst van den
daarin gecontinueerde Heer H.J. Nuboer, blyve waar
nemen, en dat, doordien de Heer van Uytrecht de
beide voormelde ambten niet te gelyk kan waar
nemen, iemand door hem, onder onze approbatie,
worde benoemd om intusschen de werkzaamheden
van zin actueel ambt als hoofd- Ontvanger, op zijne
verantwoordelykheid, uit te oefenen.
Is goedgevonden en verstaan: den voornoemden
Heer
November 16 Heer E. E. van Uytrecht hierby te insiteren
om het ambt van Raad Cintrarolleur adinterin
te blyven waarnemen tot dat de Heer H. J. Nuboer
op dit eiland zal zyn aangekomen en in de fune
tien van hetzelve zal hebben getreden; en voorts
oin zynen port als hoofd Ontvanger aan eemand,
door hem te verkiezen, en door ou goedgekeurd
wordende, ichter ter zyner eigene verantwoording,
op te dragen.
Een afschrift heervan, zal aan den voornoemden
Heer Een 2. van Uytrecht, tot informatie, worden
toegezonden
No 585.
Gelet zynde dat het den Raad Contrarolleur den
Financien, by artikel 9 zijnen Imitructie is op„
gedragen om voor het Jurtificeren der Borgtogten
van Comptabele ambtenaren te zorgen.
Een vermits de nieuw aangestelde herfd- Ontvangen
en de secaetaair van den Raad van Civile en Cu=
minele Justitie de vereischte Cautie zullen moeten
stellen en de, ten aanzien van ieder derzelve, be
paalde som in de kolomale kas moeten storten.
Is goedgevonden en verstaan: den Raad Contia„
rolleur der Cinancien, by extract dezes, aan te schry
ven om het vorenstaande te doen ten uitvoer
baengen.
No. 586
De kapitein B. Krapf Resident en Mr
H. R. Hayunga, waarnemende de Junctien van
Auditeur Militair by het Garniroen alhier,
verzochten, by eene verkregene speciale andientie,
de opheffing of mitigatie van het vonnis heden door
den krygraad geslagen tegen den persoon van
Jacob
November 16 Jacob Cornelis van Starckenburg, soldaat by het Novemker 17.
28:e Bataillen Jagen, welke zich voor de derde
maal, aan deurtie heeft schuldig gemaakt, en
by welk vannis hy is gecondemneerd geworden
tot de straffe der kruiwagen voor den tyd van zes
achter eenvolgende Jaren:— zullende de gedetineerde
aan ons een rekwert indienen.
Waarop wij de voornoemde Heeren hebben ge
antwoord, dat wij het bedoelde rekwest zullen
afwachten en daarna disponeren.
No. 587
De Raad Contrarolleur heeft heden, in triplo„
ingezonden de staat van militaire korting en
en uitgaven over het 3:e kwartaal dezes Jaars.
No 588.
Bij resolutie van zyne Excellentie den Minis=
ter voor het Publieke Onderwis, de Nationale
Nyverheid en de kolonien dd 12:e September 1820
W 14/54 by ninwe van dien datum en van het
zelfde nummer ontvangen, aan om ter hand ge„
komen zijnde het Cognonement en de factuier
van militaire aandroenen alhier uit het moeder„
land aangebragt in het, op den 12:e dezer in dese
haven aangekomen buikschip Maria Jacoba„
Schipper: I.I. Bart.
Is goed gevonden en verstaan
1=o Kopyen van het Cognonement en de factuur voor„
meld, aan den Raad Contrarilleur der financien
en den Magazyn meester van alle magarynen te doen
toekomen, met autorisatie op den laatstgenoemden
om de voorzeide rantsoenen in ontvang te nemen en
van den staat der fustaadjens, procenen verbaal in
triplo, op den bepaalden tyd aan ons te doen toekomen
Tot de inspectie der bedoelde rantsoenen te be=
noemen den Raad Contrarolleur der financien,
den kommandant der Troepen in den Chirurgyne
Majur by het garniroen; terwijl daarby, als expests
zullen worden geinviteerd de Heeren kooplieden JO.
G. Ziegler & I.W. G. Putting.
Afschriften dezer disponitie in zoo ver dezelve den
Raad Contrarolleur der financien, den Kommandant
der Troepen en den Magarynmeester voormeld aan„
„gaat, zullen aan dezelve respectivelyk, tot informa„
tie en narigt worden toegezonden.
No 589
Is gelezen eene misive van President en
Raden van Civile en Criminele Justitie waarby
ter voldoening aan onzen mondelinge invitatie, eene
nominatie is gemaakt ter vervulling der ontstane
vacature in dien Raad. Zie de missive onder N.o
237 dewelke in advies wordt gehouden.
No 590.
Door den Gourvernements secretaris aan ous ver„
toond zijnde een permit op verzoek van Joreph
Percira Baandao, opgemaakt, om zes ponten gruis
beneden het galgen veld op het Rif te mogen af
halen.
Is goedgevonden en verstaan: dit verzoek in de
liberatie te houden en den Gouvernements Secretaris
tevens te gelasten dat het besluit van wylen den
Gouverneur Generaal A. Kikkert, waar bij den se
=cretaris wordt toegelaten om zoodanige permitten
aftegen, zonder voor kennis van den Gouverneur of
ter zijner ordonnantie geteekend, voortaan zal
moeten worden beschouwo te zyn ingetrokken, en
mitsdien dat geene permitten, hoegenaamd, door hem
November zal worden afgegeven; zonder onre voorafgaande
toestemming
No 591.
Gelezen zijnde een rekwert van Casper 2o
dewijk De Veer, houdende verzoek dat zijn
rekwestrants drie huwelyks geboden op aanstaan
de zondag den 19=e dezer in eens moge worden
afgekondigd. Zie het rekwert onder N:o 71, het
welk aldes nog luidt.
/F: I:„
Is goedgevonden en verstaan des rekwestiants
verzoek te accorderen en mitsdien te penmitteren
dat zijn rekwestrants huwelyk met Mejufvrouw
Helena de Mey Schotborgh worde gezolemniseerd
na de afkondiging van de drie huwelijks geboden
in eens en wel zulks op aanstaande zondag den
19=e dezer.
Een afschrift. hiervan, zal aan den rekwestant
worden afgegeven om aan denzelven tot uiformatie
en verder daar het behoort, tot autorisatie te strek:
ken.
No 592.
Heden voor den middag om quree begaf ik my
vergezeld van de Heeren Officieren dezes Garuiroeu,
naar het waterfort enhield eene inspic tie over de aldaar staande gebouwen en visiteerde
de karernen der Jagen en Artilleristen als ook
eenige daaraan annex zynde otelien
Vervolgens Inspocteerde ik de differente magarynen
gelegen in het Fort Amsterdam als van wapening
kleeding, materialen, vevres en kanid, zoo ook eenige
aldaar staande officiers woningen.
No 593.
Heden
November 14 Hleden middag te 1 ure vertoonde zich voor deze
haven zijner Majesteit korvet de Comect, ge=
kommandeerd door den kapitein Luitenans ter
Zee J. Blom, dewelke bijdraaide en een brief voor
om aan de wal zond. zie den gemelden brief
onder No. 232.
Waarop de kapitein by het Bataillon Jagers
W. 28 R: T: van Raden aan boord werd ge=
zouden, ten einde op eenige in dien brief bedoelde
punten. nader elucidatie te bekomen, welke elu=
cidatie dan ook door hem, namens den genoemden
kapitein Luitenant Blou, per monde, zyn over
gebragt.
N 594.
Gelezen zynde eene minive van den Raad
Contrarolleur adenterem van den 17=e deser No 489
houdende kennisgeving, dat hij, op invitatie van
om dien port, tot de overneming daarvan door den
Heer H.J. Nuboer, zal blyven waarnemen en dat
hy tot het waarnemen van het ambt van hoofd
Ontvanger, gedurende dien tyd, onder onze approbatie
gekoren heeft, de boekhouder van dat kantoor I. M.
Prince. Zie de minie onder No 233.
Is goedgevonden en verstaan: het verzoek van
den Raad Contrarolleur aditeum te accorderen, en
den voornoemden boekhouder I. M. Prince bij deze
te kwalificeren om het ambt van Hoofd-Ontvanger
waartenemen, tot de aanvaarding van dien port door
den Heer C. D. van Aytrecht.
Afschriften hier van, zullen aan den Contracolleur
adenterim tot informatie en aan den boekhouder
van den Hoofd- Ontvanger, tot kwalificatie, worden
toegevonden.
No 595
November 18 No. 595
By de herziening der heerna te meldene
door ons in het Moederland ontvangene aan
schayvingen van zyne Excellentie den Minister
voor het Publieke Onderwys, de Nationale Nij
verheid en de kolomen, namelyk
Van den 6e July 1820 N=o 8/29, geleidende ex „
tract van Zyner Majesteits besluit dd 25:e Juny
deszelven Jaars No 69, waarby gevoegd is het
plan van bezuiniging voor dit eiland Curacas
en houdende de gemelde Ministeriele aanschryving,
last aan ous wegens het in werking brengen van
het plan van bezeinging, het verminderen der
bestaande belastingen over het Jaar 1821, en het
inzenden van een algemeen plan van belastingen;
mitsgaders nog handelende over de eilanden Bonain
en Arriba.
zijnde gedeeltelijk daaraan voldaan ten aanzien
van het 5=e C=le en G=e Avtikel van der Konings op
gemeld besluit, en opzigtelyk 54, betrekkelyk
tot andere ter anzer beschikking gelaten zynde
ambten, zal nader worden gedisponeerd, terwijl
83 en 4 van der Meiusters aanschryving aangaande
het verminderen der belastingen en het inzenden
van een algemeen plai van belastingen ter kennis
van den Raad van Policie, om deswegens de noor
dige, maatregelen te nemen, zullen worden ge=
bragt, en voorts omtrent de voormelde eilanden
het noodige onderzoek zal worden gedaan om aan
den Hinisters begeerte naar vereisch te kunnen
voldoen.
van den 7e July 1820 Wo 1/30, betreffende den
Raad Contrarolleur der Financien H. I. Nuboer,
aangaande
November 18. aangaande papieren realen of schellingen.
Dezelve voor iiformatie gehouden.
van den 7=e July 1826 no 2/31, waarby ter
onzer kennis is gebragt.
A. de inhoud eener murswve van den gewezenen
Gouverneer Generaal, do 11=e Mei 1819 No
69; aangaande het benoemen van een extra
klerk ter Gouvernments secrelarijt
Waaromtrent, des vereischende, dor nis zal wor„
dew gedisporeerd.
de inhoud van eene andere minive aan
denzelven Gouverneur Generaal, de 8:e July
1819 N:o 944, opzigtelik het salarierens vant
den Directeur des imposts op de Collaterale
succenie en het accorderen van defroijement
aan den toenmaligen Directeur, waarom
trent de meest overeenkomstige spaarzaam„
heid en bekmoptheid door den Heer Minis ter
is aanbevolen.
Is goedgevonden en verstaan
In de eerste plaats: Het salancien van den Direo
teur voormeld te houden en advees tot dat over
dien post nader zal zyn gedisponeerd.
In de tweede plaats: dat, uit aanmerkeng van
den slechten toestand der koleniale financie, waar„
door een groot aantal reedt afgegevene ordonnancien
op de kas der kolonie niet kunnen worden afbetaald,
zoo dat die kas voor het tegenwoordige niet meer
kan worden belast en het toch noodeloos zoude
zin eenige aanwyzing van betaling op dezelve
te doen, aangezien, by mangel aan de benoodigde
penningen, die aanwyzingen vruchteloos. zouden
zyn, derhalve, voor als nog, geen defroyement aan
den gewezenen Directeur der imports op de Colla„
terale Successie Mr I.J. Elsevier kan worden ge=
accordeerd; blyvende echter aan denzelven gereier
veerd om zich dien aangaande wederom te adresse„
ren, wanneer de kolonale has in dien staat zal
zyn gebragt, om uitgaven van dien aard gerede„
„lijk te kunnen bestrijden:
En zal een afschrift hiervan aan M:r I. J.
Elievier, tot informatie, worden toegezonden.
o 281
4=e Van den 7=e July 1820 1 732, betreffende de
alhier te lande gedane benoemingen van I. H.
Palm tot waagklerk, van I. M. Prince tot Boek=
houder by den Ontvanger Generaal, van M„
Ricardo, tot Gouvernements Translateur en
Interpreteur en van E. Ringeling tot klerk ten
kantore van den Ontvanger Generaal.
Blyvende de voormelde posten tot nadere be=
schikkingen.
5e Van den 7e July 1820 No 2933, waarby de or„
donnancie N. 225 groot P:s 435.9. 3.2 op den
Ontvanger Generaal alhier in dato 13:e februar 1819
afgegeven ten faveure van klaar scholl, voerende
het brikschip Martha en Elisabeth, voor vracht:
penningen der uit het Moederland met dien
bodem aangebragte vivres &E:a, gebesfeerd aan
om is ter hand gesteld om by ou arrivement
alhier de noodige order te stellen dat deze
openstaande port in de boeken worde afgesloten,
conform aan het by minue van den Gouverneur
Genevaal adinterim, dd 29=e January 1820, voorge„
stelde.
Is goedgevonden en verstaan: de voorzeide or
donnancie, in den voormelden staat, aan den Raad
Contrarslleur
November t Contrarolleur der financien, by extract dezes, te
doen toekomen, ten eende daarmede te handelen
als hier voren is uitgedrekt.
van den 7=e July 1820 No 8/34, aangaande het
beproeven in hoe ver de gewezene Commandeur
van Aruba 2. Boye als nog geschiktheid heeft
om, overeenkomstig de bedoeling uitgedruckt by de
Ministeriele disponitie van den 2e April 1819 No
8/25, in eenen of anderens subalternen port te worden
aangesteld.
Is goedgevonden: den voornoemdens 2. Boye te
stellen op de lyst der sollicitanten
Van den 7e July 1820 No 3/35, ten aanzien der
benoeming van den 1e kapitien Ingemeur H.J. Abbring
als Puipecteur der wegen en van C. V. G. Davelaar
tot adsistent van denzelven
Waaromtrent nader zal worden gedisponeerd.
van den 7:e July 1820 No 34/36, omtrent de recla„
„me van den kapitein ter Zee Polder, Comman=
dezende zyner Majesteits Rregat Euridice, op een ge=
deelte der door het gemelde regat hernomene
Golet Harmonie, met aanschayving om, wanneer
de Heer Minister der Marine op de uitkeering van
het gevorderde gedeelte mogt aandrengen, daar van
kennis aan het Ministerie voor de kolonien te ge„
Ven.
wordende de voormelde missive voor notificatie
en tot navigt aangenomen
37, houdende: dat van den 7e July 1820 No
van ous een nieuw ontwerp van Organiratie voor
de Schuttery alhier, meer overeenkomstig de bedoe=
lingen vervat in het plaan van bezuiniging
by het Ministerie, wordt te gemoet gezien.
welke
November 18
November 18. welke onderhavige zaak in nadere overwe„
ging zal worden. genomen.
16e van den 7=e Juli 1820 No 34/38, op zigtelyk
de Gouvernements buitenplaats in het appao=
praeren van eene geschakte woning voor den Gou=
verneur
welke zaak mede in nadere overweging zal
worden genomen
11=o van den 7=e July 1820 N=o 3739, over costumen
voor de Ambtenaren
Deze voor notificatie gehouden
12=e van den 7=e Julij 1820 N=o 4/40, waarby de
Gouverneur wordt geautoriseerd om de Gouver=
nements Slavin Geertruida, van allen slaaf
„schen dienst te ontslaan tegen betaling, door
de kinderen van wylen den Gouverneur Gene„
raal Kikkert, van eene sour van een honderd
en vyftig perer van achten in faveure der ko„
Coniâle kas, en mits door hem werde cautie
gesteld overeenkomstig het bepaalde bij het 2:
lid van Ark 36 van het Reglement van rege„
ring op dit eiland Curacao, gearresteerd by
berluit van zijne Majesteit van den 14e Septem„
ber 1815 No. 58.
Is goedgevonden en verstaan. het vorenstaande,
by deze, ten kennis van de kinderen van wylen
den Gouverneur Gennvaal B. Kekkert te brengen,
met aanzegging, dat de noodige vrijbrief aan
de voornoemde slavin Geertruida zal worden
verlaend, zoodra de som van een honderd en
vyftig pezoo van achten door hen aan de Kolo„
„nrale kas zal zijn betaald en de bedoelde can„
tie zal zijn gesteld.
Afschriften
Afschriften hiervan zullen aan de kinderen November 18
van wylen den voornoemden Gouverneur Gene„
raal kikkert, tot informatie en narigt, en aan
den Raad Contrarolleur der Financien om hem
met de hierin bedoelde betaling aan de koloniale
kas, bekend te maken, worden toegezonden.
13 van den 7=e Iuly 1820 N:o /41, handelende over
de Golet Intrepid, door eenen Insurgenten kaper
de Generaal Englisch genomen en over de schade„
loorstelling van Nederbandiche belang hebbenden
uit het parvenu van den kaper La sosegada.
Waaromtrent de noodige demarches zullen
worden gedaan.
Van den 7=e July 1820 No 8/42, over de betrekken
=gen tusschen dit eiland en de quinurgeerde
gedeelten van Spaannch America
welke aanschrijving voor notificatie wordt ge„
houden.
Van den 7=e July 1820 no 39/43, over het uit„
stellen der deliberatien aangaande Bonaire en
Aruba.
Deze voor notificatie aangenomen.
van den 7=e July 1820. N=o 4744, waarby ge=
vraagd wordt of de eilanden Bondire en Aruba,
voor vaste verblyfplaatsen van gedeporteerden
geschikt zijn.
zullende hieromtrent het noodige onderzoek
worden gedaan.
van den 11=e July 1820. No /45, volgens welke
het bouwen van eene carerne voor verblyf aan
den wal van de Ekwipagien van 'T Lands oorlog=
schepen geen gevolg mag hebben, met vrylating
aan den Gouverneur om, zulks noodzakelyk
„ oordeelende
November 16 oordeelende, daarop terug te keeren.
Welke aanschrijving voor notificatie wordt
gehouden.
Van den 11=e July 1820 N„o 7/46, handelende spe=
craal over de Instructie voor den Hoofd- Ontvanger
en in het genevaal ooer die der andere ambtena
ren.
De voormelde Intructien zullen door ons worden
nagezien, ten einde daarop te disponeeren zoo
als zal bevonden worden te behooren.
19=e van den 11:e July 1820 N„o 747, vragende in
formatien aangaande de verandering en welke
het gebeurde in spanje en het gedrag der Imur
genten van Zuid Amenica heeft teweeg gebragt,
en comideratien ten aanzien van het stationeren
van twee oorlogschepen alhier.
De beantwoording hiervan wordt uitgesteld
tot dat wij voldoende berigten dien aangaande zul
len hebben ingewonnen, ten eende als dan volledig
aan des Minister verlangen te kunnen voldoen
20=e van den 21=e July 1820 No 8/48, houdende dat in
vaste bepalingen zullen worden daargesteld, aan„
gaande het declareren voor loods diensten aan 's Ryks
schepen
zullende met overleg van den Raad van Policie,
hierin worden voorzien.
21e van den 31=e July 1820 No 1/48 waarby omzig
tigheid in het verleenen van zee brieven, wordt
aanbevolen, tot voorkoming van misbruik der
zelve in het driven van verboden slaven-handel.
welke tot informatie en narigt, wordt gehouden.
van den 1:e Augustus 1820. No 13/49, ten geleide
van den Consent-brief van woge zyne Majesteit
aan
November 18 aan den 1:e Luitenant by het Bataillon Jagers
No 28, C. L.W. Gauning tot het aangaans van
een wettig huwelyk, verleend.
zullende dezelve aan den voornoemden officier
worden ter hand gesteld.
Van den 30: Augustus 1820 N„ 750, bepalende
de sterkte van het garniicen alhier en hoedanig
met de uitgediende manschappen zal worden te
werk gegaan.
Deze aanschryving zal ten spoedigste werkstellig
worden gemaakt.
Van den 30e Augustus 1820 No 3/51, wegens het
uitzenden van medicamenten.
Aangenomen voor informatie
Van den 30:e Augustus 1820 No 7/52, ter bekoming
van ous beugt, in hoe ver de weduwe van I.B.
Hueck, tot pennisen geaegtigd is
zullende aan deze aanschrijving worden voldaan,
zoodra wy out dien aangaande zullen hebbent in=
staat gesteld:
26: Van den 9:e September 1826 No 5, waarby aan ous
eene toelaag voor reiskosten is geaccordeerd.
Deze gehouden voor notificatie en tot informatie
van den 12e September 1820 No 133, houdende
dat aan den Raad Contrarolleur der financieus H„
J. Nuboer, is verleend een voorschot ter somme van
zes honderd guldens in eene assignatie op de Neder
„landsche Bank te Amsterdam, onder voorwaarde van
by zyne aankomit te Curacao gemelde som aan
het Gouvernement aldaar te rembourseren, uit zyn
te goed hebbend tractement.
Is goedgevonden en verstaan: het vorenstaande,
by extract dezes ten kantsie van den Raad Contra=
rolleur
November 18 rolleur der financien bekend te maken, zoo tot narig„
van den Raad Contrarolleier der financien adinterem
als van den Heer H.I. Nuboer om by zyne aankomst
alhier de voorzeide door hem genotene som van zes
honderd guldens van zyn te goed hebbend tractement
in te houden oan door ons aan het voormelde Minis
terie te worden overgemaakt.
28:e van den 12:e September 1820 No 14/54, ten geleede
van het Cognonement en de factuur van militarie
rantsoenen met het brikschip Maria Jacoba, schip
„her II. Bart aangebragt
Ten opzigte van welke aanschryving het noodige
by dispentie van den 17=e dezer No 588 is verrigt
29:e van den 15=e September 1820 No 33/55, nopens het
gecommunieeerde by het Gouvernement dezes eilands
betrekkelijk tot het proveni van den verkochten In„
„surgenten kaper za soregada, en ten aanzien der
gevraagde Instructien omtrent het voorgevallene.
met de Nederlandsche Golet de Intrepid
voor notificatie aangenomen en in verband be„
„schouwd met de Ministeriele aanschryving van den
7:o July 1820 No 37/41.
30:e Van den 15e September 1820 No 34/56, waarby is van
de hand gewezen het verzoek van het Gouvernement
dezes eilands, om wissels voor aangekochte verzes voor de
Troepen en het Horpitaal, op het moederland te mogen
afgeven
welke aanschryving voor notificatie wordt gehouden
Van den 15=e September 1820 No 35/57 houdende ho„
„mologatie der benoeming van Willem Raven als
Timmermans baar op een tractement van F 549
in het Jaar
Waaromtrent nader zal worden gedisponeerd.
November 18. 32: Van den 15:e September 1820 No /53 over de aan„
stelling van 3. G. Wyn tot kamerbewaarder van
den Raad van policie en Bode by het Collegie van
Commercie en dee- zaken; van Cornelis Gorsira tot
„provisionele klerk ter Gouvernements secretari„
de bevordering van A. A. Munnigh tot 2:e Com„
mies ten kantore van den Magarijnmeester van
alle magarynen en de aanstilling van W. H
Gorsira tot 3=e Commies ten zelven kantore.
Waaromtrent nader zal worden gedisponeerd.
van den 15=e September 1820 No 23/59; hoofd zake.
lyk houdende: dat, hoezeer de Minnster zich de dele„
gatie van den Heer W. Prince, der noods, zal laten wil=
gevallen, mits in acht nemende de bepalingen te
dien opzigte, het echter voorkomt dat de Heer W
Prinee hetzelfse effect kan genieten door zyne te
delegeren gelden directelijk, zonder de tusschen komst
van dit Ministerie, aan zijnen gemagtigden hier te
lande over te maken.
Is goedgevonden en verstaan. het vorenstaande
by extract dezes, te brengen ter kennis van den se
cretaris van den Raad van Policie. W. Prince
34 van den 15=e September 1820. N=o 360 voer de
gedane benoeming van I.I. Elievier J:n tot
Directeur der Emports op de Collaterale succeme en
van W. Paince tot lid in den Raad van adminis„
tratie voor het pennoen fonds der beambten.
Waaromtrent nader zal worden gedisponeerd
35=e van den 20:e September 1820 no 14/61, vragende
Comsideratien omtrent de noodzakelijkheid om
's Ryks schepen al nog elders en wel op de rivier
van Sunname te stationeren.
zullende deze vroog in nadere overweging worden
genomen.
November 0 genomen
Van den 23=e September 1820 No 2/62 houdende
dat de vracht van den Raad Contrarolleur der
sinancien H. J. Nuboer en zyne famillie, volgens het
bestaande tarief, uit zyn te goed hebbend tracte
ment, alhier te lande zal worden betaald, en dat
de Gouverneur voor het inhouden van die trans
port kosten zal hebben te zorgen.
Iw advier gehouden tot bij de aankomst van den
voornoemden, Heer, Nuboer.
37=o van den 30:e September 1820 No 14/63 nopens de
inzending van Staten, aanglyst &= betreffende
de organiratie, sterkte &c:a van de artilleaie al:
heer, en geleidende twee exemplaren van twee pla„
„ten van afteekeningen.
Zullende hiervan aanschryving aan den kom„
mandant der Artillerie worden gedaan.
30=e van den 2=e October 1820 Wo 164, houdende: dat
de Gouverneur het onderwerp dezer minwe,
handelende over den ongumstigen staat van den
handel en de Scheepvaart in verband beschouwd
met de Circulatie van papieren Johanninen, in
overweging zal nemen en daaromtrent rapporte„
ren.
Zullende de noodige inlichtingen en enfooratien
nopens het fonds tot vernietiging der bewijzen van
afgekeurde Iohanninen van den Raad van Policie
worden gevraagd, ten einde wij uistaat worden ge„
steld aan der Ministers begeeste te voldoen.
No 596.
Ter executie van de aanschryving van zyne
Excellentie den Minister voor het publieke onderwys„
de Nationale Nyverheid en de kolonien, dd 30=e
Augustus 1
November t8. Augustus 1820 No 150, betreffende de verminde„
ring van het garnerden dezes eilands en de or=
ganisatie van eene kompagnie Jagen van 120
man en eene kompagnie artilleristen sterk
80 man
Is goedgevonden en verstaan: den Majoor- Titulair„
kommandant der trepen alhier by deze aan te
schryven:
1=o Dater eene kompagnie Jagers en eene kompagnie
artlteristen, zullen worden geformeerd en dat der=
zelver respective sterkte zal zyn, zoo als hierto
ven is bepaald
Dat de onder- officieren en manschappen wier
tyd van dienst reds is geexpireerd of nog zal er„
piaeren, met de eerste bekwame schiepsgelegen=
heden naar Nederband zullen moeten terug keeren,
Om by hunne aankomst aldaar, dadelyk naar
het kolomaal Depot te Harderwyk te worden ge„
derigeerd en aldaar hun ontslag te bekomen,
zullende dezelve hunne wapenen en uitrustingen
in het wapen- magazyn achter laten
Dat, indien het getal der onder Officieren en
manschappen welker tyd van dienst met spoedig
expireert, ongenoegzaam mogt zyn tot het for.
meren van de eene kompagnie Jagen en eene
kompagnie artitteristen, als dan, zoo veel van de
uitgediende manschappen zullen worden gereen„
gageerd als noodig zullen zyn om die twee kompag„
nien op de hier vorengemelde sterkte te brengen,
en zal het bepaalde handgeld aan de nieuw aan
genomenen worden uitgererkt.
Een afschrift hiervan, zal aan den komman„
dant der Troepen, tot infomnatie en navigt, worden
toegezenden.
November 18 toegezonden
No. 592.
By resolutie van zyne Excellentie den Ministen
voor het Publieke Onderwijs, de Nationale Ni
verheid en de kolonien dd 1=e Augustus 1820 No
1449, met de ninwe van dien datum en van
hetzelfde nummer ontvangen, aan om ter hand
gekomen zynde een Coment=brief van wege
zyne Majesteit den Koning aan den 1=e Luitenant
by het bataillen Jagens N=o 28 C. D. N. Guining,
om een wettig huwelyk met Mejusvrouw C.
Schotborgh te mogen aangaan, ten eende denzel„
ven Cament-brief aan den voornoemden 1e Luite
nant te doene uitreiken.
Is goedgevonden en verstaan: den opgemelden
Coment brief, bij extract dezes, aan den genoemden
1:e Luitenant. C: L. W Guinong te doen ter hand
komen.
N 598.
zijner Majesteits korvet de Komiet als nog
voor deze haven kuizende, ontving ik eene
tweede misive van den kommandant dier bodem,
de kapitien Zuitenant ter Zee I. Blom, verzoe„
kende in geschrifte te mogen hebben, de ferminie„
hem, door den kapitiin R. F: van Raders van onsen
wege bij monde gecommuniceerd, om binnen deze
haven te mogen zeilen. Zie de minive onder W.
234
Is het volgende antwoord aan den genoemden
kapitein Quitenant J. Bloen toegezonden geworden
Ter beantwoording van dwve minwen van gisteren
en heden, heb ik de her W te melden, dat het my
voorkomt dat de redenen waarom de haven van
Curacas
November 18. Curacoo niet door tt zoude worden aangedaan,
hebben. opgehouden te bestaan, daar zijner Ma=
=jesteits bedoeling hier mede was, om de Ekwipggien
van de oorlogs vaartuigen voor de verwoertingen
der op deze station van tyd tot tyd heerschende
klemaat ziekte te beveiligen, en deze plaats
gehad hebbende ziekte zich sedert eene genumen
tyd niet heeft opgedaan; weshalve ik van
mynenkant met huiverig ben aan U/ zulks
verlangende/ te permitteren binnen deze haven
te zeilen.
No 599.
Gelenen de rekweste van Jacob Cornelis van
Starkenburg, Jager by de 3:e kompagnie, 28=e
Bataillon, thans gedetineerde, voor den WelEd:
Gestr: Krijgrraad. zie het Rekwest onder N:o 27
hetwelk aldus nog luidt:
/Ft I.
Is goedgevonden en verstaan: hetzelve in
Originali te stellen in handen van den kom
mandant des Gavniroeus, ten fine van beuigt,
nopens het gedrag van den Rekwestrant, vroeger
dan de begane misdaad, ten einde daar uit te
kunnen beoordeelen of er termen zyn tot het in
aanmerking nemen van des Rekwestrants verzoek,
wordende het opgemelde Rekwest terug verwacht
Een afschuft hiervan zal aan den voormelden
kommandant der Proepen worden toegezonden.
No 60O.
Heden voor den middag te 11 dre is benien
deze haven geloopen zyner Majesteits Korvet de
Esmeet, gekommandeerd door den kapitein zui=
tenant ter Zee J. Blom.
No. 601
November 18. No 601
Gelezen zynde eene misive van den Proni=
dent van den Raad van Cwvile en Guininele
Justitie, do 18=e November 1820, toezendende
een extract uit de Rollen der, lidespendentie
zaken voor dien Raad, houdende opgave van de
over ieder derzelve gezeten hebbende Leden; en
verzoekende om geinformeerd te worden, omtrent
de wyze op welke de Raad, by de respective
decisie en instructie der in het genoemde ex„
tract onderscheidene posten zal behooren te
zyn zamengesteld. Zie de ninwe onder„
Is goedgevonden en verstaan: den President
van den Raad van Civile en Cuininele Justitie
by deze te verzoeken om de, bereids, in de aan
hangig zynde zaken, zitting genomen hebbende
Leden en Secretaris te inviteren daarby te wil=
len blyven anisteren, tot de afdoening der zaken„
dewelke in staat van wijzen zyn, uitgezondert
die van het officie Contra C. Naar, tot de vol„
doening van welke zaak de Raad Fircaal ges
inviteerd wordt als President te fungeren en den
Paiident, D. Seauier als ingerend Fiicaal
adeterim verzocht te continueren
Afschriften hiervan, zullen aan den Raad Tis„
caal en aan den gemelden President, tot derzelver
informatie en narigt, worden toegezonden
No 602.
Heden zynde de geboorte dag van Hare Ma
jesteit onzen geeerbiedigden koningen, werder.
de gerone plegtigheden ter viering van dien dag
in acht genomen.
De gewezene Gouverneur Generaal adinterin
Mr
November 18. M:r I.J. Elrevier, gaf ter eere van dien dag een
Bal; hetwelk op 's konings geboorte dag zoude
plaats gehad hebben, edoch door het overlyden
van Hare koninglyke Hoogheid Mlevrouw de
Puin eene Donariere van Orange Nanau, tot
op dezen dag werd uitgesteld; en welk bal door
ons tot aan middernacht is bygewoond.
No. 603.
Gelezen zijnde eene minue van den Raar
Contr: adenterem, do 18e November l No 49.1,
waarby te kennen gegeven wordt dat ir geene
gerigzame voorraad genever in 's Lands Ma„
=gazynen, ter distributie voor handen was, aan
den Magaryn Meester mondelinge autorisatie
te hebben gegeven, om twaalf kelden van de
ontlost wordende lading te ontvangen. Zie de
missive onder No 237
Is goedgevonden en verstaan: de bovenom„
schaevene autorisatie door den Raad Contrarolleur
aan den Magaryn meester gegeven, goed te ken„
ren, en denzelven by extract dezer kennis te
geven.
No 6044
Gelezen zijnde eene minive van den Raad Con„
trarolleur adenterem, td 18=e dezer N=o 490, strek.
kende ter beantwoording van dnze disponitie van
den 16=e dezer No 588, en kennis gevende dat
de Heer M:r Haijunga, als secretaris van den
Raad van Justitie, tot Borgen heeft voorgesteld
de Heeren Kooplieden William Smith en Haim
Abinuw de Lima, en den Raad Contrarolleur voor
zich zelven, tot de ugtige waarneming van den
port van Hoofd- Ontvanger, de weduwe Arend Hen
drik
November 18. dart de Rochement en de weduwe Carel van
der Meulen. Zie de misive onder No 238.
Is goedgevonden en verstaan: de voorgestelde
borgen, zoo wel door den Secretaris Hayunga als
den Horfd - Ontvanger van Uijtrecht goed te
kennen, Edoch dat de restitutie van F:o 100
aan den gewezenen secretaris van Jusitie en
van ƒ 1000 aan den gewezenen Ontvanger
Generaal adenterene niet kan plaats hebben al„
vorens de voornoemde aftredende Heeren zich
behoorlyk zullen verantwoord hebben en te zyn
gedechargeerd.
Een afschrift hiervan zal aan den Raad Con=
traavlleur adinterem tot informatie, worden toe=
gezonden.
No 605.
De Welherwaarde Heer Muller, Predikant by
de Luthersche gemeente alhier, door ziekte van
den Hervoriden Predikant den Openbaren Godr=
„diemt alleenlyk zullende waarnemen,: heeft t
eene toepasselyke gedevoering op den Kancel
gehouden, ten eende my en myne echtgenoot
geluk te wenschen met ouize behouden aankomgt
en aanvaarding van het Gouvernement over
deze zijner Majesteits bezittingen in deze gewei„
N: 606.
Zijner Majesteits Corvet de Komeet, gekomman
deerd door den kapitien Luitenant ter Zee J.
Blom; deed des morgens te acht uie het gebrui„
„kelyke salut wegens derzelver aankomst alhier
en welke salut uit de veldstukken werd beant„
woord.
No. 607
November 20. No. 607.
Raad gehouden. Zie de Notulen van heden.
No 608.
Gelezen zynde eene misiive van den Kapi tein Luitenant ter Zee H. W. de quartel, kom=
manderende zyner Majesteits Brik de Merkuur
lb 19= November 1820, waarby hyy kapitein
Quitenant kennis geeft van het ongelukkig voor„
val, hetwelk op den avond van den 18:e dezer
aan boord van de gezegde brik heeft plaats
gehad, en wel ten gevolge van het onvoorzigtig ge„
drag van den 2e Quitenant Cats de Rraet, waar„
by de korporaal der Marinieis Homeyjer, het
leven heeft verloren, verzoekende levens, dat,
uit dien hoofde, de genoemde Luitenant op
Zyner Majesteits Korvet de Konnet, welke wildra
naar het Moederland zal terugkeeren, moge wor„
den overgeplaatst en geaemplaceerd door een Offi=
cier van gelyken rang ter keuze van den kom„
manderende Officier van de gemelde korvet Zzie
de minwe onder No 230
Is goedgevonden en verstaan:
Aan den voornoemden kapitein Luitenant H.
W. de quartel kennis te geven, dat zyn verzoek„
Luitenant Cats de Om den meergenoemden 2
Raat op zyner Majesteits Korvet de Komes
over te plaatsen, is toegestaan.
2=o Den kapitein. Zuitenant Blom, kommande=
„rende zyner Majesteits Vorvet de Konet by
deze te autoriseren om den 2=e Luitenant Cats
de Raet, dewelke van zyner Majisteits Brik de
Merkuur op deszelfs onder hebbende bodem zal worden
overgeplaatst, door een zyner onder hebbende Officieren,
van
November 29 van gelyken lang, naar zyne keure, te doen
remplaeeren.
Afschaiften hiervan, zullen aan de voornoemde
kommanderende officieren, tot derzelver een
pective informatie, narigt en kwalificatie,
worden toegezonden.
No 699
Nader gelezen zynde de aanschryving van
zyne Excellentie den Minister voor het pwe
bleeke Onderwys, de Nationale Niverheid en
de koloneen dd. 30:e September dezes Jaars
N. 14/63, aangaande enlichtingen welke zyne
koninglyke Hoogheid de Groot Meester der ar„
tillenie over den toestand der artillirie in deze
koloncen verlangt te bekomen; mitsgaders het
en stand brengen, by artillerie officieren binnen
het Koningryk, van een plan om de teekeningen
welke het geheel der tafels van afmetingen uit
maken te doen graveren en drukken, waarvoor
die Officieren niets dan het graveer en druk„
loon, als mede het papier betalen, zoo dat geene
plaat het bedrag van veertig cents zal te boven
gaan, doch dat men, by de uitvoering dezer
onderneming, de officieren aanbiedende om daarin
deel te nemen, hen tevens in de gelegenheid
stellen moet zich, des verkiezende, deze stukken
eigen te maken, ten welken einde zyne koning
lyke Hoogheid aan zyne Excellentie voormeld
heeft toegezonden twee exemplaren, dewelke de
Heer Minister aan ons heeft doen toekomen
om dezelve aan de kommanderende Officieren
der artillerie te doen adreneren en hun verlangen
deswegens te doen kennen
Os
November 29. Is goedgevonden en verstaan.
Het vorenstaande, onder toezending der hierooven
beddelde twee platen, ter kennis van den kom=
mandant der artillerie alhier te brenqen met
cuvitatie om het verlangen der Officieren van
de Arullerie dien aangaande aan ons bekend te
maken.
Den kommandant der artillerie hierby te
informeren dat het verlangen van zyne koninglyke
Hoogheid hierin bestaat.
te weten:
A. om te worden bekend gemaakt met de orga„
nivatie en zamenstelling der artillerie in de
kolonien.
O: om uit de kolonien, voortaan, periodick naar
Nederland te doen adieneren:
de ranglyst der Officieren, vergezeld van eenige
notas wegens hun gedrag en bekwaamheden.
de sterkte en emplacement, lysten der Officie
ren en hoepen van het wapen der arlillerie
eene opgaaf van het geschut, affuilage, voertri
gen, projutelen, berkruid en geweren, zoo op de
porten en batteryen als in de magarynen voorhanden.
eene beknopte opgaat der versterkte plaatsen,
met vermelding hunner verdedigings middelen,
voor zoo ver de artillerie aangaat.
eene opgaaf, der etablinementen waarin mate„
„neel der artilterie wordt gecontineerd en opgelevend.
Den Kommandant der artillerie heerby aan te
schriven om, onder ultimo December aanstaande,
en voortaan Jaarlyks onder dien datum, te doen za„
menstellen en aan ons, ter verzending aan het Ministerie
hier vorengemdd
November 20. hier vorengemeld, de staten en opgaven die in
2 dezer dispositie zyn opgenoemd, te doen
toekomen:
Een afschrift hiervan, zal aan den komman
dant der Artillerie, tot informatie en navigt, wor„
den toegezonden.
No 610.
Herlezen de missive van President in Leden
van den Raad van Civile en Cumminele Justitie
ot 17:e November 1820, dewelke op dien datum
is in advies gehouden, /zie het verhandelde onder
No 589/, waarby eene nominatie geformeert is, ten
eende uit dezelve de keize worde gedaan van
een lid, om de in de gezegde Raad ontstane va„
„catur te vervulken.
Is goedgevonden en verstaan: den Heer I. N.C.
sutting uit die nominatie te verkieren tot zid
in den Raad van Civele en Eriminele Justitie,
en van deze zyne verkiezing by afschrift dezer,
kennis te geven aan President en Leden van
Juititie voormeld, zoo wel als aan den voornoem=
den Heer I. N. C. Jutting.
No 611.
Golezen zynde eene minive van den Majoor
Titulair der Artillere, kommandant der Proe„
pen, in dato 20e dezer No 12, in antwoord op
onze aanschryving van den 18:e dezer, /zie het
verhandelde onder No 599/ waarby aan hem ten
sine van berigt is toegezonden geworden een door
den gedetineerden Jager van Starkenburg aan
ons ingeleverd Rekwert, verzoekende gratie of par„
doer van de Straffe der kruiwagen, waartoe hy
door den Krygrraad is gevonnerd geworden. Zie de
missive
November 20 minwe onder No 220.
Is, alvorens op het gezegde Rekwert te dispo=
neren, goedgevonden en verstaan: naar aan„
leiding van het 63:e artikel van het reglement
op het beleid der Regering, het Justitie wezen
&c=a op het eiland Curacas, het advies van den
Raad-Fiscaal en van den President van den
Raad van Justitie in te winnen, door toezending
van het evengemelde rekwest en rapport van
den kommandant der Troepen aan de voornoem„
de Ambtenaren, met aanschryving: om ons te
dienen van Comnideratien en advies aangaande
het al of niet verleenen van remini van de
straffe der kriwagen aan den genoemden Jager,
waartoe hy door den krygrraad is gecondemneerd
geworden; wordende het rekwert en rapport terug
verwacht
Een afschrift hiervan, zal aan de voornoemde
ambtenaren worden toegezonden.
No 612.
By den Raad van Policie by besluit van den
20:e dezer heden afgekondigd, schikkingen gemaakt
zynde tot handhaving van de goede orde in het
afhalen van goederen uit de schepen en vaar
tuigen ontscheept wordende.
Is goed gevonden en verstaan
Den gewezenen Comminaris der bestelling dewelke
by onne dispositie van den 16e dezer provisioneel
in functie is gecontinueerd, hierby aan te schryven
dat zijne functien heden ophouden.
Een afschrift heervan, zal aan denzelven, tot infor„
„matie en marigt, worden toegezonden.
November 21. 2o Den Oppervisitateur, by extract dezes, een exem„
plaar van het hiervorengemelde afgekondigde
berluit, tot informatie en navigt van hem en
van de Ondervisitateurs, te doen toekomen
N:o 613.
Vermits de by Gouvernements disponitie van
den 20=e October lb N=o 528 benoemde commisie
tot het reviseren van het bestaande Tavif van
in en uitgaande regten, ten gevolge van een
besluit van den Raad van Policie, dd 20e dezer,
is komen te vervallen.
Is goedgevonden en verstaan: aan de in
gemelde Comminie benoemde kooplieden de
Heeren D. Bing en I.N.C. Putting van het
vervallen dier Comminie, by extract dezes, kennis
te geven.
N=o 614.
Heden morgen hebben wij, in tegenwindigheid
van den kommandant der Proepen en van den
eersten kapitein Ingemeur het Fort Nanan ge„
inspecteerd
Vervolgens begaven wy oms naar het Militaire
Horpitaal, hetwelk wij insgelyks inspecteerden
en in goede orde bevonden, en waarover wy onze
te vredenheid aan den Chirurgyn Majoor, als Direc„
teur van hetzelve te kennen gaven, met ver„
zoek zulks aan de ondergeschikten te willen be„
kend maken.
No 615
De Raad Contrarolleur heeft heden ingezonden
de Magaryn staat over de maand October lb
in duplo
No 616.
Is
November 21. Is geleren eene minive van den Waag en
Rooi meester A. Evertiz, dd 20=e dezer, te ken„
neer gevende, dat, daar hy nu hersteld is en zich
wederom in staat bevindt om de werkraam„
heden van zyne porten weder te hervotten, ver„
zoekt om het verlof, hetwelk hy in dato 19e
Augustus lb verkregen heeft om ter herstelling
van zyne gezondheid zich voor den tyd van een
jaar van zyne bezigheden te mogen onttrekken,
te verklaren voor vervallen, dewelke in advies
gehouden wordt.
No 617
Aangezien wij van wege het Menisterie
voor de kolonien gechargeerd zyn met de prompte
expeditie van depectier voor de Gouvernementen
van S Custatius en St Martin in 'er zich voor
eerst geene gelegenheid opdoet om dezelve mett
een koopvaardy vaartuig te verzenden.
En daar het, volgens engekomene berigten, nood
„zakelyk zoude zyn dat zich een oorlogsvaartuig
in den omtrek van de gemelde eilanden, van tyd
tot tyd vertoone zoo wel ter bescherming van de
Commercie als tot schaik der Iusiergente kapers,
dewelke zoude kunnen ondernemen zich in die wate=
ren op te houden
En vermits zyner Majesteits Corvet de Koineels
thans binnen deze haven liggende eenige tyd
op deze statiew zal moeten vertoeven, om gelede„
ne schaden te. herstelten.
Is goedgevonden en verstaan: den kommande
„rende officier van Zyner Majesteits Brik de Merkuur
de volgende order te doen toekomen
te weten:
dlen
November 21. Den kapitein Luitenant ter Zee H.W. de
quartit, komm:s Zyner Majesteits Brik de Mer„
kruur wordt hierby gelast om met deszelfs en
der hebbende bodem, den 25 lezer, zee te kiezen
en naar de eilanden F Custatius en St Martin
te stevenen, na dat onze depeches aan den ge=
noemden kapitein Luitenant zullen zyn
ter hand gesteld.
Bij de aankomst van de genoemde Brik
aldaar, zal de voornoemde, kapitein Luitenant
Ouze depiches aan de respective Gouverneur
van S: Eustatius en T Martin overhandigen
en aan dezelve zijnen dienst aanbieden en ver„
„rigten het gene tot rist en welzyn der voornoemde
Gouvernementen, zoude hunnen stellen.
Na gedane karristogt keert de genoemde kapi„
tein Zuitenant, met deszelfs onderhebbende bodem
in deze haven terug.
En zal de Heer Gouverneur van St rustatius
en de kommandant van St Martin by aanschry„
vingen worden bekend gemaakt, met de zending
van de gemelde Brik naar voornoemde plaatsen.
N=o 618.
Is ontvangen berigt van den Vice Commandeur
der eilands Aruba, dat de Roomsche Cattolyke
Partoor I.I. Krovario aldaar op den 9=e dezer is
overleden.
N=o 619.
Is door den Magarijn meester van alle magarijs
nen ingezonden Proees verbaal, in trplo, over den
staat der fustaadjen en der kelders met militaire
rantsoenens, aangebragt met het brikschip Maria en
Jacoba Schipper J.J. Bart
N:. 620
November 22.
24.
No 620.
Is Ontvangen eene miszive van den Heer I.
N:o 6. Putting strekkende tot antwoord op onze
dispecitie van den 20e dezer No 610 waar by by
tot Lid in den Raad van Civile en Cuminele
Justitie is benoemd geworden. Zie de minwe onder
No 2½1, dewelke in advies wordt gehouden.
No 62.
De Heer E. D. van Uytrecht, waarnemende
het ambt van Raad Contrarolleur der Vinancien
heeft ingezonden gevraagd, tot het doen eener an„
nonce ter inschryving van winsels voor ongeveer.
P4000 ter betaling van militaire bractemen ten
en soldyen over de gepasseerde maand October,
welke autorisatie is verleend geworden.
No 622
De Kerkeraden der Hervorinde gemeente zich
heden morgen „by ons vervoegd hebbende, complimenteerden
ons, met het behoudene arrivement in deze
kolonie en het aanvaarden van het Gouverne
ment dezer eiland en
No 622.
De Heer Gouverneur van Ft Eustatiues en
kommandeur van S Marten zyn heden ten ge„
„volge onzer dispontie van den 27=e dezer No 617, res„
pectivelyk, by aanschryving, bekend gemaakt,
wegens de verzending van Ziner Majesteits Brik
de Merkwer, gekommandeerd door den kapitein
Duitenant ter Zee H. W. de quartel, naar de voor„
melde eibanden. Zie deze aanschryvingen onder
No 2425 243.
No 623.
De Heer I. N.C. Jutting, is heden, by minive, ge„
inviteerd
November 24. inviteerd geworden om den post van Lid in den
voor
Raad van Civile en Criminele Justitie, welke
hy by misive van den 22e dezer, om aangehaalde
redenen, bedankt heeft aantenemen en te aan
vaarden, aangezien zijne opgegevene redenen met
van dat gewigt. zijn om hem van de woarne=
ming des opgemelden ports, te excureeren.
N. 624.
De Waag en Rooimeester A. Evertsz heeft ver=
zocht, dat wij zynen brief van den 20e dezer
aan ons geschreven / Zie het verhandelde onder W
616f zouden beschouwen als vervallen te zyn,
en van geener waarde, en mitsdien te mogen terug
bekomen, waarop de Gouvernements secretaris
door dis gelast is den voormelden brief, na„
daarvan eene kopy te hebben getrokken, aan
hem Waag en Rooimeester ter hand te doen
stellen
No 625.
De Raad Contrarolleur der Financien heeft aan
ons ter hand gesteld twee procensen verbaal in
triplo, van de Comminie ter inspectie der mi„
litaire aantsoenen aangebragt met het brikschip
Maaia en Jacoba Schipper J.J. Bast.
No. 626.
Gelezen zynde een rekwest van George Cariel
en D. de Graaff, kerkeraden der Rooninch Catho„
lyke gemeente alhier, houdende hoofdzakelyk,
dat aangezien zy door het overlyden van den
Roomsch Cattiolyken Partoor. J.I. Krovans te
Aruba, thans herderlon zyn, en om in den eere
dienst geene staking te vevoorzaken, de drie zich
alhier bevindende Spaansche Priesters, I.A. Roble„
Thomas
November 24. Thomas Domings Cabrera, en Ioagui de Bei„
tia, provisioneel hebben aangesteld, om, by tour„
beurten, den Eere dienst en het Ceremaniele in
hunnen Godsdienst gebruikelyk waartenemen,
tot tyd en wyle uit het Moederland zullen zyn
aangekomen de twee priesters, welke zy door
het intermediair van den vorigen Gouverneur
Generaal Adenterim hebben ontboeten, en waarop
zy onse goedkeuring verzoeken. Zie het Rekwert
onder N:o 73, hetwelk aldis nog luidt
T: I.
Is goedgevonden en verstaan: het voormelde
Rekwert voor notificatie aantenemen, ten alle
zulke fine als daarby staat omschreven.
Een afschrift hiervan zal aan de Rekweskian
ten tot informatie worden afgegeven.
No. 627.
De Heer Raad Contrarolleur, daartoe uitgeno=
digd zynde, zich ten Gouvernements huize ver„
voegd hebbende, zyn wy met denzelven in Confe„
rentie getreden, wegens den tegenwoordigen staat
der Tinancien binnen deze kolonie, en hoofdzake„
lyk door ous in aanmerking, genomen zijnde het
aanzienlyk bedrag der nog onbetaalde en in om
loop zynde Gouvernements ordonnantien ter
somme van P:o 57.771. 1. — hebben wy nodig
geoordeeld onze gedachten dienaargaande aan den
Heer Raad Contrarolleur te ontwikkelen en den„
zelven te kennen te geeven ons verlangen om zoo
danige voorzieningen daar te stellen en maatti„
gelen te niemen dat voortaan door ons geene
Gouvernements ordonnancien zouden behoeven
te worden geslagen en afgegeven, alvorens 's Rijks
koloniale
November 24. koloniale kas in staat zal zyn die dadelyk
te voldoen.— bepalende vor het tegenwoordige
en wel op grond der Officieele kennis geeving
daar van door den Heer Raad Contrarolleur
daar van aan ons gedaan, dat, aangezien op
den eersten der volgende maand december
in 's Ryks kas geen genoegzaam sonds zal
voorhanden zyn, om de Tractementen aan de
onderscheidene respective ambtenaren verschuldigd
over de laatste helft dezer lopende maand No=
vember; de uitbelating daar van, ten gevolge
van het hier te voren aangehaalde door ons te
adopteren stelsel, tot na het einde van de maand
Drcemker aanstaande zal worden uitgesteld.- Wy„
ders dat de meest doelmatige middelen behoren
te worden in het werk gesteld om zoo spoedig
mogelyk de oude schuld der kolonie aftelonen en
te gelyk 's Ryks koloniale kas in staat te
stellen en te houden om de Tractementen der
Ambtenaren, de rekeningen van Leveranciers en
arbeidslonen en undelyk de vrachtpenningen en
andere onvoorziene uitgaven geregeld te kunnen
uitbetalen, zonder de reeds bestaande schuld,
daar door te vergrooten- omtrend alle welke mid„
delen en maatregelens de Heer Raad Contrasolleur
door ous is gemagtigd geworden zoodra moge „
lyk aan ous de nodige voordragt te doen.—
No 628.
Gezien zijnde het stamboek der ambtenaren
opdik en de onderhoorige eilanden.
En gelet op de 4=e afdeeling van zyner Majesteits
besluit van den 25=e Juny 1820 No 69, waarby
aan ons wordt vrygelaten om, ten aanzien van de
bestaande
November 24. bestaande ambten, zoo met betrekking tot het pecu„
niele als tot de werkzaamheden, wanneer zulks
door ous voor het belang van ’'s konings dienst van
onverwijlden noodzakelykheid zal worden geoordeeld,
provinonele verandering, onder Hoogstderzelfs na„
deze approbatie in te voeren, met uitzondering,
als daar by uitgedrukt.
Mitsgaders nog lettende op de 8:e afdeeling van
het gemelde besluit, houdende bepalingen waar=
aan de hoofdambtengren zich, ten aanzien hun„
ner onderhoorigen, moeten Gedaagen.
Overwegende: dat het ten gevolge der daarge„
„stelde rorganisatie en overeenkomstig de goede
orde noodzakelyk is aanwyzing der beambten
op elk burean te doen, ten eende allen twijfel,
welke zoude kunnen ontstaan, uit den weg
te mimen.
Is goedgevonden en verstaan
Te continueren zoo als hierby wordt gecontinueerd
op de na te meldene Iaarlyksche tractementen
A. Ten kantore van den door zyne Majesteit
benoemden Raad-Fiscaal M„r JJ. Elevier,
genetende aan tractement uit de koloniale
kas ƒ 4000 of P:s 2400„
in het Jaar, met emoluementen.
als 1eo klerk S. Bulde f 700 of . . . „ 420„—
2e d:o E. C. Römer ƒ 700 of . . . . „ 420„
wordende dezelve klerken uit de kolomale
kas betaald en ingaande hunne voormelde
tractementen primo der aanstaande maand
December; terwyl de tot dues ver in dienst
gebleven zynde 3e klerk B.G. D. Kock, op
ultimo dezer loopende maand November
uit
Norember D. uit deszelfs post honorabel wordt ontvlagen, be
houdens verantwoordelijkheid
Ten kantore van den door zijne Majesteit ge=
Continueerden Raad Contrarolleur der financen
H.I. Nuboer, genietende aan Gactement
F 3000. ƒ 5000 of ..
in het Jaar uit de koloniale kas
als Boekhouder en Ve Commies I.G.G. Scarbour
P:s 1320. ƒ 2200 af
als 2e klerk A. Beanjon f 550 of „ 330„
En, na gehoord te hebben den Raad Contra
rolleur der financien adenterin, tot eersten
klerk aan te stellen D. Boonen op een tracte
Pl 33.O„ mett van ƒ 550 of
in het Jaar ingaande den 16:e dezer loopende
maand; wordende de tot dues ver in dienit geble„
ven zynde klerk P.A. Charje, met ultimo de
zer uit deszelfs port honorabel ontslagen,
behoudens verantwoordelykheid.
welke voornoemde klerken uit de koloniale kan
worden betaald.
C Ten kantore van den door zyne Majesteit ge„
continueerden Secretaris van den Raad van
policie en van het Collegie van Commercie
en Zeezaken W. Prince, genietende eno lu„
menten en Jaarlyks daarvan aan den Gouven„
nements Secretaris de som van f 1000 of F 600„
uitkerende.
als eerste klerk ter secretari van den Raad van
P: 420„— policie I. R. Latte ƒ 700 of.
als klerk van het Collegie van Commercie en
Zee- zaken W. Paiice J ƒ350 of . . P. 2
nemende dezelve zonder onderscheid waar de werk„
zaamheden
November 24. zaamheden aan de beide ambten verknscht
en worden, gelyk reeds is vastgesteld, door
den voornoemden Secretaris betaald.
A. Ter Gouvernements Secretari of kantore van
den door zyne Majesteit bendemden Gouver„
=nements secretaris M:r W. W. Duyckinck, ge„
nietende envolumenten en toelaag van
P: 600: ƒ 1000 of ..
in het Iaar, uit de inkomsten van den Secre„
taris van Policie en van het Collegie van
Commercie en Zee- zaken.
als 1=e klerk H. Kikkert ƒ 975 of.. P:s 585„—
2:e O=o I.A.O: Hellmund ƒ 875 of „ 525„
„ 3=e d:o M. B. Schotborgh ƒ875 of „ 525„—
4=e d:o H. Schottorgh G= ƒ 700 of „ 420„—
5e d:o E. Gorsira ƒ 700 of . . „ 420„
dewelke door den Gouvernements Secretaris
worden betaald.
l: Ter Secretary of ten kantore van den door
zyne Majisteit benoemden secretaris van
den Raad van Civile en Crimminele Justitie Mr
H. R. Hargunga, genietende ƒ 2500 of F:o 1500
aan tractement in het Jaar uit de koloniale
kas, met emolumenten.
als klerk I.I. Elrevier J:r ƒ 700 of ... P:s 420„—
dewelke door den voornoemden Secretaris wordt
betaald.
Ten kantore van den door zyne Majisteit
benoemden Hoofd- Ontvanger C. L. van Uytrectt,
genietende enlumenten.
als boekhouder I.M. Prince f 1200 of Fo3720„
„ klerk: C. Ringeling f 585 of . . - . „ 351„
wordende dezelve door den Hoofd- Ontvanger
betaald
November 24. betaald.
9. Ten kantore van den Magaryjn meester van
alle magarinen
als 1:o Commies P. Gorsira ƒ 1800 of P:s 1089„—
„ 2:e d:o A.A. Meennigh f700 of „ 429„
„ 3:e d=o W. H. Girsira ƒ 600 of „ 369„—
4:e d:o I.G. Muller f 400 of . „ 240„—
dezelve worden uit de kolomale kas betaald,
gereserveerd de nadere schikkingen ten aan„
zien van dat kantoor te maken by de aan
staande vermindering van het garnizoen.
N. Als Ontvanger van den import op het middel
van het klein zegel, Accijns en Roeimeester
Ontvanger der Haven en plakaat-gelden
en Commies der manifesten: H. Schottorgh
H, met emolumenten.
En als klerk bij denzelven in kwaliteit als
Ontvanger van het middel op het klein-zegel
J. W. H. Lingstuyl ƒ 700 of . P:s 420.—
die door den voornoemden Ontvanger wordt be„
taald
C. Als Waag- en voormeester: Mefander Evertoz.
En ten zijnen kantore
als waagklerken:
Ian Veeris
Cornelis Dervendt Semerel en
I. H. Palm
Genietende de waag- en roimeester 3/8 en de
Waagklerken ieder 18. van de emolumenten
aan hen gezamenlijk toekomende.
K. Ali opper visitateur: Johannes Palm Hz, ge„
nietende emolumenten.
En als onder visitateurs
November 24. F:M. Neuman.
Pieter Huybreghtsz en
H. L. Vegt.
Genietende dezelve emolumenten.
C. Mi Gouvernements Translateur: M. Ri
cardo, wordende hy voor zyne diensten vol„
gens het tarief, betaald.
M. Als Directeur van den import op de Colla„
terale succenie I.P Elsevier J:r ƒ 250 of P. 150„
uit de koloniale kas, ingaande priino der aan„
staande maand December
N. Als Loods James Smith, op den voet waarop
deze post thans wordt waargenomen, namelijk:
dat de Loods van de inkomsten van het loods„
wezen, na aftrek van alle onkosten daarop
staande, zal genieten 33 en het andere 13
ten behoeve van de koloniale kas zal zijn.
Als kamer bewaarder van den Raad van Policie
en bode by het Collegie van Commercie in zee
zaken: Johan Georg Wijs ƒ 700 of.. F:420.
uit de kolomale kas, met genot van emno„
limenten.
P. Als Deurwaarder en geregtsbode van den Raad
van Civile en Crminele Justitie: S. D. Kock
P:o 420„ ƒ 700 of
uit de koloniale kas, met genot van einolie
menten.
G. Mi Timmermans baar: Willem Raven
P 540: ƒ 900 of . . .
uit de koloniale kas.
1. Als Interpacteur of Polk by het in- en uitklaren
van vaartuigen: M. L. Ellis met geuit van
emolumenten.
November 24. S. Al, Hoopitaal - meester F. Wolff
ƒ 1000 op. P: 600„
uit de koloniale kan
C. Als Inspecteur der wegen. H. I. Abreng: 1e
P: 400„— kapitein Ingenieur ƒ 665.13t of -
uit de koloniale tas.
W. Als adsistent van den Iuspecteur der wegen
C. van Groot: Davelaar 1666.13 of . - P: 400„—
uit de kolomale kas, ingaande den 1:e der ran=
„staande maand December.
Als koster, voorzanger, Aanspreker in school=
meester by de hervoride gemeente: 2. Hansz
ƒ 700 of P=o 420.
uit de koloniale kas, met genot van einslumenten
W. Als stads Chirurgyne en Officier van gezondheid.
I.C. Schuler, met genot van envolumenten.
x. Als iJkmeester: August Wilhelm Neuman
met genst van euw lumenten
Y. Ali onder schout en marktmeester I. P: Groos
F ƒ20„— ƒ 700 of —
uit de kotonicale kas, met genot van emolw„
=menten.
Z. Als Doord graver: W. Rasmyn, met genot
van einolumenten.
Aa. Als Factoor H. van der Heyden ƒ 700 of F429.
uit de koloniale kas.
bb. Als Bakker: Ioh„s kraanwinkel
53250„— ƒ 416.13 of
uit de koloniale kas, ingaande preino der aan t
staande maand December
CC. Ali Stads omroeper: G.C. H. Lehman, met
genot van eenolumenten.
dd. Als Dienaren der Justitie. Frans Richter
November 24. en H:r Smitzer ieder ƒ 300 of - - - - - P:s 180„—
uit de koloniale kas, waarbij nog zullen ge
voegd. worden twee politie wachter door den
Raad-Fiscaal uit de acht die thans in dienst
zijn te keezen, ieder niet genot van het te„
genwoordige tractement van ƒ 250 of F 150„—
in het Jaar uit de koloniale kas: welke
politie wachter mede onder de orders van den
onder Schout worden gesteld.
En worden dus de Opper Politie- wachter
en de zes andere Politie - wachters by deze,
met ultimo dezer maand, uit den dienst ont„
slagen.
Honorabel ontslag, behoudens verantwoordelyk
heid, te verleenen: aan G.C. H. Lebman, als
klerk bij den Directeur van den einpost op de
Collaterale succenie, blyvende echter tot uitimo
dezer in functie
Ter kennis van de natenoemene ambtenaren
te brengen dat zijne Majesteit hen in hunne respec„
tive posten heeft gecontinueerd, onder genot van de
Iaarlyksche tractementen uit de koloniale kas en
der emnolumenten door hen thans genoten wordende.
namelijk
Als Magarynmeester van alle maganynen G.C. Muller
G1800„ ƒ3000 of
Als flavenmeester W. A. van Spenglen f 2500 of Po 1500.
en einolumenten.
Als vendumeester E.A. Baren De Laney: met
genot van enwlumenten.
4=e Het 8=e lid van zijnen Majesteits voormeld besluit dot
Juny 1820 No. 69 te baengen ter kennis van alle
daarby belanghebbende ambtenaren; lidende aldus
Die
November 24 Die ambtenaren welken, overeenkomstig het
plan van beruiniging is opgelegd kunne onder
„hoorige umbtenaren te salarieren, als mede die
ambtenaren, welken by vervolg die last zal opgelegd
worden, te verpligten het getal derzelve, zoo ook der„
„zelver traktementen niet te verminderen, of anderen
in derzelver plaatsen te stetten, zonder speciale toe„
„stemming van den Gouverneur; als willende wys
dat zoodanige ondergeschrate ambtenaren, wenkelyks
zullen zyn 's Ryks ambtenaren en dat dezelve als
zoodanig hunne aanstellingen van den Gouverneur
zullen bekomen.
5„ Dat, de Presdent van den Raad van Civile &ri=
minele Justitie, dewelke een Jaarlyksch braetenent
van ƒ 5000: of 3000„—
uit de koloniale kas genest, hieronder begrypende,
deze als een volkomen staat van 's Ryks Civele
ambtenaren op dit eiland moet worden aangemerkt.
en dat buiten ons, geene die hierop met is ge„
noemd, geregtigd zal zyn tot eenig tractement of
emolument, behalve nog de tractementen aan den
P 144„— Scherpaegter. a ƒ 240 op
en van den oprigter aan het Polletje
a f 300 op 180„
welke hierby ook worden gecontinueerd.
Dat al het gene by deze ten aanzien der door
ons gecontinueerde of aangestelde arbtenaren
en met betrekking tot de door ons bepaalde in
komiten is gedisponeerd, slechts paovirioneel en
aan nadere bepalingen en veranderingen onderhevig
zullende een afschrift hier van aan den Raad
Contrarolleur der financien en extracten aan de
belanghebbenden,
November 24.
25
belang hebbenden, in zoo ver ieder aangaat, tot
informatie en narigt, worden toegezonden.
No 629.
zijner Majesteits Brik de Merkuur is helen
morgen op eenen kruistogt uitgezeild.
No 930.
Gelezen zijnde eene minwe van den Directeur
der Collaterale succenie, dd 25:e November 1820.
houdende: dat, daar de kleik by die directie
met den 1=e der aanstaande maand December zal
afgaan, en dezelve gechargeerd was met de af=
gifte der begrafenis permitten en rondbrenging
der sommatie billetten, en daarvoor vast trac
tement genoot in plaats van de betaling per
billet, hij oure welmeening, voor het vervolg,
dien aangaande, verzoekt te mogen verstaan
Zie de minwe onder No 244.
Is goedgesonden en verstaan: den voormelden
Directeur der Collaterale Succenie by extract dezes
te kennen te geven dat de wyk en districh
Meesten, als mede de dood- gravers der respecti=
ve gemeenten alhier, zullen worden aangeschre=
ven, om aan hem, wekelyks, opgave te doen van
de genen welke gedurende de verloopene week
overleden zyn.
N=o 6.31.
In overweging genomen zijnde de volgende door
den Raad Contraaolleur der Finanaen adeterm
aan ons voorgestelde panten, betieffende het sinancie
wezen dezes eilands en nadere bezuiniging in de
bestaande uitgaven.
namelijk:
1=o Aangaande de arbeidsloonen van dubachts
lieden
November 25. lieden by het Gouvernement geemploijeerd
wordende en het bespaaen derzelve, wanneer
de Gouvernements slaven, die onderscheidene
ambachten beren, daarin bekwaam wor=
den gemaakt om zelven 's Lands werk te
verrigten.
Opzigtelijk de waag- onkosten; dat dezelve on„
noodig zyn en vervallen moeten.
5 Ten aanzien: der Iaarlijksche toelaag van
P: 240 aan den Raad Contiarolleur der Fenan=
cien voor burean onkosten.
4. Wegens huishuur aan den President van den
RRaad van Ciile en Creminele Justitie.
5 Omtrent het afhalen van Gouvernements goe„
„deren uit het moederland aangebragt.
O=o Betreffende het betalen aan den Roeimeester vor
het pijlen van natte waren aan het Gouverne=
ment toebehoorende
7: Betrekkelyk tot de inzending van stukken door den
Raad Contrarolleur der Financien, den Magaryn„
meester van alle Magarynen en den Hoofd-Ont=
vanger: dat eenige derzelve noodeloos zyn.
Is goedgevonden en verstaan
Op het 1=e punt: den 1:e kapitein Ingeneeur, by ex=
tract dezes, aanteschrijven wel na te gaan en zoo
veel mogelijk opte letten dat de Gouvernements slaven
die ouderscheidene ambachten leeren, zich daarin
vlijtig aefenen, ten eende spoedig de vereischte be„
kwaamheid te verkrygen om zelven al het Gouver„
nements werk te kennen vervigten in daardoor
het aanhuren van ambachtslieden, in gewone ge„
vallen, onnoodig te maken
November 23. Op het 2=e punt: dat de waag- onkosten, als die zyn
pont en negenloon, een onnoodig bezwaar voor de
kolonale kas zijnde, gelijk zulks door den Raad
van Policie, bij dispentie van den 28e Maart 1816
N=o 27 schynt begrepen te zyn, om dat in des waag
meesten verzoek, dienaangaande, ter dier tyd gedaan
voor als toen niet koude getreden worden; dezelve
onkosten sedert den 1:e der aanstaande maand
December voor rekening van den Waagmeester zul„
len zyn en door denzelven, die de legenen voor
het gebruik der paikken, schalen en gewigten
geniet, moeten worden betaald.
zullende een afschrift dezer dispontie aan den
waag en rooimeester, tot informatie en narigt, wor
den toegezonden.
Op het 3=e prent: dat de toelaag van P:s 20 in de
maand welke de Raad Contrarolleur der Pinan
cien voor buaean onkosten geniet, met ultimo
dezer zal ophouden, aangezien die uitgaaf als een
geheel overtollig bezwaar voor de koloniale kas
wordt aangemenkt
Op het 4:e puent: dat de toelaag voor huishuur aan
den President van den Raad van Civile en Ou„
minele Justitie met ultiuw dezer maand zal ver„
„vallen en hiervan, aan dien ambtenaar, by er
traet dezes zal worden kennis gegeven.
Op het 5=e punt: dat de Gouvernements goederen
die uit het moederland worden aangebragt, mede
door 's Lands slaven zullen worden afgehaald, onder
toezigt van den Pactoor en in tegenwoordigheid van
den 1=e Commies bij den Magaryn meester van alle
Magarynen welke commies heerby wordt belast met
het opnemen zoo van het getal als den staat van
November 23. de ontlost wordende goederen, ten eende zyne Bovemder Ze
aanteekening, ingeval van verschil tusschen den
Magazijn meester en den Schipper der vaartuigs,
tot bewis moge strekken van het getal en den
staat der door den laatstgenoemden op de kaai
geleverde pakken, kasten, stukken of fustaadjen
En de Raad Contrarolleur der Tinancien zal, op
rekwintie van den Magarijnmeester van alle
Magarynen, telkens de noodige order dienaangaan„
de aan den Factoor moeten geven.
zullende een afschrift dezer dispontie aan den
Magarynmeester van alle Magarynen, tot infor„
matie en navigt worden toegezonden.
Op het 6=le punt dat de Roeimeester als ambte
naar geen regt heeft om wegens aan het
Gouvernement gedane diensten, eenige declaratie
van loon intelaeren; weshalve aan denzelven
vortaan, geen pylloon meer uit de kolomale kar
zal worden betaald.
Een afschrift dezer dispontie zal aan dien amb:
tenaar, tot informatie en navigt, worden toegezonden.
Op het 7:e puut: Tew gevolge van het gene zijne
Excellentie de Minister vor het Publieke onder„
wyn, de Nationale Nijverheid en de kolonien, by
monde aan ons heeft te kennen gegeven, betref„
„fende het teruglaten van overtollige stukken walke
by het Ministerie niet benoodigd: zyn en echter
de werkraamheden alhier te zande vruchteloon
vermeerderen.
1:o Dat het voortaan net noodig zal zijn de volgende
stukken aan ons te doen toekomen,
namelyk:.
Calculative staat van ontvangst en uitgaaf, ter
verzending
verzending naar het Moederland
Maandelyksche rekening van den Hoofd
ontvanger ter verzending naar het moeder
land.
Maandelykiche magaryn staat en bylagen
ter verzending naar het Moederland.
summiere staat van op den 1e der maand
in de magarinen aanwezig zijnde goederen.
Rekeningen of staten van aangekochte
vivres, ter verzending naar het Moederland
2=e Dat wij van de volgende stukken niet meer dan
een exemplaar kopy of afschrift begeeren.
namelijk
Der drie maandelyksche monstervollen.
Der maandelyksche minsterlysten..
van den drie maardelijkschen staat der Por„
ten en Batteryen
Der Artillerie magarynen.
waarvan kennis aan de belanghebbenden, by
extract dezes, zal worden gedaan.
Dat van de stukken die de Commandeur der
eilanden Bonaire en Arriba in zenden, niet meer
dan een van elk vereischt wordt; zullende de
voornoemde ambtenaren nogthans een duplikaat
in gereedheid houden omn op de eerste aanvraag
aan oms te kunnen worden ingezonden en hier van
kennis bekomen.
Dat wy de volgende stukken van den Raad Contra„
rolleur der Financien tot informatie zullen afwachten
Met het begin van elk kwartaal: een calculative
staat van ontvangsten en uitgaven over dat
loopend
November 25
26.
loopend kwartaal
Maandelyks: eene rekening en verantwoording of
maand staat van den Hoofd- Ontvanger bwvatten
de zyne ontvangsten in genevale sommen,
doch ieder middel of andere perceptien afzon=
derlyk, mitsgaders zyne gedane uitgaven, ten
eende met den staat der kas op het eende van
iedere maand bekend te worden; zoo mede
eenen staat der Magarynen volgens het model
achter het reglement op het beleid der regering
alhier, voorzien van de noodige aanmerkengen,
en voorts eenen staat van aangekochte verres„
wanneer er eenige aankoopingen daarvan mog„
„ten zyn gedaan.
Zullende een afschrift van het geheel dezer
dispontie aan den Raad Contrarelleur der Pi=
naneren tot ruformatie en navigt, worden toege„
zonden.
Niets by zonders voorgevallen.
No 632.
Is ontvangen eene nienwe van den Raad
Contracolleur adenteum der Financien dd 27=e
dezer No 501, geleidende eene voordragt tot het
daarstelten van de benoodigde maatregels, om de
kolomale kas van eenige gereede penningen te
voorzien, tot het afschappen van ordonnanien en het
afbetalen van dezelve, dewelke voor informatie
wordt aangenomen. Zie de minive en voordrags
onder N 245 & 246.
No 633.
Is ontvangen eene aanschryving van den Preri„
dent van de Republiek van Wayti in dato 19e Sep„
tember
November 27 tember 1820, geadreneerd aan zyne Excellentie
den overledenen Heer Gouverneur Generaal
A. Kikkert, verzoekende 's Gouvernements be„
scherming, aan den genen welke zal gechargeerd
worden, met het reclameren van eene Golet
genaamd t' Attractive, toebehoorende aan eenen
Baraean, Inwoner der gezegde Republiek
No 63/1.
Geleren zijnde een Rekwest van Johannes
de Vier, gewezenen klerk ten kantore van
den Raad Contraaolleur der Financien, van
dato 28:e dezer, houdende, hoofdzakelyk, ver„
zoek om met den port van klerk ter Gouver„
nements secretarij, welke port door de gevaaagde
deminie van een der Gouvernements klerker
is vacant geworden, te worden begunstigd
zie het Rekwest onder N=o 74 hetwelk al„
dus nog luidt. / F. I.
Is goed gevonden en verstaan: het voorzeide
Rekwert aan te nemen voor notificatie, alzo
de in dat Rekwest aangehaalde gevraagde de„
minie, by out nog niet is ingekomen.
Afschaift hiervan zal aan den Rekwestrans
tot informatie, worden toegezonden.
No. 635.
Gelezen zynde eene missive van den Raad
Fircaal, dd 27:e dezer No 165, houdende dat, daar de
Opper Policie wachter en zes Policie wachter met
1= December aanstaande zullen worden gerupprimeerd,
hy Fiscaal paoponeert om ook de twee nog overigen
te ontslaan en dezelve te doen vervangen, zoo veel
het mogelyk is door vier blanke personen, met obrer„
vatie dat voor Fo 150 men niemand daartoe zal
kunnen
November 28 kunnen venden. Zie de minue onder No 247,
Is goedgevonien en verstaan: den Raad-Tis=
„caal by deze aanteschryven dat wy ou houden aan
onze gewwonene dispontie van den 24=e dezer N. 628,
edoch den Raad-- Fercaal bij deze autoriseren om
in plaats van de beide zwarte Policie wachters„
welke hij blyft behouden blanke personen voor te„
„dragen zoo als hy nuttig en mogelyk zal oordeelen.
Een afschrift hiervan zal aan den voormelden
Raad-Fircaal tot informatie en autorisatie worden
toegezonden
No. 636.
Is ontvangen eene minwe van den Secretaris
van den Raad van Civile en Creminiele Justitie
lb 27= dezer, houdende rapport dat hy die Secre„
laay van den gewezenen Secretaris adenterim I
Phielen, volgens inventaris heeft overgenomen. Zie
dezelve onder No 248, waarop de Raad Contrarolleur
is aangeschreven geworden dat de som van V100
door den voornoemden Secretaris adenterenn in de
koloniale kas gestort, aan hem, op de gebruikelyke
wijze kan worden gerestitueerd of in de kolomale
kar blyven, als door den Secretaris H. R. Hayunga
overgenomen, en waarmede des Raad Contrarolleurs
missive van den 18=e dezer N=o 490 beantwoord
wordt.
No 637.
Gelezen zijnde de adviesen van den Raad Fis=
„caal en van den President van den Raad van
Civele en Cuminele Justitie, het eerstgemelde ge„
„dateerd 22=e November No 160 en het tweede ge„
melde 25e November) by ons op den 26:e deser
ontvangen / op het aan hem by dispositie van den
November 28. 20e dezer No 611 toegezondene Rekwest van den
door den Krygrraad tot dwangarbeid gecondem„
nerden Jager Jacob Cornlis van Starckenborg,
benevens het rapport van den Kommandant. der
Troepen zie de beide adviesen onder No 2492 250
Gilet dat de Raad Fiscaal noch de President
van den Raad van Justitie voor gratie opineeren
maar alleen van gevoelen zyn dat ir termen voor handen zyn om mitigatie van straf te verleenen.
En in aanmerking nemende het guistige rapport
van den kommandant der Troepen aangaande het
voorige gedrag van den gedetineerden, als mede
de melancholieke gesteldheid van denzelven, voorts
dat de uitspraak des Krygrraads heeft plaats ge„
had op den dag der aanvaarding van het Gouver=
nement door ous.
Mitsgaders gelet op Art: 63 van het Reglement
op het beleid der regering het Justitie wezen, den
handel en de scheepvaart &l
Is goedgevonden en verstaan: de executie des
vonnis tegen den meergenoemden Jager Jacob Cor„
nelis van Starkenburg voor den tyd van een half
Jaar, te surcheren, en de stukken van het proces
met de adviesen van den Raad-Fiscaal en den Pre„
sident van den Raad van Justitie, begeleid van
onse Connideratien, met de eerste gelegenheid aan zyne
Exceblentie den Minister voor het Publicke Onderwys,
de Nationale Nyverheid in de Kolonien overtezenden,
ten einde zijner Majesteits dispontie des aangaande
aftewachten, blijvende de genoemde Iager intus=
schin gedetineerd.
Een afschrift hier van zal aan President en
Leden van den Krygraaad tot informatie, en om deze
onze
November 28. onze disportie aan den rekwestrant mede te
deelen, worden toegezonden.
No 638.
Is Ontvangen eene miswe van den Raad
Contaarolleur der Financien dd 28=e dezer No 502.
geleidende zyne nadere bedenking welke hy over
de voordragt van gisteren nog vermeent te moeten
overleggen. Zie de miswe en bylaag onder Nt 251.
252.
No 639.
Gelezen zynde een rekwest van Samuel Zyon,
koopman alhier dd 28=e dezer, houdende hoofd=
zakelyk, verzoek, dat het hem toegestaan worde
zoodanig gedeelte den lading van de Ameri=
kaansche Golet genaamd Alexander Schipper
Alexander Milleken te ontlonen en verkoopen
als noodig zal zyn tot goedmaking der voor
schotten H=r welke de Super Carga verpligt was
te maken en dat by het in en vitklaren van de
gemelde Golet dezelve moge bevrid worden van
de belasting der tonnen gelden. Zie het Rekwest
onder n:o 75, hetwelk aldes nog luidt.
JF: I:
Is goedgevonden en verstaan: in des rekwestrants
verzoek te difficulteren, zoo als gedifficiilteerd wordt
by deze
Afscharft hiervan zal aan den Rekwestrant
tot informatie, worden toegezonden.
No 640
Geleren zijnde een Rekwert van I. Phielen
gewezenen Secretaris adenteum van den Raad van
Civile en Caininele Justitie, benevens de daarby
gevoegde stukken, houdende onder anderen, verzoek
November 28. om, met den een of den anderen publieken post
te worden begunstigd. die het rekwert onder
N:o „6, hetwelk aldus nog luidt
S: I.
Is goedgevonden en verstaan: den Rekwestrant.
met terugzending der aan ons geexhibeerde stuk
„ken by extract dezer, te kennen te geven, dat,
by voorkomende vacatures, regard, op deszelfs
verzoek zal geslagen worden.
N=o 641.
In overweging nemende de voordragt van den
Raad Contiarolleur der financien, do 27:e dezer N=r
501, tot het daarstellen van de benoodigde maat=
regels om de koloniâle kas van eenige gereede pen„
„ningen te voorzien, tot het afschaffen van ordon.
nancien en het afbetalen van dezelve, bij ons dis=
poritie van dezen datum N=o 632 en advier gehou=
„den, als mede de nadere bedenking, welke hy over
die voordragt nog vermeent te moeten overleggen.
/zie het verhandelde onder No 638:
Is goedgevonden en verstaan: de volgende publi=
catie te doen, te weten; Nademaal wy, in den
tegenwoordigen staat van 's Lands Tinancie, op mid„
delen moeten bedacht zyn om, te gelyker tyd dat
de pactentien op de koloniale kas worden afbetaald,
gelden in dezelve kas ter enzer beschikking te heb„
ben, ten einde in de dungende behoeften van het
Grevernement te kunnen voorzien, zonder in de
onaangename verpligting te worden gebragt van ous
te bedeenen van bezwarende middelen, welke wy
ten allen tyde, gaarne willen vermyden, doch waar„
toe wy, door mangel aan benoodigde penningen
om geaedelyk die uitgaven, welke geen uitstel kien
November 29.nen lyden, te doen bestryden, tegen onze neiging„
gedrongen zouden zyn toevlucht te nemen.
En aangezien wy ons overtrugd houden dat ieder In„
=gereten met de meeste bezeidvaardigheid het zyne zal
willen toedragen tot bevordering van het heilzame
oogmerk van ouzen geliefden koning, die zyne vader„
„lyke zorg tot deze kolonie gunstiglyk heeft geleeven
uit te strekken en ons belast heeft met de uitvoering
van zijne wildadige meeningen die des te spoediger
de gewenschte uitwerking tot welzyn der Ingeze„
tenen zullen hebben, wanneer een ieder, het belang
van dik land zyner geboorte of inwoning ter harte
nemende, genegen is de schikkingen welke wy„
met de beste bedoelingen, tot gelirk van allen,
begrypen te kunnen en moeten werkstellig maken,
niet ter zyde stelling van eigen belang, te gemoet
te komen en, met hoop op eene betere toekomst„
geduld oefene ten aanzien der invordering van
dat gene hetwelk hy mogt. te vorderen hebben, doch
thans niet ten volle zoude kunnen worden afber=
taald
zoo is het, dat wij hebben raadzaam gevonden te be„
palen, zoo als hierby wordt bepaald. dat, aanvang
nemende met preins der aanstaande maand Decem„
ber; alle regten, belastingen of eenige andere hoege
naamde ’s Lands middelen, wanneer dezelve op tien
Pezor van achten of minder beloopen in gangbare
manten zullen moeten worden betaald; terwijl. die
welke meerdere sommen bedragen, gedeeltelyk, en
wel tot de helft, met ordonnancien op de koloniale
kas, zullen mogen worden verrekend en de voldoening
der andere helft in gangbare gelden zal moeten
geschieden
zullende
November 29 zullende deze publikatie als naar gewoonte
worden afgekondigd, geaffigeerd en in de Curacao„
sche Courant geinserveerd, terwyl exemplaren
daarvan zullen worden gezonden aan den Raad
Contrarolleur der Financien en alle Comptatele
ambtenaren, om aan dezelve te strekken tot
informatie en navigt
No 642.
Heden hebben wy bygewonnd den Raad
van administratie van het pensioen fonds voor
de ambtenaren in deze kolonie.
N=o 643.
Nader gelezen zynde eene resolutie van
zijne Excellentie den Menister voor het Publie„
ke Ouderwyn, de Nationale Nyverheid en de
kolonien, dd 7=e July 1820 N=o 33/37, met de
missive van dien datum en van hetzelfde
nummer ontvangen, waarbij wij geautoriseerd
worden om een nieuw ontwerp van orgonisatie
voor de schutterij alhier, meer overeenkomstig
de bedoelingen vervat in het plan van bezuiniging
hetwelk Sub 2a A is gevoegd by zyner Majesteits
besluit van den 25=e Juny 1820 N=o 69 aan dat
Ministerie in tezenden.
Is goed gevonden en verstaan: Eene kommissie
tot dat eende te benoemen, door ons gepresideerd
werdende en bestaande uit:
Den Majoir titulair van het Bataillon
artillerie van Linie No 5 en kom„
mandant der Troepen D. W. Deersteler
Den Majoor G. Hiddels, kommanderende
de gewapende burgermagt.
Alen
November 29
30.
Den kapitein by het Bataillon Jagen No 28 R
F van Raders, die ter gelyke de Cunctiene
van Secretgris zal waarnemen,
met invitatie om zich op aanstaande maan„
„dag den 4:e December te negen ure s morgens
te laten venden op de Gouvernements buitenplaats.
Afschaften hiervan zullen aan de voornoemde
Heeren tot informatie worden. toegezonden.
N=o 694.
Gelezen zijnde eene minive van de Adminis
„taleurs dezes garmroeus, dd 29=e dezer 28 N 121
verzoekende de novo met een fonds voor hand gelden
te worden gembndieerd, alzoo van de voormaals
ontvangene som van ƒ 1090 MC:t slechts f 120„
overig is, terwyl voor de opgegevene sterkte der
te reengagerens manschappen nagenoeg eene ge„
lyke somma tot Compleet zal benoodigd zyn. zie
de minive onder No 253.
Is goedgevonden en verstaan: den Raad lon„
tracolleur der Financien by deze te autoriseren,
om annonce te doen, ter inschryving van wissels
voor de sem van een duizend guldens A. C wegens
militaire uitgaven. tegen den 6=e der aanstaande
maand December en by ontvangst dier som in de
kolomale kas, dezelve terslond aan den Raad van
administratie van het garniioen alhier, ten ge=
bruike als verzocht is, te doen uitbetalen.
Afschriften hiervan, zullen aan den Raad
van administratie voormeld en den Raad Contrarol=
leur der Financien, tot informatie en autorisatie, worden
toegezonden.
No 645.
Nader gelezen zynde de resolutien van zyne Ex e
cellentie
Novemker 39 cellentie den Minister voor het Publieke onder„
wijs de Nationale Nyverheid on de kolonien van
7 Julij 1828 no 6/41 accurerende de receptie
der minive van den Gouverneur Generaal
adenterim db 17e Maart dezes Jaars No. 19 en
die van den 15=e September No 33/35 houdende
reciptie der ninwe van den Gouverneur Generaal
adenterim dd 4e July 1824 No 76„ berigtende
van het verkoopen der Iasurgenten kapers Las
songada op den 8:e April lb, en het deponerens
van het provenwe daarvan ter Goisvernements
secretari, beide met de mineven dier datums
en van dezelfde nummers ontvangen; by welk
eerstgemelde resolutie wys aangeschreven wor„
den aent.
= by het bestuur te Angortura tot het afdoen
der zaak betrekkelijk het nemen van de
Golet Intrepid, door den Insurgen ten kaper
Genevaal Englink, nader aantedrengen, met
kennisgeving, dat, indien ten deze, binnen
een zekeren door ons te bepalen ter myn, aan
de Nederlandsche belanghebbenden geen
regt geschiedt, alhier zal worden overgegaan
tot het schadeloontellen dezer laatsten uit
het provenw van de als dan verkochten
kaper La Sosegada.
dienvolgens de van dezen kaper gepaove„
nieerde gelden aan niemand, wie het ook zy„
aftegeven, voor en aleer de Nederlandsche„
onderdanen, welke schade geleden hebben
door het nemen van de Golet Intrepid, ver=
goeding zullen bekomen hebben, maar dezelve
integendeel tot deze vergoeding te doen stuk„
ken
November 39. ken, ingeval het bestuer van Angorteera
achterlyk blyven mogt in het doen van
regt, binnen den daartoe door ons te bepalen
termyn.
Is goed gevonden in verstaan: aan het op=
„perbertuur te Guarjana de volgende aanschay
ving te doen: Dewyl by dek Gouvernement
als nog niet is ontvangen eenige schadevergoeding
van ontroofde Nederlandsche goederen en eigen„
dommen door eenige vaartuigen, voerende de
vlag van de Independentie van Veneruela, en,
onder anderen, die, gepleegd door den kaper de Ge„
neraal Englisk, gekommandeerd door eenen N.
Coates, aan de Noderlandsche Golet de Intrepid
schipper W. Laaaro, alhier te huis behoorende.
aod vuidt zich het Gouvernement van Curacas
gedrongen op die schadevergoeding of terug gave
der voorzeide Golet te cisteren, met kennisgeving
dat, indien hetzelve, binnen den tyd van drie
maanden, na ontvangst dezes, door of van wege
het bestuuer van Veneruela geen Cathagonesch
antwoord erlangt op de teruggave van de voor„
zeide Golet Intrepid en derzelver lading en toebe„
hooren of schadeloontetling daar van, dit Gou„
vernement zich als dan gemodzaakt vendt over„
tegaan tot het schadeloos stellen der laatsten uit
het provenwe des kapers za soregadas, gevoerd
geweest door kapitein Jore Rafetti, dewelke alhier
door Zyner Majesteits Corvet de Dolfyn gekomman„
deerd door den Kapitein Luitenant ter Zee Warden.
burg, is opgebragt, verkogt en het monlant gedepo„
„neerd geworden.
No 646.
verwegende
November 39 Overwegende: dat de procenen verbaal wegens
den staat der Fiestaadjen en andere goederen van
uit het miederland aangebragt wordende goede
ren, door den Schipper of stuurman des vaartuigs
mede behooren onderteekend te zijn, ten eende de
„zelve schipper of stuurman naargaans met
zal kunnen ontkennen dat defecten welke aan
de fustaaljen en andere mogten zyn, niet voor
de uitlevering derzelve hebben plaats gehad, en
op dat, indien er deswegens verschil mogt testaan,
terstond onderzoek dien aangaande migen geschieden
en aldus buiten allen twyfel worde gesteld aan
welke de oorzaak van het defect moet worden
toegeschreven.
Is dienvolgens goedgevonden en verstaan: den
Magaeyns meester van alle Magarynen hierby te
gelasten om dagelyks by elke opschorting van
ontfoning in by zyn van den Schipper of stuur
man van het vaartuig, waarin de goederen zyn
aangebragt, den staat der Custaadjen en andere goede„
rew naar kennig op tenemen en de paveenen ver„
„baal derwegens gezamenlijk met den schipper of
stuurman te onderteekenen; staande het dien on e
verminderd aan den 1e Commies, die by de ontloning
adristeert, vrij, om, wanneer hy duidelyk mogt be„
merken dat er defecten aan eenige der Custaaljen
ofte andere goederen zyn, het taamsport dier fustaad
„sen ste: te verkinderen en den Magaryn meester
als zoo ook den schipper of Stuurman daarvan te
verwittigen.
Afschriften hier van zullen aan den Magazijn
mester van alle magarynen tot infirmatie in nar
rigt en aan den Raad Contrarolleur der Financien
November 30. tot informatie worden toegesonden.
No 647.
De Raad Contraaalleur heeft heden by mis=
sive van den 29:e dezer N=o 503 ingezonden de
door ons by monde, afgevraagde nomninative lyst
der personen welke gratificatie, pensioenen en
maandelijksche toelagen /: die op onkort rekening
gebragt worden:/ als mede van de genen, welke
als militaire beambten, hactementen, genieten,
welke laatsten niet als politieke ambtenaren
beschouwd, maar onder het hoofd: van militaire
gavinioen en van het mateneel der artillerie
op het grootboek gebragt worden.
N 648.
Is door den Majoor Pitulair der Artillirie,
kommandant der Troepen ingezonden de
van hem gerekwineerde nominative Bang
=lyst der Heeren Officieren van het garniroen.
No 649
Is gelezen eene misie van den Heer C. L.
van Uytrecht td 30e dezer No 594 houdende
kennisgeving dat hy het kantoor van den gewe„
zenen Ontvanger Generaal adinteree S Sutting
in behoorlyke orde en volgens Inventaris heeft
overgenomen, voorts dat hy dat kantoor met al de
stukken tot hetzelve behoorende onder Inventaris,
aan de, by ouse dispontie van den 17=e dezer W.r
594 tot de waarneming van den hoofd- Ontvangers
port tot de aanvaarding van dien door den Heer
C.L. van Hlytrecht toe, benoemde boekhouder
op het hoofd Ontvangen kantoor I.M. Priice heeft
overgegeven; Waarop de Raad Contrarolleur
der Financien is aangeschreven geworden dat
November 30
December
de restitutie van F:s 1000, aan den afgaanden
Ontvanger Generaal als nu op de gebruikelyke wyze.
kan plaats hebben. Zie de ninwve en bylaag onder
No. 254 & 255
No 650.
By ons met eene geleidende missive van den
Chiaurgyn Majoor, ontvangen zynde eene aanvraag
in huplo, van in dit oogenblik hoog benoodigde
medicinen.
Is de Raad Contrarolleur, onder toezending der
gezegde aanvraag, geautoriseerd geworden tot
den aankoop van de gevraagde medicinen.
No 651.
s gelezen eene minive van den Raad Contra
colleur der Financien do 1.e dezer No 596, verzoe
kende onze autorisatie tot het huren van een
pakhuis tot berging van het zout van Bonaire
in 's Lands schoener 's Lands Pakket aangebragt,
en van dat welke nog zal afgebragt worden, de
wyl al de pakhuizen by het horpitaal en het laatst
gehuurde reds vol zyn: Zie de ninwe onder
No. 256
En goedgevonden en verstaan: den Raad Com„
tracolleur te autoriseren tot het huren der bedoel
den pakhuis voor de sam van P.s 18 in de maand,
indien hetzelve voor niet minder verlaten wordt.
Een afschrift hiervan, zal aant den Raad Contra
ulleur der Financien tot informatie en autorisatie
worden toegezonden
Hiels byzonder voorgevallen.
N: 652.
Is ontvangen eene misive van den Heer D. de
Graaf
December 44. Graaf, kerkeraad der Roomsch Cattolyke ge„
meente alhier, accurerende de ontvangst onzen
aanschryving ten gevolge onzer disportie van
dato 25:' November lb N:o 639 waarby de kerke
raden dier gemeente zyn geenviteerd geworden om
den Dood- graver aan tezeggen weekelyks aan den
Directeur der Collaterale Succenie opgave te
doen der genen welke in de verlopene week
zyn begraven geworden. Zie de gemelde misn„
onder No 257 dewelke voor informatie. wordt ge
houden.
No. 653
De Commine, bij onze dispontie van den
29=e November lb N:o 643, benoemd, tot
de reorganisatie der schuttery alhier, heeft
heden morgen hare werkraamheden aange„
vangen.
No 653
Gelezen zynde eene ninwe van den Raad
Fircaal, dd 4=e dezer No 170, hoofdzakelyk
verzoekende, dat, daar het de kolomale ge„
woonte is om, by het kersseert en Nieuw jaar
zich met het werpen van vuurwerken te
vermaken, en wanneer wy mogten noodig
oordeelen dit op den ouden en gebruikelyken
voet te laten, onse autorisatie te mogen ob„
tineren om, met bepaling der boeten, het
noodige interdict derwegens te laten doen,
met affixie, als naar gewoonte.
Is goedgevonden en verstaan: de opge„
melde minwe in den Raad van Politie,
overteleggen. Zie dezelve onder No 258.
No 654
Heden
December 5. Heden zijn door den Horpitaal Meester
ingezonden de Harpitaal stukken over de
maand November lb
No. 6.55.
Gelezen zijnde een bij ous ontvangen re„
kwest van Jan van der Brest, Viee Comman„
deur op het eiland Aruba, aldaar het Com=
mando voerende, verzoekende om by de ver„
vulling van den Commanders port aldaar,
met denzelven begiftigd te worden. Zie het
Rekwist onder No 77, luidende aldus.
F: I.
Is goed gevonden en verstaan: hetzelve rekwer
voor votificatie aan te neemen.
No 656
Raad gehouden. Zie de Nolulen van heden.
No. 657.
Heden zijnde de geboorte dag van zyne ko„
ninglyke Hoogheid de Prns van Oranje, is by
het Garninoen groote parade gehouden en des
middags is is een salut van 33 schoten ge„
„daan.
No 658.
Gelezen zynde een Rekwert van Philip
Lodewyk Zoude, verzoekende gepermitteerd
te worden om onderwys, in de wes en Zee
„vaartkende, het gebruik der instrumenten en
het virdere tot dat vak betrekkelyks, te geven.
zie het Rekwerk onder N:o 78, luidende aldus.
F O.
Is goedgevonden en verstaan: den Rekwes„
trant by dese te permitteren, om privaat on„
derwys, in de wes- en Zeevaartkinde het ge„
bruit
December O bruik der Intrumenten en het verdere tot
dat vak betrekkelyk, te geven.
Een aficchrift dezer dispontie zal aan den
Rekwestrant, tot informatie en narigt worden
afgegeven.
No 659
Is gelezen eene minne van de Leden
van den Raad van Policie in dato 5e deser
waarby, ter voldoening aan duie invitatie in
de vergadering van den 20=e November: lb
eene nominatie geformeert is, ten einde daar
uit de keuze worde gedaan van een lid
om de in dien Raad bestaande vacature
te vervullen. Zie de minive onder N. 25
dewelke is gehouden in advier
No 660.
Geleren zynde een rekwerk van Gerard
Schotborgh Mtz; verzoekende als klerk ten
Gouvernements Secretari te worden geplaatss,
echter zonder tractement, en dat wanneer
hij de vereischte bekwaamheden mogt hebben
verkaegen, als dan op eenige belooning aan
spraak te kunnen maken. Zie het reswert
onder N:o 79, hetwelk aldus nog luidt.
JP: I.
Is goedgevonden en verstaan: het verzoek van
den rekwistrant te accorderen, en denzelven
by deze aantestellen tot klerk Supernumi=
„rair ter Gouwernements Secretary alhier,
echter voor het tegenwoordige zonder tracte„
„ment, en mits afleggende den eed daarop staan
Een afschrift dezer disporitie zal aan den
Rekwisbans
December 7. rekwvestraat, tot infomnatie en acte van aan„
stelling, worden afgegeven.
No 661.
Nader gelesen zijnde eene voordaagt van
den Raad Contracolleur der financien adin„
„terem, in dato 27=e November 1820, gevolgd
op eene met hem gehoudene Conferentie op den
24:e dierzelfde maand, wegens het beramen
van maatiegelen om de koloniale kas in staat
te stellen, ten eende de pretentien ten laste
der kolonie geregelder te voldoen, en tevens
om het getal der onbetaalde, in omloop zyn
de Gouvernements ordonnancien niet te
vermeerderen, daar het voortvaren met het
afgeven van nieuwe ordonnancien op de
kolorale kas zonder dat dezelve by de
afgifte dadelyk kunnen afbetaald werden: en
In overweging genomen hebbende, de nood=
zakelykheid welke er uit dien hoofde bestaat,
om de uitbetalingen der tractementen aan
de ambtenaren in het vervolg niet meer op„
afzonderlyke ordonnancien te laten geschieden,
als ook om geene ordonnancien voor rekeningen
van leverancien en andere uitgaven, te laten
slaan, voor en aleer tot het voldoen derselve,
gereede penningen genoeg voor handen zullen
zyn, en zoodanige rekeningen door ous zullen
zyn, en zoodanige rekeningen door om zullen zyn
geëxamineerd en geapprobeerd
Is goedgevonden en verstaan: de volgende
bepalingen omtrent de wyze van betaling heerby
vant testellen:
1:o Dat met het begin van elke maand, ten
kantore
1 December 7. kantore van den Raad Contrarolleur der si„
nancien zal moeten opgemaakt. en aan om in
geleverd worden, eene betalingrlyst van de
tractementen der ambtenaren, als mede der
pennioenen, gratificatien en toelagen over de
afgeloopene maand, welke lyst uit vyf ko=
„lammen zal moeten bestaan en bevatten.
In de eerste kolon de namen.
A. den ambtenaren.
6. der gepennioneerden.
C. der gegratificeerden.
d. der toelaag genietende personen, en
l. dier amblenaren welke tot het militaire
garizoen en het mateneel der artillerie
behooren, doch niet door den Raad van Adr
munistratie van het garmisen betaald worden
In de tweede Kolon. de kwaliteiten der
in de eerste kolon gemelde personen, tegen over
elks naam.
In de derde kolon: het respective Jaar
„lyksche bedrag van elks tractement
In de vierde kolon: het respective maan„
delijksche bedrag van elks tractement
De vijfde kolon blyft in blanco voor de
naamteekeningen der amblenaren, en andere
daaropstaande personen, om te strekken. tot
kwitantie bij het ontvangen hunner tractemen
len, pennioenen, gratificatien, en toelagen; moe„
tende ten dien eende in het hoofd van die
kolon geschreven worden het woord voldaan.
2=o Dat de gemelde betalings lyst door om zal
worden gefiateerd en aan den Raad Contrarol„
„leur der Financien ter registratie worden terug
gezonden
December 7. gezonden, zoodra het aan om zal zyn geble„
ken, dat de koloniale kas in staat is, het
bedrag der daarop gespecificeerde tractementen
pennioenen, gratificatien, en telagen uittebe„
talen: Zullende de Raad Contrarolleur der
finaicien als dan voor het volle bedrag van
de betalenglyct, sleetts eene ordonnancie heb
ben op temaken en aan om ter teekening inte
zenten, daarop specificerende, waarvoor en
over welke maand en jaar het daarin gemen
tioneerde bedrag uitbetaald wordt
Dat de Raad Contrarolleur der finanaien de
geteekende ordonnancie voor tractementen, pennide„
nen, gaatificatien en toelagen, zoodra dezelve
door hem zal zyn geregistreerd, met en benevens
de maandelyksche betalingslyst aan den Hoofd
Ontvanger zal hebben ter hand te stellen, te gely
ker tyd de amblenaren en andere belanghebben
den by annonce daarvan kennisgevende, om
hunne tractementen, pennoenen, gratificatien en
toelagen te gaan ontvangen, ten kantore van
den Hoofd- Ontvanger, die dan de Ambtenaren,
gepensioneerden; gegratificeerden en toelaag ge„
nietenden, op hunne handteekeningen, op de
betalings lijct tegen over elks naam als kwitantie
te plaatsen, zal moeten voldoen.
Dat, aangaande het betalen van rekeningen ten
laste der kolonie, ordonnancren zullen moeten
opgemaakt worden; doch niet voor en aleer dat
de rekeningen door om zullen zyn nagezien en
goed ter betaling onderteekend.
Dat de Raad Contracolleur der financien, tot
dat eende, hier by wordt aangeschaeven om maan
delyks
delijks aan ons inteleveren eene specificke lipt
der ingekomene rekeningen, dewelke by die lijst
zullen moeten worden gevoegd, met opgave aan
ous; van de op dat tydstip in de kolomale
kas zynde gereede penningen, op dat wy zullen
kunnen beoordeelen welke rekeningen, naar
mate van dat bedrag, het eerst behooren be„
taald te worden; terwijl op die rekeningen
alleen, welke door ons goed ter betaling ondertie
kend en aan den Raad Contracolleur ter hand
gesteld worden; ordonnancren zullen moeten ge„
slagen worden, met omschryving in het ligchaan
der ordonnancien, waarvoor en over welke maand
en jaar de betaling gesccheedt.
De Ordonnancren voor rekeningen door ons onder„
teekend en ten kantore van den Raad Con„
„trarolleur der finanaen geregistreerd zynde, zul„
len die genen waarvoor dezelve zyn opgemaakt,
zonder verwyl by annonce door den Raad Con„
tracolleur der finanaen te doen, worden opge„
roepen, om hunne ordonnaneren tegens het kwi
teren kunnen rekeningen ten zynen kantore
te kunnen afhalen, ten eende daar voor op
het Hoofd- Ontvangers kantoor hunne betaling
te gaan ontvangen zullende de ordonnancien
voor rekeningen als naar gewoonte, op het
kwiteren derzelve moeten betaald worden.
Een afschaaft dezer, zal aan den Raad Con„
tracolleur der Cinanciën adinterin worden
afgegeven, om te strekken tot deszelfs in
formatie en narigt, en tevens om denegens de
noodige aanschryving te doen aan het Hoofd
Ontvangens kantoor: in zoo ver zulks den Hoofd
Ontvanger
December 7 Ontvanger zal aangaan.
No 662.
Op het Ministerie voor het Publieke Onder„
wis, de Nationale Nyverheid en de Kolonien
getaskken, een winel No 4 groot ƒ 1000, of
Po 754.5. 4. a 26½ St N.C:t de pero, om te
strekken tot het betalen van handgeld aan de
Onder -Officieren en manschappen dezes Garnnzoen„
die wederom in dienst zullen worden aangenoe
„men, na dat hunnen diensttyd zal zyn geex
„pireerd, ende zulks ten gevolge van de 4=e
afdeeling der Gouvernements dispontie van den
16e October lb N=o 514.
Niets bijzondert voorgevallen.
No863.
De by disporitie van den 7=e dezer No. 660,
benoemde extia klerk ter Gouvernements se
cretary Gerard Schotborgh Alz, zonder trac„
tement, heeft heden den gewonen eed int die
kwaliteit afgelegdn:
No 664.
Gelezen zijnde eene minive van den kapi=
„tein Zuitenant ter Zee 7. Blom, komman„
derende zijner Majesteits Coriet de Komeet„
thans binnen deze haven leggende, de 9=e deser
W=o 44, houdende voorstel om, dewijl hy sedert
den 4=e dezer, het gewene sein van aangeving
heeft laten waaijen en geen vaartuig zich heb„
bende aangemeld, eene reis naar Preerto Cavello
en LaGuaira te doen, om te vernemen of
zich aldaar vaartuigen bevenden die de wil
naar Curacao hebben; en van de beschenming
der gemelde Corvit zouden willen gebruik ma=
„ken
December 7.
December 9 ken, waarna hy kapiteen Quitenant weder
in deze haven wenschte te komen, om, in
het begin van de maand Sanuary aanstaande,
naar deszelfs station te Suriname, langs
de Eilanden, S=t Martin en St hustatiees, terug
te keeren. Zie de minive onder N:o 260.
Is goedgevonden en verstaan: het voorstel van
den genoemden kapitein Luitenant Blom goed
te keuren, en denzelven te autoniseren deszelfs
Instructien op te volgen; wordende het den
genoemden kapitein Luitenant vrij gelaten, om
deze haven, zulks voor zijner Majesteits dienst,
noodig oordeelende, aan te doen, alvorens naar
deszelfs station te Suriname terug te heeren,
mits vooraf voldoende berigten en winnende we
gem den staat van gezendheid op dit Eiland,
ten einde zyne onder hebbende ekiipage van
dien kant, aan geene gevaren, strydig met zig„
„ner Majesteits heilaame bedoeling, te dien op„
zigte, bloottestellen.
Afschrift hiervan zal aan den genoemden
kapitein Zuitenant Blom, tot informatie
en narigt, worden toegezonden.
Niets byzonder voorgevallen.
No. 665.
Gelezen zynde eene minwe van den Raad
Fircaal, llb 9:e dezer N:o 171, te kennen ge„
vende: dat de kommanderende Officieren van
zyner Majesteits Korvet de Komeet, de kapi„
tein Luitenant Blom, zwaaigheid maakt in de
betaling der onkorten voor het opvatten van een
zyner weggeloopen matiszen, waarvan het
signalement ter Fiscalaat was toegezonden, met„
Verzoek
December 11 verzoek om onse orders deswegens voor het
vervolg. Zie de misive onder No 261.
It goedgevonden en verstaan: den Raad
Fiscaal en den Kommanderende Officier van
Zyner Majesteits Korvet de Komeet, respective„
lyk, by deze, aanteschryven: dat indien de
Heer Raad Fiscaal voornoemd, zulks blyft
verlangen, de genoemde kapitein Zuitenant
verpligt is, de onkorten, gevallen op het vatten
van een zijner weggeloopen matrozen, en waars
van het signalement ter Fiscalaat was in
gezonden, te betalen, aangezien de zwarighe„
„den daaromtrend, door denzelven gemaakt,
niet in aanmerking kunnen worden genammen
alzoo, alware het ook dat ointremt soortgelyke
gevallen, voor het vervolg, veranderingen, door
ons, zouden worden daargesteld., voor het onder„
havige geval, de op nieuw daartetellen in
rigtingen toch geene terugwerkende kracht
kunnen hebben.
Afschriften hiervan zullen aan den Raad
Fircaal en den kapitein Luitenant Blom
voornoemd, tot informatie worden toegezonden.
No. 666.
Heden morgen hebben wij het Port Beeken
burg, aan de oostpant dezes Eilands gelegen,
geinspecteerd.
No. 667.
De Administrateurs van het Garmerden
hebben heden ingezonden de afschriften der
boeken van den kapitein kwartier Meester
over de verloopene maand Nodember, als mede
de betaling Lysten der officieren en de geneiale
Versameling
December 11. verzameling der gedane uitgaven, geduiende
die maand, in duplo
No 668.
Gelezen zijnde een Rekwert van Felir G:
Guadenama, burger en Inwoner alhier, ver„
zoekende gepermitteerd te worden om een wet:
„tig huwelyk aantegaan met Mejufvrouw
Maria Perus Grardi, meerderganige dochter,
en van de Spaansche natie, zich thams alhier
bevindende. Zie het Rekwest onder No 80,
hetwelk aldus nog luidt.
JF: P..
Is goedgevonden en verstaan: der Res
kwestrants verzoek te accorderen, en denzelven
te kennen te geven, dat het noodige
permit tot het aangaan van zyn voorge„
nomen huwelyk met Mejufvrouw Maria
Ierus Grardi, ter Gouvernements Secaetary
zal worden opgemaakt.
Een afschrift hiervan, zal aan den Re
kwertrant, tot informatie worden afgegeven
No. 669
Is by ons ontvangen een verzoekschrift
van den persoon van P J: van den Berghe,
door den Raad van Civile en Caimenele
Justitie dezes Eilands, tot de straf van dwang:
arbeid op het Eiland Bongcie gecondemneerd,
en zich thans aldaar bevindende, houdende:
dat aan hem worde verleend. pardon of mo=
deratie van zynen nog overigen straftyd. zie
hetzelve onder N:o 262
Waarop de Commandeur van het Eiland
Bonaire is aangeschreven geworden, om den
dekwestrant
December 18. rekwistrant te verwittigen dat in deszelfs
verzoek niet kan getreden worden, aangezien.
wy de magt niet hebben om gratie of modera=
„tie van straffe te verleenen.
No 670
Is bij on ontvangen eene minive van
den kommandeur des Eilands Bonaire„
in dato 9=e dezer Wo 4 daarby, onder an
deren, rapporteerende, dat op dit oogenblik
geen kalk kan gebaand worden, aangezien en
geen brandhout in voorraad is, en vragende
Antorisatie om negentig vademen brandhout
door vrielieden te laten kappen, waarvoor
zoude moeten betaald worden 6 a 7 lb. per
vadem, dewelke voor informatie wordt gehouden
Act. 671.
Zyner Majesteits Vurvet de Komeet, gekom„
mandeerd door den kapitein Luijtenant ter
Zee J. Blom, is heden morgen, op eenen krus
logt, uitgezeild.
No 679
De volgende aanschryving is heden aan
de Heeren Comminarinen ooer het Ponds ter
vernietiging der bewyzen van afgekeurde so
hanninen toegezonden geworden.
Verlangende volledig bekend te wezen met
den actuelen staat van het fonds ter vernie
tiging der bewyzen van afgekeurde Johannis
sen, z00 inviteer ik. Wrd: aan my zoodra
mogelyk te doen toekomen eenen accuraten
Financielen staat van het gezegde fondt tot
op dato dezes.
No. 673
„ Heden
December 12. Heden na de gewone audrentie, hebben wy
ous begeven op het rif, en aldaar het krid
magaryn en de Batterien, het rif en Punts
Baavo, geinspecteerd.
No. 673
Op den 24:e November lb aan ons, door den
Raad Contrarolleur der Financien, ingezonden
zynde procemen verbaal, wegens den opslag,
de kenring en in Ontvangst neming der
militaire rantsoenen, alhier aangebragt per het
Brikschip Maria en Jacoba, kapitein J. J Bast,
waarby gevoegdis geweest een Certificaal van
den waagmeester alhier wegens het gewigt
der veertig vaten ryt, een gedeelte dier
militaire aantroenen uitmakende, waaruit
consteerde dat by de weging alhier op de
gehiele kwantiteit, een verlies of deficit is
Ontslaan van 454 ponden rent
En daar dit deficit omal te aanmerke„
„lyk voorgekomen is, daar wi, tydens on ver„
„blyf in Nederland en wel in Amsterdam,
Op verzoek van het Meirsterie voor de Kolonien
ous in persoon in het Magazyn aldaar, heb„
ben verzekend van het zuwere gewigt en de
maat der militaire rantsoenen die van wege
het komminariaat aldaar naar zyner dla„
jesteits bezittingen en deze gewesten worden
afgezonden; zoo hebben wy ons al dadelyk voor„
behouden gehad een persoonlyk onderzoek
Omtrent dat verschil te doen, tot welk
einde wy om dan ook op heden met den
Raad Contracolleur der Financien in het
Magarijn alhier hebben begeven, aldaar eene
nadere
December 12 nadere iispectie hebben gehouden en doen
overwegen de hierbovenbedoelde veertig vaten
ryst, waarvan den uitslag geweest es
dat dezelve thans 282 ponden meerder ge„
wegt inhouden, als volgens het eerst inge=
biende Certificaat van den waagmester wan
opgegeven. Als ook dat by nader onder„
zoek der reden van dit deficit in het gewigt
en volgens de verklaring van den waag en
Magaryn meester gebleken is, hetzelve is ver„
oorzaakt uit hoofde de eerste weging met
het waaggewig„, dat zwaarder is heeft plaats
gehad. /: welke ongeregeldheid, volgens de door
den: Raad Contrarolleur der Financien ge„
maakte aanmerking, buiten zyne voor„
kennis heeft plaats gehad:/
zoo is al dadelyk door ons gelast geworden.
dat de nawegingen voortaan met meen
met het waaggewigt, maar met het gewegt
uit het magarijn, waarmede de uitgedeeld
wordende aantsoenen worden gewogen, zuls
len moeten geschieden.
Wyders dat de Magaryn Meester het by
de naweging, op heden bevonden verschil
der hoeveelheid rept van de opgemelde 40
vaten, op zyne boeken in onwangst zal bien
„gen, ten eende het ryk geen nadeel toete„
brengen.
Is dienvolgens goedgevonden en verstaan.
van deze onze bepalingen, by extract dezes,
nader kennis te geven, aan den Raad lon
„trarolleur der Finanaen, ten eende dien
aangaande de noodige order door hem worde
daargesteld
December 12.
13.
daargesteld
No 674.
Gelezen, zijnde eene minie van den Raad
Contrarolleur der Financien, in dato 12e
dezer No 518, daarby ter lecture aan ons
doende toekomen eene voordragt aan denzelven
van wege de onderteekenaren daar van toe
gezonden, met verzoek om dezelve aan den
Gouverneur in den. Raad van Police aante
bieden; met te kennen geving van deszelfs
verangen om ons welmienen te mogen weten
wegens de inlevering daarvan Zie de minue
onder No. 263.
Is goedgevonden en verstaan: onze disporitie
denegens uittestellen tot na de lecture der
gezegde voordragt.
No. 675.
Nader gelezen zynde de minive van den
kommandeur des Eilands Bonaire dd 9e dezer
No 4/: onder N:o 670 in advies gehouden:
daar by onder anderen, rapporterende dat op dit
oogenblik geen kalk kan gebrand worden, aan
gezien er geen brandhout in voorraad is en
vragende autorisatie om negentig vademen
brandhout door vryelieden te laten kappen
en wanneer zoude moeten worden betaald
6 a 7 lb per vadem.
Gelet op de Ministeriele resolutie van dato
26=e November 1818 No 7/91, waarby aan den
toenmaligen Gouverneur Generaal van Cura=
cao, is toegelaten om aan de militacie Offi=
cieren van het Garnioen alhier, dezelve hoe=
veelheid brandhout toestestaan, welke zij voor„
maaldt
December 123 maals, hebben genoten; met dien verstande, &„
dak, wanneer ook geene genoegzame hoeveel=
heid brandhout van Bonacre mogte te bekomen,
of het transport van daar met doenlyk, zyn,
die Concenie zal worden gehouden voor ver„
vallen
En in aanmenking nemende: dat de
hier voren aangehaalde gevraagde autorisatie
van den Kommandeur van het eiland
Bonaire, eene noodelooze uitgaaf zoude
daarstellen, aangezien het ous uit de opgaaf
van den Raad Contrarolleur is gebleken, dat
behalve de bepaling by voorsz: Meuisteriele
resolutie om, alleenlijk, en met uitzondering,
eene hoeveelheid brandhout aan de Militaiie
officieren van het Garmeroen te accorderen, zulks
ook, zonder dat met ons weten, daartoe eenige
autorisatie bestaat, aan genoegzaam alle
ambtenaren benuen deze kolonie en zoo ook
aan den kommandant en de verdere Officieren
van Zyner Majesteits Baik de Merkeuur eene
zekere hoeveelheid brandhout is toegekend,
uitmakende te zamen de aanzienlyke uit
gaaf van twee en zeventig en een halve vadem
brandhout per maand.
Voorts overwegende.: dat deze uitgave niet
alleen grootelijks is ten nadeele van de werk
zaamheden op het Eiland Bonaie en van s Ryks
koloniale kas, maar ook dat de distributie
van brandhout aan de Civile Amblenaren en
de Officieren van Zyner Majesteils Brik de
Merkuur, regtstrecks strydig is met de bedoeling
van zyne Eallentie den Minister, vervat in
December 13.
de hiervoren aangehaalde resolutie.
Is goedgevonden en verstaan:
1:o Den. kommandeur van het Eiland Bonace
aanteschryven, dat de verzochte autorisatie on
ge vademen brandhout door vryelieden te laten
kappen a 6 a 7 lb per vadem niet kan wor
den verleend, en dat hy vooreerst het door 's Lands
slaven te kappen brandhout, voor zoo veel
daartoe benoodigd zyn zal, kan gebruijken tot
het branden van de benoodigde hoeveelheid kalk,
en daarna eerst behoeft voort tegaan met de
afzending van brandhout naar herwaarts.
2 Dat, van en met ultenis December dezes jaars,
de uitdeeling van brandhout aan 's Rykr
Ambtenaren binnen deze kolonie zoo mede
aan den kommandant en de verdere Officieren
van Zyner Majesteits Brik de Merkuur zal
ophouden, tot zoo lang heer omtrend anders, van
hooger hand, zal zyn gedisponeerd, en dat van
en met 1:o January 1821 aan niemand eenige
uitdeeling van brandhout zal geschieden, dan
aan:
Den tydelijken Gouverneur
De Militaire Officieren van het Garniroen
Het Garniroen.
De Bakkery
Den Pactoor over de s Lands slaven
Pactoor voor de slaven, en zulks op den
thans bestaanden voet.
5: Den Raad Contaarolleur te inviteren aan de
belanghebbenden van deze onze disponitie op
eene Officiele, doch gepaste wyze, te doen
Kennis
December 13. kennis dragen.
Extracten hier van zullen aan den Comman„
deur van het Eiland Bonaire tot deszelfs
informatie en aan den Raad Contrarolleur
der Finanaen, om de noodige orders daar
Omtrent te stellen en verder tot deszelfs
infornatie en navegt, worden toegesenden.
N. 679.
Is geezen eene misive van den Hoofd Ont=
vanger, dd 12=e dezer N:o 1, hoofdzakelyke ver„
zoekende dat de door hem ten zynen kantste
als extra klerk geemployeerden persoon van
Cornelis Ellis den gewanen eed in die kwa„
liteit mnoge afleggen. Zie de gemelde mini=
ve onder No 264
Is goedgevonden en verstaan: deszelfs ver„
zoek te accorderen, en hem hiervan byy extract
dezes, kennis te geven
No. 6p2
In overweging nemende den inhoud eenen
minive van den Raad Contrarolleir der
Financien dd 12=e dezer N=o 518, om ter lecteeren
doende geworden eene voordragt aan hem van
wege de onderteekenaren daarvan toegezonden,
met verzoek om dezelve aan ons en den Raad
van Policie aantebieden, met te kennen ge„
ving om ous welmeenen te mogen verstaan
wegens de inlevering daarvan.
En herlezen de daarby gevoegde voordragt,
zynde een ontwerp of plan tot het introdueeren
van Gouvennements wege, en gangbaar verkla„
„ren van P 500,000 aan Gouvernements obli
gatien, onder verband van slypotheken, en het
opregten
December 13. oprigten van eene bank van leening, volgens
de by dat plan geprojecteerde inrigtingen,
zynde onder en achter deze voordragt geplaatss
een postrerptuuun van den volgenden letterlijken
inhoud
Wy willen hopen dat het bovenstaande pland
dewelke genoegaaam ten voordeele van ’t
koloniale kas is ingericht, een verzachting
zal kunnen veroorzaken over de thans al=
hier zware en byna onverdragelyke belan tingen.
Is goedgevonden en verstaan: om, zonder als
nog te tieden en de meuter der ingezondene
voordragt noch in die der onderteekenaren,
alleenlyk daaromtrend aan temerken, het onze
meening te wezen.
Dat het voorgestelde, namelyk de gezegde
voordaagt door den Raad Contrarolleur der
smnaneren van wege de onderteekenaren,
aan den Gouverneur in den Raad van
Policie aantebieden en voortedragen, strydig
zoude zyn met art: 33 van het Reglement
op het beleid der Regering voor deze kolonie
Dat de inhoud van het daaronder geplaat=
ste portscriptum kenmerken schynt te dra„
„gen van vooruitlooping en gebrek aan dat
vertrouwen, verschuldigd niet alleen behoord
maar pligtmatig verschuldigd is te moeten
stellen in de billijkheid en wysheid van het
besteuer van zyne Majesteit den Koning den
Nederlanden, vooral in een tijdstip waarin men
het geen niet onbekend kan zijn: / zich
reds bezig houdt met de in werking brews
ging
December 13 ging van de zyde des Gouvernements, der
heilzame bedoelingen van zyne Majisteit
den koning, om den ingezetenen de mogelijke
verlichting in het stuk van belastingen toe„
tebrengen; — en dat het koerteren van zooda=
nige gevoelen, indien zulks het geval zyn
konde, schomn wy dit niet, ten minste niet
van alle de onderteekenaren willen voor onder
stellen, geenrens zoude aan den dag leggen.
de blyken van dien eerbied die men het
Gouvernement verscchuldigd is toetedragen, en
van die toekenning der onschendbaie vry
heid, die hetzelve, net opzigt tot de delibe„
ratien, behoord te bezitten.
De nuergemelde voordragt aan den Raad
Contaarolleur der Financien, by afschrift dezer
te retourneren, met invitatie van daarom„
trend gelyke handelwyze te abserveren, ten
opzigte der anderteekenaren, en ter hunner
kennis te brengen de aanmerkengen door ons
daarop gemaakt, met informatie wyders van
de Schadelykheid en mitteloorheid die er, onzer
erachtens, ingelegen is om, by het indienen
van Soortgelyke voordragten of ontwerpen van
plannen., het vermoeden te doen ontstaan
van die te willen opdaingen, daar toch: elk
plan, waarlyk voordeelig voor Land en volk,
waaneer hek op eene gepaste wyze aan de
daartoe bevoegde antoriteit wordt aangeboden
zich zelve aanbeveelt, en als zoodanig de
noodige overweging zal worden waarorg geoor=
deeld. Zie de voordragt onder No 265
No. 678.
Ontvangen
December 13. Ontvangen eene minive van den Raad
Contaarolleur der Financien dd 13e dezer W.
520„ geleidende, in tuplo, het certificaat van
den waagmeester nopens de narveging met
Magaryns gewigt van de veertig vaten ryst
laatst aangebragt per het Brikschip Maria en
Jacoba Schipper I.J. Bast, net te kennenge
ving dat die ayt aan den Magaryn Meester,
buijten zyne voorkennns, met het waaggewigt,
hetwelk ongeveer 4 pCt zwaarder is dan het
magarins gewigt, door den waagmeester in
toegewogen, hetwelk, zyn inziens, eene onge
regeldheid is aan den kant van den Maga„
zynmeester die zulks had behooren voor te
komen, weshalve hy, onder ou welmenen, van
gevoelen is dat de magarynmeester behoorde
belast te worden met zoo veel meer gewigt
op die goederen, welke aan hem met het
waag-gewigt zyn toegewogen- die de misgue
onder No 266.
Is goedgevonden en verstaan: alvorens op
den inhoud dezer minive te disponeren, eene
nadere explicatie van den Raad Contrarolleur
der Pinancien, dienaangaande, af te wachten,
met opzigt tot die goederen, door hem daarby
bedreld.
Een afschrift dezer zal aan den Raad Con„
trarolleur der Financien, tot informatie en
narigt, worden toegezonden.
N. 679.
Is van de Comminarinen over het fonds
ter vernietiging den bewyzen van afgekeurde
Johanninen Ontvangen de van hen gerekwi=
in reerde
December 14. reerde staat van het sonds voormeld
No. 68O.
Gelezen zijnde eene miszive van den
Raad Cintracolleur der Finanaen, dd 13e
dezer No 521, waarby hy ter voldoening
aan ouze dispontie van gisteren No 678,
om eene nadere explicatie geeft nopens het
wegen der ryst, daarby tevens voorstellende,
het zyns bedrenkend billyk zoude zyn dat
alvorens de Magaiynmeester werd belast voor
hek, by de overweging der rijst, te meer bevon„
dene, de in het magazyn nog overgeblevene
36 vaten uyst met magarijns gewigt te
laten overwegen, ten ende, naar bevinding
van derzelver gewigt, de berekening van het
te meer ontvangene door den Magarynmeester
kan worden opgemaakt zie de minwe onder
No. 267
Is goedgevonden en verstaan: tot het laatste
gedeelte van het in die minwe voorgertelde te
besluiten, met aanzegging aan den Raad
Contracolleur om dienaangaande het noodige
te doen bewerkstelligen, en dat alvorens finaal
op zyne misive kan worden gedisponeerd, het
rapport van den uitslag der te doene overwe=
ging zal worden te gemoet gezien.
Een afschrift dezer zal aan den Raad Con„
traaolleur der Financien, tot informatie, na
rigt en kwalificatie, worden toegezonden
N=o 681.
De Secretaris van den Raad van Policie
heeft om heden ter hand gesteld, eene memorie
van inlichtingen nopens het Pondt tot verniets
ging
December 144 ging der bewyzen van afgekeurde. Johan
hiren, welke last hem, by besluit van den
Raad van Policie, dd 20=e November lb, was
opgedragen. Zie dezelve onder No 268.
No. 682
De Comminie, by besluit van den Raad
van Policie dd 20e November lb benoemd
tot het opmaken van een generaal- Parief
van emolumenten en legenen op dit Eiland,
heeft om heden, by minie van den 13e dezer,
toegezonden het door haar opgemaakte Re=
glement ter bepaling der emnolumenten en
legenen welke, op het Eiland Curacas mo„
gen gevorderd en genoten worden.
Daarop goedgevonden en verstaan: de
opgemelde minwe te houden voor notifi=
catie en het daarby gevoegde Reglement,
ter deliberatie, in den Raad van Policie, over„
teleggen. Zie de ninwe onder No 269.
No 683.
De door den Hoofd- Ontvanger geemplor
yeerde extra klerk ten zynen Pantore, Cor=
nelis Ellis, heeft heden den gewonen eed
in die kwaliteit afgelegd.
Niets byzonder voorgevallen
No 684
Aan ons, na een deswegens gedaan onder„
„zoek, gebleken zynde, dat binnen deze kolonie
zeene enrigtingen bestaan omtrent de waar=
„neming van den plaatselyken kommandants
dienst, die der Junctien van Plaats Majoor
en omtrent dier dienst te verrigten door den
Gouvernement
December 18 Gouwernements Adjudant, oorzaken, waaruit„
volgens het gene wy dien aangaande hebben
vernomen, niet alleen veele ongeregeldheden
in den dienst maar ook veele maangenaam
heden in den deeust ma zouden kunnen ge hand hebben, ten prejudice der goede order
en harmonie, die onder zijner Majisteits
Troepen behoort plaats te grypen.
zoo hebben wij, hier omtrent, voor het vervolg„
goede bepalingen willende daarstellen, en
ten eende de Militaiie Subordinatie behoor=
lik te handhaven en te doen handhaven
noodig en pligtmatig geoordeeld, daarin te
voorzien, door tot de waarneming der Junctien
van Plaatselyken kommandant te benoemen
den kommanderende Officier van het Garni=
„zoen binnen deze kolonie, en tot die van
Plaats Majon den Heer I.Hb. C. Baver, ka=
piteen Adjudant by het Bataillon Jagers
No 28, en aan deze Officieren, zoo wel als
aan den 1:e Luitenant Adjudant I. Kinkert,
ten bovengemelde eende, de noodige Amtric
tien, de beide eersten gebarerd op de Pustine
tien voor de Plaatselike kommandanten en
Plaats Majoors geacresteerd by besluit van
zyne Moninglijke Hoogheid /: nu zyne Ma„
jesteit den Koning der Nederlanden:/ van
den 11=e Januari 1815 niet geleidende minwen
te doen toekomen; zullende afschuiften
der Instructien voor de waarnemen den
Cunclien van plaatselyken kommandant en
Plaats Majoor, mde met een daartoe geleedende
minwe aan den kommanderende Officier der
Schutterg
December 18. Schutterij, tot deszelfs informatie en navigt, December 18.
worden toegezonden. Zie de bovengemelde
Intructien onder N 270, 271 & 2
No 688.
Gelezen zynde eene minie van den ge„
wezenen Gouvernements Secretaris W. Prence
lb 18:e dezer, waarbij hy kennis geeft, dat
als nog onder zyne berusting is de Sam
van P= 2458. 4.5, spruitende, uit den ver„
koop van den alhier opgebragten Imurgenten
kaper La soregada, met verzoek over die
som, waarvan een gedeelte, ten bedrage van
Ps 1138. 4 op order van den gewezenen Gou„
7. Elsevien, verneur Generaal adeterein. Mr
in eene ordonnancie voor orachtpenningens,
is geconverteerd geworden, te willen dispone
aen en hem te antoniseren dezelve som, be„
staande in Contanten en de voorzeide ordon=
nanere over te geven aan wien wy daartoe
zullen kwalificeren. Zie dezelve onder No 223.
Is goedgevonden en verstaan
Den gewezenen Gouvernements Secretaris
W. Prince te autoriseren de bovengemelde onder
hem berustende som en ordonnancie aan den
Raad Contrarolleur der Financien over tegeven,
met kwalificatie op den laatstgemelden om
dezelve in de reserve kas, ten behoeve van
wien zulks zoude mogen aangaan, te deponeren
Lo En alzoo, een zoodanige reserve kas niet
voorhanden is, den Raad Contraaolleur te
magtigen: omtrent het deponcaen dier som te
werk te gaan, ingevolge act. 22 van het
Reglement op het beleid der Regering Zo: met
Verdere
verdere autorisatie- tot den aankoop van een
yzeaen kist, dewelke van drie onderscheidene
sloten zal moeten zyn voorzien.
Wijders den Raad Contrarolleur aanteschryven
Om het boek der rererve kas als nog aan teleg
„gen, daarin aanteekonende alle de mouvemen
„len, die hebben plaats gehad met de subsidien
uit het Moederland in der tyd ontvangen en
van zoodanige andere gelden die vroeger,
dan heden, in de gezegde kas hadden behooren
gestort te worden, en zulks alles, ten eende
ook, in dit opzegt, de administratie haren
geregelden loop verkrijge
Een extract dezer disporitie zal aan den
gewezenen Gouvernements Secretaris, tot infor=
matie en autorisatie, en afschrift derzelve aan
den Raad Contracolleur der Finaiaen, tot
informatie, narigt en kwalificatie worden
toegezonden.
No. 686
Gelezen zynde eene minive van den
Raad Fiscaal dd 18=e dezer No 176, om daar
by praevenierende van de dagelyks toenemende
klagten der Ingeretenen, nogens het weige
„ren van papieren schellingen. en zulks veroor
zaakt wordt doordien de handteekening van
velen, die dezelve wettigen, is uitgesleten en
dat hieromtrent eene nerure zal benoodigd
zyn, het zy door al dat papier, zoo dit moge
lyk is, buiten civcnilatie te stellen of wel„
gelijk bereids eenmaal geschied in, de d
gesletene schellingen tegen meine in te
winelen. Zie dezelve minive onder No 274
I
December 18. Is goedgevonden en verstaan: den Raad
fiscaal, in antwoord op zyne minive, by
afschrift dezer, te kennen te geven, dat in
de eerste raadsvergadering eene voordragt
derwegens door om zal worden gedaan en dat
inmiddels en wel tot de dispontie omtrent
dat papieren geld, aan het oordeel van hem
Raad- Fiscaal wordt overgelaten, om par=
tyen deswegens te beviedigen
No 68P.
Gelezen zynde eene minwe van den se„
cretaris van den Raad van Policie en ge„
wezene Gouvernements Secretaris, do 18e devr„
te kennen gevende:
dit onze dispontie van den 23 November l
vernomen te hebben dat zyne Excellentie de
Minister voor het Publieke Onderwyn, de
Nationale Nyverheid en de Kolonien geen
genoegen heeft genomen in de delegatie van
een vierde van zyn toenmaals genoten tracte„
ment als secretaris van den Raad van Policie
betuigende hy neminer daartoe zoude zyn
overgegaan, als hy de minste te ontstane
awarigheid deswegens zoude vermoed hebben.
houdende verzoek dat wy de noodige op
ders willen stellen dat zyne ingehoudene
tractementen als secretaris van den Raad van
Policie en als Gouvernements Secretaris over
de maand October en sedert den 1e tot en
met den 15e November lb, uit de kolomale
kas worde uitgekeerd en betaald. Zie dezelve
ninwe onder No.
Gelet op onze bovenaangehaalde dispontie
van
December 18 van den 23e November lb, komt het ont
voor eene misvatting te zyn van den se„
cretaris van den Raad van Policie en gewe
zeven Gouvernements Secretaris dat zyne
Excellentie de Menister wegens de te voren
gemelde demarche eenige ontevredenheid zoude
hebben willen te kennen geven
En voorts disponerende over het tweede
zid van de Onderhavige zaak.
Is goedgevonden en verstaan: den Secretaris
van den Raad van Policie en gewezenen Gou=
vernements Secretaris by stract dezen
te kennen te geven dat zyn verzoek wordt
toegestaan, en mits dese den Raad Contracol=
leur geautoriseerd om het ingehoudene een
vierde van de tractementen van den Secre„
taris van den Raad van Policie en Gouverne„
ments Secretaris over de maand October en
sedert den 1:e tot en met den 15 November lb,
Aan denzelvene uit de kolaniale kas te resti„
tueren
Afschriften hiervan zullen, in zoo ver eulas
ieder aangaat, aan den secretaris van den
Raad van Policie en gewezenen Gorwverne„
ments Sccaetaris, en aan den Raad Contra
rolleur der Financien, ten fine van informatie
en kwalificatie, respectivelyk, worden toegezonden.
No 688.
Gelezen zynde eene minwe en daarby be„
hoorende bylagen van Moise Cardose, Jorias
Dorale en Samuel d' Caneren, de 18:e dezer,
in- hunne kwaliteiten als Parnanem en Penning
meester der Praailitische gemeente, in rescriptie
December 18 op onze aanschryving in dato 27 November 25 December 19.
betrekkelyk het doen van wekelyksche opgaven
door den Doodgraver hunner gemeente, aan
den Directeur der Collaterale Succenie, der
genen welke geduaende de verloopene week.
ter aarde zijn gesteld, met kenningeving, dat,
hoezeer zy begerig zijn aan onze bevelen,
te dien opzigte, te voldoen, zy zich echter, in
hunne voor zeide kwaliteiten, uit hoofde van de
heerschende oanstandigheden in de Saëlitische
gemeente alhier, verpligt venden onze nadere
Interpactatie of besluit, tot wegruming. van
alle verdere twyfelingen met betrekking
tot hunne wyze van handelen, dien aangaande,
te moeten verzoeken. Zie dezelve menive onder
No 276.
Is, alvorens op de opgemelde nienwe en
bylagen te disponeren, goedgevanden en
Verstaan, dezelve, in originali, by afschrift
dezer, te stellen in handen van den Raad
Fircaal dezer Eilanden, met invitatie om
om, met terugzending derzelve, ten spoe„
„digste, daarop te dienen van consideratien
en advier
No. 689
Raad gehouden. Zie de Notulen van heden
No. 690.
Herlezen de minive van de Leden van den
Raad van Policie dd. 5=e dezer /: dewelke den
7:e daaropvolgende in advier is gehouden, zie
het verhandelde onder No 659:/ waarby zy,
ter voldoening aan ouze invitatie op den
20:e November lb, eene nominatie geformeert
hebben,
hebben, ten eende door ons uit dezelve de
kuize worde gedaan van een zid om de
vacature in de gezegde Raad ontstaan, te
vervallen.
En overwegende: dat de Heer S N. C.
Putting, dewelke een van die nominatie
uitmmaakt, door oier bij eene reeds genomene
dispontie, tot Lid in den Raad van Avile
en Gueminele Justitie benoemd is geworden
Is door ons heden in den Raad van Policie
verzocht geworden, uit dien hoofde, aen
Ander, in stede van den Heer I.H. C.
sutting op deze nominatie te plaatsen en
door de Leden van dien Raad daarop voor„
gedragen zijnde den Heer I. J Beaujon.
En goedgevonden en verstaan: den Heer
S. J: Beaujon, uit die nominatie te ver„
kieren tot zid in den Raad van Policie op
dit Eiland, ten eende de in dien Raad be„
staande vacature te vervallen, en van deze
zyne verkiezing, by afschaift dezer disporctie„
kennis te geven aan de zeden van den voorsz:
Raad, zoo wel als aan den voornoemden
Heer I. I. Beangon
No 691.
Gelezen zynde een Rekwert van Andries
de Rycke, kanonnier van de eerste klane
bij het Bataillon artillerie van Linie No 6.
alhier in garnezoen, aan ois, mek voor
kennis van den Alajoor Pitulair D. W. Dur
steler, kommanderende het vorengemelde
Bataillon ingeleverd, houdende verzoek, om
Ontslag uit zyner Majesteits dienit, met aanbod
December 19. om den kanonnier der eerste klare Hendrik December 20.
van Koren, tegen eene schade vergoeding,
welke de Rekwestrant, zoo zyn verzoek
toegestaan wordt, aan hem bereid is toete
leggen, zyn suppliants nog overig zynde
diensttijd van twee jaren en drie maanden,
voor hem te laten waarnemen zie het Re„
kwerk onder N=o 8t, hetwelk aldus nog
luidt.
/P: J:
Is goedgevonden en verstaan: aan den
Rekwistrant verlof te verleenen, zoo als
hem verleend wordt by deze, om een rem=
placant in deszelfs plaats te stellen, doch
niet eerder dan na dat het Garuizoen tot
de bepaalde sterkte, door aanwerving, zal
zyn gebragt.
„ Afschriften hiervan zullen aan den Re=
kwistrant en aan den Majoor Titulair Dur„
steler, kommandant van het Bataillon Ar„
tillene van Zinie No 6, tot respective in
formatie en autorisatie worden afgegeven.
No 692.
Gelet op de aanmerking die de leden van
den Raad van Policie, in hun rapport,
aangaande het reglement ter bepaling van
legenen en emolamenten, ten aanzien van
den onderschout, dewelke mede het ambt
van marktmeester bekleedt, hebben geopperd,
„namelyk: dat hy Onderschout en markt
meester eene menigte zyner emslumenten
niet heeft opgegeven welker opbrengst het
bedrag zyner inkomsten zouden hebben ver„
meerd.
meerd, behalve dat zyne opgaaf, in het
algemeen, zeer gering aan de commissie
is voorgekomen.
Ew nader ingezien het tarief van legenen
en emnolumenten door de respective ambtena„
ren in deze kolonie genoten wordende, mits=
gader nog lettende op den staat van den
aard en der bedragen van emvlumenten door
de ambtenaren; in het Jaar 1817 respective
lyk genoten en opgegeven, en welke staat
aan het Ministerie voor het Putlieke onder„
wys, de Nationale Nyverheid en de Kolomien,
ingezonden zynde, de berekening der inkom
sten van de Onderscheidene ambtenaren,
dan ook op de daarin bekend staande opgaven
is gebareerd, naar het plan van beruiniging
Sub La A. gevoegd by zynen Majesteits be„
sluit van den 25=e Juny 1820 No. 69, volgens
welk plan, de schout en markt meester, wien
inkomsten, onder anderen, niet vatbaar voor
vermindering zyn toegeschenen, zoude geble„
ven zijn in het genot van een Jaarlykich
inkomen van F= 1333. 3.- daaronder
begrepen een vast Jaarlyksch tractement
van P 420, en het overige aan emnolumen=
ten, volgens de door hem onderschout en macht„
meester daarvan gedane opgaaf
voorts nog gelet hebbende dat in die opgaaf
slechts is Po 449, door hem als marktmeester
ontvangen, terwyl het oms uit eene legale
opgaaf van door de slagen der Joodsche
gemeente in de verloopene elf maanden
dezes Jaars geslagt zynde hoornwee, schapen
en
December 20. en geiten, gebleken is dat de port van markt= Decemker 20.
meester; gedurende dat tydvak, aan dien
kant alleen moet opgebragt hebben Po 544,
en volgens het gevoelen der Leden van den
Raad van Policie, nader by monde ook te
kennen gegeven, het dubbelde van het over
het Jaar 1817 opgegeven bedrag kan opbren„
gen, wanneer de opbrengst van al het overige
vee door anderen geslagt, by het beloop der
vorengemelde legale, opgaaf wordt gerekend.
Eindelyk nog aan om gebleken zynde dat
alle emolumenten aan den post van onder=
schout geaccrocheerd, niet in de hiervoren:
gemelde opgaaf zijner emolumenten zyn
berekend geworden; en dat door dit alles
het inkomen van den Schout en marktmeer=
„ter kan gesteld worden, ten minste zoo
veel als het beloop van zyn jaarlykich trac„
tement meerder in het jaar te bedragen, dan
waarop de inkomsten dier posten zyn ge„
calculeerd geworden.
En in allen deele de belangens van het
ryk en der kolomen onder ons behier, wel
lende behantigen.
Is goedgevonden en verstaan: om, provi=
sioneel en onder nadere approbatie, het
vast tractement door den Onderschout en
marktmeester thans genoten wordende,
zynde P=o 420 en het jaar, van en met den
eersten. January 1821 in te trekten, z0o
als hetzelve, van dien dag af te rekenens,
hierby wordt ingetrokken
zullende hiervan, by extract dezes, aan
C: den
den Onderschout en manttmeester, en aan den
Raad Contiaroeleur der Friancien respective
lyk worden kennis gegeven; terwyl van ouse
vergigtingen ten deze, rapport aan het Mi
nisterie voor het Publieke Ouderwys, de Na„
tionale Nyverheid en de Kolonien zal worden
gedaan.
No 693.
Gelezent zynde een rekwert van Maria
Margarilha, eertyds weduwe van wylen
Nicolaas Hamz, thans gerepareerde huisvrouw
van George Albertus Cancryn, alhier woon=
achtig, houdende hoofdzakelyk verzoek dat
het ons, om aangehaalde redenen behagen mege
haar rekwestrantes gerepareerde man G.A.
Cancrijn of wel zynen zoogenaamden gemag
„tigden P. C. Tandroep aantezeggen of des
noods te ordonneren, om aan haar suppliante
eene exaete rekening en verantwoording van
alle de door hem verkochte effecten, slaven
LE:o en van het provenie daaruit voorgespao„
ten, te doen, ten einde zyn, rekwestrante
in het bezit worde gesteld van de helft van
dat provenue, haar, als zynde vormalige
wettige echtgenoot, toekomende. Zie het Re„
kwest onder No 82, hetwelk aldus nog lindt:
JP: S.
En in aanmerking nemende dat de besliszing
der in het rekwert onderhavige zaak tot de
Competentie van den Raad van Civile en
Cuminele Justitie is behoorende.
Is, dienvolgens, goedgevonden en verstaan:
de rekwistrante heerby te kermen te geven
dat
December 20 dat wy, uit dien hoofde, in haar verzoek, by
rekwest aangehaald, niet kunnen treden,
en haar tot dien eende, by deze, aan den
Raad van Civile en Creminele Justitie
dezer Eilands renvoyjeren.
Niets byzonders voorgevallen.
No 494a
Gelezen zynde een ackwert van eenige
Ingezetenen, Planters en grond eigenaren dezer
Eilands, onder anderen, te kennen gevende.
1=o Dat de Rekwestranten veronderstellen en
daarin hunne levendigste hoop en verwach=
ting hebben gesteld dat de Comminie door ons
belast met de vermindering of afschaffing der
belastingen, geregtigheden &E: welke zwaar
drukten ook die van de 40:e penning op het
pancaens van Hypotheken ter afschaffing,
zoude hebben voorgedragen, doch dat zy ver„
menen hebben dat de voormelde Comminie
van gevoelen is dat de belasting van de 40=e
penning op de Hypolheken behoord te blyven.
Dat de Rekwestranten veronderstellen, na
„demaal de voornoemde Comminie uit In„
boorlingen of oude Inwonen dezer kolonie be=
staat, van welker welwillenheid zy overtuigd.
zyn; dezelve of met de ware toestand dezes Ei=
„lands en deszelfs Inwonen niet genoeg bekend
is wel derzelver leden in geruiten overvloed
levenden, het drukkende niet bezeffen, van eene
belasting, welke bij gedurige transporten der
Hijpotteken met verdubbelde zwaar te prangt.
Verzoekende: alvorens door de gemelde Commisie
de voortduring der drukkende belasting der
40e
December 22. 40e penning op de Hypotheken difinitief
worde bepaald, dat het ous behagen mogte,
wegens den ongeluktigen toestand der gronder„
genaren, de voornoemde beasting, afteschaffen
of opteschorten, te meer daar er reeds in Ja
nuary 1818 een tekwert over des onderhavige
zaak aan zyne Mllajesteit is gepresenteerd ge„
worden, of zoo de voorschrevene wet van kracht
mogte blijven als dan die belasting op een
kwart percent te doen verminderen. Zie het
rekwert onder N:o 83, hetwelk aldus nog luidt:
JP J.
In overweging nemende: dat het daarby ge„
poreerde, omtrend de by dat stuk bedoelde
Comminie, eene volstrekte onwaarheid inhoud:
Dat dienvolgens de aantyging daarin voor
komende tegens de leden die dezelve Commis„
sie uitgemaakt hebben geheel en al ongegrnd
in- Dat het strydig is met de goede orde
en met het regt van vryheid aan leden van
wettig geconstitueerde magten toegekend, om
hunne gevoelens in de raads vergadering vry
en Onbelemmerd aan den dag te leggen en
uittespaeken, dezen individueel wegens hunne
uitgebragte adviesen aan te handen en daartegen
veratoiwe uitdrukkingen te bezegen.
Dat hoezeer het de Ingezetenen aan den eenen
kant vrystaat verzoeken aan de bevoegde
magten schaiftelijk in te dienen, aan den ander
ren kant door hen niet uit het oog moet worden
verloren om zulks te doen met bescheidenheid;
zonder partioliteit jegens anderen; en zich alleen„
lyk bepalende tot de zaken zelve waarin hunne
Verzoeken
December 22 verzoeken bestaan, met allegatie der redenen
waarop deze hunnen verzoeken gegrond zyn.
Is goedgevonden en verstaan: by extract denr„
den Rekwestranten tot navigt aanteschryven,
dat door ons, om voorschrevene redenen; op
hen ackwest, zoo als het thans is liggende,
geen regard zal worden geslagen, maar dat
hien wordt vrijgelaten zich nader te adrene.
„ren, mits voldoende aan de voorgeschrevene
bepalingen; als zullende daar tegen handelende,
zoodanige personen gezamenlyk, en hoofd voor
hoofd, verantwoordelijk worden gesteld, wegens
alle lasterlyke of onteerende uitdrukkingen
door hen te bezigen, hetzij die toepasselyk
zin gemaakt op de leden van het Gouver=
„nement ofte wel op andere individuele personen
om daarover naar de gestrengheid der wetten te
worden vervolgd en gestraft; terwyl wy entus=
schen niet kunnen afzyn onze hoogste indignatie
daarover te kennen te geven,
N=o 694=
Gelenen zynde eene minive van den Raad
Fircaal dd 21e dezer No 178 houdende zyne
Counderatien en advies op de ingevolge onze
disporitie van den 18=e dezer N:o 688, in zijne
handen gestelde minive en bylagen van Par=
nanm en Penningmeester der Paelitische
gemeente alhier, dd 18=e dezer Zie dezelve
onder n:o 277 a
Daarop herlezen de voormelde minive en
bylagen.
Gelet op onze disporitie, dd 24e November
lb, waarby wy aan alle District Meesten, in
dood.
December 22 dood- gravers der respective gemeente alhier
hebben aangeschreven om aan den Directeur
der Collaterale Succemie opgave te doen
van de genen welke gedurende de verloopene
week overleden zijn. — En in overweging ne=
mende: dat alle personen, van welke gezind
heid ook, die als doodgravers fungeren, hier
onder begrepen zijn, zonder dat dezelve daar„
toe eene aanschryving van Gouvernements
wege hebben ontvangen.
Is, conform het gemelde advies, goedgevonden
en verstaan: by extract dezes, aan Parnanem
en Penningmeester der Maaclitische gemeente
alhier, tot navigt, aan te schryven, dat wy
hen refereren aan den inhoud van ouze
disponitie, do 27=e November lb, als betrek=
king hebbende op alle personen die als dood
gravers fringeren, wordende de bylagen hier
nevens teang gezonden.
No 695.
In overweging genomen zynde dezenhoud
van twee rekwesten door eenige Ingezetenen
dezes Eilands aan ons ingeleverd
Mitsgaders gelet op ouze daarop genomene
dispositien /: zie het verhandelde onder N=o 677
& 694.
Is goedgevonden en verstaan, het volgende
aan de Ingeretenen by deze, tot derzelven
informatie en navagt, kennelyk te miaken,
te weten: Nademaal wy, gedurende den
korten tyd dat wy het bewind over dit en de
Onderhoorige Eilanden voeren, reeds twee re=
kwesten, geteekend door een aantal ingezetenen
hebben
December 28 hebben ontvangen, waarin, zoo wel by P: s:
aan t eene, en door ’t bezigen van onke„
hoorlyke uitdrukkingen in ’t andere, wels
verre van dat vertrouwen en dien eerbied
aan de regering verschuldigd, in acht te ne=
men, de Ouwrikbare neiging waarmede de
leden van den Raad van Policie behooren
verondersteld te worden doordringen te zyn,
voor ’t welzyn der Ingezetenen dezer Eilanden,
in zoo ver zulks over eenkomstig plegt kan
worden bevorderd, zoo niet in twifel wordt
getrokken, echter niet in aanmerking in
genomen, wanneer men het vermoeden koer
tert, dat eenige der belangen van de eene
of andere Clane der Ingeretenen zoude
kunnen worden ter zyde gesteld, uit hoofde
dat het meer of min drukkende of bezwoarende
van eenige zaak, ter overweging van de voor„
melde leden gebragt, hen niet regtstreekt
Aangaat.
En aangezien hek bovendien nog strydig met
de goede orde en allezens onpligtmatig is te
tieden in de ervarenheid van de leden der
regering, in zaken waarover dezelve wettiglijk
bevoegd zijn te oordeelen en hunne gevoelen
vry en zonder aanzien van Omslandighieden
te uiten; terwijl het niet minder aan Ingere„
„tenen Ongeoorloofd is zich te bemoeijen met
adviesen die over het eene of andere onderwerp
mogten zyn uitgebragt, veel minder, ten
bereiking van hun oogmerk, die ad viesen,
welke zij vermeenen te kennen, te beoordee„
len of aan te halen, vooral wanneer die
aanhaling
December 22 aanhaling ten doel heeft om eenige vooron=
derstelling te doen ontstaan als of de leden
van wettig. geconstitueerde autoriteiten door
onervarendheid of anderzins op het belang
der ingezetenen niet genoegraam hebben gade
geslagen
zoo is het, dat wy raadzaam hebben geoor=
„deeld onze vorenstaande bedenkingen en mee=
nungen aan de Ingezetenen kenbaar te ma„
ken en dezelve tevens, tot voorkoming van
Onaangenaamheden, welke zy door hunne
Onbedachtraamheid zich zelven zouden kien
„nen toebrengen, hierby te vermanen om
zich te onthouden van het bezigen van onge
oorloofde uitdrukkingen en aanmerkingen
in geschriften, welke zy mogten noodig oor=
„deelen aan bevoegde autoriteiten aan te
bieden; en te vertrouwen dat de vereischte
aandacht daarop zal worden gevestigd,
wanneer dezelve bescheidenlijk, en zonder
partijdigheid aan den dag te leggen, zullen
zyn ingerigt, als zynde het de neiging van
ons en, buiten allen twyfel niet mender
van allen die met om tot het algemeene
weltijn moeten mede werken, om overeenkom
stig pligt en de meening van onzen geëerbie„
digden souvereen niets onbeproefd te laten
wat tot de welvaart der Ingezetenen dezer
Eilanden zal kunnen strekken.
Ew is deze dispontie gepubliceerd en geaffi=
geerd ter plaatsen alwaar het behoord, en ver„
volgens in de Curacassche Courant geeneneerde
No. 696
=Gelezen
December 22. Gelezen zynde eene mswve van den Raad
Contrarolleur der Finanaen, en dato 21 dezer
No 528, ons, met toezending- van het daarby
gevoegde Proces Verbaal, kennis gevende dat
er een van de okshoofden azyn, met het
brikschip Maria en Jacoba, Schipper I.I.
Bart aangebragte, in het Magarijn is leks
geworden, en het verlies bij de lekkagie
van het gemelde defecte okshoofd, blykens het
gezegde Proces verbaal, op 108 penten arin
beloopt, met verzoek om, daar het gebruike„
lyk is den Magazyn meester, voor zoodanige
bewezene bevlieven, met dezelve op de
magazyn boeken te laten afschryven, te
Ontlasten, ons welmeenen hieromtrent te
mogen obtineren Zie de ninwe en proces
Verbaal onder No 277=b 2278
Is. goedgevonden en verstaan: den Raad
Contrarolleur der Frnancien te autoriseren
om den Magarijn Meester van alle Maga=
zynen te magtigen, de, by de lekkagie van
het opgemelde okshoofd, verloorene 108 penten
Azyn, op deszelfs boeken afteschryven.
Een afschrift hiervan zal aan den Raad
Contrarolleur der Financien, tot informatie,
navigt en autorisatie worden toegezonden.
No 697.
Gelezen zynde eene minive van den Raad
Contrarolleur der Finanaen, van heden N=o
529, om, ter voldoening aan de dispontie de
14:e dezer N:o 680, toezendende Centificaten van
den waagmeester wegens de naweging met
magarins guvigt van de in het magarijn
nog
December 2. nog overgeblevene vaten ryst, dewelke, ver„
pectivelyk, met de schepen de Eendragt,
Hennatta Wilhilmina en Sara Maria, alhier
zyn. aangebragt; niet kennisgeveng dat
van de 36 vaten ryst, welke in het Maga=
zyn voorhonden waren, bereids een, voór
dese naweging, tot distritutie, door den Ma„
gazin Meester is verbruikt geworden, en
dat dus uit de naweging van de nog over„
geblevene 35 vaten blykt: dat de Magaryn
meester 213 ponden uyt te men in ontvangst
op zijne boeken heeft gebragt; verzoekende ver=
ders met eene dispontie, dien aangaande, te
mogen worden bekend gemaakt. Zie dezelve
Onder No. 274.
Is, ter voldoening aan den inhoud der opge„
melde minuse, goedgevonden en verstaan.
den Raad Contracolleur der Findicien by
deze, te kwalificeren den Magarijn Meester
van alle Magarynen de noodige autorisatie
te verleenen om de 213 ponden ryst, welke
by de opgezegde naweging gebleken zyn, te
min in ontvangst te zyn gebragt, op des
magaryns boeken in ontvangst te doen brengen.
Een Afschrift hiervan zal aan den Raad
Contaarolleur der Fenancien, tot informatie
narigt en kwalificatie, worden toegezonden.
No 698.
Geleren zynde een rekwert van Anthony
Beangon, klerk ten kantore van den Raad
Contrarolleur der Finanaen, met voorkennis
van den Raad Contrarolleur aan ons in
geleverd, houdende verzoek dat het ons, om
aangehaalde
December 23. aangehaalde redenen, behagen moge zyn ie„
kwestrants tractement op dien voet te bepa„
len, zoo als hetzelve voor de daargestelde te„
organiratie is vastgesteld geweest, of zoodanig
als wy zouden mogen vermeenen te behooren.
die het rekevest onder N:o 84, hetwelk al„
dus nog luidt
Gt P.
Is goedgevonden in verstaan: den rekwere
trant hierby te kennen te geven dat in zyn
verzoek, om zyn tractement te verhoogen, met
kan worden getreden, maar dat door ons
deswegens, eene gunstige voordragt aan het
Minnsterie voor het Publieke Onderwin, de
Nationale Nyverheid en de Kolonien, zal
worden gedaan.
Een afschrift dezer disporitie zal aan den
Rekrvestraat, tot inforanatie en navigt wor
den toegezonden.
N„o 699.
Gelezen eene nimwve van J.I. Beaujon„
en antwoord op onse dispontie dd 19:e dezer
No 690, waarby hem kennis is gegeven van
zyne verkiezing tot lid in den Raad van
Policie op dit Eiland, te kennen gevende
dat hi zich vereerd vindt met die benoeming
en zal trachten steeds, in dat vak ook het
nuttige toetebrengen. Zie de minue onder
No 280, dewelke is gehouden voor notifi=
catie.
No 700.
Door den Majoor der Schuttery alhier aan
ms ter hand gestelde zynde: de ranglyst
December 23. der Officieren by dezelfde Schuttery - een
generalen sterkte- staat van dat korpt,
als mede van de korpren vrije malatten
en negens. en eene lyst der nog uitstaande
Contributien tot instand houding der gewapende
Burgermagt op dit eiland, ter somma van
Fo 160O.
Doch, vermits de evengemelde contributie
lijst buiten eene volledige verantwoording der
administratie van het Fonds der gewapende
burgermagt om de benoodigde informatie en
inlichting der gehoudene administratie niet
geven kan.
En gezien hebbende eene Gouvernements
order van den 27=e September lb, behiekkelyk
tot de opgemelde administratie.
Is goed gevonden en verstaan: den Raad
van administratie van de gewapende bur„
gevmagt eene order te doen toekomen: Om„
Onverminderd de bepaling by het derde
lid van de Gouvernements order de 27:
September lb, wegens de iizending van drie
maandelyksche verantwoording stukken, waar„
Omtrent wy aan ous gerererveerd houden de
veranderingen die er te dien opzigte mogten
noodig zijn, met den meest mogelijken spoed
aan ons te doen toekomen: eene balance en
eene staat- rekening van het Ponds onder
deszelfs administratie, met overlegging der
borderellen van uitgaven, waar by de betaalde
rekeningen en kiitantien moeten zyn ge
voegd; als mede nog daar benevens in te
zenden eene naamlyst van de Contribuanten
December 23. die tot heden verschuldigd zyn, met vermeld
ding der som van welke, en des termins
waarover de betaling geschieden moet
25. Niets byzonder voor gevallen.
No 701.
Gelet hebbende op het besluit van den
Raad van Policie dt 19. dezer, behelzende
de inwineling van de onbetaalde en rou„
lezende Gouvernements ordonnancren die
op en tot den 15:e November lb zyn ge„
maakt, ende zulks uit het Ponds tot ver„
nietiging der bewyzen van afgekeurde
Johannenen, mitsgaders nog het vernie„
tigen derzelve en van alle andere by
dat Ponds beristende Ordonnancien, in
manrere zoo als by dat besluit is voor
geschreven.
En noodig oordeelende de executie van het
opgemelde besluit op eenen geregelden voet
te doen effect sorteren.
Is goedgevonden en verstaan
Dat de oudste ordonnancien het eerst
zullen worden ingewesseld, en dat de inwis=
seling op dien voet zal voortgaan, naar mate
dat er gelden in de kar van het Ponds
voorhanden zyn, tot dat de inwiseling van
allen zal zijn bewerkstelligd
De Raad Contrarolleur der Finanaen zal
opnemen het bedrag der gelden op den 1e der
maand Ianuary 1821 in de kas van het Ponds
voorhanden zynde, in uiterlyk op den derden
dier
De cemnker 21 dier maand, by omroeping in het destuict
van de Stad en het aanplakken der gedane
omroeping, mitsgaders nog insertie derzelve in
de Euracassche Courant en kennes geving
daarvan aan de District Meesters, ten fene
van publiciteit in de onderscheidene dis
trieken, alle houders van Gouvernements
ordonnancien over een zeker tydvak, ten.
bedrage van zoo veel als er gelden by het
Fonds voormeld, dispomibel zullen zyn,
aantezeggen om die bedoelde ordonnancien op
den 15=e en volgende, met overleg van de ove„
nige Comminarinen van het Ponds, door hem
Raad Contracolleur te bepalene dagen, ten
kantoie van het gezegde sonds te brengen, ten
einde aldaar voorgangbaar ment te worden
ingewineld en afgelost.
De Raad Contrarolleur der Pinancien zal
aan de directie van het meergemelde Ponds
schriftelyk doen kennis dragen van het bedrag
der aldus intewiselene ordonnancien en van
het tydvak, binnen welke die ordonnaneren
moeten zyn gedagteekend om te kunnen wor„
den ingewisseld:
De Comminarinen van het Fonds zullen
door den Boerkhouder, Ontvanger en secretaris
by die administratie een register, in duplo,
doen aanleggen in zoo veel colommen ver=
deeld, aer noodig zal zijn om het nummer,
het Jaarlat en de dagteekening, den naam
van den originelen Crediteur, den aard der
schuld, den dens waarover en het bedrag des
ordonnaneien daarop, dagelyks, met vermeldeng
van
December 27 van elken datum, aan teteekenen.
Na den afloop van deze eerste te doene
inwinseling, zal de Raad Contrantleur van
zyne verrigtingen ten deze, aan dus rapport
dien, met byvoeging van het duplem des
voormelden registers, als mede van eenen
staat, aantoonende het bedrag der gelden
op den 17 January 1821 voorhanden, en dat
der ingewisselde ordonnancien, en opgave tevens
van de som intusschen by dat fonds ingekomen,
mitsgaders nog vermelden het bedrag der orden„
nancien ooer het bepaalde tydvak, dewelke niet
zijn ter inwineling gebragt.
O:o De inwiseling van al de in deze dispontie
bedoelde ordonnantien, op eenmaal niet heb=
bende kunnen geeffectueerd worden, zal de
Raad Contrarolleur der Financien, zoodra en
wederom een genoegzame voorraad van pen
ningen bij het Ponds zal zyn, eene tweede
oproeping, op gelyke wyze als, hiervoren is be„
paald, overeen te stellen tydvak, doen, en de
inwineling op dienzelfden voet laten geschie=
den, en waarmede zal gecontinueerd worden,
tot dat al de ordonnancien tot den 15e No„
vemnber lb zullen zyn opgeroepen. - by elker op
roeping, na de eerste, zal de Raad Contracol„
leur herhalen de aanbieding ter inwineling
van de ingeroepene doch eventuele terugge„
blevene ordonnancien over het toen vermelden
lydvak, en derzelver bedrag dus begrypen in
de by het Tonds uittegevene som; zullende
de Raad Contrarolleur, na iedere inwineling
aan out een even gelyk rapport inleveren,
als
December 27. als by 35 is uitgedrukt, met overlegging
van het register en den staat daarby vermeld.
Nadat al de ordonnancien tot den 15=e
November lb opgemaakt, in maniere als
voren, zullen zyn opgeroepen in de laatste
termin zal zyn verloopen, ofchoon al de
odomnaneien niet zyn ter inweneling ge=
bragt, zal de Raad Contrarolleur der Finan„
lien een generaal rapport van al het verrig„
tene omtrent de onderhavige zaak aan out
doen toekomen; ten eende zoodanige naden
aangaande de als dan nog niet ingewiselde
Ordonnancien, zoo wel als tot verdere executie
van der Raads van Policie hiervoren gemeld
besluit, ten oprigte der te doene vernietiging der
Ordonnancien, het afgeven van een schuldbewyn
en het aanteekenen dier schuld in de respective
boeken, te disponeren, als meert geraden en
Overeenkomstig dat besluit door ons zal worden
gevorderd te behooren:
Een afschrift hiervan, zal aan den Raad Cone
tigcolleur den Financien, als mede aan de
Commissaainen van het Ponds tot vernietiging
der bewyzen van afgekeurde Johannenen, tot
respective informatie en naregt, worden toege=
zonden.
No 702.
Heden hebben wy bygewoond den Raad van
Administratie voor het Pennoen Fonds ten be„
hoeve der beambten in deze koldnnie
No 703.
Heden is zyner Majesteits kervet de Ko„
meet van derzelver krustogt naar de Haven
van
D December 29
29.
van La Guaira en Puirto Cavello, in deze
haven teruggekeerd.
No 704.
Is geleren eene minive van den kapitein
Zuitenant ter Zee, I. Blom, kommanderende
Zyner Majesteits Corvet de Komeet, dd 28=e dezer
No 45, in rescuptie op onze dispontie van den
11=e dezer N„o 665, aangaande het betalen aan
den Raad- Fircaal der Onkorten gevalen, op het
vatten van een zijner weggeloopene matrozen „
waarvan het signalement ter Fiscalaat was
ingezonden.
dlie dezelve minue onder N.o 281, dewelke
voor notificatie wordt aangenomen.
No 705.
Gelezen zijnde eene minie van den Raad
Contrarolleur der Pinancien dt 29=e dezer N:o
531, houdende verslag van het verrigtene door
hem, om aan onze dispontie van den 28e deser
N. 701, te kunnen voldoen.
Is dezelve gouden voor notificatie, en zal
de Heer Raad Contrarobleur worden geinviteerd
tot eene mindelinge conferentie over den inhoud
dezer ninwe. Zie dezelve niinwve onder N.
282.
No 766.
Is Ontvangen eene minive van de Heeren
Daniel Bing, I. C. Meier, I.N. C. Putting en
Cortland. 2. Parker, verzoekende andien tie
op dingsdag den 2=e January 1821, ten ende
met ous namens een aantal der aanzien
lykste kooplieden en Inwonder dezes Eilands,
te aboucheaen, betrekkelyk het Ponds ter vernie
tiging
December 29 tiging den bewyzen van afgekeurde Johannis
sew: Zie de minive onder N:o 283.
En zyn de voornoemde Heeren, per missive,
berigt geworden, dat wy hun Ed:s op aan=
staande dingsdag des namiddags te t ure op
het Gouvernements huis zullen afwachten.
No J.O7.
De Secretaris van den Raad van Policie
aan ons ter hand gesteld hebbende een antentiek
afschrift van het reglement ter bepaling der
emvlumenten en legenen welke op het ijland
Curacao mogen Ontvangen en genoten worden,
welk reglement den 19=e dezer maand, na in„
genomen advier, van den Raad van Policie door
ons is geamresteerd en heden gepubliceerd geworden
Is goedgevonden en verstaan: extracten daar
van En zoo ver noodig is, by extract dezer aan
de volgende belanghebbenden, tot narigt, te
doen toekomen.
namelyk:
Deir Raad- Fircaal, zoo voor zichzelven als
voor den onderschout en marktmeester en
de Justitie bedienden, om aan zyne onder„
geschikten van het daarby bepaalde ten
hunne opzigte, te doen kennis dragen; en
zal een exemplaar van het gemelde regle
ment, na dat hetzelve zal zyn afgedrukt,
mede aan hem worden toegezonden, in hem
tot verdere informgtie te strekken.
Den President en Raden van Civile en
Cuiminele Justitie, zoo voor zich zelven
als voor de beambten en suppoosten by
den gemelden Raad, om aan dezelve beamb=
December 30. lenen en suppoorten, in 200 ver het hun aan
gaat, met de vastgestelde bepalingen be=
kend te maken; zullende een exemplaar
van het reglement, na dat hetzelve zal zyn
afgedaukt, aan gemelden Raad, tot verdere
inforiatie, worden toegezonden
C. Het Collegie van Commercie en zee -zaken.
d. Den Hoofd- Ontvanger.
Den Accijns en Roeimeester, Ontvangen
van de Haven en Plakaat-gelden en Commis
der Manifesten.
Den Vende- Meester.
9. Den waag en Rooi-meester, zoo wel
voor zich zelven, als den zyne ondergeschik„
=ten daarvan te doen kennis dragen
Z. Den Opper= Vesitateur, voor zichzelven en
voor de Onder - Visitateurs, ten einde dezelve
daarmede bekend te maken in zoo ver
het hun aangaat.
Den Hlaven - Meester.
k Den Loods.
Den Volk of Interpieteur tot het in-en
rtklaren van vaartuigen.
n. Het Collegie van de Weer- onbeheerde en
derclate boedel-kamer, voor allen tot dat
Collegie behoorende en aan hetzelve onder„
geschikt
n. De Predikant en Kerkeraden der Vervormde
gemeente.
O. Den kamerbewaarden van den Raad van
Policie en Bode bij het Collegie van Commer„
cie en Zie zaken
p. Den Stads- Chiauergyn en Officier van gezond„
„leid
December 30. heid
Den Aanspreker.
Den Dood-graver.
S. Den Stads omroeper.
Den Ikmeester.
W. Den Plaatselijken kommandant, in zoo
ver de hoofd-wacht en den Garniroeus Ad=
=jndant, /: Plaats Majoir:/ aangaat, om
kennis te geven daar het behoort en
op de nakoming de noodige order te
stellen.
V. Den Magazijn Meester der artillerie.
w Den Gouvernements Tramslateur.
x. Den Secretaris van den Raad van Civile
en Cumminele Justitie, als mede waarne
mende het notaris amst.
N=o 708.
Nader gelet op de aanschryving van zyne
Excellentie den Minister voor het Phiblieke„
Onderwys, de Nationale Nyverheid en de
kolomen, dd 21=e July 1820 no 7/48, aangaande
het daarstellen van vaste bepalingen en voors
schriften, waarnaar men zich zal hebben te
gedragen bij het inleveren van declaratien voor
gepresteerde loods diensten aan 's Ryks schepen,
aan welken last gedeeltelyk is voldaan door
het vartstellen der legenen, welke de loods,
volgens het reglement ter bepaling der emolu„
menten en legenen op den 19=e dezer gearren
teerd, voor het in- en uitloodren van 's Ryks„
schepen zal mogen vorderen.
En wegens het in leveren der declaratien voor
durdanige loods diensten wellende voorzien, door
het
December 30 het maken van bepalingen, waarnaar de
loods en anderen, wien het nog zal aangaan,
zich zullen hebben te gedragen.
Is goedgevonden en verstaan.
De kommanderende officieren van zyner Ma
„jesteits schepen op deze station zullen, by het
verlaten der statien aan den Loods een Centi
ficaat, en quadmuplum, ter hand stellen,
len lyke van de door den Loods bewezene
diensten, geduaende hun verblyf op de statien.
2:o De kommanderende officieren der zoodanige
van Zyner Majesteits schepen die alhier met zy
genationeerd, en echter in deze haven mogten
aankomen, zullen telkens, dat dezelve de haven
verlaten, alvorens dat de Loods zich by het
uitzeilen van hunne bodems begeeft, aan dien
Ambtenaar een Certificaat, in gudruplum, gevin
dat hy by het in- en uitzeilen van het schip of
vaartuig op hetzelve aanwezig geweest is en
zynen pligt heeft volbragt
De Loods zal als dan eene declaratie van
zyne legenen, in tuplo opmaken, dezelve door
den Havenmeester doen verifieren, door eene
verklaring daaronder dat de loodsgelden bere
kend zyn volgens het reglement ter bepaling
der emolumenten en legenen op den 19e decem„
ber 1820 gearerteerd, daarna ten kantore van
den Raad Contaarolleur der Financien laten
registreren en aldus geverifieerd en geregistreerd,
met het Certificaat in gudrpliem, wegens zyne
bewezene diensten, aan ons doen toekomen
4:o Op dese declaaatie en Certificaat, zal de Gou=
verneer een winel, in triplo, voor het bedrag
der
December 30. der declaratie, tegen 3313 stuiver N.6. per
pero, op het Ministerie voor de Maaine, ten
behoeve van den Hoofd- Ontvanger der Kolonie
trekken en denzelven winel, na alverens
ten kantore van den Raad Contraro lleur der
Finanden te zyn geregistreerd, met het hier
vorenbedoelde Certificaat, in trijlo, en een
adviesbrief in duplo, den Hoofd Ontvanger
tegen bewijs der afgifte, doen ter hand stellen
wordende die Ontvanger bij het registreren
der winck ten kantore van den Raad Con„
trarolleur der Findnaen aldaar, in het be
lasting register, daarvoor gedebiteerd..
5=o Deze wissel wordt door den Hoofd- Ontvanger,
tegen denzelfden koen, aan het Pennoen - Tonds,
ten behoeve der beambten in deze kolonie
vernegotieerd en geendoneerd, en de Hoofd Ont„
„vanger crediteert de kolomale kas voor het
bedrag daarvan.
De loods brengt niet te min de bedragen,
dezer loodsgelden op zyne drie maandelyk
„sche verantwoording even als of die door hem
waren ontvangen, ten einde van de geheele
opbrengst der loodsgelden over het kwartaal zyn
tivee derde aandeel te kunnen aftrekken doch
hij zal tevens op die rekening van het eene
derde aan de koloniale kas toekomende af„
trekken de bedragen die door hem ingeleverde
declaratien, op dat aldus op diezelfde rekening
mede moge blyken, wat hy nog aan de kolo
male kas verschuldigd is
Afschriften dezer disponitie zullen aan den
Raad Contrarolleur der Fenanciën en den Hoofd
Ontvanger
December 36. Ontvanger en extracten daarvan, en zoo ver„
dezelve ieder aangaat, aan den Havenmeester
en den Loods, tot respective informatie en na„
rigt worden toegezonden, terwyl nog by pro
visre en tot zoo lang zulks zal noodig zyn
van 3 122, kennis zal worden gegeven aan
de kommanderende Officieren van zyner Ma„
jesteits Schepen in deze haven
No 709.
De Raad Contrarolleur der financien in op
onze invitatie, heden op de Gouvernements
buitenplaats verschenen, alwaar wy met
denzelven in Conferentie zyn getreden wegens
den inhoud zyner misive van gisteren N 531,
by oms op dien datum onder N:o 705, aange„
teekend.
Waarop door ous werd goedgevonden de in
deze Onderhavige zaak genomene dispositie
van den 27=e dezer N:o 701, in statuquo te
laten, tot dat daaromtrend nader door den
Raad van Policie zal zyn beslist, ten welken
eende dat Collegie op aantaande Woundag
den 3:e January 1821, buiten gewoon zal worden.
geconvoceerd en waartoe de noodige orders
door ous zyn gegeven.
No 710.
Ontvangen zynde eene minive van den Raad
Fiscaal, bb 30=e dezer N:o 180, geleidende eene
by hem van den Onderschout en marktmeester
I.P. Gaoos ontvangene voordragt, omtrent het
inhouden van zijn tractement met den e
January aanstaande; ende zulks ten gevolge
onzer dispositie van 20=e dezer No 692. Lie de
Miszive
December 30 misive en bylaag onder N=o 2841385.
Is goedgevonden en verstaan: dewenkond
derzelve in nadere overweging te nemen
No 711
Gelezen zijnde eene misive van de Admi„
histrateurs dezes Garniroens dd 30=e dezer 2 do
N.o 125, sobliciterende verstrekt te worden met
eene somma van f 500, ten einde de diverse
uitgaven ten laste van het Garnizoen over
het loopende jaar te kunnen bestryden. Zie
dezelve onder N:o 286.
Is goedgevonden en verstaan: den Raad Con=
traailleur der Financien te autoriseren eene
ordonnancie op te maken, ter somma van
ƒ 500, op de koloniale kas, ten behoeve van
den Raad van Administratie dezes Gamueroen
voor den dienst van 1820, ten eende met
den afloop van dit Jaar te liquideren.
Afschriften hiervan zullen aan den Raad
Contrarolleur der Financen en aan de Admi„
nistrateurs dezes garniroens, tot informatie,
worden toegezonden.
N=o 712.
Zyner Majesteits Brik de Merkuur, gekom„
mandeerd door den kapitein Zuitenant ter
Zee H. W. de quartel; is heden naden middag
van derzelver zending naar st rustatiu en
S:t Martin, teruggekeerd
N7713.
Is aan ons, door den kapitein Zuitenant ten
Zee H. W. de quartel overhandigd, een rapport
van dezen datum, wegens deszelfs gedane kauis
togt, als mede twee minwen, de eene van
December 30.- den Heer Gouverneur van St Eestatius
S Martin en Saba, en de andere van Heer
kommandant der Eilanden S:t Martin en
Saba de eerstgemelde gedateerd den 19„e en
de tweede gemelde den 23e December 1820,
met kennis geving dat onze aanschryving van
den 16=e der maand November, aan den Heer
Gouverneeer van S:t Eustritius geadrineerd, by
hem kapitein Zuitenant eerst was gemist doch
naderhand ontdekt, dat dezelve op het lak
van de andere minuse was gekleefd, en aan
den genoemden Heer Gouverneur ter hand ge„
steld.
Zie het rapport van den kapitein Zuitenant
de quartel, als mede de aanschryving van
den Gouverneur van St Eustatius en komman„
dant adenterem van St Martin onder N„r 287
288 2 289.
No 714
De Majoor Titulair kommandant der Artil„
lerie, heeft heden, by minwve, ingezonden
de by E 2 onzer dispontie van den 20=e Novem=
bev: lb No 609 van hem gevraagde stukken
benevens eene lyste der Heeren officieren, welke
verlangen diel te nemen in het doen grave„
ren en drukken van Artillerie teekeningen,
ter verzonding aan het Ministerie voor het
Publicke Onderwys, de Nationale Niverheid
en de kolonien, benevens de Organisatie en
samenstelling van het koyp artillerie in
deze kolonie
67
Canfaus
Aan
No 62 Zijn Excellentie Den Gouverneur
Generaal adinterim van Curacao
en onderhoorige Eilanden &a &a
Geeft met de meeste eerbied te kennen Ange„
„lica Peltier laatst weduwe van Pieter Claren,
„berg, alhier woonachtig
Dat haar vader in het Jaar 1791 te anx„
„caijes, in de Republiek Haiti is overleden en hij
de Suppliante bij Testamentaire dispositie erfge„
„naam heeft gemaakt van een vierde deel zyner
geheele nalatenschap.
Dat de suppliante reeds alle moeste heeft
aangewend om haar regtmatig erfdeel te verkrij„
gen.
Dat nu onlangs des suppliantes schoonzoon
D: de Graaf voorzien van haare volmagt, zich
in persoon naar de Republiek Haiti heeft bege„
„ven, en te auxcoijes, met den advocaat S:t Zou„
„rens, geadsisteerd, alle nasporing: wegens bovenge„
„melde erfportie heeft gedaan.
Dat meergemelde haaren schoonzoon D: de
Graaf naauwkeurig wegens den staat van ge„
„dachte nalatenschap onderrigt zynde geworden,
tevens heeft ontwaard dat volgens de wetten van
bovengenoemde Republiek van Haite de Suppli„
„ante verpligt is om aldaar Een Jaar en eene
dag woonachtig te zyn, als zynde eene persoon
welke in de Republiek niet is geboren en kun
„nende dienvolgens zonder gezegde formaliteit
te vervullen geene reclames in de Rrepubliek doen
Dat
Dat de Suppliante in de volstrekte onmogelijk
„heid zich bevind om de rees naar meergenoem
„de Republiek van Harti te ondernemen aan
„gezoen: zij reeds den hooge ouderdom van Twee
en zestig Jaren heeft bereikt, en zedert eene
geruime tijdt in de droenigste ziekte toestand
heeft verkeerd, zoo als ten overvloede ten duide„
„lijkste wordt gecorboreerd door nevensgaand
deklaratoir van Twee voorname geneeskundige
Dat de suppliante in haare tegenwoordige
toestand reikhalsend verland, om toch eenmaal
in het bezit te geraken van haar vaderlijk
erfdeel, en dat hoezeer zulks haar zwaar valt
geene opoffering noch onkosten ontziet om in
het regtmatig bezit van gedachte ervenis ge„
„steld te worden, zij echter voorziet, dat zon„
„der van eene veelvermogende voorspraak voor
„zien te zijn, alle haare pogingen en die van
haaren schoonzoon vruchteloos zullen zijn.
omme welke en meer andere redenen de
suppliante met alle Eerbied zich tot uwe
Excellentie is keerende, verzoekende beleefdelijk
om te mogen obtineeren van uwe Excellentie
Brieve van voorschrijving aan den President
van de Republiek Haiti, ten einde de Sup„
„pliante toegelaten wordt haare reclames op
de nalatenschap van haaren vader Pierre
Peltier, te mogen laten gelden door middel van
haaren gemagtigde, zijnde haaren Schoonzoon
meergenoemd, zonder dat zij suppliante, ge„
„houden zal zijn in persoon de formaliteiten
in gezegde Republiek gebruikelijk ten aanzien
van
van vreemdelingen welke aldaar reclarnes hebben
te doen, te ondergaan of uittevoeren.
hetwelk doende A: Curacao
12 October 1820. /w G Dewed: Pieter Clarenberg.
Het verzoek van de rekwestrante is geac„
„cordeerd
Curacao den 12=e October 1820.
Jw GI.J. Elsevier.
Aan zijne Excellentie M:r J.I: No 63.
Elsevier Gouverneur Generaal
adinterim van Curacao en onder
„horige Eilanden Bonaire &
Aruba en Opperbevelhebber over
de Land & zee magt aldaar
&b: &E: GC:
Geeft met verschuldigde herbied te kennen
David Gaerste, wonende alhier.
Dat de Rekwestrant in den Jaare 1819 door
den geweezene ontvanger generaal Matthias
Schotborgh Gz is gehmploijeert geworden om
in sijn kwaliteit als Procureur eenige belasting
schuldig aan Hoofd & famille gelden te dagwaar
„den en tot in Executione te poursuiveeren.
Dat hij dit uitgevoerd en verscheidene der
gedagvaarde personen betaald hebben.
Dat egter zes derzelven tot op apprehensie ge„
„bragt en de sententien in handen van den
substituit schout gesteld zyn, zonder dat de
„zelven hebben kunnen worden opgevat veel
min betaald hebben except een gen: Thomas
Rijnink, die voor ’t land: gewerkt en daar
door
door P„ 9 heeft betaald
Dat de Rekwestrant blijkens hierbij gehyhe
„beerde reekening dus van den Lande Competeert
eene somma van P„ 36.
Dat hij zo wel bij den Raad Contr: Gene„
„raal als ontvanger Generaal voor de betaling
dezer Domma heeft verzogt aangezien hij zelfs
voor P„ 12.44. voor verschuldigd hoofd en famille
geld is gedagvaard en op kosten gejaagd daar
hij gedagt had dat men immers zyne pretensie
zoude laten valideren, dan geen dezer beide
Heeren hebben kunnen goedvinden des Rekwer„
„trants zo billijk verzoek te voldoen reedenen
den Rekwestrant onbekend
het is hierom dat de Rekwestrant zich tot
uwe Excellentie keert en ootmoedig verzoekt
dat deeze aan den Rekivestrant deugdelijk
Competeerende pretensie mag worden betaald
„ dat na aftrek van het door hem aan den
Lande verschuldigde hoofd & famillie geld
voor het overige saldo mag worden uitgereikt
eene ordonnantie in forma
Curacao den 12:' October T welk doende &E
1820. w G D Gaerste
Het hieringemelde saldo van P„t 36, wordt,
uit de koloniale Kas, aan den rekwestrant
betaald.
Curacao den 12:e October 1820
pv GI.J. Elsevier
Aan Zijne Excellentie M:r N64.
Isaac J: Elsevier, Gouverneur
Generaal adinterim over Guracao
en Onderhoorige Eilanden Bon„
„aire en Aruba, opperbevelheb
„ber van de Land & Zeemacht
aldaar & & &a
Geeft met alle verschuldigde herbied te kennen
de ondergeteekende Francisco Dominguer, ge„
„boren in Italie, als
Dat de Suppliant die zich durft te vleijen
bij een ieder die hem kent als een Patzoende
„lyk en rustig persoon te boek te staan en heb
„bende reeds voor eene geruijme tijd handel op
dit Eiland gedreven, met het doen van ver„
„scheidene reisen af en aan in deeze Colonie
Gevoeld de grootste geneigdheid zich alhier als
ingezetene ter neder te zitten en te Estubli
„seeren, dan aangezien hem als vreemdeling
het genot der Burger recht, niet is Compe
„teerende ter zij u Excellenties sanctie en ap„
„probatie daartoe eerst is vergunt en verkrege
zo. keert zich de suppliant zeer Eerbiediglijk
tot n Excellentie ootmoedig verzoekende, dat
het aan n Excellenties behagen mag, hem
suppliant onder de gewene Eed van getrouwe
„heid aan zijne Majesteit de Koning der neder„
„landen, als Burger en inwoonder alhier te
Consenteeren, en onder het genot der voorregten
derzelve, te gelieven te admitteeren
Suracad den 13 October het welk doende N: N 2r
1820. /W G Fransico Domingez
Wij ondergeteekenden kooplieden en Inwoners
alhier verklare mits deeze dat den Persoon
van den suppliant bij ons bekend staat als een
Eerlijk rustig, en vreedzaam man, en naar
onze gevoelens waardig om zich als inwoner
alhier ter neder te zetten.
Curacao dato utsupra
/was get
Amatteij
Jem
: MacWhirter
Des rekwestrants verzoek is geaccordeerd, mits
betalende de daaropstaande belasting ten be„
„hoeve van het Fonds tot vernietiging der
bewijzen van afgekeurde Johannissen.
Curacao den 14:e' October
1820.
/W G/ I.I. Elsevier.
Aan Zijne Excellentie Mr N„o 65.
J. 7. Elsevier, Gouverneur Gene„
„raal adinterim van Curacao
& onderhoorige Eilanden &:a
& 2
Geeft met allen verschuldigden eerbied te
kennen de ondergeteekende Z: Klerk ter Gouver„
„nements Secretarij
Dat de rekwestrant, op den 4„ Maart 1810
bij eene, door den nu wijlen Heer Vice Admi
„raal Gouverneur Generaal A Kikkert, genomene
dispositie, tot 2e Klerk als bovengemeld is bevon
„derd en sints den 1:en december 1818, toen de
des
des tijds eerste Klerk k van rekhout deszelfs de
„missie verzocht en bekomen heeft, grootendeels de
werkzaamheden aan den post van eersten klerk
geattacheerd heeft waargenomen, met de voor
hem rekwestrant streelende gedachten, dat het
door hem verrigtend steeds de goedkeuring van
zynen Superieur heeft mogen wegdragen en met
den hoop dat hij naargaans op meerdere beloonin
zoude kunnen aanspraak maken.
Daar de rekwestrant, sedert den 4:e' Maart
1816 als 4:e en nu ruim achttien maanden den
post van tweeden klerk ter meergemelde Secretarij
heeft waargenomen en zich durft vleijen met
de werkzaamheden aldaar genoegzaam bekend
te zijn, zoo keert hij zich eerbiedig tot uwe Ex„
„cellentie met verzoek hem rekwistrant met
den eersten klerks post en het tractement daar
„aan verknocht, te willen begunstigen.
T welk doende & C
Suracat den 21:e October
Tw G H: Kikkert 1820.
Des rekwestrants verzoek is geaccordeerd
Guracao den 21:e October 1820.
(W GI.J. Elsevier.
No 66. Aan Zijne Excellentie Mr I.
I. Elsevier Gouverneur Generaal
ad Interim van Curacad en
onderhorige hilanden Bonaire
en Aruba en opperbevelhebber
van de Land & Zeemagt aldaar
N H &.
Geeft met alle verschuldigden herbied te
kennen de ondergetekende Joseph Rastigue
Supra Cargo van de Schoener Aurora, thans
leggende in dezen Haven;
Dat de Rekwestrant, blijkens hiernevens gaan„
„de volmagt van de representant van de Eiga
„naar van bovengemelde Schoener /waarvan
de terug gave eerbiediglijk verzocht wordt)
onder anderen de magt hebbende omme in
geval van overlijden, onbekwaamheid ziekte
of wangedrag der schippers van gemeld t
vaartuig een ander aan boord in dien kwali„
„teit te plaatzen, dan ook verplicht is ge
„weest, om de schipper Louis Fanoes die op
de Zeepapieren van S:t hustatius als zooda
„nig vermeld staat, door Zware buik ziekte
op aux Caijes door den persoon van Honore
Bigard als schipper te doen remplaceren
wien de rekwestraat alweder om gewigtige
redenen verplicht is geweest alhier te ont„
„slaan, en in zyn plaats aantestellen en te
doen Monsteren den persoon van Thomas
Heuriquez die de gemelde Schoener „
Aurora thans als schipper op hare terug
reize naar S:t hustatius is voerende.
Dan aangezien deze menigvueldige verande
„ringen, suspitie zoo op zee indien ontmoet
ofte in eenig haven alwaar de rekwestrant
onverhoopt mogte komen intelopen zoude
kunnen baren zoo is het dat de rekwestrant
zich eerbiediglijk tot ruwe Excellentie is ke
„rende ootmoediglijk verzoekende, door of
van
van wegen uiver Excellentie, met zoodanige
acte ofte Document tot zijne veiligheid en die
der vaartuig te mogen worden voorzien, als
strekken kan tot het doen Consteren van het
vooraangehaalde, bijzonderlijk met de verande
„ring van schipper van het gemeld vaartuig
alhier op dit Eiland plaats genomen.
het welk doende
ctr Curacao den 25: N. & &
1820
/w G Jh: Rastique
Geinterpreteerd aan de
rekwestrant door mij
/w G./M: Ricardo
B: Int & Jr
Aan den hieringenoemden Thomas Hen„
„riquez zal worden verleend een pas om de
hieringenoemde Golet naar P:t Custatius.
als schipper, te voeren
Curacao den 25:e October 1820.
T G/ I.I. Elsevier.
N„o 67. Aan Zijne Excellentie den
Gouverneur Generaal ad interein
te Curacad.
Geeft Reverentelijk te kennen F: Nyssing
Chirurgyn der 2:e Klasse bij ’t Bataill:r Jagers
n„o 28 in Garnizoen alhier.
Dat Supliant met voorkennis van den
Kommandeerende Officier, benevens den Chi„
„rurgyn Majoor Groesbeek, de vrijheid neemt
zich
zich tot uwe Excellentie te keeren, en dat
met zodanig verzoek indien het mogelijk
is te willen accordeeren: dat namentlijk
Supliant gedient heeft zeedert het Jaar
1793- zo wel ter zee als ter Land, waardoo
de Ziekelijke toestand langzamerhand is
ontstaan; dat Dupliant zich gevoelt eene
Reize met het voorjaar naar het moeder
„land tot hetstel van zijne kragten te
moeten doen, als ingevolge bygaande Cer„
„tificaat, hetwelk hij de vrijheid neemt te
annexeeren.
Zo is het dat Supliante zich keerende
tot uwe Excellentie met onderdanig verzoek
dat het uwe Excellentie behaage mogen
aan hem Supliante verlof toe te staan voor
Een Jaar, om maar hiet Moederband te mogen
repatrieeren onder zodanig voorrecht dat aan
hem supliant word toegereikt het staande
Tractemente, zo als getrokken word in het
Moederland op voorschrevene rang geassimu„
„leerd, ingaande bij de dag van deszelfs Embar
„kement, vermeenende het verzogte Tractemen
„te zeer benodigd te hebbens, om als ziekelijk
zijnde, in Europa te kunnen redelijk bestaan.
Tt welk doende
Gezien poG F: Mussing
Krant Ch: 2 Klasse. 20 G0
Kapt Comd=ts
Curacao den 23 October 1820.
Aan den rekwestrant is verleend verlot
voor een Jaar, met behoud van half
europiesch
europiesch tractement.
Curacao den 26:e October
1820.
Jw G I.I. Elsevier
Aan zijne Excellentie Mr I: N„o 68.
J: Elsevier, Gouverneur Gene=
„raal ad Interim van Curacao
en onderhorige Eilanden Bon=
dire H. Aruba, en opperbevel„
„hebber van de Land & zee macht
aldaar Zr &a: &a:
Geeft met alle verschuldigden herbied te
kennen de ondergetekende Giacoma Bou„
figlio, thans alhier woonagtig.
Dat de rekwestrant blijkens nevens gaande
Cognossement te Jarnaica door zijn corres=
„pondent John Graham aan boord van de
schoener Attractive gescheept heeft zes oxhoof„
„den Rum & eenige droge goederen, stelliglijk
gedestineerd naar Cumarebo op de Spaansche
kust.
Dat de gemelde Schoener Lek zynde gewor „den op de reys en alhier thuis behorende
in deze Haven zonder de Spaansche kust
volgens destinatie aantestoen, ten fine van
reparatien binnen gelopen is
Dat zedert zyne aankomste alhier, de
rekwestrant vernomen heeft dat de Provintie
van Coro, waaronder Cumarebo sorteerd en
zoodanig een staat van beweging of revoluten
is, dat het onmogelijk is voor het gemeld
vaartuig hadre reijze derwaards te kunnen
volbrengen, zonder de rekwestrants ingeladene
goederen aan totaal verlies (of roving misschien
bloot te stellen.
Dien ten gevolge keert zich de Supplian
zeer herbiediglijk tot uwe Excellentie, ootmoe„
„dig verzoekende dat aangezien dit onvoorzie
geval het aan uwe Excellentie behage magen
om aan de rekwestrant te permiteren vyf
gemelde ophoofden Rum. (doordien hij Een
derzelve alhier verkogt heeft even gelijk alle
de droge goederen die hij mede verkogt heeft
en waarop de geregtigheden zullen worden
betaald) aanboord van een ander vaartui„
naar Elders zonder onderhevig te zijn aan
de betaling, van eenige belastingen te mogen
doen vervoeren wel te verstaan dat
„dien hij over gemelde vijf overhoofden Rum
alhier voordelig disponeren kan de nodig
en gewone geregtigheden daarop zal voldoen
het welk doende
Curacao den 3:e Nov: W:W d
1820.
Geinterpreteerd door mij JW G Giacomo Bonfiglio
Jw GM Ricarda
Int &.
Des Rekwestrants verzoek is geaccor „deerd mits den uitvoer binnen dertig
dager geschiede
Guracao den 3e Nov. 1820.
J G:/ J:J: Elsevier
Aan zijne Excellentie Mr
I Elsevier Gouverneur Ge=
reraal ad- interim van Curacas
onderhoorige Eilanden Bon
Aruba, en opperbe hebber van de Land & ze
magt aldaar & Er &Er: &C:
et alle verschuldigde herbied te
n de ondergetekende Moses Cohen
Henriquez alhier woonachtig
Dat de afkondiging van den puije op
lb Zondag den 5:e dezer met toestemming
r Excellentie der Eerste gebod van de
rekwestrants aanstaande Huwelijk met M
„guffrouw Deborah van Ab:m van Jacob
Peturun plaats gehad hebbende., de rekwes„
„trant ook geduldiglijk en als naar gewoonte
de twee andere successive weekelijksche af „kondingen zouden afwagten, indien zich niet
onverwagts iets opgedaan had, hetwelk bin
„nen den gemelden tijd zijn vertrek van he Meirtt
naar Jamajca of S:t Thoinas onvermerdelijk
^ten einde bij zijn presentie aldaar hen som„
„ma gelds van een suspecte Debiteur te kun
„nen ontvangen, hetwelk bij de minste retar„
„dement, en als periculum in mora misschien
voor hem ten zijne merkelijke prejuditie, indien
niet bij tijds aldaar voor Eenwig verloren zou=
„den zijn:
De rekwestrant derhalve keert zich herbie„
„diglijk tot uwe Excellentie ootmoedig verzoe kende
„kende dat het unve Excellentie behage mogen
om reden voormeld, te gelieve te consenteeren
dat de Twede en Derde geboden des rekwes=
„trants huwelijk op aanstaande zondag den
12:e dezer in een mogen worden getrokken
en afgekondigd
Het welk doende & C:
6e November
1820. /w G Mos E Henriquez
Het verzoek van den Rekwestrant is ge„
accordeerd.
Curacao den 6:e November 1820
/w G/ I.J. Elsevier
No 70 Aan zijne Excellentie M.r I:
I: Elsevier, Gouverneur Gene„ tet verzoek is in advies
„raal adinterim van Curacdo „ehouden
& onderhorige Eilanden Bon
„dire, en Aruba H & C &
Geeft met schuldige Eerbied te kennen
ter Hansz Demeij, geregtsbode te Aruba
dat rekwestrant in den Jaare 1818; door den
Edele Hove van het Eiland Curacao genomi
neerd, en aldaar als Bode zynde aangesteld
dat ambt het welke hem buyten sollicitatie,
maar ook zonder vast salaris van den Lande
wierd opgedraagen, greetig heeft aanvaard.
eensdeels om daardoor zijne bereidwillige
gehoorsaamheid, aan desselvs overheid te betoo
„nen, en anderdeels in hoop van daar door
meerder bevoegt te worden, tot het redigeeren
van
van actens en Documenten, ten eijnde hier
in bij voorkomende gelegentheden, hoe gering
ook, een bestaan te vinden hetwelk het
odes ambt op sig self in zonder salaris,
onmogelijk konde opleveren
t wel is waar, de uitoeffening van
edactie aan hem is toegestaan, de zodan
diensten echter geenzints aan desselvs ver„
hebben beantwoord als zijnde hij on=
houdelijk aan opspraak en tegenkanting
bloot, gesteld, waarvan de oorsaak hoofd zake„
ijk aan het gebrek van een vast Tarif, voor
het Berekenen zijner Leges moet werden
toegeschreeven; het geen de deur heeft open
gezet voor een ieder, die maar eenigsints
te Ten kunnende voeren verkoos zich daar
meede te bemoeijen; en door aanbod van voor
verlaagde Salarissen te werken den rekwes„
trant te benadelen waaruit Misverstaanden
zin geboren welke hem Langzamerhand, geheel
en al van dit, als het waare eenigste schoon
klijn bestaan, hebben beroofd, als zijnde hy
door den gebrekkigen toestand zijner handen vol„
strekt buiten staat, op eenige andere wyze
den kost te winnen.
Redenen waarom suppliant sig ootmoe„
tig tot uive Excellentie is keerende met
nedrig verzoek, dat het uwe Excellentie goed
„gunstig; behage moge, een Medelijdend oog„
op het nietige, van het door hem bekleed de
bodes ambt te slaan, en daar aan ten eynde
hetzelve ten minsten eenigzints een bestaan
kunne
Aruba
inne opleveren de bevoegdheid toe te kennen
om met uijtluijtinge van alle andere bun
„ten suppliant en zonder eenige andere Titel,
als die van Geregtsbode, voortaan de acten,
en Documenten, welken voor den Comman
„deur zullen moeten worden gepasseert, te
mogen redigeeren, en dit Privilegie door
een bepaald Tarief der Leges; naar Goeddum„
„king uiverExcellentie te willen staven en
beschermen.
het welk doende & C
den 3e November
1820. JwG Hemen
voor kopi kouform.
De Gouvernements Secretaris.
Bring
Aan
Zijne Excellentie Paulus
Roeloff Cantijlaar Ridder
der orde van den Nederland
„schen Leeuw, Schoutbijnacht
in dienst van zijne Majesteit
den Koning der Nederlanden,
Gouverneur van Curacao en
onderhoorige Eilanden Bondire
& Aruba en opperbevelhebber
over de land en zeemagt aldaar
&a W .
Geeft
Geeft met schuldigen eerbied te kennen Cas„
„per Lodewijk Deveer inwoner van het Eiland n
S:t Enstatuus zich thans alhier bevendende,
Dat de suppliant van het voorne Eeland as
tlistatius alhier is aangekomen met oog„
„merk om zyn voorgenomen Huwelijk met in
Mejufvrouw Helena de Meij Schotborgh
met dewelke hij reeds lang verloofd is / zoo
spoedig mogelijk te solemniseren: en weder
tot zyne bezigheden naar het voorw: Eiland
S:t hustatius, alwaar hij een ambt bekleedt.
te retourneren.
Dan daar volgens de wet de Huwelijks
geboden op drie agter een volgende zondagen
moeten worden afgekoudigd, bevorens zijn
huwelijk kan worden gesolemniseerd, en zijne
bezigheden niet gedogen dat hij zoo lang of
dit Eitand vertoeder
Redenen waaromme de Rekwestrant zig
niet de meeste eerbied tot uwe Excellentie is
keerende - eerbiedig verzoekende dat het uuie
Excellentie moge behagen hem de vereischte
dispensatie te verlenen, en te gedogen, dat met
de afkondiging van het eerste gebod, zyn Hu„
„welijk worden gesolemniseerd
Curacao den 17 NCov:r welk doende 86:
/w G.L de Veer
1820.
H: de Meij Schotborg„
Des rekwestrants verzoek is geaccordeerd
dato ut supra
(WG Cantzlaar
Aan zijne Excellentie Ro N„o 72.
P. Cautzlaar Kommandeur
van de Orde der Nederlandsche
Leeuw Gouverneur van Cura„
r0 & onderhoorige Eilanden
„biedigheid te kennen Jacob
„ Jager bij de 3:e Cornelis van Starkenbur
taillon, thans kompagnie van het 28
trenge krijgs edetineerde voor den Edele
van desectie rad, wegens begaane misc
enval van Dat de Suppliant in een
ige moedeloosheid, bijna Krankzin
verbisterd hoofd de roekeloose stap heeft
„daan, geduurende, vijf dagen zich van zijn
kompagnie te verwijderen, en nadien tijd
ils een wezenloos mensch te hebben rondge
ekor „zworven en weder tot zich zes
gehaast. zijnde zich heeft
daad aan het oordeel 2
rwerpen Krijgsraad te
op de menschlievendheid van
zien de suppliant door de
zyne vorige welgezeten stand &
familie, zoo „ten echtgenoote
het tot de sterkste graad van hypoch
zalde keeren is veri
sprekend door hem begaane in
bewijs aantoond immers het
zal bij de heden, en ontembaarst Karakter
king van de vreeslijke en wisse straf
hem bij het begaan van desertie onvermij
delyk te wagten staat terugbeven; het
gna
bijna onmogelijk dat een mensch met bedaard
zinnen; op dit eiland alwaar alle vlugt volstrekt
onmogelijk is, zich zal vleijen om bij het zeker
mislukken zijner misdaad de daartoe staande
straf te ontduiken.
Dat nietigenstaande al dit bovenaange„
„voerde De Edele achtbaren Krijgsraad, gedron„
„gen is geweest regt doende in naam van
Z.M: den Koning over mij uittespreken de
straf van uit den militairen stand gezet te
worden, en voorts tot zes Jaren confinement
en de yzers.
Dat uit de stukken van des suppliants pro „ces ten duidelykste blijkt dat hij gedeserteerd is
zonder zijn schuld door agraveerende omstandig
heden volgens de wet verzwaard te hebben.
Dat voorts door des Duppliants regters t
menschlievend aan hem is toegestaan om uwe
Excellentie met dit zijn smeekschrift eerbie
digst van zijnen noodlottige toestand kennis
te geven; daar er voor hem eene omstande
heid heeft plaats gehad, waarin hij alle
hoop steld om uwe Excellentie te bewegen.
van aan de gevoelens van menschelijkheid
welke het zoo algemeen bekend gemoed van
uwe Excellentie vercieren te kunnen voldoen
het was namelijk op dezelfde dag waarop
dit eiland in volle vreugde zich bevond over
den aankomst van uwe Excellentie, dat my
ysselijk vonnis wierdt uitgesproken, en mij
in de diepste ellende tot beneden de mensch
heid deed storten
Het
Het is dan met de diepste
de suppliant het waagd van uue
aftesmeken om ten zijnen voorde
te maken van de magt aan de
van uive Excellentie toegekent, en
pliant zoo wel uithoofde zijner bove verhad
„de toestand als uithoofde van de gelukk
omstandigheid dat zin vonnis
dag waarop in ieders hart de reinste vreu
klopte over de voor dit eiland zoo heigelijke
aankomst uwer Excellentie & geherbiedigde
gemalin; menschlievend en genadiglijk gratie
te verleenen van de noodlattige straf over
hem suppliant door den Edele achtbaren
krijgsraad uitgesproken; O dan worde
dien blijden dag ook voor den Suppliant zijne
echtgenote en vrienden in het vaderland een
dag van dankzegging aan god, en levensland
zal de suppliant, met het heiligst gevoel
van dankbaarheid voor oogen hebben dat hij
aan uwe Excellentie verschuldigd is van we
„der in den rang der menschelijke maatschap„
„pij te kunnen terug keeren.
Juracao den 17 Novb. Hetwelk doende &o
/wG/ Van Starkenburg 1820
De uitvoering van het vonnis door
den krijgtraad tegen denzelven uitgesproken
is, bij onze dispositie van den 28:' November
1820. n„o 637, tot over zes maanden uitgesteld
Curacad den 18 november 110G Cantzlaar
1820.
Aan zijne Excellentie Paulus
Roeloff Cantzlaar Ridder der
orde van den Nederlandsche Leeuwe
Schoutbijnacht in dienst van
zijne Majesteit den Koning der
Nederlanden, Gouverneur van
Curacao, en onderhorige Eilan
„den Bonaire en Aruba, en oppe„
„bevelhebber van de Land & zee
magt aldaar. &a W. H
Hoog Edele en Gestrenge Heer
Wij nemen Eerbiediglijk de vrijheid, mits
deeze ter kennisse van uwe Excellentie te bren
„en, dat hoezeer wij uit hoofde eeniger heer„
„schende verschillen ons onthouden hebbende
van de Administratie als kerk Meesters der
Roomsch Katolijkschen gemeente alhier, echter
dadelyk op den ontvangst der missive van
den via Commandeur van het Eiland
Aruba, behelzende berigt der overlijdens al„
„daar op den 9:e deezer maand van den welheu
Heer Pastoor J.I. Pirovane, dezelve dadelijk
weder aanvaard hebben, en dien ten gevolgen
ook door absentie van den Heer Willem Joseph
Fournier, als mede lid gekozen hebben den Edele
Gestr: Heer Kapt:n Krajff, die de post niet alle
bereidwilligheid heeft aangenomen,
Wij neemen verder zeer Respectivenselijk
de vrijheid ter kennisse van uwe Excell:t
te brengen, dat wij bij het weder aanvaarden
onzer
onzer administratie de gebouwen kerk gewa
den en Cieraden, in eenen zeer slechte en
vervallenen staat hebben bevonden en laaste
„lijk informeere uwe Excellentie op gelijke wijze
dat aangezien wij thans herderloos in de
gemeente zijn, en daar drie Spaansche Pries
„tert met namen I.A: Robles, Thomas Di
„mingo Cabrera en Joaquin de Beitia
zich alhier bevinden het dienstig geoordeed
hebben, ten einde geene staking in den dienst
te veroorzaaken; hun Provisioneel bij tourbeu„
„ter aantestellen tot het waarneemen der Eere
dienst en Ceremoniele en onzen Gods dienst
gebruikelijk, tot tijd en wylen de Twee
Priesters die op ons verzoek door den Hoog
Edele Gestr: Heer &: M:r I.J. Elsevier, gewe„
„zene Gouverneur Generaal ad Interum deezes
Eilands, aan zijn Excellentie de Minister van
Colonie zijn afgevraagd, alhier zullen zijn
gearriveerd, vertrouwende uiver Excellentie
Goedkeuring daarop te mogen Erlangen.
Wij nemen deze gelegenheid waar, om
uwe Exallentie wegens uwe benoeming tot
Gouverneur dezes Eilands, aller opregtelykst te
Feliciteeren, miet toeswaijing van allen Heil
en zegen in uwe Ex:l Private zo wel als Pu „blieke betrekkingen, en ten gelijken tijd, onze
gemeente zo wel, als de bestuurdens dezelve
aan uwelxe bescherming bijzonderlijk te Re„
commandeeren.
wy hebben de Eer te zyn met de diepste
Eerbied
Eerbied en Hoog achting
Hoog, Ed: Gestr Heer:
Uwer Excell:s ootmoedige Guracao 23 Nov:r 1820.
en zeer gehoorzaame Dienaren.
/wG/ George Curiel
D: de Graaff
Het verzoek van de Rekwesstranten wordt
gehouden voor notificatie.
Curacao den 24e November 1820.
o G1 Cantzlaar.
Aan zijne Excellentie P: R N„o 74
Cantzlaar, Ridder der Orde
van den Nederlandschen Leeuw
Schoutbijnacht in dienst van zijn
Majesteit den Koning der Neder
„landen, Gouverneur van Cura„
„cao en onderhoorige Eilanden
Bonaire en Arnba, en opperbe
„velhebber van de Land en Zee
magt aldaar &b:a & E: & Ee:
Ceeft met den meesten eerbied te kennen
Johannes de Veer gewezen klerk ten kantore
van den Raad Contrarolleur der Tinancien.
Dat nademaal de rekwestrant door zijn
bekomen ontslag uit zijnen post waarop hij
zich met allen yver heeft toegelegd, geheel
buiten kostwinning is gesteld en reeds die Jaren
bereikt heeft in welke ieder welgeaard en yverig
Jongeling, ongaarne zijne ouders tot last
verstrekt hij rekwestrant de vrijheid neemt
zich
zich tot uwe Excellentie te keren, ootmoedig
verzoekende, dat het uier Excellentie gunstiglijk
gelieve te behagen, de onaangename omslandig
„heid waarin de rekwestrant door zin onve
„wacht bekomen ontslag zich gedompeld ziet
te willen ter harte nemen, ten einde hem reki
trant daaruit te redden, door hem met de
post van Klerk ter Gouvernements Secretarij te
begunstigen, welke post door de gevraagde
demissie van een der klerken met name
M. B. Schotborgh staat vacant te worden.
Ouracao den 28„ten 6ov: 1820 Het: welk doender 18:r
/w G/ Johannes de Veer.
Dit Rekwest wordt gehouden voor noti„
„ficatie
Curacao den 28e NCoob:r 1820.
JwGCantzlaar
Aan Zijne Excellentie Paulus No 75.
Roelof Cantzlaar Ridder
der order van den Nederland„
„sche Leeuw, Schoutby Nacht
in dienst van zijne Majesteit
den Koning der Nederlanden,
Gouverneur van Curacao en
onderhoorige Eilanden Bonair
en Aruba, en Opperbevelhebber
in de Land en Zeemag
aldaar &a &
Geeft met schuldigen eerbied te kennen
Samuel
Samuel Lijon Koopman en inwoonder
alhier dat op gisteren de Amer: Golet genaamd
Alexander gevoerd door Schipper Alexander
Milleken waarop als Super Cargo is Thomas
Brooken, van het Eiland S:t Marij gelegen
aan de kust van noord amerika laatst van
S:t Thomas met eene lading houtwaren.
alhier aan des requestrants consignatie is
aangekomen.
Dan daar de Rekwestrant geen be„
hoorlijke prijs voor de voorzz houtwaren
kan bekomen zo is hij verpligt het vaar
„tung met dezelfs lading weder uit deze
Haven te doen zeilen.
Egter de kapt:tn enige noodzaaklijke
schulden, ten behoeve van het voorz: vaar
„tung, ten bedrage van een Honderd en Cer„
„ca vijftig spaansche daalders op het eiland
St Thomas voornoemd hebbende moeten ma„
„ken, en dewelken aan den Requestrant al en
„hier moeten betaald worden, de kapt:t geen
kontanten: bezittende, ziet geen ander hans
dan zodanig kwantiteid uit de voorz
lading houtwaren te doen verkopen als
vereischt wordt, om den Rekwestrant, en
enige andere door hem hier gedane kosten
te voldoen.
dan daar de kapt:n het voorz:: vaar=
„tuig volgens ordinaire gewoonte in en
uitklarende de kosten van tonnen en
andere geregtigheden aan den lande
meer.
meer zoude komen te bedragen dan de
waarde der houtwaren welke hij alhier zo
de willen landen
Redenen waarom de Rekwestrant met
de meeste eerbied zig tot uwe Excellentie in
kerende ootmoedige verzoekende het uwve
Ercellen moge behagen het hiervoren aan
„gehaalde in gunstige konsideratie te
nemen en te gedogen dat na het voorz:
vaartuig op de publieke kantoren behoor
lijk zal hebben ingeklaard en de daarop
staande leges zyn betaald uit het meet
gen:e vaartuig zodanige kwantiteit hout
„waren worde ontlost en verkogt als nood
zal zyn tot goedmaking der verschotten en
andere kosten van het vaartuig en dat de
intklaring op de publieke kantoren weder
alles worde in acht genomen en betaald
als naar gewoonten geschiedt, egter dat
het voorz: vaartuig ontslagen zal zijn
van de belasting der tonnen gelden die zee„
hoog zoude komen te staan
t welk doende &a
Gutracdo den 28e Nov.r Tw G Sam: Lyon
1820.
In het verzoek van den Rekwestrant
is gedifficulteerd
Curacao den 28 Nov.r 1820.
wg Canttlaar
No 76 Aan zyne Excellentie P: R: Cantz
laar Ridder van de Orde van den Nedter„
„landschen Leeuw, Schoud by Nacht van
zyne Marestert, den koning der Neder
landen Gouverneur van Curacao en On„
derhoorige Eilanden Bonaire en Aruba
en Opperbevelhebber over de Land en Zee„
magt aldaar W:r &: &:r
Geeft met verschuldigden Eerbied te kennen S: Thie„
ten gewezen Secrelaris adenteum van den Raad
van Cieile & Crimineele Justitie, een inboorling dezes
Eelands
Hoe dezelve na dat hy suppliant een Veeks van
Jaaren het beroep van Procureur voor de respective
Rechtbanken dezes Eilands had waargenomen op den 25
Maart 1816 toen de Wel Edele Gest: Heer Mr HK
Haiinga om zyn ontslag als secretaris van den Raad
van Cirale en Crimineels Justitie voornoemd had
gevraagd en bekomen, door wylen zyne Excellentie
H. Kikkert Gouverneur Generaal dezes Eelands, zonder
dat hy suppliant daarom gevraagd had, tot Secretu„
ris edinteum in plaats van gedagte Mr Hayange
is benoemd gelyks telykt uit ryke Acte van adne„ n
stelling hier by geproduceerd en door Z:M den
koning gehomologeerd.s
Dt hep zich vervolgens by requeste aan zyne Ma„
jesteit heeft geaddresseerd ten einde definitif in zyn
voorsz: ambt te worden bevestigd, ’t geen uit de
geproduceerde door den heer Solliciteur M I. Huy„
„gens ingeleverde Pelitie kan blyken.—
Dat de suppliant nu tot zyne hartgrier ende
Smarte heeft moeten ontearen, hoe zyn verzoek
zonder eenig gunstig gevolg gebleven 1s, daar de Wel„
EdGest: Heer M:r Haijunga wederom tot secretaris
van den Raad van Civele & Crimineele Justitie is
aangesteld & suppliant buiten eenig puhliek be„
roep is gebleven.
Dato
Dat suppliart zich verhougende een man van
het Carracter en de behiaamheden van Mr H.R
Haijunga tot zynen successeur te zien en aan„
Wien hy de Secretary reeds behoorlyk heeft Over„
geleverd, Edoch gaarne zich zo zulks mooglyk
ware in eenig publiek ambt, zo niet nu altha„
in ’t vervolg geplaatst zag, ten Einde het publie
niet in den waan soude kunnen verseeren dat
het niet behoorlyk waarnemen van zyn ambt
de oorzaak van zyn Ontslag geweest is, waardan
het Contrarie aan Uwe Excellentie zal blyken
uit de Extrach Hotulen van den Raad van
Civile en Crimineele Justitie hierby Overgelegd„
Dus suppliant neemt de vryheid zich aan W„
„we Excellentie te addresseren met Eerbiedige
Bede hem suppliant (:die reeds den Ouderdom
van Vyf en Vyftig Jaren bereikt heeft:) by
aldien zich hier toe gelegendheid mogt of doen
met eenige publieke bediening te Willen
beneficeeren en hem aan zyne Majesteit den
Koning goedgunstig te Willen aanbeveelen; als
een in allen opzichten getrouw ambtenaa„
Curacao den 28 Noor t Welk doende &C:
2/1C. Jb Thielen 1820.
Is aan den Rekwestrant te kennen gege„
ven, dat by, voorkomende acaturen, regan
op deszelfs verzoek, zal worden geslagen. —
Curacao den 28 November
1820
119:: Cantrlaar
N: 77.
Aan zyne Excellentie P: R:
Cantzlaar Ridder der Order van
den Nederlandschen Leeuww Schora
biacht in dienst van Zyne Ma„
festeit den Koning der Nederlanden
Gouverneur van Curdeuo en On„
derhoorige Eilanden & Opperbe„
velhebber van de Land en Zee„
„magt aldaar, Eta Wta ta
Geeft aller ootmoedigst te kernen Jan Van
„der Biest Vice Commandeur van ’t Eeland En
„ba, thans het Commando Voerende,
Nademaal de Openstaande plaats van Effetig
Commandeuir ter benoeminge van zyne Excellentie
staat en den Requestiant in desselvs kwalityt ge„
duurende den tyd van twee Jaren & seeven Maanden,
sig in de pligten en bezighedens den Effetif Com„
„mandeur opgelegt, Getrouw ende met alle vaardig
en Naarstigheid heb gekweeten zonder dat er niets
Op syne Dierst pliaten, en waarneming soude
kunnen voortgebragt werden.—
Heedene waarom, een Rekwestrant Sig Ootmoe
„dig voor Z: Exc: is nederbuygende, verzoekende
dat het zyne Excellentie Goedgunstiglyk beha„
„ge mogen den Rekwestrant, met de Gezegde
Vacante plaats, gelieven te begiftigen
Het Welk doende vta
Aruba den 18 November
WGJ. Jan van der Biest 1820 @l
Viee Commd:r ’t Comd:e voerende
Het verzoek van den Rekwestrant is gehouden
voor notificatie. Curacao den 5 december
1820.
JWG:/ Cantzlaar.
No 78. Aan
Zyne Excellentie I: E: Can
Ridder der orde van den Neder
landschen Leeuw schout by Nagt
in dienst van H:M: den Koning
der Nederlanden Gouverneur van
Curacao en Onderhorige Eilanden
Bon Acre z Aruba Opperbevel
hebber van de Land en zeemagt,
aldaar e & S
Zyne Excellentie.
Geeft met verschuldigde Eerbied te kennen Phily
Lodewyk Loude, krast gediend als Opperstuurman
En ingevolge deszelfs gedane Verzoek hondrabel uit
Z: M: dienat ontslagen.—
Dat hy suppliant herhaalde malen is aangezogt ge„
worden om het onderwys in dat vak voort te zetten.
Zo is het dat hy suppliant zig Ootmoedig tot Uwe
Excellentie mend met hoog nedrig verzoek het Uwe„
Excellentie moge behagen hem de Permissie te wille
verleene om Onderwys in de Wis en Zee vaarthun
„de het Getruik der Instrumente en het verdere tot
dat vak, betrekkelyk te kunnen uitoefenen.
Curacdo den 5 Novemb:r 1820- ’t welk is doende
JW.G. P. L. Loude
Het verzoek van den Rekwestrant is geaccordeerd en
aan denzelven is Gepermitteerd privaat onderwis te
geven in de wis en zeevaartkunde, het gebruik der
Instrumenten en het verdere tot dat vak betrekkelyk
Curacas den 6 december 1820
1719 Cantzlaar
No. 79. Aan Zyne Excellentae Paulus
Roeloff bantzlaar Ridder der
Orde van den Nederlandschen Leeuw
schout by nacht in dienst van zy„
„ne Majesteit den Koning der Neder„
landen '& Gouverneur van Curacao en
Onderhoorige Eilanden en Opperbe„
„velhebber van de land & Zeemagt
aldaar. - &a J=a S:
Geeft met schuldiger Eerbied te kennen Gerard
Schotborgh Mt woonende alhier.—
Dat de suppliant onlangs als prive klerk by den
gewezenen Ontvanger Generaal op het ontvanger
Generaals kantoor heeft gediend; en thans in geen
employ zynde gaame wenschtte op een hurenu ge„
plagtst te worden.
Waardoor hy in den gelegenheid kan komen om zich
verder te offenen.
Reden waarom de suppliant met den meesten
eerbied Uwe Excellentie verzoekt hem Resuestrant
als klerk, ter Gouvernements Secretary tegens het af„
leggen van eenen behoorlyken Eed gelyk de anderen
klerken, echter zonder Tractement te plaatzen.—
Hopende de suppliant dat wanneer hy de nodige
bekwaamheden mogt hebben verkregen om zyne
diensten voor den Lande eenige belooning waardig
te maken Uwe Excellentie ook ten zynen opzigte
Consideratie zal gelieven te gebruiken.
T Welk doende &=a
Ouracao 6 Dec: 1820.— W G. G: Schotborgh Mt
Het verzoek van den Rekwestrant is geaccordeerd
Curacao den 7 december
19/ Cantozlaar.
No 80
Aan Zyne Excellentie Saulus
Roeloff Cantzlaar Ridder der
Nederlandschen, Leeuw,
Schout by Nacht in dienst van
zyne Majesteit den koning dor
Nederlanden, Gouverneur van Cu„
„racdo en onderhorige Eelander
Bondire en Aruba en Opperbevel„
hebber van de Land en Zeemacht aldaar
gc. Gc. ge:
jeeft met alle verschuldigde Eerbied te kennen, de
ondergetekende Felix G: Guaderiama Burger en Snur
ner alhier.
Dat. de rekwestrant een weduwnaar oudt Negen en
dertig Jaren van voornemen zynde omme door den
Band des huwelyks zich te vereenigen, aan Mojup
frouw Maria Jesus Tradie meerder Jarige
Dochter, en van de spaansche Natie zich thans
alhier bevindende, keert zich Berbiediglyk tot
Uwe Excellentie ogtmoediglyk verzoekende Uwer
Excellenties verlof tot hetzelve, zoo dat de re„
kwestrant daarop de gewone ondertrouw ter se„
cretarie alhier kan doen en na de gewone afkon„
digend van den puye der Huwelyks geboden ge„
melde Huwelyk behoorlyk in regtens kan deen
Solemneseren.— Het welk doende &c
Ouracao den 11 December 1820 JWG/ Felix Guaderrama
Geerterpreteerd door my
VWGJ. M. Ricarde
B: Int: 2 :s Des Rekwestrant verzoek is geaccordeerd
Ourdcao 11 December 1820
1WG: Cantzlaar.
No 81. Aan Zijne Excellentie den Schout
bij Nacht P. R. Cantilaar, Rd„
der der Orde van den Nederlandschen
Leeuw, Gouverneur over dit en Onder
hoorige eilanden en Opperbevel„
„hebber over de oe & Landmagt al„
daar Ba &a na„
Geeft met diepsten eerhier te kennen Andrie
De Rycke; kammier van de eerste klasse hy het
batalljon artillerie van linie N= 5. op dit eiland
in garnisoen liggende. —
Dat de suppliant op den 24 February van het
Jaar 1815, te Briel voor den tyden van Acht Ja„
„ren is in dienst getreden en nu reeds vyf Jaren
& Negen maanden als kanonier by het gezegde ba„
talljon is geattocheerd geweest zoo dat er twee sa„
ren en drie maanden moeten verloopen alvorens
der suppliants dienst, Jaren zullen Verstreken
zyn en hy zyn Ontslag zal kunnen erlangen.—
Dat de suppliant zyn fortuen op dit eeland nide
„lende bevorderen, thans in de gelegenheid gesteld
is, om indien het Uwer Excellentie genadelijk mog
„te behagen zich voor zyn lot te ontfermen, en
hem zulks toetestaan, om zich voor den tyd wer„
ke door den suppliant nog zal moeten uitgediend
worden, door een der manschappen te laten rem„
placeren wier dienstjaren verlopen zyn, en die
jonger en sterker en gevollelyk tot den
Artillerie dienst beter geschikt is dan de
suppliant, zynde mede kandnier van de eer ste klasse by het gezegde bataljon en genaam
Hendrik van Kolen, die gaarne tegens eene
Schade
Schade vergoeding welke de suppliant bereid is hen
toeteleggen, voor des suppliants nog overblyvende
dienst tyd, als zulks hem toegestaan worde, in
den dienst wil continueren.
Dat het voornemen van den Suppliant is, ter
bevordering, van zyn geluk, zich alhier op dit ei„
land te etablisseren als huis- Onderwyzer by de
familie van Merrouw. De Weduwe De Rochement,
met welke dume de suppliant voor een zeker ge„
„tal saren in die Eapaciteit een engayement
zal aangaan, en die als dan borg zal staan voor
des suppliants onderhoud, zoo dat er geene dij„
feculteit zal ontstaan dat de suppliant door
het verkrygen van zyn ontslog uit den dienst
ten laste van het Gouvernement zal verval„
len.
Dit alles rypelyk in Overweging genomen
hebbende, en tevens niet uit het oog verliezende
eschiktheid van den suppliant de weinig
tot den dienst, waarin hy als het ware en„
„keld in een oogenblik van onbedachzaam,
heid is geraakt, zoo is de suppliant, na al„
vorens daartoe daartoe van den heer Kom„
„mandanten der Troepen alhier het noodig
verlof verzocht en verkregen te hebben, te
rade geworden met alle ootmoedigheid en onder
werping zyne belangen aan Uwe Excellentie
voortedragen, nederig e angstig verzoekende
dat hoogst dezelve het moge goedvinden
begaan te zyn met het lot van eenen dr„
men Soldaat, die een vooruitzigt tot uitkomd
ziende, zich op de edelmoedige, menschlievend,
heid van Uwe Excellentie verlatende,
Om
Om zyn Ontslag uit den dienst is smeekende, met
aanbieding, van een ander zoo als de suppliant re„
den heeft te vertrouwen, beter geschikt persoon,
tot zynen plaatsvervanger als Uwe Excellentie
zoo genadig wil zyn zulks te gedogen: B
Ouracao den 19 December T welk doende
1vGJ. A: De Rycke 1820.
Kan: V:t Vlasse. Met myne voorkennis
de Majoor kommanderende
’t Batael:r Artillerie der
staande Armee N6
WGJ. Dursteler.
De Rekwestrant is toegestaan een remplacant
in deszelfs plaats te stellen, doch niet eerder dan
dat het Gurniscen door, aanwerving, tot de be„
paalde sterkte zal zyn gebragt.—
Gurdedo dene 19 December 1824
1WG/: bantzlaar.
No: 89
Aan Zyjn Excellentie Paulus
Roelosse Cantklaar Ridter der
Oider van den Nederlandschen
Leeuw, schout bynacht in dienst
van zyn Majesteit, den Koning der
Nederlanden, Gouverneur van Eu
racdo en Onderhoorige Eilanden,
Bondise en Aruba, opperbovel
„hebben van de Land en Zeemagt
aldaar W= H=r H
Syn Excellentie.—
Den Ondergeteekende Maria Margaritha
Eerder Weduwe van Wylen Nicolaas Hansz
thans
thans gesepareerde huysvrouw van George Albertus
Cancryn, alhier Woonagtig.
Geeft met alle Ootmoedige en Eerbied, zyn Excel„
„lentie te kennen.—
Dat met het Overlyden van des Ondergeteekendes
haar Eerste man Nicolaas Hansz,
Was zy Ondergeteekendes in Een de Bezitting ge„
bleeven en geweest van een Plantagie of kanoek
„je, genaamt Kent uw zelf als meede Een Be„
trankeerde stukje grond of zo genaamde Saavan„
Leggende dezelven of byde in de Oost Districte
ofte Divisie deeses Eylands ende met en Benee„
vens Eenige koppen slaven en al dit per vol„
gens hunne by de Mitseele Testament van dato
14 November 1809 door Den Ed: heer Willem
Prince den assisteerende, gedeputeerde Secretaris, en griffier
„/: ter dier tyd./ alhier gepasseerd.—
Dat, na het Overlyden van desselfs haars
Ondergeteekendes Eerste gemelde man haar de
boven genoemde Effecten en slaven volgens kun„
ne gemelde Testament heeft na gelaten, en
welk met dien Nalatenschap, heeft den Onder
„geteekende dezelven Eenige Jaren met alle rust
en vergenoegt gejuiseerd en Op dezelver Effec„
„ten bewoont.
Egter tot des Ondergeteekendes grote Onge„
lukkig ofte wel Noodlot, is er den persoon van
Eener Gedrge Albertus Cancryn, by den onder„
geteekende komen te verkeeren, en den onder„ ƒ get: met List en bedrog, weste den Onderge„
„teekende te verlyden en te Bepraten om met
hem Een tweede huwelyk aan te gaan, het
welk en door het lang aanhoudentheid van
dien
dien George Albertus Cancrijn, heeft den Onder„
„get:s /die door het Zwakheid der aller meeste vrou
wen zyn bezielt:) hebben laten Overhalen om de
Verzogtene Een tweede huwelyk met hem George
Albertus Cancryn aan te gaan en dit, met Beden
kinger, dat hy Een Eerlyk en respectabel Persoon
Was, en ook dat hy van Een respectibel Ouders
Zynde.—
Dat, en om dien reeden; heeft den Ondergetee„
kende bij zig te rade gegaan, om Een zulks tweede
huwelyk, met dien George Albertus Cancryn aan
te gaan, en dat met meenende om Een man
te mogen hebben, om des ondergeteekendes loree„
rende affairessen, die Vlaar te neemen en desel„
ven te bestuuren.
Dat na dat den Ondergeteekende, de Verzogtene
Een tweede huwelyk met dien George Albertus
Cancryn zyn aangegaan en wettige hebben
laten Solemniceeren, heeft den Ondergetee„
kende met aller grote leedwezen Ondervondenden
dat dezelve haar tweede man George Alb: bancry
door zyn gedrag, teegens den Onderget: van Een
gemeene Cdracte zynde en hebbende ook Een
ge Sentement en Condiniten, en te meer Een
Verkwisteldar en doorbrenger was—
Welke door alle, en meest alle alhier zyn bekend
dat dien George Alb: bancryn door zyne doorbren
gen en verkwisten, den Ondergeteekende, thant ge„
renueerd en Ongelukkig En in Een armoedige
staat gebragt.
En Dat met het verkoping van des Onderge„
teekender bezittigen van Een gemelde planta„
„gie of kondekje genaamt kent uw zelfs en
dit aan De Heer Willem Panneelik voor
P„:o /00 „ — „ - Als meede 8 koppen slaven, en
dit aan divirente leeden, te weeten
Een Neeger genaamt Manuel
Een ditto Nando
Een ditto Ponies
Een ditto Juan
Een Negrin „ Maria
Een -- ditto Catalina
Hosep. of gen„t Chepa Een — ditto
Een ditto Martha.—
Beneevens alle, hars Ondergeteekendes Beestia„
„len, te Woeten.—
80 schapen, groot en klyner
20. Cabrieten ditto en ditto
1 Reypaard
2 Meerriesparden
305 schepel Kalk
40 Ditto Piendes
En alle de Mais dat er in de Magazyn of Schui„
„ring waaren.—
Seevens des Ondergeteekendes Lyfcieraarden
als, 2 of Een paar goude hand en Een ditto
hals bootje &l:r
En dat, zonder dat dien George Albertus
Cancryn aan den Ondergeteekende heb opgegee„
ven ofte Reekening of verantwoording gedaan,
voor hoeveel hy dien boven gemelde slaven
gl:r heb verkogt en Ontfangen hebben.—
Dat niet teegenstaande, heeft dezelve George
Alb: bancryn alle het geld dien hy van ge„
melde plantagie of kanoekje, slaver en
de
„de andere Goederen heeft gemaakt, gekreegen, en
Ontfangen, voor zig gehouden, en zonder den Onder„
„get„s niets hoegenaamd daarvan dezelven te
geeven.
Egter vermeende den Ondergeteekende, de helft van
deselve ontfangene penningen is toe komende, Want
met het separeerde van twee Egte Lieden /: onder
Eerbiedig Correctie gezegt:/ Dan moet er Een
Publicque verkoping van deszelfs Effecten, sla„
„ven, Meubelen &c„a Weesen en ook na dezel„
„ven verkooping, ieder de helfte van de bekome„
„ne Netto provenie moet hebben, maar niet
dat, Een alleen, alle dezelven gelden ontfan„
„gen en voor zig houden, zo als dien Geörge
Albertus Cancryn ofte desselfs Curdioir of
gemagtigde I:s C: Van droep gedaan hebben.—
En nu, met aller grote surprise, heeft den On„
„dergeteekend voor zeekerheid komen te Infor„
„meeren dat dien George Alberts Cancryn of„
„te dezelven gemelde Curatoir of gemagtigde
I. C: Vandroep, zig miet hebben ontzien of
aangemagtigd om de voorgemelde betrankeerd
stukje grond of zo genaamde Saavan gepas„
seerde Week aan Een Jan Oberch hebben
Verkogt., zonder des Ondergeteekendes weeten.
Dit is dat, dat den Ondergeteekende met alle
Eerbied en Onderdaning, de vryheid neemende
aan zyn Excellentie Hluster kennesse voor
te dragen en te brengen, dat dien genoemde
betrankeerde stuk grond of saavan, door den
„zelve moeder aan haar Onderget: heb=
voor P: 100. verkogt, en hebbende vermee„
nen
nen dezelven te behouden, reedenen; dat des
Ondergeteekendes gemelde Moeder, en desselfs
Eerste man Nicol=s Hansz en verdere Haast
„bestaande zyn daarop begraven geworden, en
ook met den kuyze dat des Ondergeteekendes
verdere familien en haarzelfs by deszelven Over„
lyden te doen begraven, en ook, dat den Onder„
geteekende in haare Oude dagen daarop te mo„
gen wonen.
Egter, dat, dat gemelde Van Obergh het ge„
melde betrankeerde stukje grond of Sadvan
heeft gekogt, is hy met Eenige zyner geselschap
gepasseerden zatuurdag den 16 deeser maand op
desselfs ondergeteekende stukje grond of saa„
„van, Onverwagt gekomen, en den Ondergeteek
te kenne gegeeven dat hy dezelve gekogt.
hebben, en ook teevens directe processies van
genomen, en den Onderget: heb doen vertrek
„ken ofte verhuysen, en twee Neegers die
hy meede gebragt hebben dezelven tot wugters
dadrop gezetten, als meede, heeft hy Jan Oberch
alle zyn Beesten dien hy op zyn andere plan„
tagie hadden laten komen, en dezelven laten
in en op dezelve stukje grond of Jaaren wyden
en alle die mais die de Ondergeteek:r en ook de
lank vrugten hebben laten planten heb laten
opvreeten vernield; en dat welke maes en
andere rank vrugten den Ondergeteeken
de heeft gedagt Een oogst daarvan te mo„
gen hebben tot voedsel en Onderhoud van des
Ondergeteekendes Oude dagen.—
Dat ook met alle dien verkoping van des
Ondergeteekendes Eygene Effecten, slaven &c„r 70
als hier voren en boven gemeld staat bevind den
Ondergetn zig thans in Een Bittere armoe„
dige staat zyn geraken, Ia Zelfs tans geen
wooning en hebben om haar Oude en de toeko„
„mende zieke dagen te rusten, ofte des noods
te gaan Beedelen.—
Reedenen van alle het geene dat den Ons„
„dergeteekende de Vryheid neemt zyn Excellen
„tie per Schriftuur deeser voor te dragen. an„
zo is het dat den Ondergeteekende met alle
Eerbied en Onderdanige Verzoek, dat zijn Ex=
cellentie geleeft te behagen en daar in te
voorzienen, om des Ondergeteekendes gesepa„
reerde man George Albertus Canchyn ofte
deszelfs zo genaamde Curatoir of gemagtigde Pn
l: Dandroep te laten aanzeggen of des noods:
te Ordonneren om aan den Ondergeteekende en
Een Erakte reekening en verantwoording van
alle dien verzogtigen Effecten, slaven & l:t en elden
de Ontfangt van derselver penningen te doen.—
Dat, om dat den Ondergeteekende de helft
van derselve penningen te mogen krygen of te
hebben.
T welk doende Ul:r
Suracao den 21 Decem WVGf datis het f merk teeken
ber 1820 van Maria Margaritha
Als Getuigen by de Teekinge thans gesepareerde huys
Poes Jan M. Daal vrouw van George Albertus
Ab:r D' Leao Nures Panerijn.—
De Rekwestrante is, op eene door ons op heden ge„
nomene dispositie aan den Raad van Gevile en
Criminele Justitie gerenvogeerd. - Curdcao den 22 Decer
„ber 1821
WG Cantzlaar.
No: 73
Aan zyne Excellentie Din
Schout by Nacht Gouverneur van
Curacao en Onderhorige Eilan„
den E:r a
Geven met verschuldigden eerlied te kennen de En„
dergeteekende Inwoners, Planters en grondeigenaars
in dit Eoeland; dat zy hunne levendigste koopen
verwachting hebbende gesteld, dat by de vermindering
of afschassing der belastingen, geregtigheden, Pn wel=
ke nog by UwEd„e aankomst de bewoners zwaar„
lyk drukker, ook de 40„te penning /oude begre„
pen zyn, doch dat zy vernomen hebben, dat de
Commissie gesteld door Uwe Excellentie tot onder„
zoek welke belastingen zullen blyven en welke, af„
geschaft worden, van gevoelen is, dat de belasting
van den 40:te penning op de Hijpotheeken behoord
te blyven, en wel uithoofde deze belasting in Neden
land zoodanig plaats heeft.
Dat zy requestranten de vryheid nemen Uwe Ex
„cellentie te doen opmerken, dat zederd deze Colo„
„nie in den Iare 1634 onder Nederlandsch bestuur
is gekomen, de Hypotheeken altoos zonder deze
belasting zyn gepasseerd geworden ondanks alle de
wetten, die in Nederland daar omtrent mog ten be„
„staan hebben, en zonder presuditie van eenig per„
„zoon; Ja dat dit gebruik en gewoonte, welke
de localiteit van dit Eiland gebiedend vordert, als
eene plaatzelyken wet kan worden beschouwd, te
meer, daar alle de Cocale Wetten der West- In„
„dische Eilanden zoo veel van de Europeesche ver„
schillen, aangelang derzelver ligging en luchtstreek
Dat in den Jare 1812, door het Engelsche
Gouwver
Gouverxement, de zoo genaamde Gouversiements Ten
is gebouwd, en dat daar er geene genoegzame fondsen
hiertoe aanwezig Waren, en men dacht het toenma„
lige moederland niet zoude toestaan, zulks uit de
Coloniale kas wierde genomen, deze belasting op
de Hypotheek en eerst is ingevoerd, en dat uit die
belasting de kosten van opbouw van gemelde Den
reeds lang ruim zullen moeten zyn bestreden.
Dat de voorn: Commissie uit Inboorlingen of
Oude Inwoners dezer Colonie bestaande, en van
Wier Welwillendheid wy overtuigd zyn voor de
instand blyving dier crukkende belasting stem„
me, veroorstellen wy daarom dat zy af met den
Waren toestand dezes Eelands en deszelfs Inwonen
niet genoeg bekend zyn, ofzelven in gerusten Over„
vloed leventde, het drukkende niet bezessen van
eene belasting welke by gedurige Transporten
der Hypotheeken, met verdubbelde zwaarte
Prangt.
Dat deze Ongelukkige bolomie, waar de geheed
„le landtouw zich tot weinige levensmiddelen be„
paald, die dekwyls nog schaarsch ingezameld was
ten, de arme landbouwer ondanks allen zynens
arbad, naauwelyks zesten Honderd zuivere
Winst van zyne Capitaal kan erlangen en dat
des rijke Capitalisten zelden of doit Tuinen aan
kopen, maar zulks aan die genen overlaten, wot
ke zonder dodelyk bestaan en vaak met een
groot gezen gedrukt zynde zich nog blyde ree„
kenen, eenen, Tuin op Hypotheek zich te kun„
nen haffen, om zich de zynen door noege„
lyken arbeid, zorgen en opoffering van de meed
te genoegens des levens, te roeden werkelyk verder
van hunne Hypotheekhouders afhangende en by
drooge Jaren niet in staat zynde hunne veel
gelukkiger negers te voeden. Hoe dus, na de
betaling der 30„tte penning en andere Transport
kosten deze belasting op de Hypotheeken, wel
„ke vaak met den koopschat gelykstaan, zon„
der het knellendst bezwaard kan geher en
worden, laten wi aan het bekend verlicht oor„
deel Uwer Excellentse over, de vryheid nemende
eerbiedig verder Uwer Excellentie onder het oog, dat
deze belasting voor de eigenaars van huizen of tui„
„nen zeer kinderlyk en, herwourd is, Immerswoor„
„den de meeste kopen en verkopen hiervan Ouds
her by vuiling of Brocantage gedaan, zoo dat
beide effecten met Hypotheeken bezwaard en
de Contractanten over en weder kopers en verko„
pers zynde deze belasting oneindig drukkenden
wordt en inderdaad tot groot nadeel van velen
het kopen en verkopen van Effecten (die toek
hier allen byna bezwaard zyt) belemmeren en
het Transport daarvan verhinderen.
Dat by den Ongelukkigen geldeloozen toestand
dezes Cilands, geenen meerder lyden de arme Grond
en Landeigenaars welker Effecten met Hypothee„
ken zyn bezwaard, een deels, om dat het thans
onmogelyk is, geld ter leen te bekomen tegen de
gewone rente van zes pcto, daar zy welke Con„
„tante penningen bezitten, dezelve gemakkelyken
en vry voordeeliger weten te plaatzen te meer
daar
daar zulks hun ook beter voorkomt, dan hun
Geld in den handel te gebruiken, uit Welke terug,
houding van Oivenlatie eene der grootste bron„
„nen des Onkeils van dit Eeland ontspruit- Ten
stweeden, dat daaruit eene aanmerkelyke vermin„
dering vande Waarde der Effecten is voortgevloeid
zoo dat zi meestal thans slechts dehalve waar„
„de hunner oorsprongelyke koopschact hebben,
gelyk wy onlangs by de verkoop van drie vala„
bele Effecten helaas hebben gezien.—
Het is om alle boven aangevoerde redenen,
dat de ondergeteekenden eerbiediglyk verzoeken,
dat voor en al eer, door de gemelde Commissie
de voortduring der drukkende 110 stepenning op
de Hypotheeken Definitief worde bepaald het U„
„wer Excellentie behagen mogeuit aanzien van
den ongelukkigen toesland der Grondeigenaars
deze belasting afteschaffing, ofte opteschorten te mee„
daar reeds ten dien einde door een aantal grondenge
„naarsen, andere Inwoners een Rekwest aan
Zyne Majesteit onzen Geeerbiedigden koning
en Ianuary van den Iare 1818 is gepresen„
teerd- of zoo deze wel gebiedend mogte blyven,
die belasting op een kwart percento te doen ver„
minderen.
Curacao den 8 december 1820— DeWelk doende vO: Scr
VG. Sam Lyon WGJ Jeosuak Esola
Dirk C Neuman AGumera
Philip Lyon ban de D G Cassseces
Johr Oorser G.M: Ellis
:t G: Lesselaar Thomas Taylen
Haim Abenun de Lima „ W: Leseur
G: J: Hoge
ƒ2119/: G:J. Hoyer 1746/ M:r G Hoijer
„ G Studdels „1 G: Buickinck
„ Joseph, Pearse „ Petronella Duyckinck
„ Geörge bureel J:A.O: Romer
„/ Const: Schotborgh. ƒ Hendk Hommels
„Clement Leyha C:C: Komer „1
„ Dirk Bristen basten Meijer
„ A H. Senior Weduwe P. Marten
J„ J F:G: Zuegler Fred:r Wm Recao
JG Vos Jan 1 Weduwe Gisbert V Deurm
„ D Gaerste J: „/ Jan H:r Henricus
„ C: Spencer JBeu: F Cerdero J/siera
„1 Sch:s H. Apitsz I.V.M. C. Henriquez
„Borvid de Abrahan Denrun „„ G.G. v. Paddenburgh
„ Moizo bardozo „ /Mos: Henrig Juliao
D Schlemm
„ / AW. Hellmund
„1 S:o Machoro „/ F Montanus
„ Man:r Penso „/Jacob de Jeos Naar
„ E I. Henriquez. /„1 Benjamen Seseeran
Eliao Lopen „ Mighel Cambiaso
„ H: E: Trant 1„/Is: Mbinun De Lima
„OM Dacostas „J Louis Paccluer
„/ I: Lingstuyl N:o 7 /„De weduwe Joh Martijn
„ Pieter hildebrand /„/ A G: Rampelenberg.
Abm Jesurun „/ B.A. Correa.
JP. Reevers „ 1 Gab:r Jansz Muskus
J:H: Putting ettz „ Wedu: D:s Barends
„/Isaac. H. Moron „/ Aron Pinedo
Th: S:t Jago Leuba „M. Gradi
1„/ Mosch: d Eleao Poenso A Matteij
Ab=m Severeyn D Weede Sabros
„/ Tred=r Hueck 1„M E. Philips
1WGJ Ab:m H:k Juliao JG Jacob de Castro
„/J Rarent Weed: Ab:m Pinedo
„/ I. Pontelius Jacob Senior
G. Raren 1 „ /Christoffel Mantisz
P PKoeyers /Maria. J. Vranken
Seosuak Rep:l Henuigus /Sanette Catharina Vos
Moses Jesurien 11 Wedr I E Gaatman
Weduwe Lyl
I.M Ellis
Schac de W:m DLWarschena Wed:e Engelbronn
Mosch de Marchend
Jan Smit
B. Obergh
„/ Mord/ de Teos Heruquez
David beken H=r
Gabriel D C: Gomes
J„ Arisen („Ester DaCosta Gomes
W D: J: P Trappenberg / „ Barth: Henok: Kegel
J P Venha „/ Jan Hendk Obergh
„ David Lopes Conseca DGCasserer
Ishac: Febr Henrig Cotine /David Abinun De Lina J=r
„/Weduwe Heshuisius C. CWm C. Hoger.
„JJ Capriles
/ Joh:s P. Evertsz
De Rekwestianten zin tot narigt aangeschee„
ven geworden dat op hun rekuest, om gegronden
redenen, geen regard is geslagen.
Curacao den 22e December
1820.
JWG: Bantzlaar
No: 84. Aan Zyne Excellentie den Hoog
Edele Gestrengen Heer P: R: Bant
„laar, Kidder der Orde van den Nertei„
landschen Leeuw, Schout by Nacht
en dienat van zyne Majesteet
1den
„den Koning der Nederlanden, Gou„
„verneur, over de eilanden buracat,
Benaire en Arsta en Opker= Be„
velhebber van de Zee een Land Magt
aldaar Hr &r 2sr
Met dien eerbied, welke aan den perzoon, van
Uwe Excellentie verschuldigd is, geeft te kennen
Anthonij Beaiijon, enboorling van dit eiland en
klerk ten kantore van den Raad Contrarolleur
der Financien
Dat de suppliant sedert den Overgang van deze
kolonie aan de Nederlandsche kroon, op den 4en
Maart 1816, toen naauwelyks zyn 16 Jaar bereikt
hebbende, als klerk op dat buredw is aangesteld eers
„tegen een Iaarlyksch salaris van Zes honderd,
guldens of drie honderd en Zestig Pezos van ach„
„ten en naderhand, in Ianuary 1817 verhoogd op
zeven honderd guldens of vier honderd en twintig
pezos van achten, en dat de suppliant geduren„
de zyne dienstjaren, door Vlyt en oppassendheid
in zyne werkzaamheden het geluk heeft mogen
geneesen, zoo wel van den heer Raad Contacol,
„leir HI. Nuboer als van den heer 6l van
Uytrecht, dat ambt thans adenteum waarnemen
de, de goedkeuring te verwerden.—
Dat de suppliant in het vervolg toen de
post van boekhouder by den Raad van Admi
nistratie over het Pensioen fonds dezer kolo„
nie, door het overlyden van den toenmaligen
boek.
„boekhouder A: S: Delvalle racont geworden was, het
genoegen heeft gehad van zich door dien Raad onder
zyne Jonge mede ambtenaren te zien onderscheiden, met
deszelfs keuze op hem te laten vallen ter versulling
van den genoemden vacant geworden post, tot de
Waarneming van welken de Suppliant het groots te
gedeelte zyner ueren van uitspanning heeft moeten
oposteren en als nog moet opofferen
Dat de gewesen heer Gouverneur Generaal ad in„
teum M=r I.J: Elserier, toentyds fungerende, uit aan
merking van des suppliants meerdere werkzaam„
„heden goedgevonden heeft in de maand October dezes
Jaars des suppliants tractiment met zestig Dezos
van Achten d' Jaars te verhoogen, en hetzelve daar.
door te brengen op veer honderd en Tachtig Dezos van
achten, of acht honderd Guldens in het jaar, wel„
ke Salaris de suppliant heeft genoten tot met den
aanvang der nieuwe reorganisatie op het plan van
beruineging in dato 16en November h: a: Pedert neti
tydstip des suppliants salaris tot zyn leedwezen
en teleur stelling is gereduceerd tot op vijf honderd
en vyftig Guldens of drie honderd en dertig Sezos
van achten.- Eene vermindering welke den suppli„
„ant in zyne omstandigheden eenen zeer gevoeligen
slag heeft toegebragt en hem noodzaakt, als hoe
genaamd geene andere bron van bestaan hebbende,
thans weder tot last van zynen ouden vader te
moeten vervallen, die, alhoewel voor deszelfs ge„
trouwe diensten door zyne Majesteit met een pen
Tioen
Ailanden ete. Vtc.
soen beloond, echter met een zwaar huishouden
belast zynde, verpligt is, de grootste zyinigheid in
het 00g te houden.
Dat de suppliant, zyne personele omstandigheden
voor een Oogenblik ter zyde stellende, als by des slyks
administratie niet zoo zeer in aanmerking komende
met allen eerbied voor, en met de volledigste onder
wersing aan, de Wijze besluiten van Zyne Mases„
„teit, onzen geliefden koning, de vryheid moet nemen
aan Uwe Eycellentie, als hoogst deszelfs vertegenwoor„
diger in deze kolonig, onder het oog te brengen.
Vooreerst De veelenddige werkraamheden van
het burcau waarop de suppliant als klerk is ge„
„plaatst in vergelyking met die der andere kantaren,
welke werkzaamheden, ofschoon door de afschaffing
der inzending van eenige weinig van aanbelang zyn
de stukken, eenigzens verminderd niettemen door het
afdanken van twee klerken, voor den suppliant mer„
„kelyk vermeerderd zyn, en zoo zelfs dat de heer Raad.
Contrarolleur ad= inteum genoodzaakt is geweest, eenen
der afgedankte klerken privatelyk aan tenemen, ten
einde de voornaamste der gezegde verkraamheden ge„
regeld aan den gang te houden.
Ten tweeden Dat de suppliant bruten dien, zich
in zyne misturen onledig moet houden met de werk
zaamheden verknocht aan den post van boekhou„
der by den Raad van Administratie over het pen„
iven sonds alhier waardoor de suppliant, als het
Ware
wore zich geheel en al in de Onmogelykheid ge„
steld ziet, om iets anders buiten kantoorstyd by der
hand te nemen, waardoor hy de door hem geledene ver„
mindering op zyn salaris eenigzins zoude kunnen ver„
goed zien.
Als Uwe Excellentie nu hier tegen over gelieft in aan„
merking te nemen de oneveneedigheid welke ter plaats
vind tusschen de tractementen der klerken van andere
burcam en die der genen op dit kantoor geemployeerd
dan durs de suppliant zich met de sheelende hoof„
vleyen, dat Uwe Excellentie van de billyke re„
„denen vertuigd zal zyn, welke den suppliant nood„
zaken, zich met alle ootmoedigheid te keeren tot
Uwe Excellente, nederiglyk verzoekende, dat het
Uier Excellentie gelieve te behagen des Suppul„
„ants tractement op den vorigen voet te bepalen,
of zoo als Uwe Excellenke naar deszelfs wys doorzigt
en reeds aan den dag gelegde regtvaardigheid, zal ver„
meenen te behooren.
Curacao den 22 December T Welk doende.
JW. G Anthony Beaijon 1820.
Met voorkennis van my
JWG. OL van Uytrecht
RContr ad= int d7
Op des Rekwestrants verzoek zal een Cavorabel voor„
dragt aan zyne Excellentie den Minister voor het
Publieke Onderuys, de Natonale Nyverheid en de
Kolonie worden gedaan.
Voor kopy Konform Ourdedo den 23 December 1820
De Govoernementr Secretaris
WG bantzlaar 4
Web Duyckroek
Ailanden ete. Utc.
Aan b: 4: M: Brik Mercuur
Kopij
In de S:t anna Baaij te bura„ Duplicaat
Cdo den 1 Oct: 1820.
Ingevolge Usver Excell: bekomene orders in dato
28„e Augustus N„o 333 en die van 7 Sept: No 56 zeelsder ik
naar zee onder Convooij nemende Een vaartuig bestems
naar Puerts Cabello den 11 Sept: arriveerde in die Ha„
ven en zulde van dezelve weder na een Uur toe„
„vens koers stellende noor LoGupra alwaar den 15 Sep„
temb: aan Land gaande ’t berigt ontving dat de schoe„
ner Brunette welke de Holl: Vlag voerde; welke ge„
laden was met Proisien door ’t Spransch Gouverne„
ment bestemd naar Cumana aan t adres van Een
Spaansch Antoriteit aldaar op den 24 aug: Hb genomen
Waren, en te P:t Marquerite opgebragt; na ontvangst van
dezen tyding stevende ik naar laastgem:e Eiland al„
waar den 22:e ten Anker kwam: Den 1:e Pt kikkert, naar
Land Depecherende met een missive door my aan de
Gouverneur van dat Eland geschreeven waarby re„
„clameerde de terug gave der Schoener Brunette in
dezelvde gesteldheid als dezelve by de neming waren
Ontving tot antwoord eene missive waarvan d’ Eer
hebben Copie ten dezen te annexeeren ik beryste in
het zelve, nam het vaartuig onder myne bescher
ming en zalde den 23„e met dezelve haar La Guyara
alwaar den Eigenaar derzelve den Heer Bing die
met mij waren de schooner verlangde te hebben den
25:e Sept: kwam op die Bheede ten anker van waar
weeer zeilde den 26e en na myne koersen gesteld
te hebben by de Eilanden Aves, Koca en Bon-aire,
liep ik den 29:e S'avonds in dezen haren binnen„
My blyft nog Bverig UHEdGest Rapport te doen
Aan 'ZE. De Gouw:r Gen:e
A. 7. dezes en onderhoorige
Alanden ete. Ute.
van de klagten van eenen Schipper L. de Wrseth
door Uw Excellentie by missive van 31 dug No 55 in
Myne handen gesteld; Het komt my voor dat het
zier noodzakelyk zij ik met myne onderhebbende
bodem eenige tyd ga kruisen waar de Hostileiten
gepleegd zyn aan gem„e Schipper voerende de
Nederl: Golet Dorothea en ’t my gelukkende met
den zee Roover of Insependente kaper zo als hy zigde
ook zal noemen intevallen met hem te handelen zo al„
My dan t best zal voorkomen om de Neder: „ „ „ Hag
te doen eerbiedigen. — Hiertoe de bevelen van uwe
Excellent: te mogen ontvangen zal my aangenaam
zyn, het zal egter altyd voorzigtig wegens met die
kruistogt te sipercedeeren tot de expiratie der
Orcaans maanden.
De Oudder en kapt D: ter zee
WGH W de Quartel
Voor kopi konsorm
De Gouvernements Secretaris.—
Wr Tring
No 200:
Translaak
Suan Greego 27 September
1836.- 10
Min Heer
Ik heb den brief waarw UEd de Schoener Brunitta
reclameert ontvangen, en in antwoord, het ins de
Eer te zeggen dat het gemelde vaartuig, dooor een
der vaarttugen van oorlog van de republiek ge
nomen is geworden op deszelfs reis van La Guar„
ra naar Cumanu geladen met levensmildelen
voor rekening van de spaansche Natse, gelyk
zulks gebleken is uit de papieren aan boord gevon
denDien ten gevolge is de schoener door het
Admiraliteits Hof dezes Eilands gejugeert en, in„
gevolge het regt van oorlog, is de Lading gecon„
demneerd, terwwijl het vaartuig gehouden is ter
dispositie van den schipper, aan wien de vragt
penningen zijn toegekend; Het vaartung zoude
reeds voor vele dagen geleden van hier vertrok„
tien zyn indien hetzelve daarin niet was ver„
hinderd door een algemeen beslag het welk
als eene in oorlog zynde Natie, noozakelyk is
geoordeeld geworden, ten einde onze Militaire
peratien ten uitvoer te brengen,
Het zal my veel genoegen geven UEdsten
mynen huize te mogen zien, wanneer het
UEd mogte goeddunken, en ik koop dat noeh
Uwe bezigheden noch ompasselijkheid mij
Van
Kopi Duplicaat
Van die Eer zullen berooven
Ik het de Eer te zyn
Mijn Heer
Urd zeer Genodezame en alzer
Onderdanigste Dienaar
De Generate Majoor & Comm:t
Generaal der Marine van de
Republiek van Columbia
WG Lino de Clemento
Aan den kapitein
Luitenant H W de quastel
Door mij
Nidder van de Militaire Willemz
nog/ M Ricardo
Orde Commandant van de Brik
Gouvrs Int 4
P„:r ad Intmn Mercusur van 2 M den Koning
der Nederlanden
Voor kopy konform
De Gouvernements Secretaris
W ing
N:o 199
aan b: Z:M: Brik Mercuur
Kerpij Duplicaat
Den 6=en October 1820
Daar voorge kommandanten van Z.M:
Bodem alhier, gestationeerd geweest zijnde, zu
hebben geaddreseerd aan Z: E: de Minister van
Marine; zo voor hun zelve als ook voor de
H:r officieren onder hunne orders Dienende
om eenig Augmentatie van tractement en
geene anderen Dispontien daarop gevallen
zynde als dat men zulks uit de convooijge„
den zou kunnen vinden, t geen myns inzien
zeer moeijelyk zo niet ondoenelijk zy in
overweging neemende de zo weinige vaart
die thans hier zy. zo neeme ik de vrijheid m
reellentie over gezegde poinct te adieeren
uw H: Ed: Gestr e verzoeken om tot eone kler
ne te gemoet koming van de meerdere onko„
ten die men hier meer verpligt is te ma„
ken als in Eurspa aan De H:r van D'Eta„
Major van Z:M: Frik gem=e Eene toelaage uit
de koloniale kas te accordeeren de situatie
derzelver zulks egter niet permitterende; als
dan een gelyk quantiteil Brandthout, alsaa
de Hr Officieren van t Guarnizoen zij toe
gestaan
Met verschuldigde achting verblyve
Den Ridd: en Kapt: L=t ter zee
/W9/ H: W: de quartel
voor kopy konform de Gouvernements Secretaris
en Gouvern: Gen: d: 7.
dezes en onderhoonge hilan W Trin
den. R:t . &C
No 198
Kopij Duplicaat
Curacao den 6en October 1820.
No: 445
Gezien hebbende dat wwrd op de maandelyksche reke
ning over de verlopene maand dezen morgens bij mij ont„
vangen, onder de posten waarvan dwrd vyf percent
commissie berekent, ook gebragt heeft de som groot '
7.994„ 3.2. welk door de commissarissen vv den bos
del van den gewezenen ontvanger Generaal M: schot„
borgh G=t, ingevolge resolutie van den Raad van
Policie. dd 25„n September lb in de koloniale
kas, gestort is, zoo vind ik mij verpligt, uwrd: te doen
verstaan, dat ik op die som geene berekening van eoin
missie. kan gedogen, vermits het penningen zyn, wel„
te als het ware door of van wige den voormelde
rewezenen Ontvanger Generaal; in gedeeltelyke beta„
ling aan de koloniale kas gegeven worden, voorgel
den welke hij werkelijk ontvangen en waarvoor he
reeds commissie genoten heeft, doch door franduleuse
administratie, niet heeft kunnen verantwoorden
UwEd: wordt derhalve hierby aangezegd om de daar„
op berekende commissie ten bedrage van Drrie hou„
derd negen en negentig Tezos van achten vyf realen
en vif stuivers weder in de koloniale kas te storten
en het bedrag te brengen in ontvangst op de rekening
van deze maand
Ik het de Eer te zyn
De Raad Contr Gen:e adint=m der fin
10g C: L: van Uytrecht.
voor kopij konforn
de Gouvernements Scretaris 1
Den WelEd Heer
H:r Gutting W Brink
ontvanger Gen:e ad int=rs
No 197
kopij duplicaat Aan boord Z.M: Brik Merkuur te
Curacas den 9 October 1820.
Mij is geworden de Dipontie van uwe hreellente
van 5 October a.c. waarint ontware uw Hoog Ed: Gestren
ge t verzoek gedaan bij mijne Missive van 6 dezer
om eenig toelaag uit de koloniale kas of wel brand
hout, zoo als aan de officieren van ’t Garnisoen en
inderen worden toegelegd aan de Heeren van de Etar
Major van dezen Bodem te accordeeren, in advys wo„
den gehouden en wel om redenen dat wylen Z: Ex„
den viee Admiraal in dato 10 October 1818 dus nu twee
laren geleden daarvan een berigt aan het Ministeren
voor het Publieke onderwijs de Nationale Niverheid en
de kolonien heeft ingezonden - na welk ingezonde
en a costij ontvangen berigt hier de Dispontie van ’t
Ministerie van Marines is ingekomen; welke de Eer
had uw Excellentie bij myne gemelde missive met
te deelen, en alzoo in Europa zoo 't my voorkomt
als een afgedaane zaak geconsdereert worden
Ik moet in de Dispontie van uw Excellentie bi
ven berusten maar het grieff mij te zien; men zoo
zwaarigheid maakt om aan de Heeren zee ofper
ieren een vadem Brandhout per maand. toe te staan
daar er zoo vele zijn, die dit voorrigt genieten die
met hun compleet in het zelfde geval zyn van
hier hunnen Diensten te presteeren.
Ik verzoeke by dezen tevens Uwe Excellentie om
myn gedaan voordragt om eenig toelaag niet na ee„
ing. Ministerie te Ranvoijeeren.
willende daar geene klagten in zenden over ’t
Secunielle; daar het op eene Huishoudelyke manie
hier
hier had kunnen geschieden, zoo het ik op aanzoek
mij daartoe gedaan dit verzoek aan uw Hoog
Ed Gestr: voorgesteld; welke my leed doet gedaan te
hebben; aangezien het my voorkomt van killend
veronderstelt dat myn verzoek niet billijk zy
de kapitein Zuitenant ter Zee
/w9/ H: W: de quartel
voor Kopij Konform
de Gouvernements Secretaris
V Brink
zyne Excellentie
den Gouverneur Generaal
van
Curacao
No 196
Kopy Duplicaat Ouracao den 9=e October 1820
De Raad van civile en cumineele Justitie accu„
seerende de ontfangst van uiver Ercellentis Missive
d d. 25 September hujus anne, heeft de Eer ter
kennisse van Uwe Excellentie te brengen, dat de
leden van den Raad Individueel over dit print
hunne advieren zullende inbrengen uwe rrullen
tie solliciteiren aan den Raad te willen sup„
pediteeren: een remplaar van de grondwet voor
het koningryk der Nederlanden, als ook van het
staatsblad.
De Raad, van Civeele &: Crimineele Justitie om„
hetst deze gelegenheid om uwe Excellentie de ver„
zekering van deszelfs gedistengueerde Hoogagting te
doen geworden
De fungerende Piendent & Raden
voornoemd.
Jueg/ W=m Webb: Duyckinck
ter ordonnantie van dezelve
109 3:t Thielen
sec:s adet=m
voor kopij. konform
de Gouvernements Secretaris
A Vring
d
Zyne Excellentie Mr J: J: Elsevier
Gouverneur Generaal adiit=n van
Curacao en onderhorige Eilanden
& N
No. 203
Kopy Duplicaak
Buracam den 12en October 1820. No 449.
Ik heb de eer hierby aan UW Hoog Edele Gestren
„ge intezenden:
Den staat der financien op den eersten dezen maand
De driemaandelyksche rekening van ontvangst en Uit„
gaaf over ’t derde kwartaal ddezes jaars, en
Der calesslatin berekening voor ontvangst en uitgaaf
over het vierde kwartanb dezes Jarrs beide in treple
Twee eenslende afschriften den maandelyksche rekening
Van den Ontvanger Generaal asenterem, oer de
Jongst verloopene maand September, als mede
De staten van de berekening ser ingehoudene een
vierde gedeelte van de Tractementen des Secretaris
van Policie en des Warenmeesters, ter overmaking
naar het moederland, beide in duplo.—
Uit den staat der financien zal Uwe Eecellentie
ontwaren, dat 'er nog eene aanmerkelike som van P 76„
van hoofd en fumilie gelden voor den eersten en 13484.
voor den tweeden termyn dezes jaars uitstaande zyn.
Ik het den ontvanger herhaalde malen zoo mondeling als
in geschrifte aangespoord de invordering dezer landsmidt
delen te bewerkstelligen, en hem uitdrukkelyke last gege
ven de gebrekige belastingschuldigen door middel van
regten tot de betaling te nooozaken; doch alles vruchteloo„
gelyk Uw Hoog Essele Gestrenge zal kunnen bemerken
uit eene hiernevensgaande hopy, van het antwoord des
Ontvangers, op myne aanschryving om te welen in
hoe ver de vervolging der onwillige belastingschuldigen
aan hoofd en familie geld in regten heeft plaats
gehoed.
De
De ppost van F: 12.- haafd, en famstie geld over 1811
zyn door David Geerste verschuldigd, die eene rekening
tegen het Land zegt te hebben voor procureins kosten.
welke rekening ik echter geloof ten laste van den gem
zenen ontvanger Generaal M Schothoryh Gt zoude heb
Een maeten gebragt worden, had B Gaeste alvorens
de rekening van den gezegden ontwanger met het Land
wat afgesloten, zich daarmede by het Gouvernement
Vervoegd. Dan zulks geene plaats gehad hebbende
ben ik vanr gemoelen dat hy daarvoor tegens het Land gee„
ne pretentie kanihebben en dus genooraakt is de
belasting door hem verschuldigd te voldoen. Uus Hoog
Edele Gestrengen beslissing hierin zal my byzonder aange
naam zyn te vernemen, ten eynde deze post afgenaam
dome.—
De post van zegelgelden grant Po 340.5 is uitstaande
onder de ambtenaren die de door hen ontvangene zegelt
als nog niet zyn komen verantwoorden.
De overige stukken welke op dit bisaan zelf moeten
Opgemaakt worden, zullen met uitzondering van de
staten van onkosten voor het Mititaire Gennisgen en
Hospitaal, uiterlyk mogens ineleverd, wworden
De reden waarom de hier evengemelde staten niet
kunnen vervaardigd worden, is, om dat het grootboek
dit hoofde van de ongesteldheid des Boekhousers van
dit kantoor, dewelke nu reeds ongeveer Vyftig dagen gedu„
heeft, drie maanden achteruit is gebleven.
De staten van den Alagarin Meester heb ik als naar
gewoonte nog niet ontvangen, alschoon er eene Gouver„
„nements dispositie de 19 October 1819 N=o 545 be„
„staat, volgens welke hy genoodzaakt is op den 10=e
van elke maand zyne maandstaten inteleveren.—
Het schynt als of de magazyn meester van gevoelen is, m
de dispositien van het Gouvernement na verloop van
tyd, niet behoeven nagekomen te worden. Eene einstige
herunnering van wege Uwe Excellentie aan den magazyn
Meester deswegens is hoogstnoodzakelyk, want aan my„
ne envitatien wordt door hem weinig acht geslagen, en
hoe is het my mogelyk aan mynen pligt te voldoen,
met de stukken ten bestemden tyd intezenden, als de
ambbenaren, die de kunnen aan my moeten in leveren
daaraan in gebreken blijven, en myne, bevelen in den
wind slaan.—
Ik twyffel geen oogenblik of Uwe Excelsentie zal de
bellykheid myner redenen van beklag inzien, en my„
in myne betrekking als waarnemende het ambt van
Raad Contrarolleur der finaicien met heb Gouverne
ments gezag ondersteunen waarmede ik met alle vene„
ratie my onderschrif
11105 Wo0g Edele Gestrengens
bereidw. dienaar
De Raad Cont Gen ad ofr
141G b E van Uytrecht
Voor kopij konform
De Gouvernements Secretaris
Hyn Hoog Ed: Gest
Mr I. J. Elsevier
W: Ting Gouv. Gen: vident.
8 8 3
EG
No 242
Kopy Duplicaat
vracao 6 October 1820.
In antwoord op uurd invitatie no 438 da
29 Sept=r ll diend, dat ik, by myne maandelyksche re„
kening over de gepasseerde mauund gien Lyst han dan
inzinden Eenige gedane geregtelyke vervolging
tegens de als nog in gebreken gebleven belasting
schuldige van Hoofd & Pamille Geld aangezien
ik tot de strenge maadregel van vervolging
niet ben overgegaan dewijl, reeds met geduld te
oeffenen. hen aansienlyke som ingevordert heb„
9 ten anderen bekend zynde met de armoede
ge & uitgeputte toestand der Ingezetene voor al die der mindere klasse heb ik dien stap van
strengheid & geweten, niet kunnen volgen. O
zoude my hoogst genoegelyk zyn indien het
my geoorloofd wordt de zagte ingeslagen weg
te blyven continueeren ten minste voor deze gehe„
le maand als wanneer zonder verdere uitstel
in de aanstaande maand November teegens
de gebrekige belasting schuldigen zal worden
geageerd, naar scherpheid van Regten. zo dat
met het Eynde van het jaar alles moet e zal inge„
vordet zyn
h
nemizh op
Ik het de eer te zijn
den ontv:r Gen adit
WG Theod= Tutting
Voor eensluidend afschrift
(W G C: L: van Uytrecht
Raad Contr: Gene. aditr. otf Den WelEd: Heere
C:L: van Uytrecht
Raad Contr Gene. aditt
der financier &. & : &
No 201
Kopy Duplicaat
No 451.
Ouracao den 13den October 1821
De Gouvernements dispositie det 12e dezer n
504 bij eirculaire van gisteren no 402 aan d
amttenaren gerigt, bij mij ontvangen zynde
neem ik de vryheid aan uw Hooghd: Gestreng
in overweging te geven, dat het voor mij zeer
moeijelijk, zoo niet veelal, onmogelyk zal zijn,
alle de stukken welke op dit bureaw zelfs
moeten opgemaakt worden, vroeger dan op
den 15des der maand in te leveren; dewijl ik
tot het opmaken. der meesten, eerst de respec„
tive stukken. der comptaibelen mort in han
eten hebben, waarvan eenige (:als de amtte
naren- dan strikt voldoen aan de dispositien
van het Gouvernement:) op den 8=en andere
eerst op den 10 den der maand, aan my ingele„
verd worden.
Het is dan om deze reden, en om wegens de in„
levering der stukken van dit burcau ook eene
vaste bepaling. te hebben, dat ik uw Hoog Edele
Gestr: beleefdelyk verzoek, den dag tot de in„
levering- derzelve, bij dispositie, op den 15=en de
maand vasttestellen, en my dezelve te doen.
langen
De magazynmeester heeft zyne staten als ma
niet aan mij bezorgd. Ik laat het derhalve
aan de bellikheid van den heer Gouverneur
Generaal zelve over, te bevordeelen, of het
mij mogelyk zal zyn, heden, aan den in
houd der op gisteren ontvangene dispositie
te voldoen daar ik toch verpligt ben, de
magazinstaten Eerst behoorlyk en zonder
overhaasting
overhaasting natezien en te contrasigneren
alvorens dezelve doon my kunnen Engelen
worden.
Ik het de eer met achting te zijn.
Uw Hoog Ed: Vistrengens dio: diena
WG CL: van Uytrecht
Raad contr Gen=l adintw tfin
voor kopy konform.
de Gouvernements, Secretaris
Dn Brinc
Zyne Exeellentie Mr J:J: Eluvier
Gouverneur Generaal ad int: Eo W:o &.
No 209.
Kopy Duplicaat.
No 73
Ouracao den 13: October 1820
Wiertij gaande heb ik de eer uw Exeellentie te
doen geworden Proeessen verbaal in triplo aangaan
de Inspectie van de bouwmaterialen aangekomen
me de twee brikschepen, Henriekte Wilheln
na Schipper P: J: Kerkhoven en de rendragt
Schipper J:F: Visser, door de Commissie getekend
Om te voldoen aan uw Exeellentie 's dispontie w
dato 29 Septemb: ll, onder n=o 483., het ik de Eer
uw Excellentie op te geven de Redenen waaro
gemelde Processen verbaal niet eerder door de
commissie zyn ingeleverd, bestaand
Eerstelyk dat er geen genoegzame loealen waaren
om de Planken, bulken Rebben en daklatten die
veel ingetal waaren by de Inspectie te kunnen
worden geborgen, waarom ook een magazyn wie
aangebouwd, en een twede opgeruimd voor de
bouw Materialen van de Henriette Wilheli„
na waar na moest gewagt worden
Twedens dat zo dra met de inspectie was bego„
nen stelkend moesten gestaakt worden terwijl voor„
al den kapt: Ingen: Abbring, als wel myn Per„
zoon, zich genoodzaakt vonden, te verwyderen van
wegens andere s lands bezigheden dewelken niet kon
den worden uitgesteld, hetwelk telkens een
afgebroken, werkzaamheid veroorzaakte waar bij nog
is gekomen, de ziekte van den derden genoemde
in de commissie den boekhouderen opper Commis„
bij den Raad Contr: Gens adintn, J: G: G: Schar„
bome, zo dat ik my dikwils alleen tevond
Derdens dat het verplaatzen en sorteere
der zwaare balken Ribben en Planken, als
mede der daklatten dewelken te zamen
Zijn
zyn uitmakende het getal van 4770 stuks
om dte meting. door den Timmerbaar, een spoeden
voortgang te doen hebben, een geruime tyd
heeft weggenomen, terwyl stuk voor stuk ma
ten: gemeten worden, waarbij nog komt het
tellen en opstappelen. van 33509 dakpannen
Vierdens dat de oprunming van een den
Magazijn waarin de zwaare mangel spar„
laagen, eerst moest plaats hebben, om zo spot
dig mogelyk de banken, dewelken: door het
leggen in de son begosten te scheuren; dire
bij de Inspectie weg te dragen; zijnde die van
de hendragt het laatst aangekomene, welk
ook door gebrek aan Magarijn als nog voor een
groot gedeelte zo wel als de rebben en bal
ken in de openlugt in het waterfort op
een gestapeld zyn leggende, en door dien w
aan bederf ondertievig zyn
Allen deze opgegevene gevallen hebben dus
een merkelyke vertraging veroorzaakt; en
vertrouwen. dus dat uw Excellentie geno
zaam overtrigt zal zijn dat met geen mog
lykheid een spoediger einde met de Ins
tie heeft kunnen plaats hebben, en vern
ne dierhalven hier mede te hebben voldaan
Verblijvende met allen schuldige Eerbied
de Magazyn Meester van al
Magazinen
20:G:G: C: Mulle
voor kopy Konform
Zyn Excellentie M„r J:J: Elsevier de Gouverhements secretari
Gouvern:r Gen:e adentm over
Curacao & onderhorige Eelander
Wrn Vrin ete.ete eti.
No 208
kopy Duplicaat.
Curacao den 14e October 1820 No 8.
Ik heb de Eer UwExcellentie hiernevens in te zenden
twee staaten van manschappen wiens tyd van dienst
geexpireerd is, en genegen zyn, om zich wederom te laaten
reengageeren.
de majoor der arrllerie, kommanderende
Z.M. Troupen op Curacao.
JW: G: Dursteler
aan
zyne Excellentie der Gouverneur Generaal a. i
van Curacao en onderhorige Eilanden
Voor Kopy konform
De Gouvernements Secaetaris
D Tris
Kopg Tuplikaat Ouracao den 13e October 1820.
WelEdele Heer
Het is niet dan na lang met myzelven on„
eens geweest te zyn omtrent het al of niet inzen
den van een verzoek aan Vwro: opzigtelyk eene
zaak welke my in het byzonder aangaat, dat en
nu de vryheid neem mij met gepasten herbied
bij wierd te vervoegen, myzelven overtuigd hou„
dende dat Mord met stellyke van myn verzoek
hetwelk ik onmiddelyk aan zijn Hoog Ed: Gestre
„gen den Gouverneur Generaal adinterem had ge
daan, indien ik geene voldoende redenen had„
zulks door middel van Uwrd te doen:) zal
inzien en hetzelve voorzien van Uwed. con
„sideratie aan den heer Gouverneur Generaal
ad interem zal voorleggen.
Het zal overtollig zyn, alhier aantestip„
pen dat ik naar myn gering vermogen alles in
het Werk stel, om, niet alleen den post van Klerk
op het burean van financien tot het waarnemen
van welken ik eene belooving van sechts soo„
sjaars erlang, maar ook dien van Boekhouder van
het Tennoenfonds, waarvoor s in de eerste drie
jaren volstrekt geene belooning kan te gemoet
zien, naa genoegen van myne Chefs waartene,
„men, vermits ik het geluk heb de werkzaam
heden aan deze beide kosten verknocht onder
Uwed opzigt te verrigten, en het derhalve on
„noodig zal zyn daarvan gewag te maken, weshal„
„ve ik overgaan zal om myne belangen Uw
necrig voor te dragen.
Alhoewel ik tot nog toe het geluk heb geha
bij mijne ouders vrije tafel en inwoning te heb
ben, waardoor ik een groot gedeelte van myn inko„
„men uitwin, zoo kan ik Uwrd echter verzekeren
dat ik van het aan mij toigeligde tractement van
P 35„- s. maands niet dan zeer bekrompen kan
bestaan. Ik durp toeh van mynen waardige
vader niets meer vergen dan het gene hij m
overeenkomstig zyn vermogen dagelyks scher
daar hij van het door ZM. aan hem toegelegd
rennoen op eene fatzornlyke wize, zijn hui
„zin moet onderhouden.-, boe zal ik het da
met myn gering tractement stellen, als ik
verpligt zal zyn het ouderlyke huis te vo„
laten en op-, myzelven te gaan wonen.
Dat het aan my trgeligde tractemen
zeer gering is lydt geene tegenspraak, im„
mers, de waagklerken en onder visitateurs
welkers werkzaamheden op verre na niet te
vergelyken zyn bij onze werkzaamheden ophe
burean, hebben aan vant tractement even zo
veel als ik, daar zij nog buitendien aan e
„lumenten eene som hebben, welke zoo niet
veel meer, ten minste in dezen neringloze
tyd, zeer zeker gelyk staat met hunne tra
„tementen. — welke voorregten, hebben die
menschen niet boven ons, daar zy veel me
inkomen hebben dan wij, terwyl hunne
werkzaamheden van dien aart zyn; dat tot het
waarnemen derzelve volstrekt geene inspan„
ning vereischt wordt, en wij met ons gering
inkomen geenen en kelden dag van het bu
reau kunnen wegblyven zonder onze bezigt
teeden merkelijk ten achteren te zetten; en
geene andere dan namiddag uien aan onze egen
Zuke
zaken kunnen wyden.—
In het vertrouwen dan, dat wword van al het bove
aangehaalde overlungd is, neem ik de vryheid
met gekastens eerbied Uwrd te verzoeken bij zyn
Hoog Ed: Gestr: den heer Gouverneur Generaal adent
eene gunstige voordragt te willen doen om my
tractement dat op niet meer dan ƒ 700„ gesteld is
ten minste gelyk te stellen aan dat den klerk
P A Charje toegeligd.- En daar uwld, niet vnke
wast kan zyn, dat men in het Moederland bij
de publieke kantoren, op een kantoor meer
dan een 1klerk heeft, en dat men de kwali„
teit van 2=e klert aan iemand geeft die slechte
kopieren kan, zoo geef ik uitz: in counderatie of
het niet mogelyk is den heer Gouverneur Gene
raal ad untm te bewegen, om aan mij de kwa
liteit van St klerk te geven, wanneer zyn Hoo
Edele Gestrenge dan niet verbonden blyft myn
tygetement gelyk te stellen aan dat van den ge„
„noemden klerk S: A: Charje naar hetzelve
zoodanig kan vermeerderen als dezelve naarge„
moede oordeelt voor mij toereekend te zyn, om mij on
staat, te stellen des noods, myne onderen van
de tot nog toe zoo liefderijk nagekomene verplig„
ting te kunnen ontstaan, of vel om myzelven te
kunnen onderhouden, indien ik onverhoopt van het onder„
houd hetwelk ik thans bij mijne ouders het, berooft.
mogt worden.
Onnoodig zal het zyn eenige drangredenen hier te
willen bydrengen om uwed tot het doen eener voor
my gunstige voordragt te bewegen, daar het genoe„
gen: hetwelk ik het van hud goedkeuring omtrent
het vervullen, myner hagten wigtedragen mij den
^volkomen
wegens ^ gerust stels.
Met
N: 207.
Met gevoel van verschuldigden Eerlied en war
hoogachting heb ik de Eer te zyn
UwelEd
Gehoorzame Tienaar
wig Anth:s Beaujon
voor kopy konform
de Gouvernements Secretaris
WelEd Heere
C:L: van Uytrecht
Bpring Raad Contr Gen.e ad int derse
No 206
Kopy Duplicaat
buracao den 18 October 1820.
2 do No 114
UWHoog Edel gestr:s Missive van den 16:e dezer met Ex„
tract Tournaal N=o 514 heden in onze vergadering gele„
zen zynde is de ndag geopperd, hoe en op welke wyze
te Handgelden aan de te Reingageeren onder officieren
en Manschappen behoord te worden Uitbetaald
het algemeen gevoelen der Leden was als volgt, 1:e dat alhier
even als Nederland de Ducaat voor handgeld dient te
werden beschouwd waardig te zyn Vyf guldens Al: 27
dat aan ieder persoon, die zich reengageerd dadelyk het
Handgeld in eens diend te worden uitbetaald en wel
tegen de Hollandsche waarde of Cours der Wissel en ten
3„ hiertoe de authorisatie van Uw Hoog Ed gestr: te verroe
ken, zoo als by deze nament den Raad van Admi„
„nistratie geschied. hopende een en ander UH Edg goed
„keuring zal wegdragen.
de Administrateurs van het
Garnisoen te Curdcao
1GJ D Krapf
Op last derzelven
Plats
Kap: Ku: Aan zyne Excelsentie den Gouv: Generaal ad Int:
van Curaaas en onderhoorige Eelanden & W Voor kopy konform
De Gouvernements Secretaris
W rin
No 265
Guarnidoens Order
Zine Ercellentie den Gouverneur Generaal al
van Curacao en onderhorige Eilanden, gezien
hebbende, dat van de 192 manschappen dezes
guarnisoen, wiens tyd van dienst geexpireerd is,
zig niet meer als 40 gereengageerd hebben, en
dus een getal van 150 man zouden moeten
gposteerd worden, en in aanmerking nemende,
dat voor zulk een getal manschappen geene dade
lyke. gelegendheid voorhanden is, om dezelve naar
het moederland te kunnen overbrengen, heeft goed
„gevonden en verstaan te bepalen, dat
1/ aan. die manschappen, welke hunne tyd van
dienst geexpireerd is, en op dit Eeland woonachter
willende blijven, zal op den dag der expiratie van
dienst, paspoort verleend worden; mits kunnende
aantoonen, dat zy een middel van bestaan hebben
of eenig ambacht willen uitveffenen.
2/ die manschappen welke hun tyd van dienst geex„
praerd is, en verlangen om gepasporteerd te worden,
en naar het moederland te vertrekken, zullen
van tyd tot tyd per eerste scheepsgelegendheid kun
nen vertrekken, te beginnen met het eende
dezers maand, of in het begin der, volgende
wanneer reeds een vaartuig naar derwaards
zal vertrekken, en wel zoo veel met ieder
schip als zulks zal kunnen geschieden, zullen
de hunne paspoorten een dag voor hun vertrek
„ inscheping uitgereikt worden, en tot dien
tyd in dezelfde graad waaren zij zig thansbe„
vinden „. door dienen
3/ die manschappen wienstyd van dienstgeexprreerd
Kopij duplikart.
is, en geneegen zyn, om zig voor een korteren
als vier jaren te laaten reengageeren, zullen
kunnen aangenomen worden, voor 3 of 2, Jas
voor Een Jaar.
47. aan die manschappen wiens tyd van dienn
geexpireerd is, en zig op nieuw hebben gerein„
geerd„ zullen op de dag der expicatie van die
zoo veele dukaaten uitbetaald worden, als jaar
dienst, genomen hebben.
5/ wanneer sommige manschappen verkiezen
mogten om van korpe te veranderen, by
voorbield van de Jagers bij de Artillerie, of
omgekeerd, zo zal zulks kunnen worden„
„gestaan en overgaan; op de dag dat hu
tyd van dienst bij hun korps geexpireerd, in
Tort amsterdam op Curacao den 1
October 1820.
de Majoor der Artillerie Ko„
„manderende J M: Troepen,
W0G Dwisteler
voor kopij Konform
de Gouvernements secretaris
1ring
No 204
Kopij duplicaat.
No 457. Curacdo den 20ten October 1820
Ik moet de vryheid nemen, Uw Hoog Edele Gestringe
kennis te geven, dat ik van den Ontvanger Generaal
ad-interim rapport ontvangen heb, dat één der debiteuren
van de een= percent haapvaarts kas, met name h= Fm
Freund, voor Schulden vervolgd, wordende, zyne eegendom
en gevolgelyk ook het aan de gezegde kas verbondene
his, hetwelk, im een zeer bouwvalligen staat is, op execu
„tie zal verkocht wordent en beducht zynde, dat het
gemelde huis, hot bedrag van het hypotheek groot P 500„
met den daaropt verloopenen interest sedert den 5en Maart
1317 à 5 pC=o 's Jaars, niet zal opbrengen, heb ik het nanwra„
kelyk geacht onder nadere goedkeuring van UW Hoog.
Edele Gesteenge, den Ontvanger Generaal ad-interim, te
gelasten ter aanmoediging van de koopers by de op„
„veiling van het huis, de volgende voor dezelve zoo voor„
„deelige als aannemelyke voorwaarden te laten bepalen
namelyk: dat het tweederde gedeelte van den koopschat
op hypotheek zal gelaten worden, en ingeval de koo„
„per meerder verband geven kan, ten genoegen van
het Gouvernement, hy als dan het geheele bedrag de„
koopschats /:op verband tegen den interest van zes ten
honderd in het Jaar:) zal kunnen erlangen, mits
niet meer bedragendende dan het hypotheek groot
Indien Uw Hoog Edele Gesteenge deze myne verrig
„long mogte goedkeuren, zal het my aangenaam zyn
deszelfs goedkeuring daarop te ontvangen
Ih heb de eer te zijn
Uw Hoog Edele Gestrengens
dw. dienaar
De Raad Contigralleur Generaal ad=
„interim der Cinangen
/w/G. C. B van Uytrecht. zyn Hoog Ed. Gestr:
W: I.S Elserier
Gouverneur Generaal ad=
onteum interem van Cura
Voor Kopy konform „cdo g onderhoorige Eilanden
De Gouvernements Secretaris 2C: vC:o NC=o
Drink
No 214.
opij dupliteaat
Curacad den 23 October 1820 2do N:o 113
Waardien de ondertfficieren, en Man
„schappen het Garnisoen dezes Eelands uitmo„
kende onderscheidene malen aanvrage ge„
daan, hebbende om vergoeding voor overge
dragen kleding stukken en voorziende
dat deze aanvrage waarschynlyk bij de op
handen zynde Expiratie van den dlens-tijd
van een aantal Manschappen weder her
nieuwd zal worden( hebben wy vermeend,
U HoogEd Gestr: attentie omtrent dit point
te moeten verzoeken
Voorts gelet hebbende op art 183 van het
reglement van Administratie en eene nader
aanschryving van den staatsraad Intendante
generaal van de administratie van oorlog
d:d: 4 April 1816 no 38, te vinden in het
recueel Militair, van dat Jaar 1=r deel
pag: 194. zoo is den Raad van Adminis„
tratie van oordeel dat aan gen:e onder„
officieren en Manschappen wel degely
eene vergoeding voor over:gedragene kle„
„dingstukken competeerd, edoch dat te„
„vens alleen aan de Manschappen met pa„
„poort afgaande, provinoneel, het bepaalde
kan: werden betaald, terwyl alle de ove
„rige dit regt verkrygen. wanneer aan de
zelve de nieuwe Monteering wordt uit
gereikt.
wy hebben vermeend deze onze sustenue
ter kennis van WWEdg: te moeten brengen
en
ten einde hier op U WEg: decisie aftevrag„
en met onze meening instemmende autho
„risatie tot de voorm:e vergoeding in contan
ten, te verzoeken.
de administrateurs voornoemd
109 d Krapp
oplast derzelven
9 Plats
Aan Zijne Ereellentie Kap:t Kw.
den Gouv: Gen:e ad Inti voor kopij konform
van Curacao en onderho„ de Gouvernements Te
rigen Eilanden & & &
Bring
No. 213
Copij duplikaat. buracao den 26 October 1820
Hebbe de eer uw Exaellentie, hier mede
te doen toekomen een bij mi met verzoek
eener gunstige voordragt ontvangen request
van den Chirurgijn der 2:e Claise T: Nijssins
s: mans langdurige en dikwils zwaare in
diensten, en onderscheidene betrekkingen, ze
ter zee als te lande; hebben ongetwyteld het
haare toegebragt, om de ongelukkige toestand
waarin hij tans verkeerd, te ontwikkelen, op
zyn verzook om huropeent tractement, wan
k het uw Excelentie in bedenking te geeven
hoe ongunstig bekrompene omstandigheden
voor zyne anders, welligt mogelijke herstel„
ling zoude kunnen worden.
hebbe de eer te zin
de Chirurgijn Majoor
W0:G J: Groesbeek Aan zyne Excellentie
den Heer Gouverneur
voor kopij Konform Generaal ad interim
te
Curaceio
de Gouvernements Secretaris
1 pring
No. 212
Kopy Duplikaat.
Curacao den 26e October 1820
Hoog Edel Gestrengen Heer.
Ter voldoening aan W7Erg: Misive van den
24 dezer hebben wy de Eer te Berigten dat den
Heer H I Nuboer in dato 13 Aug:s 1820. uitt
Amstm oms meld dat zyn Ed: in de maand October
van dit Jaar zoude naar Curacao vertrekken
met het schip de Zeemeeuw kapt:n Boning, dat
voorts gem: Heer den 3e Aug:s lb zyn afscheyd
visite by zyne Exe„ den Minister Talck had
afgelegt en dienvolgens tot de afreyze gereed
was
nog meld zyn Ed. dat de benaming van zyne
port alhier was Raad & Controlleur
met deze aan het gevraagde meenende voldaan
te hebben. noemen wy ons met Respect.
Hoog Edel gestrengen Heer
van U7EE gestr:
demeest bereidw: Dienaaren
JW: G: Schotborgh & Plats
Aan zyne Excell: den Gour Generaal ad Int van
Curacao en onderh: Eilanden
Voor Kopy Konform
De Gouvernements Secretaris 6
wing
No 211
Kopij duplikaat
No: 5
aan boord Z:M: Brik Mer
cuur in de St Anna Baas
te Curacao den 28 8bre 1820
U HeEd Gest: Dispositie van 26 dezer W:
544 mi geworden zynde waarvoor mijne
dank betuigen. zo voege, hierbij eene lys
den Heeren Officieren Of Adelb: welke
brandthout zij competerende na de het
ter van gem=e Dispontie.
de Kap. Zuit.
WG De quartel.
L: Kikkert 1 Luit
2 J:M: Tam
2 J: van Cats de Ract
C: Voogd 1=e Schrijv:
Edelb 1=e Cl: A: J: van Speyck
9: J: Galuip
Adtelb: 1=o Cl. - P:A: Salma
J: F: F: Toussaint 3 2
1=e Chirurgyn H: Schouten
Total
voor kopij Konform
de Gouvernoments Secretari
Vring
No: 216
Notulen der gecombineerde Ver„
„gadering van den Raad van Poli=
cie en van den Raad van Civile
en Criminele Justitie op het
eiland Curacao, gehouden den
31 October 1820.
Present: De Gouverneur Generaal adiute
um president.
De sungerende Raad-Fiscaal
aunterim
De Raad Contrarolleur Gene
„vaal der financien adenterem
B.A. Cancryn.
Theod„s Putting
C.A. Baron DeLaney
Raden van policie.
benevens
M=r W.W. Duyckinck, gegradee.
„ierd lid in den Raad van Cwile
en Criminele Justitie, waarnemende
het prandie in denzelven
Mr H. R. Haijanga gegradueerd
lid.
als mede
Frans Royer
W.A. van Spengler
G. Striddels.
Raden van Civile & Cuminele
Justitie
De vergadering met het gebed geopend zynde,
deelde de Gouverneur Generaal aanit: aan den
Raad mede, den inhoud eener by hem Gouverneeer
Generaal ontvangene aanschryving van zyne
Excellentie den Minister voor het publieke onderwis,
de
ooe
Kopy Duplicaat.
de Nationale Nijverheid en de kolonien to
30sen Augustus 1820, geadreneerd aan den nu
wylen Heer M=r P. B. van Starckenborgh, in
leven Gouverneur Generaal adinterim dezes
Eilanden, bij welke aanschryving kennis gegeven
wordt wegens de benoeming van den Heer B
R. Cantzlaar tot Gouverneur van dit eiland Cura
„cao en Onderhoorige eilanden.
En aangezien de genoemde Heer Gouverneur Cant
„zlaar volgens private berigten, binnen weenige
dagen alhier kan aankomen, stelde de Gouverneur
Generaal adeteum voor, dat er uit elken Raad eene
Commissie van twee leden met den secretaris zoud
benoemd worden, ten einde den Heer Gouverneur
Cantzlaar bij deszelfs ontscheping op dit eiland
af te halen en op het Gouvernements huis te
geleiden
Daarop werden de volgende Heeren in de hierva
ren bedoelde commissie benoemd
namelyk.
Uit den Raad van Policie: de fungerende Raad
Fiscaal en het lid De Larrey, geadsisteerd met
den Secretaris
Uit den Raad van Civile en Crininele Justitie
Het oudste gegradueerde lid M„r W. W. Duyckenck
waarnemende het prasidie in denzelven en het
lid van spengler, geadsisteerd met den Secretaris ad
interim.
Waarna deze gecombineerde vergadering gescheiden
JW: G:/ I.J. Elrivier
J D. Serrurier
/„ / C:2. van Uijtrecht.
J. J BKbaneryn
JW. G:
170
/W: G:/ Theod Putting
De Laurey
/ „ / Wm Webb Dryckinck
/„ J. Hr Haijunga
/„ Frans Royer
„ J W: A: V: Spengler
„ 1G' Striddels
Voor Kopy komform
De Gouvernements Secretaris
s
W Trink
maeer ege
N: 215
Ouracao den 31. October 1820.
Hoog Ed: Gestrenge Heer
Het zij mij vergund aan Uwhoog hdGestrenge myne
bezwaren, nopens het waarnemen van het ambt van
betaalmeester by het pensioen fonds ten behaeve der Ne„
„derlandsche West Indische ambtenarent alhier, met ge
Pasten verbied, te kennen, te geven
UW hoog Ed: Gestrenge zal gelieven, te weten dat ik
op last en op randringen van Wylen mijnen Schoon
„vader den Gouverneur Goneraal A Kikkert het op
mij genomen heb, het ambt van hetanlmeester by
het sonds Waartenemen, in de vaste verzekering.
dat de werkzaamheden, van dien, Post, zich niet
Verder zouden kunnen uitstrekken, van tot het
ontvangen der Contributien en het na verloop van
tyd, uitbetalen van pensinen Waartoe het houden
van een kasboek, of eene aantekening van ontvan„
en Uitgaaf ter allen tyde aan het oogmerk zouden
hebben kunnen beantwoorden.Dan, tot myn leed„
„wezen echter thans moetende ondervinden, dat de
betaalmeester Voornoemd, zich niet alleen, met de
Ontvangst en de uitbetaling mael bezig houden; maa„
dat hij bovendien Nog de Contributien, uit de drie
Maandelyksche kortingen ten Kantore Generaal
Op de tractementen der ambtenaren voortspruitende
wegens fournissement aan het pensioen sonds en
aan het weduwen en wezenfonds, zoo van derzel„
„ver, tractementen als emolumenten, ieden afzon„
„derlyk in Hollandsche guldens en Cents moet
Zyn HoogEd Gestrenge Heere
M:r Isaah Johannes Elsevier Gouver„
„heur Generaal adinterim van Curacao
en Onderhorige Eilanden Bonaue en
Aruba en opperbevelhebber van de Land
en zee magt aldaar vE: V:o V
Kopij daplikaat
overbrengen, en gevolgelyk dus ook de boeken en
reekeningen in guldens en cents houden, om daar„
uit de driemaandelyksche SStaten Van ontvangst
en Uitgaaf te kunnen trekken Welke, breken,
en reekeningen, met zeer veel naaukeurigheid
door iemand, die in het brekhuuden bedreven
is, moeten gehouden en opgemaakt Worden
Daar ik ne alschoom veischalrende om het Land
Van dienst te zijn rondbarstiglyks en met leedwezen de
vrijheid moet nemen, aan UW hoog Edele Gostr: te beti„
=gen, dat ik my daartoe niet in staat berind, door
dien, ik in het het boekhouden niet ervaren ben,
en dat ik my uit dien hoofde genoodzaakt zoude
ziens, het Waarnemen dier terkraamheden aan
eenen tweeden toeleventrouwen en daardoor my aa
Sprakelyk maken voor misrekeningen gid
„zen, en verwarringen, welke zonder myne toedoen
bij slot van rekening, misschien niet te Verhelpen
zynde tot nadeel van het fonds zouden strekken
ten mijnen laste worden gebragt: zoo hebben deze bo„
„dige en op Waarheid steunende beweegieden, me
na ryp overleg doen besluiten zoo vrij te zijn mij bij
Uwe Excellentie te vervoegen met ootmoedig verzoek
dat het Uwer Excellentie moge behagen, mijne be„
ludarnis in gunstige overweging te nemen, en my van
het waarnemen van eenen post te ontslaan, waartoe
ik myzelven niet berekend gevoel, en Welke door
my, hoe gaarne ik my ook tot dat Ei einde in my
„ne levene tien lenen uidse nimmer naar behoorin
zal kunnen waargenamen warden. —
Voor het Overige my in de veelwaardige beschen„
ming van Uwe Excillentie aanbevelende, heb ik de eer„
met de meeste Veneratie te zyn.
Uwer Excellentie onderd: dienaar.
Wij/. H= Schotborgh I
Kopij Duplicaat
No 467 Suracao den 2en November 1820
Ik neem de vryheid uw Hooghd: Gestr
kennis te geven; dat de inspectie der „
ik ge
zynen heeft plaats gehad, en dat behalve
het hier na te noemene alles accoord bevo„
den het
De te kort komende artikelen zyn, 1170
Eingelspyters, 150 wisserspykers 2¼ lb verlijn.
blaauw, en een half id naargaren, alsoot
20 punten lin Olie
De twintig pinten syn olie zyn my geble„
ken, buiten de schuld van den Magazyn
meester te zyn verloren geraakt, doordien
onder de partij pullen van dat artikel er
eene was, welke gescheurd geweest zijnde, die
schiur door het opdrogen en verharden der
olie die daarin van te voren moet geweest
zyn is digt geraakt, en na verloop van
tyd door de onmerkbare doorzypeling van
de nieuwe daarin gedane olie eindelyk is
opgelost en opengeraakt zonder dat de
magazyn meester /: zulks niet hebbende kis
„nen vermoeden) daarop acht geslagen heeft
en het lestig loopen van de pul heeft kus
nen voorkomen.
Om deze reden moet ik van Uwe Ex
cellentie autorisatie verzoeken, tot
het afschryven van de verlovene twintig
praten
pinten syn olie
Doorts het ik den Magazijn Meester de
gezegd om de andere te kort komende
artikelen. voor zyne rekening aanteka
pen en te vergoeden
Waarmede ik de eer het te zyn.
44 HoogEd Gestrengen
dienstwillige dienaar
Zyn Hoog Ed Gestr:
De Raad Cont=r Gen:e ode
M.J: J Rlievier
der fint
Gouw Genl adeti
10 G: C: L: van Uytrecht
voor kopij Konform
re Gouvernements Secren
W: Wing
genummen
No 221
Koppe Bueaal
Euracao den 2„en November 1320. N: 460
Duw: Hoog Edele Getrenge zal hierbij gelieven hennis te daa
„gen, dat ik door den Magazyn Meester ben geinformeerd ge„
„worden. Dat er twee Vaten vleesch by het openslaan van ee
„nige Vaten tot de distributie, zijn ontdekt geworden aange„
„stoken en tot de distributie geheel ondienstig te zijn. Het eene
genummerd 380 is van de party per de Brik Eendragt schip
pert I.S. Visser het andere N:o 130 van die met het Schip„
de Sara Maria Schipper P: Bostijn aangebragt
Voorts dat de Lands bakker klagten gedaan heeft, wegens de
slechtheid van het meel van mindere hwaliteit a f9: 30
het vat per de Martha & Elizabeth Schipper G: Swart aange„
bragt, waaruit hy zegt geen bruikbaar brood te kunnen bak
ken, om dat hetzelve voor eerst geen water wil aannemen
en ten tweede geheel muf is. Dat de Magazyn Meester om
te beproeven of dat meel door vermenging met goed meel
niet zoude kunnen bruikbaar gemaakt worden, den bak„
oker heeft gelast hetzelve met dat van de beste kualiteit
dierzelfde party a f 16, 87½ te mengen en te bakken, en den
niettegenstaande, dezen Maatregel het gezegde meel nog on„
„bruikbaar is.—
Wyders heeft de magazyn meester aan my te kennen gege
ven dat het vlaggedoek in het magazyn voorhanden, on
Weetwil van alle genomene voorzorgen met Camper en an„
„dere sterkriekende gommen tusschen het zelve te leggen.
niet bestand is tegens de vernieling van de myt, Waardoor
hetzelve reeds door en door vieten is
Ten gevolge van dit rapport, welke ik by onderzoek, be„
vonden heb met de zuivere Waarheid overeen te komen,
heb ik moeten besluiten de vryheid te nemen Uw Hoog Edde
Gestrenge te verzoeken my de benoodigde auctorisatie te doen
toekomen, om by publieke opveiling te laten verkoopen,
ten einde verdere schade voortekomen: een vat vleesch
genummer
genremmerd 380 van de partij per de brik de Eendragt, e
een dito N„o 130 van die door het schip de Sara Maria a
„gebragt, de overig gebleven 40 Vaten bedorven meel, vi
minderen hrys a ƒ 9.30. per vat, met de brik Martha
3Elisabelh ontvangen en 59 ellen vlaggendoek, welke
genoemde artikelen onbruukbaar zyn geworden: als me
„de nog tot het verkoopen van al de onnoodig voorhande
zynde ledige vaten en senever kelders.
Dan leggen er nog drie oude verstikte hangmatten in
het magazyn, welke gebruikt zyn voor de zieken aan
boord van het transport Schip en op order van het Gou„
vernement aan den Raad van Administratie over he
Jarnisoen alhier zouden hebben moeten afgeleverd zoo
den, doch door denzelven niet zyn aangenomen, om reden
van derzelver onbruikbaarheid. Deze hangmatten tot
niets kunnende dienen, verzoek ik Uw Hoog Edele Gestr
deswegens deszelfs dispositien te mogen ontvangen.
Ik het de eer te zyn
Uw Hoog Edele Gestrengens
dienstwillige dienaar
De Raad Contraroll Gen: ad: df„r
JWG. E. L van Uytrecht
Zyn Hoog Edele Gestrengen
M=r J.J. Elsevier.
Voor kopip komsorm Gouverneur Gen: act:
De Gouvernements Secretaris. 8. B. B
f
Avring
No. 220
Rapport van het verrigte„
ne op, en ten behoeve van
het onderhoorige eiland Bon „aire, in nakoming van des
Gouvernements dispontie, van
den 6=en Januarij 1820 No 21.
gevolgd op de inlevering van
het Jrrrmaal der verrigting
gen van den Raad Contra„
„zo Heur Generaal der Senan
cien ad interum sedert den 17e
hok en met den 23ee Dacembr
1819, te Bonaire gehouden.
en op den 24 dier maandaan
den Gouverneur Generaal ad„
„interem van Curaens ingele„
verd.
1 Het wachthuis en het fortres op het
eiland Bonavie zijn behoorlijk gerepareerd,
na dat de vertimmering der houtwaren,
tot dat einde gebezigd, alvoren hier te Lan de is geschied, en de sparren per de Landsge let de Dolfyn van de Rocasche ilanden
zijn gehaald. De reparatiene aan de an
dere Lands gebouwen van dat eiland zullen
eerste in het aanstaande jaar kunnen plaats hebben, aangezien het suizoen reeds te
veel verloopen is en de akkerbouw de volle werkzaamheden van de slaven vordert
Het tijdperk hetwelk na het eindegen
der
kopj Kluplikaar
ders reparatie aan het wachthuir en voor
het begin van den regentyd verloopen is, heeft
de Commundeur, gedeeltelik aan het open
kappen van het bork op de nieuwe man
gonden, gedeettelijk aan het viergaderen en
het zout., morten besteden.
Het schadelyk en nadeelig gebruik te
Bonaire, ten gevolge van het misverstand
waarin de kommandeur van dat eelam
verkeerd heeft; nopens de toestemming aan
ieder ingezeten, om tot deszelfs gebruik
twee van s' Lanw ezels te mogen honden, in
plaats van de vergunning aan elk, om twee
ezels van zich zelven te houden, is bij d
ontvangst van de gemelde dispontie dat Oo
Januari dezes Jaars, door den kommandeur
dadelik opgehouden; terwijl het volgens
gemelde dispontie thans aan, de inwoners
vergund is, slechts, gedurende den tyd dat zy
voor het Gouvernement arbeiden, tot dat ein„
„de, s'Lands Ezels te Gebruiken.
Aan het overige gedeelte der 2=e afdeeling
van de veelmals genoemde dispontie, in zoover
dezelve; het afzerken van een stuk gronds,
geschikt tot het opsluiten der Ezels, tevan
is nog niet kunnen voldaan worden, uit
hoofde zulks in den loop: van dit jaar
niet heeft kunnen geschieden; zonder dat
de werkzaamheden van den landbouw
daardoor zeer verdrangd waren geworden
zoo dat de lands ezels welke reede mak
gemaakt zijn en gebruikt worden, voor als
nog niet onder opzigt kunnen geweid worden
Het verlof aan de Lands slaven gegeven, ter
eende het noodig getal ezels onder zich te mogen
houden, om zich van versch water te kun
nen voorssen; is als voorheen, doch met meer
dere beperking, blyven voortduren.
3: Het geordonneerde, bij de zte afdeeling van
het gemelde Gouvernements beslint, is, zoo
veel mogelyk opgevolgd, door aan de in„
woners, welke bij gemis van het gebruik de
Lands ezelv in ongelegenheid zouden gekomen
zyn, sedert den datum van het besluit„
tot op uttimo September te, een getal
van een honderd een en twintig ezels tewr
koopen, tegens den prys van een Johannes
per stuk, waarvoor des betalingen gedeel
telyk in mais, geteeltelyk in geld zijn geschien
en andere nog uitstaande zyn
4:e De verkoop der schapen op het eeland Bon„
arre bij de 4=ee afdeeling van het besluit
voornoemd, gelast, is ten uitvoer gebragt
zynde het geheele provenu der verkochte
schapen groot P 1, 408„ 4„— waarmede slam„
Schapenteelt welke te Boneuies niet voordeelig
was, geheel is opgehouden.— van het bedrag
hierboven gemeld, is; ter voldoening aan de
gemelde dispontie, bereids eene Som van zes
honderd pezos van achten besteed tot het aan
koopen
N:o 219
koopen van vier en twintig stuks Jonge koe„
yen voor de teelt te Bonaires, werwaarts
dezelve reede afgezonden zyn; terwijl het over
schietende Saldo groot P„s 808„ 4„— tot den
verderen aankoop van Jonge koeijen ter
voortzetting der teelt op dat eiland zal mo
ten. gebezigd worden. Waarvan nader
rapport zal worden ingeleverd, zoodra dat
Saldo daartoe geheel zal zyn besteed.—
5=o Het opbouwen van eene loods aan de
Zoutpan tot Schuil en slaapplaats voor
te slaven, is hoewel doenlyk als overtol„
lig en onnuttig bevonden; dewijl de slaven
daarvan geen gebruik willen maken,
maar veel liver zelfs kleine hutten
willen vervaardigen om afzonderlijk te ku
nen huizei Curdecio den 2en November 1820
De Raad Contr Gene adent derfin
40G: C:L: van Uytrecht
voor kopij Koform
de Gouvernements Secretaris
W tring
Kopij Duplivaat
Ouracao den 7=e Nov: 1820.
Hoog Edele Gestrenge Heer
Vernomen hebbende, deil de Procureur Geerste eene, ordonnantie bekomen heeft ter
betaling der onkosten gevallen bij de Poursiig
te tegens de gebrekige belasting schuldigen.
voor Hoofd op Pamille gelden over 1819, en
aan hem eene som van B54„„- uit my
ne prive beurs tot dat einde voorgeschoten
hebbende, zoo heb ik mij bij hem vervoegd
om restitutie van het gemelde voorschot
te bekomen, dan daar hij mij te kennis
heeft gegeven, dat hij slechts het Saldo zy
„ner rekening na aftrek van de door mi
aan hem voorgeschotene F 54. van den lan
de op ordonnantie ontvangen heeft
zoo neem ik de vryheid mij bij uwe Erallentie
te vervoegen met verzoek dat uw hreellentie
het goed moge venden om aan mij de meergenom
de uit myne prive beurs aan den procureur
Gaerste voorgeschotene P:r 54„-„- uit de koloniale
kas per ordonnantie te doen uitbetalen
Waarmede ik de Eer het met vo
schuldigde hoogachting te zyn
Uw Excellentees, ond: Dienaar
zijne Eellentie
Welj Const: Schotborgh Meest: J: J: Elsevier
Gouw Gene adint
co A&
No. 218
Extract uit de Natulen van den Raar
van Civile en Erimineele Justitie des Eilande
Curacaos
Tris den 2:e November 1520
De Raad gezien, z gelezen hebbende het Extract Tour„
„naal van zyne Exellentie den Gouverneur Generaal arten„
„terim de dato 25 September 1820 No 475 aan haar Ed:
achtb: toegezonden met insitatie om te dienen van Con„
„sideratie omtrent de applicatie in deze Coloie van
het 179„artikel der Grondriset voor het koningryk
ter Nederlanden heeft na rype deliberatie goedgevon„
„den en besloten dat ofschoon dezen Raad van ge„
„voelen is dat het gezeyde art: 179 alhier van appli„
„entie is, echter in de Colonie van zeer veel inconvent
„entie zoude zyn zyne Excellentie te adviseren om op dit
poinct zyner Massteit nader welmeenen en te winnen,
kunnende by Eventuels voorkomen van zodanige pos„
„ten, dezelven, tot dat zyne Majestects wel menen, be„
„kent zal zyn open, gehouden worden
De Cungerende President en
Raden Voornoemd
GJ. vm Webb. Duyckinckr
Ter ordonnantie van dezeleken
J„ P. Thielen
Secr: adent:
Voor kopij konsorm
De Gouvernements Secretaris.
: trin
Kopy Duplicaat
N:o 217
Kopi Duplicaat.
Suracdo den 11 November 1820
Hoog Ed: Gestr: Heer
Ik neem de vryheid my tot Uwe Exxellentie by dezen, te vervoe„
„gen, ter kennen gevende: dat myne thans oerledener behuwd
Moeder in dato 7 October lb den WelEd: Heer Raad Contrarol„
=leur Generaal der Financien arinterem aangeboden, heeft
hare huizen staande achter het hoofd=fort Amsterdam aan
het land te verkoopen.
Dat de Heer Raad Contraralleur aan my, als erfgenaamt
van myne voorne behurd moeder, heeft verwittigd, dat zyn„
Ed:e de gemelde huyzens door den Heer kapitein Ingenieur Ab„
=bring hebbende laten taxeren, de genoemde Heer Abbring de
Waarde dezer huizen op P 900„-.- gesteld heeft, waarvoor
ik de gemelde huizen niet kan verlaten, om dat dezelve, vol„
„gens koopbrief gekost hebben F3450„-„ - en voorheen meer„
„der, doch thans nog den interess van P 3000 opbrengen, zyn„
de een derzelve aan het Gouvernement voor Po 10 en het
Andere aan eenen Onderofficier voor P5 inde maand ver„
„huurd zoo dat de opoffering te groot zoude zyn, terwyl ik
niet kan vermoeden dat het Gouvernement zich met scha„
„de der Ingezeten zal willen verryken
Indien de bedenking mogt opkomen dat die huizen in
Waarde verminderd zyn, het zy door benoodigde repargtien
als anderzins zoo geloof ik vrymoedig te kunnen opperen,
dat, wat het eerste rangaat zulks niet geheel ontkend worde„
ofschoon de Heer Kapitein Ingeneur Sebbring schypt ver„
„geten te hebben dat er een regenbak by die huizen is,
Welke zeer zeker een voornamm gedeelte des gebouws uit„
„maakt, en geene reparatie Vereischt dan aangaande het
andere, dient in winmerking te worden genomen dat in
„dien de huizen van partikuleeren achter het hoofd fort
Amsterdam waarvan die van my de eenigsten zyn, welke
tot nog door het Land niet zyn gekocht, in waarde waren
verminderd, zulks aan geen andere oorzaak, dan tegen„
woordige orde van zaken kan worden toegeschreven, na„
„melyk dat al de lokalen aldaar ter Casernering van
Militaire worden gebruikt en geene beambten meer Woo
„achtig zyn, zoo dat een ieder die huizen aldaar had„
zich daarvan door verkoop aan het land heeft ontdaan
om dat geene Ingezetenen sedert 1816 in eenige dier
huizen vry van overlast zoude hebben kunnen wonen.
zyn myne huizen dan om die reden ook voor partiku„
lieren en waarde verminderd, zoo behoudt dezelve ech„
„ter by het Gouvernements derzelver Waarde; om dat het„
„zelve niet alleen daarvan gebruik kan Maken, maar
onder verbetering noodig heeft, gelyk werkelyk het ge„
„val is, en wordt het land eigenaar daarvan, zoo blyft
hetzelve alleen in het bezit van al de gebouwen ach
„ter het hoofd fort
Indien het Gouvernement wil overgaan tot den aan„
koop van myne gezegde huizen, zoo bied ik dezelve te koop
aan voor F1725, zynde de helft van den koopschat en
Wel onder de volgende voorwaarde, om eene som van Boo
Welke ik aan de koloniale kas verschuldigd ben, en betrug
voor eerst niet te kunnen betalen, aan tezuiveren en voor
het Saldo ordonnancien aan te nemen, een van F. 300.
over eene maand en een van P: 1125„- over zes maanden
of Wel als deze wyze niet als het Consinabelste mogt wor„
den aangemerkt het gezegde Saldo aan zout tegen den ge„
wonen prys van 12 lb het vat alhier te leveren of 9 t
op Bonaire te ontvangen, wanneer het my gelegen
mogt zyn, hetzelve te ontvangen.
Ilwer Excellentie antwoord hierop verzoekende, heb in
Voorts de eer met alle hoogachting te zyn
Uwer Excell:s zeer Dw. Dienaar
ryne Excellentie /G: Claas Schotborgh
voor kopij konform M„r I.J: Elsevier
Gouverneur Generaal aditerem De Gouvernements Secrelages.
Van Curacao en onderhoorige Eelanden
Vl: N 8 Awing
No. 226
Quracao den 13 October 1820.
Het huis, aan de wed: Oostenryk toebr
horende, en door de Sergt: Majoor van de Artille„
rie, en een fourier van ’t Bataillon Jagers bewoond
wordende, is in veele opzigten zeer defett - dat
gedeette ’t welk door de Sergt Majoon betrok„
„ken word, daarvan moet de zuidgevel ge
heel worden neergehaald; in daarna weder
om nieuwe opgemetseld; elke dag dreigt
deeze muur in te storten. — het dak van
dezelfde woning drugt niets, en is deswegens
deese woning inde regentid byna niet be„
woonbaar.
Dat gedeelte door de Fourier bewoond is
inbeter toestand, dog is het dak ook alde
=tekt, weshalven. ik deeze t woningen
op 900 Tezos taxeer.
Ik het de eer te zyn
(wg H: E: Abbring
1 kapt Ingr
Voor kopi konform
De Gouvernements Secretaris
: Win
Kopij duplitaat
No: 225
Curacao den 11en Nvember 1820.
Ter beantwoording aan Uw Hoog Edele Gestien
gem dispontie van den 7e dezer maand No 560.
strekkende tot invitatie om te berigten op den inhoud
der briefs van Constantinus Schotborgh gewezenen Ontvanger
Genevaal ad interem onder geleide derzelve dispositie
aan my gezonden, en dienende tot het reclameren van
P34.— aan den procureur D Gaerste tot het doen der
Poursuites contia de gebrekige belastingschuldigen door
hem voorgeschoten.—
zal ik de vyheid moeten nemen te berigten, dat
de pascuuur D Gaerste wel op zijne rekening voor pro„
„eureers kosten gebragt heeft, de Som van P.54 van
Constantinus Schotborgh op rekening ontvangen; doch hoe
zulks in zyn verband staat, weet ik niet, want als
Ontvanger Generaal adinterem verringt de heer Constanti=
„nus Schotborgh zonder autorisatie geene penningen
aan den prscureur voorteschieten, en heeft hy zulks in
zyn privé gedaan, dan kan hy het voorgeschotene
wel van den genen aan wien het voorschot is geschied,
doch niet van het Gouvernement terug eisschen, an=
„ders zoude dit den weg openen tot opgeregeld heden in
kwade saaktijken.
Het is echter billyk; dat de procureur D Gaerste
de F 54„- terug erlange, dewyl het Gouvernement
in alle geval dat bedrag aan hem zal moeten betalen.—
Ik ben derhalve echter van gevoelen dat als Uw Hloog
Edele Gestrenge my autoriseren wil, tot het opmaken
eener ordinnancie tot dat einde, dat het niet
ondienstig zal zyn, de afgifte der ordonnancie
onder die voorwaarde te bepalen, dat de pascureur
D. Gaerste by de ontvangst der ordonnancie de
door hem verschuldigde regelgelden ten bedrage van
1. 10:7:
Kopy Duplicaat
O6„ 477
F10:7: daarvan late afhouden, zynde dit zyn
debet op het zegel kantoor na aftrek der zegelgel=
„den van die belasting schuldigen, welke als onver
mogend gerijeerd zijn, en van de P: 6„ 3„ welke
uit het saldo zijner reeds afgegevene ordonnancie
groot 536.- door den Ontvanger op den zegel in
=post in gedeeltelyke betaling genomen zyn.—
Ik heb de eer te zijn
Uw Hoog Edele Gestrengens
dienstwillige dienaar
De Raad Contr Gen ad op
/W.G: C.L. van Uijtrecht.
Zyn Hoog Edele Gestrengen
Mr 3J Elseveer
Gouverneur Generaal ad interim
A d
A Voor Kopy Konfora
De Gouvernements Secretaris:
J hrin
No 224
uracao den 11 November 1820. Bopij tuplikaat
No 483.
Ik neem de vrijheid de ontvangst te accuseren van
uw HoogEdele Testringens geEerde dispositie van dezen datum
f 566 onder geleide van eene missive van heden N 466, met
kennisgeving dat ik ter voldoening aan den inhoud van gemelde
dispositie, na vooraf met veel moeite doen vrachtelaas getracht
te hebben, den Heer Claas Schatborgh overtehalen om de door
Zyn Ed: aan het souvernement te koop aangebodene twee huizen
en regenbat, achter het hoofd fortres gelegen voor eenen min„
„deren prijs aan P:o 1=25-„ bij gemelde dispositie bepaald aan het
Gouvernement te verlaten, mij eindelijk verpligt gevonden
heb, ingevolge meergemelde dispositie den koop der gemel„
„de gebouwen en regenbat, tegens dien prijs te sluiten, waar„
„van aan den kapitein Ingenieur H.. Abbring zal kennis ge„
„geven worden ten einde de gemelde huizen als het eigendom
van het Gouvernement overtenemen
Voorts den verderen inhoud der ontvangene dispositie
stiptelijk zullende nakomen, heb ik de Eer te zijn
Uw HoogEdele Tistrengens
dienstwillige dienaar.
DDe Raad Contravolleur Generaal ad: d:
Geteekend/ C: L van uytrecht.
Zijn Hoog Edele Gestrengen
Vaon kopin konfomm H:r J. J. Elsevier
Gouverneur Generaal adint: L De Gouvernements Secretaris
de. do. de. sen
1wini
No. 273
Op heden den tienden November Achttienhondert en
twintig, Compareerde voor mij fungeerende Raad Fiscaal de
„res 3 Onderhoorige Eelanden, Schipper Willem Gomeg Tesse„
„laar voerende de Nederlandsche Golet de Hoop verklaarde
Dat gisteren morgen ongeveer te zeven Uren, terwyl
gemeld Vaartuig te Seradoor, aan de spaansche kust ge„
„legen, ten anker lag, zeven kust wachters van Cumaris
met des Deposants kano, die aan den Wal was, aan
boord zyn vaartuig zyn gekomen en hem Deposant
hebben willen drvingen, hun, den kommandant en
eenen anderen Ambtenaar aldaar zeventig Satienjes
te geven ten einde Verlof te bekomen om al daar te
laden. Dat de Deposant geremarqueerd hebbende dat
die som te groot was en hy dezelve niet konde betalen, ie
zyl: hem hebben aangerand en met stokken geslagen.
Dat hy in het worstelen door hun overboord gewor„
„pen, en in het Water zijnde, door twee hunner met hou„
wers deerlijk gekapt is geworden, zoo dat behalven hem
Verscheidene houwen over den linker arm toete brengen,
zy zyne neus byna hebben afgehouwen. Dat zij hem en
Vervolgens met pagaijen hebben geslagen en toen hy we„ y
„der aan boord klom hem hebben vastgebonden en een ge„
„deelte der lading, bestaande uit drooge goederen, in de
kano van het vaartuig hebben gedragen en medegens.
„men.
Dat zy by het verlaten van des Deposants vaartuig
de Supercarga hebben verboden om den Deposant te
ontbinden voor dat de kono terug keerde. Dat de kand
door twee der Manschappen van de Golet, die door de
Spanjaarden gedwongen waren hun aan wal te roei
„jen, kort daarna terug gebragt zijnde, de Deposant
dadelyk onder zeil naar henvaards is gegaan; en ver„
klarende de Deposant verders veel pyn en en Smarten
van de hem toegebragte wonden te gevoelen en te lijden
Aldus gedeponeerd op het Tiscalaat dato Utsupra.
1/0G/ v/d G. Tesselaar.
No 222
kopij tuplikart.
Den Ondergeteekenden Stads Chirurg
Rapporteerd aan den WelEdelen Gestren
gen Heer M:r D: Serrurier de Junctie
waarnemende van Raad Fiscaal alhier
geinspecteerd en verbonden te hebben op
order van zijne Excellentie I: I: Elsevier
Gouverneur Generaal Ad Interim dezes
Eilands den perzoon van Willem Gomer
Pesselaar met vier gekapten wonden, een
op ’t voorhooft been lang een dium diep
tot in de huid, een droors over de mus
lang een en een half duim, dirp door
gaande in de linker vlugel van de nei
twee op t gewrigt van linker arm, lan
en duim, een diep tot op t been, en een
diep in de heid en noch verscheidenen Con
tntien op de rug en linker zeide toege„
bragt door de wagten van de Spaansche
kunst, met Tabel en pasain
Carracao den 10 November 1820
/10G J:C: Schuler
voor Kopip Konform
De: Gouvernementt Secretaris
W Trin
kopij duplikaat
Ouracao den 13. November 1820
1 „55
Om te vetdoen aan de Gouvernementi dispi
„sitie van den 23 October dezes jaars no. 534,
te gelijks met het afschrift van eene missi„
„ve door de langadoors Hooyman en Schuu
„man aan den heer Commissaris van het de„
„partement van Nationale Nijverheid en Kolo„
„mien in dato 2 Juny 1820 geaddresseerd, of ou„
„der geleide vans Uw Hooghd: Gestrangens missi
van den 24 October dezes jaars No 128 bij mij
ontvangen, heb ik de eer aan Uw HoogEd Ge„
strenge hierbij interenders, het berigt op de
gezegde missive van meergemelde Cargerdoom
in zoover het my doenlyk is, geweest dens
inhoud daarvan op goede gronden te wider
„leggen
Het achting het ik de eer te verblyven.
uw Hooghd Gestr bereidur diens
De Raad Coutr Gen= edart„r d f„r
W.G/ C: L: van Uytrecht
Zyn Hoog Ed Gestrenge voor kopy Konform
Mr I:J: Elsevier De Gouvernements Secretaris
Gouv: Gen.e aduitmn
No N &a
W Trine
opy Duplicaat.
Bedenkingen van den Raad Con„
„trarolleur Generaal adinterim, der ge
„nanden aangaande den inhoud van
den brief der Cargadoors Hooyman en
Schuurman aan den Kommissaris van
het departement van Nationale Nijver„
heid en kolonien geadresseerd det 2 Juli
1820 wegens de berekening der Vracht„
penningen van goederen uit het moeden
land herwaarts: gezonden.—
1 De aanmerkingen wegens de meerdere grootte der
Vleeschtonnen, door het Gouvernement uitgezonden, en
Vergelyking met de gewone Vleesch Vatem; is niet onge„
Grond, nademaal het netto gewigt derzelve, door el„
kander gerekend; Op 230 l komt te staan, terwyd
dat, der gewone vleeschvaten, door de bank niet meer
bedraagt dan 200 lb, zoo dat men voor twaaf ge„
„wone vaten, maar tien van het Gouvernement kan
rekenen. Echter moet ik observeren dat de Cargu„
doors by het maken van de Overeenkomst met het
Gouvernement immers hiervan hebben kennis gedra„
„gen, even als zy ook hebben dienen te weten, dat
tien van die rystraten welke door het Ministerie voor
de kolonien naaar dit en andere eilanden gezonden
worden, meer ruimte dan een last in de Schepen
beslaan.—
2=e Wat het aangehaalde nopens den meerderen
omtrek of grootte ders Teniver kelders aangaat, wel„
ke het departement van Nationale Nyverheid & kolo„
„nien naar dit eiland inscheept, met die door par„
„ticulieren ingeladen vergeleken, moet de ondergetee
„kende het geopperde door de Heeren Cargadoors voor„
„noemd, ten volle tegenspreken overmits het den on„
„dergeteekende herhaalde malen en wel by exacte
nameting gebleken is, dat er hoegenaamd geen on„
eerscheed
derscheid in grootte is, tusschen de Jenever kelders
door het departement afgeladen en de gewone Genever
kelders welke door de kooplieden uitgezonden worden
Voorts ben ik geinformeerd geworden, door verscheide„
„ne geaccrediteerde kooplieden, dat de bepaalde vrach
voor de Genever kelder sedert het sluiten van de vrede
altoos op dertig stuivers is berekend, en dat nooit van
te voren meer, maar Wel minder is betaald gewor„
den zoo dat men met de schikkingen welke, tot Con„
„pletering der Scheeps ladingen Omtrent de vracht
van den Jenever Soms gemaakt worden en, waarvan
de heeren Cargadoors melding maken in hunne voor
melde missive niet bedoelen, kan, het betalen van
dertig stuivers per senever kelder, maar wel eene min
dere vracht daar het genoeg bekent, en gebleken, is
dat er sedert den meede niet meer dan de gewone van
gestelde vracht van eenen, daalder per kelder is be„
taald.
3„ Wat het geopperde betreft aangaande de nood„
=zakelykheid om dergelyke schikkingen met parti„
„culieren, te maken voor schepen welke door het
zoodanige schikkin„ Departement worden geladen
„gen met de retourladingen in verband staan, daar
de ondervinding gelert heeft, dat schepen alleen met
Gouvernements goederen beladen dikwyls naar el„
ders hebben moeten verzeilen om dat zy hier geen
Vragt konden erlangen.- zulks moet de ondergeteeken
de of anaangevoerd voorbygaan of als eene beuzelach
„tige verschoning verwerpen of tegenspreken, met aan
„te toonen dat er nog geen enkeld koopvaardyschip
om die reden van hier ledig naar eene andere
plaats verzeeld is, en dat de twee brikschepen na„
„melyk de Vriendschap Schipper I. I Dykstra en
de Martha en Elisabeth Schipper Klaas Scholl,
welke van hier, het eerste naar de Havana en
tiet
het andere naar Nieuw Orleans vertrokken zyn
beide wel degelyk met goederen van particulieren
zyn beladen geweest, en van hier dus niet ver„
zeild zyn om dat zy enkeld Gouvernements goede„
ren mede gebragt hebbende geene lading hebben
kunnen bekomen, maar om dat de eerste schipper
hier niet heeft Willen blyven overwinteren, en terzelf
„der tijd, een engagement gekregen heeft om op de
Havana eene volle retourlading te erlangen; terwyl
de laatste in het Moederland voor zyn vertrek van
zyne reeders last Ontvangen, had om van hier naar
Nieuw Orleans te vertrekken. Het aangemerkte door
de gemelde Cargadoors kan, alleen in eenige op„
„zigte toegepast worden, op vreemde schepen wel
„ke hier op dit eiland hoegenaamd geene Connec
tie hebben en dan zoude het byde hetzelfde zyn
of zy alleen met Gouvernements goederen dan
met koopmans goederen beladen zyn.—
4„n Wat de berekening van pannen als steenen baa
last betreft, kan ik slechts zeggen, dat ik meen ver„
„nomen te hebben, van kooplieden welke zelf reeders
van Schepen in het moederland zyn dat zy het een
geluk rekenen, wanneer zy vooral naar dit eiland,
Onderlast tegens eenen zeer geringen prys kunnen
bekomen. Dan nademaal het my onbekend is,
hoedanig de berekening van ballast of onderlast be„
„paald is, kan ik desegens myn gevoelen niet
Verder uitbreiden.
5:o Aangaande de passagie gelden voor Passagiers
van de tweede klasse, waarover de heeren Carga„
doors zich in hunne missive beklagen moet ik
hetzelfde aanmerken, als betreffende de berekening
van vracht voor de meerdere grootte der vleeschlon
„nen en ryst vaten, welke door het departement
voor de kolonien worden uitgezonden. —
Introselien
N: 229
Intusschen komt het my voor, dat de vracht„
gelden berekend tegens tachtig guldens voor eenen
passagier van de tweede klasse, niet te hoog gesteld
is, wanneer er slechts Vyf of zes personen uitgezon
den worden, maar wanneer, het getal der passa„
giers boven de twaalf, of meer is, dunkt my, zullen
de reeders daarby geene schade lyden
Curacao den 13=e Novr 1820
J4/ GJ: EL van Uytrecht
Voor kopeg komform
De Gouvernements Secretaris.
W: Tring
No 231
Kopij Duplikaat. Botulen der gecombineerde
vergadering van den Raad
van Policie en van den Raad
van Civile en Criminele Justir
„tie op het eiland Curacao
gehouden den 16en November
1820
Present: De Gouverneur Generaal
adinterem. president
De fungerende Raad
Fiscaal aditerim
De Raad Contrarolleur
Generaal derfinancien adintering
B: A Cancrijn
Theod:s Sutting &
C:A Baron Delarrei
Raden van Policie
benevens
M:r W:W: Duijckinck
gegradneerd lid in den Raad
van Civile en Criminele
Justitie, waarnemende het
presidie in denzelven
en
M: H: R Haijringa
gegradueerd Eid
als mede
Frans Rojer
W: A van Spengler &
G Hriddels
Raden van Curle & Griminele
Justitie.
Het gebed gedaan zijnde, gaf de Gou=
„verneur Generaal adinterim kennis dat
deze vergadering geconvoceerd was om den
Schoutbijnacht Paulus Roeloff Cantzlaar,
door zyne Majesteit den Koning tot Gouver
„neur van dit en de onderhoorige eilanden
benoemd, gelijk zulks reeds in de gecombineerd
vergadering van den 31„n October lb is be„
„kend gemaakt, in die kwaliteit te installere
voegende de Gouverneur adinterim daarbij,
dat hij het Gouvernement als nu zullende ove
„geven, niet kan afzijn van de Leden des Raad
van policie te bedanken, voor hunne bereid„
„willige deelneming en onvermoeiden yver
in het bestuur dezer kolonie en zoo ver hetze
„ve op denzelven Raad berustte, en tevens voor
de welmeenende adviesen aan hem Gouverne
Generaal adinterim gegeven terwijl de Leden
van den Raad van Civile en Criminele Jus„
„titie tevens werden bedankt voor hunne
medewerking in al het gene hun aanging en
ook voor de hulp welke voor hem Gouver„
„neur daaruit zyn voortgevloeid: waarop
de fungerende Raad Fiscaal en het oudste
lid in den Raad van Justitie ieder den Gou„
„verneur Generaal adinterim kortelijk doch
toepasselijk beantwoordde
Na eenen korten tydsverloop, werd de aan
„komst van den Gouverneur den Schoutbynacht
P. R. Cantzlaar, door het salut van ZM
brik de Merkuur aangekondigd en zijn Hoog
Ed: Gestr: op het Gouvernements huis ge„
„komen zijnde, begaf zich eene Commissie
uit deze gecombineerde vergadering tot
hem Gouverneur om denzelven in de raad.
kamer te geleiden, hetwelk geschied zynde
ruimde de Gouverneur Generaal aditerim
aan den voorn:e Gouverneur de voorzitters,
plaats in en na dat dezelve plaats door
hem was geoccupeerd, deed hij eene aanspraak
dewelke door den afgetreden Gouverneur
Generaal aditeriin werd beantwoord en
welke beide schriftelijk geschied zinde, bij deze
Notaten blijven berusten. - Het oudste lid
in den Raad van Justitie beantwoordde de
aanspraak van den Gouverneur mondeling.
Vervolgens begaven zich de Gouverneur en
de Leden dezer gecombineerde vergadering
eerst op de puije van het Gouvernementshuis
en daarna ter Fiscalaat in de Willemstad op
welke beide plaatsen de voornoemde Schout
„bijnacht P R. Cantzlaar als Gouverneur
over Curacao en onderhoorige eilanden werd
geproclameerd en in de raadkamer te rug„
gekeerd zynde, werd de gewone Eed van ge
„trouwheid, purrge & Secretesse door de door
zyne Majesteit bij besluit van den 25:t Juni
1820 n„o 69 benoemde ambtenaren namelijk:
Mr I.. Elsevier als Raad Fiscaal M:r
D. Serrurier als President van den Raad
van Civile & Criminele Justitie, Mr. H: R
Haynga als Secretaris van den evengemelde
Raad,
Ao 270.
Raad, M:r W: W: Duyckinck als Gouver„
„nements Secretaris en E:L van uijtrecht
als Hoofd- ontvanger, in handen van den
Gouverneur afgelegd; waarna eene Com
„missie uit dezelve gecombineerde vergade„
„ring zich naar buiten begaf om bij de af
„kondiging der aanstelling van de hiervo
„rengenoemde ambtenaren te adsisteren.
en waarop deze vergadering voor gescheiden
werd gehouden
/was getekend /was geteekend
Cantzlaar Wm Webb Duyckinck
IJ. Elsevier M Hainnga
D Serrurier
Frans Rojer
OL van Uijtrecht
W A: van Spengler B.A. Cancrin
Theod. Sutting G: Hriddels.
De Larreij
Voor Kopij Konform:s
de Gouvernements Secretaris
W: Vring
kopy Dupl.
Curacao den 17 November 1820.
Ingevolge Invitatie van Uwe Excellentie aan den voor„
zitter van den Raad van Civile & Cumineele Justitie ge„
„daan hebben President en leden van voorz: Raad in eene
Extra ordinaire vergadering daartoe gehouden ten einde de
Sacature in den Raad bestaande vervuld te zeen ten nadere
verkiezing van Uwe Excellentie genomineerd.—
Den Heer I N. C Tultino
D Beng
„ IGW Sutting
Edoch by aldien de Camille relatie welke tusseen den
laastgenoemden en den WelEdelen Gestrengen Heer
Raad Fiscaal M:r I.I. Elsevier bestaan, Uwe Excellentie de
zoude doen difficulteren denzelven te benoemen zo het„
ben wy de Eer in deszelfs Plaats vortedragen den Heer
Oortland Louis Parker.—
President & Leden van den Raad van Cuule en Cume„
„neele Justitie omholzen deze gelegenheid om aan Uwe
Excellentie de verzekering van kunnen Eerbied te doen
toekomen.—
President zleden Voornoemd
WG D Serrurier
Ter Ordonnantie van denzelven
41G./ H.R Cayungak
Aan zyn Excellentie P: R. lantzlaar Secretaris
Ridder van den order van den Nederland„
schen Leeuw Schoubenacht in dienst van
zyne Majesteit den konins der Nerlanden
Gouverneur van Curacao Bonairet & Auiba
Pl„o„— Bl„r„ — PC„a „
Voor kopi konform
De Geuverements Secretaris
Wm Webb. Dieyekinitig
Bopy Dupl.
8 442
Aan boord Z. M. Korvet de /omeet
„eelende voor de haven van buracao
Den 17 November 1820
Ik heb de Eer Uwe Excellentie kennis te geven dat ik ter voldie
ning aan de gerespecteerde order van Z. E den Heere Minister
voor de Marine in dato 16 October A:o P:o andermaal met
Z:M: Korvet Fomeet voor deze haren gearriveerd ben
(zonder echter het Eiland te mogen aandoen) sen
einde alle zoodanige vaartuigen, welke in de haven leg„
gen, en verlangen mogen van de bescherming- der gemelde
Korvet in het zeilen naar de overkust, en van daar we
der tot voor dezen haren gebruik te maken, te geleiden
Ik verzoek Uwe Excellentie diensvolgens me wel te
willen informeeren of er op deze tyd dergelijken vaar
tuigen, zich in de haven bevinden, die de wil derwaards
hebben, en zoo ga, wanneer dezelve gereed zullen zijn, zich
onder konvooy van opgemelde Korvet te begeven—
In geve levens Uwe Excellentie by deze berigt, dat met
myn onderhebbenden bodem- als Passaciers van Suri
namen zijn overiekoomen, den Heere Lemmers, Majoor
van ’t Batallion Iagers No 28- De Heer Beeldsnyder
Ravens, Mevrouw Schuurman, en den Heer A: Wight, dese
laatste is een Engelsman, en op het verzoek van den Heere
Gouverneur der Kolonie Suvinamen door my mede
genomen, als in die Kolonie niet kunnende geadmit=
teerd worden—
Met de Meest verschuldigde hoog achting
heeb ik de Eer te zijn.
De Kast:r Duitenant ter zee komman
deerende Z: M: Korvel de Komer
W 7
I: Blom Aan zyne Ercellentie den
Heere Gouverneur Generaal Voor Kopy Konform
van Curacad en onderhorige De Gouvernements Secretaris.
Eilanden—
Mm 11Hb. Duykemk
Kopy Deep6: Ouracat den 17 November 1820
No 489
Ter voldoening aan de Gouvernements disposisie van
den 16 November 1820 n.o- moet ik de vryheid nemen ter
kennisse van Uw Hoog Ed: Gestrenge te brengen, dat ik
op inoitatie van Uw HoogEd: Gestrenge den Post van Raad
Contravolleur zal blijven waarnemen, tot met de terug„
komst van en de overneming van dat bureaw door
den Heer H:T: Nuboer onder genot van de helft des
Tractements door den Raad Contrarolleur genoten
op het tydstip van zijn vertrek, ingevolge de overeenkomst
deswegens door hem en my gemaakt
Voorts heb ik de Eer Uw HoogEd: Gestrenge te berigten,
dat ik tot het waarnemen van het ambt van hoofd
Ontvanger, gedurende dien tyd, ter myner verantwoor„
ding, gekoren heb, den boekhouder van dat kantoor
I: M: Prince, welke ik hoop door Uw HoogEd
Gest: moge goedgekeurd worden
Met verschuldigden Eerbied heb ik de Eer te zyn
Uw Hoog Ed Gestrengens
beveidswillige diewaar
De Raad Contravolleur ad int:
W: G„ Den Hoog Ed: Gestrende
Heer S: B: bantzlaar C:L: van Uytrecht
Gouverneur van buracao
Voor Kopy /onform & ao 83 3 a
De Gouvernements Secretaris
Wm W M Duikinck
335.
Kopij Dupl.—
No 43 Aan boord Z: M. Korvet de komeet ze
„lende voor de haven van Curacao Den
18 November 152
Hoog Edele Gestrenge Heer
Ingevolge mynen onder, waarvan ik de Eer had Uw Excell:
op gisteren het Duplicaat toe te zenden, vinde ik my bezwa
in de haven van Curacao buiten noodzaak binnen te loo
pen. Daar echter deeze order geen in de minste reedene in„
houd waarom het besluit van zyne Majesteit, het inloopen
in deeze haven, by uitsluiting verbood, en den Heer Kapi
tein Raders mij verzekerden Uw Excellentie van deeze Rede
„nen onderricht te zyn, en uit dien hoofden, my permit„
„teerden op de haven te koomen. zo zal het Uwe Excellen
tie koop ik niet vreemd vinden, indien ik de vryheid neem
deeze permissie of accordeering in geschrifte te verzoeken,
ten einde my by onverkoopte omstandigheden over deeze
afwyking van de order des Ministers te kunnen veran
woordere.
Ik heb de eer met de meest verschuldigde hoor
achting te zyn.
De kapitein Luitenant ter zee kom„
„mandeerende Z. M. Korvet komeel
Aan zyne Excellentie den JW.G: J. Blom
Heere Gouverneur Generaal
van Curacao en onderhorige Voor kopi konform
Eelanden. De Gouvernements Secretaris.
Wm 1 M. Duichink
No. 234
Kopy Duplicaat.
Curacao den 18 November 1820
Uwer Excellentie mondelinge order mij daartoe op den
13 dezer gegeven, aan den Raad van Civile & Crimineele Jug
„titie hebbende mede gedeeld heb ik de Eer uwer Excellentie inge„
sloten toe te zenden een Extract uit de Rollen der litespenden
te zaken voor dezen Raad, houdende opgave van de over iede
derzelve gezeten hebbende Leden, Ik moet Uwe Excellentie te
„vens informeren dat de zaken van het Officie Contra den
WelEd: heer Th:s Iutting 99 en van H. H. Ellis Contra
Jan Jacob Brauon, Oorlland Louis Perker z Reenier Krederi
Van Raders gesurogeerde Executeuren, en staat van wyzen
zyn, doch dat in die van het officie Contra C„o Naar,
enkeld gediend is van Conclusie van Eisch, en dag gevraag
en toegestaan
Ik neem dus op last van den Raad de vriheid
Uwe Excellentie te verzoeken, Hoog dezelver intentie, te wie„
ten te kennen geven, omtrent de wyze op welke de
Raad by de respective decisie en instructie dezer onderscheiden
posten zal behoren te zyn te zamengesteld
En het de eer met behoorlyk respect te zyn
De President van den Raad van
Aan zyn Excellentie P.R Cantzlaar Caarle e Cumineele Justitie
Ridder van den orde van den Nederlandschen
140 GD. Serruvier
Leeun, Schout bynacht in dienst van
zyne Maresteit den Koning der Nederlan„
den Gouverneur van Curacao, Bonaire Voor kopij konsorm
3. Auiba Gl: H„ P: — De Gouvernements Secretaris.
Wm 1 Luiskemk
No 233.
Kape Diek Extract uit de Rollen der
Litespendente zaken voor de Raad van
Corile & Crminele Justitie
M:r D Serrurier Eisscher RO. Contra Den WelEd:e Heer
Th: Tutting gedaagde
Present de fungerende, President in Criminalibus Mr H:
R: Hayunga, Frans Royer, &WAA van Spengler, G: Stud.
„dels ordinaire I. H. Putermeister regter plaats vervanger
16. H: Ellis qq Contra Jan Jacob Beaujon & Cortland
Lauis Parker in Rainier Frederick van Raders gesurrogeerd
Executauren van het Testament e Redders van den Boedel
en nalatenschap van wilen vrouwe Elizabethe van Jaar
ling in leven weduwe van Michiel van der Meulen al„
teen overgeblevene Executeur in voorzeide boedel gedaagdens
Present Mr D Terrurier President adinterim. M
W=m Webb: Duyckink gegradueerde T. Royer, W A van
Spengler & G Striddels ordinaire Raden.
Voor Eitract konform
Wg/ H R Hayiinga
Secretaris
Voor kopi komform
De Gouvernements Secretaris.
No 232
burccao den 18 November 1820 /1opy Tapl
No 491.
Daar de distributie van senever aan het garnisoen heden
moet plaats hebben, en de geen genoegzame voorraad van voor„
handen is, heb ik onder goedkeuring van Uw HoogEd Gest: de vry
heid genomen, den Magazijn meester provisioneel mondelinge
autorisatie gegeven, om van den ontlost wordende jenever,
twaalf helders daartoe te nemen, welke introud by de te doene
inspectie door de bommissie welke daartoe zal benoemd wor
=den, naar mate van hunne bevinding by de overmeeting
van de enever, zal kunnen berekend worden.
Uw Hooghd Gestrengens giedheuring hierop hoopende
te ontvangen, heb ik de eer met veneiatie te zyn.
Uw HoogEd: Gestrengens bereids
willice dienaar
De Raad bontravolleur ad int:
Zyne Excellentie /WGJ. C. So: van Uytrecht.
P. R: Cantlaad
Voor Kopy Honform Gouverneur van
Co Gouvernemerts Secretaris. Quracao.
80 80 &o
W=m W M Duukinck
No 24„
Guracao den 18en Novemba 1820 Kapip Diplicaat
No 490.
Aan den inhoud van Uw HoogEdele Gestrengens ceëerde disposi„
tie van den 16en November 1820 onder n voldiende, neem ik.
de vrijheid aan Uw HoogEd Gestrenge by deze kenniste geven,
dat ik van den Secretaris van den raad van Civile en brimine
le Justitie M:r H: R: Hoiungas, per deszelfs messive van desen
datum no 1, en antwoord op myne aanschryving van gisteren
aan hem gedaan, wegens het stellen der vereischte cautie groot
8300„-„ - en het storten van een honderd peros van achten,
tot kennisgeving bekomen heb, dat hy tot zyne borgen voor
steld de Heeren kooplieden William Smith en Haim
Abinun DeLoima, en dat de som van een honderd peros van
achten welke door den gewezenen Secretaris ad. Int: Iacob
Thielen in de Koloniale Kas, gestort is, en aan dezen
weder zal behooren gerestitueerd te worden, met deszelfs con„
sent, in die kas zal blyven voor de storting door hem Mr
Hayanga te doen.—
Voorts heb ik de eer aan Uw HoogEd: Gest: te kennen te
geven, dat ik tot borgen ter somma van Tienduizend pezos
van achten voor de rigtige waarneming van het ambt van
Hoofd- Ontvander, aan my te beurt gevallen, aan het Gouvernement
aanbied, de Weduwe van Wylen Arend Hendrik de Rockemont
en de Weduwe van Wylen barel van der Meulen, dewelke
ik vertrouw door Uw HoogEd Gest: zullen goedgekeurd worden.—
De som groot een duizend pezos van achten welke door
den Hoofd= Ontvanger moet gestort worden, is reeds dezen mor„
gen in kontant geld daarin gebragten
Daar aan den gewezenen Ontvanger Generaal ad: inkerim de
door hem gestorte som, groot een duizend peros van achten
miet gerestetueerd worden, en het blykenmoet, dat de gewe
rene Secretaris ad:ipt: van den Raad van bivile en briminele
Justitie, de door hem, gestorte som, van een honderd peros van
achten, ontvangen of aan zynen opvolger overgedaan heeft,
en dus als ontvangen moet beschouwd worden, neem ik de vry„
heid te verzoeken, UW HoogEd: Gest: wel meenen, des, aangaande te
mogen weten; dewijl zulks met ordonnancien op de Koloniale kas
gebruikelyk was plaats te hebben, en het bedrag dier kas op
heden niet meer bedraagt aan een duizend en zeven
peror
peros van achten, een vraal en vyf stuivers
Ik heb de Eer te zyn
Uw HoogEd: Gestrengens bereid willige
dienaar
De Raad Contrarolleur ad int:
JW. G.
E:Lo: van Uytrecht.
Zyne Exaellentie
P.R: bantzlaas Voor Kopy Konform
Gaaverneurs van Curacao
De Gouvernements Secretaris.
Ja Sa Sa.—
Wm1 Mb. Darpekenck
No 246
Aan boord I.M: Brik Merkuur te
Kopy Dupl:
Curacao den 19 November 1820.—
Het is met een grievend leedwezen Myn Heer de Schout
by Nacht dat ik UW Hoog Ed: gestr: Rapport make
van het gebeurde aan boord Z:M. Brik Merkuur op den 18
dezer s'avonds ten 9 uuren; welk voor val, het zoo ongeluk„
hid gevold heeft gehad dat ik een braaf Suget den korpe
„raal der Mariniers Homeijer Verloren heb; aan eene on„
voorzigtige, en alle zints kinder achtige gedrag van den 2e
Luitenant van Cats de Raetz wie oorzaak zyner Dood is.
De Luitenant gemeld, wacht hebbende Officier op t gemelde
tydvak op dezen Bodem zynde, liet om zich te amuiseeren by
de vioring der Geboorte Dag van H:M: onzen geEerbiertigden
Koningin eenigen voolzoekers van wal kalen, stak dezelve
aan, en wierp ze dan van de Compagne, dan de Bak zulks
gedaan zynde wilde hy eenige Pestool schoten doen, waarop
wylen gemelde korperaal tot hem zeide „ Wilt i eenige Ta
troonen hebben =- ik heb er nog 2 zulks met ja beantwoord
zynde haalde de korporaal die Intronen. —
De Luitenant de Raet en Bootsmansmaat J: van der wal
namen toen elk een Pistool laade dezelve en schooten ze af
de Luitenant de Raet voor de tweede maal het Pistool geladen
hebbende ging t zelve; men welt niet hoe af; en doode den
korporaal gemeld.—
Van de Party gaande /welke door ’t gouwernement gegeven wierdt
ter viering van den dag gemeld / naar boord, hoorde ik twee en
daarna nog een Pistool schot vallen, en by myne komste
bespeurde 'te laatste schotn ’t noodlottige voor gezegde braa„
ver korperaal waare weens ontydige Dood ik zeer betreure.—
Ik zag uit de countenance van den Lustenant de Raet dat hy
wanhopende ware over ’t gebeurde, hy smeekte my om reddende
Hoog Edele Gestrenge Heer
Schouts by nacht, Gouverneur oer
Ouracao Ws N: 205
berwoer my zyn Onschuld en H
de getuigenissen engewonnen van alle de presente stemde
volledig daar in toe, dat het een ongeluk ware, waarvan
elk verslagen was, zoo dat het my voorkomt het noodeloos
zoude zyn gemelde Suitenant thans en arrest in zyn Heet
sonder acces voor een krygsraad te brengen.—
dan zyn gedrag allezints strydig zynde met de goede order eerste„
lyk van na opgezette wagt met vuurwerk om te gaan ten twee„
den eenig wapen af te vuren in de nachte waar toe geene noodzake„
lykheid waren, en ten derden zich met de Equipagie zoo als zulks
gebeurd is te Cameliariseeren:
Zoo is het dat ik UW Hoog Edele gestrenge verzoeke, my van
die offccier te ontslaan met hem te doen Remplaaeren, door
een andere van gelyke cang van Z:M: Korvet, komeet welke
toch weldra naar Europa weder keert, en zich als dan zoo
der Luitenanty de Raet van dit onvoorziens echter zeer
Ongelykhig voorval niet gecorrigeerd worde van zyne kin„
derachtige handelingen van hem kan ontslagen worden.
Het Lyk van wylen den Korperaal gemeld is heden mor„
gen vroegtydig ter aarde besteld en de begravenis, na de
gewoone stijl hier veruigt
De Ridder en kapitein Luikenant ter
Zee.
JW. G H.W. de Quartel.
Voor kopij komsorm
De Gouvernements Secretaris.
Wm WAb Duickent
No 239
Ouracao den 20 November 1820a hopy Dup.r
1d 12.
Ter voldoening aan de missive van Uw Excelentie in dato
den 18 deze, met het daarby gevoegde Extract uit het Journaal
van dienzelfden dag, heb ik de Eer te berigten, als dat den
ager Sarhenborg, dewelke in den maand Juny des voorigen
jaar by het korps gearieerd, en kort daarna met verlof naar de
plantage Hato vertrokken is, om aldaar als schoolmeester
te dienen in de maand February wedeom by zijn korps is
ingerukt, en van dien tyd af aan, geene andere straffen heeft
ondergaan, als alleen voor zyne desertie waaraan hezich
thans voor de derde maal heeft schuldig gemaakt, ook is
deszelfs gedrag overigens zeer wel geweest, zijnde dezelve van
een Melancholiek gestel, en schynt zich zeer te berouwen
en dienst getreden te zyn, nademaal hy van te vooren„
als vroedmeester en Chirurgyn gediend heeft.
Do Majooi der Artellerie Kommande.
gende J.: M: Troepen op baracas
JWo 9/ Dursteler. Aan Zyne Excellentie
den Gouverneur van Curacai
Voor Bopy Konform en Onderhoorige Eilanden
De Gouvernements Secretaris
1 WM Deryekink
Nr 238. Aan zyne Excellentie Paulus Kopy Daiplicact.
Roeloff lantzlaar, Rudder der
Orde van den Nederlandschen Leeuw„
Schout bij Nacht in dienst van zyne
Majesteit den Koning der Nederlanden„
Gouverneur van Curdcao, en onderhori„
ge eilanden Bonaire en Aruba, en
Opperbevelhebber van de Land, en Zee„
magt aldaar Ese: Rc: RO
Hoog Edele Gestrenge Heer
Uit uwe Excellenties missive van ges„
„teren heb ik ontwaard uwe Excellentie my benoemd heeft
tot Lid der Raad van Cirile en Cremineele Justitie dezes ei„
lands
Zeer verEerd door uwe Excellentieskeuze- en verre van
onwillig te zijn, of my te willen ontrekken aan den pligt om
het myne bij te draagen tot het Welvaren dezer Colonie; zo
moet ik echter in deze benoeming Uwe Excellentie 's. consi„
„deratie inroepen, en Uwe Excellentie verzoeken my van
genoemde post te exhoudreren.
Eerstelyk, moet ik uwe Excellentie voordragen, dat myne
menegeuldige beroopsbezigheden, als zynde myn Com„
„pagnon thans in Europa, my niet toelaten, een zo gewig„
„ligtige en werkzaame post, als die waartoe Uwe Excellentie
my benoemd heeft, naar behoren waartenemen, zonder —
zulks voor de loop myner zaken een zeer nadelig gevolg na
zich slipe, daar de netelige omstandigheden ozer handel„
thans meer dan ooit onze geduurige werkzaamheid en at„
„tentie vorderen.
Verders neem ik de vryheid uwe Ex„
„cellentie opmerkzaam te maken, dat engebanden van
Famille betrekking, my verbinden aan den WelEdele
Heer Van Spengler / Lid van genoemde Raad/ zynde ik
de
de volle oom zyner Echtgenoote; het geen ik vermeen, nie
alleen strydig te zyn met het Reglement van gemelde
Raad, maar het geen my mogelyk dikwyls in eene
onaangenaame positie zoude stellen.
Vertrouwende dus op Uwe Excellentie 's goedgeen.
„stige beslissing op dit myne billyk verzoek heb ik de
Eer my met de meeste hoogachting te ondertekenen
Hoog Edele Gestrenge Heer
we Excellenties
dienstwillige en Onderkaanige Curacoo den
dienaar 21 November 18203
JW. G. I N C Putting
Voor Kopi konsorm
De Gouvernements Secretaris.
Wm Wetb Druyckinik
No. 237 Kopy Jupt
Ouracao den 23:e November 1820.
De Schout bij Nacht, Gouverneur van
buracad en Onderhoorige Eilanden
aan.
Zyne Ercellen ie der Gouverneur van
Sl Eustatius St Martin, en Saba
Onder referte mijner missive van den 15:e dezer hueb ik de eer
Uwer Excellentie hierby toetezenden de by my van het Ministerie
voor het Publieke Onderwys, de Nationale Nyverheid in de Kolo
nien, ontvangen en aan Uwe Excellentie geadresseerde depeches=
Dewyl er, naar alle waarschynlykheid in langen tyd, geene
scheepsgelegenheid naar de bovenwindsche Eilanden wezen zal„
en alhoewel het verblyf van een of meer Oorlogschepen op deze
station, hoognoodzakelyk is ter bekoming van den handel
en de scheepvaart op onze naburige Eilander, heb ik nogthan„
noodig geoordeeld zyne Majesteits Brik de Merkuur, ge
kommandeerd door den Kapt: Suit: ter Zee H:W: de
Quartel van tyd tot tyd naar A Eustatiu en A: Martin
af, waardigen met last aan denzelven om al het gene te vervigten
wat uwe Ereellentie, tot beschaming der Commercie van die
Eilanden, zoude noodig oordeelen
De Gouverneur voormeld
W: G bantjlaar.
Voor Kopy Konform.
Do Gouvernements Secretaris
Wm WM Duyckinik
„ Dupl
Ouracad den 23e November 1820
De Schoutby Nacht, Gouverneur van buracas
en Onderhoorige Eilanden —
aan
Den WelEd: Gest: Heer Kommandant
van de Eilanden St Martein en Saba
Onder referte mijner missive van den 15 dezer en geleide dezes,
bekomt U welEd. Gest: de bij mij van het Ministerie voor het
Publieke Onderwys. de Nationale Nyverheid en de Klonien ont„
vangene en aan Uwelld: Gest: geadresseerde depeches.—
Vermits er waar alle waarschynlykheid, in langen tyd
geene gelegenheid naar de bovenwindsche Eilanden zal zyn en
dewyl het nodig zy dat zich van tyd tot tyd een oorlogs vaar
tung in den omtrek van St: Martein vertoone, zoo wel ter be„
scherming van de bommercie aldaar als tot schrik der Insar„
genten kapers, dewelke zoude kunnen ondernemen zich in die wate
ren optehouden, heb ik nodig geoordeeld zyner Majesteitsbrik de
Aerhuur, gekommandeerd door den Kapitein Luitenant ter zee
6: W:s de Auastel, naar A: Eustatius en St Martin te doen
verzeilen, met bevel aan den bomm.r Officier om de bommercie
van die Eilanden te protecteren en voorts verrigten het gene Uwel„
Ed: Gest: tot welzijn van Uw Gouvernemert zoude mogen noode
oordeelen.—
De Gouverneur voormeld
/we / bantjlaar
Toor Kopy Konform
Do Gouvernements Secretaris
G
Wm WM. Duyckenk
Kopy Dwol
Quracao den 25 November 1820
Hoog Edel Gestr Heer
Ik mag niet afzijn Uw Excelsentie mine danke
te letuigen voor myne continuatie, en het toegelegd trac
tement, hoopende zoo in deze als mijne andere betrekking
my Uwer Ercell: vertrouwen waardig te maken.
Daar de Klerk bij de directie der Collateralen
Successie door Uw Excell: met den 1 December aanstaan
de ontslagen is, en dezelve gechargeerd was, met de afgifte
der begrafenis permitten en rondbrenging der Som„
matie billetten, in de Willemstad, Pietermaay, scharlo
en Otrobanda, waarin eigentlyk alleen zyne werk„
zaamheden bestonden, en daarom 15 Pr s' maands
genoot, in plaats van de betaling per Billet, zoo
solliciteer ik van Uw Excell: welmening voor het
vervolg deze aangaande geinformeerd t worden
Ik noeme mij met de diepste
vereratie
De Directeur der Coll: Successie
J:J: Eolsevier G
Van Zyne Excellentie
Vior possy Konform Den Gouvernanven Curaaat
De Gouvernements Secretaris Sa Ea La
24 Wm Webb Daupkink
Copij doplikaat.
N: 501. Suracao den 27 November 1820
twe Excelientie zal mij gelieven te versunnen
nder geleede dezer in tezenden eene voordragt tot het daar„
stellen van de benoodigde maatiegels, om de koloniale kas van
eenige gereede penningen te voorzien tot het afschatsen van
ordonnancien en het afbetalen van dit thans reeds in omloop
zijnde gouvernements papier, mij vleijende dat deze voordragt
door uwe Excellentie moge goedgekeurd worden
Ik heb de een met alle veneratie te zijn
Uws Excellintues
onderd: dienaar
De Raad Contraralleur atint: her
Financin
/was Geto . . L van uijtrecht
Zijne Speellentie
den Gouverneur van
wraers en onderhoorige
Voor kopy kontom Eilanden
E0. de. d0. De Ponvernements Secretaris
Wm Webb Dusekenk
N 241
Kopy Duplicaat
Voordragt aan zijne Ercellentie den Gou„
verneur van buracas en onderhoorige eilan
den, tot het nemen van maatregels ter in
staat stelling der koloniale kas om de
pretentien ten laste van de kolonie geregel„
der en met konantgeld te betalen, tot het
afschaffen in het vervolg van Gouverne
ments ordonnancien en de afbetaling der
reeds in omloop zynde.
Waardien het van het uiterste aanbelang is, de koloniale kas
niet geheel en al van kontanten ontstoken te laten, door de verplig
ting in welke die kas rich thans bevindt, van Gouvernements ordon
hancien in betaling te moeten nemen, voor de pretentien van
het Land, zoo wegens belasting en gevegtigheden als voor het
bedrag van verkochte Bonnaivische en Arubasche woducten
zoo neem ik de vryheid aan zijne Excellen ie den Heer Gouver
neur, als een hoognoodzakelyk te nemen maakregel, tot het
bereiken van zulk een belangryk oogmerk, in overweging
te eeven, of het niet raadzaam zoude zyn, te gelasten en pi
bliek bekend te maken, dat voortaan, alle rekeningen en adsig
natien ten laste van de particulieren, voor verschuldigde gereg„
tigheden en belastingen, van welken aard dezelve ook mogen zin
als mede die voor gekogte goederen van het Land, onder de tien
Jazos van achten en niet meer bedragende in kontant geldzul„
len moeten worden betaald, terwyl de rekeningen en adsiena„
tien boven de som van tien pesos van achten, betaald zullen
rieten worden, de eene helft in Gouvernements ordonnancien
en de andere helfte in gereed geld.
Door dit middel zal, by het in werking gebragte
plan van bezuiniging, de koloniale kas in staat gesteld
worden, om alschoon in een grooter tydvak dan anders
schynbaar daartoe zoude vereischt worden, de thans loopende
Gouvernements ordonnancien eindelyk eens geheel en al aftebeta„
len. Zyzal tevens hierdoor in de mogelykheidgeraken, om de
tractemen, en der ambtenaren en andere vorderingen tegens
de holonie gevegeld en zonder een meer dan behoorlyk uitstel
te voldien, waardoor de noodzakelykheid tot het afgeven van
nieuwe ordonnancien en het noodwendig daaruit voortvloei„
send kwaad, de vermeerdering van dat Gouvernements papier,
de hoofdoorzaak van het discrediet waaren de kolonie is verval„
len, geheel en al zal kunnen worden uit den weg gevuimd.—
Om door de afschaffing van het afgeven in het vervolg van ordon=
nancien, zoo tot betaling van tractementen aan de ambtinaren
als ter voldoening der rekeningen en vorderingen van particu„
lieven ten laste van het Gouvernement, den loop der adminis
tratie in geenen opzigte gestremd te zien, neem ik onder goed=
heuring van Zyne Ercellentie den Heer Gouverneur, de vry
heid voortedragen dat de wyze van betaling door den Hoofd ont=
vanger der kolonie of van zijnen wege, op den volgenden voet zal
moeten plaats hebben.—
In stede van aan elken ambtenaar voor zyn maandelyksc
tractement eene ordonnantie op de holoniale kas aftegeven
zal de Raad bontrevolleur der financien, iedere maand ten
zynen kantore hebben optemaken, eene generale betaling
lyst van de maandelyks uittebetalene tractementen pinnoe.
nen, en gratificatien, en vier hollonnen op welke de namen
der ambtenaren en gepensioneerde en gegratificeerde personen
in de eerste kolon, en de aard hunner bedieningen en betrek=
kingen respectivelijk achter elks naam in de tweede kolon
moeten zyn geplaatst.—
De derde kolon moet het bedrag van het maandelyksch
tractement, pensioen of gratificatie bevatten, van elken amb
tenaar, gepensioneerde of gegratificeerde, met de berekening
en reductie van het gene maandelyks ten behoeve van het per„
cioen en voor het weduwen en wezenfonds van elks tracte
ment wordt ingehouden. — De vierde kolon, die en blancn
blyven moet, zal dienen voor de naamteekeningen der amb:
tenaren, dewelke hunne tractementen, pensioenen, en gra„
tificatien ontvangende, den Hoofdontvanger op diezelfde lyst
voor de betaling moeten kwiteren.— Het hoofd van deze lyst zal
moeten aantoonen, over welke maand en aar, de daarin uitgedrukte
acemen en; pensioenen en gratificatien zich strekken, zoo dat wa
verloop van tyd daarin geene verwarringer ontstaan —
zoodanige lyst door den Raad Contravolleur opgemaakt en ge
teekend, moet op den eersten dag van elke maand aan den Heer
Gouverneur ingeleverd worden, en zal door zyne Excellentie accoord
bevonden zynde, geviseerd aan den Raad Contravolleur ter regis„
tratie behooren teruggezonden te worden.- Intusschen wordt de
maandelyksche rekening van den Hoofdontvanger tegens den 5e of P:e
van elke maand, zoo wel aan den Heer Gouverneur als aan den
Raad Contrarolleur ter hand gesteld, waaruit de staat der
Kiliniale kas, zal moeten blyken — Is het saldo in kas toereikende
om de op gemelde lijst staande maandelijksche tractementen enz: te
voldoen, dan verzoekt de Raad bontravolleur van Zyne Excellentie
den Gouverneur, de benoodigde schriftelyke autorisatie tot zoodanige
uitbetaling en die ontvangen hebbende, moet hy de geviseerde en
gereaistweerde lyst aan den Hoofd ontvanger bezorden, met schrif
telyke aatorisatie tot het betalen der daarop vermelde tractemen
ten pensioenen en gratificatien, in de conductoire missive van
autorisatie ten overvloede nog aanhalende het totals bedrag van de
ingevolge lyst uitte betalene som., Mogt het suldo in was onverhoopt
daartoe niet voldoende zyn, dan behoorde de betaling te worden uitgesteld
om dat het betalen der tractementen by pagementen met moeyelyk
heid gepaard gaan, en slechts aanleiding tot verwarring, misrekenin
en ongenoegen geven zal, vooral wanneer zoodanige gedeeltelijke
betaling van des Raad Contravolleurs of van des Hoofd ontvanger
gunst zoude moeten afhangen. Intusschen blyft het aan den
Raad Contrarelleur aanbevolen, om zoodra het hem zal zyn gebleken
dat de koliniale kas, in den loop van de maand, tot die uitbetaling
in staat is, dadelyk en zonder verwyl aan den Heer Gouverneur
daarvan kennis te geven, en te gelykertyd de benoodigde autorisatie
tot het laten doen der uitbetaling te verzoeken. Wat de betaling
van rekeningen ten laste van den Lande betreff: zulks zal myns in
ziens op de volgende wyze kunnen geschieden Er zal eene bepalin„
moeten gemaakt worden, naar welke bij publicatie gelasts
wordt, dat alle rekeningen voor geleverde goederen en gedane onkos„
ten over de afgeloopene maand/, die voor arbeidsloonen van am„
bachtslieden uitgezonderd, welke wekelijks behooren ingezonden
te worden /:) op den 10:e van elke volgende maand, door den daar„
toe respectivelyk bevoegden ambtenaar accoord geteekend,
ten kantove van den Raad Contravolleur der financien zullen
behooren ingeleverd te worden, alwaar deelve zullen moeten nagezien
en by accoord bevinding conform autorisatie of petitie door den boek
houder van dat kanvoor of door den Raad Contravolleurselven
gecontrasigneerd en vervolgens van wege den Raad Contrarolleur
met eene lyst vergezeld aan zyne Excellentie den Gouverneur ter
visie ingeleverd worden. De Rekeningen door den Heer Gou
verneur geviseerd zynde, moeten aan den Raad Contravolleur
weder ter registratie op zijn kantoor worden teruggezonden,
van waar dezelve geregistreerd en genummerd aan de eigenaar
zullen worden ter hand gesteld, om hunne betaling ten kun
tore van den Hoofd ontvanger der kolinie te gaan ontran=
gen. zullende aan gemelden Hoofd ontvanger uitdrukkelyke
order moeten worden gegeven, om de oudste ovetentien ook
het eerste aftebetalen. De Raad Contvarolleur der finan
cien zal tot dat einde maandelyks alvorens de rekeningen afte
geven
No 246
geven, eene specificke lyst daarvan volgens denelver nummers d
door hem onderteekend aan den Hoofd ontvanger moeten ter
hand stellen, naar welke deze, met betrekking tot het voldoen
der rekeningen, zich zal kunnen recelen.
On dezen viet te werk gaande, zal niet alleen de holo
niale kas van kontanten voorzien worden, om de tracte
menten der ambtenaven en de rekeningen van de leveran
ciers gevegeld te betalen, maar tevens by onvoorziene gevalle
de vorderingen ten laste der kolonie, het zy voor vragtpen„
ningen van uitgezondene militaire vantoenen en met eria
len, als andersin, zonder lang uitstel te kunnen voldoen bi
foute van welk laatste, het Gouvernement reeds in groote
ongeledenheid en in de verpligting is gebragt, om van de
ingezetenen geld optenemen, of door kwaadwillige kooplieden
voor hunne v,agtpenningen gedagvaard te worden, welke
maatregel van het Gouvernement en handelwys der
kooplieden Bing & Putting, voor het bredict der
kilonie ten uiterst nadelig is geweest. Voorts t al de
koloniale kas en ook de ambtenaren door het aannemen
van dit Plan merkelyk bevoordeeld worden. de eerste
door de uitwinning van een onnoodig drakloon van ordonnan
cien de laatste door niet in de verpligting te gevaken van
hunne ordonnancien voor tractementen, met verlies te moete
verkoopen of aan hunne brediteuren met een afslag van
tot 11 perb=t en meer affestaane Dan komt voorna„
welyk nog hierby dat de finale afbetaling van de civeule
rende ordonnancien dewelke by het adasteren van dit Plui
eindelyk zal moeten plaatshebben, terwyl het aanhoudend
daarstellen van nieuwe ordonnancien zulks te eenenmale
onmogelijk maakte, zoo by de ingezetenen als by de vreemde
lingen eenen zeer gunstigen invloed zal hebben ten op
zigte van het hiloniaal credict, een voornaam punt waarop
het Gouvernement desselfs aandacht onafgebroken be„
hoorde gesestigd te houden.
Buracao den 27 November 1820
De Raad Contravolleur ad: int den
Financien
EL van Uijsecht 1112
Voor Kopy Konform
De Gouvernements Secretaris A
11/n 11 Wetb Duyckenek
Wrope Dupl
Fiscalaaf den 27 November 1820. No 165
Daar by Uwer Excellenties besluit, my by Extract Tour
naal d: d 24 dezer, kenbaar geworden, de Opper, Politie
wachter & zes Politie wachters met 1:o December aanstaande
zullen worden gesupprimneerd, zoo neem ik de vryheid
Uwe Excellentie te proponeren om ook de twee nog overige
te ontslaan, en dezelve te doen vervangen zoo veel het
mogelyk is, door vier Blanke personen, dewelke gelyk
eertyds, en gelyk het geval nog is, met de twee Justitie
Lienaren, uit afgedankte Militairen zoude kunnen
genomen worden— De administratie der Politie
had allang deze mesure noodzakelyk gemaakt
evenwel moet ik observeren dat voor F. 150 men nie
mand, daartoe zal kunnen vinden, dan door de
vernietiging van negen Tractementen, zoude deze
vermeerdering, niet tot nadeel der kasse verstrek
ken, en de rust der Ingezitenen zoude er veel by
inwinnen
Ik heb de Eer met behoorlyke respect te zyn
De Raad Fiscaal dezer 1 onder„
Eilanden Zyne Ereelsentie den
Schout by wacht P: R. bantlaar JW4
J:J: Elseveer Bidder van de orde van den
Nederbandschen Seeuw Gouverneur
dezes & onderhoorije Eilanden
Voor Kopy / onform
De Gouvernement Secretaris
Wm WMb Duischimk
No 243
Kopy Dupl.
Ouracao den 27 November 1830—
Ik haast mij ter kennisse van uwe Excellentie te
brengen, dat ik op heden de Secretary van den Raad van
bivile en brimineele Justitie onder Inventaris getee
kend door den gewezenen Secretaris adinterim den
Heer P Thiele en door my heb overgenomen.
Uwe Excellentie houde het my ten goede dat
zulks niet eerder is geschied; de ramp die my dezer
dagen zoo gslyk getroffen heeft maakte my onbe„
kwaam tot het waarnemen mijner publieke
functien
Ik heb deser met allen Verbied te zyn
De Secretaris van den Raad
van Civele & brrm: Justitie
/WG: H: B. Harunga
Voor kopy konform
Aan Zyne Excellen, ie
De Gouvernements Secretaris
I: R: Cantzlaar vidder aer
orde van den Nederlandschen
W M Duyckinck
Leeuw, schout by nacht van zijne
Majesteit den Koning der
Nederlanden Gouverneur van
buracad, Bonaire & Aruba
Ra Ja Van
f
No: 250
Fiscalaaf den 22 November 1820 RResi Purl
A 161
Ter paritie aan den ishoud van ’t Extract Tournaal
d d 20:e November tb N: my door Uwe Eveellentie by
geleidende messive ingezonden, by dezen dienende van con„
sideratie op de daarby gevoegde Bekwist van den Iager
van Starkenburg aan Uwe Excellentie gepresenteerd tot
obtien van gratie der tegens hem by vonnis van den kryg„
raad uitgesproken sententie van zes Jaren confinement
in de Yzers; benik van oordeel, speciaal na lecture van
het mede toegezonden berigt van den Majoor Com
mandant der Troepen, Uwe Excellentie op requisitie
gegeven, dat in het geval van den Bekwestrant allezins
termen voorhanden zyn om mitigatie van straffe te
verleenen, gemerkt zyn Physieg Ligchaams gestel
en daaruit roostvloegend melandolie de oorzaak tot
het pleegen der misdaad schynt gegeven te hebben die
in regten de stralses van begiane mindaden veelal ver„
„minderd en den graad van bulpabilieit diminueert
boven dien is de misdaad gepleegd zonder aggravant
omdtandigheden, terwyl ook zijn vrywillige terugkomt
mede in aanmerking schyn„ te komen, en hy bevorens
om andere slegt gedrag nimmer bestraffing heeft onder
gaan—
En hiermede vermeende aan Uwe Excellenties
aanschryving, voor zooveel my regardeerd voldaan
te hebben, heb ik de Eer met pligtmatig respect
te verblyven.
De Raad Pircaal dezes & Ind h: Tib:
WG
Aan zyne Excellentie den
J: I: Elsevier Schout by nacht Gouverneur van
buracao t onderhorige Eibander
Voor Kopy Konform. V da sa
De Gouvernemerts Secretaris
Wm 1 M. Dugekinct
N:o 24
Bop Dubl Ouracao den 25 November 1820.
Ter voldoening aan de order vervat in het Extract van Uwer
Ercellenie Journaal van den 20 dezer H:r en my toegezonden
by condeictoire messive van dien datum no 513. heb ik de Eer
over het verzoek, door den tot zes jaren kruiagen gecon„
demneerde Jager van Harckenborgh gedaan en tenderende
om gratie van deze straf te mogen bekomen, te dienen van de
volgende consideratie.
Dat ik my vooreerst volkomen vereenig met het advis van
den Heer Raad Fiscaal aan mij gecommuniceerd, en
houdende dat er termen zijn om aan den Suxpliant mete
gatie van straffe, in het Reglement op het Beleid van de
Begeving ta art: B genoemd gedeeltelyke gratie te verleenen
en zulks wel om de reden daar geallegueerd, als mede om dat
de melankolie van den requestvant, daarvoor het vasport van
den Heer Commandan der troepen eene sterke peresum hie
oplevert, en omtrent de metigeerende kragt van welke als in
het bremineel wetboek niet gementioneerd de politieke
wetten gevolgd hadden moeten worden, indien dezelve bewese
ware geweest in die beteekenis te hebben bestaan, waarin
dezelve bij de schryvers over het brimineel Regt wordt begrepen
denzelven requestrant volgens het nog in Nederland in ge
bruik zynde Fransche regt van alle, en volgens de beschreven
keizerlijke en Hollandsche wetten, alhier in gebruik van
de ordinaire straf zoude hebben bevryd, komende het verder
my waarschijnlykse voor dat voor Nederlandsche militaire
regtbanken om het even waar dezelve zitting houden in geval„
len waar het militair regt niet beslist heeft, niet de oude en
de bolonien ingevoerde, maar wel de thans in het koningryk
in kragt zijnde wetten, het subsidiaor regt moeten uitmaken,
Dat ook de vrywillige terugkomst van den request an„
deste meer voor hem moet pleiten.
1:o Om dat het stellen van zich zelven in de handen der Justitie en
verre de meeste gevallen zoo wel volgens het thans in het Moeder„
land vioerende, als voormaals gevigeerd hebbende regt eene volstreke
gevorderde voorwaarde is, en was, om het effect te verkrygen der
genade van den Prinse van den Lande, en
2:e Om dat deze teruakomst schynt geweest te zijn vrywillig, niette
genstaande het geen de Suppliant in zijn veoriest opgeeft van de
onmogelykheid der vlugt van het Eiland, zijnde in ondergetee
kende
„kende volkomen overtuigd dat deze vlugt wel degelyk mogelyk
was — Eindelijk: verzoek ik nog Uwe Excellentie te willen
observeren dat deze myne Consideratien gegrond zijn op de
noodzakelyke onderstelling dat het 130 en 139e art van het
brimineel Wetboek te Lande in het onderhorige geval be„
hoorlijk is geaspliceerd geworden en dus dat niet alleen
den krygsraad gebleken is van de twee vorige desertien,
maar ook dat de straffen voor de eerste en tweede desertie
bij art 13½ & 136. of wel art: 135 en 13/ bepaald aan den reques
trant ten vollen zijn uitgevoerd, alzoo ik in het niet te
verwachten tegen overgestelde geval my verpligt zoude geoor„
deeld hebben, myne consideratie tot een meer bepaalden
trap van gratie, en op eene meer dringende wyze in te rigten
Vertrouwende aan Uwer Excellentie mening ten
dezen zoowel in my is voldaan te hebben, heb ik de Ver„
met verschuldigd respect te zyn
De President van den Raad van
bivile t briminele Justitie
p1. Aan Zijne Exeelsenie
den schout by nacht,
D: Sernevier Gouverneur van Euracao
& Onderhoorige Eilander
Voor Kope Konform da sa La
De Gouvernements Secretaris
W=m Webb Dusckinik
N 248
Kopy.
Curacao den 28en November 1820 N„o 502
Ik het de eer ondergeleide dezes aan
dwe Excellentie te doen geworden myne
nadere bedenking welke ik over ze voor„
dragt van gisteren nog vermeen aan dwe
Excellentie te moeten voorleggen.
Ik heb de eer te zijn
Uws Excellentien
Onderdanige dienaar
De Raad Contraroll: adet. d
W. G:/ C. L. van Uytrectt
Voor kopy Konform
De Gouvernements Secrstaris
zyne Gallentie
den Gouverneur van Curacas
Le. Le Le.
N 253
Nadere bedenkingen op de ingeleverde
voordragt aan zijne Excellentie den Gou
verneur van buracao en Onderhoorige ei=
landen, tot het nemen van maatregels
ter instaatstelling der Koloniale kas
om de pretentien ten laste van de Koloni
geregelder en met kontant oeld te betalen,
als mede tot het afschaffen van het
voorsaan in omloop brengen van Gouver
nements ordonnancien en de afbetaling
der reeds arculerende ordonnanciea
Daar alle voordragten aan veranderingen en verbete
ringen onderherig zijn, en ik gaarne die waaraan myne
gesuppediteerde voordragt van gisteren, by nadere overroe„
ging my vatbaar is, voorgekomen, aan zijne Excellentie
den Heer Gouverneur wel mededeelen neem in de vryheid
het volgende nog voortestellen.
Om, inplaats van de betaling der rekeningen ten laste van
het Land, slechts op de registratie van den Raad Contvarol
leur en op de visie van den Heer Gouverneur te laten ge
schieden daarvoor ook betalingslysten te laten vervaardi„
gen. even als voor de tracteminten hetwelk ook nader zal
bepaald, en op de volgende manier behoorde bewerkstelligd
te worden
Geene betalingslysten of ordonnancien, zoo als men dezelve
zal willen noemen, zullen door den Heer Gouverneur getee
kend worden, alvovens zijne Excellentie uit de rekening van
den Hoofd ontvanger zich zal verzekerd hebben, dat er pennin
gen genoeg by dien Ontvanger voor handen zyn om de bedra„
een der betalingslijsten, welke geteekend mieten worden, ter
stind te voldoen. Wanneer er dus eene Som voor handen
is, laat de Gouverneur zich door den Raad bontravolleur
opgave doen: - S van de verschuldigde tractementen pensioe
nen, gratificatien enz: het bedrag van iedere maand af„
zonderlyk, 12:e Van het verschuldigde aan particulieren wegens
gedane leverancien enz: mede maandelyks ^ Als dan beoor„
deele de Heer Gouverneur in hoe ver die vorderingen
kunnen worden afbetaald, en men behoort reck onder ver=
bevering, over die van eene volle maand te bepalen voor„
namelyk ten aanzien der Tractementen pensioenen en grati
ficatien, doch aangaande leverancien zoude zulks over eene
halve maand kunnen plaats hebben alhoewel liest eene
volle maand, als er geene dringende redenen tot het tegendeel
=ijn- strekken de penningen om al de vervallene particu
lieve schulden wegens leverancien enz: te betalen, aan komen
eerst de tractementen der ambtenaven in aanmerking, zo
niet worden er ordonnancien of anders zoo als reeds gezegd
is, betalingelysten, wegens die zoodanig vervallene parti.
culiere schulden, over eene of meerdere maanden, in zoo
ver de penningen toereikende zijn opgemaakt, door den Goo
verneur onderteekend, ten kan, ore van den Raad Contra
volteur der Tinancien geregistreerd, in viege als in de voor„
dragt omschreven is, en aan den Hoofd Ontvanger tiegezonden
ten einde de daarop staande posten te voldien en wel zinder
autorisatie brief, dewijl het hoofd van deze betalingslijst en
zelf de autorisatie tot betaling zal moeten uitmaken. —
Intusschen laat de Raad Contravolleur adverteren, zoo door
aanplakking als door insertie in de bourant dat de preten„
tien op de Koloniale kas, over deze of geene maand zullen
afbetaald worden, ten einde een ieder zich met zijne rekening
bij den Ontvanger kan addresseren en voldoening ontvan„
gen, tegen afgifte der geviseerde en geregistreerde rekening
door den houder voldaan onderteekend. — zyn er Gelder
in kas, om detractementen enz: ook te betalen, dan wor=
den er betalingslysten over eene maand of meer opgemaakt
want het is niet meer dan bellyk, dat de particulieren het
eerst betaald worden.— De betalingslysten voor tracementen
pensioenen, gratificatien enz: worden dan ook als reeds
gezegd is door den Heer Gouverneur geteekend ten kantoore
van den Raad Contrarolleur geregistreerd, en aan den Hoofd
Ontvanger, doch zonder verdere autorisatie om redenen reeds
gemeld, ter hand gesteld. Teszelfder tyd brengt de Gouver„
neur met eene circulaire rond te zenden, ter kennis van de
Ambtenaren, en andere belanghebbenden, dat zy hunne tras
tementen enz: over de behaalde maanden kunnen gaan ont
vangen, waardoor geene ongeregeldheid of gunstbetooning kan
plaats vinden.
Is men na verloop van eenen zekeren tijd zoo gelukkig
om alle thans in omloop zynde ordonnancien afbetaald te
hebben, zoo kan men verzekerd zyn, dat het verschuldigde ad„
het Gouvernement met geld betaald wordt en de Heer
Gouverneur heeft het in zijne magt, om de oudste preten„
tien het eerste te laten voldoen, want de rekeningen die
gevo.
geviseerd aan de leve anciers enz: worden teruggegeven, behooren
eeniglyk te strekken tot bewijs hunner vorderingen, zonder
daarmede betaling te kunnen dien, of daarop betaling
te ontvangen, zoo langer geene ordonnancie op de beteling
lyst deswegens is opgemaakt en afgegeven.—
De arbeusloonen behooren, atschoon wekelyks ingele
verd wordende, mede op betalingslysten in viece voorschre
ven is, betaald te worden, en daartoe zullen er wel pennin
gen genoeg voorhanden zyn.
De Magazyn Meester zal aanschryving moeten
hebben om alle aankoopen ten behoeve van het Gouver„
nement op drie maanden tyd te betalen te laten
geschieven, ten einde het Gouvernement tyd te geven om
schikkingen wegens de betaling te kunnen maken
Ouracao den 28 November 1820—
De Raad bontral: ad: int der Fin
W:G:C: L: van Uytrecht
Voor Kopy /onCorm
De Gouvernement Secretaris
Wm WM Duickinek
N 252
kopy Dupl.
2o A N:o 121. Curacdo den 29 Nov: 1820
Wy hebben de Eer ter kennis van U Hoog Edgestren„
„gen te brengen, dat zedert 30 Octob: lb 44 man zoo Ta„
„gers als artilleristen voor den tyd van 4 Jaren zyn ge„
„reëngageerd, en dienvolgens van de toenmaals ontvan„ eo
„gene Som; groot P:s 744.7.2 voor ƒ1000 AC:t Slechts P89.3.
O
f 120 NC: Handgeld voor 6 man, in kas over is terwyl, voor
de opgegeevene sterkte nagenoeg eene gelyke somma
tot Compleet zal benoodigt zyn.
Weshalven wy verzoeken de Novo met een fonds voor
Handgelden te worden gesubsideerd
De Administrateurs van het
Garnisoen te Curacao
WG V Krapf
Oplast derzelven
Aan zyne Excellentie den Gouverneur Plats
Vin Curacao en onderhoorige Eilanden) Kap:t kwr
Z g W
G
Voor Kopij konform
De Gouvernements Secretaris.
Wm Web Derietenk
No 2.51
kopij duplikaat
uracao den 30en November N: 504
1820.
Ik neem de vrijheid uwe Excellentie kennis te doen
dragen, dat ik het kantoor van den gewezenen Ontvanter Te„
neraal adinteum S. Iutting in behoorlijke orde in volgens
inventaris hiernevensgaande heb overgenomen en hem wegens de
overdaaf van dat kantoop heb gekwiteerd
soorts dat ik insevalge uws Excellenties goedkenning en
kwalificatie van den Boekhouder van dat kantoop tot het waarne„
dezes kolinie
men van de werkzaamheden aan den post van Hoofde ontvanger
verknocht, by Gouvernements dispositie van den 17 der November 1820
H -- - - ontvangen, dat kantoor met alle de stukken tot hetzelve
behoorende onder inventaris ten mijner verantwoordelijkheid
aan den gemelden boekhouder I. M. Prince heb overgegeven
Waarmede ik de eer heb te zijn
Uws Excellenties gez: dienaar
De Raad Cont: adint der Fiance
/was gets J C. L. van Uitrocht.
Zijne Epoellente
P B lantslaar
konforn Gouverneur van Curacao Voor rop
20.. 20. do. De Gouvernements Secretaris
Wm Wetb Duichinek
No 238
Inventaris van de Boeken op het Buredu van den Ontvan
„ger Generaal op den 15=en November 1820, gevonden; Overgegeven
door den gewezenen Ontvanger Generaal adinterem Theod„s
Suttine, aan den tegenwoordigen Hoofd Ontvanger C.D
van Uijtrecht
Sournaal & Prootboek van het Ontvangers kantoor sedert 4m
Maart 1816 tot ultimo Augustus 1816
In ts uitklarings boeken in het Net 2 Klaat
Een Patenten boek
Een boek van Hoofd & Familie gelden van 1816 tot 1819.
Een d:o van maandelyksche verantwoordind met deselfs
Duplicant
Twee d=o der Lysten van ingeworderde en verantwoorde recoghitie
gelden.
Twee d=o der Lijsten, van im e uitgevoerde goederen
Drie leggers van Hoofd & Tumilie Gelden over 1318, 1819 2 1820
Een kas boek sectert July 1818 tot July 1819
Een d„o d=o sedert 1 Sept:r 1819 tot 15=en November 1821
Een maandelyjksche rekening boek
Een boek der Een percent kaapvaarts kas
Een d:o „ Verantwoorde Recogtutie rekeningen
126 Recognitie rekeningen ten bedrage van Ps 5,864.7.4
„ 5,388.5„— 32 adsignatien op diverse
By ons ondergeteekenden opgemaakt
te Curucas den 29t November 1820
Voor kopi Konform JWG C. L van Uytrecht
„ Theod:s Iutterig De Gouvernements Secretaris/
Wm Welb Duickenik
No 25
Kapy Dupl.
Buracao den 1„n December 1830 No 506.
Daar de Gouvernements golet 's Lands Pakket gevoerd
door schipper A. de Gorter op gisteren alhier heeft aange„
bragt eene lading zout van het eiland Bondire, en er geene
plaats meer tot bergine van dat artikel voorhanden is,
al de pakhuuzen by het Hospitaal en ook het laatst ge„
„huurde reeds vol zynde, heb ik onder goedkerrind van Uwe
Excellentie den Lands Makelaar last gegeven, om naar een
pakhuis omtezien tot het bergen van deze ladind en van
het overige zout, dat nu zal moeten afgebragt worden, om dat
en geen genoedzame voorraad van brandhout nog kalk op dan
eeland voorhanden is, om de beide vaartuigen lading te bezorgen
De Lands makelaar my rapport gedaan hebbende, dat er
op de werf van de Heren van der Meulens, een pakhuis lang
44, breed 18 en hoor 11 voelen, te huur is a twee Johannes
sen 's maands, en de magazyn Meester op myne invitatie
het locaal bezigtigd en tevens naar anderen geinformeerd on
van zyne bevindeng kennis gegeven hebbende, heb ik voor
het gemelde pakhuis 15 pezos van achten 's maands laten
bieden, doch 18 pezos van achten, de minste prys zynde waar„
voor hetzelve 's maands verlaten wordt, zoo neem ik de
vryheid Uwe Excellentie te verzoeken my autorisatie te wil
„len geven, om het locaal voormeld tot bergine van coul
voor den vastgestelden prys van 18 Peros van achten 3
maands in huur te nemen, welke uitgaaf op dit tid
stip niet zal kunnen vermeden worden
Met Verschuldigden eerbied heb ik de eer te zyn
Uws Excellenties
Onderdanige dienaar Syne Excellentie
De Raad Contr: adet=r der fr den Gouverneur van Curacas
1WG E D van Uytrecht & Onderhoorige eilanden
Bl3 Vl= V
No 256
Depeb
Aan Z: V: al
den Guuverneur
van Quracat
de a Ja
Curacao den 11 December 1820
Hoog Ed en Gest: Heer.
Ontvangen UErcellenties Missive, waardoor wy
geinviteerd worden, den doodgraver by onze Gemeente aan
tezeggen, s' veeklyks opgaaf aan den Directeur der bolla
terale successie te dien, van de geene welke gedurende der
verloopene week begraven zyn, geworden, waarop wy de Ver
hebben Z. Excellensie te bevigten als dat zulks voor ons
alleen mogelyk is, van die geene, welke op ’t Roomsche kerk„
hoff / gen: St Anna / begraven worden, terwijl er een groot
gedeelte, en wel het grootste gedeelte der slaven begraven wor
den op andere plaatzen, waar wy geen de minste kennis
van dragen, terwyl er geene vaste doodgraven be onze ge
meente is aangesteld.
y hetlen de Eer te
Hood Eo: en listvenge Heer
U Erielenties Onderd: Dienar
Dit naam der R. C: Werkenraad
WGP: de Graaf
Boey Kontort
vernemerts Secvetaris
Wm Witt Duipkinik
N 255 Tiscalaat den 41 December 1820 Kopij Dupti aaa
No 170.
Daar onder ’t Engelsch Gouvernement Jaarlyks bij Publ
catie het werpen van Voetzoekers en Vuurwerken op de open
bare wegen en straten verboden is geweest en welk verbed op den
11 February 1819 is gerenoveerd, zonder dat de boete op deze
contraventie bepaatd is. solliciteer ik Uwe Excellentie om„
indien mogt goedvinden deze verandering in stand te laten
dezelve te willen bepalen; ik vind my echter verpligt Uwe
Excellentie te observeeren dat de boloniale gewoonte om
by het Kersfeest & Nieuw Jaar zich met het werpen van
vuurwerken te vermaken, speciaal op Pietermaay in Otrabandu„
met geene mogelykheid anders dan door het gebruik van Militaire
Patrouilles te verkinderen is, zijnde het geving aantal suppoosten
van Policie, daartoe niet in staat, gelyk ook de ondervinding
heeft geleerd, dat de Licentie tegens het verbod is aan gewas
schen, waarbij komt dat veele Ingezetenen in het maken
van Vuurwerken hun gedeeltelyk bestaan vinden.
Uwe Erallentie echter oordeelende dit op de oude en
gebruikelyke voet te laten verzoek Uwer Excellenties auto„
vicatie als dan om met bepaling van de boete het inter„
diet dieswegens te laten doen, met affizie als waar ge„
woonte.
Verders heb ip de Eermet de meeste Verbiedte zyn
De Rand Fiseaal dezes t onderhoorig
Eilanden.
JWg/ S:I: Elsevier Zyne Excellentie den
Schout by nacht Gou
Voor hapen Kenform verneur van buracao
en onderhoorige Eilan De Gouvernements Secretaris
den — R t t
Wm Webb Duyckinck
No 254
Euracao den 3en December 1820Kopen Dupl
De leden van den Raad van Policie zullende voldoen aan
uwer Ercellenties invitatie in de vergadering van den 20=e November
ll gedaan, bieden uwer Excellentie by deze aan, eene nominatie
van drie personen. namelyk.
De Heeren J. N: C: Putting,
I: C: Meyw. „
D: Bing
Ten einde uwe Excellentie daaruit een tot lid van welge„
melden Raad moge kiezen, ter vervulling der bestaande van
cature.
De Loeden voormeld
JV. G/ I: I: Elsevier
C: L: van Uytrecht
Raad bont: ad: int. E: P.
Aan Zyne Ercellentie
B: A. Cancryn
den schout by Nacht
Gouverneur, van buracad
/:/ Theod Putting: en Onderhoorige Eilanden
dia &a &a De Parrei
G00
Voor Bopy Konform
20 Gouvernements Secretaris.
Wm Wibb Beuickinik
No. 263
Aan boord Z.M. v/dorvet /omeet Lo19
gende in de haven van Guracad 21 1o/t
Den 9 December 1820
Ik heb de Eer Uwe Excellentie te rasporteeren, dat
„nen onderhebbenden booem beveils 3 weeken me
van Uwe te cetentie in deeze haren heb
vroerd, zoo tot reparatie en conservatie van het tui
„hoofdzakelyk tot afwagting van konvooij waar
rer echter geene vaartuigen zich hebb kuis.
angemeld, niettegenstaande ik volgens de gebruike oeder
randoo den 4 dezer het gewone sein van aangeving he
waayen, zoo stel ik aan Uwe Exallentie voor, om
ge en ter voldoening aan mynen order, onder desze
approbatie een houistocht te doen, en met de Korve„
ir Porto Cabello en Laquayva te zeilen, ten ei„
ernemen of zich aldaar vaartuigen bevinden d
„el naar baracao hebben, en van de beschermin
ter homeet zoude willen gebruik maken, waarna ik
ra of loos dezer tocht, die waarschinlil in groote 111 da„
zijn ten einde gebragt weder op deze haren wensch
te nomen, en als dan na vereffening mijner gemaak
rekeningen, in het begin van de maand Ianuarij aa
stag zdg langs de Eilanden P. Martin en St Eustati
weder naar mijne station te Suriname terug te keere
Capitein Luitenant ter De
Acommandeerende Z. Kiorvet Kom„
Zyee Excellentie de„
W: CJJ: Blom Heere Schout bij nacht,
Gouverneur van Euraegi
Voor Kosy /1ontorn en onderhorige Eilandens
De Gouvernemints Secretaris
Wm Webb Duyckinck
2
262
/ope Depel
Fiscalaat den 9 December 1820 N„ 171
Daar de bast: Louit: Blom, Commandeerende
s Konings borret de pomeel, zwarigheid maakt in de
betaling der onkosten, voor het onatten van een zijner
wegoelopen Matrosen, waarvan het signalement ter
sircalaat was ingezonden, t geen bevovens nimmer door
de overige Commandanten van s Konings vaarhuigen
is verweegerd, zoo neeme ik de vriheid Uwer Excellentues
orders voor ’t vervolg deswegens te verzoeken.
Ik heb de Eer met de meeste Estime te zyn,
De Raad Fircaal dezes & Onderhorige
Eilanden Sijne Eeellentie
den Schout by nacht
JW: G: I:J: Elsevier Gouverneur over baracas
& onderh: delanden
Voor Kopi bonform so sa za
De Gouvernements Secretaris
W=r Wetb Detipkemike
No 261
hopy In plicaat
Aan Syne Egcellentie Paulus R„s Kanselaar,
Gouverneur, van buracao, Ende andere onderhoorwde
Eelanden, El:, Etc:, P:r9
Syne Excellentie
Een ongelukkigen Valt op zyne bloote knien; voor de voe„
„ten van Zyne Excellentie, om pardon of moderatie van
straffe, in dezen Ellendigen staad, Pieter Johannes van
den Berghe geboortio van Vynchem in Vlaanderen, oud
42 Jaren gecondemneert- in de maand maarte 1820
voor zyn leven land in de Eyseren H:r Door de brimenele
Justitie op het Eeland Bondire Zoo Zyne Excellentie, de goed„
heyd zoude Believen te verleenen aan Een Ongelukkigen,
pardon of moderatie van straffe, de Welke ik ongelukkigen
my zal draagen gelyk ik mij draage, tot dato, dezer en
bondire, Ende zyne Excellentie, altyd te hebben Ende te
Eeren, als vader der ongelukkige, Zoo lande ik Lerr„
Vertrouwende op uwe Excellentie hoogste goedheijd en
mensche lier endheid - neeme de vryheid met de meeste
Eerbied myn te onderteeken
De Ongelukkige
Op het Eelund Bonaere G Pieter Johannes van Den Berghe
Den 5e x 1320
Voor kope konform
De Gouvernements Secretaris.
Wm Webb Duusekemit
N 260
kopy Suplicaat
No 518. Curacuo den 12 December 1820.
Ik neem de vrijheid aan Uwe Excellentie ter lectue
te doen toekomen eene voordragt welke aan my van wegen
de onderteekenaren is toegezonden met vezoek om dezelve
aan Uwe Ercellentie in den RRaad van Policie aantebieden
Dwe Excellenties Welmeenen wegens de inlerkring daarvan
Verlangende en verzoekende te mogen weten Verblyf ik met
Verschuldigde eerbier
ut Excellenties
Onderdanig dienaar Zyne Excellenkie.
De Raad Conte ad dfr den Gouderneurs RR. Cantilaar
JWG C. B. van Uytrecht Ridder der orde van den
Nederlandschen Leeuws
Voor kopy kimform
De Gouvernements Acreturis
Wm Webb Linskinik
N 259
Euracad den 12 December 1820. N31.
Ik neem de vryheid ter kennis van Uwe Geel
„lentie te brengen dat, ik by het overnemen van
het. Ontvangers kantoor bevonden heb, dat de gewezen
Ontvanger adinterem Th„r Jutterco den persoon van
Cornelis Ellis als extra klerk en zynen dienst had. en derige
het my gebleken is, dat het gemelde kantoors buiten
eenen zoodanigen klerk al de werkzaamheden moegelyk
zal kunnen verrigten, het my noodzakelyk voorgekomen
is, den gemelden persoon in dienst van het Hoofd Ont„
vangers kantoor te laten Continueren, edoch daar de
geloofwaardigheid van dien klerk ten opzigte van het„
rond brengen en afgeven der rekeningen aan de Par„
ticulieren, van het grootste aanbelang is, by geval van
daarover ontstaande verschillen: zoo ben ik te rade gewor„
den, my te vervoegen by Uwe Excellentie met verzoek
dat het Uwe Excellentie moge behagen, den gemelden
Cornelis Ellis als Extra klerk op het Hoofd Ontvangers
kantoor den eed te laten afleggen, ten einde als breedig
perzoon getuigenis te kunnen geven en geval van
Verschil over het al of niet bezorgen en Ontvangen
der Gouvernements rekeningen.
Ik theb de eer te zyn
uws Excellenties Onderdanige
dieraan
De Hoofd Ontvanger Zine Exeellentie
17/1G./ E. S. van Uytrecht Den Hoog Edele Gestrengen
Heere P. R. bantzlaas
Ridder der orde van den Neder„ Voor Kopij konsoom
„landen Leeuw Gouverneurs De souvernements Secretaris.
Jan Curacao Hlr Hl Ves
Wm Wetb Duyckink ƒ
Den welEd Heere E L van Uy Kgpij Der N: 82
trecht Raad bortrarolleur Generaal
adinteum der Tinancien.
De tegenwoordige op dit Erland heerschende schaavcheid
aan gereed geld, heeft de Ondergetekenden inwoneren dezes
Eilands den Eersten Ondergetekenden Hardoze doen dan
sporen de vryheid te nemen, het volgende voorstel te ont„
werpen en gezamentlyk met ons aan UEd als thans aan
het hoofd der Financien geplaats zynde met allen Eer„
bied aantebieden, beleefdelyk verzoekende, dat ingeval„
hetzelve UEd:s gaedkeuring int eenige opzichten erlangen
kan, als dan met eene gunstige aanbeveling hetzelve
voortedragen aan zyne Excellentie den Gouverneur I„s
R. bantzlaar udder der orde van den Nederlandschen Leeue
en den Edele Achtb: Raad van Policie dezes Eilande
dewelke wy ootmoediglyk verzoeken, aan deze voordragt
als eene zaak van groot aanbeland zynde de rodige
aandacht te verlenen, Nactemaal WWy reden hebben
te hopen dat dezelve als dan niet zal worden afgewezen
vermits de aanneming en uitvoering van dit Ilan, als
het geschikte en minst, moeyelyke middel kan be„
schouwd en zal bevonden worden, om de ongelegenheden
en bekommernissen welke byna onophoudelyk uit
hoofde van het gebrek aan Kontanten onder alle Kla„
sen der inwoneren, doch vooral by de behoeftige op dit
Eeland klaats heeft, geheel uit den weg te ruimen.
Het Plan hetwelk de ondergetekenden de vryheid Nemen
hierby aan UEd aantebieden heeft niet alleen ten doel
het plaats hebbende gebrek aan gereed geld te doen opkou„
den, maar te gelyker tyd de Koloniale Kas Jaarlyks
met eene aanzienlyke som te onderschragen. Dan heeft het
zelve voorts nog tot oogmerk het pryzenswaardige eende
de bevryding der min vermogende van den drukkende
last van zich aan het willekeurig goeddurken hunner a„
Veelal onmededogende Crediteuren onderworpen te zien, en
eindelyk de gemaklykheid voor de meerderjarig geworden
persoonen welke, van de weerkamer penningen te
ont„
ontvangen hebben, op dit tydstip genoodzaakt zyn daar
voor Hypotheeken aan tenemen dewelke, ingeval zooda„
nede perzoonen dadelyk hun geld benoodigd hebben,
dat meestenstyds het geval is, met verlies moeten ver„
kogt worden, waaruit niet alleen schade voor den
verkoper maar meestal groote ongelegenheid, zoo niet
eene volmaakte ondergang voor den genen wiens
Eigendom met dusdanige hypotheeken bezwaard is
moet voortspruiten. De belangrykheid dezer zaak zoo
wy vermenen, door UwelEd ligtelyk ingezien, zullende wo„
den, willen wy daarover niet verder uitwerden, maar
overgaan om het Plan, zoo als hetzelve door ons na„
ryp overleg ontworpen is, hier ter beoordeling aan Uweld
overteleggen. De middelen ter voorkoming van het
thans plaats hebbende geldgebrek zyn de volgende: —
Het Gouvernement zal Koleniale Olligatien ter som„
van P 500„000 doen vervaardigen welke gedrukt moeten
worden en onderteekend door den Gouverneur Generaal
den Raad Contrarolleur Generaal der Financien en
twee perzonen dewelke den Raad van Policie zal ge„
lieven te benoemen, Er zullen in het geheel Elf Hon„
„derd en tachtig stuks Obligatien bestaan te weten.
200 Obligatien ieder van 130 - - - - is P„s 10„000.
20.000„
200
„200 - - - „ „ 40„000:—
„ „ 300 - - - „ „ 30„000
40„000 „400 - - -„
100„000 „ „ 500
100„000 „„1909 -
160„000 „2094
Po 500.000
Deze obligatien moeten door een daartoe bevoegden
benoemd persoon aan wien een geschikt vertrek tot
Kantoor zal bezergd worden in een boek hoor„
den geregistreerd, alvorens te worden afgegeven, dus„
danig tot het circuleren geschikt gemaakt zynde
zullen dezelve van wege het Gouvernement gang.
gangbaar verklaard worden.—
Dit geschied zynde zal er van wege het Gouverne„
ment eene oproeping moeten gedaan worden, waarby aan
de genen welke hunne Effecten willen verbinden, en
solide Hypotheeken geven kunnen, Koloniale Obliga„
tien aangeboden worden voor den Daarlykschen Interest
van Zes ten honderd.
De acten van Hypotteken welke als onderpand voor de
uitreeking der Obligatien aan de bommissie wordent
ter hand gesteld zullen dadelyk in eene daartoe bestem„
de Ajzeren kist van welke er vier verschillende slaer
tels moeten zyn, by de nog niet uitgereikte obligatien
bewaard worden. — De Ondergeteekenaaren der Obliga„
tien zullen elk eenen der sleutels onder zyne be„
waring hebben en tegenwoordig moeten zyn by het
openen en toedoen der voormelde Klist. De Hypothee
ken voormeld zullen tot onderpand dienen voor de
houders der Obligatien.
De uitreiking der Obligatien zal niet eerder plaats
hebben dan by de ter handstelling van de acte van
Hypotheek, hetwelk zal moeten geschieden aan de
Leden dewelke de Raad van Policie daartoe gefrva„
lificeerd zal hebben, de sleutels van de Kist in be„
waring hebben en als dan den Gouverneur Generaale
zullen incsteren daarby tegenwoordig te zyn, om de
Kist waarin de Obligatien bewaard leggen; en waar
van boven gesproken is, te ontsluiten, en de afgefte te
bewerkstelligen, welke afgifte zal plaats hebben, na
dat vooraf eerst het endossement aan den persoon
aan welken dezelve uitgereikt worden op de Obliga„
tien zal zyn ingevuld en de aannemer zyne hand„
tekening in een daartoe bestemd boek onder de re„
gistratien der door hem te ontvangene Obligatien
zal geschreven hebben.
zoo dat hierdoor by geval van endossement der obliga
tien aan eenens tweden /: welke endossement echter
niet valabel zal zyn, als hetzelve ten kantore
Voor
voornoemd niet geregistreerd is:/ over de echtheid van
de handteeking kan geoordeeld worden Men berekend
dat de aflossing dier Obligatien na verloop van 5 Jaren
dat dezelve in Cerculatie zullen zyn eenen aan van
zal nemen op welke tydstip er te gelyk een Vijfde ge„
deelte derzelve zal worden afgelost, en als dan op dit
Eiland gangbare munt specien, en vervolgens alle 3
Jaren eene gelyke som, zoo dat na verloop van 25 Ja„
ren byna het geheele bedrag aan obligatien zal zyn
afbetaald en de daarvoor verbondene Hypotheeken
avervallen aan de Kolonien, om uit de Interessen
van dat sonds de uitgaven te helpen bestryden. De
jaarlijksche Interest van dit in Obligatien bestaan
de Kapitaal zal gebezigd worden gedeeltelyk tot
aflossing der Obligatien na verloop van den bepaal„
den tyd, gedeeltelyk tot ondersteunend der Kolmniale
kas aan welke laatste jaarlyks van de zes Een s
zal worden uitgekeerd terwyl uit de overschietende
som zoo lang dezelve tot de aflossing voormeld
niet zal benodigd zyn, na aftrek der onkosten voor
Commissarissen boekhouden ze eene bank van Lee„
ning kan worden opgerigt waaraan men mede niet
meer dan 8 pl:to t' Jaars zal hebben te betalen.—
Zoo dat ons inziens dezelve zeer veel toeloep zal moe„
ten hebben en van groot geryfen voordeel zyn, naar„
dien de Gewone interest op pand ter minne tegenwoordig
a. 17t per Iohannis wordt berekend en men niet zel„
den in verlegendheid zynde, verpligt is selfs 2 7 per
Johannis te betalen. Het zoude niet onoordelig zyn
indien het de regering behaagde dat men voor de tijt
van een jaar aan alle de geene die hunne Hypotheeken
aan dit fonds wilden verbinden, wel te verstaan
niet: wanneer er verkoop plaats zal hebben
vry verklaren te zyn, van de 40 „t pennins en
stempel geld en alleenlyk de onkosten der
papieren ta Secretary zullen hebben te betalen,
ingezien
„ingezien dat verscheide door spaarzaamheid en
vele door gebrek aan bontanten nalatig zoude zyn
in t. verplaatsen hunner Hypotheeken het geen aan dit
Plan niet voordelig zoude rin, uithoofden aan dezelve het
spoedig plaatsen der Obligatien het noorzakelykst is.
Het Plan om deze bank van Leening opterigten is
als volgt.
Art: S.
De directie van de bank zal door den Gouverneur Ge„
neraal en Raden van Policie aan twee Eerlyke en
gegoede personen, van eenen Boekhouder voorzien worden, op„
gedragen. De Registratie houder van de Koloniale Obliga
tien zal daartoe bevoegd zynde, de geschikste persoon als
Boekhouder zyn.
Act: 2.
De opterigtene bank zal beleeningen doen op Goud, zilver
Juwelen, op allerhanden kleinodien welke in zich ee„
„ne wezenlyken waarde bezitten en voorts op allerleij goederen
van waarde en welke aan geen bederf onderhorig zyn 0
Art: 3
Om alle verliezen en schaden by den verkoop van zoodane ge verpande goederen, wanneer dezelve binnen den tyd van
een Jaar en zes weken niet afgeloot zyn, voortekomen zul„
„len de waarderingen der in pand te nemene goederen, op de
volgende wijze moeten plaats hebben; Te weten:— A/zilver
Goud en juwelen zullen op twee derde van deszelver wezen
lyke waarde moeten getaxeerd worden, het zelfde moet ook
nagenoeg of wel nog met meerdere naauwkeurigheid geschee
den betrekkelyk tot Horolologien en andere byouterien wel„
ker waarde meestal in fatroen en maak bestaande in wezenlyk„
heid verliest.
B: Koopmanschappen zullen voor de helfte der waarde ge„
schat worden, overmits deszelver pryzen gewonelyk binnen
den loop van een jaar zeer verschillen kunnen.—
Art. 4.
De bank zal geen koogeren Interest mogen berekenen
dan Acht perl=t s Jaars van het Kapitaal, ten bedrage
waarvan de beleening geschiedt, en zorge dragen om by
elke
elke beleening van het bedrag dat aan den verpander
of beleender toegesteld wordt, een half perst: voor
schryfbehoefte en andere kosten te korten.
Art. 5
Het zal den Eigenaren der goederen welke in de bank
beleend liggen wrystaan dezelve te verkopen, mits zorg
dragende dat hy te gelyker tyd wanneer de afiscking der„
zelve zal plaats hebben ook dadelyk het beleende kapitaal
met den daarop verlopenen Interest afbetaten, dezeyl
anderzinds geene aflevering zal geschieden.
Art:6
Goederen langer dan een jaar en zes Weeken in de bank
geweest zijnde, zullen dezelve moeten bij publieke op
„veeling verkogt worden, doch alvorens daartoe overte„
„gaan zal zulks van wege de bank van leening, geduren„
de drie Achtereenvolgende weken in de Kourant gepu„
bleceerd en tevens aangeplakt moeten worden, met opgaaf
der kenteekenen van de goederen welke zullen ver„
kogt worden, zoo dat elke beleener weten hunne aan
het tegen briefje der bank in zyne possessie of ook
zyn Eegendomdaaronder begrepen is en
Art: 7..
De Eigenaren zullen dan na dat de verkoping zal
zyn afgelopen, zich kunnen vervoeger aan de bank
van Leening om afreekering te eisschen en het saldo dat
na aftrek der onkosten in hun fareur mogt overschieten
te komen ontvangen, mits zich van te voren verbindende
om in geval er een saldo te kort mogt komen hetzel„
ve aan de bank te vergoeden hetwelke laatste echter
naauwlyks zal kunnen plaats hebben, aangezien daar„
voor in Art: 2 de nodige voorzorg by de waarde„
ring der en pand te nemene goederen zal geberigd zyn,
Art. 8.
Aan de beleeners zal het ten allen tyden weystaan
hunne verpande goederen te komen aflossen daar
„voor het Kapitaal en den daarop verlopenen Interest
aan de bank toetellende.
Art 9
Art: 9.
De opterigtene bank zal ook beleeningen doen op Hy
pottreeken, tegens de Interest van een half pbt 's maand
onder dezelve Conditie zoo als in Art: / is gezegd, en zal in
stede van Een half plt afkorting voor schryfbehoeften en
andere onkosten zoo als in Ait: 4. vermeld staat maar 4
pl=t athortent
Het zal als dan noodzakelyk zyn, dat by t Transpor=
teeren van Hypotheken ter Secretarie dezelve zich zal hebben te
„vernemen of gemelde Hypottieken in de de bank verbon„
den zyn Ta dan Neer
Ant: 10
De directeurs van de bank zullen gehouden zyn Jaar„
lyks aan den Raad van Policie als de opperdirecte
daarover voerende opening van zaken te geven en reke„
ning en verantwoording te doen en tevens zorge dragen
dat des strikste naamdkeurigheid in acht genomen
worden door den perzoon die er met de registratien
der Obigatien als ook met de aanteekeningen in de bank
belast is, zoo dat de bezigheden eenen geregelden gang
houden en het Crediet daardoor toenemen en het
juiste doelwit, het belang des Kolonialen fonds en
het geryfen voordeel der Ingezetenen bereikt worden.—
Art: W.
Om de onkosten zoo veel mogelyk niet te hoog te doen
oploopen, zal de Registratie der Koloniale Obligatien
en het locaal alwaar de bank zal zyn gehouden en ook on„
der de onmiddelyke directie van de Directouren over de
bank van Leening kunnen worden gebragt, terwyl de per„
soon met de registratie belast, zoo als in Art: 1 is
gezegd, het ambt van boekhouder in de bank zal
kunnen waarnemen
Wy vertrouwen hiermede in het kort eene schets
gegeven te hebben van welke de uitvoering zeer ge„
makkelyk en voor Land en volk, buitengemeen voor
delig zal zijn, en vleyen ons met de goedkeuring„
niet alleen van zyne Excellentie den Gouverneurd
P: R:
P: R. Cantjlaar Rid: der Or: van de Nederlandsche Leeuw
en dent Ed Achtb: Raad: van Policie, wan welke wyf
de Eer hebben te zyn.
De bereidwillige Dienaren. — Ouracao den 15 Nov: 1820.
P3/ Wi willen koopen dat het boven 1/d GJ.—
staande Han, dewelke genoegzaam J Cardozo
ten voordeele van te Koloniale kas
Duyckinck
is ingerigt Een verzackting zal kunnen 10
veroorzaken, aan de thans alhier zware Frans Royer
en byna overdragelyke belastingen G. Striddels
s Panzoon Josia Desolla
M. C. n der dijs Haem Abinuk Dekema
A. W. Hellmund IF G Ziegler
G. M Ellio Mos Henrig: Juliao
M E Tandtrock
Joseph Pearse
M:r De Mey Schotborgh A Matthey
M.G. Hoyer Jacob de Deos Naar
Tosuan Rene Henriquez IH. Sutting bottr
John: Corter I L Penhar
Mosch d' Eliao Penso M L Ellis
Th:s D. Kocks Bensamen Sesarien
Jacob Haim buriel OM Dacostar
Jos: P. Brandao Joh:s Palm Hk
David Mord: Henriquez Mac: Wherter
David Abinun Dekima S: Abm Sesurun
W. C Hoyer David de Abm Jesurun
Ar Evertsz Samuel Lyjon
E Spencer Thomas Thaylor
Mordj: Hr Senior H:A: Coken
Samuel dht Gomez Aron Pincoo
S Henriques Eschraimluriel
L Boije
Ester Da Costa Gomes
G. J. Hoier Pr Gorsira
D.C. Neuman I Abenur De lima
T Capriles Tredr Hueck
Wm Raven C. G. F: Hoier.
Ishac de M=m 's Marchena.
JW G. JWG.
Michel Bambiaso Mosseh de Marchena
Jan Veeris.— De Weduwe Cambiaso
Voor kopi Kanforen
De Gouvernements Secretaris.
42
Wett Leekemt
N: 264
Curacao den 13e December 1826— Kope Dupl:
N=o 520.
Ondergeleede dezes heb ik de eer aan Uwe Excellentie te doen
toekomen in triplo, het certificaat van den waagmeester nopens.
de nawoeging met magazyns gewigt van de veertig vaten ryst laatst
aangebragt per het brikschin Maria & Jacoba schipper I: I: Bart
welke vyst aan den MMagazyn Meester buiten mijne voorkennis
met het waag gewigt, hetwelk ongeveer tot Cewaarder aan het
Magazyns gewigt is, door den Waag meester is toegewogen het
welk myns inziens, eene ongeregeldheid is, van den kant des
Magazyn Meesters, die zulks had behooren voortekomen
nademaal hy niet onkundig was van het verschil hetwelk tus„
schen het waag en MMagazyns gewigt bestaat—
Ik ben derhalven van geveelen onder welnemen van
Uwe Excellentie, dat de magazyn meester behoorde belast
te worden met zoo veel meer gewigt op die goederen welke
aan hem met het waaggewigt zyn toegewogen, het welk
ik ook en myn Journaal beb aangeteekend.
Ikbeeb de Eer te zyne
Uwee Excellenties onderd: die naar
De Raad Contjavolleur od: in: der
Funancier
As an
E. Lavan Uytrecht Gyne Excellentie
De Gouverneur
Voor Kopy Bonform P: R„ bantelaar
& ta
De Gouvernemert Secretaris—
Wm Webb Duijckenes
Kopyi.
N„o 521. Curacao den 14 December 1820.
De nadere explicatie welke ik aant Uwe Ex
cellentie kan geven, omtrent myne aanmerking
in mijn Journaal gemaakt, nopens het wegen van
de rijst is deze:
1„o De magarijnmeester heeft buiten voor kennis
van het Gouvernement en ook van mij, aan den
Waagmeester, door weens certificaten tot den 23 en
October lb: het gewigt van de rijst en het meel ge„
constateerd moest worden, toegestaan die beide artike
len met het waag- gewigt te wegen, niettegenstaande
het aan hem bekend was, volgens procer verbaal det
15„e Januarij 1819. door hem zelven mede onderteekend
dat het waag gewigt drie en twee derde percentt
zwaarder dan het magarijns gewigt is.—
2„ Het wegen met dit zwaar gewigt, heeft op den
16:en februarij dezes Jaar voor het eerst plaats gehad,
toen 'er een order bij Gouvernements dispontie dot
12=en Februarij 1820 n„o 97, is gegeven, om al hett
meel, dat toen nog aanwezig was van de lading
der brie Eendragt schipper J. S: Viner, in tegen
woordigheid van eene daartoe benoemde Commis=
sie, overtewegen en daarvan pweessen verbaal in.
te leveren.
3=e Al de rijst en het meel, sedert den 16„en februarij
tot den 23en October 1829. ontvangen, is met waag„
gewigt door den waagmeester aan den mugarijnmeer„
ter toegewogen. Op den 23en October 1820 is bij
Gouvernements dispontie onder N„ 533. gelast,
dat het meel niet meer aan den magarynmeester
zoude worden toegewogen, maar evin als het
Vleesch
vleerch en het spek bij elke distributie in tegenwoor
digheid van een der waagklerken uitgewogen word
den, hetwelk met het magaryns gewegt heeft
plaats gehad
Doch bij de schade welke het Gouvernement op
het wegen van het meel sedert 16„en februarij tot
23 „ October 1820 met 3/3 percent zwaarder gewigt
geleden heeft, heeft de magarijnmeester geen voor
„deel kunnen hebben, om reden dat hij het meel vol„
gens het gewagt door des waagmeesters certificaat
geconstateerd, weder aan ’s Lands bakker heeft af„
geleverd.- Maar- op het artikel rijst, dat sedert den
16„en februarij dezes Jaar tot nu toe bij voortduring
aan den magazynmeester met waag gewigt is loege
wogen heeft hij bij de distributie met ligter gewegt
voordeel moeten hebben, en voor dat meerdere ben ik
van gevoelen dat de magazynmeester behoorde be„
last te worden.—
Er zijn volgens nevensgaande extract uit het waag
boek in dien tusschen tijd vier parteijen rijst aange„
komen, te zamen uitmakende 112 vaten, dewelke vol„
gem het extract uit het waagboek te zamen gewogen
hetben: waaggewigt33,557. ld
Af de nagewogene 40 vater per de Maria
12015 & Jacoba aangeb„
Rest 21542
waarvan het 33 per honderd bedraagt magarijns
gewigt 790 ld zijnde dit het gewigt waar voor de
magazijnmeester zoude moeten belast worden. Edoch,
daar 'er nog 36 vaten rijst, buiten de laatst aan„
„gebragte en met magarins gewagt overgewogene 40
valen, onaangeaoerd in het magazijn liggende zijn,
zouden deze 36 vaten volgens derzelver nummers
en bevonden waag- gewigt bedragende 10730
van de 21,542„ kunnen afgetrokken worden, alvorens
de berekening van het te mier ontvangene te ma„
ken, dewelke als dan van de reeds verbruckte 36
vaten gehouden hebbende 10,812„ waag gewigt zal
moeten geschieden, en 396„e magarins gewigt op brewe
gen, welk gewigt op de magarijn- boeken als meerdere
ontvangst kan worden aangeschaeven.
Of, indien het twe Excelleytie behagen mogt
eerst de overgeblevene 36 vaten rijst met magarijns
gerigt te laten overwegen, om naar de bevinding
van derzelver gewigt; de berekening van het te meer
ontvangene door den magarijnmeester te maken, al„
vorens hem te belasten, zoude mijns bedienkens nog
billijker zijn; dewijl de rijst door de opvreting der
kalanders aan veel verlies onderworpen is, het welk
ik niet twijfel bij die overweging wel blijken zal.—
Uws Excellenties welmeenen des aangaande te
gemoet ziende, heb ik de eer met verschuldigde act„
ting te zijne
dwes Excellenties onderd: dienaar
De Raad Contv: ad= int der fin
W: G:/ C: L. van Uijtrecht.
Zijne Exeellentie
den Gouverneur P. R. Cantzlaar
Ridder der orde van den Nederland.
„schen Leeuw: & C„s &b:r &Cs
Voor Kopy Konform
De Gouvernements Secretaris
Wm Webb Drijckemt
No. 267.
N: 266.
Kopy Dupl. buracao den 11„e December 1838
Ter voldoening aan den last mij by des Raads besluit van
den 20e November tE opgedragen, om zyner Excellentie den
Gouverneur alle mogelijke inlichtingen te geven, wegens het
sonds tot vernietiging der bewijzen van afgekeurde Johannis
sen en aangaande de algemeene directie en administratie
daarvan en van al het gene daarmede in verband staat
sedert de oprigting deszelven, zal de ondergeteekende uwer
Excellentie mede deelen al dat gene hetwelk voor de op rigting van dat Ponds is voorgevallen en tot deszelfs
oprigting heeft aanleiding gegeven zoo wel als de maat
regelen die van tyd tot tyd des aangaande zijn noodig ge„
oordeeld en genomen geworden edoch alrovers daartoe
over te gaan, vermeent de ondergeteekende niet ondienstig
te zyn uwer Excellentie bekend te maken met die gebeur
tenissen welke de regering dezes Eilands met betrekking tot
gouden Johannissen, zoo dikwyls hebben bezig gehouden, en
door welke, en ten gevolge der dien aangaande daargestelde
revordeningen, het begrip of de benaming van valsche Johan
nissen oorspronglyk is, om daaraan te volioen neemt de
ondergeteekende de vrijheid uwer Excellentied aandacrt te
vestigen op de bijlaad No 1 welke een verhaal der bedoelde
gebeurtenissen bevat, hetwelk de Secretaris van het voor„
melde fords, in zoo ver het de handelingen van het Gouver„
nement betreft, uit de aschiven onder des ondergeteekendens
berusting heeft getrokken en door de divectie van het fonds,
bij eene toekasselyke gelegenheid aan den Raad van Policie in
overdenking voorgesteld. Na deze inleiding tot de latere
voorzieningen welke in den Jare 1808 en vervolgens zyn noo
dig geoordeeld zal de ondergeteekende trachten, naar orde van
den tyd uwer Excellentie bij deze omstandig verslag nopens het
hiervorengemelde fonds te doen.— Het was op den 16e Juny
1818, dat de Heer Raad-Fiscaal den Raad van Policie ken
nis gaf van de ontdekking van valsche Schannissen door
den Gouvernements- Essageur, namelyk zoodanige Johan
nissen die wel ook stempels op zich hadden doch welke
stempels echter niet van wege het Gouvernement daarop gesla„
gen waren, gelijk zulks door den Essageur ontdekt was.—
De Raad vond deze ontdekking van dat belang dat dadelyk
daarvan kennis aan het publiek werd gegeven, ten einde een
ieder op zijne hoede mogte zijn, terwijl een ieder werd opge=
roepen, om aantegeven hoe veel gouden Johannissen hy in
handen had, op dat de regering daarna maatregelen
dien aangaande kende nemen, blykens het document
no. 2 zynde een extracte metalen van den 15e Juny 1818.
Op den 3„e July daaropvolgende, maakter de Gouverneu„
Generaal den Raad bekend met het getal der opgegevene
Johannissen, beloopende op 27130, en zijne Exeellentie
deid een voorstel om de zwarigheden die er in de ar=
culatie der Jopannissen en van het pleingeld bestond,
uit den weg te ruimen er om „ alsche Johannissen af te
weren, waarop de Raad Contravolleur Generaal der fo
nancien een plan inleverde tot oprigting van eene specie
bank, hetwelk naar zyn oordeel de middelen bekeldde om
valsche Johannissen ten eene male af te weren, zie dat
plan onder No 3.—
Ten gevolge van het voorstel van den Gouverneur, Ge
neraal en het plan van den Raad Conparolleur werder
ten zelven dage eene Commissie benoemd, om een plan
ter bereiking van het voormelde oogmerk in te leveren
en om tevens dat van den Raad Contravolleur te be„
oordeelen, terwijl nog paenalikeiten werden gelegd op
het weigeren van goedgekeurd wordende Johannisjen
en het nemen van opgeld of agio bij het wisselen
daarvan of van Gouvernemerts ordonnancien of derzel=
ver bewyzen van splitsing, zoo als dit alles te zien is in
de bylaag No 4.
Na dat de ondergeteekende het rapport der hier
voren bedoelde bommissie benevens de schriftelyke geroe=
lens der Zeden dier Commissie op den 13e July in
den Raad had overgeleid werd besloten.
1„o Om alle valsche Johannissen buiten circulatie te
stellen, 2e alle Johannissen na te zien en de goeden
zijnde geslagen en ongeschonden en de vyf echte stem=
pels van het Gouvernemert dragende in circulatie
te brengen, S:r voor de afgekeurde bewyzen af te geven,
welke bewyzen zouden gangbaar zyn 4„ De afgekeurde
Johannissen die het echte stempel van het Gouver=
nement dragen tot onderpand der bewyzen op eene
veszekerde plaats te bewaren en alle Johannissen
die reeds als valsch verklaard zijn, of nog zouden worden
verklaard/ daarby bedoelende de zoodanigen waarop
het vyfde of middelste stempel ook niet geslagen, maar
wel gegoten was, voor de zulken die reeds als valsch war
ren verklaard en vervolgens allen die niet zoo zyn
als ti 82 is uitged ukt) te doen doorsnyden, 5 om een
Fonds tot vernietiging der voorzeide bewyzen voor de
afgekeurde Iohannissen op te rigten met bepaling,
dat by iedere vernietiging, welke van tyd tot tyd
zoude geschieden even zoo veel der gedeponeerde Johann
nis en zouden worden uitgenomen en gesmolten ter
behoeve van het fonds 8 6 om een voorstel te doen
aan het Gouvernement in het moederland tot het
invoeren van eene Koloniale munt waaromtrent
de Raad Cortravolleur zoude dienen van bonside.
„vatien en advies: Zie het verhandelde van den Raad
dienaargaande uit de bylaag No 5, zynde een ex=
tract notalen van den 13 July 1818: waarbij het rap.
port der bommissie en de adviesen der leden dezelve uit„
makende, onder no 6 tot 12 zijn gevoegd.
De reden waarom geene smelting der afgekeurde So„
kannissen zoude plaats hebben zonder dat er eene
inwisseling en vernietiging der bewyzen voor dezelve
zoude vooraf gegaan zijn, is geweest, om dat men voor
het eere of andere onvoorziene voorval of gebeurtenis
beduckt was welke de bewijzen buiten circulatie zouden
kunnen stellen, zonder eenige andere schadeloorstelling
en uit dien hoofde wilde men dat er niet meer afge
keurde Johannissen zoude gesmolten worden dan er
bewijzen vernietigd waren, op dat des noods die af
gekeurde Johannissen wederom in circulatie zouden kunnen
gebragt worden als de bewyzen geene waarde meer hudden,
doch van de bepaling aangaande het vernietigen
der bewijzen is, vervolgens afgeweken, gelyk nader blyken
zal: Dewyl het kappen van zilveren pattinjes in ver„
band staat met de laatste ontdekking van valsche jo
hannissen, zoo wordt het verhandelde deswegens, bij eene
extract: notalen van den Raad de 13:e July 1818 no. 13
ter uwer Excellenties kennis gebragt
Bij nadere dispositie van den Raad en daro 14:
July 1818 en hierbij onder n„o 14 overgelegd werd bepaald.
so De dag der inlevering van alle Johannissen, wanneer
dezelve zouden ophouden ganebaar te zyn en wanneer
de bewijzen zouden worden uitgegeven, 2„ de benoeming
van Commissarissen tot het doen nazien en sorteren
der Iohannissen en het vervaardigen, onderteekenen en
uitgeven der bewyzen 3e De benoeming en het Salarie
ven van Essageurs, H=o de aanstelling van Commissaris
sen over het Fonds t 5 de benoeming eener Commissie
om een plan ter oprigting van een fonds tot vernie=
tiging ter bewijzen van afgekeurde Johannissen in te
leveren. Op den 29e der gemelde maand zulg
deed de bommissie rapport haver verrigtingen in
het nazien der Iohannissen in het uitreiken van
bewijzen voor de afgekeurden en stelden eenige punter
voor, hoofdzakelyk tot de inwisseling van bewijzen
ter waarde van 20 Johannissen, ieder, voor bewyzen
van een Johannis en om te verbieden den uitvoer van
goedgekeurde Johannissen gekapt zilver geld te schellin„
gen; waarop door den Raad gedisponeerd is, als uit by
laag no 15 is te zien.
Intusschen werd op het voorstel van den Raad
Contravolleur en het lid bancrijn geresolveerd om pa
peren vealen of schellingen te doen maken en in eiven
latie te brengen, blykens het extract notulen van den
21„e Augustus 1818 hierby onder n 16 overgelegd. —
Den 11„e 2 September 1818 leverde de Gouverneur Gene„
raal in, het plan tot oprigting van een Fonds tot ver=
nietiging der bewyzen van afgekeurde Johannissen, dan
de Raad niet voltallig werd de deliberatie daarop uit
gesteld tot den 15=e dier maand, wanneer ingevolge bij
laag no 17 zynde een extracts notulen van dien.
datum, het voorzeide plan met het advies van den
Heer D. Bing, als lid der Commissie en de adviesen der
leden van den Raad daarop uitgebragt, in handen
aan de leden bareryn, Beutner te Sutting zyn ge„
steld geworden, om daaruit een nieuw plan te for=
meren, welk nieuw plan den 25e der gemelde maand
September werd in geleverd en door den Raad goed
goedgekeurd, blijkens belaag n„o 18, zynde publicatie tot heffing
van belastingen, ten behoeve van het fords tot vernieriging
der bewyzen van afgekeurde Johannissen, waarby gevoegd wor„
den het plan van de eerste Commissie met het advies van
den Heer Bing onder n„o 19320 de daarop door de leden
van den Raad uitgebragte adviesen onder n„o 21 tot 25 en
het nadere plan door de Commissie uit den Raad opg
maakt onder n„o 23. — Het eerste verslag van den
Gouverneur Generaal ten opzigte der ontdekking van val„
sche Johannissen, het kappen van zilveren pattinjes en
het oprigten van het fonds, aan het Minister voor het
Publike onderwys, de Nationale Nyverheid en de Kold„
nien gedaan, is geweest bij missive in dato 21:e October
1018 No 141
Na dat het fonds aldus was opgerigt, leverde de bom„
missie over hetzelve gesteld, een adves aan den Raad hoofdzakelyk,
houdende voordragt, zoo wegens de voordenomene invoering eener
koloniale munt, als het benalen van den termyn binnen
welken de ingevoerd wordende goederen die ten behoeve van
het Tonds belast zijn, zouden behooren te worden uitgevoerd,
om restitatie van betaalde belastingen te mogen vorderen,
mitsgaders nog bedenking nopens de nadelige gevolgen welk
de vernietiging der bewyzen zoude kunnen hebben, door het
geheel uit den omtoon stellen van aanzienlyke sommen:
op welk adves door den Raad besloten is, zoo als te rien uit het
extract notalen van den 15 December 1818 bevattende het
voormelde acres, onder n=o 27 overgelegd
Op denzelfden 15„e December besloot de Raad: V„o dat
een der Esjageurs van het fords zoude afgedankt word,
en de andere, zynde toen Gouvernement Essageur ook, zoude
blyven op een tractement van B„ 200 in stede van P 600
doch welk tractement, naargaans by des Raads dispositie
van den 15e February 1819 gesteld werd op P„ 400, in gegaan
Primo Ianuary 1819, 2: het tractement van den Ont
vander Secretaris & boekhouder van het tonds van B600
tot P„o 800 te verhoogen, aanvang genomen den 1„e Januari
1819 (by deze beambten moet nog gevoegd, worden een klerk de
welke voormaals p„ 200 genoot, doch thans, ingevolge des Raads
besluit van den 25„e July dezes jaars gesteld is. op p„ 365) en
3„: om den Raad Contravolleur te verzoeken de van hem ge„
waayde consideratien en advies over de wijze hoedanig de
invoering van Koloniale munt zoude behooren te geschie„
den, in te leveren, aangezien de Raad van het uiterste
belang oordeelde de voordragt wegens die munt aan het
Gouvernement in het moederland ten spoedigste te doen,
doch welke niet konde geschieden alvorens de Raad-bontra
rollear zoude gediend hebben van consideratien t advies —
De Raad Contravolleur aan dat verzoek niet voldaan
hebbende, werd hem staande des Raads zitting van den 16:
February 1819 afgevraagd of hij zijne consideratien en
advies op de invoering van boloniale munt op den 27
der volgende maand Maart zoude kunnen inleveren
hetwelk hy aannam te doen, en leverde dien ten gevolge
op dien dag in, zyne consideratien en advies, dewelke
aan Presisent t Leden ter secture werden rondge„
zonden en den 16:e dier maand in overweging genomen
met dat gevolg: dat, vermits de leden van verschil
lende gevoelen waren en geen besluit daarop konde
genomen worden, de Gouverneur Generaal geinviteer
werd om de door de leden uitgebragte adviesen, bene=
rens de consideratien en advies van den Raad Contra=
volleur, en alle besluiten tot deze zaak betrekking
hebbende, met eene geleidende voordragt aan zyne
Exeellentie den Minister te doen toekomen, zie des
Raads bontravolleurs consideratier en advies en de
adviesen der leden daarop uitgebragt onder W„ 28
Aan de voorzeide invitatie van den Raad, heeft de Gouver„
neur Generaal, bij missive in dato 8 April 1819 no 53. voldaan
by welke gelegenheid de Gouverneur Generaal zijn gevoelen over
de onderkaavige zaak aan den Heer Minister heeft mede ge=
deeld.
Op den 18 Mei deszelven Jaars heeft de Gouverneur
Generaal aan den Raad communicatie gedaan, aangaande
het kappen van zilveren pattinjes ten beloope van ƒ 16572
en van het gene te dien aanzien is bewerkstelligd geworden
blykens extract notulen van dien datum hierby onderN 29
overgelegd wordende—
Daar het credict van de boloniale kas warkelend was
uithoofde der menigte ordonnancien op dezelve, die in
om
omloop waren en tot groot ongevyf der Ingezetenen strek=
ten doordien dezelve niet konden worden afgelost, stelde de
Raad-Contravolleur Generaal der financien adinterem op
den 16e Juny 1819 voor, om ordonnancien, ten bedrage van
ongeveer f„ 30000 met de toen voorhanden zynde en nog
te ontvangene penningen by het Tonds tot vernietiging
der bewyzen van afgekeurde Johannissen, in te wisselen, en
die ordonnancien van tyd tot tyd af te lossen en wel zoo,
binnen den tyd welken men zich voorstelde dat het fonds zoude
ophouden te bestaan, waardoor geene de minste ver„
traging aan het doel van deszelfs oprigting zoude te
weeg brengen: dit voorstel werd goedgekeurd en ten uitvoer
gebragt zie het extract notulen van den 15 Juny, Cerat„
lende des Raad Conpravolleurs voorstel met de bylagen
derzelven, allen onder N„o 30.
Op dienzelfden dag den 16 Juny werd in den Raad
gelezen en in advies gehouden een adres van Commissaris:
sen over het meesgemelde Fonds, ten geleide van een plan
eener wisselbank van Gouvernements Ordonnancien, en
houdende voorstel om de inloop zijnde goedgekeurde Io„
kannissen in te roepen en, even als de afgekeurde voor
bewyzen in te wisselen, blykens hed adves en het plan de„
welke hierbij onder N„o 31 832 worden overgelegd.
By ontvangst eener Ministirieele rerolatie de Cn
September 1819 no 6762. waarly de maatregelen van Gouver
neur shaden, betreffende de Iohannissen, het onrigten van
een Tonds tot vernietiging der bewijzen van afgekeurde Johan
nissen in het in circulatie brengen van kleine muntspecie te t„
zyn goedgekeurd, heeft de Gouverneur Generaal dat besluit aan
den Raad mede gedeeld, hetwelk ten gevolge had, het besluit van
den 28 December deszelven Jaars, hierby onder n„o 33 aangeboden
Vermits het maken t in omloop brengen van Papieren
realen, gelyk hieruit reeds zal gebleken zyn, een gevolg is der
ontdekking van valsche Johannissen, zoo vermeert de onderge„
teekende de wryheid te moeten nemen van uwer Ercellenties aan
dacht te vestigen op de bijlaag n„o 34, zynde een exfract nog
tulen do 28„e der evengemelde maand December kandelende over
de bedoelde papieren vealen of schellingen, waaromtrend uwe
Excellentie, zulks begevende nadere inlichting zal bekomen
uit de dispositien en andere documenten in dat eitract
aangehaold en ter Gouvernement Secretary berusende—
Het vierde lid der Ministeriele aanschryving dd 6 September
1810 N„o 4/62 dewelke op den 20:e December derzelven Jaars aan
den Raad is gecommuniceerd geworden, en in welke bedenking ge„
opperd is, op de claasule der publicatie tot heffing van be=
lastingen, ten behoeve van het Gonds tot vernietiging der be„
wijzen van afgekeurde Johannissen, met betrekking tot inge„
roerd wordende koopwaren die niet aan de voorzeide be
lastingen zouden onderherig zijn, wanneer dezelve wederom
wierden uitgevoerd, of den 7 Maart 1820 in overweging ge=
namen zijnde, waren President t Leder van gevoelen,
dat er geene naiere of andere bepalingen ten aanzien der
onderharige zaak vereischt weierden, blykens bylaag No 35
zynde een extract notalen van den 7„en Maart 1820.—
Ter voldoening aan des Raads besluit van den 28e De
cember 1019 / nierty onder N„o 33 aangehaald) ten gevolge
der Ministeriele resolatie van den 6 September 1819 No
462, heeft divectie van het veelgemelde Tonds op den 16=e
der evengemelde maand Maart een advis in geleverd, geleidende
twee stater, als een der soorten van Johannissen by het
tonds bewaard wordende, en de andere van het fonds zelf
over het eerst afgeloopen Tonds Jaar van 1„o October 1818
tot primo October 1019 welk adves en de voorzeide staten
hierby onder N. 36. 37 838 worden overgelegd
Ten zelven dage leverde de voormelde divectie nog een
adves aan den Raad over, volgens welk het bedrag der in
gevolge Raads besluit van den 16„e Juny 1819 (alhier onder
n„o 30 reedd aangehaald) by het fonds ingewisselde ordonnan=
cien op eene som van p„s 29.924„ 1.3 beloopt, en waarby
verzocht is dat art 3 des ovengemelden besluits, aangaande
het inschryven voor Gouvernement wissels zoude effect
sorteren, terwyl nog in overweging werd gegeven of het niet
hoogst nuttig zoude zyn de in omloop zijnde gouden Iohan
nissen derzelver nominale waarde van f 7½ te ontnemen ten
einde voor alty, den schadelyken invloed dier munt te ver„
nietigen
Dit voorstel, aangaande de in omloop zijnde gouden so„
kannissen werd goedgekeurd, en de Gouverneur Generaal werd
geinriteerd, om eene voordragt te doen, ter bekoming van
zyner Majesteits autorisatie, ten einde de goedgekeurde
in omloop zijnde gouden Johannissen, even als de afgekeurden
in te roepen, buiten circulatie te stellen en te versmelten, daar
voor bewijzen aftegeven en de bestaande heffing ten behoeve van
het veel gezegde fonds te doen voortduren tot dat de nog uit te
gevene bewyzen mede zouden zijn ingewisseld en vernietigd, zie de
bylaag n„o 39, zijnde een extract notalen van den 15„e Maart 1820
De bylaag No 40 is een extract. notalen bevaktende een
verslag van den Raad- Contravolleur Generaar der financier
avinterim, wegens de verrigtingen by het inwisselen der pa„
pieren vealen, met den daarby gevoegden staat, dewelke aan
het Ministerie voor het Publieke Onderwys, de Natianale
Nyverheid en de kolonien, zoo als bij derzelver aanschryving
van den 6n September 1819 N„o /62 is gevraagd
De Twee hiervoren geme staten betreffende het Johannissen
Ponds, zoo mede het verslag van den Raad: Contravolleur
Generaal der financien adinterim aangaande papieren vealen
of schellingen, de staat van gekapte zilveren pattinjes, ver„
meld in de notuler van den 18„e Mei 1819. en eindelyk het
adves der directie van het gemelde tonds, betreffende het ont
nemen van de nominale waarde der in omloop zynde goe
den Iohannissen, zijn door den Gouverneur Generaal adent
bij missive van den 25„e Maart dezes jaars No 39 aan
zijne Excellentie den Minister toegezonden.
Op den 25 July tE leverde de Raad: Contravolleur
Generaal der financien adint: aan den Raad over het
Kohier van de 2 Hb„ belasting op eigendommen ten
behoeve van het fonds, met den staat van hetzelve
sonds, welke ter Secretary van den Raad van Policie zyn
gedeponeerd, doch hierby tot verdere inlichting van uwe Er
cellentie worden overgelegd onder n„o 1o1, gelyk nog tot dien.
zelfden einde aan uwe Excellentie onder no 102 l 43 worden ter
hand gesteld, een zes maandelyksche staat tot primo April en
een Iaarlyksche staat tot ultimo September lb van het bedvelde
Tonds welke stukken mede aan het Meinisterie voormeld zyn
ingezonden.— Ingevolge de bepaling bij het 8:e Lid des
raads besluit aan den 13 July 1818. zyn de bewyzen der af
gekeurde Iohannissen krachtens de besluiten de 15 Decem
ber 1818 en 20 December 1819 tot twee keeren toe, door eene
Commissie van twee leden uit den Raad, nagezien en geve=
rifieerd
Ten slotte neemt de ondergeteekende nog de vryheid Uwer Eer al=
lenties aandacht te vestigen op dat gedeelte der missive van
wijlen den Gouverneur Generaal adinterim den Heer Mr
P. B van Starckerborgh dd 21:e Juny te n„o 67, handelende
over den invloed van het gemis van muntspecie, in het aan
houden der bewijzen van afgekeurde Iohannissen, op den handel
dezes eilands: de invoering van Koloniale munt was by den
Raad besloten en zommigen meenden dat papieren geld voor
den handel schatelyk was, hoewel de Commissarissen van
het ponds, niet tegenstaande dat velen zich in den beginne
tegen het in circulatie brengen daarvan hadden verzet, na„
derhand van gevoelen waren dat hetzelve niet zoude ver„
nietigd worden, alvovens door eene Koloniale munt te zyn
vervangen, afschoon de ondervinding het geleerd heeft dat men
liever papieren dan gouden Iohannissen aanneemt om dat
de eerstgemelde door het Gouvernement gewaarborgd zyn
door een fonds hetwelk daaraan wezerlyke waarde byzet
terwyl de laatstgemelden niet dan nomisale waarde van
1i½ bezitter, en niet even als de eerstgemelde, te eeniger tyd
moeten worden ingewisseld, behalve nog de moeite van het
telkens nazien of essageren der gouden Iohannissen, om
zeker te zijn van geene vervalschten te ontvangen die aan
doorsnyding onderkerig zyn—
Uwe Excellentie zal uit de bylagen hiervan wel
bespeurd hebben, dat de gevoelens, omtrent de maatve gelen
die er met betrekking tot de Johannissen zouden genomen
worden, zeer verschillend waren, gelyk het publiek nog
zeer verschillend daarover denkt, dan de omstandigheden
der naburige Eilanden en van sommigen die nog armer
zyn dan deze kolonie, bewyzen ten volle dat wy geene
koloniale munt noch papierengeld betoeven, maar
dat integendeel beide, de koopwaren op dit Eiland
in waarde of prys doen vermeerderen, om dat de koop
man verpligt is, duurder te verkoopen aan hy anders
zoude doen, ten einde het koloniale geld voor andere
specie tegen eene hooge agis te verwisselen, wanneer hy
geene retouvlading kan bekamen of producten tegen ee„
nen even hoogen pri moet aankopen, waardoor, niet de
vreemdeling, maar wel de ingezetenen lyden, doordien
de vreemdelingen zich steeds-schadelaos stelt by het verkoo
pen van zijne waren met dubbele winst, om zich voor alle
verliezen vry te stellen.— Eenigen zijn beducht dat by ge„
mis van Koloniaolgeld in circulatie voor meer aan derzel
ver innerlijke waarde; al de specie uit het Land zal worden
gevoerd, doch de zoodanigen vergissen zich en bedenken niet
dat, als sommige vreemdelingen naar Amerika in de
West Indische Eilanden geld uitvoeren; anderen daaren.
tegen het aanbrengen, namelyk: de Spanjaarden die
geld mede nemen ter plaatsen alwaar zy goederen kunnen be„
komen en zich ook naar dit Eiland zouden begeven, als de
markt voorzien was van het by hen benoodegde gelyk S
Thomas en elders, naar welk Eiland zoo als zulks alge„
meen bekend is, aanzienlyke sommen van de havens van
Puerto Cavello & La Guaira zelfs in britsche oorlagschepen
worden overgevoerd, om aldaar tot den aankoop van
goederen te worden besteed die men hier niet vinden kan„
Het is mede eene bekende zaak. dat vaartuigen
in deze Kolonie t'huis behoorende van de spaansche
kust op S„t Thomas varen om producten en goederen
over en weder te brengen en van Samaica goederen afha„
len voor de spaarsche kust, hetwelk zeer zekerlyk geene
plaats zoude vinden als de markt op dit Eiland be„
hoorlyk voorzien was en in dat geval zouden de span
jaarden, zoo als de kooplieden het niet ortkennen, de voor„
keur aan deze kolonie geven, zelfs wanneer zij de goederen
iets duurder moesten aankopen—
De ondergeteekende hoopt hiermede aan de istertie
van uwe Excellentie voldaan te hebben, en heeft voorts de
Eer te zijn
De Secretaris van den Raad van
Police
910
Was Ge„ m Prince.
Voor Kopij Konform
De Goewernements Secvetaris.
Wm W M Duyjkent
No. 268
/opi Dupl. buracuo den 13 December 1820.
Oeleden van den Raad van Policie, ingevolce des
raads besluit van den 20e November lb: uitmakende
eene bommissie tot het opmaken van een Generaal
Tarief van emolumenten en legessen op dit Eiland,
hebben de tarieven, en bepalingen van legissen, benevens
de generale opgaaf van emolumenten aan hun overgelegd
naauwkeurig nagezien en na alles onderzocht en alle mo„
gelyke inlichtingen dien aangaande te hebben ingewon:
nen bieden uwer Excellentie aan een Reglement ter be=
paling der imolamenten en legessen welke voort aan op
het Eiland buracad mogen gevorderd en genoten worden
bevattende drie onderscheidene tarieven als een van emolu=
menten en legessen een op het Notarisambt en een van
legessen op bommissien of acten van aanstellingen, ten
einde hetzelve reglement met concurrentie van uwe Ex
cellentie, bij een besluit van dezen Raad van Pilicie mo
ge worden gearresteerd.
De Commissie kan niet afzijn aan te merken:
1=o Dat diverse legessen, hoewel dezelve in geen der tareeven
of opgaven zyn uitgedrukt, nogt ans een gedeelte uitmaken
der inkomsten van diverse ambtenaren en dat de op=
brengsten dezer legessen begrepen zyn in de voormaals op„
gegevene bedragen van genotene emolumenten.
2:e Dat echter ten aanzien van den Onderschout eene al te veel
in het oog loopende uitzondering van het zoo even gemelde
plaats vindt, als hebbende hy eene menigte zynen imdlie„
menten niet opgegeven, welker opbrengst het bedrag
zijner inkomst en zouden hebben vermeerderd; behalve
dat zyne opgaaf in het algemeen zeergeving aan de
Commissie is voorgekomen.
3: Dat de opbrengst der legessen ter Seevelary van den
Raad van Justitie weinig is, en dat als dezelve in het
Jaar 1817 werkelyk niet meer is geweest echter te vooron:
derstellen is, dat dezelve meer bedragen kan-—
guarnisoen zullen eenaroer op
erkenne
De bommissie is voorts van gevoelen dat een tarief van
veiskosten tot schadeloosstelling van ambtenaven die, by
het Gouvernement buiten het district van de stad in
dienst worden gesteld, noodig is, alzoo het niet meer dan
bellijk is, dat dusdanige ambtenaven welke in de uitroe„
ving hunner Commissie buitengewone uitgaven zullen
hebben te doen, schavergoeding bekomen, en wel op eenen
vasten en gevegelden voet
De Loeden Voormeld
JWG I: I: Elsevier.
„ / E: L: van Uytrecht.
„ƒ 73: A: Cancrijn
„/ Theod:s Putting,
De Barrey
Voor Kopij Kronform
De Gouvernements Secreturis
Wm Wett Duyckemt
Instructie voor den Plaatselyken kommandant op het Eiland
Curacab.
Art 1.
De kommandant van zyner Majesteits
troepen op Euracao, zal onder onze onmiddelyke bevelen te
gelyk met de details van den plaatselyken dienst belast
zyn den Tytel van Plaatselyken Kommandant voeren, en
als zodanig erkend en gerespecteerd worden.
Art 2.
By afnezigheid van dezelve, zal het kom
mandement te beurt vallen aan den oudsten in Rang zynde
Officier van ’t Guarnisoen:
Hiervan zyn echter uitgezondert de officieren van de genie
die geen kommando over troepen kunnen voeren, ten waere
zy daartoe speciaal gelast zyn. —
Art. 3.
Ingeval van gecombineerde dienst van
het guarnisoen met de schuttery, zal het generaal komman
do altyd gevoert worden door den plaatselyke komman„
dant.—
Art: 4.
In tyd van oorlog is de schutterij, onder
deszelfs onmiddelyk bevel
Art: 5
By Ceremonien zal de plaatselyke kom„
mandakt altyd het generaal kommando voeren, echter
zal hy gehouden zyn om Communicatif met den kom„
mandant der Schuttery de ageeren, het zy deze superceur,
het zy onferieur en rang is, terwyl zy beide afzonderlyk het
bevel over hunne korpsen zullen hebben.—
Art:6
Het parool en Contrasien zal door
den plaatselyke kommandant aan den kommandant der
Schuttery worden medegedeeld, welke beide officieren daarom
„trent onderling de nodige schikkingen zullen maken.
Art: a/.
De officieren der schuttery en van het
guarnisoen zullen elkander in hunne respective vangen
erkenne
Konij daplikaat.
akennen, de gewone konneurs doen geven, en elkander
rendes en ppatroculles respecteeren; in Cas van gecombineerde
dienst zullen zy elkanders wachten en porten mogen va
specteeren of visiteeren. De Plaatselyke kommandant en
Plaats majoor zullen ten allen tyde dat regt van in
Spectie behouden.
Art: 8
De Plaatselyken Kommandant zal in de
thans bestaande Consignes voor de Bruegerwachten voor eerst
geene aanmerkelyke veranderingen maken, en in t ver„
volg, met uitzondering van pressante gevallen, nemmer dan
na ons welmeenen daarover te hebben ingewonnen.
Art: 9.
Hij Piengeert als Opperkommandant 61
ten opzichte der Bevelhebbers van Torten en Detackementen op dit
Eiland.
Art: 19
Hy is-gehouden bystand te verleenen
aan de Civiele beambten en autoriteiten welke zich
daartoe by hem zouden addresseeren, en de rutolffening van
hunne functien, tot stuiting van delieten, als mede tot
de uitvoering van vonnissen.—
Art: H1.
Het gezag en de verantwoordelijkheid van
de Plaatselyken kommandant strekken zich uit over
alle Fortificatien gronden, gebouwen en andere lards goede„
ren Welke tot gebruik van het guarnisoen strekken,
en niet onder de byzondere verantwoordelykheid der officie„
„ren van de genie en Artillerie, of wel ander een daar„
toe gekwalificeerd amstnaar, gesteld zyn
Art: 12
De Plaatselyken kommandant heeft altijd ter zijner der
positie de Heutels van alle poorten welke toeganp
tot de Willemstad, het Water Fort & ort Amsterdam
kunnen geven.
Art: 13
Art: 13
Hy zal de orders en Consignes deven
voor alles wat den dienst en de vertigheid dee pelaats
betreft posten en schild wachten stellen, ronder en patron„
lles uitzenden, en meermalen de werken gebouwen en
andere lands agendommen inspecteren, ten einde zich van
derzelver goeden staat te verzekeren, en van zyne bevin„
ding aan ons rapport te doen.
Art: 14
Hy zal voor zo veel hem aangaat het
Onderwys der Troepen zoeken te bevorderen, en ten dien
einde zullen er geene meerdere wachten gegeven wor„
den dan volstrekt nodig is, tot handhaving der Politie
en tot bewaring van ’s lands goederen, en van de poorten
en toegand in
Art: 15
Hy zal buiten het Fort Amsterdam of de Willem
stad niet mogen vernacten tenzi hy daartoe permis„
sie aan ons bekomen hebbe en zal hy gehouden zyn
alvorens, zich te absenteeren het kommando aan zynen
opvolger overtegeren.—
Art: 16
Allien aan ons is het gedemandeert
autorisatie te verlenen tot het geven van Verloven aan
Officieren, derhalven zullen die aanvragen welke strek
ken om buiten het Garnisoen te mogen vernacten op het
dagelyks sterkte rapport van het Guarnisoen door
den kommandant moeten gesteld worden
Art: 1
De Plaatselyke Kommandant is aan ons
directe rapporten schuldig van al het geen in zyn
kommandement voorvalt, betrekkelyk den Militaire dienst„
Art: 18.
Alle Bevelhebbers van Porten wach„
„ten of Detachementen op dit Eiland zyn gehouden de
bevelen door ons of van onzentwegens aan krin te ge„
Ven
No 270
„ven of toetezenden stiptelyk na tekomen, en zul„
„len zy van zodanige by hun ontvangene orders
aan den Plaatselyken kommandant onverwyld ken„
nis geven.
Art: 19
Alschriften van deze Instructie zullen
worden toegezonden aan de Majoor, kommandeerende zynees
Majesteits troepen, en aan den Majoor kommandant derl
Schuttery, ten einde zich daarna te gedragen; en zullen
zy dezelve voor zo verre het noodig is aan hunne onder„
hebbende korpsen bekend maken; reserveerende aan ons
om deze instructie geheel of gedeeltelyk te altereeren, en
der noods te annalleeren dan en wanneer wy zulks
noodig zullen oordeelen.
Curacao den 18 December 1820
De Schout by Nacht Gouwerneur
van Curacao en Onderhoorige eilanden
VGHantzlaar
Voor kope konfoms
De Gouvernements Secretaris
Wm Wetb Duijckenik
No 269
No 272 Kopy Punl
Instructie voor den Plaatsmajoor op het
Eiland buracas
Art 1
De functien van Plaatsmajoor zal.
len in ’t vervolg verrigt worden, door eenen Officier daartoe
door ons te designeren; Hy zal den tytel voeren van Plaats.
majoor en als zoodanig moeten erkend en gerespecteerd wor=
den.—
Art 2.
De plaatsmajoor staat onder de on=
middelyke bevelen van den Plaatselyken kommandant.—
Art: 3
Hij zal alle ochtenden op het uur
daartoe door den plaatselyken Kommandant bepaald
zich by denzelven vervoegen, om hem te informeren van het
geen desnachts is voorgevallen, voorts om rekenschap te
doen van de patrouilles, welke gedurende den nacht ge„
daan zijn, en om deszelfs orders te ontvangen.—
Art. 4
Hy zal dagelyks de parade stellen
als mede het parool en de orders uitgeven
Art: 5
Hij zal het garmroens orderboek houden
en daar met naauwkeurigheid inschrijven alle de orders
welke door den plaatselijken kommandant gegeven worden
Art. 6
De plaatsmajoor zal trachten be„
„rigten te verkrijgen omtrend de oneenigheden welke tusschen
de Burgery en het garnisoen zouden mogen plaats vinden
als mede over al het geen de publieke vust zoude kunnen
storen ten einde de plaatselyken Kommandant spoedig daar
van te informeren
Apt
Hij zal zyne aandacht vestigen
op alle de ditails van den Garnizoens dienst en genens
de minste onnaauwkeurigheid toelaten terwyl hij by de
ontdekking van misslagen en nalatigheden zal gehouden
zijn daarvan aan den pelaatselijken kommandart rapport
te doen.
Art8
Hy zal dikwijls en op onverwachte tyden
de wachten en schildwachten visiteren, ook zal het hem vrystaand
om de wachten niet allen na elkander maar gedeeltelyk te
visiteren, hy zal alsdan onderzoeken of de Kommand anten
der wachten de orders voor hunne wachten wel verstaan,
als mede of de schildwachter van hunne consignes behoor„
lyk onderrigt zijn.
Art 9
Hij zal verpligt zijn zoodanige
vonden te doen, als de plaatselyke kommandant nodig
oordeeld
Not 10.
De plaatsmajoor moet aan den
Plaatselyken kommardant rapport doen van alle de
fecten aan de wachten en andere militaire gebouwen waarvan
hem kennis gegeven wordt, hi zal toezien dat er met s Lands
goederen behoorlyk worde gehandeld en zorgen dat het gene
door nalatigheid of moedwilligheid mogt gebroken of ver„
waarloost zijn ten koste van de wacht zelve zal worden
hiersteld.
Art 11.
Hij zal het oog moeten houden over de
restingwerken, het geschat op de wallen, en alles wat ten
nadeele daarvan geschiedt of tot meerder nat van den Lan„
de en van den dienst zoude behooren gedaan te worden,
in hy zal van zyne bevinding aan den Plaatselyken
kommandart pennis geven.—
Art: 12.
De Plaatsmajoor is gehouden alle de
door ons of onzentwege te geven of toetezenden orders stiptely„
natekomen, of te doen uitvoeren, zullende hij echter van zooda
nige by hem ontvangene orders onverwyld aan den Plaatsely
ken kommandant moeten kennis geven„
Art: 13
Atschriften van deze instuctie zullen
worden toegezonden aan den Plaatselijken Kommandant en
Plaatsmajoor, ten einde zich daarna te gedragen, reserverende
aan ons om deze instructie geheel of gedeeltelyk te alteveren
en des niods te annilleren dan en wanneer wij zulks nodig
zullen oordeelen.
Curacao den 18 December 1020
De Schout bij Nacht Gouverneur van
Curacas t onderhoorige Eilandens
Was het: Cantzlaars
Voor Kopi Konform
De Gouvernements Secretaris
mff
HM Duykinck
Ko dipe
Instrutie voor den 1 Luitenant adjudant
Kkkert
Den Heer 1e Suitenant adudtt kikkert zal zich twee malen
swoeks en wel des maandagt en donderdags naar het Militaire Hos„
petaal begeven en aldaar naar keurig onderzoeken of den dienst in
hetzelve naar behoren wordt waargenomen in ’t byzonder zal hy op
de reinheid letten, en de zieken onder vragen of aan hun behoor„
lyk wordt toegedeeld, het geene hun toekomt hy zal zich mede van
de exacte aantekening van ontvangst en uitgaaf verrekeren en toe„
zien dat de uitdeling de bepaling van ’t Reglement niet te boven
gaat van al het welk hy aan ons schriftelyk rapport zal in„
leveren.—
Aan gezien de dienst betrekking van den 2e Luit by het korpt
beenwachters als zynde gedetacheert op het Font Bekenburg den„
zelven niet toelaat het Kommandement over dit Korps naar beho„
ren te kunnens waarnemen, zoo wordt mits dezen den Heer pte
Luit adjudt voormeld in het beheer over hetzelve bij vroegere gouverne„
mints order aan hem opgedragen gecontinueerd en zal hy zine by„
zonderd zorgen aan wendenom in dit korps eene behoorlyke
orde en durciplene te beweiktelligen Aangezien wijders dat
door de schikkingen by onze duspositie van heden gemaakt waar„
bij Junctie van Plaatsmajoor aan den kapitein adjud by het Bati„
Jagus no. 28 wordt opgedragen die van plaatselyke adjudant
is komen te cesseeren, zoo zal den Heer t Luit Adjudant
voorn zich in t vervolg met dien dienst niet behoeven onledeg
te houden Overigens zal hy de door ons te gevene bevelen stip
telyk na komenteewyl hy gehouden zal zyn ons zoodanige
rapporten en voordragten te doen als hy het welzyn van dien
dienst behartigende zal vermenen te behoren
De Schout by Nacht Gouverneur van
Duracao en Onderhoonge Eelanden
/warget / Cantzlaar
voorKopy Konform
De Gouvernementt Secetaris
Wm WelkL eeyekamrk
buracad den 18 Hecember 1820 Chopip Dupl
Hoog Ed: Gest:r Heer
Als nog onder myne berusting hebbende de Som van
do 2438„ 10„3 spruitende uit den verkoop van den Insier„
genten Kaper La Tosegada, blykens het verhandelde in het
Gouvernements Journaal in dato 3=den Mei 1820 no 230
zoo neem ik de vryheid uwer Excellentie by deze te verzoeken
over die som, waarvan een gedeelte ten bedrage van
p:s 1138. 1o- op order van den gewezenen Heer Gouverneur
Generaal adinterin Mr J. J: Elsevier, in eene ordonn ancie
voor vragtpenningen, is geconverteerd geworden, te willen
disponeren en my te autoriseren de gemelde som, bestaande
in contanten en in de voorzeide ordonnancie, over te geven aan
wien uwe Excellentie tot de overneming daarvan zal gelie
ven te kwalifieeren.
Ik heb de Eer met de vereischte hoog
achting te zyn.
De Gewezene Gouvernements
SecretarisAan zyne Excellentie
JW. 2 den Schout by Nacht
W: Prince. P: R: Cantzlaar
Ridder der orde van den Nederl:
Voor kopy Conform Leeuw, Gouverneur van buracad
Gouvernemert Secretaris.— t onderhoorige dilander
Jo Va Her
Wm 1 Ab Duyekink
No 271
Kopy Dipl Siscalaat den 18 December 18201
N 176
Ik vindt my verpligt Uwe Excellentie te preevinieeren
van de dagelyks toenemende klagten der Ingezetenen, nopens het
weigeren van papieren schellingen in ontfang aan teneemen ver=
ooszaakt door dat de handteekening die dezelve wettigt van
veelen is uitgesleten, zulks dat hieromtrend een mesure zal be„
nodigd zyn, het zy door al dat papier buiten circulatie te stellen
zoo dit mogelyk zij, of wel gelyk beveids eenmaal geschied is, de
uitgesletene schellingen tegens nieuwe te verwisselen. _ welk
middel ook worde geadapteerd, er zal deswegens een prompte
voorziening noodzakelyk zyn, zoo tot afweering van schade
als ten regarde van de birculutie dezer kleine muntspecie, nog
heden zyn diverse klagten daaromtrent by my ingekomen aan
dewelke in ’t byzonder uwe Excellentie dit myn schryven gelie
re te attribueeren.
Ik heb de Eer met de meeste Estime te zyn
De RaadFiscaal dezes en onderh: Eilanden
J:I: Vloevier
Zyne Excellentie
Voor Kopy Bonform den Schout by Nacht
Gouverneur van buracas De Gouvernemerts Secretaris
t Onderh: Eelanden
sa Zo &a Wm Webb. Dereschenck
W
71 Kopy Duplicaat
inm Curncao den 18den December 1820.
Dit uwer Exaellenties dispositie, van den 23 sten November
tt vernomen hebbende dat zyne Excellintie de Minister,
voor het Publieke Onderwys, de Nationale Nyverheid en
de kolonien geen genoegen heeft genomen, dat ik een
Vierde van myn toenmaals genoten tractement als
Secretaris, aan den Raad van Policie, alhier te lande
heb laten staan om in het moederland aan myn gemag„
tigde te wworden uitbetaald, zoude ik die deligatie dade„
„lyk hebben ingetrokken indien dezelve, door de plaats
gehad hebbende verandering, niet van zelve was komen
te vervallen; echter betuig ik dat ik gemeend heb er gee„
„ne swarigheid deswegens zoude ontstaan, en dat ik e
nimmer, daartoe zoude zyn overgegaan als ik de min„
rste onterredenheid daarover had kunnen voorzien,
want even zoo openhartig hob ik uwer Excellentie de
moteren die my, met anderen bewrogen hebben, ter ken„
„nen gegeven
H noem dus de Oryheid Uwer Excellentie te ver„
zoeken de noodwde order te willen stellen dat het
ingehoudene van myne tractementen als Secretaris
van den Raad van Policie en als Gouvernements
Secretaris over de maand October l, (in welke laat„
„ste kwaliteit ook volgens bekomen veelof een geluke
Oolegatie als in de eerstgemelde heeft plaats gehad om
met pumo October lb aanvand te nemen )aan my uits
de koloniale kas worde uitgekeerd en betaald.
Met de meeste hoogachting heb ik de eer te zyn
De Secretaris van den Raad van
Policie en gewezene Gouvernement
Aan Secretaris
WGJ. /m Punce Zyne Excellentie den Schout„
by Nacht P K Cantijlaar
Rdder der orde van den Nederlandschen
Leeuws Gouverneur van Curacao en Onder„
hoorige eelanden.—
Kopy Deepl. Aan Zyne Eoxcellentie Paulus Rroe„
loff Cantslaar, Ridder van de orde
der Nederlandschen Lieuw, Schout by
Nacht in dienst, van Zyne Majes.
teit den koning der Nederlanden, Gou„
verneur van Curacao en onderhouge
Eilanden Benaire en Aruba, en opper
bev van de Land en Zeemacht aldaar
6: —86:— 86: —
Hood Edele en Gestrenge Heert
In bezit gesteld zynde geworden van Uwe Excellen„
ties geterde bevelen aan ons in dato 2 November dezes
Tadrs in onzen kwaliteiten als Parnassim en Penningmees
„ter Traelietsche Gemeente alhier toegezonden, met betrekkeng
tot het doen van Wekelyksche opgaren door den Veoogan
ver onzer gemeente, aan den Puekteur der Collaterale Sui
cestie aan de genen welken gedurende de verlopene week
ter aarde zijn besteld,
En ten hoogste begerie zynde aan deze voor ons immer
geeerde bevelen in dezelver vollenzin te voldoen, zoo vinden
Wy ons echter in onzen gezegde kwaliteiten door zekere
thans heerschende omstandigheden onder gemelde Gemeente
in de onvermeidelyke noodzakelykheid, ten einde in alles be„
hoorlyk te werk te kunnen gaan, en om ons te dienen als
rigtpnoer in de uitoeffening dezer bevelen, Uwer Excellen
„ties Interpretatie of nadere besluit, tot wed ruimind van
alle verdere twyfselingen met betrekking tot onze wijze
van handelent daaromtrent, Eerbiediglyk te moeten verzoe„
„ken;—
Het is uwe Excellentie misschien niet onbewust en zoo
sa, nemen wy de vryheid UweExcellentie daarvan respect
„tueuselyk te verwittigen, dat de Israelietsche gemeente al„
hier, huishoudelyk bestuurd wordt, op de reeds zeventig Ia„
„ren in Viguur zynde kerkelyke reglementen de naam
dragende van Escamoth:t gesanctioneerd door den Souveraem
en alhier door alle opvolgende Gouvernementen op de
luisterlykste wyze immer beschermd en gemaintineerd;
Edoch, Eenige Leden der gemelde gemeente bezeeld met den
geest van Twist en Tweetrachten te zayen zich niet ont„
zien hebbende van in tegenkanting aan gemelde Escamithe
en met het oogmerk om de bestuurderen derzelve /een gecon
„stitueerd Lichaam,) te trachten te vernederen zoo ver ge„
bruuk) van hunnen invloed op de men kundige gemaakt
dat zy eene beklagenswaard ige sche ind beverk hebbe s der Zeden van 9 hebben, ^ waardoor een aanzienlyk ge„
melde gemeente verwyderd zyn gebleven.—
Deze Contentien dan, laanbeide kanten; een aantal Volu„
mineuse schrifturen, bestaande in brievewisseling, rekwes„
ten berigten &c: veroorzaakt hebbende (welke alle ter
secretatie alhier zeer zeker zyn leggende, en waarom wy
Dwe Excellentie verbeediglyk kortheidshalve refereren,
hebben dan Eindelyk te weeg gebragt, het zeer gepast en
regtenardig besluit van den Edele Achtbaren Raad van
Policie dezes Eilands in dato 16=e Mei 1820 het welk my
met verzoek van terug gave, hiermede de Eer hebben onder
L„a A: te Exhiberen. ad
Dit zoo stellig en regtvaardig besluit verre van door
de misnoegde Party en aanmerkend te zyn genomen, en
in hunne Contumatie volhardende, deed ons besluiten
een zeker Casus Positio aan den thans Edele Gestrenge
Heer effective, en als toen fungerende Raad Fscaal ad
„inteuum voortestellen wiens ophossind op de daarin ge„
stelde querituren, volkomen, beantwoordende aan het
Ide dat geen Separatie onder de Leden plaats konde
nemen en dewelke wy mede alhier de Eer hebben te Exhe
beren, onder L B heeft echter niets tot overredend van
de tegen parti kunnen bewerken, die in tegendeel als naar
gewoonte in hunne valsche systimas bleven volharden
dit dan alweder verdere mastregelen te weeg hebbende
gebracht, vond wylen zyne Eicellentie Mr Petrus Ber„
„nardus van Mtarckenborgh als toen Gouverneur ad=
„inteum dezes Eelands, goed, en dato 6 Juny dezes Jaars,
On
Ongetwyfseld en het begrip dat daardoor alle verde„
„re verschillen zoude worden uit de weg geruimd,
by publicatie, dat gene te besluiten en te doen afkon
digen, als Uwe Excellentie uit het product Sub P:
hiermede eerbeediglyk toegezonden zal gelieve te ontwa„
Dan de Eigenzinnige uitlegging door de verwyderde
Leden opgemelde publicatie gelegd verre van aan wy
„len zyne Excellenties goede oogmerken te voldoen, als
„weder niet anders heeft weten te bewerken, dan dat
gezegde gesepareerde Leden van gemelde gemeente,
hunne verwyderino als wettig beschouwende, alles
wellekeurig en impune zyn blyven doen en voo
harden; zonder de minste regard te slaan in hoe
verre of zy straffeloos als Jood zynde, de Excamoths
en als verwyderde Leden, de bevelen van het Gouver„
„nement konde overtreden.- Van welker gemanifesteerde
inbreuken wy ook niet nalatig geweest zyn ter behoor„
„lyke tyd en aan de behoorlyken persoon, onze aan„
klagten ten fine van redres in te dienen
De nadere oplossend of Interpretatie van Uwe Eycel„
„lenties geEerde bevelen van den 27 November dewelken
wy de vriheid genomen hebben van Uwe Excellentie
eerbiediglyk te verzoeken bestaat dan hierin; of die
gesepareerde Leden, die kchoon geen geen gemeente mogen
de formeren, en als het ware als Dwalende schapen
zonder herdens omzwalken, zonder Congregatie of ge„
meente, zonder bestuurders, zonder Sijnagoga, zonder
kas, noch beambten en die tegen alle regt en tegel
zich propria authoritate Eene afzonderlijke begraaf
plaats aangeschaft hebben en hunne Eigene doodgra
ver Employeren.—
beschouwd moeten worden als Een Lichaam op hun
zelve, en als onafhangelyk en geenzins onderherig aan
de daargestelde kerkelyke reglement E of dat zy wel
degelijk
No 276.
degelyk daaronder als Dood zynde, begrepen worden
te behoren, en te sorteren onder de zodanigen waar„
„van in Cas van overlydenis de Wekelyksche opga„
ve ter bureau, der Directeur van de Collaterale Suc„
cessie moet worden gedaan. —
Smekender om verschoning, en tot onze geruststelling
afwachtende Uwe Excillenties nadere bevelen daar
omtrent, hebben wy de Eer met de diepste Eerbied
in hoogachting te zyn.
Hoog Edele Gestrenge Heer
Ouracad den 18:e Lecem. Uwver Excellenties zeer Ootmoe„
„ber 1820.—
dige, gehoorzame en Onderdanige
Dienaren—
JW. G Moize Cardozo
„ Josias Dovale
1 „/ Samuel d Casseres —
Voor kopi komform
De Gouvernements Secretaris.—
Wm Welt Drusckenck
N„ 375 Kopi deplicaal
No 178
Piscalaat den 25 December 1820.
Om ingevolge Uwer Excellenties envitatie vervat en
het my toegezonden Extract Journaal in dato 18 dezer N„o
688 te dienen van consideratien en advies op de daarby inge„
zonden petitie of adres van Parnassem en Penningmeester der
Isrdelitische gemeente in de bylagen daartoe gehoorende
zoo zoude ik onder verbetering van oordeel zyn, dat daar de
Mesure door Uwe Ercellentie ten opzigte der aangifte van
Lyken door de Doodgravers aan den Directeur der Colla„
terale successie te doen, tot niets anders of verders strekt,
dan, om de voormelde impost te verzekeren, hieronder
begiepen zyn alle personen die als begravers van dooden
van welk een gezindheid ook, fungeeren, zonder dat de„
zelve daartoe een aanstelling van Gouvernements wege
hebben ontvangen en mitsdien Uwe Excellente, niet
benodigd heeft hier omtrend eenige decisie te nemen, de„
welke klaarblykelyk het point in questie tusschen
de Sooden alhier met zoo veel herigheid geroerd directe„
lyk aangaat, gelyk Uwe Excellentie na examinatie
der bylagen duidelyk zult ontwaren terwyl het my
voorkomt dat dit adres just de strekkind heeft om„
gemeld geschil op nieuw te ventileeren
Ik heb De Eer met de meeste Estime te zyn
Zyne Excellentie De Raad Fiscaal dezes en onderho„
den schout by nacht rige Eilanden
Gouverneur dezes y onderhoorige JWG I.I. Elsevier
Eilanden &c. &c. &.
Voor kony komprin
De Gouvernements Secretaris.
W W1etb Dugtinse
No. 274
buracao den 21 December 1820 Kong Det
328.
Ik moe de vrijheid nemen aan Uwe Excellentie te
kennen te geven, dat er een van de okshoefden azijn met de brik
Maria & Jacoba, schipper I:J: Bart, aangebragt, in het mu„
gazyn lek geworden is, hetwelk op den 16 dezer maand door den
magazijn Meester werd ontdekt en aan mij gerapporteerd,
waarop ik mij dadelijk naar het magazijn vervoegd, daar
van inspectie genomen, en van myne bevinding het nevens
gaande proces verbaal opgemaakt heb, waarbij ook gevoegd
is het certificaat van den pijlmeester, volgens welke het
aan Uwe Ercellentie blyken zal, dat het verlies bij de lek„
hage van het gemelde defecte okshoofd 108 pinten azy
beloopt
Jaar het gebruikelyk is, den magazijn meester, voor
zoodanige verliezen welke bewezen zijn, te ontbasten, met
dezelve op de magazynboeken te laten afschrijven, en daar
toe geene autorisatie kunnende geven, zonder toestemming
en goedkeuring van Uwe Excellentie verzoek ik denegen
Uwes Ercellenties welmeenen te verstaan—
Ik heb de Eer te zyn
Uws Excellenties ond: dien al
De Raad bontr: ad-int der Tinan:
JWG/ E: L: van Uytrecht
Zyne Excellentie
den Gouverneur Voor Kopy Konform
P: R: bankjlaar De Gouvernemert Secretaris
Ridder der orde van
den Nederlandschen Wm Welb Duyckinck
Loeeuw ta tes te
No 27.3.
Kopi Depl.
Proces verbaal
Op heden den 16en December 1820, werd door mij
Raad Contrarolleur adenteum der financien, op verzoek
van den Magazyn Meester van alle magazynen bezig„
„tigd een okshoofd azyn genummerd 38, van de partij
aangebragt per de brik Maria & Jacoba, welk lek ge„
worden was; En daar het my toescheen dat er veel
azyn uit het okshoofd geloopen is, heb ik den pyl„
„meester hetzelve laten pylen waarop het gebleken is
dat er een honderd en acht pinten azyn minder in
het okshoofd waren dan by het Certificaat van den
pylmeester by de inspectie der aangebragte virres op
den 23:e November lb door de Commisie, geconstateerd
Was
Vervolgens liet ik den dzyn in een ander oks hoofd
Overtappen en het ledige okshoofd geexamineerd zynde
is bevonden dat, eene der duugen aan hetzelve digt
by de him waar de bodem opsluit, met een tweede
stuk gelapt zynde, door het springen van de koepels
moest losgaan en de uitlekking veroorzaken.
Waarvan dit proces verbaal door my is opgemaakt
en geteekend ten dage en Jare als hierboven vermeld
staat
/7G/ C L. van Uytrecht
K. Contr: ad: int. df.
Voor kopy Konforan
De Gouvernements Secretaris
Wm Webb Duykenik
D
gaan.
werk gegaan.
No 282.
Kepy Dupl Ouracao den 22e December 1820.
No329
Ik heb de eer aan Uwe Exeellextie intezenden de certificaten
van den Waagmeester, wegens de naweging met magazijns gewigt
van de volgende nog overgeblevene vat en ryst, als:
Van de party per de Brik Eendragt
11 Vaten gewogen volgens waag gewigt 3243.... magaz gew: 3315
Henrietta Wilhelmins
3377 11 dito do 3311
„ Schip Sara Maria
13 dito - do 3946 3871---
35 Vaken - - - - - - - - - 10425 - - - - - - - - - - 10,638
Eer Waren 36 vaten voor handen, doch de Magazin Meester
heeft daarvan een tot de distributie gebruikt; voor dat deze na
weging heeft plaats gehad.
Uit deze naweging blykt dat de magazijn meester over de
35 vaten ryst op zyne boeken 213 ronden vyst minder in ontvangst
gebragt heeft. het welk ruim twee percent verschilt.—
Uws Excellenties dispositie hieromtrent te gemoet ziende
heb ik de Eer te zyn.
Uws Eer cellenties dienstwillige
Dienaar
De Raad Contravolleur ac: int der Tin
/. G b: L: van Uytrecht— zijne Excellentie
den Gouverneur
Voor Kopi Kenform J: R: banklaar
De Gouvernements Secretaris Ha Da De
Webb Duisckemt
„„ƒ„ 9290
werk gegaan.—
N„o 281
buracai den 23e December 1820. kopij Dupb.
Hoog Edele list: Heer
Gisteren heb ik ontvangen, extract uit het Gouvernements
Sournaal de dato 19 dezer iaand n:o 590 benevens de daaraan refe„
veerende brief n 570 ter kennis geving, dat uit eene gedane nomi„
natie, door de leden in den Raad van Policie, Uwe Enscellentie
goedgedacht heeft de keize te doen, gunstig op myn persoon
als medelie van den genoemden raad
Voormalig door firancieele Ambrobetrekking, had ik in
den schakel myner moeilijk t getrouwe verrigtingen, behoorlyk
relatie tot den Raad van Policie, due bepaaldelyk in dat vak
geen onkundig vreemdeling zijnde, wensch ik zeer wartelyk
welmenend, steeds naar de mate van myn zwakvermogen,
ook na, op den naderenden avond der schier afgeloopen zorg
volle leeftyd mijner ontmoetingen en ondervindingen. nog pligt
schuldig werkzaam of nattig te mogen zijn, ingevolge Uwe
Exeellentues billyke verwachting.—
Ik heb de Eer my te noemen.
Uws Exallenties
Gehoorzame dienaar
/49/ J.J. Beaujon
zyne Exeellentie Voor Kopy Konform
den Gouverneur F. B: bantzlaar Do Gouvernements Secretaris
Bidder der orde van den Neder
Wm Webb Deujckinck landsche Leeuw te 8 t
gegaan.—
werk gegaan.—
Kepe
N 415.
Aan zyne Exeellentie
den Heere schout by
nacht, Gouverneur
van buracui en on
derhoorige Eilander
Aan loord Z: M. Koret de Komeit, ligger
de in de Haven van Curacao den 28 Dec: 1820
Uwe Eraellenties zeer gerespecteerde order van den 11 December
J: LW 665, is my gisteren ter hand gesteld geworden, waar aan door
my voldaan zal worden.
Intusschen zy het my vergunt Uwe Excellentie te doen op
merken, dat het er verre af is, dat ik eenige zwarigheid zoude
gemaakt hebben, in de betaling der onkosten van de vastge„
houden Matroos H: Greeven, indien hy werkelijk weglooper
of deserteur was, of als zoodanig door my aan den Heer Raad
Fiscaal was opgegeven geweest, wel is waar dat ik een signale
ment aan de kommandant van het Fort ingaf, dit diende
echter tot voorkoming van het slegen van baldadigheid aan
de wal, en ter aandhaving van de goede order en discipline.
Het hoofd en het slot van het signalements Examinee
ende zal uwe Excellentie inzien, dat het geen zinds myne be„
deeling was, deeze zaak inhanden van den Heer Raad Fis„
caal te stellen, en ook zoude ik in dat geval, geen omwer ge
maakt hebben, my eerst aan den kommandant van het fort
wabre eeren.
Ik vermeen dus verlig te mogen besluiten dat Uwe Erae
Eentie omtrend deeze zaak, niet is ingeligt geworden, zoo als zulks
wel had behoord, daar er hoegenaamd geen term van weggelopen
matroos bestaat.
Ik heb ook deeze zaak aaderijs aan boord zoodanig be„
hardito, als de krygstrecht me aan de hand gaf, en eene nadere
sicuniele straf, zou myns oordeels een onregtvaardigheid zijn.—
In zal dus, daar de heer Raad Fiscaal blyf verlangen, dat
deeze zom van PTezos van achten worde betaald, en zijn Welld.
Gestrenge mij beveids schriftelyk deswegens heeft aangemaand„
die uit myn Trive brurs voldoen.
Met verschuldigde hoogachting heb ik de Eer te zyn
De Kapitein Luitenant tw zee kom„
mandeerende ze H: Korvet Kimeet —
JW:o G I: 73lom.
ran.—
werk gegaan.—
No. 279.
opij Gept:
f 531.
Curacad den 29e December 1820
Ik heb de Eer gehad gisteren te ontvangen, Uws Ercellen,
ties dispositie van den 27=en dezer maand no 701 betreff ende
de inwisseling en aflossing der onbetaalde in omloop
zynde Gouvernements Oroonnancien voor en met den
15=en November d:j uit de penningen welke op den 1=e
January 1821 in kas van het Tonds ter vernietiging der bewij„
zen van afgekeurde Johannissen, voor handen zullen zijn
en in het vervolg daaren zullen ontvangen worden tot tyd
en wyle dat al de voor den 16 November d.J. in omloop ge
bragte en nog onbetaalde ontvangene dispositie breeder
staat omschreven.
Om mij instaat te stellen aan Uwe Excellenties geëer
de aanschryving op den bepaalden tyd te kunnen voldoen,
heb ik, als mede Commissaris over het Johannessen fonds„
allen spoed gemaakt met de Commissarissen op gisteren
vergadering te laten houden, ten einde het besluit van den
Raad van Policie dit 19=e dezer als ook dus Ercellentus
disposisie van den 27 dezer n 701 bij die Commissie ook ont„
van een afficieel aan dezelve bekend te maken. —
Dan tot mijne verwindering heb ik ondervonden dat de
Heeren Commissarissen H:A: De Lima „ I: W:s G: Putting
niet geneigd zijn aan het Raads besluit van den 19=e dezer
wegens de inwisseling der ordonnancien te volgen, voor reden
gevende dat zij vermeenen als representanten van de ingezetenen
deszelver belangens te moeten behartigen en uit dien hoofde zieh
niet kunnen leenen om de penningen van het fonds tot een
ander einde te laten gebruiken, aan waartoe dezelve zijn op=
gebragt. Ik heb getracht die Heeren van hun dwaal
begip aftebrengen en hen het doelmatige van de inwisse
ling der Gouvernements ordonnancien onder het oog gebragt
met aanmerkin dat de bommissie in alle geval genood=
zaakt is, aan de ontvangene bevelen van de regering te vol=
doen, en dat zij met de inwoners hoegenaamd niets te doen
heeft en gevoigelyk ook geene verantwoordelykheid aan het
publiek verschuidigd is, maar wel aan het Gouvernement
werk gegaan.—
door welk de Commissie is daargesteld. — Edoch de bommis
Tarissen H: A. de Loima & I: W:s G: Sutting zijn bij hun
gevoelen blyven volharden, om de penningen van het fonds
niet te laten gebruiken tot de bedoelde inwisseling van Gou=
vernements ordonnancien.
Alhoewel Uwe Ercellensie van wege de meergemelde bom„
missie officieel berigt van het verhandelde op gisteren in de
vergadering van Commissarissen over het Johannes jonds
al ontvangen, heb ik het echter van myne pligt geacht
de vriheid te nemen, voorloopig daarvan aan Uwe Excel„
len, ie kennis te geven, dewijl ik door de tegenkanting van
de gemelde Commisjarissen in de onmogelykheid ges eld word
aan de ontvungene aanschryving, om rent de inwisseling
der bedoelde ordonnancien op den bepaalden tyd te vol„
doen.
Eene tydige voorziening van Uwe Excellentie
hierin te gemoedziende, heb ik de Eer met verschuldigd en
arbied te zyn.
Ouws Excellenties dienstwillige
Dienaar
yne Eveel De Raad-Contravolleur ad: int der Tin:
lentie den Gou=
verneurs: R: Cantz /WG/ E: L: van Uytrecht.
laar Ridder der
orde van den Voor Kopen Konform
Nederlandschen Po Gouverzements Secretariss
Leeuw.
Wm Webt Duiekinik de te tr
werk gegaan.
No. 278
Curagao den 29 December 1820. Bopy Dapl
Hoog Edele Gest: Heer.
De ondergeteekenden door een aantal der aanzienlykste koop
lieden en Inwoners dezes Eilands benoemd zynde namens hun
allen, Uwe Excellentie betrekkelyk het sonds ter vernietiging
der afgekeurde Iohannissen te aboucheren, verzoeken uwe
Excellentie eerbiediglyk hun op aanstaande Dingsdag den
2 January 1821 eene audientie te willen verleenen, op zoo
„danig Vur als Uwe Excellentie het best zal convenieren
Wy hebben de Eey met de meeste Eerbeed ons te noemen
Hooghd Gestrenge Heer
we Excellenties DW Dienaren
WG: Dan Bing
/I: C: Meyer
S: N: E: Tulling
Aan
bortland L: Tarker. zijne Excellentie
P: R: bantzlaar Gouverneur Voor Kopy Konform
van buracao en onderhoorige Eilander
De Gouvernements Secretaris
8a da 8u1
Wm Weble Dinjekenik
werk gegaan.
werk gegaan.—
No 287.
bopy Dupl
No: 180 Fiscalaat den 30 December 1820
Ik neem de Vryheid Uwe Excellentie in Origenalee
in te zenden eene op Gister by my Ontvangene Voor„
dragt, van de substiteit Schout Groos, omtrent het
ophouden van zyn tractement met den 1„e Januaryj
aanstaande Omtrent de Motiven zyner doleantse kar„
ik Uw Excellentie afformeeren, dat opzigtelyk de
positien van zyn dienst dezelve Conform der Waar„
heid zyn, hebbende zo wel de voorige Fiscaalen, als ik
zelve alle redenen gehad van contantement die twee
gens Overigens, daar de redenen van het besluit
waarom hy zich beklaagd in de Opgave der Emolu„
menten bestaan; waaromtrent hy zich nader in
deze petitie explicent, zoo zoude, mede in aanmer„
king genomen, dat by deze organisatie, ook zijn
Zoon uit zyn bestaan geraakt is, zyn verzoek wel
eenige focorabele regard meriteerd beveele midsdien
hem Uw Excellentie benevelentie respectieuslyk aan„
Vergun my hier noch de observatie dat tot weeler„
tie van zaaken, en gevolgelyk tot menagement van Qua„
titie Kosten de goede waareeming van dat officiereel
Contritueert, zulks dat het beloop van het bij de
substitut Schout bevoorens genotene tractement, door
het de Plano afdoen van veele soms niets beduiden„
de questien spoedig de onkosten evalueert, die an„
dersints door mindere Vigelantie noodzakelyk worden
gemaakt, terwyl Uw Excellentie zich steeds kan
verzekert houden, dat even als bereids byde voorige
adinterims waarneemen myner Actueele post
veele onkosten door een spoedig afdoening van Zaa„
ken zyn vermeed ook thans met geen mindere
prompteheide door my in ’t vervolg zal worden te
werk gegaan.—
Ik heb de eer met de meeste Extiem te zyn
De Raad Fiscaal dezes er on=
Zyne Excellentie den derhoerige Eelanden.
schout by naet Gouverneu„ FW: GOD. Elsevier
dezes en Onderhoorige Ee„
landen Vl: H:s Vr
Voor kopij konform
De Gouvernements Secretaris—
A
Wm Wetb Litanik
po 286.
Aan den WelEd: Gest:r Heer
en M:r JD. Elsevier Raad Pes„
caal deezes en onderhoorige Eylan„
den H. H
Wel Edele Gestrenger Heer
Met het onderdaanigste Respect en grooste betrout
wen in UEd Gest:r Evendarige goede zorgen, We„
gens Uwe Gesubordonneerde; neemt zynen toenlugs tot
UEd:e Gestr: I: P: Groos. onderschrut en markmeester
deezes Eilands ten Einde UEd: Gestr: zyne tegenwoorde„
gen toestand te kennen te geven en dezelve naar UEd
Gestr: billyke gemoeds beweeginge te beoordeelen.
Seedert dertig Iaaren WelEd: Gestr: met Eeven vlijs
differente ambten op dit Eiland uitgeoeffend hebbende en
zedert 4e Maart 1816 de functie van orderschout en
markmeester is aan my, ten aanzien, der onzekere Emd
„lumenten aan die plaats verknocht, toe geleid ƒ700o ofte
S: 420 vast Tractement: zeker Wel Edele Gestrenge is
het aan UEd Gestrenge beter, dan aan iemand bekend en
Welke postte CCasugao) dit ambt my Helozde is onver„
„schokkene vlys voorzichtigheid en geheimshoudige de„
welke dit ambt vereischt welke by my hoop ik noord
te kort gebleven zijn zonder inzien van gevaaren
van welke ondertusschen ik ambtshalve ben bloodge„
„steld niet tegenstaande ik de kost moet bekorgen
aan een groote famillie. zoo kan het aan UEd:
Gestrenge oordeel Voorkomen, dat ik met Leertweezen
ontfangen hebbe het besluit van zyne Excellentie
den Gouverneur Schout by nogt W:r H:r M:r in
dato 20 December 1820 Waardoor myn Vast tractement
van fy0o of P:o 420 met p=m January 1821 woorden in
getrokken het welke aan UEd WelEd: Gest:r alhier by
ontfangen Extract overlegge.
Met alle Eerbied hetzelve beschouwende durie ik
toch aan UwelEd: Gestr: myne Nederige aanmerkin„
ge doen over de Gelette moturen die zynen Eycellen
tie en den WelEd: Achtb: Raad van Policie beuo„
gen hebben volgens gezeid, besluit van 20 x=t my
dit vast trctement te ontrekken.
Ten Eersten „ schynt het dat zyn Excellentie o
Achtb: als ervonneur gehouden hebbende, de opigaare
die ik gedaan hebbe van alle myne emolumenten.
Dezelve WelEd: Gestrenge Heer hebben, zo naauw
keurig mogelyk door my opgegeeren geweest; en zoude
er eenige geringe en onzekere Emolumenten en die
opgaaf door my vergeeten zyn /:het geene my onbe„
kend is :/ daar over hebbe myne nederige verschooninge
te vraagen aan zyne Excellentie dan die inkomende
geene 15 Deroos bedraagen kan„
ten tweede„ dat myne toenallige Emolumenten niet
Vatbaar voor verminderinge en zyn toegesckeenen.
Dit aan U welEd Gestr: te wederleggen zoude ten
Oversloede zyn, en onnoodig U wel Ed: Gest:r kostelyke
oogenblekken nutteloos bezig te houden, mits Uwd
Gestr zelfs van het tegenouergestelde overtrugt
tyt, dat dagelyks de Casueele Emolumenten
aan myn ambt geaccrocheert verminderen en Wee
nig hoop, van verbeteringe opleeneren.
Ten derde „ dat uit eene legale opgaaf van het
door de slagers der Voodsche gemeente in verloope„
ne elf maanden deezes Jaars geslagt zynde hoomwee
gl:s gebleken is dat de Post van Markmeester ge„
duurende dat tyd vak dien kant alleen moet op„
gebragt hebben Ds 6443 s
Is myne Eerbiedige observatie WelEd Gest:r Heer
dat de Joodsche gemeente trekken voor hunne
Klert
klerk 5 realen voor het slagten van een hoorn
beest en 1. realen voor Een schapen en Geeten, ter„
wyl ik maar een Vijfde van het zelve als markt
meester en geniete en nog de helfte aan onsermy„
delyke assistenten, moet uitkeeren: Verders Welko„
Gestr: ben ik ambtsweegen genoodzaakt een huys
in de Willemstad te bewoonen het welke my op het
minste gerekend 168 Peroos kost en dagelyks met alle
bezuinigheid de onderkoude myns groote Camcelee
met geen P: 3 kan bekostigen en nog onlangs my
Zoon DV. Groos als Jongste Vesitateurs der Waay„
door het Generaale Plan van bezuiniging is af„
gedankt gewordene, welke weder ten myne Laste
't huis genoodzaakt ben onderhouden,
WelEd: Gest:r beweegelyke overweeging op alle het„
voore aargehaalde, met de Diepsten Pertied verzoe„
„kendens ten einde myne voorspraaker te zyn, by zyne
Ecellentie den Gouverneur Hl: Vl. Zl. op dat inge„
zien myne oude diensten de alyd en Billykheid met
de welke ik het ambt van onderschout en Mark„
meester altyd bediend hebbe en nog bediene de
Last van eene groote Famillie waar voor al ik de
Onderhoud moet verschaffen en eindelyk de eerbiedige
danmerkinge dewelke ik op het besluit van den 20
December aan UEd WolEd Gest Durve maken
het zyne Excellentie behaage moogen myn procu„
siooneele irgetrokkene vast tractement van f70g
of 1420 te laten behouden ten definitive myne koop„
van het zelve te verkrygen is gegrond op UwelEd
Gestr: Hoop vermoogende voorspraake
In welke vertrouwe ik met onderdanigheid en Eer„
bied ber: U WelEd Gestrerge Dw: en gehoorzaa„
buracao den 29 Decem„ me Dienaar en gesubordonneerde
1820. JaW. GJ. Joh: P. Groot
Ond: Schout.
Curarao den 30 Decemb 1820 2d No 125
Naardien de aan ons verstrekte gelden niet
toerykende zyn bevonden om diverse Uitga„
ven ten laste van t' Garnisoen dezes Eilands
voor het lopend Iaar te kunnen bestrijden.
Solliciteeren wij Uw Hoog Edel gestrengen om
ons te willen doen verstrekken eene somma
van ƒ500—.— ten eende met den Afloop van
dit Jaar finaal te kunnen Lequideeren
de Administrateurs van het
Garnisoen te Curacao &o
JW. G: 8 Krapp
Pret.
Op last derzelven
W: G: Plats.
Kapt kwart.
Aan zyne Excellintie den Gouverneur
van Curacao en Onderh: Eilanden & & &
Voor Kopig Konform
De Gouvernements Secretaris.
Wm WMtb Duy kinek
hipy Dupl. Aan boord /: M: Brik Merkuur te buva„
ao den 30 December 1820—
Ten gevolge Uw Excellenties beveelen van den 21 Nov: no 68
zeilde ik met Z. M. Bodem onder myne beveelen den 25 dies maand
waar zee, koers stellende naar de Eilanden Ft. Eustatius en
F. Martin de gelegenheid, mij voordeelig zijnde in de eerste da=
gen, om onder de spaansche Kust op te werken, deed ik zulks en
bevond my den 1 December voor Lagwaijra, alwaar het anker
wierp. en mij aan wal begaf, om by. herhaling over een point
van aanldang met den Kapt: Havenmeester I:n Cavasso te
confereeren; waarover mij refereeren uwE Excellentie nadere
rapporten in te zenden. — den 2 zeilde weder van daar en ar=
riveerde niet eerder op de Riede van St Eustatius, dan den
14 december, hebbende de stroomen mij meer dan 3 graden
om de west gezet, niettegenstaande de kragt van zeil die wy
voerde. — Bij myne komst on de Rheede van St Eustatius
was Z: Er den Generaal de Veer absent, en daar men Z. E ude„
re moment van St Martin te gemoed zag, bleef ik zyn En
wagten. Den 16 kwam zo E, en na nog 1o dagen getoeft te
hebben ingevolgen zo: E begeerte, zoo stevende wij den 20 naar St. Mar
ten. alwaar om 10 uur ten anker kwam, overhandigde alle de De„
peches aan den Ed: Heer Kommanieur van gem: Eiland en
daar zo Edele my observeerde het van veel aanbelang voor die
Kolonie ware men. kennis droeg er een oorlogs vwartige hier
in den omtrek ware, zoo besloot ik acht dagen station te hou=
ien in de baaij van St Martin. Gedurende dat tid vak ontving
ik berigt dat eenigen tijd geleden in de Timprons Baad was opge
bragt geworden een Hollandsche schoener met slaven aan boord
en zulks door een der Insurgenten Kapers en dat gemelde voor„
tuig naar Martinique was opgezonden met de slaven en daar
vernocht. — In hoeverre de Insurgente kapers regt hebben om
Politie te houden over die verboden handel is mij niet genoe„
wam kennelijk — Gedurende mijn verblyf, haf men ook
bij de 5 Eilanden eenige pryzen opgebragt, welke men my
verzekert men te Timpoons baar, zoude opgebragt hebben, had
ik met dezen bodem daar niet gelegen
Zyne Excellentie
den schout by nacht
Gouverneur van
Cusweud
de te
Buien de Heeren Gouverneuren der Eelanden Ht Eustatiu
en St Martin verzoeken ernstig dat zoo veel de gelegenheid zulks
permiteeren Uwe Excellentie deswaards de oorlogs vaartuigen
„er, op dat men de Hollandsche vlag respecteeven, welke men no
niet weet dat beledigt is, als alleenig ’t vaartuig gem: met slave
van de kust aan boord ’t welke te Suriname te huis behoorde
Den 27 verliet ik de Rheede van St Martin en arriveerde den
30 in deze Haven — Mijn tuie heeft veel geleden op dit Prajes
en zal dus Uw Excellentie solliciteeren mij te vergunnen
eenigen tyd om ’t zelve na te zien —
Ik heb de Eer te zyn
De Kapitein Luiterant
/W:o G:/ H: W:s de Quastel
Voor Kopy Konform
De Gouvernemerts Secretaris
W=m W M Dinpkinek
No 283.
St Martin den 23 December 1820 o pi Dupel
No 30
Den 20 dezer arriveerde in Grontbaaij alhier zyn Majes
tiits Brik Merkuur, gecommandeerd door den Kapt: Luite„
nant ter Zee de Quartel, door wien aan mij is overhandigd uwe
Excellenties Messive ad 16 en 23 November benevens eene aan
mij geaddresseerde depeche van het Ministerie voor het Eu„
blieke Onderwip de Nationale Nyverheid en de Kolonien
Eerstgemelde my kennis gevende uwe Excellentie de hoeda„
nigheid als Gouverneur van Curacuo en onderhoorige Ei=
landen hebt aanvaard, heb ik de Eer uwe Exccellentie daar„
mede te bongratuleren, terwijl ik de aanbieding daarinne ver„
vat my bij voorkomende gelegenhieden ter nutte zal maken,
en alles door mij zal worden toegedragen de goede verstand
houding tusschen de respectieve Gouvernementen tot dus ver„
re bestaan hebbende te cultiveeren —
Hoeschoon de Insurgente Kapers welke somwylen zich
in. onze wateren vertonen, onze kommercie in geene hande wy=
ze stremmen, is het mij niettemin aangenaam uwe Excellen
tier: voornemen te kennen om van tyd tot tyd een oorlog.
vaartuig naar herwaards aftezenden, daar dit in allen
gevallen als een doelmatie middel zal strekken om hune
afteschrikken eenige depredatien op onze kommercie te
ondernemen.
Te Kommandart ad Int: der Eelen
den S. Martint Sabas
Aan zyne Excellentie
WJ D:J: van Romond Den Heere P: B: banklaar
Ridder der orde van de Gs
Voor Kopi Tonformis Nederlandsche Leeuw
Schout by Nachte en De Gouvernement Secretaris
dienst van zyne Magesheit
den Koning der Nodeslanden Wm WMb Drunkirk
Geuverneur ean Buracad
en onderhoorge Eelanden
buracaa
St Custatius den 19 December 1820 Kopy Gupl
Ik heb de Eer by dezen den ontvangst te acouseren van uwe
missive van den 23 november lb, alsmede van het Techtt Mi„
nistiviele depeches door den Kapt: Luitenant ter Zee
H: W:s de Quartel, roerende zijner Majesteiks Brik Mer„
huur, alhier aangebragt.—
Uw hooged: Gestrengens attentie in deze erkennende
verkeug ik my van tijd tot tid een van zyner Majestiiks
screpen in Hoogst deszelfs West Indische Bezittingen ge
stationeerd, naar deze Eilanden te zullen zien afgevaar„
digd. — Uwe vroegere missive van den 16 der maand Nov:
waaraan UwhoogEd Gest: zich refereert, my nog niet geworden
zynde, acht ik het nodig zulks hierby te notifieren.
So Gouverneur Generaal van St
Custatius St Martint Sabal
WG/ A: de Veer—
Den Hooghd Gest Heere
P: R: Cantzlaar Ridder Voor Kopij Konform
der orde van den Nederlandschen
De Gouvernements Secretaris Loeeuw, schout by Nacht Gouverneur
aan buracao en Onderhoorige Eelenden
enz enz- enz
Wm WM Duysknck